Boiler aansluiten: water, elektra en de inlaatcombinatie
Een boiler aansluiten is drie keer hetzelfde werk: koud water erin via een nieuwe inlaatcombinatie, warm water eruit naar de kraan, en pas stroom erop als het vat helemaal vol is. De volgorde is niet vrijblijvend, want een boiler die leeg onder spanning komt te staan schakelt zijn droogkookbeveiliging in en blijft daarna dood. Gebruik de oude inlaatcombinatie nooit opnieuw en laat het overdrukventiel altijd zichtbaar kunnen afblazen.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Waterpomptang en een steeksleutel 22 of een verstelbare sleutel
- Kruiskopschroevendraaier en een kleine sleufschroevendraaier
- Boormachine met steenboor en pluggen voor de ophangbeugel
- Waterpas van 40 cm
- Emmer en dweil, want er blijft altijd water in de leiding staan
- Spanningszoeker om te controleren of het stopcontact spanning heeft
- Zaklamp om achter de kastwand te kijken
Materiaal
- Nieuwe inlaatcombinatie met overdrukventiel, passend bij de druk op het typeplaatje
- Twee flexibele aansluitslangen met 1/2 inch wartel, lang genoeg om de boiler naar voren te kunnen trekken
- Teflontape of hennep met afdichtpasta
- Kunststof afvoerslangetje voor het overdrukventiel
- Sifon of afvoerstuk met een open, zichtbare inloop
- Geaarde wandcontactdoos als die er nog niet zit
- Ophangbeugel en pluggen die bij de muur passen
Wat er precies aan een boiler vastzit
Een boiler heeft maar drie verbindingen met de rest van je huis: koud water erin, warm water eruit en een stekker. Alles wat er misgaat bij het aansluiten van een boiler zit in de details rond die drie. Welke boiler in welke situatie past, staat in ons overzicht over boilers en warm water in huis.
De aansluitingen zitten bij vrijwel elke keukenboiler aan de onderkant en zijn gemerkt met kleur. Blauw is de koude inlaat, rood de warme uitlaat. Die kleuren zitten er niet voor de sier: door de koude inlaat komt het water onderin het vat binnen, terwijl het warme water bovenin wordt afgetapt. Verwissel je ze, dan krijg je lauw water en het gevoel dat de boiler te klein is.
De maat is bij close-in boilers bijna altijd 1/2 inch buitendraad, hetzelfde als een kraanaansluiting. Meet dat wel even na bij oudere toestellen, want daar kom je ook 3/8 inch tegen. De aansluiting van de boiler bepaalt welke slangen je meeneemt uit de winkel, en dat scheelt een tweede rit.
| Onderdeel | Waar het zit | Waarom het er zit |
|---|---|---|
| Koude inlaat, blauw gemerkt | Onderkant boiler, kant van de watermeter | Voert koud water onderin het vat aan zodat de warme laag bovenin intact blijft |
| Inlaatcombinatie | Direct op de koude inlaat geschroefd | Bevat keerklep, overdrukventiel, afsluiter en aftappunt in één huis |
| Warme uitlaat, rood gemerkt | Onderkant boiler, kant van de kraan | Tapt het heetste water bovenin af via een stijgbuisje in het vat |
| Afblaasleiding | Van het overdrukventiel naar de sifon of een trechtertje | Voert expansiewater af naar een open, zichtbare inloop |
| Thermostaatknop | Voorkant of onderkant, achter een kapje | Regelt de tapwatertemperatuur, meestal tussen 30 en 75 graden |
| Droogkookbeveiliging | Onder de kap, tegen het element aan | Schakelt de boiler uit als het element zonder water opwarmt |
| Aansluitsnoer met stekker | Aan de onderkant, meestal een meter lang | Hoort in een eigen geaarde wandcontactdoos, bereikbaar naast de boiler |
Fotografeer de oude situatie voordat je iets losdraait. Op die foto zie je later terug welke slang naar de kraan liep en hoe de afblaasleiding hing, en dat scheelt gepuzzel als je halverwege wordt weggeroepen.
Drukloos of drukvast: dit bepaalt welke kraan erop mag
Voordat je gereedschap pakt, moet je weten welk type boiler je hebt. Een drukvaste boiler staat permanent onder waterleidingdruk en werkt met elke gewone mengkraan. Een drukloze boiler mag dat juist niet, want het vat is niet gebouwd om die druk te houden.
Bij een drukloos toestel staat de kraan vóór de boiler in plaats van erachter. Zo'n lagedrukkraan heeft drie leidingen in plaats van twee: koud water in, koud water door naar de boiler, en warm water terug. Het expansiewater loopt bij dit type gewoon uit de uitloop van de kraan, en daarom mag er nooit een terugslagklep of een dichte perlator in die uitloop zitten.
De praktische regel: hangt er een drukvaste boiler, dan hoort er een inlaatcombinatie op de koudwaterkant. Hangt er een drukloos toestel, dan hoort daar juist geen keerklep in en is de bijbehorende kraan het veiligheidsonderdeel. De twee door elkaar halen is de meest kostbare fout bij het aansluiten van een keukenboiler: een drukloos vat op waterleidingdruk gaat lekken, en een drukvaste boiler op een lagedrukkraan geeft nooit een fatsoenlijke straal.
| Type | Inhoud waarin je ze tegenkomt | Welke kraan | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Drukvaste close-in boiler | 5, 10 of 15 liter onder het aanrecht | Elke gewone mengkraan | Inlaatcombinatie verplicht, expansiewater druppelt uit het overdrukventiel |
| Drukloze keukenboiler | 5 liter, vaak boven de wastafel | Speciale lagedrukkraan met drie aansluitingen | Geen keerklep, geen dichte perlator, uitloop moet vrij blijven |
| Kokendwaterboiler | 2 tot 5 liter, bij een kokendwaterkraan | Bijbehorende kraan van dezelfde fabrikant | Water van ongeveer honderd graden onder druk, alleen met het eigen leidingset |
| Elektrische voorraadboiler | 30 tot 150 liter, in een berging of badkamer | Vast op de warmwaterleiding in huis | Zwaar gevuld, ophangbeugel op dragend metselwerk, eigen groep |
| Indirect gestookte boiler | 80 tot 200 liter bij een cv-ketel | Vast op de warmwaterleiding | Verwarming loopt via de ketel, aansluiten hoort bij de ketelinstallatie |
Kijk op het typeplaatje voordat je koopt. Daar staat of het toestel drukvast is en welke maximale werkdruk het aankan, meestal 6 of 8 bar. De inlaatcombinatie die je erbij koopt moet op diezelfde druk afblazen. Een ventiel van 10 bar op een vat van 6 bar beveiligt niets.
De inlaatcombinatie is het belangrijkste onderdeel
De inlaatcombinatie, in België meestal veiligheidsgroep genoemd, is het messing blokje dat je op de koude inlaat schroeft. Daar zitten vier functies in één huis: een afsluiter om de boiler af te koppelen, een keerklep die opgewarmd water uit je drinkwaterleiding houdt, een aftappunt en het overdrukventiel. Wat dat ventiel precies doet en waarom het druppelt, leggen we uit bij het overdrukventiel van de boiler.
Het overdrukventiel van de boiler aansluiten doe je niet als los onderdeel ergens in de leiding. Het hoort in de inlaatcombinatie, direct aan het vat, zonder afsluiter of koppeling ertussen. Zit er iets tussen dat dicht kan, dan kan de druk bij opwarmen niet weg en loopt hij op tot het vat of een koppeling het begeeft.
Neem altijd een nieuwe inlaatcombinatie bij een nieuwe boiler. Ze kosten weinig en ze zijn precies het onderdeel dat na jaren hard water verkalkt en klemt. Een ventiel dat niet meer opent is een van de redenen dat een boiler voortijdig kapotgaat, dus meeverhuizen van het oude blokje is valse zuinigheid.
De afblaasleiding leid je naar een open, zichtbare inloop. Dat mag een trechtertje boven de sifon zijn of een afvoerstuk met een luchtspleet, maar nooit een slangetje dat je vast in de afvoer drukt. Zo'n vaste verbinding kan bij een verstopping water terug de leiding in duwen, en je ziet ook niet meer of het ventiel constant lekt.
Dop een overdrukventiel nooit af. Het druppelen bij het opwarmen is geen mankement maar het uitzetten van water: tien liter water dat van tien naar vijfenzestig graden gaat, wordt ruim een tiende liter groter. Dat volume moet ergens heen. Zet je het dicht, dan wordt de zwakste koppeling in het systeem het afblaaspunt.
Een boiler in de keuken aansluiten onder het aanrecht
Bij een keukenboiler aansluiten is ruimte het grootste probleem, niet de techniek. Onder een spoelkast zitten al een sifon, een kraanaansluiting en vaak de slangen van de vaatwasser. Hang de boiler daarom niet zo strak in de hoek dat je er later niet meer bij kunt.
Meet eerst de hoogte. Een gevulde boiler van tien liter weegt rond de vijftien kilo, dus de ophangbeugel gaat met deugdelijke pluggen in de achterwand of de zijwand van de kast, of rechtstreeks in de muur erachter. Een kastwandje van achttien millimeter spaanplaat houdt dat gewicht alleen met doorgaande bouten en een verdeelplaatje.
Houd onder de aansluitingen minstens tien centimeter vrij voor de inlaatcombinatie en de bocht van de slangen. Wie de boiler te laag hangt, moet de slangen krap buigen, en een geknikte flexibele slang scheurt op die knik. Neem de slangen ruim: twee stuks van vijftig centimeter maken het mogelijk om de boiler los te nemen en naar voren te trekken zonder het water af te tappen.
De aansluiting van een keukenboiler op de kraan gaat met een T-stuk of een kraanaansluitset. Je onderbreekt de warme kraanslang, zet het koude water via de inlaatcombinatie naar de boiler en brengt het warme water uit de boiler terug naar diezelfde slang. Werkt het aanrecht met een kokendwaterkraan, dan houd je de leidingset van die fabrikant aan en meng je niets van een ander merk erdoorheen.
Zet de boiler niet achter een vaste plint of een uitgefreesde kastbodem. We kwamen boilers tegen die alleen bereikbaar waren door eerst de plint te slopen, en dat maakt van een half uur onderhoud een halve dag werk.
Het schema achter een boiler aansluiten
Wie zoekt naar een schema om een boiler aan te sluiten, verwacht vaak iets ingewikkelds. In werkelijkheid is de volgorde in de leiding altijd dezelfde en verschilt alleen de plek waar je hem inbouwt.
Vanaf de hoofdkraan loopt de koude leiding naar een afsluiter, daarna naar de inlaatcombinatie, en vanuit de inlaatcombinatie het vat in. Uit het vat komt de warme leiding, die rechtstreeks naar het tappunt gaat. Tussen het vat en het overdrukventiel mag niets zitten dat kan sluiten, en op de warme leiding hoort geen keerklep. Dat is het hele schema.
Zit er een mengventiel in het spel, dan komt dat na de boiler. Bij grotere voorraadboilers stel je het vat hoger in, bijvoorbeeld op zestig graden tegen bacteriegroei, en meng je bij het tappunt terug naar een veilige temperatuur. Bij een keukenboiler van tien liter doe je dat niet: die stel je gewoon in op de temperatuur die je wilt tappen.
Voor een tweede tappunt in dezelfde ruimte kun je de warme leiding aftakken, maar houd er rekening mee dat de leiding zelf ook water bevat. Vijf meter leiding van 15 millimeter houdt bijna een liter koud water vast, en dat loopt er eerst uit voordat het warm wordt. Dicht bij het tappunt hangen is bij een keukenboiler dus belangrijker dan een grote inhoud kiezen.
| Volgorde in de leiding | Drukvaste boiler | Drukloze boiler |
|---|---|---|
| 1. Afsluiter | Op de koude leiding, vóór de inlaatcombinatie | Op de koude leiding, vóór de kraan |
| 2. Beveiliging | Inlaatcombinatie met keerklep en overdrukventiel | Geen keerklep, de kraan zorgt voor de ontlasting |
| 3. Koud naar het vat | Van inlaatcombinatie naar de blauwe aansluiting | Van de kraan naar de blauwe aansluiting |
| 4. Warm uit het vat | Van de rode aansluiting naar de kraan | Van de rode aansluiting terug naar de kraan |
| 5. Expansie | Via het overdrukventiel naar een open afvoer | Via de uitloop van de lagedrukkraan |
| 6. Elektra | Geaarde wandcontactdoos naast het toestel | Geaarde wandcontactdoos naast het toestel |
De elektrische aansluiting en het stopcontact
Een close-in boiler trekt meestal 2200 watt, ongeveer evenveel als een waterkoker die de hele opwarmtijd doorloopt. Dat is bijna tien ampère, en daarmee is een verlengsnoer of een goedkope stekkerdoos onder het aanrecht geen goed idee. De stekker hoort rechtstreeks in een geaarde wandcontactdoos.
Zit er geen stopcontact in de spoelkast, dan is het toevoegen van een geaarde wandcontactdoos in de keuken het werk dat je eerst doet. Plaats hem naast de boiler en niet erachter, want een stekker die je alleen bereikt door de boiler los te nemen kun je bij een probleem niet snel eruit trekken. Voor de hoogte houden we de gebruikelijke maten aan, die je terugvindt in onze tabel met standaardmaten in huis.
Deel de boiler bij voorkeur niet met de vaatwasser of de magnetron op één groep. Het mag rekenkundig vaak net, maar in de praktijk staat de boiler op te warmen precies wanneer de vaatwasser zijn element aanzet. Een eigen groep is netter, en die legt een elektricien aan in de meterkast. Werk achter de hoofdzekering laat je aan hem over.
Wil je de boiler 's nachts of tijdens vakantie kunnen uitzetten zonder de stekker eruit te trekken, dan kun je er een schakelaar voor zetten. Dat aansluiten gaat net als bij een gewone lichtschakelaar, met dit verschil dat het schakelmateriaal geschikt moet zijn voor de stroom van het element. Wil je hem vanaf twee plekken kunnen bedienen, dan is dat het principe van een wisselschakelaar.
| Inhoud | Vermogen dat je meestal ziet | Opwarmen van koud naar 65 graden | Typische plek |
|---|---|---|---|
| 5 liter | 2000 tot 2200 watt | Ongeveer 8 tot 10 minuten | Onder een wastafel of klein aanrecht |
| 10 liter | 2200 watt | Ongeveer 15 tot 20 minuten | Onder het aanrecht in de keuken |
| 15 liter | 2200 watt | Ongeveer 25 tot 30 minuten | Keuken met twee tappunten dicht bij elkaar |
| 30 liter | 1500 tot 2000 watt | Ongeveer 1 uur | Toilet en fonteintje, kleine berging |
| 80 liter | 2000 watt | Ongeveer 2,5 uur | Badkamer of berging, vaste opstelling |
| 120 liter | 2000 tot 2500 watt | Ongeveer 3,5 uur | Woning zonder cv-warmwater |
Trek de stekker eruit voordat je de kap openmaakt. Onder die kap zitten de thermostaat, het element en de droogkookbeveiliging, en die klemmen staan op netspanning. Een boiler die uit lijkt te staan omdat het lampje niet brandt, heeft nog steeds spanning op de aansluitklemmen.
Eerst vullen, dan pas de stekker erin
Dit is de stap waar de meeste nieuwe boilers op stuklopen. In elk toestel zit een droogkookbeveiliging die het element uitschakelt zodra het opwarmt zonder water eromheen. Steek je de stekker erin terwijl het vat leeg is, dan grijpt die beveiliging binnen enkele seconden in en blijft de boiler daarna dood.
Vullen doe je door de afsluiter op de inlaatcombinatie te openen en daarna de warmwaterkraan helemaal open te zetten. Eerst hoor je lucht ontsnappen, daarna komt er een pruttelende straal en op het laatst een gladde, constante straal zonder gespetter. Pas als die straal een halve minuut rustig loopt, is het vat echt vol en de lucht eruit.
Laat de kraan daarna dicht en controleer alle koppelingen met een droge tissue. Een vochtige plek die je met je vingers niet voelt, zie je op wit papier meteen. Draai lekkende wartels niet met geweld aan maar haal ze los, controleer de rubberring en zet ze opnieuw met de hand plus een kwartslag.
Nu pas gaat de stekker erin. Het controlelampje hoort te gaan branden en de boiler wordt hoorbaar warm, met wat tikkende geluiden van uitzettend metaal. Blijft het lampje uit terwijl er wel spanning op het stopcontact staat, dan is de kans groot dat de droogkookbeveiliging al eerder is aangesproken en met een klein resetknopje onder de kap terug moet.
Hotfill en de boiler op warm water aansluiten
Een vaatwasser of wasmachine met hotfill kun je op de warmwaterleiding zetten in plaats van op koud. Het idee is dat de machine dan niet met stroom hoeft op te warmen. Of dat werkelijk iets oplevert, hangt af van waar je boiler hangt en hoe je hem verwarmt.
Een hotfill boiler aansluiten op warm water heeft alleen zin als de leiding tussen boiler en machine kort is. De vaatwasser neemt per spoelgang maar een paar liter, en als er drie meter leiding tussen zit die vol koud water staat, pompt de machine vooral dat koude water naar binnen. De boiler warmt daarna een vat vol water op dat je pas de volgende dag gebruikt, en dan is het weer afgekoeld.
Bij een elektrische keukenboiler is de rekensom bovendien zelden gunstig, want zowel de boiler als de machine gebruikt stroom om hetzelfde water op te warmen. Wordt het warme water gemaakt door een cv-ketel, een warmtepomp of zonnecollectoren, dan kan hotfill wel voordeel geven. Hoe je de aan- en afvoer verder aanpakt staat bij het aansluiten van een vaatwasser.
Kijk voordat je omschakelt in de handleiding wat de machine aan temperatuur mag krijgen. Machines met hotfill noemen meestal een maximum van zestig graden. Staat er niets over hotfill in de handleiding, dan sluit je hem op koud water aan, want de inlaatklep en de sensoren van een gewone machine zijn op koud water gebouwd. Een hotfill apparaat op koud water aansluiten mag altijd en kost je alleen wat langere programmatijd.
Kokendwaterboilers, kalk en de leidingen ertussen
Een kokendwaterboiler is technisch een ander dier. Het water staat onder druk op ongeveer honderd graden, en dat betekent dat kalk niet geleidelijk aanslaat maar hard neerslaat in de smalle doorgangen. De boiler zelf blijft daarbij vaak schoon terwijl de slang ertussen dichtgroeit.
Bij het aansluiten van zo'n set gebruik je uitsluitend de leidingen en koppelingen van de fabrikant. De slangen zijn op temperatuur en druk berekend en hebben vaak een eigen koppelingsmaat. Ze worden bij een losse vervangende boiler meestal niet meegeleverd, dus bestel ze er meteen bij als de bestaande set jaren oud is.
Werk je aan een kokendwatersysteem, dan zet je eerst de boiler uit, haalt de druk van de leiding en laat het geheel een paar uur afkoelen. Er staat kokend water onder druk in dat vat, en dat spuit bij het losdraaien van een koppeling met kracht naar buiten. Een paar uur wachten is hier het verschil tussen een klusje en een bezoek aan de eerste hulp.
Voor de gewone keukenboiler speelt kalk ook, maar trager. In een gebied met hard water kun je bij een boiler van tien liter na een jaar of vijf een dun laagje op het element verwachten. Merk je dat de opwarmtijd flink oploopt, dan is dat het moment om het element te bekijken of het toestel te vervangen door een nieuw exemplaar zoals een keukenboiler van tien liter.
Aftappen, vorst en de boiler er later weer uit halen
Een boiler die je aansluit, haal je ooit ook weer weg. Dat is het moment waarop je merkt of je destijds ruimte hebt gehouden. Slangen die net lang genoeg waren en een afsluiter die achter het vat verstopt zit, maken van een vervanging een worsteling.
Aftappen gaat in een vaste volgorde. Sluit eerst de afsluiter op de inlaatcombinatie, trek de stekker eruit en zet daarna de warmwaterkraan open om lucht toe te laten. Zonder die lucht loopt er niets weg, precies zoals bij een fles die je omkeert. Vervolgens open je het aftappunt op de inlaatcombinatie of draai je de onderste wartel los boven een emmer.
Reken op meer water dan de inhoud doet vermoeden, want de leidingen lopen mee. Zet de emmer klaar voordat je draait en leg een handdoek in de kastbodem. Bij een vat van tien liter is de bodem van een spoelkast in twintig seconden blank.
Hangt de boiler in een onverwarmde ruimte, een garage of een vakantiewoning, tap hem dan voor de winter helemaal af. Bevriezend water scheurt het vat van binnen en dat merk je pas bij het weer opendraaien, als het water uit de mantel loopt. Meer over onderhoud en leidingwerk in en om het huis vind je in ons overzicht over sanitair en loodgieterswerk.
Zo sluit je een close-in boiler aan
Deze volgorde geldt voor een drukvaste keukenboiler onder het aanrecht en werkt met kleine aanpassingen ook bij een groter toestel.
-
Water af en de oude situatie leegmaken
Sluit de hoofdkraan of de afsluiter onder het aanrecht en zet de warmwaterkraan open tot er niets meer komt. Hangt er al een boiler, tap die dan af via het aftappunt op de inlaatcombinatie. Er blijft altijd een halve emmer in de leidingen staan, dus zet die er alvast onder.
-
Hang de beugel waterpas en draagkrachtig op
Boor in de muur of gebruik doorgaande bouten in de kastwand met een verdeelplaatje aan de achterkant. Een gevulde boiler van tien liter weegt rond de vijftien kilo en hangt daar jaren. Waterpas hangen is geen cosmetiek: scheef hangen betekent dat er lucht in de bovenkant van het vat blijft staan.
-
Schroef de nieuwe inlaatcombinatie op de blauwe aansluiting
Wikkel teflontape met de klok mee om het schroefdraad, ongeveer tien slagen, en draai de inlaatcombinatie strak met de pijl in de stroomrichting. Er mag niets tussen het vat en het overdrukventiel zitten dat kan sluiten. Gebruik hier geen oude inlaatcombinatie: die is precies het onderdeel dat verkalkt en klemt.
-
Leid de afblaasleiding naar een open afvoer
Sluit het kunststof slangetje aan op het overdrukventiel en laat het uitkomen boven een trechtertje of een afvoerstuk met een luchtspleet. Zichtbaar en met een onderbreking, nooit vast in de sifon geduwd. Zo zie je meteen of het ventiel alleen bij opwarmen druppelt of constant doorlekt.
-
Sluit koud en warm aan op de juiste kant
Koud water van de inlaatcombinatie naar blauw, warm water van rood naar de kraan. Draai de flexibele slangen met de hand aan en zet ze met de sleutel een kwartslag na. Buig de slangen in een ruime boog, want een knik in een flexibele slang is de plek waar hij over een paar jaar scheurt.
-
Vul het vat helemaal en ontlucht
Open de afsluiter en zet de warmwaterkraan volledig open. Wacht tot de pruttelende straal overgaat in een gladde, constante straal en laat die nog een halve minuut lopen. Pas dan is de lucht eruit en staat het element volledig onder water. Dit is de stap die je niet mag inkorten.
-
Controleer alle koppelingen op lekkage
Ga met een droge tissue langs elke wartel, ook langs de bovenkant van de inlaatcombinatie. Een vochtige plek zie je op papier eerder dan met je vingers. Lekt er iets, draai de wartel dan los, controleer de rubberring en zet hem opnieuw aan in plaats van hem verder te forceren.
-
Steek de stekker erin en stel de thermostaat in
Nu pas gaat de spanning erop. Het lampje hoort te gaan branden en het toestel wordt hoorbaar warm. Zet de thermostaat op ongeveer zestig graden voor een keukenboiler: hoger levert vooral meer kalk en warmteverlies op. Controleer na een halfuur nog een keer of alles droog is gebleven.
Maatvoering
De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Ruimte of vakgebied | Onderdeel | Gangbare maat | Marge die in de praktijk werkt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|---|
| Sanitair | Wastafel, bovenkant | 85 cm boven de vloer | 80 tot 90 cm | Meet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm. |
| Sanitair | Wastafelkraan, uitloop | 25 tot 30 cm boven de wastafelrand | wat past bij de kom | Te hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder. |
| Sanitair | Fonteintje in het toilet | 80 tot 85 cm | 75 tot 90 cm | Vaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is. |
| Sanitair | Toiletpot, bovenkant zitting | 40 tot 43 cm | 38 tot 48 cm | Een verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger. |
| Sanitair | Hangend toilet, onderkant pot | 40 cm boven de vloer | 38 tot 45 cm | De hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast. |
| Sanitair | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 80 cm | Te ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit. |
| Sanitair | Douchekraan, thermostaat | 100 tot 110 cm | 95 tot 120 cm | Je wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan. |
| Sanitair | Doucheglijstang, bovenkant | 180 tot 200 cm | afhankelijk van de lengste gebruiker | Reken op minstens 20 cm boven de kruin. |
| Sanitair | Regendouche, onderkant kop | 205 tot 215 cm | 200 tot 220 cm | Onder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd. |
| Sanitair | Handdoekradiator, onderkant | 20 tot 30 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Laag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen. |
| Sanitair | Afvoer wastafel, muurdoorvoer | 50 tot 55 cm | 45 tot 60 cm | Onder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling. |
| Elektra | Stopcontact in een woonruimte | 30 cm hart boven de vloer | 25 tot 40 cm | Bij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen. |
| Elektra | Stopcontact boven een aanrechtblad | 115 tot 125 cm | 10 tot 20 cm boven het blad | Uit de spatzone van de kraan blijven. |
| Elektra | Lichtschakelaar | 105 cm hart boven de vloer | 90 tot 120 cm | Gelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld. |
| Elektra | Deurklink | 100 cm hart boven de vloer | 95 tot 105 cm | Ook de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen. |
| Elektra | Meterkast, groepenkast | 150 tot 180 cm | bereikbaar zonder trapje | De hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn. |
| Elektra | Wandcontactdoos buiten | minimaal 30 cm boven maaiveld | hoger bij kans op opspattend water | Spatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten. |
| Elektra | Bedrade deurbel, drukknop | 110 tot 130 cm | 100 tot 140 cm | Ook bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel. |
| Elektra | Wandlamp naast een spiegel | 160 tot 170 cm | op ooghoogte van de gebruiker | Licht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven. |
| Elektra | Televisieaansluiting | 40 cm of op de hoogte van het scherm | afhankelijk van de opstelling | Bij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm. |
| Keuken | Werkblad, bovenkant | 90 tot 95 cm | 85 tot 100 cm | Vuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger. |
| Keuken | Bovenkasten, onderkant | 50 tot 60 cm boven het blad | 45 tot 65 cm | Te laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken. |
| Keuken | Afzuigkap boven een elektrische kookplaat | 60 cm | 55 tot 70 cm | Onder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaspit | 65 cm | 65 tot 75 cm | Bij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam. |
| Keuken | Plint onder de keukenkasten | 10 tot 15 cm | standaard 15 cm | Terugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan. |
| Keuken | Inbouwoven op ooghoogte | onderkant op 85 tot 90 cm | naar de gebruiker | Scheelt bukken met een hete plaat in je handen. |
| Trap | Trapleuning | 90 cm boven de voorkant van de trede | 85 tot 100 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer. |
| Trap | Leuning langs een bordes | 100 cm | 90 tot 110 cm | Bij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap. |
| Trap | Optrede, hoogte per trede | 18 tot 20 cm | maximaal 21 cm binnen een woning | Alle treden even hoog, ook de eerste en de laatste. |
| Trap | Aantrede, diepte van de trede | 22 tot 24 cm | minimaal 22 cm | Vuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm. |
| Trap | Vrije doorloophoogte boven de trap | 230 cm | minimaal 210 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond. |
| Trap | Spijlafstand van een balustrade | maximaal 10 cm | kleiner bij kinderen | Zo kan een kinderhoofdje er niet tussen. |
| Deuren | Binnendeur, standaardmaat | 83 bij 201,5 cm | 78 tot 93 cm breed | De dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad. |
| Deuren | Voordeur, standaardmaat | 88 bij 201,5 cm | 83 tot 100 cm breed | Breder is prettig bij verhuizen en bij een rollator. |
| Deuren | Speling onder een binnendeur | 1 tot 1,5 cm | 2 cm bij mechanische ventilatie | De kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet. |
| Deuren | Speling rondom in het kozijn | 3 mm | 2 tot 4 mm | Te weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt. |
| Deuren | Scharnieren, afstand tot de hoek | 20 cm van boven en onder | 15 tot 25 cm | Bij een zware deur een derde scharnier in het midden. |
| Ventilatie | Ventilatierooster in een raam | boven in het kozijn | op de bovenregel | Warme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder. |
| Ventilatie | Afzuigpunt in een badkamer | hoog in de ruimte | 20 tot 30 cm onder het plafond | Vocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet. |
| Ventilatie | Muurrooster kruipruimte | net boven het maaiveld | minimaal 15 cm | Anders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht. |
| Ventilatie | Dakdoorvoer, afstand tot de nok | minimaal 50 cm | afhankelijk van het type | Te dicht bij de nok geeft terugslag bij wind. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de stekker in het stopcontact steekt
Uit de praktijk
Twee boilers achter elkaar die niet aan wilden
Een keukenboiler van vier liter bij een kokendwaterkraan ging na zes jaar niet meer aan. Het controlelampje bleef uit, hoe lang de aan-knop ook werd ingedrukt. Er werd een tweedehands vervanger gekocht, en die deed vervolgens precies hetzelfde: geen lampje, geen warm water. Twee kapotte boilers achter elkaar is wel heel veel toeval.
Dat was het ook niet. De vervanger was aangesloten en meteen onder spanning gezet terwijl het vat nog leeg was. De droogkookbeveiliging schakelde daardoor binnen seconden in en bleef ingeschakeld, ook nadat er later water in kwam. Het toestel eerst helemaal vullen, de kap eraf en het kleine resetknopje op de beveiliging indrukken loste het op.
Bij de eerste boiler bleek er nog iets anders te spelen: hij zat op een verlengdoos onder het aanrecht. Rechtstreeks in het stopcontact geprikt gaf meteen uitsluitsel over de vraag of het aan het toestel of aan de voeding lag. Dat is een test van dertig seconden die je altijd eerst doet.
Geen druk meer op de kokendwaterkraan
Bij een kokendwaterkraan kwam er nog maar een dun straaltje uit. De zoektocht begon bij de inlaatcombinatie, die in orde bleek. Daarna ging de boiler uit elkaar op verdenking van kalk in het vat, en ook daar was niets te zien. Twee avonden werk zonder resultaat.
De methode die het wel oploste, was stap voor stap meten vanaf de boiler naar de kraan. De koppeling in de kokendwaterslang werd losgedraaid, het uiteinde in een bak gelegd en de druk er weer op gezet. Daar kwam een volle straal uit, dus alles vóór dat punt was goed. Belangrijk daarbij: eerst de boiler uitzetten, de druk eraf halen en het geheel een paar uur laten afkoelen, want er staat kokend water onder druk.
Het binnenwerk van de kokendwaterbediening was schoon en de perlator ook. Wat overbleef was de uitloop zelf, en die bleek van binnen dichtgeslibd met kalk. Met een uitloop van een ander exemplaar was de volle druk terug. De les: begin bij de uitgang van de boiler en werk richting de kraan, dan sluit je in een halfuur uit wat anders twee avonden kost.
Een kalkprop in de slang tussen boiler en kraan
In een ander geval zat de verstopping wel in de slang. De boiler moest daarvoor eerst achter de plint vandaan worden gehaald en de kap eraf, want de kokendwaterslang zit aan de bovenkant vast. In die slang zat een harde kalkprop van enkele centimeters.
Die werd opengeboord met een dun boortje en daarna nagewerkt met een stuk stevig draad, tot er weer vrij doorheen te blazen was. Ook op het menggedeelte werd met een sleutel voorzichtig geklopt om losse kalk te laten vallen. Daarna was de druk terug.
Wat hierbij opvalt: bij een losse vervangende boiler worden de leidingen niet meegeleverd, en een monteur heeft ze meestal ook niet bij zich. Vervang je een kokendwaterboiler, bestel dan meteen de complete leidingset erbij. Anders sta je met een nieuw toestel en oude, dichtgeslibde slangen, en dan is het probleem na een week terug.
Een boiler die onderaan lekte
Een elektrische boiler begon onderaan te lekken, eerst een paar druppels per dag en binnen een week een gestage stroom. Bij een stalen vat dat van binnenuit doorroest houdt het op: dat is niet te repareren, en een pakkingset bestaat alleen bij toestellen waar het vat te openen is.
Bij de vervanging is meteen de inlaatcombinatie meegegaan. Dat was geen luxe. Een overdrukventiel dat door kalk niet meer opent, laat de druk in het vat bij elke opwarmcyclus oplopen, en dat is een van de redenen dat een boiler eerder bezwijkt dan hij zou moeten. Een oud blokje hergebruiken op een nieuw vat is dus vragen om herhaling.
Loopt er water uit de mantel in plaats van uit een koppeling, dan zit het lek in het vat zelf en heeft verder zoeken geen zin. Zit het water alleen rond een wartel, dan is het een afdichting en ben je met een nieuwe ring klaar.
Veelgemaakte fouten
De stekker erin voordat de boiler vol is
Dit is de fout die de meeste nieuwe toestellen meteen buiten werking zet. Het element wordt zonder water in enkele seconden gloeiend en de droogkookbeveiliging schakelt in. Daarna lijkt de boiler kapot terwijl hij alleen gereset hoeft te worden. Vul het vat volledig en wacht op een gladde straal uit de warmwaterkraan.
De oude inlaatcombinatie hergebruiken
Het blokje ziet er van buiten prima uit, dus waarom vervangen. Van binnen zit het klemgekalkt, en juist het overdrukventiel is het onderdeel dat dan niet meer opent. De druk in het nieuwe vat loopt bij elke opwarmcyclus op en het toestel gaat jaren te vroeg stuk.
Het overdrukventiel afdoppen omdat het druppelt
Druppelen tijdens het opwarmen is normaal: water zet uit en dat volume moet ergens heen. Zet je het ventiel dicht, dan zoekt de druk de zwakste plek in het systeem. Dat wordt een koppeling, een slang of het vat zelf, en dan loopt er geen kopje water in de sifon maar een kastbodem vol.
De afblaasleiding vast in de afvoer duwen
Het lijkt netter dan een slangetje dat boven een trechtertje hangt, maar een vaste verbinding zonder luchtonderbreking kan bij een verstopping vuil water terugduwen richting de boiler. Je ziet met een dichte verbinding ook niet meer dat het ventiel constant lekt, en dat is nou juist het signaal dat er iets mis is.
Koud en warm verwisselen
Blauw op rood aangesloten laat het koude water bovenin binnenkomen, precies waar het warme water wordt afgetapt. Het toestel werkt dan wel, maar je tapt lauw water en de inhoud lijkt gehalveerd. Veel mensen kopen daarna een grotere boiler terwijl er alleen twee slangen omgewisseld hoeven te worden.
De boiler op een stekkerdoos onder het aanrecht
Een element van 2200 watt trekt bijna tien ampère, en dat urenlang per dag. Goedkope stekkerdozen en verlengsnoeren worden daar warm van, zeker in een gesloten kast met wat vocht erbij. De stekker hoort rechtstreeks in een geaarde wandcontactdoos die je zonder de boiler los te nemen kunt bereiken.
Een drukloze boiler op een gewone mengkraan
Een drukloos vat is niet gebouwd om waterleidingdruk te houden. Zet je er een gewone kraan achter, dan staat het vat permanent onder druk en gaat het lekken. Andersom werkt ook niet: een drukvaste boiler op een lagedrukkraan geeft nooit een goede straal. Kijk op het typeplaatje welk type je hebt.
Slangen te kort nemen
Twee slangen van dertig centimeter passen precies, en dat is nou net het probleem. Bij het minste onderhoud moet je alles aftappen om het toestel een stukje naar voren te kunnen trekken. Neem ze een maat ruimer en buig ze in een royale boog, want een knik is ook de plek waar een flexibele slang scheurt.
Veelgestelde vragen
Hoe moet ik een close in boiler aansluiten onder het aanrecht?
Hang de beugel waterpas en draagkrachtig op, schroef een nieuwe inlaatcombinatie op de blauwe koudwateraansluiting en leid de afblaasleiding naar een open afvoer. Sluit daarna de warme uitlaat aan op de kraan, vul het vat helemaal tot er een gladde straal komt en steek pas dan de stekker erin. Houd de slangen ruim, zodat je het toestel later naar voren kunt trekken zonder af te tappen.
Is er één schema voor het aansluiten van een boiler?
In de kern wel. Vanaf de afsluiter gaat de koude leiding naar de inlaatcombinatie en van daar het vat in, en uit het vat loopt de warme leiding rechtstreeks naar het tappunt. Tussen het vat en het overdrukventiel mag niets zitten dat kan sluiten, en op de warme leiding hoort geen keerklep. Alleen bij een drukloos toestel wijkt dat schema af, want daar staat de kraan vóór de boiler.
Moet ik een veiligheidsgroep bij de boiler aansluiten?
Bij een drukvaste boiler wel. Wat in Nederland inlaatcombinatie heet, is dezelfde veiligheidsgroep die je in België tegenkomt: een messing blokje met afsluiter, keerklep, aftappunt en overdrukventiel. Het schroeft direct op de koude inlaat van het vat, zonder tussenstukken die kunnen sluiten. Bij een drukloze boiler zit die beveiliging juist in de bijbehorende lagedrukkraan en hoort er geen keerklep in de leiding.
Hoe moet ik het overdrukventiel van de boiler aansluiten op de afvoer?
Met een kunststof slangetje van het ventiel naar een trechtertje of een afvoerstuk met luchtspleet, zodat er een zichtbare onderbreking tussen zit. Duw het slangetje nooit vast in de sifon. Die luchtonderbreking voorkomt dat vuil water bij een verstopping terug de leiding in kan, en je ziet zo bovendien meteen of het ventiel alleen bij het opwarmen druppelt of doorlekt. Meer daarover staat bij het overdrukventiel van de boiler.
Kan ik een keukenboiler aansluiten op warm water in plaats van koud?
Een boiler zelf sluit je altijd aan op de koude leiding, want de inlaatcombinatie hoort daar en het vat maakt het warme water. Wat mensen meestal bedoelen, is de vraag of ze een apparaat op het warme water van de boiler kunnen zetten. Dat kan alleen bij een apparaat dat daar geschikt voor is, en met een korte leiding ertussen. Anders pompt de machine vooral het afgekoelde water uit de leiding naar binnen.
Heeft het zin om een hotfill vaatwasser op warm water aan te sluiten?
Alleen als het warme water goedkoop wordt gemaakt en de leiding kort is. Bij een elektrische keukenboiler gebruiken de boiler en de machine allebei stroom voor hetzelfde water, dus veel win je niet. Komt het warme water van een cv-ketel, een warmtepomp of zonnecollectoren, dan levert het wel iets op. Kijk in de handleiding welke maximale temperatuur is toegestaan, meestal zestig graden.
Wanneer sluit ik een hotfill apparaat toch op koud water aan?
Als de handleiding niets over hotfill zegt, als de warmwaterleiding langer is dan een paar meter, of als het warme water met dezelfde stroom wordt gemaakt als waarmee de machine zelf verwarmt. Een hotfill apparaat op koud water aansluiten mag altijd en kan geen kwaad. Het programma duurt wat langer, verder verandert er niets aan het resultaat.
Waarom druppelt mijn boiler na het aansluiten uit het overdrukventiel?
Dat is meestal expansiewater en dus normaal. Water zet uit bij verwarming: tien liter dat van tien naar vijfenzestig graden gaat, wordt ruim een tiende liter groter en dat volume moet ergens heen. Druppelt het alleen tijdens en vlak na het opwarmen, dan werkt alles zoals bedoeld. Lekt het continu, ook als het toestel koud is, dan zit er vuil onder de klepzitting of is de leidingdruk te hoog.
Mag de boiler op een verlengsnoer of stekkerdoos?
Doe dat niet. Een close-in boiler van 2200 watt trekt bijna tien ampère en staat regelmatig een kwartier achter elkaar aan. Een goedkope stekkerdoos in een vochtige spoelkast wordt daar warm van. Steek de stekker rechtstreeks in een geaarde wandcontactdoos en plaats die naast de boiler in plaats van erachter, zodat je hem kunt bereiken zonder het toestel los te nemen.
Hoe lang duurt het opwarmen nadat ik de boiler heb aangesloten?
Een boiler van tien liter met een element van 2200 watt doet er vanaf koud ongeveer vijftien tot twintig minuten over om op vijfenzestig graden te komen. Vijf liter is in een minuut of tien klaar, vijftien liter heeft een halfuur nodig. Duurt het merkbaar langer dan toen het toestel nieuw was, dan zit er meestal kalk op het element.
Wat is het verschil tussen een drukloze en een drukvaste keukenboiler?
Een drukvast toestel staat permanent onder waterleidingdruk en werkt met elke gewone mengkraan, met een inlaatcombinatie op de koude kant. Een drukloos toestel houdt die druk niet en hoort achter een speciale lagedrukkraan met drie aansluitingen, waarbij het expansiewater via de uitloop wegloopt. Op het typeplaatje staat welk type je hebt. De twee door elkaar halen leidt tot een lekkend vat of tot een straal die nergens op lijkt.
Kan ik de oude slangen hergebruiken bij een nieuwe keukenboiler?
Bij een gewone keukenboiler kan het als de slangen soepel zijn, geen knikken hebben en de rubbers nog veerkrachtig aanvoelen. Bij een kokendwatersysteem doe je het niet: daar slibben de smalle doorgangen dicht met kalk en die leidingen worden bij een losse boiler niet meegeleverd. Bestel ze meteen mee, anders staat er een nieuw toestel achter een dichtgeslibde slang.
Hoe krijg ik de boiler weer leeg als hij eruit moet?
Sluit de afsluiter op de inlaatcombinatie, trek de stekker eruit en zet de warmwaterkraan open zodat er lucht bij kan. Open daarna het aftappunt of draai de onderste wartel los boven een emmer. Zonder die open kraan loopt er niets weg. Reken op meer water dan de inhoud van het vat, want de leidingen lopen mee leeg.
Het lampje van mijn boiler gaat niet branden, wat nu?
Controleer eerst of het stopcontact spanning heeft door de stekker rechtstreeks in een ander stopcontact te steken zonder verdeeldoos ertussen. Werkt hij dan nog niet en is het vat vol, dan is de droogkookbeveiliging waarschijnlijk aangesproken. Bij veel modellen zit daar een klein resetknopje op, onder de kap. Trek altijd eerst de stekker eruit voordat je die kap opent, want de klemmen eronder staan op netspanning.
Wanneer je beter een vakman belt
Het aansluiten van een keukenboiler is werk dat je met wat geduld zelf doet. Er zijn wel grenzen waar je beter stopt.
De eerste ligt in de meterkast. Heeft de boiler een eigen groep nodig of moet er een aardlekautomaat bij, dan is dat werk achter de hoofdzekering en dat laat je aan een elektricien over. Een stopcontact bijzetten op een bestaande groep kun je zelf doen, maar in de verdeelinrichting zelf werken hoort daar niet bij.
De tweede grens is een indirect gestookte boiler bij een cv-ketel. Daar zitten de aansluiting van het verwarmingswater, de regeling en soms gas aan vast. Alles wat met gas te maken heeft, laat je zonder uitzondering door een erkende installateur doen.
De derde is een groot voorraadvat van tachtig liter of meer. Gevuld weegt zo'n toestel ver boven de honderd kilo, en de ophanging aan de muur is dan geen kwestie van een plug uitzoeken maar van weten wat de wand draagt. Twijfel je over het metselwerk, laat het dan beoordelen.
Loopt er water uit de mantel van een bestaande boiler in plaats van uit een koppeling, dan is het vat zelf lek. Dat is niet te repareren, ook niet met een pakkingset. Vervangen is de enige route, en dat is een prima moment om meteen de inlaatcombinatie te vernieuwen.