Badkamer verbouwen: van vloeropbouw tot afzuiging
Een badkamer verbouwen loopt bijna nooit stuk op het tegelwerk, maar op de laag eronder: een balklaag die te veel doorbuigt, plaatmateriaal dat vocht opzuigt en een afzuiging die te weinig lucht verplaatst. Zet daarom eerst de constructie, de waterdichte laag en de ventilatie vast en kies daarna pas de afwerking. Op een houten verdiepingsvloer bepaalt het gewicht wat er mogelijk is, en in een inpandige badkamer bepaalt de ventilatie hoe lang alles heel blijft.
Alle gidsen over badkamer verbouwen
Badkamer stucen
Stucen in een badkamer werkt goed zolang je de ruimte in zones verdeelt: in de douchehoek en rond het bad…
Badkamer waterdicht maken
Een badkamer wordt niet waterdicht van tegels en voegen, maar van een afdichtingslaag die je eronder aanbrengt. In de praktijk…
Badkamer deur
Een badkamerdeur moet drie dingen tegelijk doen: damp verdragen, genoeg lucht doorlaten voor de afzuiging en in een krappe ruimte…
Schimmel plafond badkamer
Schimmel op een badkamerplafond is bijna nooit een schoonmaakprobleem. Het plafond is het koudste vlak in de ruimte, daar slaat…
Kalk verwijderen badkamer
Kalkaanslag in de badkamer is neergeslagen kalk uit leidingwater en die los je alleen op met zuur: schoonmaakazijn, citroenzuur of…
Wat voor badkamerklus je precies hebt
Een badkamer verbouwen kan van alles betekenen: alleen de vloer opknappen, of alles eruit en vanaf de kale constructie opnieuw beginnen. Wat je moet doen hangt minder van je smaak af dan van twee dingen: waar de badkamer op staat, en of het sanitair op zijn plek blijft. Blijft de douche in dezelfde hoek, dan laat je de leidingen ongemoeid en ben je vooral met afwerking bezig.
De losse onderdelen van zo'n project staan bij elkaar op onze verzamelpagina over de badkamer, van sanitair tot tegelwerk. Deze pagina gaat over de bouwkundige laag daaronder: de vloeropbouw, de wanden, het plaatmateriaal, de ventilatie en de elektra. Dat is precies het deel dat je later niet meer kunt bijstellen zonder opnieuw te slopen.
Hoe lang een badkamer verbouwen duurt wordt bijna volledig bepaald door droogtijden en niet door werkuren. Een ploeg is met een gewone badkamer van zes vierkante meter ongeveer twee weken bezig, maar een verse cementdekvloer wil daarna nog weken drogen voordat er pvc of een gietvloer op mag.
Zelf badkamer verbouwen betekent in de praktijk vier tot acht weken, omdat je in avonden en weekenden werkt en tussen de stappen door steeds staat te wachten. Dat is ook wat de ervaringen laten zien van mensen die het zelf deden: het slopen kost een weekend, het wachten kost de rest.
Het gereedschap om een badkamer te slopen is beperkt: een breekhamer met een brede beitel voor het tegelwerk, een haakse slijper met diamantschijf om sleuven te maken, een multitool voor kitranden en een stofzuiger die tegen bouwstof kan. Huur de breekhamer per dag in plaats van hem te kopen, en huur er meteen puinzakken of een minicontainer bij.
Hoelang gaat een badkamer mee? Bouwkundig haalt een goed uitgevoerde badkamer vijfentwintig jaar, mits de ventilatie klopt en de waterdichte laag echt doorloopt.
Wat eerder sneuvelt zijn de kitranden na vijf tot acht jaar, het meubelblad en de thermostaatkraan. Meestal is smaak eerder de reden om te beginnen dan slijtage.
Verplaats je de badkamer, dan verandert de klus van karakter. Een badkamer naar de eerste etage brengen is in de eerste plaats een constructievraag en pas daarna een inrichtingsvraag, want een vol ligbad met iemand erin weegt al gauw driehonderd kilo. In een appartement komt daar de vereniging van eigenaren bij, plus de eis dat je contactgeluid niet zomaar de buren in stuurt.
| Soort klus | Waar het meestal op vastloopt | Reken op |
|---|---|---|
| Vloer en wanden opknappen zonder te slopen | Restvocht en scheuren in de bestaande ondergrond | 3 tot 7 dagen |
| Compleet vernieuwen op een betonvloer | Hoogte van de doucheput en het afschot | 2 tot 3 weken |
| Compleet vernieuwen op een houten verdiepingsvloer | Gewicht en doorbuiging van de balklaag | 3 tot 5 weken |
| Badkamer verplaatsen naar een andere ruimte | Afvoer met genoeg afschot naar de standleiding | 4 tot 8 weken |
| Badkamer vergroten door een wand te verzetten | Of de wand dragend is en waar de leidingen lopen | 4 tot 6 weken |
| Badkamer in de kelder | Vocht van buitenaf en een afvoer die omhoog moet | 4 tot 8 weken |
| Badkamer in een appartement | Toestemming van de vereniging en contactgeluid | 3 tot 6 weken |
| Inpandige badkamer zonder raam | Ventilatie, want alles moet via een kanaal | 2 tot 4 weken |
Indeling en maten die in een kleine badkamer werken
De meeste Nederlandse badkamers liggen tussen de twee en de acht vierkante meter, en de klassieker is de badkamer van 2x3 meter. Bij die indeling gaat het erom dat je de douche in een hoek zet waar geen deur of raam in de weg zit, en dat je de wastafel niet tegenover de douchedeur plaatst. Een indeling voor een badkamer van 2x3 die bijna altijd werkt is: douche in de korte zijde, toilet in de hoek ernaast en de wastafel langs de lange wand.
Bij een badkamer van 1 bij 2 meter of 2 bij 1 meter ligt dat anders, want dan past er maar één ding tegelijk. Kies daar voor een douchehoek van negentig bij negentig centimeter met een draaideur naar binnen, en hang een smalle wastafel van vijfendertig centimeter diep boven het toilet of ernaast. De ruimte lijkt meteen groter als je de vloertegel doorlegt in de douche en de goot in de wand laat verdwijnen.
Bij een badkamer met een schuine wand of een dakkapel meet je de vrije hoogte op de plek waar je staat te douchen, niet in het midden van de ruimte. Onder een schuine wand is een ligbad of een wasmachine slim, want daar hoef je niet rechtop te staan. Op welke hoogte de wastafel dan komt lees je bij de juiste hoogte van een wastafel, want dat verschilt behoorlijk tussen een opzetkom en een keramische wastafel.
Ga je voor een invalide badkamer, dan zijn de afmetingen niet vrijblijvend. Je hebt een vrije draaicirkel van honderdvijftig centimeter nodig, een vrije doorgang van vijfentachtig centimeter in de deur en negentig centimeter vrije ruimte naast het toilet. Reken op minimaal 2,2 bij 2,2 meter voordat dat allemaal past, en houd de vloer drempelloos.
| Onderdeel | Maat waar je mee rekent | Waarom die maat |
|---|---|---|
| Vrije loopruimte voor de wastafel | 70 cm minimaal, 90 cm prettig | Je moet kunnen bukken zonder de deur te raken |
| Douchevloer | 90x90 cm minimaal, 90x120 cm comfortabel | Onder de 90 cm sta je tegen de wand te schrobben |
| Hart toilet tot de zijmuur | 40 cm | Minder geeft geen ruimte voor je knieën en de rolhouder |
| Vrije ruimte voor het toilet | 60 cm | Anders kun je niet recht opstaan |
| Bovenkant wastafel | 85 tot 90 cm | Bij een opzetkom reken je vanaf het meubelblad op 80 cm |
| Douchekraan | 110 cm boven de vloer | Hoog genoeg om de slang niet te laten hangen |
| Douchestang bovenkant | 200 tot 210 cm | Boven de doucheglijstang moet ruimte voor de bocht |
| Standaard ligbad | 170x75 cm, ruimer 180x80 cm | Onder 170 cm zit je met opgetrokken knieën |
| Rolstoeltoegankelijke badkamer | Draaicirkel 150 cm, deurdoorgang 85 cm | Zonder die draaicirkel kom je niet bij de wastafel |
Een badkamer op een houten vloer of houten balken
Een badkamer op een houten vloer maken is goed mogelijk, maar dan reken je eerst en kies je daarna. Twee dingen tellen: hoeveel gewicht de balklaag erbij kan hebben, en hoeveel die balklaag doorbuigt. Dat tweede is bij tegelwerk het venijnigste, want tegels en voegen zijn hard en gaan scheuren zodra de vloer onder je voeten meeveert.
De vuistregel voor tegelwerk is een doorbuiging van maximaal de overspanning gedeeld door vijfhonderd, en bij natuursteen ga je richting zeshonderd. Een balklaag met balken van 60 bij 160 mm die op negenhonderd millimeter hart op hart liggen en 3,5 meter overspannen, komt bij normale woonbelasting al ruim over de vijftien millimeter uit, terwijl je onder de zeven millimeter wilt blijven. Zulke balken dragen de vloer al honderd jaar prima, maar ze zijn niet stijf genoeg voor een betonvloer met tegels erop.
Kom je te kort, dan heb je drie richtingen. Je verzwaart de balklaag met extra balken of door balken te verdubbelen, je kiest een lichte droogbouwvloer in plaats van beton, of je verandert het plan: een douchebak in plaats van een tegelvloer met goot scheelt zomaar honderd kilo per vierkante meter. Alle drie zijn goede oplossingen, maar de eerste vraagt een berekening van een constructeur en de andere twee niet.
Zwaluwstaartplaten zoals de bekende Lewisplaat zijn de standaardoplossing in Nederland, en niet zonder reden. Het stalen profiel van zestien millimeter overbrugt de ruimte tussen de balken en werkt samen met de mortellaag erop, waardoor je een stijve schijf krijgt van in totaal ruim drie tot vijf centimeter.
De prijs die je daarvoor betaalt is gewicht: reken op zeventig tot honderd kilo per vierkante meter, en bij sommige merken mag er meteen zandcement op in plaats van eerst beton. Vraag bij je leverancier het detailblad op met de dikte van de lewisplaat en de minimale mortellaag voor jouw overspanning, want dat detail bepaalt of je hele vloeropbouw past.
Wil je licht blijven, dan kom je uit bij droogbouw: gipsvezel vloerelementen zoals Fermacell of een dubbele laag watervast verlijmd multiplex of underlayment op de bestaande vloerdelen. Fermacell op een houten vloer in de badkamer werkt goed, en van hetzelfde materiaal bestaat een plaat voor de wand, zodat je vloer en wand in dezelfde opbouw kunt houden.
Dat is een prima badkamervloer op houten balken, mits je hem waterdicht afwerkt en er geen tegels op legt die het niet trekken. Hoe je die laag opbouwt staat bij de badkamer waterdicht maken, want bij droogbouw doet de afdichting het werk dat bij beton de massa doet.
| Vloeropbouw op een balklaag | Opbouwhoogte | Gewicht per m2 | Waar hij voor deugt |
|---|---|---|---|
| Zwaluwstaartplaat met beton of zandcement | 36 tot 55 mm | 70 tot 110 kg | Tegels, natuursteen en een goot, mits de balklaag het draagt |
| Gipsvezel vloerelement zoals Fermacell op de bestaande vloer | 20 tot 25 mm | 25 tot 30 kg | Pvc, vinyl en kleine keramische tegels |
| Underlayment 18 mm plus tegelisolatieplaat 6 mm | 24 mm | 15 tot 20 kg | Lichte opbouw met een volledig afgedichte vloer |
| Watervast verlijmd multiplex 18 mm dubbel geschroefd | 36 mm | 22 tot 26 kg | Basis onder vinyl van de rol met gelaste naden |
| Vezelgebonden egaline op een verstevigde houten vloer | 10 tot 15 mm | 15 tot 25 kg | Vlakke ondergrond onder pvc, niet onder een inloopdouche |
| Cementdekvloer op folie op een houten vloer | 50 mm en meer | 100 tot 120 kg | Alleen bij een zware balklaag of een betonnen verdiepingsvloer |
Dekvloer, afschot en de hoogte van je badkamervloer
Op beton is de dekvloer in de badkamer meestal de plek waar het afschot in zit. Een zandcement dekvloer die gehecht op de ondervloer ligt kan vanaf vijfentwintig millimeter, los op folie wil je minimaal vijftig millimeter, en zwevend op isolatie of over vloerverwarmingsbuizen kom je op zestig tot zeventig millimeter uit. Een gietdekvloer op basis van anhydriet mag dunner, maar die hoort niet onder een doucheruimte zonder complete afdichting erboven, want gips en staand water gaan slecht samen.
De hoogte loopt sneller op dan mensen denken. In een badkamer op de eerste verdieping werd de stapel ooit zo: zwaluwstaartplaat met beton 3,6 centimeter, daarop een cementdekvloer onder afschot van 3 centimeter, daarop een elektrische vloerverwarmingsmat met tegels van 2,5 centimeter. Dat is samen 9,1 centimeter hoogteverschil met de slaapkamer ernaast, en dat is precies het moment waarop je gaat nadenken over een douchebak in plaats van een goot.
Voor het afschot reken je met één centimeter per meter naar de afvoer toe. Bij een doucheput loopt de vloer van vier kanten naar het midden, bij een goot alleen in één richting, en dat scheelt veel in de tegelmaat die je kunt gebruiken. Een gewone doucheput vraagt ongeveer negen centimeter inbouwhoogte en een goot acht tot twaalf, dus die maat bepaalt je hele vloeropbouw.
Wil je de badkamervloer verhogen of ophogen, kies dan iets lichts. Cellenbetonblokken van Ytong of een ander merk, zeven of tien centimeter dik, zijn geschikt als ophoging onder een droge vloer, maar niet als draagvloer onder een inloopdouche. Voor grotere hoogtes werkt een lichte ophoogkorrel met een dekvloer erop beter, en bij vloerverwarming laat je de vloerverwarming in de badkamer minstens dertig millimeter dekking houden zodat je de buizen niet voelt liggen.
Egaliseren doe je pas als de ondergrond droog en stofvrij is. Op beton werkt gewone egaline prima, op hout heb je vezelversterkte egaline nodig met een primer die op hout hecht. En een waterdichte egaline bestaat niet: egaline maakt vlak, de afdichtingspasta maakt waterdicht.
Een smeervloer, dus een smeerbare dekvloer die je met een spaan in dikkere lagen aanbrengt, zit qua toepassing tussen egaline en dekvloer in. Hij is handig als je een badkamervloer wilt renoveren zonder alles eruit te slopen, bijvoorbeeld over een oude tegelvloer die nog vastzit. Een verhoogde vloer bouw je er niet mee op, want boven de twintig millimeter wordt hij duur en gevoelig voor scheuren.
| Dekvloer of laag | Minimale dikte | Drogen voordat je verder mag |
|---|---|---|
| Zandcement gehecht op beton | 25 mm | 1 week per cm, daarna langzamer |
| Zandcement los op folie | 50 mm | 6 tot 8 weken bij deze dikte |
| Zandcement zwevend of over vloerverwarming | 60 tot 70 mm | 8 weken en pas stoken na 21 dagen |
| Anhydriet gietdekvloer | 35 mm zwevend, 25 mm gehecht | 3 tot 5 weken, daarna schuren |
| Egaline op beton | 3 tot 10 mm | 1 tot 3 dagen |
| Vezelversterkte egaline op hout | 8 tot 15 mm | 2 tot 3 dagen |
| Tegellijmbed onder de tegels | 5 tot 8 mm | 24 uur voor het voegen |
Welke vloerafwerking kan wel en niet in een badkamer
Tegels blijven in de douchezone de veiligste keuze, want de waterdichte laag zit eronder en tegels laten geen naad open die water doorlaat. Alles wat daarnaast in de folders staat kan prima, maar bijna altijd buiten het gedeelte waar je staat te douchen.
De grootste twijfel zit bij pvc, en de ervaringen met pvc vloeren in de badkamer lopen dan ook flink uiteen. Een klik pvc vloer in de badkamer, in folders ook wel click pvc genoemd, is af te raden, want de klikverbinding is niet waterdicht en het water dat er via een plas of een naad onder komt, droogt er nooit meer uit.
Wat je daaronder krijgt is geen schade die je ziet maar een geur die je ruikt, en dan moet de hele vloer eruit. Dryback pvc dat je volvlak op de dekvloer lijmt is een stap beter, maar ook daar zijn de naden niet dicht.
Wil je echt een kunststof vloer in de badkamer, neem dan pvc of zeil van de rol en laat de naden en hoeken met hete lucht lassen. Dat is de enige uitvoering die je een echte kuip oplevert. Een fraaie oplossing die we tegenkwamen: het vinyl langs de wanden acht centimeter omhoog zetten over een holle plint met een radius van tien centimeter, de hoeken lassen en de tegels ruim over het opstaande vinyl heen laten vallen.
Een gietvloer in de badkamer vraagt vooral een perfecte ondergrond. De dekvloer moet scheurvrij, droog en stijf zijn, want elke scheur eronder komt binnen een jaar door de gietvloer heen.
Dat geldt ook voor de kant-en-klare sets die je bij Gamma of Praxis meeneemt: het product is niet het probleem, de vloer eronder wel. Een grindvloer is poreus tenzij je de dichte variant neemt met een volledig gesloten toplaag, dus in een douchehoek werkt alleen de dichte uitvoering met een waterdichte laag eronder.
Heb je al een granito of granieten badkamervloer liggen, dan is opknappen vaak beter dan slopen. Granito laat zich schuren en polijsten in een korrelopbouw van zestig tot vierhonderd, waarna je hem impregneert. Witte vlekken op natuursteen zijn meestal kalkaanslag of uitbloei, en die pak je aan met een pH-neutrale natuursteenreiniger, want een zure ontkalker vreet marmer en kalksteen dof.
| Vloerafwerking | In de douchezone | Waar je op let |
|---|---|---|
| Keramische tegel | Ja | Afdichting eronder, voeg is niet waterdicht |
| Natuursteen zoals leisteen of graniet | Ja, met beleid | Impregneren, geen zure reiniger, zwaarder dan keramiek |
| Klik pvc | Nee | Water onder de klikverbinding droogt niet meer op |
| Dryback pvc, volvlak gelijmd | Liever niet | Alleen buiten het natte deel, naden blijven open |
| Pvc of zeil van de rol met gelaste naden | Ja | Naden en hoeken warm lassen, plint mee omhoog zetten |
| Gietvloer op epoxy of pu | Ja | Scheurvrije en droge dekvloer, anders scheurt hij mee |
| Grindvloer of steentapijt | Alleen de dichte variant | De open variant laat water door naar de dekvloer |
| Granito of terrazzo | Ja | Schuren en polijsten in plaats van vervangen, daarna impregneren |
| Watervast laminaat | Nee | Alleen droog deel, rondom afkitten onder hoge plinten |
Wanden, voorzetwanden en een muurtje met een nis
Een voorzetwand in de badkamer gebruik je om leidingen weg te werken, om een buitenmuur te isoleren of om een rechte ondergrond voor tegels te krijgen. De keuze gaat bijna altijd tussen metal stud, een houten regelwerk en cellenbeton, en die keuze hangt af van het gewicht dat de vloer aankan en van wat er straks aan de wand komt te hangen.
Metal stud wordt stijf door de beplating, niet door de profielen. Zet de stijlen voor tegelwerk op driehonderd millimeter hart op hart in plaats van de gebruikelijke zeshonderd, dan volstaat een enkele beplating van 12,5 millimeter. De profielen boven en onder zet je bewust niet vast aan de stijlen zelf, omdat de vloer erboven mag doorbuigen, maar de beplating mag je wel aan de vloer en het plafond schroeven zolang die niet over de stijlen heen valt.
Duwt een metal stud voorzetwand nog te veel naar achteren, dan helpt een laag watervast multiplex van twaalf of achttien millimeter onder de plaat. Dat lost twee dingen tegelijk op: de wand wordt in de diepterichting stijver en je kunt er later overal in schroeven zonder eerst te zoeken naar een profiel. Bij een voorzetwand van hout gebruik je stijlen van 44 bij 70 mm, ook op driehonderd millimeter hart op hart.
Voor een vrijstaand muurtje in de badkamer, bijvoorbeeld als scheidingswand tussen douche en toilet, is cellenbeton bijna altijd de betere keuze. Wat wij in de praktijk zien met houten wandjes die niet tot het plafond doorlopen is steeds hetzelfde: het wandje is net niet stijf genoeg, de voegen krijgen haarscheuren, er trekt vocht in en na een paar jaar komen de tegels los en is het hout rot. Cellenbetonblokken van zeventig millimeter, gelijmd met cellenbetonlijm, geven een muurtje waar je zonder zorgen tegenaan kunt lopen.
Nisjes in de badkamer maak je met cellenbeton het makkelijkst. Lijm onderin twee blokken van zeventig millimeter tegen elkaar tot een muurtje van veertien centimeter, en ga vanaf de hoogte van de nis met één blok verder omhoog. Meet alles uit op tegelmaat zodat je met hele tegels uitkomt, en geef de bodem van de nis twee tot vijf millimeter afschot naar voren zodat er geen water in blijft staan.
Datzelfde geldt als je een badkamerwand wilt maken die alleen als afscheiding dient, bijvoorbeeld tussen het toilet en de douche. Een halfhoge stenen muur van cellenbeton of kalkzandsteen staat stil, draagt een blad en laat zich betegelen. Wil je in die wand een inbouwkast maken, houd dan minstens twaalf centimeter diepte aan en zet er een deurtje in dat je met magneten sluit, want een greep in een smalle badkamer zit altijd in de weg.
| Wandtype | Dikte inclusief afwerking | Geschikt voor tegels | Wanneer je hem kiest |
|---|---|---|---|
| Metal stud 75 mm met enkele beplating | ongeveer 100 mm | Ja, stijlen op 300 mm | Voorzetwand met isolatie en leidingen |
| Metal stud met multiplex onderlaag | ongeveer 115 mm | Ja, ook grote tegels | Als er een zwaar meubel of een hangtoilet aan komt |
| Houten regelwerk 44x70 mm | ongeveer 95 mm | Ja, mits volledig afgedicht | Als je makkelijk wilt bevestigen en licht wilt blijven |
| Cellenbeton 70 mm | ongeveer 85 mm | Ja | Vrijstaand muurtje, scheidingswand, muurtje met nis |
| Cellenbeton 100 mm | ongeveer 115 mm | Ja | Dragend voor een wastafelblad of een zwaar muurtje |
| Gipsblokken 70 mm | ongeveer 85 mm | Alleen de vochtwerende uitvoering | Droge zone, tussenwand buiten de douche |
| Kalkzandsteen lijmblok 100 mm | ongeveer 115 mm | Ja | Als er echt zwaar aan moet hangen |
Plaatmateriaal: welke plaat kan waar tegen
Rond gipsplaat in de badkamer bestaat het hardnekkigste misverstand van de hele klus. Een groene gipsplaat is vochtwerend en geen watervaste plaat: het karton neemt minder water op, maar de gipskern erin gaat alsnog rotten zodra er echt water bij komt. Eén schroef die net door de kartonlaag heen zit, is genoeg om dat proces te starten.
Kijk daarom niet naar de kleur maar naar de typeaanduiding, bij een plafondplaat van Gyproc net zo goed als bij een plaat van Knauf of een huismerk uit de bouwmarkt. Vochtwerende platen dragen de aanduiding H2 volgens de plaatnorm, en de kleur van het karton verschilt per fabrikant: bij de één is dat groen, bij de ander blauw. De hardere, dichtere platen die je vaak blauw ziet zijn stootvaster en nauwelijks duurder, en dat merk je zodra er tegels op moeten.
Voor het echte natte deel, dus de douchehoek en de wand achter een ligbad, zijn gipsplaten sowieso niet de juiste keuze. Daar hoort een cementgebonden bouwplaat of een tegelisolatieplaat met een kern van hardschuim en een cementcoating. Die platen nemen zelf geen vocht op, ze zijn licht en je lijmt er direct tegels op.
Wordt de wand of het plafond gestuukt, dan hoort er een stucplaat op en geen gewone gipsplaat. Het karton van een stucplaat is gemaakt om vocht op te nemen en weer af te geven, en het gips erin is een ander type dat niet gaat rotten. Precies daar gaat het bij nieuwbouwbadkamers regelmatig mis, want een aannemer die standaard plaat in het plafond schroeft en er stuc op laat zetten, levert een plafond af dat langs de naden gaat scheuren.
Houtachtig plaatmateriaal hoort in een badkamer alleen achter de afwerking en nooit in het zicht. Watervast verlijmd multiplex met een merkaanduiding voor buitengebruik kan als versteviging in een wand, maar mdf, osb en spaanplaat zwellen op zodra ze vochtig worden en komen daarna nooit meer terug in vorm.
Een watervaste plank of een houten legplank in de douche is dus altijd behandeld hout of kunststof, geen kaal plaatmateriaal. Vraag je in de bouwmarkt om een watervaste vloerplaat voor de badkamer, dan krijg je meestal een cementgebonden plaat of een droogbouwelement en niet een houten plaat, en dat is maar goed ook.
| Plaat | Waar hij wel kan | Waar hij niet kan |
|---|---|---|
| Gewone gipsplaat type A | Nergens in een badkamer | Ook niet in het plafond, ook niet als er stuc op komt |
| Vochtwerende gipsplaat type H2, groen of blauw | Wanden en plafond buiten de douchehoek | Niet in de douche en niet achter een bad |
| Stucplaat voor pleisterwerk | Plafond en wanden die gestuukt worden | Niet in het natte deel zonder afdichting |
| Gipsvezelplaat zoals Fermacell | Wanden en vloeren, ook als drager voor tegels | Niet als eindafwerking in de douche |
| Cementgebonden bouwplaat | Douchehoek, achter het bad, natte zones | Zwaarder en lastiger te zagen dan gips |
| Tegelisolatieplaat met hardschuimkern | Douchehoek, nissen, muurtjes, ook op hout | Niet als je er zwaar aan wilt ophangen zonder houder |
| Watervast verlijmd multiplex | Als verstevigingslaag achter de plaat | Nooit in het zicht en nooit onafgedicht |
| Osb, spaanplaat en mdf | Alleen buiten de badkamer | Zwellen op en komen nooit meer in vorm terug |
Het plafond van de badkamer en wat er boven zit
Het plafond is in een badkamer de koudste plek en tegelijk de plek waar de warmste, natste lucht heen gaat. Daar komt bij dat er vaak inbouwspots in zitten die niet dampdicht zijn, waardoor waterdamp gewoon door de gaten naar de ruimte erboven trekt. Dat is de reden dat een badkamerplafond veel vaker problemen geeft dan de wanden.
Voor een gestuukt of gespoten plafond gebruik je stucplaten, geschroefd op een metalen regelwerk of op de houten balken, met wapeningsband in alle naden. Wil je verven, dan kan een vochtwerende gipsplaat, met de naden gevuld en geschuurd. Gipsplaten in het plafond van de badkamer schilderen doe je met een muurverf voor vochtige ruimtes of met spuitwerk, en niet met gewone binnenmuurverf.
Een ventilatierooster in het plafond van de badkamer werkt beter dan een ventilator in de wand, mits er een kanaal achter zit dat het aankan. Wil je een sterrenhemel in het plafond van de badkamer, dan hoort de glasvezelgenerator of de driver van de leds buiten de badkamer te hangen, en dan is een spanplafond de nettere drager dan gipsplaat.
Een verlaagd plafond maken in de badkamer is handig om leidingen en de ventilatiebuis kwijt te kunnen, maar het maakt wel een gesloten ruimte boven je hoofd. Zorg dat die ruimte niet in verbinding staat met een koude zolder, want dan condenseert het vocht daar tegen het dakbeschot. Datzelfde geldt voor een koof: leuk om een buis of een kabelgoot in weg te werken, maar zet er een inspectieluikje in zodat je er ooit weer bij kunt.
Hout aan het plafond kan, en het ziet er in een badkamer vaak goed uit, maar dan geventileerd. Schrootjes of lamellen schroef je op een regelwerk zodat er lucht achterlangs kan, en je behandelt alle vier de kanten van elk plankje voordat je het opschroeft. Mdf-schrootjes horen niet in een badkamer, want die trekken krom bij de eerste natte week.
Laat het plafond los, bladdert de verf af of komen er gele vlekken door? Dan is de oorzaak vrijwel altijd condens tegen een koud plafond of een lekkage van boven, en zelden de verf zelf. Wat je dan doet staat bij schimmel op het plafond van de badkamer, want zonder de oorzaak weg te nemen komt het binnen een half jaar terug.
Ventilatie en afzuiging in de badkamer
De ventilatie bepaalt of de rest van je badkamer heel blijft. Bij een douchebeurt komt er een tot twee liter water als damp in de ruimte, en dat moet er binnen een paar uur weer uit. Lukt dat niet, dan slaat het neer op de koudste vlakken: het plafond, de buitenmuur en de spiegel.
Het wettelijk minimum voor een badruimte is veertien liter per seconde, wat neerkomt op ruim vijftig kubieke meter per uur. In de praktijk is honderd kubieke meter per uur een stuk prettiger, zeker bij een inpandige badkamer zonder raam. Een buis van honderd millimeter is genoeg tot ongeveer vijfenzeventig kubieke meter per uur, daarboven ga je naar honderdvijfentwintig millimeter, anders krijg je vooral geluid in plaats van lucht.
Afzuigen lukt alleen als er ook lucht bij kan. Een rooster in de badkamerdeur of een spleet van anderhalf tot twee centimeter onder de deur geeft de honderdvijftig vierkante centimeter doorlaat die je bij vijftig kubieke meter per uur nodig hebt. Zonder die toevoer staat de ventilator vooral te brommen tegen een dichte ruimte.
Waar je de afzuiging plaatst maakt meer uit dan het vermogen. Het beste punt is in het plafond of hoog in de wand, zo dicht mogelijk boven of naast de douche, want daar stijgt de damp op. Een afzuigpunt aan de andere kant van een badkamer van bijna vier meter lang trekt de vochtige lucht eerst door de hele ruimte heen, en dat zie je terug aan het plafond.
Zit je aan een mechanische ventilatiebox of een wtw-unit, dan sluit je de badkamer daarop aan met een apart kanaal en een ventiel, en niet met een eigen ventilator in dezelfde buis. De box moet continu draaien op de laagste stand en tijdens het douchen op de hoogste, via een pulsdrukker of een draadloze badkamerbediening. Werkt zo'n draadloze bediening niet meer, dan is dat meestal de batterij in de zender of een verbroken koppeling met de box, en helpt opnieuw aanmelden.
Bij een schuin dak voer je af via een dakdoorvoerpan, en niet met een buis die eindigt onder de pannen of op zolder. Die eindigt namelijk precies daar waar de damp condenseert, met een nat gipsplaatplafond en druppels tegen het dakbeschot als gevolg. Loopt de buis over een koude zolder, isoleer hem dan en leg hem met afschot naar buiten, zodat condenswater wegloopt in plaats van terug de ventilator in.
Is er in de badkamer helemaal geen stroom, dan zijn er twee routes. Wat er zonder aansluiting mogelijk is staat bij afzuiging in de badkamer zonder stroom, en de opties voor de ventilator zelf staan bij een badkamerventilator zonder stroomaansluiting.
| Klacht | Wat er meestal aan de hand is | Wat je eraan doet |
|---|---|---|
| Afzuiging werkt niet goed, spiegel blijft lang beslagen | Te weinig toevoerlucht of een verstopte buis | Rooster of spleet in de deur maken, buis en ventiel schoonmaken |
| Afzuiging blijft aan of gaat niet uit | Nalooptijd of vochtsensor staat te hoog ingesteld | Nalooptijd terug naar 10 tot 15 minuten, vochtgrens rond 70 procent |
| Ventilator maakt herrie of geeft een raar geluid | Stof op de waaier of trilling tegen de buis | Waaier schoonmaken, rubber tussenring, buis niet strak inklemmen |
| Ventilator draait verkeerd om of blaast naar binnen | Verkeerd aangesloten of een terugslagklep die klemt | Aansluiting controleren en de klep vrijmaken |
| Condens in de afzuigbuis of druppels uit het ventiel | Onverwarmde buis over een koude zolder | Buis isoleren en met afschot naar buiten leggen |
| Mechanische ventilatie werkt niet, geen enkele stand | Motorcondensator of de bediening | Box en bediening laten nakijken, filters vervangen |
| Ventilator loopt maar de spiegel blijft nat | Buis te lang of te veel bochten | Maximaal 3 meter en 2 bochten, anders een krachtiger type of een box |
Elektra in de badkamer: zones, IP-waarden en aarding
De badkamer is de enige ruimte in huis waar de plek van een armatuur of stopcontact vastligt in regels. Die regels werken met zones rond het bad en de douche, en per zone geldt een minimale IP-waarde. Het eerste cijfer van die code gaat over vaste voorwerpen en stof, het tweede over water, en dat tweede cijfer telt hier.
De vraag die het vaakst langskomt is of IP20 verlichting in de badkamer mag. Buiten de zones, dus bijvoorbeeld een plafondlamp op 2,44 meter hoogte die niet boven de douche hangt, kom je in het gebied waar je vanwege condens minstens IP21 wilt hebben.
IP20 heeft geen enkele bescherming tegen vallend water, en dat is precies wat er van een badkamerplafond druppelt. Kies daar IP44 en je hebt het nooit meer over.
Een railsysteem waarvan de rail IP20 is en de spotjes IP44 is geen oplossing, want de zwakste schakel bepaalt. Voor slimme verlichting geldt hetzelfde: een Philips Hue armatuur met IP65 mag overal hangen, ook vlak bij de douche, terwijl de meeste Hue badkamerarmaturen IP44 zijn en de dimmer of schakelaar buiten de zones hoort. IP23 kom je tegen bij armaturen die tegen schuin vallend water kunnen, wat voor een plafond in een badkamer aan de magere kant is.
Stopcontacten horen buiten zone 2, dus op minstens zestig centimeter van de rand van bad of douche. Wat er verder geldt voor de aansluiting en de groep staat bij een stopcontact in de badkamer. Alle groepen in de badkamer horen achter een aardlekschakelaar van dertig milliampère, en dat is geen advies maar de basis.
Potentiaalvereffening in de badkamer betekent dat je metalen delen onderling verbindt, zodat er geen spanningsverschil tussen kan ontstaan. Je verbindt de metalen water- en cv-leidingen en een metalen bad met een geel-groene draad van vier vierkante millimeter naar de vereffeningsrail. In nieuwe installaties waar elke groep een aardlekschakelaar van dertig milliampère heeft en de hoofdvereffening in orde is, mag die aanvullende vereffening vervallen, maar in een oud huis met metalen leidingen is hem alsnog aanbrengen vaak de simpelste route.
Wil je een tv in de badkamer hangen, houd hem dan buiten de zones, kies een uitvoering die voor natte ruimtes gemaakt is en zet de voeding en het kastje in een droge ruimte. Leidingen wegwerken in de badkamer doe je met installatiebuis in de wand of achter een voorzetwand, en niet los ingestort in de dekvloer. Houd verticale leidingsleuven boven schakelaars en stopcontacten aan, dan weet degene die er over tien jaar boort waar hij niet moet zitten.
| Zone | Waar die zone zit | Minimale IP-waarde | Wat er wel en niet mag |
|---|---|---|---|
| Zone 0 | In het bad of in de douchebak zelf | IPX7 | Alleen 12 volt veiligheidsspanning, voeding buiten de zone |
| Zone 1 | Boven zone 0 tot 2,25 m hoogte | IPX4 | Geen stopcontact, alleen vaste toestellen voor deze zone |
| Zone 2 | 60 cm rondom zone 1 | IPX4 | Geen gewoon stopcontact, wel een scheertransformator |
| Buiten de zones, in de praktijk zone 3 | De rest van de badkamer | IP21, liever IP44 | Stopcontact mag, altijd achter een aardlekschakelaar |
| Plafond boven de douche | Direct boven zone 1 | IP44 of hoger | Dampdichte inbouwdoos, geen open spotgat |
| Verlaagd plafond met inbouwspots | Overal in de badkamer | IP44 | Spots niet dampdicht betekent damp in de constructie |
Wanden afwerken met stucwerk, verf of panelen
Stucwerk in de badkamer kan goed uitpakken, maar dan wel met een paar harde grenzen. Gebruik nooit een gipspleister in een badkamer, ook geen machinepleister van het type MP75, want gips trekt vocht aan en houdt het vast. In de douchehoek en rondom een ligbad gebruik je een cementgebonden stucmortel of je houdt het bij tegels, en de gladde delen hou je boven de spatzone.
De ervaringen met stucwerk in de badkamer die wij verzamelden wijzen steeds dezelfde kant op. Een gestucte badkamer die het jaren volhoudt ziet er in de praktijk vaak zo uit: tegels tot ongeveer 1,80 meter en daarboven glad stucwerk met een muurverf die ook voor buiten geschikt is.
Na het douchen zijn die muren wel degelijk vochtig van de condens, maar ze drogen netjes op omdat het vocht er niet in blijft zitten. De nadelen van een gestucte badkamer zitten bijna altijd in de natte hoek, in een buitenmuur die koud blijft en in een ventilatie die het niet bijhoudt.
Voor de verf geldt een simpele vuistregel die goed werkt: elke muurverf waarop staat dat hij ook buiten kan, is geschikt voor de badkamer. Dat zijn de acrylaat- en dispersieverven met een dichte film en een hoge bindmiddelkwaliteit. Als voorstrijk gebruik je diezelfde latex verdund met tien procent water, dan hecht de eerste laag zonder dat je een apart product nodig hebt.
Structuurverf en spuitwerk, in de wandelgang texen, kunnen prima in een badkamer zolang je met een watervaste variant afwerkt. Een 2-componenten verf of coating op epoxybasis is een stap zwaarder en wordt vooral gebruikt op plekken waar echt water tegenaan komt, maar hij is onvergeeflijk voor een vochtige ondergrond: gaat hij op te nat werk, dan laat hij binnen een jaar los.
Op kozijnen en de badkamerdeur werk je met een watergedragen lak in twee dunne lagen. Onze ervaring met coating in de badkamer is dat de voorbereiding het werk is: ontvetten, schuren en echt droog laten worden, want anders laat de laag binnen een jaar los.
Wandpanelen en behang zijn de snelle alternatieven. Pvc wandpanelen van vier tot acht millimeter met een klik- of messing-en-groefverbinding kun je zelfs over bestaand tegelwerk zetten, mits je alle naden en de aansluiting op de vloer afkit. Behang, ook pvc behang of vinylbehang, houdt het alleen buiten de natte zone en dan met een schimmelwerende lijm; de naden bij het plafond zijn de eerste plek waar het losgaat.
De ervaringen met pvc wandpanelen zijn een stuk beter dan die met behang in een badkamer, simpelweg omdat een paneel geen naad heeft die vocht opzuigt. Meer over de opbouw en de valkuilen van pleisterwerk lees je bij het stucen van een badkamer.
| Afwerking | In de douchehoek | Rest van de badkamer | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Tegels | Ja | Ja | Afdichting eronder is het werk, de tegel is de jas |
| Cementgebonden stucmortel | Ja, met een coating erover | Ja | Nooit gipspleister of machinepleister op gipsbasis |
| Glad stucwerk met watervaste muurverf | Nee | Ja | Plinttegel onderaan tegen optrekkend vocht |
| Betoncire of tadelakt | Ja, vakwerk | Ja | Vraagt een stabiele, steenachtige ondergrond |
| Latex geschikt voor buitengebruik | Nee | Ja | Verdund als voorstrijk gebruiken |
| Structuurverf of spuitwerk | Nee | Ja | Alleen de watervaste variant |
| Tweecomponenten verf of coating | Ja | Ja | Ondergrond moet echt droog zijn |
| Pvc wandpanelen | Ja | Ja | Alle naden en de vloeraansluiting afkitten |
| Vinyl- of pvc behang | Nee | Ja, met beleid | Schimmelwerende lijm, naden bij het plafond nalopen |
| Houten lambrisering | Nee | Ja, geventileerd | Alle vier de kanten behandelen, geen mdf |
De deur, het meubel en alles wat je ophangt
De badkamerdeur is het onderdeel waar je bij het slopen niet aan denkt en dat je aan het eind alsnog moet oplossen. Draait de deur naar binnen, dan kost dat ruimte die je in een kleine badkamer niet hebt, en bij een noodgeval kan een gevallen persoon de deur blokkeren.
Naar buiten draaien lost dat op, maar dan mag hij niet in de looproute van de gang staan. Welke draairichting en welk type kozijn hier past staat bij de badkamerdeur en het kozijn.
Kies in een badkamer een opdekdeur of een stompe deur met een kunststof of gelakt kozijn, en zet de onderkant van het deurblad in de grondverf voordat hij hangt. Onder de deur laat je bewust anderhalf tot twee centimeter vrij, of je zet er een rooster in, want die spleet is de toevoerlucht van je afzuiging. Een houten deurkozijn in de badkamer werk je af tot op de vloer en kit je onderaan af, want daar zuigt het water omhoog.
Voor de kleine ongelukken op het meubelblad geldt: nagellak verwijder je in de badkamer met aceton op een watje, maar nooit op een gelakt of kunststof blad, want dan haal je de toplaag mee. Lijmresten van tape of een oude spiegel haal je weg met een kunststof schraper en daarna een doek met wasbenzine, en niet met een mes over de tegel.
Een badkamermeubel ophangen is vooral een vraag naar de wand erachter. Een zwevend meubel met een keramische wastafel en water erin weegt al snel veertig tot tachtig kilo, en dat hangt aan twee punten. In metal stud zet je op de hoogte van de ophangbeugels een houten regel of een traverse tussen de profielen, en in cellenbeton gebruik je pluggen die speciaal voor poreuze steen gemaakt zijn of een chemisch anker.
Boor in de tegel zelf en niet in de voeg, met een tegelboor op een laag toerental en zonder klopstand. In de voeg loopt de boor weg en krijgt de plug minder houvast. Wil je iets ophangen zonder boren, dan is dat prima voor een handdoekhaakje of een zeepbakje van een paar honderd gram, maar montagelijm of plakstrips zijn geen bevestiging voor een kast of een meubel.
Wil je zelf een badkamermeubel maken, bijvoorbeeld van steigerhout, kies dan een blad dat tegen water kan: een massief blad in olie of lak op alle kanten, een keramisch blad of een plaat met een waterdichte toplaag. Multiplex en mdf gaan alleen mee als elke zaagkant is afgelakt, en juist de onderkant en de zaagranden worden altijd vergeten. Laat fineer los, dan is dat bijna altijd stoom die achter de rand kruipt, en dan is verlijmen en aandrukken alleen zinvol als de ventilatie ook beter wordt.
Een badkamerspiegel gaat kapot van vocht dat achter de zilverlaag komt, meestal langs de rand en meestal door glasreiniger die je er direct op spuit. Spuit op de doek in plaats van op de spiegel, en kies een spiegel die als badkamerspiegel is uitgevoerd met een beschermlaag op de achterkant.
Zit er eenmaal zwarte corrosie op de rand, dan is repareren geen optie en wordt het vervangen. Kalk en doffe chroomdelen krijg je weer schoon volgens de aanpak bij kalk verwijderen in de badkamer.
| Wat je ophangt | Gewicht | Bevestiging die je nodig hebt |
|---|---|---|
| Handdoekhaak of zeepbakje | tot 2 kg | Montagelijm of plakstrip kan, boren is zekerder |
| Spiegel of spiegelkast | 5 tot 25 kg | Plug van 8 mm in de tegel, in metal stud een hollewandanker |
| Wastafelmeubel met keramische wastafel | 40 tot 80 kg | Houten regel of traverse in de wand, draadeinden M10 |
| Hoge badkamerkast | 20 tot 45 kg | Twee bevestigingspunten in massief materiaal of een regel |
| Hangtoilet met inbouwreservoir | 150 kg belast | Voorzetwand met een inbouwframe dat op de vloer staat |
| Handdoekradiator | 10 tot 25 kg gevuld | Bevestiging in steen of in een verstevigde voorzetwand |
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt een badkamer verbouwen?
Een ploeg vakmensen doet een badkamer van zes vierkante meter in ongeveer twee weken, inclusief slopen, leidingwerk, tegelen en afmonteren. Doe je het zelf, reken dan op vier tot acht weken doorlooptijd, want je werkt in avonden en weekenden.
De echte rem zijn de droogtijden: een cementdekvloer wil een week per centimeter dikte, en pas daarna mag er pvc of een gietvloer op. Bij een badkamer verplaatsen of vergroten komt daar nog een week of twee bij voor het leidingwerk en de constructie.
Kan ik een badkamer maken op een houten vloer?
Ja, maar de balklaag bepaalt wat er kan. Voor tegelwerk wil je een doorbuiging van maximaal de overspanning gedeeld door vijfhonderd, en dat halen oude balklagen zelden.
Blijf je licht, met een douchebak, een droogbouwvloer van gipsvezel of underlayment en pvc of vinyl als afwerking, dan kan een badkamer op houten balken prima. Wil je een inloopdouche met tegels, dan komt er een zwaluwstaartvloer met mortel bij en moet de balklaag eerst worden nagerekend, want die opbouw weegt zeventig tot honderd kilo per vierkante meter.
Welke gipsplaat is geschikt voor de badkamer?
Kijk naar de typeaanduiding en niet naar de kleur. Een vochtwerende plaat draagt de aanduiding H2, en die is bij de ene fabrikant groen en bij de andere blauw. Zo'n plaat is vochtwerend en niet watervast: het karton neemt minder water op, maar de gipskern erin gaat alsnog kapot als er via een schroefgat water bij komt.
Gebruik hem daarom buiten de douche, en neem in het natte deel een cementgebonden bouwplaat of een tegelisolatieplaat. Voor werk dat gestuukt wordt hoort er een stucplaat op.
Welke gipsplaten moet ik voor het plafond van de badkamer gebruiken?
Gaat het plafond gestuukt of gespoten worden, dan gebruik je stucplaten: het karton daarvan neemt vocht op en geeft het weer af, en het gips erin gaat niet rotten. Wordt het plafond geverfd, dan kan een vochtwerende plaat type H2 met gevulde en geschuurde naden.
Gewone gipsplaat type A hoort nergens in een badkamer, ook niet in een plafond, ook niet als er stuc overheen komt. Zet in alle naden wapeningsband en gebruik voor de spots dampdichte inbouwdozen, anders trekt de damp erlangs de constructie in.
Kan ip20 verlichting in de badkamer?
Buiten de zones mag het, maar verstandig is het niet. IP20 zegt dat een armatuur helemaal geen bescherming tegen water heeft, en van een badkamerplafond druppelt condens. Voor het gebied buiten zone 1 en 2 houd je minimaal IP21 aan, en boven of naast de douche IP44 of hoger.
Een railsysteem met een IP20 rail en IP44 spotjes helpt niet, want de zwakste schakel bepaalt. Wordt jouw badkamer echt vochtig, met druppels aan het plafond na het douchen, dan haalt een IP20 armatuur daar geen jaren.
Hoe werkt de zone-indeling van een badkamer?
Zone 0 is de binnenkant van het bad of de douchebak en vraagt IPX7, met alleen twaalf volt veiligheidsspanning. Zone 1 loopt daarboven tot 2,25 meter hoogte en zone 2 is de zestig centimeter daaromheen; in beide geldt minimaal IPX4 en mag er geen gewoon stopcontact hangen.
De rest van de badkamer, in de praktijk zone 3, vraagt IP21 en liefst IP44 vanwege condens. Alle groepen in de badkamer horen achter een aardlekschakelaar van dertig milliampère.
Hoeveel afzuiging heeft een badkamer nodig?
Het minimum is veertien liter per seconde, oftewel ruim vijftig kubieke meter per uur. Prettiger is honderd kubieke meter per uur, zeker bij een inpandige badkamer zonder raam of als er met meerdere mensen achter elkaar wordt gedoucht.
Tot ongeveer vijfenzeventig kubieke meter per uur volstaat een buis van honderd millimeter, daarboven ga je naar honderdvijfentwintig millimeter. Belangrijker dan het getal op de doos is dat de lucht ook echt kan toestromen via een rooster of een spleet onder de deur.
Waar plaats je de afzuiging in de badkamer het beste?
Zo hoog mogelijk en zo dicht mogelijk bij de douche, want daar stijgt de damp op. Een afzuigpunt in het plafond boven of naast de douchehoek werkt het beste, en een punt hoog in de wand is een goede tweede keus.
Wat je niet wilt is een afzuiging aan de andere kant van de ruimte, want dan trek je de vochtige lucht eerst door de hele badkamer heen en zie je dat terug aan de spiegel en het plafond. Houd de toevoerlucht aan de andere kant, meestal de deur.
Bestaat er een badkamerventilator op batterijen?
Er zijn kleine ventilatoren op accu of batterij te koop, maar geen enkele daarvan verplaatst de vijftig tot honderd kubieke meter per uur die een badkamer nodig heeft. Voor dat vermogen heb je een vaste aansluiting nodig.
Wil je geen leiding trekken, kijk dan bij een badkamerventilator zonder stroomaansluiting naar de alternatieven, van aftakken op de verlichtingsgroep tot een raamventilator. Wat er verder mogelijk is zonder eigen groep staat bij afzuiging zonder stroom in de badkamer.
Waarom blijft de afzuiging in de badkamer aan of gaat hij niet uit?
Bijna altijd staat de nalooptijd of de vochtsensor te ruim afgesteld. Bij veel ventilatoren zitten die instellingen op kleine draaiknopjes of dipswitches onder de voorkap, waar je de nalooptijd tussen ongeveer vijf en dertig minuten zet en de vochtgrens tussen zestig en negentig procent.
Staat de grens te laag, dan slaat het toestel bij normale luchtvochtigheid al aan en komt hij nooit meer tot rust. Zet de nalooptijd op tien tot vijftien minuten en de vochtgrens rond zeventig procent, en maak meteen de waaier schoon.
Wat doe je als de afzuiging in de badkamer lawaai maakt?
Luister eerst wat voor lawaai het is. Een laag gebrom is trilling: het toestel zit strak tegen de buis of tegen de plaat geklemd, en een rubber tussenring met een kort flexibel manchet in het kanaal haalt dat er meestal uit. Een tikkend of ruisend geluid komt van stof en zeepaanslag op de waaier, waardoor die uit balans loopt.
Fluiten wijst op te weinig lucht door een te nauwe doorgang: een dichte spleet onder de deur, een vervuild ventiel of een buis van honderd millimeter waar honderdtwintig kubieke meter per uur doorheen moet. Een ruimere buis van honderdvijfentwintig millimeter, een schoon ventiel en een rooster in de deur leveren dan meer op dan een zwaardere ventilator. Blijft het hinderlijk, dan hangt de motor beter buiten de ruimte, bijvoorbeeld een box op zolder met een geluidsdemper in het kanaal.
Wat zijn de nadelen van een pvc vloer in de badkamer?
De naden zijn niet waterdicht, en dat is bij klik pvc het grootste bezwaar: water dat er onderkomt kan er nooit meer uit en gaat na een tijd ruiken. Dryback pvc dat je volvlak lijmt is beter, maar ook daar blijven de naden open.
Verder is pvc gevoelig voor hoge temperaturen, dus bij vloerverwarming houd je de vloertemperatuur op maximaal zevenentwintig graden. Wil je toch kunststof, kies dan pvc of zeil van de rol met gelaste naden en de rand omhoog langs de wand.
Is stucwerk in de badkamer een goed idee?
Het kan, maar niet overal en niet met elk product. Gipspleister hoort niet in een badkamer omdat het vocht aantrekt en vasthoudt, en de douchehoek zelf houd je bij tegels of bij een cementgebonden stucmortel met een coating. Een gestucte badkamer die het jaren volhoudt heeft meestal tegels tot ongeveer 1,80 meter en glad stucwerk daarboven, afgewerkt met een muurverf die ook voor buiten geschikt is.
De nadelen zitten in koude buitenmuren en in een ventilatie die het niet bijhoudt. Meer daarover staat bij het stucen van een badkamer.
Welke latex is het beste geschikt voor mijn badkamer?
Een goede vuistregel: elke muurverf waarop staat dat hij ook buiten gebruikt mag worden, kan in een badkamer. Dat zijn de acrylaatgebonden latexverven met een dichte film, en die zijn beter bestand tegen condens dan een goedkope binnenmuurverf.
Als voorstrijk gebruik je diezelfde latex verdund met ongeveer tien procent water. Op een vers gestuukt plafond wacht je tot het pleisterwerk echt droog is, en op een plek waar echt water tegenaan komt kies je een tweecomponenten verf in plaats van latex.
Hoe maak ik een nis in de badkamermuur?
In een gemetseld muurtje lijm je onderin twee cellenbetonblokken van zeven centimeter tegen elkaar en ga je vanaf de hoogte van de nis met één blok verder. In een voorzetwand maak je de nis tussen twee stijlen en bekleed je hem met een tegelisolatieplaat.
Houd een diepte van acht tot twaalf centimeter aan, meet de hoogte uit op tegelmaat zodat je met hele tegels uitkomt, en geef de bodem twee tot vijf millimeter afschot naar voren. Kimband met een dubbele laag pasta in alle hoeken van de nis is hier geen overdaad.
Voorzetwand in de badkamer van metal stud of van hout?
Allebei kan, en de beplating bepaalt de stevigheid meer dan het frame. Metal stud is maatvast en rot niet, hout is makkelijker om overal in te schroeven. Zet de stijlen voor tegelwerk op driehonderd millimeter hart op hart in plaats van zeshonderd, dan volstaat een enkele beplating van 12,5 millimeter.
Duwt de wand naar achteren, dan helpt een laag watervast multiplex onder de plaat, of beplating aan beide zijden. De boven- en onderregel zet je niet vast aan de stijlen zelf, zodat de vloer erboven kan doorbuigen zonder je tegelwerk te scheuren.
Hoe hang ik een zwaar badkamermeubel op?
Een zwevend meubel met keramische wastafel weegt gevuld al gauw veertig tot tachtig kilo, en dat hangt aan twee punten. In steen gebruik je pluggen van acht millimeter, in cellenbeton speciale pluggen voor poreus materiaal of een chemisch anker, en in een metal stud wand zet je op de hoogte van de beugels een houten regel of een traverse tussen de profielen.
Boor in de tegel en niet in de voeg, met een tegelboor op laag toerental zonder klopstand. Ophangen zonder boren met montagelijm werkt voor een haakje, niet voor een meubel of een hoge badkamerkast.
Waar komt de lekkage in het plafond onder de badkamer vandaan?
Er zijn vier verdachten: de kitrand of het tegelwerk in de douchehoek, de aansluiting van de doucheput of de goot, de sifon van de wastafel en een leiding in de vloer. Test ze los van elkaar. Giet met de douche uit een emmer water in de put en kijk of er iets terugkomt, en laat daarna de douche lopen zonder dat er water tegen de wand komt.
Blijft het dan droog, dan zit het lek in het tegelwerk of de kitrand. Vocht in de muur naast de badkamer wijst meestal op doorslaand vocht door een ontbrekende afdichting achter de tegels.
Moet ik de badkamer aarden?
De badkamer aarden gaat over aanvullende potentiaalvereffening: metalen water- en cv-leidingen en een metalen bad verbind je onderling met een geel-groene draad van vier vierkante millimeter naar de vereffeningsrail, zodat er geen spanningsverschil tussen kan ontstaan. In een nieuwe installatie waarin elke groep achter een aardlekschakelaar van dertig milliampère zit en de hoofdvereffening in orde is, mag die aanvullende vereffening vervallen. In een oude woning met metalen leidingen is achteraf vereffenen meestal eenvoudiger dan uitzoeken of het mag vervallen.
Kan ik pvc behang of wandpanelen in de badkamer gebruiken?
Wandpanelen van pvc kunnen goed, ook in de douche, mits je alle naden en de aansluiting op de vloer en het plafond afkit. Panelen van vier tot acht millimeter kun je zelfs over bestaand tegelwerk zetten, wat een verbouwing flink versnelt.
Behang, ook pvc behang of vinylbehang, houdt het alleen buiten de natte zone en dan met een schimmelwerende lijm; de naden bij het plafond laten als eerste los. Zorg in beide gevallen dat de ondergrond droog is, want opgesloten vocht komt er als schimmel weer uit.
Hoe knap ik een granito of granieten badkamervloer op?
Granito en terrazzo laten zich schuren en polijsten in een korrelopbouw van ongeveer zestig tot vierhonderd, en daarna impregneer je de vloer zodat hij niet opnieuw vlekt. Dat is werk voor een machine, maar het levert een vloer op die er beter uitziet dan een nieuwe tegelvloer. Bij een granieten badkamervloer werkt dezelfde aanpak.
Witte vlekken op natuursteen zijn meestal kalkaanslag of uitbloei: gebruik daarvoor een pH-neutrale natuursteenreiniger en nooit een zure ontkalker, want die vreet kalkhoudende steen dof. Kalk op tegels en chroom pak je aan zoals beschreven bij kalk verwijderen in de badkamer.