Hoogte wastafel badkamer: welke maat je aanhoudt
De gangbare hoogte van een wastafel in de badkamer is 85 tot 90 centimeter, gemeten van de afgewerkte vloer tot de bovenrand van de wastafel. Bij een opzetkom hang je het blad juist lager, rond 75 tot 82 centimeter, omdat de kom er nog bovenop komt. De wateraansluitingen komen op 60 tot 65 centimeter en het hart van de afvoer meestal rond 50 tot 55 centimeter. Die afvoermaat reken je terug vanaf de bovenrand van jouw wastafel met de sifon erbij, want een afvoer die te hoog zit krijg je later niet meer goed.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Rolmaat en een lange waterpas van minimaal 120 cm
- Kruislijnlaser, of een waterpas met een rechte lat
- Potlood en een verfmarker voor de peilmaat op de wand
- Wastafel, waste en sifon om droog samen te stellen
- Waterpomptang en een steeksleutelset
- Tegelboor of diamantboor met boormal, zonder klopstand
- Muurfrees of haakse slijper met stofafzuiging bij het inhakken van leidingen
Materiaal
- Muurplaten voor de warm- en koudaansluiting
- Hoekstopkranen met knelkoppeling of knelfitting
- Flexibele aansluitslangen in de lengte die past bij jouw hoogte
- Afvoerbuis 32 mm met bocht en een muurbuisje
- Ruimtebesparende sifon bij een meubel met lades
- Pluggen die bij de wand passen, met chemisch anker bij gipsblokken of cellenbeton
Op welke hoogte hangt een wastafel meestal?
De gangbare hoogte van een wastafel in de badkamer ligt tussen 85 en 90 centimeter, gemeten van de afgewerkte vloer tot de bovenrand van de wastafel. In badkamers van de laatste jaren zie je 90 het vaakst. In huizen uit de jaren zeventig en tachtig hangt de wastafel juist vaak op 80 tot 85, want die maat was toen normaal.
Er staat nergens in de bouwregels op welke hoogte een wastafel moet hangen. Het is een gewoonte en geen norm, dus je kiest de maat die bij jouw huishouden past. Hoe die keuze samenhangt met de rest van het sanitair aan de wand, staat in ons overzicht over de wastafel en het keukenblok.
Wel leg je die maat vroeg vast, omdat de afvoer en de waterleidingen erop worden afgestemd en straks achter de tegels verdwijnen. Weten we niets over de mensen die er gaan wonen, dan houden wij 90 aan.
Te laag voel je elke ochtend in je onderrug, te hoog los je op met een opstapje. Van die twee problemen is te hoog het kleinste.
| Situatie | Bovenrand wastafel | Waarom deze maat |
|---|---|---|
| Nieuwe badkamer, volwassen huishouden | 85 tot 90 cm | Werkt voor vrijwel iedereen tussen 1,65 en 1,85 meter |
| Huishouden met mensen boven 1,90 meter | 90 tot 95 cm | Voorkomt bukken bij het tandenpoetsen en scheren |
| Bestaande badkamer met bestaande aansluitingen | 80 tot 85 cm | De afvoer bepaalt hier de hoogte, niet andersom |
| Badmeubel met een opzetkom | Blad op 75 tot 82 cm | De kom telt 10 tot 15 cm mee, dus het blad moet lager |
| Fontein in het toilet | 80 tot 85 cm | Alleen handen wassen, dus lager mag zonder bezwaar |
Meten doe je vanaf de afgewerkte vloer
De maat loopt van de vloer waar je straks op staat tot de bovenrand van de wastafel. Dat klinkt logisch, maar in een badkamer die nog in de verbouwing zit bestaat die vloer nog niet. Wie op de ruwe betonvloer of op een kale dekvloer aftekent, hangt de wastafel algauw vijf tot negen centimeter te laag.
Reken de hele vloeropbouw dus vooruit uit. Een dekvloer, een laag egaline, de tegellijm en de tegel zelf tellen flink op, en met verwarmingsbuizen in de vloer wordt het pakket nog dikker. Wat dat betekent voor de opbouw staat bij vloerverwarming in de badkamer, want daar hangt deze maatvoering rechtstreeks mee samen.
De oplossing die op de bouw wordt gebruikt is een peilmaat. Zet met een laser of een lange waterpas op alle wanden een streep op precies één meter boven de toekomstige afgewerkte vloer, en schrijf er met een marker bij wat die streep betekent. Vanaf dat moment meet je alles vanaf die streep, en dan doet het niet meer ter zake hoeveel puin of dekvloer er op de grond ligt.
| Onderdeel van de vloeropbouw | Gebruikelijke dikte | Waar je op let |
|---|---|---|
| Egaline op een bestaande dekvloer | 3 tot 10 mm | Bij een golvende vloer loopt dit lokaal verder op |
| Cementdekvloer zonder vloerverwarming | 40 tot 50 mm | Onder de 40 mm scheurt een cementdekvloer sneller |
| Dekvloer met vloerverwarming erin | 60 tot 70 mm | De buizen hebben dekking nodig, dus dit pakket is dikker |
| Isolatieplaat onder de dekvloer | 20 tot 60 mm | Wordt bij renovatie vaak op het laatste moment toegevoegd |
| Ontkoppelings- of afdichtingsmat | 3 tot 10 mm | In een natte ruimte vrijwel altijd aanwezig |
| Tegellijm na aandrukken | 3 tot 5 mm | Bij een lijmkam van 8 mm blijft er ongeveer de helft over |
| Keramische vloertegel | 8 tot 12 mm | Grootformaat tegels zijn meestal het dikst |
| Natuursteen vloertegel | 10 tot 20 mm | Scheelt zomaar een centimeter met keramiek |
Schrijf de peilmaat en je gekozen wastafelhoogte met watervaste stift op de wand die straks dichtgetegeld wordt. Werkt er een tegelzetter of loodgieter na jou, dan leest hij de bedoelde maat gewoon van de muur af.
De hoogte die bij jouw lengte past
De bruikbare vuistregel is dat de bovenrand van de wastafel ongeveer op heuphoogte komt. Reken je lichaamslengte gedeeld door twee, plus drie tot vijf centimeter, dan zit je er dicht bij. Bij 1,75 meter kom je zo op ongeveer 90, bij 1,60 meter op ongeveer 84.
Beter dan rekenen is even proberen. Zet een verhuisdoos of een stapel planken op de plek, leg er een plank op ter hoogte van de gedachte bovenrand en doe alsof je je handen wast. Binnen een halve minuut merk je of je moet bukken of dat je ellebogen te ver omhoog komen.
Wonen er mensen van heel verschillende lengte in huis, kies dan op de langste gebruiker en zet er een stevig opstapje bij. Andersom werkt niet: een lange gebruiker kan niet inklappen. Een tweede wastafel op een andere hoogte is alleen zinvol als je toch al een dubbel meubel plaatst.
Vaste maten in huis zijn zelden wetten. Ook bij de hoogte van een trapleuning bestaat er een gangbare maat, maar telt vooral wie hem gebruikt. Voor de algemene maatvoering van wastafels, ook buiten de badkamer, hebben we een aparte pagina over de hoogte van een wastafel.
| Lengte van de gebruiker | Prettige bovenrand | Opmerking |
|---|---|---|
| 1,55 tot 1,65 meter | 82 tot 86 cm | Bij een diepe wastafel iets lager, je reikt anders ver naar de kraan |
| 1,65 tot 1,75 meter | 86 tot 90 cm | De klassieke 85 voelt hier al aan de lage kant |
| 1,75 tot 1,85 meter | 90 tot 92 cm | Deze groep heeft het meest te winnen bij 90 in plaats van 85 |
| Boven 1,85 meter | 92 tot 95 cm | Let op dat de spiegel dan ook hoger moet hangen |
| Kind van 4 tot 8 jaar | 60 tot 70 cm | Of standaardhoogte met een opstapje van 20 cm |
| Zittend gebruik of rolstoel | 80 tot 83 cm | Vrije ruimte eronder is hier belangrijker dan de bovenrand |
Kinderen, ouderen en een onderrijdbare wastafel
Een lage wastafel voor kinderen klinkt aantrekkelijk, maar een kind van vier is binnen vier jaar een kop groter. Een wastafel op 65 centimeter is dan al te laag, terwijl de afvoer in de wand zit. Wij kiezen daarom liever de normale hoogte met een stevig opstapje van vijftien tot twintig centimeter erbij. Dat opstapje groeit gewoon mee door het weg te zetten.
Voor wie moeilijk staat of zit, ligt het anders. Een onderrijdbare wastafel hang je op 80 tot 83 centimeter met minimaal 67 centimeter vrije hoogte onder de voorrand en ongeveer 30 centimeter vrije diepte. De sifon zet je zo ver mogelijk naar achteren of je gebruikt een platte variant, want anders stoot je er met je knieën tegenaan. Isoleer de warmwaterleiding onder de wastafel: die kan heet worden en je voelt dat op je bovenbeen te laat.
Voor het toilet in dezelfde ruimte geldt hetzelfde. Een hangend toilet komt standaard op 40 tot 43 centimeter bovenkant pot, en voor wie moeizaam opstaat wordt 46 tot 50 centimeter aangeraden. Wie een badkamer levensloopbestendig wil maken, houdt daarnaast rekening met steunbeugels: die vragen een achterconstructie in de wand en die zet je aan voordat er getegeld wordt.
Bouw je een badkamer voor de lange termijn, plaats dan achter de tegels een houten regel of een multiplexplaat op de plek waar later beugels kunnen komen. Dat kost nu een half uur en scheelt straks een hele wand openbreken.
Opzetkom, badmeubel of hangende wastafel
De gekozen hoogte geldt altijd voor de rand waar het water in valt, niet voor het meubel of de ophangbeugel. Bij een klassieke hangende wastafel is dat hetzelfde punt. Bij een opzetkom scheelt het tien tot vijftien centimeter, en juist daar gaat het regelmatig mis.
Een opzetkom staat op het blad, dus het blad moet omlaag. Hang het blad van een badmeubel met opzetkom op 75 tot 82 centimeter, afhankelijk van hoe hoog de kom zelf is. Meet die kom eerst op in de winkel of thuis uit de doos. Hang je het blad op de gebruikelijke 90, dan was je je handen op ruim een meter hoogte en loopt het water langs je onderarmen naar binnen.
Bij een halfinbouwkom telt ongeveer de helft van de komhoogte mee, en bij een onderbouwkom is de bovenkant van het blad gewoon je maat. De meeste badmeubels hangen aan een rail met twee tot drie centimeter verstelling. Dat is prettig voor de fijnafstelling, maar het is te weinig om een verkeerd gekozen basismaat mee te repareren.
Meubels met lades vragen een eigen aanpak
Een badmeubel met lades legt de afvoerpositie voor een groot deel vast. In de montagetekening staat een vrije zone waar de afvoer en de waterleidingen mogen zitten, meestal een strook van tien tot vijftien centimeter breed rond het hart van de wastafel. Zit je aansluiting daarbuiten, dan moet je de achterwand van de lade uitzagen of past de lade niet meer terug.
Gebruik hier een ruimtebesparende sifon in plaats van een gewone buissifon. Die bouwt plat tegen de achterwand en vraagt veel minder ruimte in de diepte. Haal de tekening van het meubel erbij voordat je de leidingen inkast, niet erna.
Bladen van hout en gelakt plaatmateriaal
Een houten of gelakt wastafelblad vraagt in een badkamer meer van de afwerking dan in de rest van het huis. Water dat langs de kom blijft staan, trekt via de zaagkant naar binnen en dan zwelt de plaat op. Behandel de zaagkanten en de uitsparing rondom, ook aan de onderkant waar je het niet ziet. Voor de aanpak en de juiste lak lijkt dit sterk op het overschilderen van een aanrechtblad, waar dezelfde vochtbelasting speelt.
| Type wastafel | Waar je de hoogte meet | Blad of beugel komt op |
|---|---|---|
| Hangende wastafel of wastafelblad | Bovenrand van de wastafel | 85 tot 90 cm, gelijk aan de gekozen maat |
| Opzetkom op een meubel | Bovenrand van de kom | Blad op 75 tot 82 cm, afhankelijk van de komhoogte |
| Halfinbouwkom | Bovenrand van de kom | Blad ongeveer 5 tot 8 cm onder de gekozen maat |
| Onderbouwkom in een blad | Bovenkant van het blad | Blad op 85 tot 90 cm |
| Meubel op poten | Bovenrand van de kom | Pootlengte bepaalt de maat, controleer dit voor de bestelling |
| Zuil- of voetwastafel | Bovenrand van de wastafel | De zuil legt de hoogte vast, meestal rond 85 cm |
Op welke hoogte komen de waterleidingen en de afvoer?
Bij een kraan die op de wastafel staat, komen de wateraansluitingen eronder. Muurplaten met hoekstopkranen zet je op 60 tot 65 centimeter boven de afgewerkte vloer. Op die hoogte kun je de koppelingen met een sleutel bereiken terwijl de wastafel hangt, en de flexibele slangen van de kraan halen het comfortabel. Warm links, koud rechts, hart op hart ongeveer vijftien centimeter en symmetrisch om het midden van de wastafel.
Bij een inbouwkraan ligt dat anders. Die zit boven de wastafel, dus de inbouwdoos bepaalt de hoogte en de stopkranen verdwijnen achter de wand. Kies dat type pas als je zeker weet dat de inbouwdoos bereikbaar blijft.
De afvoer is de maat waar het echt op aankomt. Een wateraansluiting die een paar centimeter afwijkt, vang je op met langere flexibele slangen. Een afvoer die te hoog zit kun je niet omhoog laten lopen, dus dan is er sloopwerk nodig. Zet die maat dus met zorg uit.
Voor een wastafel op 90 komt het hart van de afvoer meestal rond 50 tot 55 centimeter uit. Neem die waarde niet blind over.
Leg de wastafel, de waste en de sifon bij elkaar op de vloer, zet ze in elkaar en meet hoe ver het hart van de sifonaansluiting onder de bovenrand van de wastafel zit. Die afstand trek je van je gekozen hoogte af, en dat is jouw afvoermaat. Een clickwaste bouwt hoger dan een gewone plug en duwt de sifon zomaar drie centimeter omlaag.
Houd bij het infrezen rekening met wat er nog op de wand komt. Ga je de wand eerst stucen voordat je gaat tegelen, dan tellen die millimeters mee in hoe ver de muurplaten uitsteken. Zitten ze te diep, dan komt de knelkoppeling in de tegel te zitten.
Hoe je die leidingen verder aanlegt en aftest, staat bij ons overzicht van sanitair en loodgieterswerk.
| Aansluiting | Hoogte boven de afgewerkte vloer | Waar je op let |
|---|---|---|
| Muurplaten warm en koud, kraan op de wastafel | 60 tot 65 cm | Koppelingen moeten bereikbaar blijven met de wastafel eraan |
| Hart op hart warm en koud | 15 cm, warm links | Symmetrisch om het midden van de wastafel uitzetten |
| Hart afvoer bij een wastafel op 90 cm | 50 tot 55 cm | Terugrekenen vanaf de bovenrand met waste en sifon erbij |
| Hart afvoer bij een wastafel op 85 cm | 45 tot 50 cm | Bij een clickwaste een paar centimeter lager aanhouden |
| Hart afvoer bij een meubel met lades | Volgens de montagetekening | Blijf binnen de vrije zone, anders past de lade niet |
| Afvoerbuis wastafel | 32 mm, afschot minimaal 1 cm per meter | 40 mm mag ook, dan heb je een verloop nodig bij de sifon |
| Inbouwkraan of inbouwthermostaat | 100 tot 110 cm | De inbouwdoos van het merk is hier maatgevend |
| Wandkraan met vrije uitloop | 20 tot 30 cm boven de komrand | Meet de uitloop mee, anders spat het water uit de kom |
Stel de wastafel voor het tegelen een keer droog op met de kraan, de waste en de sifon erin. Dan zie je meteen of de sifon vrij loopt van de muurplaten en of de slangen lang genoeg zijn. Een verkeerde maat corrigeer je op dat moment in tien minuten.
Zodra de wastafelhoogte vastligt, volgen de spiegel en het stopcontact
De onderkant van de spiegel komt vijftien tot vijfentwintig centimeter boven de wastafelrand, zodat spatwater er niet tegenaan komt en je er nog een zeeppompje onder kwijt kunt. Hang je de wastafel op 90 in plaats van 85, dan schuift de spiegel dezelfde vijf centimeter omhoog.
Verlichting werkt het best naast de spiegel op ooghoogte in plaats van erboven. Een lamp boven de spiegel geeft schaduw onder je ogen en je kin, precies waar je bij het scheren of opmaken wilt kijken.
Voor een stopcontact geldt in de badkamer een extra beperking, want de ruimte is verdeeld in zones. Een gewoon stopcontact hoort minimaal zestig centimeter horizontaal van de rand van de wastafel en van de douche af te zitten. Welke uitvoering waar mag, staat bij een stopcontact in de badkamer. De andere standaardmaten in huis vind je in onze tabel met standaardmaten en montagehoogtes.
| Onderdeel | Hoogte boven de afgewerkte vloer | Opmerking |
|---|---|---|
| Onderkant spiegel | 105 tot 115 cm | Ongeveer 15 tot 25 cm boven de wastafelrand |
| Bovenkant spiegel of spiegelkast | 190 tot 200 cm | Het gezicht van de langste gebruiker moet erin passen |
| Wandlamp naast de spiegel | 165 tot 180 cm | Naast de spiegel geeft minder schaduw dan erboven |
| Stopcontact naast de spiegel | 110 tot 130 cm | Minimaal 60 cm horizontaal van wastafel en douche |
| Zeepdispenser aan de wand | 100 tot 110 cm | Net onder de spiegel, boven de wastafelrand |
| Handdoekhaak | 120 tot 150 cm | Lager voor kinderen, dan rond 100 cm |
| Onderkant handdoekradiator | 30 tot 60 cm | Houd ruimte vrij voor de aansluiting en de ontluchter |
| Toiletrolhouder | 65 tot 75 cm | Ongeveer 20 tot 30 cm voor de rand van de pot |
| Bovenkant hangend toilet zonder bril | 40 tot 43 cm | Het hart van de afvoer ligt dan rond 23 cm |
Elektra in de badkamer volgt de zones. Rond de wastafel en de douche mag geen gewoon stopcontact, en elke groep die de badkamer voedt hoort achter een aardlekschakelaar van 30 mA te zitten. Werk in de meterkast achter de hoofdzekering laat je aan een installateur, ook als je de rest van de badkamer zelf doet.
Als de wastafel te laag of te hoog hangt
Hangt de wastafel te laag en zijn de tegels al gezet, dan is de vraag hoeveel speling de aansluitingen geven. Naar boven toe zit je vaak nog goed: de flexibele slangen zijn meestal lang genoeg en de afvoer laat je gewoon iets steiler naar de muurbuis lopen. Twee tot vijf centimeter omhoog lukt daarmee vaak zonder hakwerk.
Andersom is het lastiger. Wil je de wastafel omlaag, dan komt het hart van de sifon onder de bestaande afvoeraansluiting en dan moet het water omhoog lopen. Dat kan niet. In dat geval hak je de afvoer alsnog open, of je kiest een wastafel waarbij de afstand tussen de bovenrand en de sifon groter is. Die tweede route kost een middag zoeken in maattekeningen en bespaart je een muur.
Nieuwe gaten boren in gezette tegels is te doen met een tegelboor of een diamantboor zonder klopstand. Plak een stukje schilderstape op de tegel zodat de boor niet wegloopt en boor op laag toerental. Boor in de tegel en niet in de voeg, want een plug in een voeg staat scheef en trekt de voeg los.
Zit je midden in een grotere klus, dan is dit het moment om de volgorde van de hele verbouwing na te lopen. Wat wanneer aan de beurt is, staat bij een badkamer verbouwen, en die volgorde bepaalt of je maten later nog te corrigeren zijn.
Zo zet je de hoogte van je wastafel uit
Deze volgorde werkt voor een nieuwe badkamer en voor een wastafel die je op een kale wand plaatst.
-
Kies de hoogte en zet een peilmaat op de wand
Bepaal eerst de bovenrand die je wilt, bijvoorbeeld 90 centimeter. Zet daarna met een laser of een lange waterpas een streep op één meter boven de toekomstige afgewerkte vloer, rondom in de ruimte. Vanaf die streep meet je alles, ook als de vloer nog niet ligt. Reken de tegels, de lijm en de dekvloer daarin mee.
-
Stel de wastafel droog samen en meet de sifonmaat
Leg de wastafel, de waste en de sifon bij elkaar en zet ze in elkaar op de grond. Meet vervolgens hoeveel centimeter het hart van de sifonaansluiting onder de bovenrand van de wastafel uitkomt. Dit is de enige maat die klopt voor jouw combinatie, en hij verschilt per model en per type plug.
-
Teken de afvoer af
Trek de gemeten sifonmaat af van je gekozen wastafelhoogte. De uitkomst is de hoogte van het hart van de afvoer, meestal rond 50 tot 55 centimeter. Controleer bij een meubel de montagetekening op de vrije zone en houd het hart van de wastafel als middellijn aan. De afvoer is het onderdeel dat je later niet meer verplaatst, dus dit is de maat om twee keer na te meten.
-
Zet de waterleidingen op 60 tot 65 centimeter
Frees de sleuven voor warm en koud en plaats de muurplaten op 60 tot 65 centimeter, waterpas ten opzichte van elkaar en hart op hart ongeveer vijftien centimeter. Op deze hoogte kun je de hoekstopkranen later nog bedienen met de wastafel eraan. Warm gaat links, koud rechts.
-
Stel de muurplaten op de juiste diepte af
Reken de stuclaag, de tegellijm en de tegeldikte op bij de wand en zet de muurplaten zo dat ze na het tegelen precies vlak liggen of een paar millimeter uitsteken. Zitten ze te diep, dan komt de knelkoppeling in de tegel te zitten en krijg je hem niet meer aangedraaid.
-
Pas alles droog voordat de wand dichtgaat
Hang de wastafel voorlopig op met twee bouten, zet de sifon eronder en draai de slangen op de hoekstopkranen. Kijk of alles vrij loopt en of de hoogte klopt met een rolmaat vanaf de peilmaat. Dit is het laatste moment waarop een correctie nog een kwartier kost in plaats van een dag.
-
Boor definitief en hang de wastafel af
Boor de gaten met een tegelboor zonder klopstand door de gezette tegels, met schilderstape als de boor dreigt weg te lopen. Kies pluggen die bij de wand horen: in gipsblokken of cellenbeton werkt een gewone plug niet en gebruik je een chemisch anker. Draai de wastafel gelijkmatig aan tot hij klemvast zit, zonder de bouten te forceren.
-
Test op lekkage en kit pas daarna af
Laat de wastafel vol lopen en trek de plug eruit, zodat de sifon in één keer flink water te verwerken krijgt. Voel met een droge hand langs alle koppelingen. Pas als het na een dag nog droog is, kit je de wastafel tegen de wand af.
Maatvoering
De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Ruimte of vakgebied | Onderdeel | Gangbare maat | Marge die in de praktijk werkt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|---|
| Sanitair | Wastafel, bovenkant | 85 cm boven de vloer | 80 tot 90 cm | Meet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm. |
| Sanitair | Wastafelkraan, uitloop | 25 tot 30 cm boven de wastafelrand | wat past bij de kom | Te hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder. |
| Sanitair | Fonteintje in het toilet | 80 tot 85 cm | 75 tot 90 cm | Vaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is. |
| Sanitair | Toiletpot, bovenkant zitting | 40 tot 43 cm | 38 tot 48 cm | Een verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger. |
| Sanitair | Hangend toilet, onderkant pot | 40 cm boven de vloer | 38 tot 45 cm | De hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast. |
| Sanitair | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 80 cm | Te ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit. |
| Sanitair | Douchekraan, thermostaat | 100 tot 110 cm | 95 tot 120 cm | Je wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan. |
| Sanitair | Doucheglijstang, bovenkant | 180 tot 200 cm | afhankelijk van de lengste gebruiker | Reken op minstens 20 cm boven de kruin. |
| Sanitair | Regendouche, onderkant kop | 205 tot 215 cm | 200 tot 220 cm | Onder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd. |
| Sanitair | Handdoekradiator, onderkant | 20 tot 30 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Laag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen. |
| Sanitair | Afvoer wastafel, muurdoorvoer | 50 tot 55 cm | 45 tot 60 cm | Onder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling. |
| Elektra | Stopcontact in een woonruimte | 30 cm hart boven de vloer | 25 tot 40 cm | Bij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen. |
| Elektra | Stopcontact boven een aanrechtblad | 115 tot 125 cm | 10 tot 20 cm boven het blad | Uit de spatzone van de kraan blijven. |
| Elektra | Lichtschakelaar | 105 cm hart boven de vloer | 90 tot 120 cm | Gelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld. |
| Elektra | Deurklink | 100 cm hart boven de vloer | 95 tot 105 cm | Ook de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen. |
| Elektra | Meterkast, groepenkast | 150 tot 180 cm | bereikbaar zonder trapje | De hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn. |
| Elektra | Wandcontactdoos buiten | minimaal 30 cm boven maaiveld | hoger bij kans op opspattend water | Spatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten. |
| Elektra | Bedrade deurbel, drukknop | 110 tot 130 cm | 100 tot 140 cm | Ook bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel. |
| Elektra | Wandlamp naast een spiegel | 160 tot 170 cm | op ooghoogte van de gebruiker | Licht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven. |
| Elektra | Televisieaansluiting | 40 cm of op de hoogte van het scherm | afhankelijk van de opstelling | Bij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm. |
| Keuken | Werkblad, bovenkant | 90 tot 95 cm | 85 tot 100 cm | Vuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger. |
| Keuken | Bovenkasten, onderkant | 50 tot 60 cm boven het blad | 45 tot 65 cm | Te laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken. |
| Keuken | Afzuigkap boven een elektrische kookplaat | 60 cm | 55 tot 70 cm | Onder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaspit | 65 cm | 65 tot 75 cm | Bij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam. |
| Keuken | Plint onder de keukenkasten | 10 tot 15 cm | standaard 15 cm | Terugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan. |
| Keuken | Inbouwoven op ooghoogte | onderkant op 85 tot 90 cm | naar de gebruiker | Scheelt bukken met een hete plaat in je handen. |
| Trap | Trapleuning | 90 cm boven de voorkant van de trede | 85 tot 100 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer. |
| Trap | Leuning langs een bordes | 100 cm | 90 tot 110 cm | Bij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap. |
| Trap | Optrede, hoogte per trede | 18 tot 20 cm | maximaal 21 cm binnen een woning | Alle treden even hoog, ook de eerste en de laatste. |
| Trap | Aantrede, diepte van de trede | 22 tot 24 cm | minimaal 22 cm | Vuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm. |
| Trap | Vrije doorloophoogte boven de trap | 230 cm | minimaal 210 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond. |
| Trap | Spijlafstand van een balustrade | maximaal 10 cm | kleiner bij kinderen | Zo kan een kinderhoofdje er niet tussen. |
| Deuren | Binnendeur, standaardmaat | 83 bij 201,5 cm | 78 tot 93 cm breed | De dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad. |
| Deuren | Voordeur, standaardmaat | 88 bij 201,5 cm | 83 tot 100 cm breed | Breder is prettig bij verhuizen en bij een rollator. |
| Deuren | Speling onder een binnendeur | 1 tot 1,5 cm | 2 cm bij mechanische ventilatie | De kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet. |
| Deuren | Speling rondom in het kozijn | 3 mm | 2 tot 4 mm | Te weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt. |
| Deuren | Scharnieren, afstand tot de hoek | 20 cm van boven en onder | 15 tot 25 cm | Bij een zware deur een derde scharnier in het midden. |
| Ventilatie | Ventilatierooster in een raam | boven in het kozijn | op de bovenregel | Warme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder. |
| Ventilatie | Afzuigpunt in een badkamer | hoog in de ruimte | 20 tot 30 cm onder het plafond | Vocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet. |
| Ventilatie | Muurrooster kruipruimte | net boven het maaiveld | minimaal 15 cm | Anders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht. |
| Ventilatie | Dakdoorvoer, afstand tot de nok | minimaal 50 cm | afhankelijk van het type | Te dicht bij de nok geeft terugslag bij wind. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Controleer dit voordat de wand dichtgaat
Uit de praktijk
Muurplaten op 64 centimeter, en toen kwam de afvoer
Bij een nieuwe wastafelaansluiting waren de warm- en koudleidingen ingefreesd en de muurplaten op 64 centimeter gezet. De wastafel zou op 88 komen, en voor de waterkant klopte dat prima: de flexibele slangen van de kraan haalden de hoekstopkranen ruim en de koppelingen bleven bereikbaar.
Het knelpunt zat onder de wastafel. Er kwam een clickwaste in plaats van een gewone plug, en die bouwt een stuk hoger. Met de sifon eronder kwam het hart van de aansluiting op 52 centimeter uit, terwijl de afvoer al op 60 in de wand zat. De sifon paste er niet meer onder.
De les die eruit kwam: de wateraansluiting is vergevingsgezind, want die repareer je met langere slangen of een andere hoekstopkraan. De afvoer is dat niet, want water loopt niet omhoog. Hou de wastafel, de waste en de sifon dus fysiek bij elkaar en meet de werkelijke afstand op voordat je de afvoer uitzet.
Het leidingwerk stond op het beton en de vloer werd zeven centimeter dikker
In een verbouwing werd het sanitair afgetekend toen er nog een kale betonvloer lag. De maten onderling klopten keurig. Daarna kwam er isolatie onder de dekvloer, ging er vloerverwarming in en werd er een tegel van twaalf millimeter gelegd. Bij elkaar ruim zeven centimeter.
Het resultaat was een wastafel op 81 in plaats van de bedoelde 88, en een toilet dat merkbaar te laag hing. De wastafel kon nog omhoog omdat de slangen speling gaven en de afvoer wat steiler kon lopen. Bij het toilet lukte dat niet, want daar ligt de hoogte vast in het inbouwframe.
Sindsdien beginnen wij elke badkamer met een peilmaat op de wand, uitgezet op één meter boven de toekomstige afgewerkte vloer. Iedereen die daarna in die ruimte werkt, meet vanaf diezelfde streep. Dat is een half uur werk en het voorkomt precies dit soort verschuiving.
Dezelfde plek, een andere wastafel, vier centimeter verschil
Bij het vervangen van een oude wastafel werd de nieuwe kom op dezelfde bouten gehangen, want de afvoer en de leidingen zaten er al. Toen alles vastzat, bleek de bovenrand op 86 uit te komen in plaats van de gewenste 90.
De oorzaak zat in het model. Bij de oude wastafel zat het hart van de sifonaansluiting 35 centimeter onder de bovenrand, bij de nieuwe was dat 31 centimeter. Diezelfde afvoer levert dan een wastafel die vier centimeter lager uitkomt.
Wie een wastafel vervangt, rekent dus terug in plaats van de oude gaten over te nemen: gewenste bovenrand min de afstand tot het hart van de afvoer is de hoogte waarop de afvoer moet zitten. Klopt dat niet met de bestaande aansluiting, kies dan een model waarbij die afstand wel past. Dat is bijna altijd sneller dan een muur openhakken.
Veelgemaakte fouten
Aftekenen vanaf de ruwe vloer
Dekvloer, lijm en tegel tellen bij elkaar vijf tot negen centimeter, en met vloerverwarming loopt dat verder op. Wie op het beton aftekent, hangt alles precies zoveel te laag. Zet eerst een peilmaat op de wand en meet daarvandaan.
De afvoer op een tabelmaat zetten
Vijftig tot vijfenvijftig centimeter is een gemiddelde, geen maat voor jouw wastafel. De hoogte van de kom, het type waste en het model sifon verschuiven dat zomaar vijf centimeter. Meet de combinatie eerst droog op en reken daarna terug.
De opzetkom niet meerekenen
Het blad op 90 hangen en er dan een kom van vijftien centimeter op zetten, geeft een waspositie op 105 centimeter. Het water loopt dan langs je armen naar je mouwen. Hang het blad van een meubel met opzetkom rond 75 tot 82 centimeter.
Leidingen aanleggen voordat de wastafel gekozen is
Zonder de maattekening van het model dat er komt, gok je op de afvoerhoogte. Bij een inbouwkraan zitten de aansluitingen zelfs op een compleet andere plek dan bij een kraan op de wastafel. Koop het sanitair dus voordat je gaat frezen.
De montagetekening van het meubel overslaan
Een badmeubel met lades heeft een vrije zone waar de aansluitingen mogen zitten. Loopt de afvoer daarbuiten, dan zaag je de achterwand van de lade uit of past de lade helemaal niet meer. Dat merk je pas als de tegels al zitten.
Alles dichttegelen zonder een keer droog te passen
Een proefopstelling met wastafel, sifon en slangen kost een kwartier. Op dat moment zie je of de sifon vrij loopt van de muurplaten en of de hoogte klopt. Na het tegelen kost dezelfde correctie een dag en een zak tegellijm.
De spiegel op de oude hoogte laten hangen
Verplaats je de wastafel van 85 naar 90, dan schuift de spiegel mee. Blijft die op de oude plek, dan staat de onderrand te dicht op de kraan en krijgt hij continu spatwater te verwerken. Reken vijftien tot vijfentwintig centimeter tussenruimte.
Boren in de voeg in plaats van in de tegel
Een voeg voelt zachter en de boor loopt er graag naartoe. Maar een plug in een voeg staat scheef, krijgt weinig grip en trekt de voeg los als je de wastafel belast. Boor in het midden van de tegel, op laag toerental en zonder klopstand.
Veelgestelde vragen
Wat is de standaard hoogte van een wastafel in de badkamer?
De gangbare hoogte van een wastafel in de badkamer is 85 tot 90 centimeter, gemeten van de afgewerkte vloer tot de bovenrand. In recente badkamers is 90 het meest gebruikt, in oudere woningen kom je vaak 80 tot 85 tegen. Het is een gewoonte en geen voorschrift, dus je mag hem hangen op de hoogte die bij jouw lengte past.
Meet je de hoogte vanaf de ruwe vloer of vanaf de tegels?
Altijd vanaf de afgewerkte vloer, dus vanaf de bovenkant van de tegel waar je straks op staat. Ligt de vloer nog niet, reken dan de dekvloer, de lijm en de tegeldikte vooruit. Zet een peilmaat op de wand op één meter boven die toekomstige vloer en meet alles vanaf die streep. Anders hangt de wastafel al snel vijf tot negen centimeter te laag.
Op welke hoogte komen de waterleidingen voor de wastafel?
Bij een kraan die op de wastafel gemonteerd wordt, zet je de muurplaten met hoekstopkranen op 60 tot 65 centimeter boven de afgewerkte vloer. Op die hoogte blijven de koppelingen bereikbaar met een sleutel als de wastafel hangt. Houd hart op hart ongeveer vijftien centimeter aan, warm links en koud rechts, symmetrisch om het midden van de wastafel.
Op welke hoogte komt de afvoer van een wastafel?
Voor een wastafel op 90 centimeter ligt het hart van de afvoer meestal rond 50 tot 55 centimeter. Neem die waarde niet blind over. Stel de wastafel, de waste en de sifon droog samen, meet hoeveel het hart van de sifonaansluiting onder de bovenrand zit en trek dat van je gekozen hoogte af. Een clickwaste duwt de sifon een paar centimeter lager dan een gewone plug.
Hoe hoog hang je een badmeubel met een opzetkom?
Meet eerst hoe hoog de kom zelf is, meestal tien tot vijftien centimeter. Trek dat van je gewenste waspositie af en je komt uit op een blad tussen 75 en 82 centimeter. Hang je het blad op de gebruikelijke 90, dan was je je handen op ruim een meter en loopt het water langs je onderarmen naar binnen. Bij een halfinbouwkom telt ongeveer de helft van de komhoogte mee.
Is 90 centimeter niet te hoog voor een wastafel?
Voor iemand van rond de 1,60 meter is 90 aan de hoge kant, want de bovenrand komt dan boven de heup uit en je moet met je ellebogen omhoog. Voor de meeste volwassenen tussen 1,70 en 1,90 meter is 90 juist prettiger dan de oude 85. Test het voordat je boort: leg een plank op de gedachte hoogte en doe alsof je je handen wast.
Op welke hoogte hang je een wastafel voor kinderen?
Een wastafel speciaal voor kinderen komt op 60 tot 70 centimeter, maar wij raden dat zelden aan. Een kind groeit uit die maat binnen een paar jaar, terwijl de afvoer in de wand blijft zitten. Hang de wastafel liever op de normale hoogte en zet er een stevig opstapje van vijftien tot twintig centimeter bij. Dat opstapje kun je weghalen zodra het niet meer nodig is.
Hoeveel ruimte houd je aan tussen twee wastafels naast elkaar?
Reken op minimaal negentig centimeter hart op hart, en honderd centimeter werkt in de praktijk prettiger omdat je dan naast elkaar kunt staan zonder ellebogen te raken. Houd ook aan beide zijden minimaal twintig centimeter vrij tot de wand of een hoek. Elke wastafel krijgt een eigen afvoer, en die twee mogen op de gebruikelijke hoogte samenkomen op één afvoerbuis.
Welke hoogte is geschikt voor een rolstoelgebruiker?
Een onderrijdbare wastafel hangt op 80 tot 83 centimeter, met minimaal 67 centimeter vrije hoogte onder de voorrand en ongeveer 30 centimeter vrije diepte. Gebruik een platte of ver naar achteren geplaatste sifon zodat er ruimte voor de knieën overblijft, en isoleer de warmwaterleiding onder de wastafel tegen verbranding. Een kraan met een lange hendel of een thermostaatkraan met begrenzing werkt hier het best.
Kan ik een bestaande wastafel hoger hangen?
Omhoog gaan lukt vaak wel: de flexibele slangen hebben meestal speling en de afvoerbuis mag steiler naar de muur lopen. Twee tot vijf centimeter is daarmee te doen zonder hakwerk. Omlaag gaan is lastiger, want dan komt de sifon onder de bestaande afvoeraansluiting en water loopt niet omhoog. Kies in dat geval liever een wastafel met een grotere afstand tussen de bovenrand en de sifon.
Hoe hoog hangt de spiegel boven de wastafel?
De onderkant van de spiegel komt vijftien tot vijfentwintig centimeter boven de wastafelrand, wat bij een wastafel op 90 neerkomt op ongeveer 105 tot 115 centimeter. De bovenkant ligt meestal tussen 190 en 200 centimeter, zodat ook de langste huisgenoot zijn gezicht er nog in ziet. Verhoog je de wastafel, dan schuift de spiegel dezelfde afstand mee omhoog.
Mag er een stopcontact naast de wastafel zitten?
Dat mag, maar niet overal. Een gewoon stopcontact hoort minimaal zestig centimeter horizontaal van de rand van de wastafel en van de douche te zitten, en de groep hoort achter een aardlekschakelaar van 30 mA. In de praktijk komt hij naast of in de spiegelkast, op 110 tot 130 centimeter. Wat elders in huis gebruikelijk is, staat bij de hoogte van een stopcontact.
Wanneer je beter een vakman belt
Het uitzetten en ophangen van een wastafel is werk dat je zelf kunt doen. Het is meetwerk, en de kwaliteit zit in het vooruit denken, niet in speciaal gereedschap. Er zijn wel een paar momenten waarop wij zouden bellen.
Het eerste is het verplaatsen van de afvoer wanneer die in een betonvloer of in een dragende wand ligt. Hakken of boren in een dragende constructie tast de sterkte aan, en de plek van de wapening zie je niet. Laat dat beoordelen voordat er een beitel in gaat.
Het tweede is de aansluiting op de standleiding. Een verkeerd aangesloten of onvoldoende ontluchte afvoer zuigt de sifon leeg en dan staat de rioollucht in de badkamer. Wie dat punt in de leiding moet aanpassen, is bij een loodgieter beter af.
Het derde is elektra. Een groep bijplaatsen of iets aanpassen in de meterkast achter de hoofdzekering is werk voor een installateur, ook als het alleen om een stopcontact bij de spiegel gaat.
Verbouw je een badkamer uit de jaren zestig of zeventig, houd dan rekening met asbest in oude tegellijm, vloerzeil of wandplaten. Laat dat onderzoeken voordat je gaat slopen. Boren en zagen in asbesthoudend materiaal brengt vezels in de lucht en dat is geen risico dat je voor een paar centimeter wastafelhoogte neemt.