Dakpannen reinigen zonder ze op te ruwen
Dakpannen reinigen doe je met geduld en met water, niet met kracht. Dikke mosplakken haal je er zacht mechanisch af, daarna vernevel je een verdunde aanslagreiniger, en na twee droge dagen spoel je het dak af met een gewone tuinslang. Een hogedrukspuit gaat sneller, maar ruwt de toplaag van vooral betonpannen op, waardoor mos en algen daarna juist beter hechten. Kies je toch voor hogedruk, dan hoort impregneren of coaten er direct achteraan.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Zachte nylon werkborstel op een telescoopsteel
- Drukspuit of vernevelaar van 5 tot 8 liter
- Tuinslang met een verstelbare sproeikop
- Dakladder die met een haak over de nok valt
- Stevige ladder met opsteekhaak of ladderstabilisator
- Veiligheidsharnas met lijn en een ankerpunt bij een steil dakvlak
- Plamuurmes of mosschraper voor vastgegroeide plakken
- Emmer, maatbeker en een gootschep
- Werkhandschoenen en een veiligheidsbril
- Hogedrukreiniger met vlakstraalkop en verlengde lans, alleen als je daar bewust voor kiest
Materiaal
- Groene aanslagreiniger als concentraat, te verdunnen met water
- Biologisch middel op enzymbasis als alternatief
- Allesreiniger of groene zeep voor een sopbeurt
- Impregneermiddel op siloxaanbasis
- Gepigmenteerde dakcoating als de pannen dof en verweerd zijn
- Afdekzeil of plastic folie voor beplanting en vijver
- Een paar reservepannen van hetzelfde type
Waarom er juist op jouw dak mos en groene aanslag groeit
Groene aanslag is geen vuil dat van buitenaf op je dak waait, het is een levende laag die zich vestigt zodra een pan langdurig vocht vasthoudt. Een dakvlak op het noorden krijgt in de winter nauwelijks zon en blijft daardoor maandenlang klam. Daar zie je eerst een groene waas, dan losse mosbolletjes, en uiteindelijk groene strepen die bij regen naar de goot lopen. Het zuidvlak van hetzelfde huis kan er intussen bijna schoon uitzien. De aanpak die we bij ander buitenwerk schoonmaken en aanslag verwijderen aanhouden werkt hier ook: eerst laten weken, dan losmaken, dan veel spoelen.
De pan zelf bepaalt hoe hard het gaat. Betonnen dakpannen hebben een dichte toplaag die na twintig tot dertig jaar verweert. Zodra die laag open is, zuigt de pan water op in plaats van het eraf te laten lopen, en dat is precies wat mos nodig heeft. Keramische pannen zijn gebakken en blijven langer dicht, al hecht korstmos ook daar prima op.
Of het echt schade doet, hangt af van de hoeveelheid. Een dunne algenlaag is vooral lelijk. Dikke mosplakken houden water tegen de pan vast, en dat water zet bij vorst uit. Bij poreus geworden betonpannen ontstaan zo de eerste haarscheuren, en een gescheurde pan laat water door tot op het dakbeschot.
Er is nog een reden om in te grijpen. Losgeraakt mos spoelt naar beneden, verzamelt zich in de goot en op het platte dak van een uitbouw, en houdt daar het water tegen. Een verstopte goot die overloopt langs de gevel geeft vaak meer schade dan het mos op de pannen ooit zou doen.
Loop na een flinke regenbui een rondje om het huis en kijk waar het water uit de goot komt. De plek waar het overloopt vertelt je meestal precies welk deel van het dak het eerst aan een beurt toe is.
Eerst uitzoeken wat voor pannen er op je dak liggen
Welke methode verantwoord is, hangt volledig af van het pantype. Een geglazuurde keramische pan verdraagt heel wat meer dan een veertig jaar oude betonnen sneldekker waarvan de toplaag al half weg is. Wie dat verschil overslaat, kan met één middag werk jaren levensduur van zijn dak afhalen.
Herkennen kan van de grond af aan al een eind. Tik met iets hards tegen een losse pan: keramiek klinkt helder, beton geeft een doffe klap. Kijk daarna naar het oppervlak. Een verse betonpan heeft een egale, licht gestructureerde toplaag, een versleten exemplaar voelt schuurpapierachtig en laat korrels los. Bij de eerste generatie betonpannen zat een losse granulaatafstrooiing die je de eerste jaren letterlijk uit je goot schepte. Ligt dat type er nog, dan is elke vorm van hogedruk uitgesloten.
Let ook op de leeftijd van de rest van het dak. Zijn de pannen ooit al eens van het dak geweest, bijvoorbeeld bij het vervangen van panlatten, dan weet je uit ervaring hoe bros ze zijn. Braken er toen nauwelijks pannen, dan zijn ze nog hard genoeg om te reinigen. Ging er bij elke handeling een pan stuk, dan is schoonmaken geen investering meer maar uitstel. Meer over de verschillen per materiaal staat bij het schoonmaken van dakpannen per pantype.
| Pantype | Waaraan je hem herkent | Gevoelig voor aanslag | Wat wel en niet kan |
|---|---|---|---|
| Keramisch, ongeglazuurd rood | Heldere klank bij aantikken, breukvlak is gebakken klei | Matig, korstmos hecht wel sterk | Reinigt goed, verdraagt lage druk op ruime afstand |
| Keramisch, geglazuurd of geëngobeerd | Glanzend of egaal gekleurd, water parelt eraf | Laag | Sop en spoelen is genoeg, nooit schuren of borstelen met staal |
| Betonnen sneldekker uit de jaren zeventig of tachtig | Doffe klap, vlak profiel, zwaarder dan keramiek | Hoog zodra de toplaag verweerd is | Zachte borstel en een aanslagreiniger, hogedruk kost levensduur |
| Oude betonpan met granulaatafstrooiing | Losse korrels die je jarenlang uit de goot schepte | Zeer hoog | Alleen vernevelen en spoelen, elke borstel neemt korrels mee |
| Gecoate of gerenoveerde betonpan | Gesloten, egaal gekleurde laag zonder open poriën | Laag zolang de coating heel is | Sop en zacht spoelen, geen agressief middel dat de laag aantast |
| Natuurstenen dakleien | Dun, plat, splijt in schilfers langs de laagjes | Matig, vooral korstmos | Uitsluitend zacht werken, een straal splijt de lei |
| Asbestcement golfplaat of vezelcementlei van voor 1994 | Grijze vezelplaat, vaak op schuur, garage of aanbouw | Hoog | Niet zelf reinigen, bij borstelen en spuiten komen vezels vrij |
Twijfel je of het asbestcement is, laat het dan met rust. Golfplaten en vezelcementleien van voor 1994 bevatten vaak asbest. Borstelen of afspuiten maakt vezels los die je vervolgens inademt en over de tuin verspreidt. Laat eerst een monster onderzoeken en laat het werk daarna door een gecertificeerd bedrijf doen.
Hoe je veilig bij het dakvlak komt
Het gevaarlijkste deel van deze klus is niet het middel, het is de hoogte. Nat mos op een dakpan is spekglad, en dat merk je pas als je al schuift. Ga daarom nooit zomaar op de pannen staan. Een keramische pan draagt je gewicht alleen boven de panlat, en een verweerde betonpan breekt soms gewoon door.
Werk daarom vanaf een dakladder die met een haak over de nok valt. Zo'n ladder verdeelt je gewicht over meerdere latten en geeft je sporten om op te staan. Zet de aanleunladder onder ongeveer vijfenzeventig graden, laat hem een meter boven de dakrand uitsteken en zet de voet vast of gebruik een stabilisatiebalk. Bij een dakvlak steiler dan vijfenveertig graden, of bij een dak hoger dan de eerste verdieping, is een rolsteiger of een steiger langs de gevel de enige verstandige manier om dit te doen.
Veel werk kun je vermijden door slim te kiezen waar je gaat staan. Vanaf het platte dak van een uitbouw kom je met een telescoopsteel van vier meter een heel eind het schuine dak op zonder er ooit op te hoeven. Voor het spoelen werkt een lange lans op de tuinslang net zo goed.
Werk nooit alleen aan de bovenkant van een dak zonder dat iemand beneden weet dat je daar bent. Combineer een ladder ook niet met een hogedrukspuit: de terugslag van de lans is genoeg om je uit balans te brengen op het moment dat je twee handen aan het gereedschap hebt en geen aan de ladder.
Werken op hoogte is de grens waar zelf doen ophoudt. Kun je het dakvlak niet bereiken vanaf een plat dak, een steiger of een goed verankerde dakladder, en zou je moeten balanceren over de pannen om erbij te komen, stop dan. Een dakdekker heeft daar materieel voor en is voor een enkel dakvlak vaak goedkoper dan de gevolgen van een val.
Dakpannen reinigen zonder hogedruk
De methode die op vrijwel elk dak veilig is, bestaat uit drie handelingen: sop of middel erop, laten inwerken, en daarna heel veel spoelen. Alle tijdwinst zit in het weken, niet in de kracht waarmee je erop gaat. Wie zelf dakpannen wil reinigen zonder risico op schade, houdt het bij deze volgorde.
Begin met de dikke mosplakken. Die laten geen middel door, dus je verspilt je reiniger als je er overheen spuit. Gebruik een zachte nylon borstel op een telescoopsteel en werk altijd van de nok naar de goot, mee met de overlap van de pannen. Een staalborstel lijkt sneller, maar die haalt met het mos ook de toplaag van de pan mee. Op de stukken die je met staal hebt bewerkt komt de aanslag als eerste terug, en dat merk je binnen twee jaar.
Daarna komt het middel. Een concentraat groene aanslagreiniger verdun je in de regel één op tien: één liter concentraat in tien liter water. Met die tien tot elf liter mengsel doe je bij een gemiddelde begroeiing ongeveer honderdvijftig vierkante meter, dus reken op één liter mengsel per vijftien vierkante meter. Vernevel het met een drukspuit in gelijkmatige banen, van boven naar beneden, tot de pan zichtbaar nat is zonder dat het eraf stroomt.
Dan volgt het geduldige deel. Het moet daarna achtenveertig uur droog blijven, anders spoelt de regen het middel eraf voordat het zijn werk heeft gedaan. Het mos kleurt in die dagen zwart en sterft af. Pas als het zo ver is, spoel je af met een gewone tuinslang, en dat gaat zonder schrobben. Op vlakken waar je niet bij kunt mag je zelfs een flinke regenbui het spoelwerk laten doen. Vastgegroeid korstmos op een ruw oppervlak vraagt vaak een tweede ronde, want dat laat pas na weken echt los.
Meng het middel in een emmer met een maatbeker en vul de drukspuit daaruit, in plaats van in de spuit zelf te mengen. Je weet dan zeker dat de verdunning klopt, en je houdt het restant over voor een tweede ronde op de plekken die tegenvallen.
Dakpannen reinigen met een hogedrukspuit
Hogedruk werkt zichtbaar en snel, en daar zit meteen het probleem. Op een betonpan ligt de dichte toplaag maar een paar tienden van een millimeter dik. Een felle straal blaast die laag samen met het mos van de pan. Wat overblijft is een ruw, open oppervlak waar water in trekt en waar nieuwe algen en mossen juist béter op hechten. Het dak is die middag schoon en staat twee jaar later groener dan ervoor.
Daarom hoort er na een hogedrukbeurt altijd een behandeling achteraan: impregneren of coaten. Doe je dat niet, dan heb je alleen levensduur ingeleverd. Bij een keramische pan is de schade kleiner, maar ook daar geldt dat je de straal nooit vlak op de pan zet. Hetzelfde afwegingsverhaal speelt bij het reinigen van een gevel, waar een te felle straal de voegen uitspoelt.
Kies je bewust voor hogedruk, doe het dan met de instellingen hieronder en met een verlengde lans, zodat je vanaf de dakladder of vanaf een steiger kunt werken zonder over het dakvlak te hoeven lopen. Er bestaan ook borstelopzetstukken voor hogedrukreinigers, waarbij het water door de borstel loopt. Die combinatie geeft veel minder puntbelasting dan een kale straal en is op oudere betonpannen de minst schadelijke variant.
| Instelling | Wat je aanhoudt | Waarom dat zo is |
|---|---|---|
| Druk | Rond de 100 bar, ook als de machine 150 kan | Hoger blaast de toplaag van een betonpan eraf |
| Sproeikop | Vlakstraal van 25 graden | De puntstraal en de vuilfrees vreten een zichtbaar spoor in de pan |
| Afstand | 30 tot 40 centimeter van de pan | Van dichtbij komt alle energie op een paar vierkante centimeter |
| Richting | Van de nok naar de goot, mee met de overlap | Omhoog spuiten drukt water onder de pannen op het dakbeschot |
| Beweging | Doorlopend bewegen in banen van ongeveer één pan breed | Stilstaan geeft lichte strepen die je later terugziet |
| Nabehandeling | Binnen enkele droge dagen impregneren of coaten | Een opgeruwde pan zuigt vocht en is binnen twee jaar weer groen |
| Controle achteraf | Alle pannen nalopen op scheuren en verschuivingen | De straal kan een oude pan splijten of uit zijn overlap tillen |
Spuit nooit van beneden naar boven onder de pannen door. Een dakpannendak is waterkerend door overlap, niet waterdicht. Water dat je van onderaf onder de overlap perst, komt op de panlatten en het beschot terecht. Bij een dak zonder dampopen folie eronder, zoals veel daken uit de jaren zeventig en tachtig, druppelt dat gewoon je zolder in.
Welk middel werkt en welk middel je beter laat staan
Wie op zoek gaat naar een product voor dakpannen reinigen, vindt grofweg drie categorieën: chloorhoudende aanslagreinigers, quaternaire ammoniumverbindingen die je als concentraat verdunt, en biologische middelen op enzymbasis. Ze doen alle drie iets, maar het verschil zit in de snelheid, in wat het met je omgeving doet en in hoe lang het resultaat aanhoudt.
De verdunde concentraten zijn voor een heel dakvlak het gunstigst geprijsd en werken in twee dagen zichtbaar. Kant-en-klare sprays uit de bouwmarkt, zoals de groene aanslagreiniger van HG, zijn prima voor een dakkapel, een paar losse pannen of een gootrand, maar per vierkante meter word je daar op een heel dak niet blij van. Reken vooraf uit hoeveel oppervlak je hebt, want dat bepaalt of je met één fles of met vijf liter concentraat aan de slag moet.
Twee middelen die vaak worden genoemd en die wij afraden. Chloorbleekloog geeft snel resultaat, maar loopt via het dak in je goot en je tuin, tast zink en aluminium aan en doodt beplanting rond het huis. Soda is een prima huishoudmiddel op vet en aanslag binnen, bijvoorbeeld bij het reinigen van een vaatwasser met soda, maar op poreus beton doet het weinig en het laat na drogen een lichte sluier achter.
Kom je op je pannen zwarte, teerachtige vlekken tegen, bijvoorbeeld na werk aan een aansluitend plat dak, dan helpt geen enkele aanslagreiniger. Bitumen los je op met wasbenzine en de juiste werkwijze daarbij, en dan alleen plaatselijk op een doek en niet uitgesmeerd over het hele vlak.
Waarom een biologisch middel pas na weken iets laat zien
De biologische middelen op enzymbasis breken algen en atmosferische vervuiling af. Je spuit ze op en laat ze staan, eventueel met een keer nawerken met een zachte borstel. Dezelfde middelen worden ook op hardsteen, baksteen en betonnen tuintegels gebruikt.
Wat je moet weten voordat je ze koopt: de eerste dagen zie je vrijwel niets gebeuren. Het effect komt na ongeveer een week op gang en is na twee tot drie weken pas goed zichtbaar. Wie op dag twee concludeert dat het niet werkt en alsnog de hogedrukspuit pakt, gooit het resultaat weg voordat het er is. Een tweede lichte behandeling na een paar dagen pakt de hardnekkige hoeken mee.
| Middel | Werkt op | Inwerktijd | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|
| Concentraat groene aanslagreiniger, 1 op 10 verdund | Algen, groene sporen, dun mos | 48 uur, daarna afspoelen | Moet twee dagen droog blijven, beplanting afdekken |
| Kant-en-klare aanslagreiniger uit de spuitfles | Kleine vlakken, dakkapel, losse pannen | Enkele uren tot een dag | Prijs per vierkante meter loopt op een heel dak hard op |
| Biologisch middel op enzymbasis | Algen en atmosferische vervuiling op beton, baksteen, hardsteen | Dagen tot enkele weken | Je ziet de eerste dagen niets, niet te vroeg oordelen |
| Sop van allesreiniger of groene zeep | Stof, roetfilm, lichte vuillaag | 15 tot 30 minuten | Alleen zinvol met heel veel naspoelen |
| Soda opgelost in warm water | Vet en aanslag op glad materiaal | 30 minuten | Op poreus beton nauwelijks effect, laat een witte sluier achter |
| Chloorbleekloog | Mos en alg, snel zichtbaar resultaat | 20 minuten | Tast zink en aluminium goten aan en doodt beplanting |
| Schoonmaakazijn | Lichte alg op een klein oppervlak | 30 minuten | Zuur tast kalkhoudend beton aan, niet op betonpannen |
| Alleen water onder hoge druk | Los mos en aangekoekt vuil | Direct | Ruwt de pan op, altijd impregneren of coaten erachteraan |
Impregneren of coaten na het reinigen
Een schoongemaakte pan is nog steeds een poreuze pan. Op een dakvlak op het noorden staat de groene waas er binnen twee tot drie jaar weer, en op een opgeruwd oppervlak nog sneller. Impregneren en coaten zijn de twee manieren om dat uit te stellen, en ze doen echt iets anders.
Een impregneermiddel op siloxaanbasis trekt in de pan en maakt het oppervlak waterafstotend zonder de poriën te sluiten. De kleur van je dak verandert nauwelijks, het regenwater parelt eraf en mos krijgt veel minder houvast. Een coating is een gepigmenteerde laag die je in twee gangen aanbrengt, waarna het dak er weer egaal en fris uitziet. Op een groot dak is dat een serieuze overweging. Reinigen en coaten kan het vervangen van de pannen tien tot vijftien jaar uitstellen, en dat scheelt aanzienlijk in kosten ten opzichte van een compleet nieuw dak.
Beide behandelingen stellen wel eisen. De pan moet schoon, droog en heel zijn, want een coating op een pan die al kruimelt bladdert binnen een paar seizoenen af. Reken vooraf uit hoeveel liter je nodig hebt: met onze rekenhulp voor het aantal liters per vierkante meter zie je snel of één emmer genoeg is of dat je er drie moet bestellen. Werk verder zoals bij ander schilderwerk buitenshuis, dus niet in de volle zon en niet met regen op komst.
De wachttijd tussen reinigen, impregneren en de tweede laag coating luistert nauw. Breng je de volgende laag te vroeg aan, dan sluit je vocht in en laat de laag los. Onze tabel met droogtijden per product geeft per soort aan hoe lang je moet wachten voordat je verder kunt.
| Behandeling | Wat het doet | Hoe lang het meegaat | Wanneer het past |
|---|---|---|---|
| Alleen periodiek reinigen | Haalt mos en alg weg, verandert de pan niet | Herhalen elke 3 tot 5 jaar | Pannen zijn nog dicht en in goede staat |
| Impregneren op siloxaanbasis | Trekt in, maakt waterafstotend, kleur blijft gelijk | Ongeveer 5 tot 10 jaar | Pan wordt poreus maar is verder gaaf |
| Coaten met gepigmenteerde dakcoating | Legt een gesloten gekleurde laag over de pan | Ongeveer 10 tot 15 jaar | Pan is dof en verweerd maar niet gescheurd |
| Pannen vervangen | Nieuwe pannen, meteen folie, tengels en panlatten eronder | 40 jaar of langer | Pannen scheuren, kruimelen of breken bij het oppakken |
Zit je te twijfelen tussen coaten en vervangen, tel dan hoeveel gebroken en verschoven pannen je tijdens het reinigen tegenkomt. Onder de vijf per dakvlak is coaten meestal de zuinige keuze. Zit je boven de twintig, dan betaal je een coating over een dak dat toch binnen een paar jaar aan vervanging toe is.
Dakpannen verwijderen en weer terugleggen
Soms is reinigen niet genoeg en moeten er pannen af, bijvoorbeeld om een gebroken exemplaar te vervangen, om folie aan te brengen of om de panlatten te vernieuwen. Een enkele dakpan verwijderen gaat verrassend simpel. Til de bovenliggende pan een centimeter op met je hand of een houten wig, schuif de pan die eruit moet iets omhoog uit zijn sluiting en kantel hem uit de overlap. Zit er een panhaak aan, maak die dan eerst los, anders trek je de haak door de pan heen.
Moet een heel dakvlak leeg, dan hoor je soms dat je beide dakvlakken tegelijk moet leeghalen om ongelijke belasting van de kap te voorkomen. Dat verhaal klopt niet. Pannen worden ook bij nieuwbouw en bij renovatie vlak voor vlak gelegd, en een gezonde kapconstructie heeft geen enkele moeite met één dakvlak dat tijdelijk leeg ligt. Kant voor kant werken is bovendien veiliger tegen weer en wind, want je hebt maar één vlak onder zeil liggen.
Ligt het dak toch open, pak dan meteen alles mee wat je later niet meer kunt bereiken. Nieuwe tengels en panlatten, dampopen folie eronder als die er nog niet is, en panhaken om de zoveel pannen tegen windbelasting. Bij daken uit de jaren zeventig en tachtig zit er meestal geen folie, en dat is precies waarom stuifsneeuw en meewaaiende regen daar op zolder terechtkomen. Hoe je de pannen daarna weer op maat en met de juiste latafstand terugbrengt, staat bij het leggen van dakpannen en de latafstand.
Een dakpan reinigen die je wilt hergebruiken doe je op de grond, niet op het dak. Op een paar schragen met een borstel en een emmer sop kom je in een uur door een stapel heen, en je ziet meteen welke pannen gescheurd zijn. Zitten er mortelresten van oude nokvorsten aan, dan tik je die er met een plamuurmes af. Purresten van een eerdere isolatieklus pak je aan zoals bij het weghalen van uitgehard purschuim, dus laten uitharden en er dan langs snijden.
Zo maak je een dakvlak schoon zonder hogedruk
Deze volgorde werkt op keramische en betonnen pannen, en houdt de toplaag heel.
-
Kies een week waarin het droog blijft
Kijk naar de verwachting en zoek een periode met minstens achtenveertig uur droog weer na het aanbrengen, zonder nachtvorst. Regen spoelt het middel eraf voordat het gewerkt heeft, en vorst zet het vocht in de pan uit. Vroege lente en nazomer zijn de gunstigste momenten, want dan is de begroeiing zacht en zijn de dagen nog lang.
-
Regel eerst hoe je veilig bij het dak komt
Zet de ladder onder ongeveer vijfenzeventig graden, laat hem een meter boven de dakrand uitsteken en zet de voet vast. Hang een dakladder met een haak over de nok, zodat je gewicht over meerdere latten wordt verdeeld. Kun je het vlak niet bereiken zonder over de pannen te balanceren, huur dan een rolsteiger of laat het werk doen. Boven de eerste verdieping is een steiger de enige verstandige manier.
-
Dek af wat het spoelwater niet mag raken
Leg folie of een zeil over beplanting direct langs de gevel, dek een vijver af en koppel je regenton los van de afvoer. Het afstromende water bevat straks reinigingsmiddel en afgestorven mos. Sluit ook de gootafvoer tijdelijk af met een gootstop als je op een infiltratiekrat of een put loost.
-
Haal de dikke mosplakken er zacht af
Werk met een zachte nylon borstel op een telescoopsteel, altijd van de nok naar de goot en mee met de overlap. Vastgegroeide plakken licht je op met een plamuurmes. Gebruik hier geen staalborstel: die haalt de toplaag mee en juist op die stroken komt de aanslag als eerste terug. Mos dat blijft zitten houdt het middel tegen, dus dit is geen stap om over te slaan.
-
Meng het concentraat in de juiste verhouding
Verdun het concentraat één op tien: één liter middel op tien liter water. Meng in een emmer met een maatbeker en giet de drukspuit daaruit vol. Reken op ongeveer één liter mengsel per vijftien vierkante meter dakvlak bij een gemiddelde begroeiing. Meet je dakvlak vooraf op, dan weet je meteen of je genoeg concentraat in huis hebt.
-
Vernevel het dakvlak gelijkmatig
Spuit in banen van boven naar beneden en houd de nevel fijn. De pan moet zichtbaar nat worden zonder dat het middel eraf stroomt, want wat in de goot verdwijnt doet niets voor je dak. Werk het hele vlak in één sessie af, zodat je geen droge randen krijgt die je later terugziet als groene stroken.
-
Laat het twee dagen staan en blijf eraf
Het mos kleurt in die achtenveertig uur zwart en sterft af. Borstelen of spoelen in de tussentijd haalt het middel weg voordat het klaar is. Bij een biologisch middel op enzymbasis duurt dit langer, reken daar op één tot drie weken voordat het resultaat echt zichtbaar is.
-
Spoel af, ruim de goot leeg en beoordeel het dak
Spoel met een tuinslang van de nok naar de goot, mee met de overlap, en spoel royaal. Schrobben hoeft niet meer. Schep daarna de goot leeg, want daar ligt nu al het losgekomen mos. Loop tijdens het spoelen het hele vlak na op gescheurde en verschoven pannen en noteer waar je moet bijleggen of vervangen.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je het dak op gaat
Uit de praktijk
Betonnen sneldekkers uit 1987 op een dakvlak op het noorden
Een woning uit de jaren tachtig met betonnen sneldekkers, net als vrijwel de hele straat. Het achtervlak ligt op het noorden en is de hele winter nat. Er zaten losse mosbolletjes op en er liepen groene sporen vanaf de nok tot in de goot. Vanaf het platte dak van de uitbouw was het vlak met een telescoopsteel goed bereikbaar.
De eerste poging ging met een staalborstel aan die steel. Dat schoot lekker op, maar de pannen kwamen er dof en ruw onder vandaan en op precies die stroken stond de groene waas het jaar daarop als eerste terug. De staalborstel had de toplaag meegenomen die de pan tot dan toe nog enigszins dicht hield.
Wat wel werkte: de bolletjes losmaken met een zachte nylon borstel, daarna het hele vlak vernevelen met een aanslagreiniger die één op tien verdund was, en twee dagen niets doen. Daarna afspoelen met de tuinslang, zonder schrobben. Wat daarbij meespeelde: twee jaar eerder waren bij dit dak de panlatten vervangen, met dampopen folie eronder en panhaken erbij. Er waren toen nauwelijks pannen gebroken bij het overzetten, en dat was het teken dat de pannen nog hard genoeg waren om te reinigen in plaats van te vervangen.
Een middel dat de eerste week niets leek te doen
Op een dak met betonpannen en een aangrenzende gevel van baksteen is een biologisch middel op enzymbasis gebruikt in plaats van een chemische reiniger. Opspuiten, laten staan, verder niets. Na twee dagen zag het er onveranderd uit en was de verleiding groot om alsnog de hogedrukspuit uit de schuur te halen.
Dat is precies de fout die dit type middel om zeep helpt. Na ongeveer een week begon de aanslag te verkleuren en los te laten, en na drie weken was het grootste deel verdwenen zonder dat er geborsteld was. Een tweede lichte spuitbeurt na een paar dagen pakte de hardnekkige hoek achter de schoorsteen mee.
Het resultaat hield een paar jaar aan, ook op hardsteen en op de betonnen tuintegels waar hetzelfde middel op is gegaan. Op het noordvlak was het na drie tot vier jaar weer tijd, en dat is precies wat je van een schaduwrijk dakvlak mag verwachten. Wie een blijvend schoon dak wil, moet niet naar een sterker middel zoeken maar naar impregneren.
Een dakvlak van 65 vierkante meter kant voor kant leeghalen
Een zadeldak met een wolfseind, vijfenzestig vierkante meter per zijde, waarbij de betonnen sneldekkers plaatsmaakten voor tweedehands keramische pannen. Het ging om Renova-pannen van Monier uit 2010, allemaal afkomstig van één huis, zodat kleur en slijtage over het hele dak gelijk zouden zijn. Het werk gebeurde alleen in de weekenden, met ongeveer drie weken per dakvlak.
De koper van de oude betonpannen beweerde dat beide dakvlakken tegelijk leeggehaald moesten worden, omdat de kap- en muurconstructie anders schade zou oplopen door de ongelijke belasting. Dat zou betekenen dat zes tot zeven weken lang beide vlakken onder zeil moesten liggen, op een kavel waar het flink kan waaien.
Dat advies klopte niet. Pannen worden vlak voor vlak gelegd, ook door professionele dakdekkers, en een kap die één leeg dakvlak niet aankan heeft een probleem dat losstaat van deze klus. Kant voor kant werken bleef dus de juiste keuze, en scheelde weken aan zeilen spannen. Wat wel klopte: nu het vlak toch open lag, zijn meteen nieuwe tengels, panlatten en dampopen folie aangebracht.
Een lek dat pas maanden na de zonnepanelen opdook
In november werden zonnepanelen geplaatst op het zuidvlak. Kort daarna verscheen op zolder een klein bruin plekje op het witte dakbeschot, vlak bij een balk onder het paneelveld. Dat leek te klein om iets van te vinden. In het voorjaar kwam er bij aanhoudende regen echt water binnen op dezelfde plek.
Bij inspectie op het dak bleek er een gaatje in een dakpan te zitten, precies boven het lekpunt. De monteur had voor de kabeldoorvoer van binnenuit door het beschot geboord en daarbij de bovenliggende pan geraakt. Vorst en regen hadden dat gaatje in de maanden erna vergroot. Met één vervangende pan was het lek verholpen en bleef de schade binnen beperkt tot wat verkleurd behang.
Twee dingen om mee te nemen. Houd de zolder een winter lang in de gaten na elke ingreep op het dak, ook na iets kleins als een kabeldoorvoer. En gebruik een reinigingsbeurt meteen als inspectieronde: kijk juist bij doorvoeren, schoorstenen en de aansluitingen op een plat dak of alle pannen nog heel zijn.
Veelgemaakte fouten
Met een staalborstel over de pannen gaan
Een staalborstel op een telescoopsteel haalt het mos er snel af, maar neemt de toplaag van de pan mee. Op een betonpan is die laag maar een paar tienden van een millimeter dik. Wat overblijft is een ruw oppervlak waar water in trekt en waar mos beter op hecht dan ervoor. Een zachte nylon borstel doet er langer over en houdt de pan heel.
De hogedrukstraal vlak op de pan zetten
Op twee centimeter afstand met een puntstraal of een vuilfrees vreet je een zichtbaar spoor in het oppervlak, en op oude pannen splijt de straal het materiaal. Wie hogedruk gebruikt, houdt dertig tot veertig centimeter afstand aan met een vlakstraal van vijfentwintig graden en blijft doorlopend bewegen.
Van de goot naar de nok spuiten
Een pannendak keert water door overlap, het is niet waterdicht. Spuit je van onderaf omhoog, dan pers je water onder de pannen op de panlatten en het dakbeschot. Bij daken zonder dampopen folie, en dat zijn de meeste daken van voor 1990, druppelt dat gewoon de zolder in. Werk altijd van de nok naar de goot.
Het middel aanbrengen met regen op komst
Een aanslagreiniger heeft ongeveer achtenveertig uur nodig om het mos te doden. Valt er de eerste nacht een flinke bui, dan spoelt het middel eraf voordat het gewerkt heeft en denk je dat het niet werkt. Plan de klus in een droge periode en houd rekening met nachtvorst, want die zet vocht in de pan uit.
Op de pannen gaan staan om er even bij te kunnen
Nat mos is spekglad en een verweerde betonpan draagt je gewicht niet betrouwbaar. Zonder dakladder verdeel je je gewicht niet over de latten en breekt de pan precies op het moment dat je je evenwicht zoekt. Werk vanaf een dakladder, een steiger of een plat dak, of laat dat deel over aan iemand die daar materieel voor heeft.
Chloor gebruiken omdat het snel zichtbaar resultaat geeft
Chloorbleekloog maakt het dak in een dag lichter, maar het stroomt daarna over je zinken goot, langs de gevel en de tuin in. Zink en aluminium worden aangetast en beplanting rond het huis gaat eraan. Een verdunde aanslagreiniger doet er twee dagen langer over en laat de rest van je huis met rust.
Reinigen en daarna niets doen op een dakvlak op het noorden
Een schone pan is nog steeds een poreuze pan. Op een schaduwrijk vlak staat de groene waas binnen twee tot drie jaar terug, en na een hogedrukbeurt nog sneller. Zonder impregneren of coaten ben je dus elke paar jaar opnieuw een weekend kwijt aan hetzelfde dak.
Veelgestelde vragen
Kun je dakpannen reinigen zonder hogedruk?
Ja, en op de meeste daken is dat ook de verstandigste manier. Haal de dikke mosplakken er met een zachte nylon borstel af, vernevel daarna een aanslagreiniger die één op tien verdund is, en laat dat achtenveertig uur staan. Het mos kleurt zwart en sterft af, waarna je met een gewone tuinslang afspoelt zonder te schrobben. Je levert er tijd op in, maar de toplaag van je pannen blijft heel en dat scheelt jaren levensduur.
Kun je dakpannen reinigen met een hogedrukspuit zonder schade?
Beperkt. Op keramische pannen kan het met een vlakstraal van vijfentwintig graden, een druk rond honderd bar en dertig tot veertig centimeter afstand, altijd van de nok naar de goot. Op betonnen pannen blaas je de dichte toplaag weg, waardoor het oppervlak ruw wordt en nieuwe algen juist beter hechten. Kies je toch voor hogedruk, plan dan direct erna een impregneerbeurt of een coating in. Zonder die nabehandeling koop je een schone middag en betaal je met levensduur.
Welk product werkt het beste voor het reinigen van dakpannen?
Voor een heel dakvlak is een concentraat groene aanslagreiniger die je één op tien verdunt het gunstigst, omdat je met tien liter mengsel ongeveer honderdvijftig vierkante meter doet. Wil je geen chemie, dan is een biologisch middel op enzymbasis een goed alternatief, mits je accepteert dat het resultaat pas na één tot drie weken zichtbaar is. Kant-en-klare sprays zijn handig voor een dakkapel of een paar losse pannen, maar per vierkante meter te duur voor een compleet dak.
Werkt de groene aanslagreiniger van HG op dakpannen?
Die werkt op algen en groene aanslag, ook op dakpannen, mits je hem gebruikt zoals bedoeld: opbrengen op een droge dag, laten inwerken en daarna afspoelen. Voor een dakkapel, een gootrand of een klein vlak is dat prima. Voor een heel dakvlak van vijftig vierkante meter of meer zijn de kosten per vierkante meter hoog en werk je goedkoper met een concentraat dat je zelf verdunt. Dikke mosplakken moet je in beide gevallen eerst mechanisch weghalen.
Kun je zelf dakpannen reinigen of is dat werk voor een dakdekker?
Dakpannen zelf reinigen kan prima, zolang je veilig bij het dakvlak komt. Kun je het vanaf een plat dak, een steiger of een goed verankerde dakladder bereiken, dan is het gewoon een klus van een dag plus twee dagen wachten. Moet je over de pannen balanceren, is het dakvlak steiler dan vijfenveertig graden of zit je boven de eerste verdieping, laat het dan doen. Dat geldt ook als je asbestcement golfplaten of vezelcementleien op een aanbouw hebt liggen.
Hoe vaak moet je een dak op het noorden reinigen?
Reken op elke drie tot vier jaar zodra de pannen wat ouder en ruwer zijn. Een schaduwrijk vlak droogt in de winter nauwelijks op, dus de begroeiing komt daar sneller terug dan op het zuidvlak van hetzelfde huis. Wil je die frequentie omlaag brengen, dan moet je impregneren. Een sterker reinigingsmiddel geeft je hooguit een paar maanden extra en geen jaren.
Wanneer in het jaar kun je het beste dakpannen reinigen?
Vroege lente en nazomer zijn de gunstigste momenten. Je hebt dan lange dagen, kans op een droge periode van meerdere dagen en geen nachtvorst. Vermijd de hoogzomer met dertig graden, want dan droogt het middel op de pan op voordat het is ingetrokken. Vermijd ook de winter: vocht dat in een poreuze pan zit en bevriest, is precies waardoor scheurtjes ontstaan. Na het aanbrengen moet het achtenveertig uur droog blijven.
Is mos op dakpannen echt schadelijk of alleen lelijk?
Een dunne algenlaag is vooral een kwestie van uiterlijk. Dikke mosplakken zijn wel een probleem, want die houden water tegen de pan vast en dat water zet bij vorst uit. Bij betonpannen die al poreus zijn geworden ontstaan zo haarscheuren. Daarnaast spoelen losgeraakte plakken naar de goot en naar het platte dak van een uitbouw, waar ze de afvoer verstoppen. Een overlopende goot langs de gevel geeft doorgaans meer schade dan het mos zelf.
Hoe kun je een losse dakpan verwijderen zonder de rest te beschadigen?
Til de bovenliggende pan een centimeter op met je hand of een houten wig, schuif de pan die eruit moet iets omhoog uit zijn sluiting en kantel hem dan uit de overlap. Zit er een panhaak aan, haak die dan eerst los, anders scheur je de haak door de pan. Werk binnen een rij van boven naar beneden en leg de losgenomen pannen meteen plat neer in plaats van tegen elkaar aan, want een dakpan verwijderen is makkelijker dan hem heel houden op het dak.
Kun je dakpannen verwijderen en dezelfde pannen weer terugleggen?
Dat kan, en het gebeurt vaak bij het vervangen van panlatten of het aanbrengen van dampopen folie. Houd er rekening mee dat er altijd een percentage breekt, dus koop vooraf een aantal reservepannen van hetzelfde type. Ligt het dak toch open, gebruik dat moment dan meteen voor nieuwe tengels, panlatten en panhaken. Een heel dakvlak leeghalen kan gewoon kant voor kant, want een gezonde kapconstructie heeft geen last van één vlak dat tijdelijk leeg ligt.
Hoe reinig je een dakpan die je wilt hergebruiken?
Een losse dakpan reinigen doe je op de grond en niet op het dak. Leg de pannen op twee schragen, sop ze in met allesreiniger, laat dat een kwartier staan en borstel na met een zachte borstel. Mortelresten van oude nokvorsten tik je er met een plamuurmes af. Zitten er lijm- of kitresten van bevestigingen op, dan werkt de aanpak bij het weghalen van lijmresten beter dan een reiniger. Je ziet tijdens het schoonmaken meteen welke pannen gescheurd zijn.
Helpt soda tegen groene aanslag op dakpannen?
Nauwelijks. Soda is sterk op vet en op aanslag op een glad oppervlak, en daarom werkt het goed binnenshuis, bijvoorbeeld bij het reinigen van een wasmachine met soda. Op poreus beton dringt het niet door tot in de mosstructuur en na het drogen blijft er een lichte witte sluier achter. Voor mos en algen op een dak heb je een middel nodig dat de groei zelf doodt, dus een aanslagreiniger of een biologisch middel op enzymbasis.
Wanneer je beter een vakman belt
Reinigen op zich is geen specialistenwerk, maar de plek waar je het doet maakt het riskant. Bel iemand met materieel zodra je het dakvlak niet kunt bereiken vanaf een plat dak, een steiger of een goed verankerde dakladder. Datzelfde geldt bij een dakhelling boven de vijfenveertig graden en bij alles hoger dan de eerste verdieping. Balanceren over natte pannen is de manier waarop deze klus misgaat.
Bij asbestcement golfplaten en vezelcementleien van voor 1994 stopt het sowieso. Borstelen en spuiten maakt vezels los die je inademt en over de tuin verspreidt. Laat eerst vaststellen of er asbest in zit en laat het werk daarna door een gecertificeerd bedrijf uitvoeren.
Zie je bij het reinigen dat panlatten doorhangen, dat het dakbeschot zacht aanvoelt of dat er meer dan een handvol pannen gescheurd is, dan is schoonmaken uitstel van iets anders. Laat de kap dan beoordelen voordat je geld in een coating steekt. Ook het aanpassen van de kapconstructie zelf, bijvoorbeeld voor een dakkapel of een doorvoer door een spant, is werk voor een aannemer met een constructeur erbij.
Blijft er na een winter een vochtplek op zolder terugkomen, ga dan niet zelf op zoek door pannen te lichten. Een dakdekker vindt het lekpunt sneller en beschadigt onderweg minder pannen dan iemand die zoekend over het dak schuift.