De sponning in een kozijn: maten, frezen en aansluiten
Bekijk de informatie en links bij deze gids
Een sponning is de rechthoekige inkeping in het hout waar een raam, een deur, een ruit of het stucwerk in valt. Je noteert hem altijd met twee maten, breedte en diepte, en juist die twee door elkaar halen is de reden dat glas, glaslatten of een deur niet passen. Zelf een sponning maken kan met een bovenfrees, mits je in gangen van een paar millimeter werkt, de hoeken met een beitel vierkant uitsteekt en het kale hout daarna meteen grondt. Bij een kozijn dat vervangen wordt, kies je vrijwel altijd een renovatiesponning, want anders krijg je het nieuwe kozijn niet langs de spouwlatten naar buiten geschoven.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Bovenfrees met parallelgeleider, en een sponningfrees of rechte frees vanaf 19 mm
- Freestafel of een plank waarin je de bovenfrees ondersteboven vastzet
- Duwblok en een geleidelat, zodat je vingers nooit boven de frees hoeven
- Lijmklemmen en een rechte balk als steunvlak voor smalle latten
- Scherpe steekbeitels van 12 en 26 mm met een houten hamer
- Boorschaaf of blokschaaf voor het bijwerken van een bestaande sponning
- Schuifmaat, rolmaat, winkelhaak en een kraslat
- Metaaldetector of een sterke magneet voor oud hout
- Stofzuiger, gehoorbescherming, veiligheidsbril en stofmasker
Materiaal
- Glaslatten of opdeklatten met sponning, passend bij het glaspakket
- Beglazingsband van 3 of 4 mm
- Kunststof stelblokjes en beglazingskit
- Grondverf op basis van alkyd voor het kale hout in de sponning
- Tochtband of tochtrubber, in de dikte die bij de naad past
- RVS schroefjes of glasnagels
- Houten deuvels en houtlijm om oude schroefgaten te vullen
Wat een sponning is en waar je hem tegenkomt
Een sponning is een rechthoekige inkeping die over de volle lengte van een stuk hout loopt. Er blijven twee vlakken over die haaks op elkaar staan, en samen vormen die een trapje waar iets anders in valt. Bij vrijwel elk kozijn dat je in huis tegenkomt zitten er meerdere, en ze hebben allemaal een eigen taak.

In een raam vangt de sponning het glas op. In een deurkozijn vormt hij de aanslag waar de deur tegenaan sluit en die tocht en licht tegenhoudt. Aan de achterkant van het kozijn valt hij over de muur of het stucwerk heen, zodat er geen open naad overblijft die je later moet dichtkitten.
Omdat een sponning uit twee vlakken bestaat, hoort er ook altijd een dubbele maat bij. De eerste maat zegt hoe breed de inkeping is, de tweede hoe diep hij staat. Zolang je die twee door elkaar haalt, klopt je bestelling van glas, latten of een deur niet.
In oudere woningen kom je nog een paar varianten tegen die veel mensen niet als sponning herkennen, zoals de vensterbanksponning in de onderdorpel en de kalksponning aan de achterzijde van het kozijn. Ze zien er anders uit, maar het principe is hetzelfde: een trapje dat een naad wegwerkt.
| Soort sponning | Waar hij zit | Waar hij voor dient | Gangbare maat |
|---|---|---|---|
| Glassponning | In het raam of in de deur, rondom de ruit | Glas, beglazingsband en glaslat opvangen | 10 tot 12 mm diep bij enkel glas, vanaf 19 mm bij isolatieglas |
| Aanslagsponning of deursponning | In de stijlen en de bovendorpel van het deurkozijn | De deur laten aanslaan en tocht tegenhouden | Aanslag meestal 15 mm |
| Raamsponning | In het kozijn rondom een draaiend raam | Het raam laten invallen tot tegen de aanslag | 51 of 52 bij 17 mm bij kozijnhout van 114 bij 67 mm |
| Renovatiesponning | Aan de buitenzijde van de kozijnstijl | Het kozijn langs bestaand metselwerk en spouwlatten schuiven | Ongeveer 20 bij 20 mm |
| Kalksponning of stucsponning | Aan de achterkant van het kozijn, tegen de wand | Over de wand of het stucwerk vallen zodat er geen naad ontstaat | 5 tot 10 mm diep |
| Vensterbanksponning | In de onderdorpel van het kozijn | De vensterbank in laten liggen in plaats van ertegenaan | Zo diep als de vensterbank dik is |
| Sponning in een architraaf of koplat | Aan de achterkant van de afwerklijst | Hoogteverschil met stucwerk of tegels opvangen | 10 tot 15 mm diep |
| Sponning in een opdeklat | Op het raamhout, aan de binnenzijde | Extra sponningdiepte maken voor een dikker glaspakket | Afhankelijk van het glaspakket, vaak 7 tot 10 mm extra |
Meet allebei de maten na met een schuifmaat voordat je latten, glas of een deur bestelt. Een afwijking van twee millimeter voelt als niets, maar je merkt hem pas op het moment dat het glas er niet in valt en de bestelling al gezaagd is.
De maten rond een sponning en wat ze precies betekenen
Bijna alle misverstanden over kozijnen komen uit vijf maten die door elkaar gebruikt worden. De sponningmaat is de afstand tussen de twee sponningbodems, dus de maat waar de deur of het raam in valt. De dagmaat is wat je daarvan overhoudt als de aanslagen eraf zijn, en de sparingmaat is het gat in de muur.
Voor een raamkozijn is een gangbare combinatie kozijnhout van 114 bij 67 millimeter met een sponning van 51 of 52 bij 17 millimeter, waarin raamhout van 67 bij 90 millimeter valt. Die zeventien millimeter is de hoogte van het trapje waar het raam tegenaan sluit. Welke houtmaten verder bij welk type raam horen, staat bij de opbouw van een raamkozijn.
Meet een bestaande sponning altijd op drie plekken na, boven, in het midden en onder. Oud hout werkt en oude kozijnen zijn zelden overal even breed, en je bestelt op de kleinste maat die je tegenkomt.
Bij het opmeten voor glas komt daar nog de inbouwdiepte bij: hoe ver het glas in de sponning steekt. Voor isolatieglas is vijftien millimeter de ondergrens, en dat is een andere maat dan de sponningdiepte, want boven het glas moet ook nog ruimte overblijven.
| Term | Wat het is | Waar je het voor gebruikt |
|---|---|---|
| Sponningmaat | De afstand tussen de twee sponningbodems, in de breedte en in de hoogte | De maat waar de deur of het raam in past |
| Dagmaat | De vrije doorgang tussen de aanslagen | De opening waar je doorheen loopt of kijkt |
| Sparingmaat | Het gat in de wand waar het kozijn in komt | Bepaalt welk kozijn er nog past |
| Sponningdiepte | Hoe diep de inkeping in het hout staat | Bepaalt hoe dik het glaspakket mag zijn |
| Aanslag | Het randje hout dat na het frezen blijft staan | Waar de deur of het raam tegenaan sluit |
| Inbouwdiepte | Hoe ver het glas in de sponning steekt | Minimaal 15 mm bij isolatieglas |
| Kitzoom | De ruimte tussen glas en glaslat die je afkit | Gangbaar is 6 mm diep en 4 mm breed |
| Speling | De ruimte rondom het glas of tussen deur en kozijn | Voorkomt klemmen en glasbreuk als het hout werkt |

Lees de uitleg uit de afbeelding
De dagmaat, sponningmaat en buitenmaat beschrijven verschillende grenzen van hetzelfde kozijn.
Bij de tekening: Zichtbare opening Ruimte in de sponning De bestelmaat volgt de sponning en de voorgeschreven speling. Gebruik niet automatisch de zichtbare opening.
- Dagmaat: de vrije zichtbare opening
- Deze maat loopt tussen de zichtbare randen. Een ruit of deurdeel kan daarachter doorlopen en is dus niet automatisch even groot.
- Sponningmaat: de ruimte achter de rand
- De verdieping in het kozijn geeft ruimte aan het passende deel en de afdichting. Meet meerdere plekken als het kozijn niet overal gelijk is.
- Bestelmaat: de maat met voorgeschreven speling
- Bepaal deze met de producttekening en het montagesysteem. Glas, deurblad of paneel vraagt een eigen speling; neem die niet van een andere toepassing over.
Noteer bij iedere maat tussen welke vlakken je hebt gemeten. Een los getal zonder meetpunten is moeilijk betrouwbaar over te dragen.
Renovatiesponning: waarom een gewoon kozijn er niet in gaat
Een renovatiesponning is een extra inkeping aan de buitenzijde van de kozijnstijl, meestal zo'n twee centimeter breed en twee centimeter diep. Bij nieuwbouw zit die er niet op, want daar staat het kozijn er eerder dan het metselwerk. Bij vervanging is die volgorde precies omgekeerd.
Dat verschil merk je meteen bij een spouwmuur. Tegen het buitenblad zitten spouwlatten of isolatieplaten die muurvast in de spouw zitten, en die duw je niet even naar binnen om er een kozijn tussen te schuiven. Met een gewone sponning krijg je het nieuwe kozijn dan simpelweg niet op zijn plek.
Met een renovatiesponning schuif je het kozijn van binnenuit naar buiten, waarbij de sponning over het bestaande metselwerk valt. Vraag er bij de timmerfabriek meteen een vensterbanksponning bij als er een vensterbank onder komt, want die laten ze anders weg. Hoe het uitzagen, stellen en afwerken verder gaat, staat bij het vervangen van houten kozijnen.
Kies je een ander materiaal, dan vervalt deze keuze grotendeels. Bij het plaatsen van kunststof kozijnen ligt de sponning al vast in het geëxtrudeerde profiel en valt er niets aan te frezen, dus daar los je hetzelfde probleem op met een aanslagprofiel of een afdeklijst.
De naad tussen het nieuwe kozijn en het metselwerk vul je niet met purschuim maar met compriband rondom het kozijn. Dat band zet na het plaatsen uit, houdt de aansluiting luchtdicht en blijft meebewegen als het kozijn werkt.
Volhout of gevingerlast kozijnhout
Bij het bestellen krijg je nog een tweede keuze voorgelegd: volhout of gevingerlast hout. Gevingerlast hout bestaat uit korte stukken die met een zaagtandverbinding aan elkaar gelijmd zijn. Voor de timmerfabriek is dat aantrekkelijk, want wat er bij het ene kozijn afvalt, gaat bij het volgende weer aan een balk vast.
Een goed uitgevoerde vingerlas zie je na het schilderen niet, dus dat is niet het echte bezwaar. Wat wel meespeelt: de losse stukken hebben elk hun eigen nerfrichting en hardheid en werken daardoor net iets anders. In de verffilm boven zo'n las ontstaat na een paar jaar sneller een haarscheur, en dat is precies de plek waar water het hout in trekt.
Het tweede bezwaar is dat gegrond gevingerlast hout de kleur van het hout verbergt. Donkerder hout is dichter en houdt langer stand, en juist in de onderdorpel wil je geen licht, zacht stukje hebben zitten, want dat is het kwetsbaarste deel van het hele kozijn. Omdat het prijsverschil in de praktijk klein is en soms zelfs nul, is volhout meestal de verstandigere keuze.
Sponning frezen met een bovenfrees
Een sponning maken doe je met een sponningfrees of met een rechte frees en een parallelgeleider. Welke aanpak werkt, hangt vooral af van de vraag of je het werkstuk naar de machine kunt brengen of andersom. Kleine, lange delen laat je langs een vaste frees lopen, grote of vastzittende delen benader je met de machine in de hand.
Voor losse latten is een freestafel de veiligste route. Je zet de bovenfrees ondersteboven vast onder een plank, maakt van een rechte lat een geleider en duwt het werkstuk met een duwblok langs de frees. Een simpele freestafel bouw je in een half uur, en in de praktijk gebruik je hem daarna vaker dan de machine uit de hand.
Een smalle lat van 45 bij 12 millimeter geeft een bovenfrees te weinig steunvlak. Klem zo'n lat daarom met een lijmklem tegen een dikke balk, zodat de voetplaat van de frees over lat en balk tegelijk loopt en niet kan kantelen. Zaag de lat daarna pas op lengte, want frezen doe je altijd aan een stuk dat je goed kunt vastzetten.
Bij een raam dat je uit het kozijn kunt halen werkt dezelfde gedachte. Leg het raam plat, leg er opvulhout van dezelfde dikte omheen en schroef daar latten op als zijgeleiding. Zo loopt de machine over een ondergrond die overal even hoog is, en dat is precies wat een uitschieter voorkomt.
Werk in gangen van drie tot vijf millimeter in plaats van in één keer op volle diepte. Dat spaart de frees, geeft een gladder resultaat en houdt de machine beheersbaar. Gebruik geen te kleine frees: vanaf ongeveer 19 millimeter diameter loopt hij rustiger, en de ronding die in de hoeken achterblijft steek je daarna vierkant met een beitel.
| Werkstuk | Zo pak je het aan | Waar je op let |
|---|---|---|
| Losse glaslat of koplat | Freestafel met geleider en duwblok | Klem de lat tegen een dikke balk zodat de frees breed steunt |
| Raam dat uit het kozijn kan | Plat leggen, opvulhout ernaast, latten als zijgeleiding | De frees loopt over raam en opvulhout tegelijk en kan niet kantelen |
| Kozijn dat vast in de muur zit | Bovenfrees uit de hand, geleider langs de dagkant | Werk in gangen en steek de hoeken uit met een steekbeitel |
| Deurstijl voor een tochtprofiel | Ondiepe sponning of een smalle groef, frees met aanloopkogellager | Begin en eind aftekenen en om de scharnieren heen werken |
| Binnenhoeken van een bestaande sponning | Steekbeitel, niet de frees | Een ronde frees laat altijd een ronding staan |
| Architraaf of plint | Freestafel, of een oude sponningschaaf | De sponning zit aan de achterkant, dus meet vanaf de zichtzijde |
Controleer oud hout eerst op metaal. In bestaande ramen en kozijnen zitten glasnagels, schroeven en soms afgebroken spijkers. Een frees die daar met achtduizend toeren op stuit, is meteen naar de knoppen en het werkstuk vaak ook. Ga er met een metaaldetector of een sterke magneet overheen en haal wat je vindt eruit voordat je de machine aanzet.
Sponning frezen voor dubbel glas in bestaande ramen
Oude ramen hebben een glassponning van tien tot twaalf millimeter diep, precies genoeg voor enkel glas met stopverf. Isolatieglas vraagt fors meer, dus voordat je gaat frezen reken je uit wat je nodig hebt en wat er dan nog aan hout overblijft.
De rekensom is eenvoudig: het glaspakket plus tweemaal drie millimeter beglazingsband is de ruimte die er tussen de sponningbodem en de glaslat moet zitten. Een pakket van 4-12-4 is twintig millimeter dik en vraagt dus zesentwintig millimeter. Een stijl van vierendertig millimeter met een glaslat van vijftien millimeter laat maar negentien millimeter over, en daar past alleen een dun pakket in.
Houd bij het frezen minstens een centimeter massief hout aan de buitenzijde over. Gaat dat niet, dan is opfrezen geen oplossing meer en kijk je naar dikker raamhout of naar een ander glastype. Wat er dan nog rest is een nieuw raam laten maken met de juiste sponning erin.
Reken ook op het gewicht. Enkel glas van vier millimeter weegt ongeveer tien kilo per vierkante meter, een pakket van 4-12-4 het dubbele. Scharnieren, beslag en bij schuiframen de contragewichten zijn daar niet op berekend, dus dat komt er als extra werk achteraan.
Opdeklatten met sponning
Een opdeklat met sponning is een lat die je op het bestaande raamhout schroeft en die zelf al een inkeping heeft. Daarmee bouw je de sponning naar voren op in plaats van dieper uit te frezen, en dat is de manier om aan de benodigde diepte te komen zonder het raam te verzwakken.
De volgorde is: de bestaande sponning uitzagen, een glaslat van bijvoorbeeld 15 bij 17 millimeter plaatsen en aan de andere zijde de opdeklat met sponning aanbrengen. Zo tel je de diepte van beide latten bij elkaar op en haal je een pakket van 4-12-4 in een raam dat daar oorspronkelijk veel te dun voor was.
Het nadeel is zichtbaar: de latten steken voor het raamhout uit en dat is niet iedereen even mooi. Bij schuiframen is dat vaak toch de enige route, omdat je aan de buitenzijde niets kunt opbouwen zonder dat het raam langs het bovenlicht klem komt te zitten.
Schuiframen en glas in lood
Bij schuiframen komt het extra gewicht van isolatieglas altijd terug in de bediening. De contragewichten in de kast zijn afgestemd op enkel glas, dus na de verzwaring blijft het raam niet meer op elke hoogte hangen. Je vervangt de gewichten dan door zwaardere, of je gaat over op balansveren.
Bovenlichten met glas in lood laat je meestal met rust. Isolatieglas met glas in lood erin is kostbaar en zwaar, en de originele panelen zijn onvervangbaar. Een voorzetraam aan de binnenzijde geeft daar vrijwel dezelfde winst zonder dat je aan de sponning of aan het glas in lood komt.
| Glasopbouw | Dikte van het pakket | Ruimte nodig met 2 x 3 mm beglazingsband | Wat dat betekent in een stijl van 34 mm |
|---|---|---|---|
| Enkel glas 4 mm | 4 mm | 10 mm | Past in vrijwel elke bestaande sponning |
| Vacuümglas | Ongeveer 10 mm | 16 mm | Past meestal zonder de sponning te vergroten, maar is prijzig |
| Isolatieglas 4-5-4 | 13 mm | 19 mm | Haalbaar met een glaslat van 15 mm, houdt 5 mm spouw |
| Isolatieglas 4-9-4 | 17 mm | 23 mm | Vraagt een smallere glaslat of een opdeklat |
| Isolatieglas 4-12-4 | 20 mm | 26 mm | Lukt in de regel alleen met opdeklatten met sponning |
| Isolatieglas 4-15-4 | 23 mm | 29 mm | Reken op nieuw of dikker raamhout |
Zit je met een sponningdiepte die net niet toereikend is, kijk dan eerst naar vacuümglas voordat je gaat frezen. Zo'n pakket is ongeveer een centimeter dik en past daardoor vaak in de bestaande sponning, mits die hoog genoeg is om de randafdichting van de ruit netjes af te dekken.
Speling van het glas in de sponning en het glas stellen
Glas mag nooit klem in de sponning zitten. Hout werkt met de seizoenen mee en een ruit die overal aanloopt, scheurt bij de eerste flinke temperatuurwisseling. Houd daarom rondom drie tot vijf millimeter vrij, en bestel het glas dus ongeveer vijf millimeter kleiner dan de sponningmaat in beide richtingen.
Onder het glas horen kunststof stelblokjes, nooit hout en nooit metaal. Zet ze op ongeveer een tiende van de zijde vanaf de hoek, met een minimum van vijf centimeter, zodat het gewicht op de sterke delen van de ruit rust. Aan de zijkanten komen dezelfde blokjes als afstandhouders, zodat de ruit niet naar één kant zakt.
De onderste sponning moet het water dat er onvermijdelijk in komt ook weer kwijt kunnen. Boor daarom beluchtings- en afwateringsopeningen in de onderdorpel, schuin naar buiten, en houd ze vrij van kit. Blijft er water in de sponning staan, dan tast dat de randafdichting van de isolatieruit aan en sla je de ruit binnen een paar jaar van binnen aan.
Grond al het kale hout in de sponning voordat het glas erin gaat, ook aan de kanten die je straks niet meer ziet. Bij het opfrezen leg je vers hout bloot, en juist daar begint houtrot als je het onbehandeld laat. Zet daarna de kitzoom aan volgens de gangbare maat van zes millimeter diep en vier millimeter breed.
Let op de hoogte van de borstwering. Ligt de onderkant van het glasvlak lager dan vijfentachtig centimeter boven de vloer of de drempel, dan hoort daar veiligheidsglas in. Dat geldt zeker bij ruitjes in een voordeur, want daar zit een deel van de ruit op stoothoogte.
De sponning van een binnendeurkozijn en de maat van je deur
Een binnendeurkozijn plaatsen is een van de eerste klussen aan ramen, deuren en kozijnen die mensen zelf oppakken, en het loopt bijna altijd mis op de maatvoering. De valkuil is dat de wand er eerder staat dan het kozijn en dat er dan te weinig sparing over is voor de deur die je in gedachten had.
Reken van binnen naar buiten. Kies eerst de deur, tel daar de speling en de sponningmaat bij op, en pas dan weet je hoe groot het gat in de wand moet zijn. Deurbreedtes lopen per vijf centimeter op, dus 73, 78, 83, 88 en 93 centimeter, met standaardhoogtes van 201,5, 211,5 en 231,5 centimeter.
Bij vurenhout van 56 bij 90 millimeter kun je per zijde uitrekenen wat je kwijt bent: van de 56 millimeter kozijnbreedte gaat 15 millimeter naar de deursponning, valt er ongeveer 6 millimeter als kalksponning over de wand en houd je 5 millimeter speling voor de deur. Onder de streep verlies je zo'n 40 millimeter per zijde, dus 8 centimeter in totaal.
Die kalksponning is meteen de reden dat een dunne wand goed uitkomt. Bij een wand van 70 millimeter valt de sponning van het kozijnhout om de wand heen, mits er een randje overblijft om overheen te vallen. Steekt de wand juist te ver uit, dan schaaf of schuur je dat randje bij in plaats van het kozijn smaller te maken.
| Deurbreedte | Sponningmaat kozijn | Dagmaat bij 15 mm aanslag | Sparing in de wand bij vuren 56 mm |
|---|---|---|---|
| 73 cm | 73,5 cm | 70,5 cm | Ongeveer 82 cm |
| 78 cm | 78,5 cm | 75,5 cm | Ongeveer 87 cm |
| 83 cm | 83,5 cm | 80,5 cm | Ongeveer 92 cm |
| 88 cm | 88,5 cm | 85,5 cm | Ongeveer 97 cm |
| 93 cm | 93,5 cm | 90,5 cm | Ongeveer 102 cm |
Deze tabel gaat uit van een stompe deur. Een opdekdeur ligt met een randje over de aanslag heen, dus daar hoort bij dezelfde deurnaam een andere sponningmaat. Koop deur en kozijn in dat geval als set, of vraag de leverancier om de sponningmaat waar dat blad in past.
Tochtstrip in de sponning van deur of raam
In oudere woningen sluiten deur en kozijn hout op hout. Er is dan geen zichtbare kier, maar er is ook niets dat de koude trek tegenhoudt, en dat voel je vooral onderaan een voordeur. Een tochtstrip in de sponning lost dat op, mits de deur er nog dicht mee kan.
De snelste route is een zelfklevende tochtband op de aanslag in de sponning. Ontvet het hout eerst goed, want op stoffige verf laat zo'n band binnen een seizoen los. Het kost een paar euro, is in verschillende diktes te koop en je vervangt hem om de paar jaar.
Wil je een strip met een rubberprofiel en een metalen rug, dan heb je ruimte nodig die er nu niet is. Die maak je door in de sponning een smalle groef te frezen waar het rubber in valt, of door met de bovenfrees een ondiepe sponning in de deurstijlen en de bovendorpel te maken. Die laatste optie is de nette: de deur krijgt precies de dikte van het profiel aan ruimte en je hoeft scharnieren noch sluitplaat te verzetten.
Bij een gebogen bovendorpel, zoals bij veel voordeuren uit het interbellum, wordt het lastiger. Een aluminium profiel moet je daar inzagen en om de ronding buigen, en helemaal strak krijg je dat zelden. Een zelfgemaakte houten tochtlat met een rubberstrip erin, geschilderd in de kleur van het kozijn, oogt daar bijna altijd beter.
| Oplossing | Wat je doet | Waarvoor het geschikt is |
|---|---|---|
| Zelfklevende tochtband in de sponning | Sponning ontvetten en de band op de aanslag plakken | Snel en goedkoop, ideaal bij een deur die op termijn toch vervangen wordt |
| Opschroefstrip met rubber | Metalen of kunststof strip op de dagkant schroeven | Werkt meteen bij een grote naad, maar blijft in het zicht |
| Groef frezen in de sponning | Smalle groef frezen en er een tochtrubber in schuiven | Onzichtbaar, maar de deur of het raam moet ruimte krijgen |
| Sponning frezen in de deurstijl | Ondiepe sponning in stijlen en bovendorpel van de deur | De strakste oplossing, zonder scharnieren of sluitplaat te verzetten |
| Houten tochtlat met rubber | Zelf een latje maken en in de kozijnkleur schilderen | Gebogen bovendorpels en werk waar uiterlijk telt |
Probeer de deur voordat je alles vastzet. Een tochtprofiel van vier millimeter maakt de naad vier millimeter kleiner, en dat is genoeg om de dagschoot niet meer in de sluitplaat te laten vallen. Hang eerst een stuk van dertig centimeter op en sluit de deur, dan weet je of je de sluitplaat moet verzetten of een dunner profiel nodig hebt.
Architraaf, koplat en afwerklijsten met een sponning
Een deurpost ligt zelden precies gelijk met het stucwerk ernaast. Meestal steekt het stucwerk een paar millimeter voor de post uit, en dan sluit een rechte lijst aan de ene kant aan en laat hij aan de andere kant een naad open. Stucwerk wegkappen om dat op te lossen is bijna altijd het verkeerde antwoord.
De eerste nette oplossing is een architraaf met sponning: een lijst met aan de achterzijde een inkeping waar het stucwerk in valt. De lijst rust dan met zijn buitenrand op de muur en met zijn binnenrand op de deurpost, en het hoogteverschil verdwijnt onzichtbaar in de sponning.
De tweede is een los latje op het kozijn, precies gelijk met het stucwerk gesteld. Dat heeft een voordeel dat je vooraf niet bedenkt: de stukadoor heeft er een rechte kant aan om tegenaan te werken, waardoor de aansluiting op het kozijn meteen strakker uitpakt. Deze oplossing is ook de aangewezen weg als de vorm van de architraaf geen sponning toelaat.
Hetzelfde probleem speelt bij een koplat langs betegeld werk, bijvoorbeeld in een toilet. Tegels steken vaak een paar millimeter voor het kozijn uit, waardoor een rechte koplat van 45 bij 12 millimeter wel op de tegel aansluit maar op het kozijn een naad openlaat. Een sponning in de achterkant van die lat vangt het verschil op, net zoals bij een glaslat met sponning.
Meet het hoogteverschil op meerdere plekken langs de post, want een muur is nergens over de volle hoogte even dik. Maak de sponning zo diep als de grootste afwijking en werk de rest weg met een kraslat of een dun kitrandje. Wie liever niet freest, zet twee latten op elkaar: een smaller en dunner latje achter de lijst overbrugt het hoogteverschil ook.
Een klemmende deur en het bijwerken van de sponning
Als een deur bovenin in de sponning valt terwijl hij onderin nog vrij van het kozijn staat, is de deur meestal niet het probleem. Dan staat het kozijn niet haaks, vaak omdat de tussenwand en het kozijn samen scheef zijn geplaatst. Het slot valt daardoor niet in de sluitplaat en de deur blijft op een kier hangen.
Meet daarom eerst voordat je iets weghaalt. Zet een winkelhaak in de hoeken, meet de twee diagonalen van de sponning na en leg twee gelijke latjes op de bovendorpel en de onderdorpel om over de bovenkanten te kijken. Lopen die latjes niet evenwijdig, dan staat het kozijn scheluw en valt de deur nooit vlak in de sponning.
Bij een kozijn dat wel vlak maar scheef staat, heb je drie routes. De sluitplaat verzetten lost alleen het sluiten op en niet de scheve naad. De sponning bijschaven kan met een boorschaaf, maar in de hoeken kom je er niet mee en een steekbeitel netjes recht houden is lastiger dan het klinkt. Het scharnier verzetten en opnieuw infrezen zodat de deur evenwijdig aan de sponning valt, geeft optisch het beste resultaat.
Verzet je een scharnier over een klein stukje, vul dan eerst de oude schroefgaten met houten deuvels en houtlijm. Zonder die vulling trekt de schroef terug in het oude gat en zit je na een halve dag werk weer op dezelfde plek. Bij opdekdeuren is afschaven trouwens vrijwel geen optie, want je haalt dan de opdekrand weg en dat zie je meteen.
Staat het kozijn echt scheluw, wees dan eerlijk over de uitkomst. Dan kun je de sponning aan de binnenzijde bijwerken tot je een ons weegt, maar dan moet je de deur nog steeds dichttrekken. Vervangen van het kozijn is in dat geval het enige dat het probleem echt oplost.
Neem een vel papier van tachtig gram en trek dat langs de gesloten deur door de naad. Waar het papier klemt, raakt de deur de sponning, en waar het los doorloopt zit er ruimte. In vijf minuten heb je zo de hele omtrek in kaart en weet je precies waar je moet zijn.
Zo frees je een sponning in een bestaand raam
Deze volgorde geldt voor het vergroten van een glassponning, en met kleine aanpassingen ook voor een sponning in een deurstijl of een afwerklijst.
-
Reken uit wat je nodig hebt en wat er overblijft
Tel de dikte van het glaspakket op bij tweemaal drie millimeter beglazingsband en vergelijk dat met de sponningdiepte die je nu hebt. Trek het verschil af van de dikte van het raamhout. Blijft er aan de buitenzijde minder dan een centimeter massief hout over, dan stop je hier en zoek je een dunner glaspakket of nieuw raamhout.
-
Haal het raam eruit en leg het vlak
Werken aan een raam dat nog in het kozijn hangt is vragen om een uitschieter. Neem het raam uit de scharnieren, leg het op een werkbank of op schragen en zet het vast. Leg er opvulhout van dezelfde dikte omheen, zodat de voetplaat van de frees straks overal steun heeft.
-
Controleer op metaal en teken de sponning af
Ga met een metaaldetector of een magneet langs de hele sponning en haal glasnagels en afgebroken spijkers eruit. Teken daarna de nieuwe sponningbreedte af met een kraslat, en zet ook af waar je moet stoppen bij de hoeken. Een lijn die je ziet, is een lijn waar je niet overheen freest.
-
Zet de geleiding op en maak een proefsnede
Schroef latten op het opvulhout als zijgeleiding, of gebruik de parallelgeleider van de machine langs een rechte kant. Stel de frees op de eerste diepte in en maak een proefsnede in een restlat van dezelfde dikte. Klopt het profiel daar, dan pas ga je aan het raam beginnen.
-
Frees in gangen van drie tot vijf millimeter
Voer de frees rustig in en beweeg gelijkmatig, tegen de draairichting van de frees in, zodat de machine zich niet naar voren trekt. Stel na elke gang dieper in tot je op maat bent. Een frees met een diameter vanaf negentien millimeter loopt hierbij duidelijk rustiger dan een dunne frees.
-
Steek de hoeken vierkant uit
Elke frees laat in de hoeken een ronding staan, want een rond mes maakt geen scherpe hoek. Steek die rondingen weg met een scherpe steekbeitel, met de vlakke kant naar het toekomstige glas gericht. Laat je ze zitten, dan komt het glas of de lat niet tot in de hoek en gaat de ruit op één punt dragen.
-
Grond het kale hout meteen
Zuig de sponning schoon, schuur de scherpe kanten licht af en zet al het verse hout in de grondverf, ook de vlakken die je straks niet meer ziet. Vers hout in een sponning is de plek waar houtrot begint. Laat de grondverf volledig drogen voordat er glas of beglazingsband in gaat.
-
Stel het glas en zet de latten vast
Boor de beluchtings- en afwateringsgaatjes in de onderste sponning, leg de stelblokjes op ongeveer een tiende van de zijde vanaf de hoek en zet de ruit met drie tot vijf millimeter speling rondom. Breng de beglazingsband aan, schroef of nagel de glaslat vast en kit de zoom af met zes millimeter diep en vier millimeter breed.
Controleren voordat je freest of bestelt
Uit de praktijk
Een nieuw houten kozijn dat niet in de bestaande sparing wilde
In een woning uit 1973 moest een aluminium keukenkozijn plaatsmaken voor een degelijk houten kozijn. De maten waren netjes opgenomen en het kozijn was besteld met een gewone sponning, want dat leek de standaarduitvoering.
Bij het plaatsen liep het vast op iets wat je pas ziet als het oude kozijn eruit is. In de spouw zaten spouwlatten, strak tegen het buitenblad aan en muurvast. Die duw je niet even opzij, dus het nieuwe kozijn liet zich niet naar buiten schuiven en stond half in de sparing te wiebelen.
Wat hier had gemoeten is een kozijn met een renovatiesponning, en meteen ook een vensterbanksponning in de onderdorpel voor de vensterbank die eronder kwam. Bij het opnieuw bestellen bleek het prijsverschil tussen volhout en gevingerlast hout verwaarloosbaar, dus werd het alsnog volhout. Vooral in de onderdorpel wil je zeker weten dat er geen licht, zacht stukje tussen zit.
Isolatieglas in schuiframen met maar negentien millimeter sponning
In een jarendertigwoning moest het enkele glas in de schuiframen plaatsmaken voor isolatieglas, terwijl de glas-in-loodbovenlichten moesten blijven. Aan de buitenzijde kon er niets bij, want dan zou het onderraam niet meer langs het bovenlicht kunnen schuiven. De verzwaring moest dus volledig aan de binnenkant gebeuren.
Na het uitzagen van de bestaande sponning en het plaatsen van een glaslat van 15 bij 17 millimeter bleef er van de stijl van 34 millimeter nog negentien millimeter sponningdiepte over. Met tweemaal drie millimeter beglazingsband en twee ruiten van vier millimeter houd je dan vijf millimeter spouw over, en dat is een magere isolatiewaarde voor zoveel werk.
Het werd een opdeklat met sponning aan de binnenzijde, waarmee de beschikbare diepte op zesentwintig millimeter kwam en een pakket van 4-12-4 paste. Daar kwamen twee dingen achteraan. De contragewichten waren te licht voor het zwaardere glas, waardoor de ramen niet meer op hoogte bleven hangen, en die zijn vervangen door balansveren. Voor het glas in lood zijn voorzetramen geplaatst in plaats van het paneel aan te tasten.
Twee deuren die bovenin klemden en onderin vrij stonden
In een huis waar de tussenwand en de kozijnen niet haaks waren gesteld, vielen twee opdekdeuren bovenin keurig in de sponning terwijl ze onderin nog een halve centimeter van het kozijn af stonden. Het slot viel daardoor niet in de sluitplaat en beide deuren bleven op een kier staan.
Bijschaven van de deur viel af: bij een opdekdeur haal je dan de opdekrand weg en dat zie je aan de zijkant meteen terug. De sponning bovenin het kozijn bijschaven kan met een boorschaaf, maar in de hoeken kom je er niet mee en die met een beitel recht houden bleek lastig. De sluitplaat verzetten was ook geen echte oplossing, want dan blijft de naad scheef en de tocht bestaan.
Wat wel werkte, was de scharnieren in het kozijn opnieuw infrezen zodat de deur evenwijdig aan de sponning ging vallen. De oude schroefgaten zijn eerst met deuvels en houtlijm dichtgezet, anders trekt de schroef terug in het oude gat. De diagonalen zijn vooraf nagemeten om zeker te weten dat het kozijn zelf vlak stond, want bij een scheluw kozijn was dit werk verspild geweest.
Een voordeur die hout op hout tegen het kozijn sloot
Bij een oudere voordeur sloot het deurblad direct tegen de houten sponning, zonder enige ruimte voor een tochtprofiel. Het eerste idee was om het scharnier een halve centimeter te verplaatsen, maar het draaipunt zat aan de binnenzijde en de nieuwe schroeven zouden vlak naast de oude gaten terechtkomen.
Er bleken drie werkbare routes. De snelste is een zelfklevende tochtband op de aanslag in de sponning, een paar euro en vijf minuten werk, die je om de paar jaar vervangt. Wil je een strip met een rubberprofiel, dan schroef je die op de dagkant, maar dan zit hij in het zicht. De strakste route is met de bovenfrees een ondiepe sponning in de deurstijlen en de bovendorpel maken, precies zo diep als het tochtprofiel dik is.
Het werd de plakstrip, omdat de deur op termijn toch vervangen zou worden. Bij de gebogen bovendorpel van dat kozijn was dat achteraf ook verstandig. Een aluminium profiel moet je daar inzagen en om de ronding buigen, en helemaal zonder knik krijg je dat vrijwel nooit.
Veelgemaakte fouten
Een gewone sponning bestellen bij een kozijn dat vervangen wordt
Bij nieuwbouw staat het kozijn er eerder dan de muur, bij vervanging is het andersom. Zonder renovatiesponning stuit je op de spouwlatten of het metselwerk en krijg je het kozijn niet op zijn plek. Dat merk je pas als het oude kozijn er al uit is en het gat open staat.
Beginnen bij de muur in plaats van bij de deur
Wie eerst het wandje metselt en daarna pas gaat rekenen, komt vaak een deurmaat tekort. Bij vuren kozijnhout van 56 millimeter verlies je per zijde al snel vier centimeter aan sponning, kalksponning en speling. Kies dus eerst de deur, tel de sponningmaat erbij en bepaal daarna pas de sparing in de wand.
Frezen zonder eerst op metaal te controleren
In oud raamhout zitten glasnagels en afgebroken spijkers die je door de verf heen niet ziet. Een frees die daarop stuit is meteen onbruikbaar, en het werkstuk krijgt op datzelfde moment een uitschieter te verwerken. Een minuut met een magneet of metaaldetector voorkomt beide.
De volle sponningdiepte in één gang wegfrezen
De machine krijgt dan te veel weerstand, trekt zichzelf vooruit en brandt het hout aan. Bovendien is het resultaat golvend in plaats van recht. Drie tot vijf millimeter per gang duurt een paar minuten langer en levert een sponning op waar de lat zonder passen in valt.
De ronde hoeken van de frezing laten zitten
Een ronde frees laat in elke hoek een ronding achter. Laat je die zitten, dan komt het glas of de glaslat niet tot in de hoek en gaat de ruit op één punt dragen, precies waar de spanning het hoogst is. Steek de hoeken daarom altijd vierkant uit met een steekbeitel.
Vers hout in de sponning niet gronden
Bij het opfrezen leg je hout bloot dat nooit verf heeft gezien, en juist in een sponning staat af en toe water. Onbehandeld begint daar binnen een paar jaar houtrot, verborgen onder de glaslat waar je het pas ziet als de dorpel zacht is. Grond ook de vlakken die straks onzichtbaar zijn.
Glas strak en zonder blokjes in de sponning zetten
Zonder speling loopt de ruit bij warmte tegen het hout aan en scheurt hij op een hoek. Zonder stelblokjes rust het volle gewicht op de sponningbodem en op de kitlaag. Houd drie tot vijf millimeter vrij rondom en zet kunststof blokjes op ongeveer een tiende van de zijde vanaf de hoek.
Een dik tochtprofiel plakken zonder de deur ruimte te geven
Een profiel van vier millimeter maakt de naad vier millimeter kleiner. De deur sluit dan zwaar of niet meer, en de dagschoot mist de sluitplaat. Pas eerst met een kort stukje, en frees anders een ondiepe sponning in de deurstijl zodat het profiel wegvalt in plaats van in de weg te zitten.
Veelgestelde vragen
Wat is een sponning in een kozijn precies?
Een sponning is een rechthoekige inkeping die over de volle lengte van het hout loopt en waar iets anders in valt. In een kozijn zit hij op meerdere plekken: rondom het glas, als aanslag voor de deur of het raam, aan de achterzijde over de wand en soms in de onderdorpel voor de vensterbank. Je herkent hem aan de twee vlakken die haaks op elkaar staan en samen een trapje vormen.
Welke sponning moet ik kiezen als ik een kozijn laat vervangen?
In vrijwel alle gevallen een renovatiesponning, en bij een vensterbank ook een vensterbanksponning. Zit er een spouw in de gevel, dan zitten daar spouwlatten of isolatieplaten strak tegen het buitenblad, en die kun je niet naar binnen duwen om een kozijn met een gewone sponning ertussen te schuiven. Met een renovatiesponning schuift het kozijn over het bestaande metselwerk heen in plaats van ertussen.
Hoe frees ik een sponning met een bovenfrees?
Zet het werkstuk zo vast dat de machine overal steun heeft, controleer het hout op metaal en teken de sponning af met een kraslat. Gebruik een frees vanaf ongeveer negentien millimeter diameter en werk in gangen van drie tot vijf millimeter, tegen de draairichting in. Steek de rondingen in de hoeken daarna vierkant uit met een steekbeitel, want die krijg je met geen enkele frees weg.
Kan ik zelf een sponning frezen voor dubbel glas in oude ramen?
Dat kan, mits er genoeg hout overblijft. Reken eerst uit hoeveel ruimte je nodig hebt: de dikte van het glaspakket plus tweemaal drie millimeter beglazingsband. Haal het raam uit het kozijn, leg het plat met opvulhout ernaast en zet daar latten op als zijgeleiding, dan kan de frees niet kantelen. Houd aan de buitenzijde minstens een centimeter massief hout over, anders wordt het raam te zwak.
Wat zijn opdeklatten met sponning en wanneer gebruik je ze?
Dat zijn latten die je op het bestaande raamhout schroeft en die zelf al een inkeping hebben. Daarmee bouw je de sponningdiepte naar voren op in plaats van dieper uit te frezen. Je gebruikt ze als de stijl te dun is voor een dikker glaspakket, bijvoorbeeld bij schuiframen waar aan de buitenzijde niets bij kan omdat het raam anders niet meer langs het bovenlicht schuift.
Hoeveel speling moet glas in de sponning hebben?
Reken op drie tot vijf millimeter rondom, dus bestel het glas ongeveer vijf millimeter kleiner dan de sponningmaat in de breedte en in de hoogte. Die ruimte is nodig omdat hout met de seizoenen werkt en een klemmende ruit bij de eerste temperatuurwisseling scheurt. Zet het glas op kunststof stelblokjes en zorg dat de inbouwdiepte bij isolatieglas minstens vijftien millimeter is.
Wat is de sponningmaat van een binnendeurkozijn?
Bij een stompe deur is de sponningmaat ongeveer vijf millimeter groter dan de deur, dus 83,5 centimeter bij een deur van 83 centimeter. De dagmaat is daar weer drie centimeter kleiner, omdat er aan beide zijden een aanslag van vijftien millimeter staat. Meer over de maatvoering van kozijnen en kozijnhout vind je bij de andere gidsen over dit onderwerp. Bij een opdekdeur gelden andere maten, dus koop die als set.
Hoe krijg ik een tochtstrip in de sponning van mijn deurkozijn?
De eenvoudigste manier is zelfklevende tochtband: ontvet de aanslag in de sponning goed en plak de band er in één stuk op. Wil je een profiel met een rubber en een metalen rug, dan frees je met een bovenfrees een smalle groef in de sponning waar het rubber in valt. Controleer daarna altijd of de deur nog sluit en of de dagschoot nog in de sluitplaat valt.
Wanneer kies je een architraaf met sponning?
Als het stucwerk naast de deurpost hoger ligt dan de post zelf, wat bij gestucte wanden bijna altijd het geval is. Het stucwerk valt dan in de sponning van de lijst en het hoogteverschil is niet meer te zien. Laat de vorm van de lijst geen sponning toe, zet dan een los latje op het kozijn dat gelijk komt met het stucwerk. De stukadoor heeft daar meteen een rechte kant om tegenaan te werken.
Mijn deur klemt bovenin de sponning, wat kan ik daaraan doen?
Meet eerst of het kozijn haaks en vlak staat door de diagonalen te vergelijken en met twee gelijke latjes over de boven- en onderdorpel te kijken. Staat het kozijn alleen scheef en niet scheluw, dan is de scharnieren verzetten en opnieuw infrezen de netste oplossing, met de oude schroefgaten dichtgezet met deuvels en lijm. Bij een scheluw kozijn helpt bijwerken van de sponning niet en blijft de deur dichttrekken nodig.
Kan ik een sponning maken zonder bovenfrees?
Ja. Met een cirkelzaag zet je twee zaagsnedes haaks op elkaar, waarna het blokje er vanzelf uit valt, en met een tafelzaag of een sponningschaaf kan het ook. Voor een bestaande sponning bijwerken is een boorschaaf handig omdat die dichter bij de hoek komt dan een gewone schaaf. De laatste centimeters in de hoeken doe je hoe dan ook met een scherpe steekbeitel.
Wat is een kalksponning en waarvoor dient hij?
Een kalksponning, ook wel stucsponning genoemd, is de inkeping aan de achterzijde van het kozijn die over de wand of over het stucwerk valt. Daardoor ontstaat er geen open naad tussen kozijn en muur en hoeft er niets dichtgekit te worden. Bij een dunne wand valt de sponning om de wand heen, mits er een randje overblijft waar hij overheen kan vallen. Steekt de wand te ver uit, dan schaaf je dat randje bij.
Wanneer je beter een vakman belt
Een sponning frezen, een tochtprofiel inbouwen of een architraaf aanpassen is werk dat je met scherp gereedschap en wat geduld prima zelf doet. Er zijn wel vier situaties waarin het verstandiger is om te stoppen en iemand te bellen.
De eerste is werken op hoogte. Een bovenfrees bedien je met twee handen en met beide voeten op een stabiele ondergrond, dus een gevelkozijn op de eerste verdieping doe je vanaf een steiger of niet. Datzelfde geldt voor het stellen van een zware ruit: een pakket van 4-12-4 weegt ongeveer twintig kilo per vierkante meter, en dat til je op een ladder niet meer verantwoord.
De tweede is de sparing in de muur zelf. Wil je het gat groter maken voor een breder kozijn, dan kom je aan de latei en mogelijk aan een dragende constructie. Daar hoort een berekening bij en in de meeste gevallen ook toestemming van de gemeente, dus dat is geen werk om op gevoel te doen.
De derde is asbest. In woningen van voor 1994 zitten onder ramen en naast kozijnen regelmatig gevelpanelen van asbesthoudend materiaal. Ga daar niet in zagen, frezen of schuren, maar laat eerst onderzoeken wat het is en laat het zo nodig door een gecertificeerd bedrijf verwijderen.
De vierde is een onderdorpel die op meerdere plekken zacht is. Dan is de sponning bijwerken uitstel van executie en ben je verder met het vervangen van het houten kozijn. Datzelfde geldt bij kostbaar isolatieglas: de garantie van de leverancier vervalt als de sponning niet de voorgeschreven inbouwdiepte en afwateringsopeningen heeft, dus laat een glaszetter in dat geval meekijken voordat de ruit erin gaat.
Verder lezen over dit onderwerp

Raamkozijn

Houten kozijnen vervangen

Kunststof kozijnen plaatsen
