Schildertechniek: van goed voorbereiden tot een strakke laklaag
Bij schilderwerk zit de winst vrijwel nooit in de verf en bijna altijd in het voorwerk. Ontvetten, schuren, opnieuw ontvetten en stofvrij maken bepalen of de laklaag over tien jaar nog vastzit. Daarna gaat het om drie keuzes: welke opbouw je ondergrond nodig heeft, of je rolt, kwast of spuit, en of je binnen de temperatuur- en vochtgrenzen werkt die op het blik staan.
Alle gidsen over schildertechniek
Mdf schilderen
Mdf schilderen valt of staat bij de kopse kanten en bij de opbouw eronder. Het vlak van een plaat is…
Trespa schilderen
Trespa schilderen kan, maar de plaat vraagt erom in deze volgorde: grondig wassen en ontvetten, mat schuren met een fijne…
Afplaktape action
Voor een klus die je binnen een dag afmaakt, doet de afplaktape van de Action precies wat hij moet doen:…
Schilderstape action
Schilderstape van de Action is standaard crêpetape en die voldoet prima voor binnenwerk dat dezelfde dag weer wordt afgeplakt en…
Betonvloer schuren
Beton schuur je met diamant, niet met schuurpapier: korrel 40 op een schuurmachine is binnen een minuut bot omdat cement…
Waar schilderwerk in de praktijk op vastloopt
Verf is zelden de boosdoener. Bijna alles wat er misgaat aan een deur, een kozijn of een muur is terug te voeren op de voorbereiding, op het gereedschap of op het moment waarop je aan het werk gaat. Met een pot uit het middensegment op een goed voorbereide ondergrond haal je een beter resultaat dan met de duurste lak op een vette, gladde plaat. Welke andere onderdelen bij dit vak horen, zie je in het overzicht van schilderen en behangen.
Vier dingen bepalen de uitkomst: wat voor ondergrond er onder je handen ligt, hoe je die schoonmaakt en opruwt, waarmee je de verf aanbrengt, en onder welke omstandigheden je werkt. Snijd je op een van die vier de bocht af, dan zie je dat terug in het eindresultaat, meestal pas op het moment dat de laatste laag erop zit.
De meeste klachten die wij tegenkomen zijn dan ook geen verfklachten. Strepen komen van te lang narollen, stofjes van een niet-schoongemaakte ruimte, loslatende verf van een ondergrond die niet ontvet was, en matte plekken buiten van te veel vocht in de lucht. In de tabel hieronder staan de veelvoorkomende symptomen naast hun werkelijke oorzaak.
| Wat je ziet | Waar het meestal aan ligt | Wat je de volgende keer anders doet |
|---|---|---|
| Banen en strepen in de lak | Te lang doorgerold of nagestreken in verf die al aantrok | Snel opzetten met een verzadigde roller en de verf zelf laten uitvloeien |
| Stofjes in het oppervlak | Schuurstof dat opnieuw opwaait tijdens het lakken | Stofzuigen, een uur laten rusten en de vloer met een plantenspuit vernevelen |
| Verf laat na een jaar los in schilfers | Niet ontvet of niet opgeruwd, dus geen hechting | Ontvetten, schuren, opnieuw ontvetten en pas dan gronden |
| Fijne putjes in het spuitwerk | Sinaasappelhuid door te dikke verf, te weinig druk of te ver spuiten | Verf verdunnen volgens het technisch blad en dichter op het werk blijven |
| Zakkers en gordijnen op verticale vlakken | Te veel verf in één keer, meestal in hoeken en profielen | Dunner opzetten, twee lagen in plaats van één dikke |
| De kleur dekt niet, de oude tint schijnt door | Te weinig grondlagen, zeker bij een kleursprong | Gronden in de tint van de aflak en twee grondlagen aanhouden |
| Een oude vlek komt door de nieuwe verf heen | Wateroplosbare stoffen uit de vlek trekken door watergedragen verf | Eerst een isolerende primer op shellacbasis, daarna pas muurverf |
| Rafelige rand langs de afplaktape | Tape te laat verwijderd, de verffilm scheurt mee | Tape lostrekken zolang de verf nog niet is doorgehard |
| Matte, doffe plekken in verse buitenlak | Waterdamp die op de nog natte film neersloeg | Stoppen zodra de luchtvochtigheid boven de 85 procent komt |
| De deur klemt of plakt in het kozijn | Te vroeg dichtgedaan, de lak was wel droog maar nog niet hard | Deur dagen open laten en de aanslag pas als laatste lakken |
Ontvetten, schuren en stofvrij maken
Dit is het deel van de klus waar niemand zin in heeft en waar het resultaat volledig van afhangt. Verf hecht op twee manieren: chemisch aan een schone ondergrond en mechanisch aan een opgeruwde ondergrond. Ontbreekt een van die twee, dan zit de laag er los op en zie je dat pas maanden later.
De volgorde die wij aanhouden is ontvetten, schuren, en daarna nog een keer ontvetten. Dat klinkt dubbel, maar er zit logica in. Begin je met schuren, dan wrijf je het aanwezige vet in het hout en trek je het met je schuurpapier over de rest van het vlak uit. Je verspreidt het vuil dan precies over het deel dat je net schoon had. Na het schuren neem je opnieuw af, deze keer om het schuurstof en het laatste huidvet weg te halen.
Ontvetten doe je met het klassieke schoonmaakpoeder op ammoniakbasis dat elke schilder in de bus heeft staan, of met een ammoniakoplossing in lauw water. Terpentine is geen ontvetter. Het lost vet op en laat het bij het opdrogen als een dunne film achter, waardoor je precies het tegenovergestelde bereikt. Groene zeep en azijn zijn prima om geschilderd werk schoon te maken, maar spoel dan wel na met schoon water, want zeepresten geven kraters in de nieuwe laag.
| Wat je doet | Korrel | Waarom juist die korrel |
|---|---|---|
| Kaal vurenhout of grenen gladmaken | 120 tot 150 | Ruw genoeg om nerf en zaagsporen weg te nemen zonder diepe krassen |
| Een gladde plaat zoals betonplex opruwen | 120 tot 150 | Je wilt de gesloten toplaag echt matteren, fijner papier glijdt eroverheen |
| Bestaande harde lak matteren voor overschilderen | 180 tot 240 | De glans breken is genoeg, doorschuren tot op het hout hoeft niet |
| Tussen de grondlaag en de aflak | 240 tot 320 | Nog net voelbaar ruw, maar zonder krassen die door de aflak heen komen |
| Tussen twee laklagen in hoogglans | 320 tot 400 | Bij 180 haal je te veel laagdikte weg en schuur je zo door de laag heen |
| Laatste keer voor een spuitachtig resultaat | 400 tot 600 | Alleen zinvol op een echt vlakke ondergrond, op nerfhout heeft het geen effect |
| Gips, gipswand of spack glad schuren | 120, daarna 180 tot 240 | Eerst de bulten weg, daarna pas de krassen van de eerste gang |
| Plamuur wegwerken | 120 tot 180 | Grover papier vreet een kuil in de zachte plamuur naast het harde hout |
| Fineer schuren en lakken | 180 tot 240, met de nerf mee | Fineer is vaak nog geen millimeter dik, met 120 zit je er zo doorheen |
| Hardhout schuren zoals meranti of merbau | 150, daarna 240 | Dicht hout laat zich fijn schuren, maar de open nerf moet wel opgevuld raken |
| Koperen leiding of messing opruwen voor lak | 240 met schuurvlies | Alleen de oxidehuid eraf, dieper schuren maakt het oppervlak juist gladder |
Verfopbouw en schuren tussen de laklagen
Bij schilderwerk is een laklaag geen los product maar een systeem: een primer of grondverf die hecht en vult, en een aflak die de kleur en de slijtvastheid levert. De fout die het vaakst gemaakt wordt, is denken dat één laag grondverf genoeg is. Watergedragen verf heeft na het drogen nauwelijks laagdikte, en juist de grondverf geeft de body waar de aflak op ligt. Bij een kleursprong of op kaal hout houden wij daarom twee grondlagen aan.
Moet je schuren tussen twee laklagen? Ja, en de reden is simpel: een gladde, doorgeharde laklaag geeft de volgende laag te weinig houvast. Onder de microscoop maak je met schuurpapier kanalen die het hechtoppervlak vergroten. Opschuren is daarbij iets anders dan doorschuren. Je wilt de glans breken en de stofpukkels wegnemen, niet de laag die je net hebt opgebracht weer verwijderen.
Op mdf met hoogglans is korrel 180 tussen de lagen te grof. Je haalt er te veel verf mee weg en op één plek te lang doorgaan betekent dat je er doorheen zit. Wij pakken daar liever een groot vel schuurvlies, het pad-achtige materiaal dat bij de bouwmarkt naast het schuurpapier hangt. Dat laat de laagdikte grotendeels intact, maakt alleen minuscule krasjes en loopt niet vol met stof: je klopt het even uit en gaat verder. Laat de verf wel echt doorharden voordat je gaat schuren, anders slibt je papier binnen een halve minuut dicht. Hoe lang je daarvoor moet uittrekken staat in onze tabel met droogtijden per product.
Glad schuren doe je met je vingertoppen en niet met je ogen. Zie je een streep, voel er dan overheen voordat je er nog een keer met schuurvlies overheen gaat, want je ogen bedriegen je op een net gelakt vlak vaker dan je hand.
| Situatie | Opbouw die wij aanhouden | Schuren tussen de lagen |
|---|---|---|
| Kaal hout binnen, deur of kozijn | 1x voorstrijk of verdunde grondverf, 2x grondverf, 1x aflak | Na elke grondlaag met 240, voor de aflak met 320 |
| Kaal hout buiten | 1x grondverf rondom, 2x grondverf op kopse kanten, 2x aflak | Na de grondverf met 240, tussen de twee aflaklagen licht met 320 |
| Bestaand, gaaf schilderwerk binnen bijwerken | Beschadigingen gronden, daarna 1x aflak over het geheel | Alles matteren met 240 of schuurvlies |
| Grote kleursprong, donker naar licht | 2x grondverf in de tint van de aflak, 2x aflak | Tussen alle lagen licht opschuren met 320 |
| Aflakken binnen, een of twee lagen | Eén laag volstaat op een goed gegronde ondergrond | Alleen nodig als er stofpukkels in de eerste laag zitten |
| Aflakken buiten, een of twee lagen | Altijd twee lagen, buiten is de laagdikte de bescherming | Licht opschuren tussen de lagen met 320 |
| Spuiten in plaats van rollen | Minimaal 2x grondlak en 2x aflak, want je brengt dunner aan | Tussen elke laag met schuurvlies of 400 |
| Metaallak met hamerslageffect | 2 tot 3 dunne lagen kort na elkaar in hetzelfde systeem | Binnen het overschilderinterval niet schuren, daarna wel matteren |
| Muurverf op stucwerk | 1x voorstrijk of 15 procent verdunde muurverf, 2x muurverf | Alleen de spatjes en korrels wegnemen met een schuurspons |
| Isolerende primer over een vlek | 1x isolerende primer op shellacbasis, daarna het normale systeem | Licht matteren, de primer droogt hard en glad op |
Hout en plaatmateriaal: wat elke soort nodig heeft
Plaatmateriaal en massief hout vragen elk hun eigen voorbehandeling, en het verschil zit vooral in twee dingen: hoeveel de ondergrond opzuigt en hoe glad de fabriek hem heeft afgeleverd. Mdf zuigt op de kopse kant als een spons en blijft op het vlak juist dicht. Betonplex is aan beide kanten volledig gesloten. Underlayment is ruw en open. Dezelfde grondverf gedraagt zich op die drie compleet anders.
Voor de gesloten platen geldt: opruwen met korrel 120 tot 150, ontvetten, en dan een hechtprimer. Voor de zuigende platen geldt het omgekeerde: eerst verzadigen met een verdunde eerste laag zodat de verf zich in het materiaal vastzet, en pas daarna normaal opbouwen. Op mdf gaat de meeste tijd zitten in de kopse kanten, want die blijven verf opnemen tot je ze dichtzet. Hoe je dat aanpakt staat in onze gids over mdf schilderen, inclusief de opbouw voor een hoogglans afwerking.
Bij massief hout is de vraag vooral of er hars, olie of een oude behandeling in zit. Knoesten in vuren en grenen bloeden door elke witte verf heen en moeten met een knotting sealer worden afgesloten. Teak en andere olierijke tropische houtsoorten moeten vlak voor het lakken worden afgenomen met aceton of thinner, omdat de eigen olie anders de hechting tegenhoudt.
| Materiaal | Voorbehandeling | Waar het misgaat |
|---|---|---|
| Mdf | Vlak licht schuren met 180, kopse kanten dichtzetten met plamuur of mdf-primer | Kopse kanten blijven zuigen en worden ruw en donker |
| Spaanplaat en groene vochtwerende spaanplaat | Ontvetten, 150 schuren, hechtprimer, randen extra gronden | Vocht zwelt de plaat op, de verf scheurt dan mee |
| Meubelpaneel en meubelplaat | Licht schuren met 180, hechtprimer, dun opbouwen | De dunne toplaag laat los als je te grof schuurt |
| Underlayment | Ruw oppervlak eerst met 120 vlakken, verdunde grondlaag, dan 2x gronden | Zuigt de eerste laag volledig op, wat vlekkerig oogt |
| Betonplex | Ontvetten, opruwen met 120 tot 150, voorlakken, schuren met 360, aflakken | Zonder opruwen hecht niets op de gesloten filmlaag |
| Multiplex en triplex | Schuren met 150, kopse kanten twee keer gronden | De lijmnaden tekenen zich af als je te dun gront |
| Osb | Verzadigen met verdunde primer, daarna twee volle lagen | De structuur blijft altijd zichtbaar, gladstrijken lukt niet |
| Hardboard en zachtboard | Zachtboard alleen met dampopen verf, hardboard licht opruwen | Te veel vocht in de verf laat de plaat bol trekken |
| Vurenhout en grenen | Knoesten isoleren, schuren met 120 tot 150, dan gronden | Zonder knotting sealer komen de knoesten geel door de lak |
| Hardhout zoals meranti en merbau | Schuren met 150, ontvetten, watervaste grondverf | Looistoffen in merbau geven roodbruine uitslag bij vocht |
| Teakhout | Direct voor het lakken afnemen met aceton of thinner | De eigen olie duwt de laklaag er binnen een seizoen weer af |
| Fineer | Alleen met de hand of met een vlakschuurmachine, 180 tot 240 | Fineer is flinterdun, met een excentrische machine schuur je erdoorheen |
| Beuken, kersen en eiken | Schuren met 150 en 240, ontvetten, garnering van de nerf accepteren | Eiken kleurt donker bij contact met ijzerhoudend schuurstof |
| Gelakt of gebeitst hout | Glans breken met 180 tot 240, ontvetten, hechtprimer | Dekkende lak over beits bloedt door zonder isolerende laag |
| Geolied hout | Doorschuren tot op kaal hout, ontvetten, dan pas lakken | Olie in de poriën blijft de hechting tegenwerken |
| Bamboe | Licht schuren met 240, hechtprimer op waterbasis | De harde silicaatlaag geeft weinig grip, dus dun opbouwen |
| Kurk | Niet schuren, direct een dun laagje watergedragen lak of muurverf | Kurk zuigt de eerste laag helemaal op en verliest zijn veerkracht |
| Steenschotten en ruw bouwhout | Nietjes en spijkers eruit, zand afborstelen, schuren met 60, 80 en 120 | Zand en cementgruis slijten je schuurpapier binnen een paar halen |
| Houtwolcementplaten | Ontstoffen, dampopen minerale verf of muurverf, liefst gespoten | Rollen trekt de houtwol los en de plaat zuigt de eerste laag volledig op |
| Boomschors en schorsdelen | Zacht afborstelen, dun opzetten met watergedragen verf of spuitverf | Schors is bros en laat van het spinthout los, een dikke laag scheurt mee |
Kunststof, metaal en steen schilderen
Bij hout draait alles om zuigen, bij kunststof en metaal draait alles om hechting. Deze ondergronden nemen niets op, dus de verf blijft er puur mechanisch en chemisch op zitten. Een hechtprimer die voor het materiaal bedoeld is, is hier geen extra stap maar de hele basis.
Kunststof en gepoedercoate delen matteer je volledig met schuurvlies. Je hoeft geen materiaal weg te halen, je moet alleen de glans breken zodat er geen enkel glimmend plekje overblijft. Ontvetten doe je daarna met spiritus of een siliconenvrije ontvetter, niet met thinner of aceton, want die tasten pvc en plexiglas juist aan en maken het oppervlak dof en ruw.
Metaal vraagt bovendien om roestbehandeling. Losse roest ga je te lijf met een staalborstel of schuurvlies tot je op vast materiaal zit, daarna komt er een roestwerende primer op. Op verzinkt staal en op aluminium gebruik je een primer die speciaal voor die metalen is gemaakt, want een gewone metaalprimer laat op zink binnen een jaar los. Bij trespa en andere hpl-gevelplaten geldt weer een eigen aanpak, want die platen zijn zo dicht dat alleen de juiste primer eraan blijft plakken. Wat daar wel en niet op werkt lees je bij het schilderen van trespa.
| Ondergrond | Zo pak je het aan | Dit juist niet doen |
|---|---|---|
| Pvc en kunststof regenpijp | Matteren met schuurvlies, ontvetten met spiritus, hechtprimer voor kunststof | Geen aceton of thinner, die vreten de toplaag aan |
| Kunststof kozijn, deur en vensterbank | Volledig matteren, hechtprimer, twee dunne lagen zijdeglans | Geen donkere kleur op een zuidgevel, kunststof zet dan te veel uit |
| Kunststof garagedeur en sectionaaldeur | Matteren, hechtprimer, dun spuiten of rollen met een fijne lakroller | Niet in de rubbers en de geleiding schilderen |
| Hpl en trespa | Reinigen, matteren, primer die voor gesloten plaatmateriaal is bedoeld | Niet grof schuren, je beschadigt de decorlaag |
| Keralit en kunststof gevelbekleding | Reinigen met een ontvetter, matteren, hechtprimer met uv-vaste aflak | Niet in de volle zon werken, het materiaal is dan te warm |
| Werzalit en houtcomposiet | Reinigen, licht matteren, hechtprimer | Niet natspuiten met de hogedrukreiniger, water trekt in de kern |
| Witte dakplaten en unidek sandwichpanelen | Ontvetten, matteren, watergedragen hechtprimer | Geen oplosmiddelrijke verf, die tast de schuimkern aan bij naden |
| Gepoedercoat aluminium | Reinigen, volledig matteren, tweecomponenten hechtprimer | Zonder matteren rolt de verf er in vellen weer af |
| Blank aluminium kozijn | Ontvetten, schuren met 240, wash-primer of aluminiumprimer | Nooit direct aflakken op kaal aluminium |
| Stalen kozijn en metalen binnenkozijn | Roest wegnemen tot vast staal, roestwerende primer, dan aflakken | Geen verf over losse roest, die blijft eronder doorwerken |
| Damwandprofiel en verzinkt staal | Ontvetten, matteren, primer die voor zink geschikt is | Geen alkydverf direct op zink, die verzeept |
| Koper, messing en chroom | Oxidehuid weg met schuurvlies 240, hechtprimer, dun aflakken | Niet polijsten voor je gaat lakken, dan wordt het te glad |
| Lood en loodslabben | Ontvetten, matteren, primer op basis van een loodgeschikte hechtlaag | Lood werkt sterk, dus geen harde lak die meteen scheurt |
| Beton binnen en buiten | Laten uitharden, ontstoffen, betonprimer, dan betonverf | Niet schilderen binnen vier weken na storten |
| Beton ciré | Reinigen, matteren, hechtprimer, dan een lak die tegen slijtage kan | Niet overschilderen met muurverf, die slijt er zo weer af |
| Baksteen en schoon metselwerk | Losse specie weg, borstelen, dampopen minerale verf | Geen dichte kunststofverf, vocht kan er dan niet meer uit |
| Natuursteen en stenen vensterbank | Reinigen, dampopen siliconaatverf of speciale steenverf | Geen dichte lak, de steen kan dan gaan afschilferen bij vorst |
| Gips, spack en stucwerk | Volledig laten drogen, ontstoffen, voorstrijken, dan muurverf | Niet schilderen op nog vochtig stucwerk |
| Stalen binnenkozijn van het type Polynorm | Ontroesten tot vast staal, roestwerende primer, twee dunne aflaklagen | Te veel laagdikte in de sponning laat de deur klemmen |
| Gietijzeren of stalen badkuip | Ontkalken, ontvetten, nat matteren met 400, tweecomponenten badcoating | Gewone lak houdt geen heet water en schoonmaakmiddel |
Deuren schilderen: hangend of liggend
De vraag of je deuren schilderen hangend of liggend moet doen, heeft een duidelijk antwoord: hangend, in de scharnieren. Een deur die plat ligt, is een horizontale vlakke tafel waar al het stof in de ruimte op neerdaalt, en dat stof zit in je natte lak. Hangend valt het stof er langs. Je hoeft de deur ook niet uit te hangen en niet te verplaatsen, wat schade en krom trekken scheelt.
Wie liggend werkt doet dat meestal omdat verf dan niet zou uitzakken. Dat argument gaat niet op als je dun genoeg opzet. Zakkers ontstaan door te veel verf in één gang, niet door de stand van de deur. Ga je toch spuiten, dan hang je de deur op met twee schroefogen in de boven- en onderkant, zodat je beide zijden achter elkaar kunt doen en ze tegelijk drogen.
De aanpak per deurzijde is bij een vlakke deur steeds hetzelfde: verf verticaal opzetten met een goed verzadigde lakroller, horizontaal uitrollen zodat je alles verbindt, en dan met weinig druk verticaal afrollen. Daarna kom je er niet meer aan. Bij watergedragen lak is doorgaan met rollen of nastrijken met een kwast precies wat de strepen veroorzaakt, want de verf trekt al aan terwijl jij nog bezig bent. De lak moet zelf vlak gaan staan.
Een deur met panelen of ruitjes vraagt wel een kwast, en daar is de volgorde belangrijk: eerst de verdiepte panelen en de profielen, dan de horizontale regels, dan de verticale stijlen. Zo veeg je de overgangen steeds mee in nat werk in plaats van dat je een aangedroogde rand terugvindt.
| Type deur | Zo pak je hem aan | Waar het misgaat |
|---|---|---|
| Vlakke opdekdeur | Hangend, met lakroller opzetten en afrollen, geen kwast erbij | Nastrijken met de kwast geeft banen die je in glans terugziet |
| Stompe deur | Hangend, en de vier kopse kanten meenemen in dezelfde gang | De bovenkant wordt vergeten en zuigt vocht op |
| Paneeldeur | Kwast voor de panelen en profielen, roller voor de vlakken | Verf blijft in de hoeken van het paneel staan en zakt uit |
| Deur met glasverdeling | Smalle lakkwast van 25 mm, langs het glas met een strak randje | Afplakken kost bij tien ruitjes meer tijd dan strak schilderen |
| Kunststof deur of kunststof opdekdeur | Matteren met schuurvlies, hechtprimer, twee dunne aflaklagen | Zonder matteren laat de lak in vellen los |
| Binnenkant voordeur | Als gewone binnendeur behandelen, aanslag als laatste lakken | De deur wordt te vroeg dichtgedaan en plakt vast |
| Buitendeur en schuurdeur | Twee aflaklagen, onderkant en kopse kanten extra gronden | De onderkant blijft kaal en zuigt water op |
| Deur in een stalen kozijn | Kozijn ontroesten en primeren, deur apart afwerken | Roest onder de lak werkt door en drukt de verf omhoog |
Rollen, strijken en nat in nat werken
Het gereedschap waarmee je de verf aanbrengt bepaalt meer dan de meeste mensen denken. Goedkope rollers hebben een te grove structuur en laten die structuur achter in de lak. Een echte lakroller is fijnporig, heeft afgeronde zijkanten zodat je geen rand met verf naast de baan zet, en is smal genoeg om in één keer over een deurvlak te lopen.
Nat in nat schilderen betekent dat je de volgende baan aanbrengt terwijl de vorige nog niet is aangetrokken, met een overlap in plaats van er strak naast. Zo krijg je geen zichtbare aanzetten op een zuigende ondergrond. Op een muur werk je in banen van een rollerbreedte plus een paar centimeter overlap, en je legt de rol steeds in de natte rand van de vorige baan. Werk je een hele wand in één ruk af, dan zie je later geen enkele scheiding.
Voor een echt gladde muur helpt een tweede gang haaks op de eerste, nadat de laag even heeft kunnen aantrekken. Bij het voorstrijken kun je in plaats van een aparte voorstrijk ook je eigen muurverf met vijftien procent water verdunnen, in dezelfde kleur als de eindlaag. Dat scheelt een product en een handeling, en je hoeft dan niet te gokken of de voorstrijk en de muurverf elkaar verdragen. Hoeveel je nodig hebt en hoeveel er van verdunnen bij komt, reken je uit met onze rekenhulp voor verfhoeveelheden.
Vul altijd eerst het kader in met een kwast, de randen langs plafond, hoeken en plinten, en rol dat direct uit met een radiatorroller van tien centimeter. Zo krijgt de rand dezelfde structuur als de rest van de wand en zie je later geen kwaststreken langs de hoeken staan.
| Roller of kwast | Waarvoor | Waar je op let |
|---|---|---|
| Fijnporige schuimrubber lakroller, 10 cm | Deuren, kozijnen en vlakke panelen in watergedragen lak | Nieuw rollertje eerst uitwassen, anders krijg je luchtbelletjes |
| Viltroller of lakviltroller | Hoogglans en zijdeglans op vlakke deuren | Geeft het gladste resultaat, maar neemt weinig verf op |
| Microvezel lakroller | Watergedragen lak op grotere vlakken | Vraagt om snel doorwerken, de verf trekt er snel uit |
| Microfiber muurroller | Latex en muurverf op stucwerk | Pluist minder dan een goedkope vachtroller |
| Vachtroller 12 tot 18 mm | Structuurmuren, spack en ruw stucwerk | Langere pool voor meer structuur, korter voor een gladde muur |
| Muurroller 25 cm met beugel | Grote wanden en plafonds | Verticaal van onder naar boven opzetten geeft de minste strepen |
| Radiatorroller 10 cm | Achter radiatoren en langs het ingekwaste kader | Zet hem op een verlengsteel, anders kom je er niet achter |
| Blokkwast | Kader inkwasten, hoeken en randen op de muur | Verf altijd meteen uitrollen zolang die nog nat is |
| Platte lakkwast 50 mm | Kozijnen, stijlen en dorpels | Kwast maar tot een derde in de verf dopen |
| Smalle lakkwast 25 mm | Glaslatten, roeden en profielen | Zet een randje verf van 2 mm op het glas voor de waterkering |
| Lakviltrollers van 5 en 10 cm | Kozijnen, deurstijlen en kleine vlakken in zijdeglans of hoogglans | Wegwerpartikel: een hard geworden viltroller geeft direct strepen |
| Osmo roller of een microvezelroller voor olie | Hardwasolie op vloeren, traptreden en houten werkbladen | Dun uitrollen en naboenen, olie mag nergens als plas blijven staan |
Spuiten: airless, compressor of elektrisch
Spuiten geeft het strakste resultaat dat er is, en het is tegelijk de techniek waarbij de meeste mensen zichzelf overschatten. De verf komt er dunner op dan met een roller, wat betekent dat je meer lagen nodig hebt en niet minder. Reken op minimaal twee grondlagen en twee aflaklagen, want anders ziet het werk er schraal uit alsof de verf op was.
De keuze tussen een spuitpistool op een compressor en een elektrisch apparaat hangt af van wat je er verder mee doet. Een compressor is een allrounder die ook een nietpistool en een breekhamer aandrijft, maar voor verf heb je er een water- en olieafscheider bij nodig. Zonder die afscheider blaas je condens en compressorolie in je natte lak, en dan krijg je kraters die niet meer weg te werken zijn. Gebruik je het apparaat alleen om te spuiten, dan is een elektrisch systeem logischer: die zijn er speciaal voor gebouwd en geven minder nevel.
Airless spuiten werkt zonder lucht en perst de verf onder hoge druk door een kleine nozzle. Dat is snel en geschikt voor muren, plafonds en grote gevels, maar de nevel is fors en de straal is zo krachtig dat hij door je huid kan dringen. Voor fijn lakwerk op deuren en kozijnen is een systeem met lage druk en veel luchtvolume prettiger, omdat je daar veel meer controle over het spuitbeeld hebt.
Verdunnen hoort erbij. Vrijwel geen enkele lak is uit het blik dun genoeg om door een nozzle te gaan. Hoeveel er bij moet staat in het technisch informatieblad van het product, en dat is per verf en per opening anders. Maak altijd eerst een proefstuk op een plaatje. Hoeveel verf je in totaal nodig hebt en wat verdunnen daarmee doet, reken je door met onze calculator voor verfverbruik.
| Systeem | Waarvoor geschikt | Wat je erbij nodig hebt | Nadeel |
|---|---|---|---|
| Elektrische spuit met lage druk uit de bouwmarkt | Meubels, kastfronten, losse deuren | Verdunning, een proefstuk en veel afdekfolie | Beperkte fijnheid van verneveling, niet elk product gaat erdoor |
| Spuit met losse turbine | Deuren, kozijnen, trapleuningen, fijn lakwerk | Slang, verschillende naaldsets en filters | Prijs, en je moet leren doseren |
| Spuitpistool op een compressor | Lakwerk en metaalwerk, ook plaatselijk bijwerken | Compressor met genoeg luchtopbrengst en een water- en olieafscheider | Zonder afscheider komen water en olie in de laklaag |
| Airless | Muren, plafonds, gevels, grote oppervlakken | Nozzles in verschillende maten, filters en een verlengsteel | Veel nevel, hoge druk en een reële kans op letsel |
| Air-assisted airless | Groot lakwerk waar toch een fijn spuitbeeld nodig is | Compressor plus airlessunit | Kostbaar en alleen zinvol bij veel werk achter elkaar |
| Spuitbus | Scharnieren, beslag, kleine metalen delen | Ontvetter en een kartonnen spuitbak | Weinig laagdikte, dus veel dunne gangen nodig |
Afplakken, en wanneer je beter niet afplakt
Tape is geen garantie voor een strakke lijn. Tape die verkeerd gekozen is of te lang blijft zitten, geeft juist het rommeligste resultaat. Er zijn drie dingen die het verschil maken: de kleefkracht, de ondergrond waarop je plakt en het moment waarop je hem er weer af haalt.
De goedkope crêpetape die je per rol van tien koopt, vaak verkocht als tcx-tape, is bedoeld voor grof afdekwerk en niet voor een scherpe verfrand. Hij laat lijm achter en de verf kruipt er onderdoor. Voor een nette lijn heb je schilderstape nodig met een gelijkmatige rand, en voor kwetsbare ondergronden zoals verse verf, behang of glad stucwerk pak je tape met lage kleefkracht, de variant die als sensitive in het schap ligt. Welke rollen uit het lage prijssegment de moeite waard zijn hebben wij vergeleken bij afplaktape van de Action.
Het moment van verwijderen is waar het meestal misgaat. Laat je de tape zitten tot de tweede laag erop zit en volledig droog is, dan zijn de verffilm en de tape één geheel geworden en scheurt de verf mee. Dan sta je met een gerafelde rand die je helemaal moet bijwerken. Haal de tape er daarom af terwijl de verf nog niet is doorgehard, of snijd de rand vooraf in met een vers afbreekmesje.
Werk je in twee lagen, dan is de vaste methode simpel: tape eraf na de eerste laag, opnieuw plakken voor de tweede. Dat kost tien minuten extra per kamer en bespaart je een uur bijwerken. Wil je toch doorwerken zonder opnieuw te plakken, gebruik dan tape die daar geschikt voor is en houd de totale plaktijd zo kort mogelijk. Wat je van de goedkoopste rollen mag verwachten bij zo'n tweede laag, hebben wij uitgeprobeerd met schilderstape uit het lage prijssegment.
| Tape of afdekmiddel | Waarvoor | Hoe lang laten zitten |
|---|---|---|
| Standaard crêpetape | Grof afdekwerk, folie vastzetten, plastic aan de vloer | Direct na de klus eraf, hij laat lijm achter |
| Schilderstape met scherpe rand | Kleurscheidingen, kozijnen, plinten | Verwijderen zolang de verf nog soepel is |
| Tape met lage kleefkracht | Verse verf, behang, glad stucwerk, gelakt hout | Kan enkele dagen blijven zitten |
| Buitentape met uv-bestendige lijm | Buitenwerk, kozijnen, gevelwerk | Meestal enkele weken, maar niet langer dan opgegeven |
| Afplakfolie met tape-rand | Ramen, deuren, keukenblokken, hele wanden | Zolang de klus duurt, folie zelf plakt niet |
| Schilderspapier of afdekkarton | Vloeren, traptreden, werkbladen | Zolang de klus duurt, tape de naden dicht |
| Zelfklevende vloerfolie | Vloerbedekking en tapijt op een trap | Maximaal een paar weken, daarna hecht de lijm te sterk |
| Ducttape | Niet gebruiken bij schilderwerk | Trekt lak en behang los en laat lijm achter |
Buiten schilderen: seizoen, temperatuur en vocht
De vraag tot wanneer je buiten kunt schilderen komt elk najaar terug, en het antwoord hangt niet aan een datum maar aan drie meetbare waarden: de temperatuur, de luchtvochtigheid en het vochtpercentage in het hout. Zolang die binnen de grenzen blijven mag je gerust in oktober aan de slag, en zodra ze eroverheen gaan is een zonnige dag in mei nog steeds fout.
De harde grens zit bij het hout: meer dan zeventien procent houtvocht en je sluit vocht in dat er niet meer uit kan. Bij de lucht ligt de grens rond de vijfentachtig procent relatieve luchtvochtigheid. Daarboven slaat waterdamp neer op de nog natte verffilm, en die wordt dan dof en mat op precies die plekken waar het gebeurt. Een vochtmeter voor hout kost een paar tientjes en is bij buitenwerk het beste gereedschap dat je kunt kopen, want gokken op het gevoel gaat mis.
Temperatuur is minder streng dan mensen denken. Er bestaan doorwerkverven die tot rond het vriespunt verwerkbaar blijven. Het probleem bij kou zit meestal ergens anders: de verf heeft veel langer nodig voordat je kunt schuren of het raam weer kunt sluiten, en jij staat zonder tent en zonder kachel in de kou. In de praktijk begin je in het voor- en najaar niet 's ochtends vroeg vanwege de dauw, en stop je in de namiddag ruim voordat het weer gaat neerslaan. Buiten schilderen in de avond is daarom bijna altijd een slecht idee, hoe aangenaam de temperatuur ook is. Hoeveel tijd je per laag moet inplannen bij lage temperaturen zie je in het overzicht van droogtijden.
| Wat je meet of ziet | Grens die wij aanhouden | Wat er gebeurt als je toch doorgaat |
|---|---|---|
| Vochtpercentage in het hout | Maximaal 17 procent | Ingesloten vocht duwt de verf er later in blazen weer af |
| Relatieve luchtvochtigheid | Maximaal 85 procent | Waterdamp slaat neer en de verf wordt dof en mat |
| Vochtpercentage in metselwerk of stucwerk | Rond de 4 procent voor dampopen verf, lager voor dichte systemen | De verf bladdert en er komen zoutuitslag en blazen |
| Buitentemperatuur | Vanaf 5 graden, met doorwerkverf lager | Onder de opgegeven grens vloeit de verf niet uit en hardt hij niet door |
| Zon direct op het werk | Niet doen, werk met de zon mee de gevel rond | De verf droogt aan de buitenkant dicht en blaast van binnenuit op |
| Regen na het schilderen | Minimaal vier tot acht uur droog nodig | Regen spoelt bindmiddel uit en laat vlekken en strepen achter |
| Dauw in de ochtend en de avond | Wachten tot het hout droog aanvoelt | Vocht onder de verse laag geeft matte plekken en slechte hechting |
| Nieuw, onbehandeld buitenhout | Binnen enkele weken gronden, kopse kanten twee keer | Vergrijsd en opengesprongen hout hecht veel slechter |
Hoe je een trapgat, een traphal en de trap zelf geschilderd krijgt
Het trapgat is de lastigste plek van het hele huis om te schilderen. Je hebt te maken met een schuine ondergrond, een hoogte van vijf meter of meer vanaf de onderste trede tot het plafond, en niets waar je een normale steiger op kunt zetten. Een ladder die op een traptrede staat en tegen de muur leunt kan technisch werken, maar wie op hoogte niet stevig staat gaat daar geen uur schuurwerk op volhouden.
Er zijn drie werkbare oplossingen. Je huurt of koopt een trapgatsteiger met verstelbare poten, wat de veiligste route is maar ook de duurste, want een gecertificeerd exemplaar loopt al snel richting veertienhonderd euro nieuw. Je huurt een set steigerdelen en stelt er zelf een stelling van samen. Of je bouwt een stellage van hout, wat prima kan mits je het goed uitvoert.
Een houten stellage die zich in de praktijk bewijst, ziet er zo uit: twee liggers en twee poten van tuinhout van ongeveer 4,5 bij 7 centimeter, met de zeven centimeter in de hoogte zodat de balk op zijn sterkst staat. De poten schroef je aan de liggers vast in plaats van ze los te zetten, en de voet voer je dubbel uit voor stabiliteit. Daarop leg je massief vurenhouten planken van ongeveer 2,5 centimeter dik, los, zodat je ze kunt verschuiven en ertussen kunt afstappen. Met een overspanning van rond de tweeënhalve meter overbrug je zo twaalf treden. Heb je een open balustrade, dan kun je de liggers daar overheen leggen en verleng je in feite de verdiepingsvloer tot in het trapgat.
Vloeren schuren, egaliseren en lakken
Een vloer schuren is geen schilderklus maar het hoort er wel bij, want het bepaalt of de laklaag of de coating erna ergens op ligt. Het verschil met wandwerk is de schaal: waar je op een deur met een handmachine werkt, heb je op een vloer een schuurmachine met een grote schijf nodig en een stofzak die het tempo bijhoudt. Voor de randen huur je een aparte kantenschuurmachine, want met de grote machine kom je nooit tot in de hoek.
Bij minerale vloeren gaat het meestal niet om gladmaken maar om de cementhuid weghalen. Die dunne, dichte laag bovenop een dekvloer is precies waar coating en lijm níet op hechten. Zandcement, cementdekvloer en anhydriet krijgen dan ook allemaal dezelfde behandeling: schuren met een diamantschijf tot de huid weg is, grondig stofzuigen, en pas dan primeren. De aanpak per situatie en welke machine je nodig hebt staat in onze gids over het schuren van een betonvloer.
Anhydriet vraagt daarbij extra aandacht. Die vloer is gevoelig voor water, dus je schuurt hem droog en niet nat, en de primer moet geschikt zijn voor calciumsulfaat. Egaline schuren doe je alleen om de laatste reirand of een enkele bult weg te halen, want de rest van het vlak is al glad genoeg. Granito is de hardste van allemaal: die schuur en polijst je in meerdere gangen met steeds fijnere diamantsegmenten, waarna je de vloer kristalliseert of impregneert in plaats van hem te schilderen.
| Vloer | Machine en korrel | Waar je op let |
|---|---|---|
| Betonvloer | Betonschuurmachine met diamantschijf, daarna korrel 60 tot 120 | Stofafzuiging verplicht, kwartsstof is schadelijk |
| Cementdekvloer en zandcement dekvloer | Diamantschijf om de cementhuid te breken | Zonder ontstoffen hecht geen enkele primer |
| Anhydrietvloer | Droog schuren met een diamantschijf, nooit nat | Kies een primer die voor calciumsulfaat geschikt is |
| Egalinevloer | Alleen plaatselijk met korrel 60 tot 80 | Doorschuren tot op de ondervloer maakt een zwakke plek |
| Granito | Diamantsegmenten in meerdere gangen tot fijn polijsten | Werk in overlappende banen, anders zie je de gangen terug |
| Grenen of vuren vloerdelen | Bandschuurmachine, 40 of 60, dan 80 en 120 | Zacht hout, dus niet te lang op één plek blijven staan |
| Merbau, jatoba en ander hardhout | Bandschuurmachine, 60, 80 en 120 | Hardhout laadt de machine zwaar, neem rustige banen |
| Beuken vloer schuren en lakken | 60, 80 en 120, altijd in de lengterichting | Beuken werkt sterk op vocht, lak dus niet te dicht af |
| Kurkvloer | Handmatig licht opruwen met 150 | Kurkvloer lakken met een watergedragen pu-lak, minimaal drie lagen |
| Underlayment of osb als vloer | Vlakschuren met 80 en 120, naden vullen | Zuigt sterk, dus eerst verzadigen met verdunde lak |
| Laminaat | Niet schuren | De toplaag is een print, schuren maakt hem meteen kapot |
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Veelgestelde vragen
Moet je deuren schilderen hangend of liggend?
Hangend, in de scharnieren. Een deur die plat ligt vangt al het stof dat in de ruimte zweeft, en dat zit vervolgens in je natte lak. Hangend valt het stof er langs, hoef je de deur niet te verplaatsen en loop je geen risico op krom trekken door verkeerd opleggen. Bang zijn voor uitzakkende verf is geen reden om plat te werken: zakkers ontstaan door te veel verf in één gang. Ga je spuiten, hang de deur dan aan twee schroefogen op zodat je beide zijden achter elkaar kunt doen.
Moet je schuren tussen twee laklagen, en met welke korrel?
Ja, want een gladde, doorgeharde laklaag geeft de volgende laag te weinig houvast. Je schuurt om de glans te breken en stofpukkels weg te nemen, niet om de laag te verwijderen. Tussen twee laklagen houd je korrel 320 tot 400 aan, en op mdf met hoogglans nog liever schuurvlies, omdat dat de laagdikte intact laat en niet dichtslibt. Korrel 180 is hier te grof: je haalt er te veel verf mee weg en zit er op één plek zo doorheen. Laat de laag eerst echt doorharden, anders slibt je papier binnen een halve minuut vol.
Moet je eerst ontvetten of eerst schuren?
Eerst ontvetten, dan schuren, en daarna nog een keer ontvetten. Begin je met schuren, dan komt het vet in je schuurpapier en smeer je het over het hele vlak uit. Bij hout schuur je het vet zelfs het materiaal in. Die tweede ontvetbeurt na het schuren haalt het schuurstof en het huidvet van je handen weg. Gebruik ammoniakwater of het bekende schoonmaakpoeder voor schilderwerk, en geen terpentine: dat lost vet wel op maar laat het bij het opdrogen als een film achter.
Wat kost het om binnendeuren te laten spuiten?
In de praktijk wordt vaak rond de tweehonderd euro per deur gerekend als het spuitwerk in de werkplaats van de spuiter gebeurt, bij een redelijk aantal deuren tegelijk en inclusief btw. Daar zitten meestal twee aflaklagen in. Vraag daarom expliciet hoeveel grondlagen erin zitten, want bij een kleursprong van vergeeld naar wit heb je er twee nodig. Doe je het voorwerk zelf, dus schoonmaken, schuren en beschadigingen wegwerken, dan scheelt dat fors, omdat daar de uren zitten. Reken bij uitbesteden ook op transportrisico en op deuren die krom terug kunnen komen.
Kun je betonplex schilderen?
Ja, mits je de gesloten filmlaag opruwt. Ontvet de plaat eerst, schuur hem daarna volledig op met korrel 120 tot 150 tot er nergens meer een glimmend plekje zit, en breng dan een voorlak of hechtprimer aan. Schuur die tussenlaag met korrel 360 en lak af. Je kunt hier alkydhars, pu-verf en watergedragen verf voor gebruiken. De kopse kanten zijn het zwakke punt: die zuigen wel en krijgen twee extra lagen. Buiten betonplex schilderen kan ook, maar reken daar op onderhoud, want de randen laten als eerste los.
Hoe voorkom je dat de kopse kanten van mdf blijven zuigen?
Kopse kanten van mdf zijn in feite geperste vezels op hun eind, en die nemen verf op als een spons. Zet ze dicht voordat je gaat gronden: schuur ze glad met 180, breng een dunne laag houtplamuur of speciale mdf-primer aan, schuur die vlak en herhaal dat tot de rand niet meer opzuigt. Pas daarna gront je het geheel. Sla je die stap over, dan blijft de rand ruw en donkerder van kleur, hoeveel lagen je er ook op zet. In onze gids over het schilderen van mdf staat de volledige opbouw, ook voor hoogglans.
Wat is nat in nat schilderen?
Nat in nat schilderen betekent dat je de volgende baan aanbrengt terwijl de vorige nog niet is aangetrokken, met overlap in plaats van er strak naast. Zo krijg je geen zichtbare aanzet op een zuigende ondergrond. Bij nat in nat schilderen op een muur werk je in banen van een rollerbreedte met een paar centimeter overlap, en je legt de rol steeds in de natte rand van de vorige baan. Het slaat op de muurverf en niet op de voorstrijk: die laat je gewoon eerst drogen. Wil je randen helemaal uitsluiten, ga dan na het aantrekken nog een keer haaks over het vlak.
Hoe schuur je stofvrij?
Volledig stofvrij schuren lukt alleen met een schuurmachine met een goed sluitende zool en een stofzuiger die er strak op aangesloten zit, zo nodig met een verloopmof zodat er geen lucht langs de slang wordt gezogen. Een goedkope deltaschuurmachine met alleen een stofzakje blaast het meeste gewoon de kamer in. Met de hand schuren geeft trouwens niet minder omgevingsstof. Bij gips en spack werkt nat schuren met een schuurspons goed. Zuig na afloop de hele ruimte af, zet de stofzuiger buiten de kamer en laat het stof een uur zakken voordat je gaat lakken.
Tot wanneer kun je buiten schilderen?
Niet tot een bepaalde datum, maar tot de metingen het niet meer toelaten. Het hout mag niet meer dan zeventien procent vocht bevatten en de relatieve luchtvochtigheid niet boven de vijfentachtig procent komen, want dan slaat waterdamp op de natte verf neer en wordt die dof. Buiten schilderen in oktober kan prima op een droge middag met wat wind, terwijl een vochtige ochtend in mei juist fout is. Doorwerkverven blijven tot rond het vriespunt verwerkbaar. Begin in het najaar niet vroeg vanwege de dauw en stop ruim voor de avond valt.
Hoeveel procent vocht mag er in een muur zitten voordat je gaat schilderen?
Voor gepleisterd werk en metselwerk wordt meestal rond de vier procent aangehouden bij dampopen muurverf, en lager wanneer je er een dicht systeem op zet. Nieuw stucwerk en vers metselwerk hebben afhankelijk van de dikte en de ventilatie weken tot maanden nodig om daaronder te komen. Meet met een vochtmeter met twee pennen of een meter die op de bovenlaag meet, en meet op meerdere plekken, want een muur droogt van boven naar beneden. Schilder je te vroeg, dan krijg je blazen, zoutuitslag en verf die in vellen loslaat.
Wanneer haal je afplaktape weg, tussen twee lagen of pas aan het eind?
Haal hem er tussendoor af en plak opnieuw voor de tweede laag. Laat je de tape zitten tot beide lagen erop zitten en volledig zijn uitgehard, dan zijn tape en verffilm één geheel geworden en scheurt de verf mee als je trekt. Dan sta je met een rafelige rand over de hele lengte. Kun je niet opnieuw plakken, snijd de rand dan vooraf in met een vers afbreekmesje en trek de tape in een scherpe hoek terug over zichzelf. Tape met lage kleefkracht kan wel enkele dagen blijven zitten.
Hoe schilder je randen en hoeken zonder afplakken?
Met een goede blokkwast met een strakke, licht afgeschuinde kop. Doop hem tot een derde in de verf, strijk één zijde af en zet de kwast ongeveer een centimeter naast de lijn. Schuif hem daarna rustig naar de lijn toe, waarbij de haren zich vanzelf tot een rechte rand vouwen, en loop in één doorgaande beweging langs de lijn in plaats van in korte streepjes. Bij plinten en kozijnen kun je een breed plamuurmes als geleider gebruiken, dat je na elke haal schoonveegt. Geoefend gaat dit sneller dan afplakken.
Hoe voorkom je krassen op het raam door schuren?
Schuur langs het glas altijd met de hand en houd een breed plamuurmes of een strook stevig karton als schild tussen het schuurpapier en de ruit. De rand van een machinezool die het glas raakt, geeft direct krassen. Zitten die er al, dan is er weinig aan te doen: heel lichte krassen zijn met een polijstpasta op basis van ceriumoxide soms nog weg te werken, maar bij een diepere kras is de ruit vervangen de enige echte oplossing. Verfspatten op glas haal je er later droog af met een glasschraper.
Verfspuit met compressor of een elektrische verfspuit?
Gebruik je het apparaat alleen om te spuiten, dan is een elektrische verfspuit logischer, want die is er speciaal voor gebouwd en geeft minder nevel. Een compressor is interessant als je hem ook voor een nietpistool of ander luchtgereedschap inzet. Reken er dan wel op dat je er een water- en olieafscheider bij nodig hebt, want zonder dat blaas je condens en compressorolie in je natte lak en krijg je kraters die je er niet meer uit werkt. Kijk daarnaast naar de luchtopbrengst van de compressor, want een te kleine ketel kan een spuitpistool niet bijhouden.
Hoe maak je een verfspuit schoon?
Meteen, en niet aan het eind van de dag. Haal de resterende verf uit de beker, spuit schoon spoelmiddel door het systeem tot er helder materiaal uitkomt, en demonteer daarna de naald, de nozzle en de luchtkap. Watergedragen verf spoel je met lauw water, alkydverf met de verdunning die het technisch blad noemt. Reinig de openingen met een zacht borsteltje en nooit met een spijker of ijzerdraad, want een beschadigde nozzle geeft voorgoed een scheef spuitbeeld. Vet de pakkingen licht in met de bijgeleverde olie voordat je alles terugzet.
Hoe bewaar je kwasten na het schilderen?
Voor een korte onderbreking wikkel je de kwast strak in huishoudfolie of stop je hem in een diepvrieszak, dan houdt hij het een dag of twee vol. Kwasten voor watergedragen verf kun je rechtop in een bakje water zetten, met de haren onder water maar niet op de punt staand. Voor alkydverf is bewaren in rauwe lijnolie nog altijd de beste methode: hang de kwast op zodat de haren volledig onderstaan en de punt de bodem niet raakt. Gebruik daarvoor geen gekookte lijnolie, want daar zitten droogversnellers in en dan is je kwast na een week steenhard.
Hoe plak je een spiegel op de muur?
Met spiegellijm en niet met gewone montagekit, want de oplosmiddelen in kit tasten de spiegellaag aan de achterkant aan en dan krijg je binnen een jaar donkere vlekken. Breng de lijm aan in verticale rupsen met een paar centimeter tussenruimte, zodat vocht ertussen weg kan. Zet een latje of een paar wiggen onder de spiegel als steun en laat het geheel minstens vierentwintig uur staan. Plak bij voorkeur op een kale, geschuurde ondergrond, want op latex hangt de spiegel uiteindelijk aan de hechting van de verflaag.
Kun je kurk op de muur plakken en daarna schilderen?
Kurk plakken op de muur gaat het beste met contactlijm die je op beide vlakken aanbrengt, laat aandrogen en dan aandrukt met een kurkrol. De muur moet vlak, droog en stofvrij zijn, dus schuur eerst en stof af. Kurk schilderen kan daarna, maar houd de laag dun: kurk zuigt de eerste laag helemaal op en met te veel verf verlies je de zachte, geluiddempende eigenschappen. Een dun laagje watergedragen muurverf of een matte lak is genoeg. Voor een kurkvloer gebruik je in plaats daarvan een watergedragen pu-lak in minimaal drie lagen.
Hoe plak je een poster of een puzzel op hout?
Voor een poster op hout of karton gebruik je een dunne, gelijkmatige laag posterlijm of behanglijm, die je met een roller op de plaat aanbrengt en niet op het papier. Leg de poster van het midden naar buiten aan en strijk hem glad met een kunststof spatel in een doek. Voor een puzzel plakken op hout gebruik je speciale puzzellijm die je over de bovenkant uitstrijkt en laat intrekken tussen de stukjes. Schuif de puzzel daarvoor op een dunne plaat met wat overmaat en laat hem plat en belast drogen, anders trekt de ondergrond hol.
Hoe plak je raamfolie met zeepsop?
Maak eerst het glas volkomen schoon en vetvrij, want elk stofje wordt straks een blaasje. Meng een paar druppels afwasmiddel in een plantenspuit met water en spuit de ruit en de lijmzijde van de folie allebei flink nat. Door dat zeepsop kun je de folie nog verschuiven nadat je hem hebt aangelegd. Trek daarna met een rakel vanuit het midden naar de randen alle vloeistof eruit, in overlappende halen. Snijd het teveel langs de rand af met een vers mesje tegen een rechte lat en laat het geheel een paar dagen indrogen.
Hoe lijm je plexiglas?
Niet met montagekit of secondelijm, maar met een lijm die het materiaal zelf licht oplost, waarna de twee delen aan elkaar vastsmelten. Die lijm is dun als water en wordt met een naaldflesje langs de naad aangebracht, waarna hij door capillaire werking naar binnen trekt. Zorg dat de vlakken kaal, schoon en goed passend zijn en klem ze zonder spanning vast. Schuur de lijmvlakken niet glad met fijn papier, want een lichte mattering met korrel 240 helpt de hechting. Bij pvc schuur je voor het lijmen op dezelfde manier op, en gebruik je pvc-lijm die ook het materiaal aanlost.
Hoe maak je zelf een schilderijlijst?
Kies een lijstprofiel met een sponning die diep genoeg is voor het glas, de passe-partout, het werk en de achterplaat samen. Meet de vier delen af op de binnenmaat van de sponning plus een millimeter speling, en zaag ze op exact vijfenveertig graden in een verstekbak of op een verstekzaag. Lijm de hoeken met houtlijm en trek ze aan met een bandklem of vier lijstklemmen tegelijk, want per hoek lijmen loopt altijd scheef. Zet de hoeken na het drogen extra vast met verstekveertjes of fijne spijkertjes. Een oude lijst opknappen gaat op dezelfde manier: hoeken loshalen, opnieuw verlijmen en dan pas schuren en lakken.
Oude schilderijlijsten opknappen vraagt een andere volgorde. Zit er gips- of stucornament op, maak dat dan alleen droog schoon met een zachte kwast en niet nat, herstel ontbrekende stukjes met fijn vulmiddel of gipspasta, en werk de kleur bij met verguldwas in plaats van het hele profiel over te schilderen.
Kan ik de drukspuit uit mijn tuin gebruiken om verf te spuiten?
Doe dat niet. Een rug- of drukspuit die is gebruikt voor gras doodspuiten of een ander onkruidmiddel houdt resten vast in de slang, het filter en de pakkingen, en die komen er bij het volgende gebruik weer uit. Andersom geldt hetzelfde: een spuit waar verf of ontvetter in heeft gezeten, gebruik je niet meer in de tuin. Houd twee aparte spuiten en label ze. Een drukspuit is bovendien niet gebouwd om lak te vernevelen, dus je krijgt er ook geen fatsoenlijk spuitbeeld mee.
Heb je een vergunning nodig om je gevel te schilderen?
Meestal niet, maar er zijn uitzonderingen die je vooraf moet uitzoeken. Bij een rijksmonument of gemeentelijk monument en binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht is een kleurwijziging aan de buitenkant vergunningplichtig. Woon je in een appartementencomplex of in een wijk met een vereniging van eigenaren, dan bepaalt die vereniging de kleur van gevel, kozijnen en voordeur. Wil je je huis wit schilderen, bel dan eerst de gemeente en vraag het na. Achteraf terugdraaien is aanzienlijk duurder dan dat telefoontje.
Blijkt er wel een vergunning nodig te zijn, dan kun je die aanvragen via het omgevingsloket of aan de balie van de gemeente. Reken op een doorlooptijd van weken, dus zoek het uit voordat je de steiger bestelt en de verf koopt.
Kun je gepoedercoat aluminium of een aluminium kozijn schilderen?
Ja, maar de voorbehandeling bepaalt alles. Reinig het profiel met een ontvetter, matteer de poedercoating volledig met schuurvlies tot er nergens meer glans zit en zet er een tweecomponenten hechtprimer op die voor aluminium is bedoeld. Daarna twee dunne aflaklagen. Op kaal, blank aluminium gebruik je een wash-primer of een aluminiumprimer, want direct aflakken op kaal aluminium hecht niet. Werk niet in de volle zon, want een warm profiel laat de verf te snel aandrogen. Voor stalen kozijnen geldt dezelfde route, met een roestwerende primer in plaats van een aluminiumprimer.
Kun je een Hormann garagedeur in een andere kleur schilderen?
Dat kan, mits je de fabriekscoating eerst mat maakt. De stalen panelen hebben een polyester poedercoating met een lichte houtnerf: ontvetten, doorlopend matteren met grijs schuurvlies of nat schuurpapier korrel 320, afspoelen en opnieuw ontvetten. Daarna een hechtprimer voor gecoat staal en twee dunne lagen watergedragen zijdeglans met een fijne lakroller. Schilder de deur in gesloten stand, houd rubbers en looprollen vrij en bedien hem pas als de lak is doorgehard, anders plakken de panelen bij het oprollen aan elkaar. Aan de torsieveer en de kabels raak je niets.
Wanneer mag je de ramen wassen na het schilderen?
Wacht tot de verf is doorgehard en niet alleen tot hij droog aanvoelt. Bij lak duurt dat een aantal weken in plaats van een aantal dagen. Zeem je te vroeg, dan drukt de trekker een rand in de nog zachte verf en trekt zeepsop onder de nog niet volledig gesloten verffilm. Verfspatten op het glas haal je in de tussentijd droog weg met een glasschraper die je bijna plat houdt. Gebruik bij de eerste keer wassen geen ammoniakhoudende of agressieve glasreiniger, want die tast verse lak aan.
Ramen zemen na het schilderen kan dus later dan de meeste mensen denken. Is de lak eenmaal doorgehard, dan zeem je gewoon met lauw water en een paar druppels afwasmiddel, en houd je de trekker van de verse verfranden af.
Kun je beton cire schilderen of overschilderen?
Ja, maar niet met muurverf. Beton cire is een dunne, gesloten cementcoating met een afsluitende toplaag, en daar hecht latex niet op. Reinig het vlak eerst met een ontvetter, matteer de toplaag volledig met schuurvlies tot er nergens glans overblijft en zet er een hechtprimer op. Daarna kies je een lak of coating die tegen slijtage kan, want beton cire zit meestal op een werkblad, een douchewand of een vloer. Beton cire overschilderen op een vloer vraagt een tweecomponenten vloercoating, alles wat zachter is loopt er binnen een jaar weer af. Wil je de betonlook houden, dan is een nieuwe laag cire zinvoller dan overschilderen.
Kun je een pvc buis schilderen of spuiten?
Dat kan, mits je de gladde wand eerst opruwt. Matteer de buis rondom met schuurvlies tot de glans overal weg is, ontvet met spiritus en gebruik een hechtprimer die voor kunststof bedoeld is. Aceton en thinner laat je staan, want die tasten pvc aan en maken het oppervlak dof en ruw. Een pvc buis spuiten geeft een strakker resultaat dan rollen, omdat een roller op een rond vlak altijd banen achterlaat. Hang de buis vrij op, spuit in dunne gangen rondom en draai hem tussen de lagen een kwartslag. Kies op een hemelwaterafvoer in de volle zon liever geen donkere kleur, want die laat het pvc meer uitzetten.
Waarom spettert mijn verfspuit?
Spetteren komt bijna altijd door verf die te dik is of door een vervuild systeem. Begin bij de verdunning: kijk in het technisch blad hoeveel water of verdunner erbij mag en zeef de verf daarna door een fijne zeef of een nylon kous, want een enkele korrel in de nozzle geeft al een scheve straal. Klopt de verdunning, controleer dan het filter in de beker en in de slang, de naald en de luchtkap. Een Wagner verfspuit die spettert doet dat vaak door een aangekoekte luchtkap of een naaldpakking die niet meer sluit, en die onderdelen zijn los te bestellen. Een half lege beker die lucht meezuigt geeft hetzelfde beeld.
Zijn de verfspuiten uit de bouwmarkt de moeite waard?
Voor kastfronten, losse deuren en meubels zijn ze bruikbaar, voor een heel huis niet. De verfspuit ervaringen die wij tegenkomen wijzen dezelfde kant op: zo'n apparaat doet wat het belooft zolang je de verf verdunt volgens het technisch blad, hem zeeft en het systeem meteen na gebruik uit elkaar haalt en reinigt. Waar het misgaat is onverdunde lak, en dan maakt het weinig uit of het om een Wagner verfspuit gaat of om een Parkside airless verfspuitsysteem. Lees een verfspuit review daarom vooral op reinigbaarheid en op de verkrijgbaarheid van losse nozzles en filters. Verfspuiten met compressor is een andere route: zo'n luchtdruk verfspuit heeft een water- en olieafscheider nodig. Airlessspuiten is gemaakt voor muren en gevels en voor fijn lakwerk te grof. Zet de aanschaf naast de kosten van uitbesteden voordat je koopt.
Kun je een piano schilderen?
Een piano schilderen kan, maar de kast is meestal afgewerkt met een dikke, gepolijste polyesterlak en dat is zowat de gladste ondergrond die je in huis tegenkomt. Matteer alles met schuurvlies of korrel 320 tot er nergens meer glans zit, ontvet en gebruik een tweecomponenten hechtprimer. Haal eerst de klep, de toetsenklep, het bovenblad en de onderplaat eraf en lak die delen liggend en apart. Houd verf uit de mechaniek, van de toetsen en van de stempennen af, want een piano staat onder spanning en verfnevel krijg je daar niet meer uit. Reken op twee dunne aflaklagen en laat de delen een week uitharden voordat je ze terugzet.
Kun je een laminaatvloer schilderen?
Technisch kan het, maar reken er niet op dat het lang mooi blijft. De toplaag van laminaat is een melamineprint die je niet mag doorschuren, dus je kunt alleen matteren met schuurvlies en daarna een hechtprimer voor gladde ondergronden gebruiken. Daarop komt een tweecomponenten vloercoating, want gewone lak slijt in de looppaden binnen een seizoen door. Het echte probleem zit in de naden: een klikvloer beweegt met temperatuur en vocht mee en de verffilm scheurt op elke naad open. Een laminaatvloer schilderen is daarom hooguit zinvol op een plek met weinig loop, en anders is vervangen goedkoper dan het twee keer overdoen.
Hoe schilder je wolken op een muur?
Zet eerst de hele wand in de lichtblauwe basiskleur en laat die volledig drogen. Wolken schilderen op een muur gaat daarna met een natuurspons en witte muurverf die je bijna droog uit de spons knijpt: dep in onregelmatige, ronde vormen en draai de spons na elke aanraking een kwartslag, anders herhaal je hetzelfde patroon. Werk van licht naar donker en houd de onderkant van een wolk iets grijzer dan de bovenkant, dan krijgt hij diepte. Voor andere effecten met de spons geldt dezelfde regel: laat overal wat basiskleur doorschemeren, want een dekkende laag maakt het vlak. Sierletters schilderen op die wand doe je pas als het sponswerk droog is, met een sjabloon en een stippelkwast die je tikkend gebruikt.
Kun je vinyl plakken op een houten ondervloer?
Ja, maar de ondervloer bepaalt het resultaat. Vinyl is dun en volgt elke oneffenheid, dus naden tussen vloerdelen, spijkerkoppen en holtes tekenen zich er binnen een paar maanden in af. Leg daarom eerst droogbouwplaten of underlayment en zet die goed vast, of vlak de vloer uit voordat je begint. Vinyl plakken op hout doe je met de lijm die de fabrikant voorschrijft, meestal een dispersielijm die je met een fijngetande spaan uitkamt en even laat aantrekken. Werk in een ruimte op kamertemperatuur, laat de banen eerst een dag vlak liggen zodat de spanning eruit gaat en rol het geheel na met een vloerrol.
Kun je een handdoekrek op de muur plakken in plaats van boren?
Dat kan met montagetape of montagelijm, maar de ondergrond bepaalt of het houdt. Een handdoekrek plakken op een geschilderde muur betekent dat het gewicht uiteindelijk aan de hechting van de verflaag hangt, en die is zwakker dan de lijm zelf. Op tegels of op een kale, geschuurde ondergrond gaat het goed, op latex en op spack niet. Ontvet het vlak, kies lijm die voor een vochtige ruimte geschikt is en laat hem de volle uithardingstijd staan met het rek ondersteund, meestal een etmaal. Hang er daarna geen kletsnatte badhanddoek aan die er de hele dag blijft hangen, want nat textiel weegt een veelvoud van het rek zelf.
Moet je eerst sauzen of eerst schilderen?
Wij sauzen na het lakwerk en niet ervoor. Het houtwerk vraagt de meeste precisie en daar mors je onvermijdelijk iets van op het stucwerk, en die spatten rol je later gewoon mee met de muurverf. Andersom moet je op verse muurverf gaan afplakken, en dan trek je bij het verwijderen van de tape zo een stuk latex mee. De volgorde in de kamer als geheel is plafond, dan houtwerk, dan muren en als laatste de plinten. Werk je toch eerst de muren af, laat die verf dan minstens een week uitharden voordat er tape op komt en gebruik tape met lage kleefkracht.
Hoe maak je geverfde oppervlakken schoon zonder de verf te beschadigen?
Met lauw water en een neutraal middel, en met een doek in plaats van een schuursponsje. Geverfde oppervlakken schoonmaken gaat mis zodra er schuurmiddel, soda of een agressieve reiniger aan te pas komt: op matte muurverf poets je dan een glanzende plek die er niet meer uit gaat. Bij vet op een keukendeurtje of rond een lichtschakelaar werkt een druppel afwasmiddel of groene zeep, waarna je met schoon water naspoelt, want zeepresten geven bij een volgende schilderbeurt kraters. Verse lak laat je de eerste weken helemaal met rust, want die is wel droog maar nog niet hard en houdt elke poetsstreep vast.
Kun je een badkuip zelf schilderen?
Voor een gietijzeren of stalen bad kan het met een tweecomponenten badcoating, en de voorbereiding is daarbij het hele verhaal. Verwijder eerst kalk met een zure reiniger, spoel na, ontvet volledig en matteer het glazuur met nat schuurpapier van 400 tot er nergens meer glans zit. Daarna breng je de coating aan volgens de opgegeven mengverhouding en verwerkingstijd, met een fijne lakroller of gespoten, en laat je hem dagen uitharden voordat er water in komt. Een badkuip schilderen met gewone lak werkt niet: heet water, zeep en schoonmaakmiddel krijgen die laag binnen een paar maanden los. Bij een kunststof bad is de hechting nog lastiger en is vervangen vaak de betere keuze.
Kun je een geimpregneerde picknicktafel schilderen?
Niet meteen. Verduurzaamd vurenhout komt nat uit de fabriek en zit de eerste maanden vol vocht en zouten, en daar hecht geen enkele dekkende verf op. Laat de tafel een seizoen buiten staan tot het hout onder de achttien procent vocht zit, borstel hem af en controleer dat met een vochtmeter voordat je begint. Een picknicktafel schilderen doe je daarna liever met een dekkende beits dan met lak, want beits dringt in en bladdert niet, terwijl een gesloten laklaag op tuinhout altijd ergens water insluit. Neem de onderkant van het blad en de voeten mee, want daar begint het rotten.