Naar de inhoud
Bekijk de rekenhulpen

Een 2 fase aansluiting maken zonder je nuldraad te overbelasten

13 minuten lezen Meterkast & groepen Bijgewerkt 12 augustus 2026
diy-gids.nl ELEKTRA 2 fase aansluiting

Een 2 fase aansluiting werkt met twee verschillende fasen en één gedeelde nul, en dat is iets anders dan een Nederlandse kookgroep met twee keer dezelfde fase en twee nullen. Verwissel je die twee, dan kan er tot 32 ampère door één nuldraad van 2,5 vierkante millimeter lopen en dat is brandgevaarlijk. Meet daarom eerst wat er op de perilex staat en of de nulklemmen in je toestel intern doorverbonden zijn. Alles achter de hoofdzekering blijft werk voor een installateur met zegelrecht.

13 minuten

Dit heb je nodig

1 tot 3 uur voor een toestelaansluiting Voor gevorderden, meterkast alleen met vakkennis 20 tot 60 euro aan materiaal, een driefase aardlekautomaat kost meer

Gereedschap

  • Tweepolige spanningsaanwijzer, ook wel duspol genoemd
  • Multimeter met een weerstandsstand en een doorbelfunctie
  • Stroomtang om de nulstroom te controleren
  • VDE-geïsoleerde schroevendraaiers, plat en kruis
  • Striptang en zijkniptang
  • Krimptang voor adereindhulzen, ook voor dubbele hulzen
  • Momentschroevendraaier of een schroevendraaier waarmee je gevoel hebt

Materiaal

  • Perilex stekker of contactstop, vijfpolig
  • Aansluitkabel 5x2,5 mm2 voor een groep van 16 ampère per fase
  • Adereindhulzen in de maat van de aders, plus dubbele hulzen voor bruggen
  • Driefase aardlekautomaat 16 A, B-karakteristiek, 30 mA voor de kookgroep
  • Kamrail die past bij het merk van je groepenkast
  • Einddoppen of lasklemmen om een ongebruikte ader af te werken
  • Aderkleurmarkering of gekleurde krimpkous om een nul als nul te merken

Wat een 2 fase aansluiting precies is

Bij een 2 fase aansluiting werkt een toestel op twee verschillende fasen van het net, met één gedeelde nul en een aarde. Tussen elke fase en de nul meet je 230 volt. Tussen twee fasen onderling meet je 400 volt, omdat die twee fasen 120 graden in de tijd verschoven lopen.

Juist die verschuiving is de reden dat twee fasen met één nuldraad toe kunnen. De stromen heffen elkaar in de nul voor een groot deel op, dus bij twee kringen die allebei 16 ampère trekken loopt er ongeveer 16 ampère door de nul en geen 32. Hoe die fasen, de hoofdschakelaar en de groepen zich tot elkaar verhouden, staat in ons overzicht over de opbouw van de meterkast en de groepenkast.

In een woning is twee fasen bijna nooit de huisaansluiting zelf. Je netbeheerder levert één fase of drie fasen. Twee fasen is wat je binnen je eigen installatie afneemt van een driefaseaansluiting, meestal voor een inductiekookplaat van zeven tot acht kilowatt die twee gescheiden kringen heeft.

Verwarrend is dat dezelfde aansluiting overal anders heet. De netbeheerder noemt hem 3x25A, in de bouw zeggen ze 3x400V, en in de keuken heet hij krachtstroom. Het gaat om precies hetzelfde: drie fasen van 230 volt ten opzichte van de nul, met 400 volt tussen de fasen onderling.

AansluitvormWat erin zitSpanningWaarvoor je hem gebruikt
Huisaansluiting 1 fase, 1x35A of 1x40AEén fase, nul en aarde230 voltWoningen zonder zware toestellen, koken op gas of op een kookgroep
Huisaansluiting 3 fasen, 3x25AL1, L2, L3, nul en aarde230 volt per fase, 400 volt tussen de fasenInductie, warmtepomp, laadpaal, veel zonnepanelen
Kookgroep of fornuisgroepTwee gekoppelde automaten op dezelfde fase, twee nulgeleidersTwee keer 230 volt, 0 volt tussen de twee fasedradenKookplaten met twee gescheiden kringen en twee nulklemmen
Toestelgroep op twee fasenTwee verschillende fasen, één nul, aarde230 volt per kring, 400 volt tussen de fasenKookplaten van ongeveer 7,3 kilowatt
Krachtgroep op drie fasenL1, L2, L3, één nul, aarde230 volt per kring, 400 volt tussen de fasenKookplaten van 11 kilowatt, machines, laadpalen

Heb je drie fasen in de meterkast, kies voor een nieuwe kookplaat dan altijd een driefase automaat en geen kookgroep. Je verdeelt het vermogen dan over drie fasen, en vrijwel elke kookplaat kan op drie fasen worden aangesloten terwijl lang niet elke kookplaat op een kookgroep past.

Het schema van een 2 fase aansluiting lezen

Op vrijwel elke kookplaat staat op de onderkant een schema met drie of vier varianten. De bovenste is meestal de driefase-uitvoering met L1, L2, L3, N1 en N2. De middelste is de 2 fase aansluiting met L1, L2 en één nul. De onderste is de aansluiting op één fase, waarbij je bruggen legt tussen L1 en L2 en tussen N1 en N2.

Bij het schema voor twee fasen zie je vaak dat N1 en N2 samen naar dezelfde nulklem gaan. Dat is geen tekenfout en het geeft ook geen kortsluiting, want dit zijn twee nulgeleiders en geen twee fasen. De kortsluiting ontstaat pas als je die grijze ader per ongeluk als derde fase in de perilex zet terwijl hij aan de toestelzijde op een nulklem zit.

In een kabel van 5x2,5 mm2 is bruin L1, zwart L2, grijs L3, blauw de nul en geelgroen de aarde. Wordt grijs als tweede nul gebruikt bij een kookgroep, dan hoor je die ader aan beide kanten te merken met blauwe krimpkous of een kleurmarkering. Gebeurt dat niet, dan denkt de volgende die de kast opent dat er een fase op zit. Hoe je een perilex in de keuken zelf bedraadt, staat stap voor stap bij het aansluiten van een perilex op twee fasen.

UitvoeringWat er in de kabel zitBezetting van de perilexMaximaal vermogen
Kookgroep, 2 fasedraden en 2 nullenTwee keer dezelfde fase, twee gescheiden nullen, aardeF1, N1, F2, N2 en aardeOngeveer 7,3 kilowatt bij twee keer 16 ampère
Twee fasen met één nulL1 en L2 van verschillende fasen, één nul, aardeL1, L2, N en aarde, de derde fasepen blijft onbezetOngeveer 7,3 kilowatt bij twee keer 16 ampère
Drie fasen met één nulL1, L2, L3, één nul, aardeL1, L2, L3, N en aardeOngeveer 11 kilowatt bij drie keer 16 ampère
Eén fase, 16 ampèreEén fase, één nul, aardeGeen perilex, maar een vaste aansluiting of een gewone wandcontactdoosOngeveer 3,7 kilowatt

Tussen twee fasen staat 400 volt. Een vergissing die op 230 volt een automaat laat afschakelen, geeft hier een vlamboog die koper wegbrandt en gereedschap laat versmelten. Werk daarom nooit met de spanning erop en controleer met een tweepolige spanningsaanwijzer dat de groep echt dood is voordat je een klem losdraait.

Meten voordat je iets vastschroeft

De kleuren in een bestaande installatie zeggen minder dan je denkt. We komen regelmatig een perilex tegen die ergens onderweg gelast is, waarbij bruin, zwart en grijs onderling verwisseld zijn. Het toestel werkt dan soms gewoon, maar de nul zit op een fasepen en dat merk je pas als er iets doorslaat.

De controle kost vijf minuten. Meet met een tweepolige spanningsaanwijzer of een multimeter van elke pen naar de aarde. Op de fasen lees je 230 volt, op de nul lees je nul volt. Meet daarna tussen de fasepennen onderling. Lees je daar 400 volt, dan heb je echte fasen. Lees je nul volt tussen twee fasepennen, dan zit je op een kookgroep waar twee keer dezelfde fase op staat.

Aan de toestelzijde meet je iets anders, en dan spanningsloos. Zet de multimeter op weerstand en meet tussen de twee nulklemmen van de kookplaat. Is er doorgang, dan zijn N1 en N2 intern doorverbonden en heeft het toestel maar één nul nodig. Meet je een open verbinding, dan zijn het twee gescheiden kringen en moet elke nul zijn eigen aansluiting krijgen of een brug.

Controleer ook of de aarde daadwerkelijk aarde is en niet ergens is doorgelust naar de nul. Twijfel je over de aardverbinding in een oud huis, dan lees je bij de aardedraad en de aardaansluiting hoe je dat nagaat en waar de aardleiding hoort aan te komen.

Noteer je meetwaarden per pen op een stukje tape dat je op de wandcontactdoos plakt. Als je een uur later met de stekker in je hand staat, weet je precies welke pen welke functie heeft en hoef je niet op je geheugen of op de kleuren te vertrouwen.

Een kookgroep is geen krachtgroep en ook geen twee fasen

De Nederlandse kookgroep is een eigen bedenksel dat je in de rest van Europa nauwelijks tegenkomt. Het zijn twee gekoppelde automaten van 16 ampère op dezelfde fase, met twee aparte nulgeleiders. Vandaar de aanduiding 2P plus 2N. Elke kring heeft zijn eigen nul nodig, want beide stromen zitten in fase en tellen bij elkaar op.

Daar zit het gevaar. Sluit je zo'n groep aan met één nuldraad, dan kan er tot 32 ampère door een ader van 2,5 vierkante millimeter lopen die op 16 ampère is afgezekerd. De automaat merkt daar niets van, want die zit in de fasedraden. De nul wordt warm, de isolatie verhardt en na een paar jaar smeult de aansluiting weg. Welke doorsnede bij welke stroom hoort, zie je in onze draad- en kabelkiezer.

Bij twee echte fasen speelt dat niet, omdat de stromen elkaar in de nul grotendeels opheffen. Daarom mag een 2 fase aansluiting wel met één nulgeleider en een kookgroep niet. Dat is het hele verschil, en het is ook de reden dat je een kookplaat niet zomaar van het ene schema naar het andere kunt overzetten.

Praktische vuistregel: sluit een kookplaat alleen op een kookgroep aan als de fabrikant een schema meelevert met vier geleiders plus aarde, waarvan twee nullen. Staat dat schema er niet bij en zijn de nulklemmen intern doorverbonden, dan hoort het toestel op twee of drie echte fasen.

Draai nooit twee losse draden onder één klem van een automaat. Een klem is gemaakt voor één ader, en twee aders naast elkaar krijgen nooit allebei dezelfde klemkracht. Wil je toch twee aders op één punt, gebruik dan een dubbele adereindhuls of een aftakklem, en controleer de aanhaalmomenten.

Een 2 fase kookplaat aansluiten op een drie fase groep

Dit is de situatie die we het vaakst tegenkomen. In de keuken ligt een vijfaderige kabel naar een perilex op drie fasen, in de meterkast zit een driefase automaat, en de nieuwe kookplaat werkt op twee fasen. Dat past prima, je laat simpelweg één fasepen in de stekker onbedraad.

Dat een pen in de stekker leeg blijft is toegestaan en gebeurt bij vrijwel alle nieuwe kookplaten. In de wandcontactdoos staat op die derde pen wel gewoon spanning, maar die zit veilig binnen de stekkerbehuizing. Wat niet mag, is een fasedraad los laten hangen in de aansluitdoos of in de stekker. Knip die ader af of werk hem af met een einddop.

Welke twee fasen je gebruikt, maakt voor de werking van de kookplaat niets uit. Voor de belasting van je huisaansluiting maakt het wel verschil. Kijk daarom eerst welke fase het zwaarst bezet is. We zagen een woning waar wasmachine, oven, cv-ketel en een jacuzzi allemaal op L2 hingen, terwijl op L1 vrijwel niets zat. Dan is de keuze snel gemaakt.

De handigste keuze is de fase overslaan waar de oven op zit, want kookplaat en oven staan bijna altijd tegelijk aan. Dezelfde redenering geldt voor andere keukenapparatuur op zwaardere groepen, zoals de aansluiting van de vaatwasser en de combimagnetron.

Sommige fabrikanten leveren de plaat met een perilex stekker waarin één fasepen al niet is aangesloten. Wil je een andere fase overslaan dan de fabrikant koos, dan mag je de aders in die stekker gewoon verzetten. Let er alleen op dat de aarde op de aardepen blijft en dat de nul op de nulpen komt.

De groepenkast indelen als je drie fasen hebt

Wil je een 3 fase groepenkast aansluiten, dan is de bedrading het makkelijkste deel. Het denkwerk zit in de verdeling. Elke fase moet ongeveer evenveel te doen krijgen, want de hoofdzekering zit per fase op 25 ampère en je hebt er niets aan als L1 stilstaat terwijl L2 uit gaat.

Begin bij de eindgroepen en niet bij de kast. Teken het schema voor het aansluiten van je 3 fase groepenkast eerst op papier uit en zet erin welke apparaten regelmatig tegelijk aan staan, zodat je die uit elkaar kunt trekken. Wasmachine en droger draaien vaak samen, dus die gaan naar verschillende fasen. Oven en kookplaat idem. Verlichting verdeel je over minstens twee aardlekschakelaars, zodat je bij een storing nooit het hele huis donker hebt.

Achter één aardlekschakelaar horen maximaal vier eindgroepen. Dat is geen richtlijn maar een harde grens uit de norm, en er zit een praktische reden achter: hoe meer groepen, hoe hoger de opgetelde lekstroom en hoe eerder je een schakelaar hebt die zonder aanwijsbare oorzaak uitvalt. Waar die kruipstroom vandaan komt en hoe je hem opspoort, staat bij lekstroom in de meterkast.

Voor de kookplaat werkt een driefase aardlekautomaat het prettigst, bijvoorbeeld een 3-polige plus nul van 16 ampère met B-karakteristiek en 30 milliampère. Je hebt dan beveiliging en aardlekbewaking in één component en je houdt ruimte over. Reken voor je gaat bestellen even door hoeveel groepen je nodig hebt met onze groepencalculator, en kijk of de kast het aankan. Loop je vast op ruimte, dan lees je bij het uitbreiden van de groepenkast wat de opties zijn.

GroepWaar je hem het beste zetWat je ernaast vermijdt
InductiekookplaatEigen driefase aardlekautomaat, 16 ampère per faseNiet samen met de oven op dezelfde fase
OvenEigen groep, op de fase die de kookplaat overslaatNiet achter dezelfde aardlek als de koelkast
WasmachineEigen groep op L1Niet op dezelfde fase als de wasdroger
WasdrogerEigen groep op L2Niet op dezelfde fase als de wasmachine
VerlichtingVerdeeld over minstens twee aardlekschakelaars en twee fasenNooit alle verlichting achter één aardlek
Koelkast en vriezerAchter een andere aardlek dan de rest van de keukenNiet samen met buitenkraan, tuinverlichting of buitenstopcontacten
Laadpaal of warmtepompEigen groep, bij voorkeur over drie fasenNiet bijprikken op een bestaande groep
ZonnepanelenEigen groep, op de fase met de grootste afnameNiet op de fase waar verder vrijwel niets gebruikt wordt

Plaats de aardlekschakelaars naast de eindgroepen die ze beveiligen in plaats van allemaal links. Je kunt dan met kamrails werken in plaats van met losse draadjes, en dat scheelt niet alleen tijd maar geeft ook een kast waarin je over vijf jaar nog kunt zien wat waar naartoe gaat.

Van 1 fase naar 3 fase, en van 3 fase terug

Wil je je meterkast van 1 fase naar 3 fase brengen, dan is dat een aanvraag bij je netbeheerder en niet bij je energieleverancier. Vraag je de kosten van een 3 fase aansluiting op bij Eneco of een andere leverancier, dan krijg je vaak drie verschillende antwoorden, simpelweg omdat zij er niet over gaan. De tarieven staan bij de netbeheerder van jouw postcode en zijn per net vastgelegd.

Houd rekening met de doorlooptijd. Een verzwaring naar 3x25A duurt in de praktijk vaak maanden, en de netbeheerder wil dat je installatie een aantal dagen voor de omschakeling al klaar is. Dat betekent een vierpolige hoofdschakelaar, een kast die geschikt is voor drie fasen en een verdeling die klopt.

Het maandbedrag verandert bij een verzwaring naar 3x25A meestal nauwelijks, want die valt in dezelfde capaciteitscategorie als een zware eenfaseaansluiting. De eenmalige kosten van de ombouw zijn wat je echt betaalt, en die bestaan uit het werk van de netbeheerder plus je eigen groepenkast.

De omgekeerde weg komt ook voor. In een oud huis blijkt bij het slopen van de meterkast ineens dat er drie fasen binnenkomen terwijl je een eenfasekast hebt gekocht. Drie fasen aansluiten op een eenfase hoofdschakelaar kan niet, en twee fasen loos in de schakelaar laten zitten is niet volgens de norm. Bij een keuring is dat een reden voor afkeur, met alle gedoe bij een verzekeraar van dien.

Er zijn dan twee nette routes. Je laat de netbeheerder de aansluiting terugbrengen naar één fase, of je hangt alsnog een driefasekast op en verdeelt je groepen. Van 3 fase naar 2 fase bestaat als aanvraag niet: je hebt drie fasen of je hebt er één, en twee fasen is iets wat je binnen je eigen kast gebruikt. Wil je in de tussentijd niet zonder stroom zitten, dan kun je dezelfde denkwijze gebruiken als bij een aggregaat dat je op de meterkast aansluit: eerst nadenken over de omschakeling, dan pas draden losmaken.

Een 3 fase groepenkast tijdelijk op 1 fase aansluiten

Moet je kast al klaar zijn voordat de monteur komt, dan kun je een 3 fase groepenkast aansluiten op 1 fase, maar alleen als tussenoplossing. Je legt onder de hoofdschakelaar een brug tussen de drie fase-uitgangen, zodat alle drie de rails dezelfde 230 volt krijgen. Alle groepen werken dan gewoon en ook de testknoppen van de aardlekschakelaars doen het weer.

Werken die testknoppen niet, kijk dan op het schema dat op de aardlekschakelaar gedrukt staat. Bij sommige types zit de testknop tussen twee fasen in plaats van tussen fase en nul, en dan blijft hij dood tot er echt drie fasen op staan. Dat betekent niet dat de schakelaar stuk is.

Haal die brug er wel uit op het moment dat de drie fasen aankomen. Blijft hij zitten, dan verbind je bij de omschakeling drie fasen met 400 volt ertussen aan elkaar, en dat is precies de kortsluiting die je wilde voorkomen. Plak er een briefje bij als je de kast tussentijds dichtdoet.

De hoofdschakelaar vervangen is geen doe-het-zelfklus. Om hem los te nemen moeten de hoofdzekeringen eruit, en die zitten achter het zegel van de netbeheerder. Dat zegel verbreken mag alleen een installateur met zegelrecht. Wat je wel zelf mag: alles vanaf de hoofdschakelaar de kast in, mits je de kast spanningsloos kunt maken en dat ook meet.

De omvormer van je zonnepanelen op één of op drie fasen

Een eenfase omvormer aansluiten op een 3-fase groepenkast doe je op één fase en één nul, niet op alle drie tegelijk. Het idee om de omvormer met een vierpolige aardlekautomaat over de drie fasen te leggen klinkt logisch, maar je verbindt daarmee L1, L2 en L3 met elkaar en dat is een volledige kortsluiting van 400 volt. De omvormer zou bovendien zijn fasemeting niet meer kunnen doen.

Kies de fase waar de grootste afname op zit. Levert de omvormer terug op een fase waar niets gebruikt wordt, dan moet die stroom via de nul naar het net. Bij 16 ampère teruglevering op de ene fase en 25 ampère afname op de andere loopt er zo'n 36 tot 41 ampère door de nulgeleider, en dat is meer dan de aansluitwaarde. Bij een gewone huisaansluiting kan de hoofdkabel dat hebben, maar hangt je zonnegroep op een onderverdeler die met 2,5 vierkante millimeter gevoed wordt, dan zit je snel aan de grens.

De praktische remedie is de zwaarste gebruiker op dezelfde fase zetten als de omvormer, bijvoorbeeld een kring van de kookplaat. De opgewekte stroom wordt dan lokaal verbruikt en komt niet in de nul terecht.

Een 3 fase omvormer aansluiten op een 3 fase groepenkast is wat verdeling betreft de rustigste oplossing. De omvormer verdeelt de teruglevering zelf over de drie fasen, waardoor de stroom per fase een derde is en de nulstroom klein blijft. Je hebt er een eigen groep met een vierpolige automaat voor nodig en een kabel die past bij het vermogen. Kijk in de handleiding welk type aardlekbeveiliging de fabrikant voorschrijft, want veel omvormers hebben een eigen gelijkstroombewaking waardoor een gewone type A voldoet.

Leg je nog een kabel naar een garage of schuur, kies dan meteen vijfaderig, ook als je nu maar één fase nodig hebt. Het graafwerk doe je één keer en de meerprijs van de kabel is klein vergeleken met de sleuf opnieuw openleggen. Bij een lange kabel telt ook de spanningsval mee, dus zoek voor die afstand op welke aderdoorsnede je nodig hebt voordat je bestelt.

Twijfel je of je zonnegroep de teruglevering aankan, meet dan met een stroomtang de nulstroom bij vol zonlicht en tegelijk een zware verbruiker aan. Meet je meer dan de aansluitwaarde, dan is de omvormer verhuizen naar een andere fase de goedkoopste ingreep.

Motoren op 230 volt, met en zonder condensator

Bij machines uit een werkplaats loopt de vraag over fasen vaak anders. Je hebt dan een motor met drie of vier draden en één 230 volt stopcontact. Wil je een 230 volt 1 fase motor met condensator aansluiten, dan is die condensator geen extraatje maar onderdeel van de schakeling. Zonder condensator bromt de motor, komt hij niet op toeren en weet hij niet welke kant hij op moet draaien.

Zo'n 1 fase motor aansluiten begint dus met uitzoeken welke draad wat doet. Komen er drie draden uit, meet dan de weerstand tussen alle drie de combinaties. De twee kleinste waarden tellen samen op tot de grootste. De draad die in beide kleine metingen voorkomt is het gemeenschappelijke punt. De laagste weerstand hoort bij de hoofdwikkeling, de hogere bij de hulpwikkeling. De bedrijfscondensator komt in serie met die hulpwikkeling te staan, en de waarde staat op het typeplaatje, bijvoorbeeld 20 microfarad. Neem er een van minimaal 450 volt wisselspanning, dat kost een tientje en is met een beugeltje naast de motor zo gemonteerd.

Een 3 fase motor aansluiten op 220v, tegenwoordig 230 volt, kan met een Steinmetz-schakeling. Je zet de motor in driehoek en hangt een condensator van ruwweg 70 microfarad per kilowatt tussen de derde klem en één van de netaansluitingen. Dat werkt, maar er zitten twee haken aan: de motor levert nog ongeveer twee derde van zijn vermogen en het aanloopkoppel is laag, dus onder belasting starten lukt niet.

De betere route voor een zaagtafel, kolomboor of draaibank is een frequentieregelaar die één fase van 230 volt binnenkrijgt en er drie fasen van 230 volt uit maakt. De motor moet dan wel in driehoek geschakeld kunnen worden, dus op het typeplaatje moet 230/400 volt staan. Bij een motor van 400/690 volt gaat dat niet op. Je krijgt er het volle koppel voor terug, een regelbaar toerental en een zachte start. Loopt de machine op een gewoon stopcontact, kijk dan wel even naar de belasting van dat stopcontact en de groep erachter.

SituatieWat je nodig hebtWat je ervan mag verwachten
Eenfasemotor met drie draden en microfarad op het plaatjeBedrijfscondensator in de aangegeven waarde, minimaal 450 voltLoopt vanzelf aan en levert het volle vermogen
Dezelfde motor zonder condensator aangeslotenNiets, en dat is precies het probleemBromt, draait beide kanten op en wordt heet
Driefasemotor 230/400 volt, in driehoekSteinmetz met ongeveer 70 microfarad per kilowattCirca twee derde vermogen, laag aanloopkoppel
Driefasemotor 400/690 voltNiet geschikt voor 230 volt in driehoekAlleen bruikbaar met een regelaar die 400 volt uitgeeft
Elke driefasemotor 230/400 voltFrequentieregelaar, één fase in, drie keer 230 volt uitVol koppel, regelbaar toerental, zachte start
Draairichting verkeerd bij drie fasenTwee fasen onderling verwisselen in de schakelaarDirect opgelost, verder niets nodig
Draairichting verkeerd bij één faseHulpwikkeling omkeren op het klemmenbord in de motorWerkt alleen als de wikkeling apart naar buiten is gevoerd

Een bedrijfscondensator houdt na uitschakelen lading vast. Ontlaad hem met een weerstand of met een gloeilampje voordat je aan de klemmen komt. Kortsluiten met een schroevendraaier geeft een flinke vonk en beschadigt de condensator van binnen.

Een kookplaat op twee fasen aansluiten

Deze volgorde gaat uit van een bestaande perilex in de keuken en een toestel dat volgens het schema op twee fasen werkt.

  1. Kijk eerst wat er in de meterkast zit

    Twee gekoppelde automaten van 16 ampère die allebei op dezelfde rail zitten, vormen samen een kookgroep. Een vierpolige automaat of een driefase aardlekautomaat is een krachtgroep. Dat onderscheid bepaalt het hele vervolg, dus stel het vast voordat je in de keuken begint. Blijf van de hoofdzekeringen af, die zijn verzegeld en van de netbeheerder.

  2. Lees het typeplaatje en het aansluitschema van het toestel

    Op de onderkant van de kookplaat staat het vermogen en staan de aansluitvarianten. Zoek de variant met twee fasen en één nul op en teken hem over, inclusief de bruggen die erin staan. Een plaat van 7,35 kilowatt heeft twee kringen van ongeveer 16 ampère, dus twee fasen zijn genoeg en drie zijn niet nodig.

  3. Meet of de twee nulklemmen intern doorverbonden zijn

    Zet de multimeter op weerstand en meet tussen N1 en N2 terwijl het toestel nergens op is aangesloten. Doorgang betekent dat één nulgeleider volstaat en dat het toestel niet op een kookgroep hoort. Geen doorgang betekent twee gescheiden kringen, en dan moet je bij een aansluiting met één nul zelf een brug tussen N1 en N2 leggen. Vergeet je die brug, dan doet de helft van de kookplaat het niet.

  4. Maak de groep spanningsloos en controleer dat ook echt

    Schakel de automaat uit en meet met een tweepolige spanningsaanwijzer op alle pennen van de wandcontactdoos: fase tegen fase, elke fase tegen de nul en elke fase tegen de aarde. Hier ligt ook de grens van wat je zelf doet. Alles vanaf de hoofdschakelaar de kast in mag je zelf, alles ervoor is werk voor een installateur met zegelrecht.

  5. Bedraad de klemmenstrook van het toestel

    Leg de bruggen precies zoals het gekozen schema aangeeft en gebruik daarvoor de meegeleverde bruggen of een dubbele adereindhuls. Zet de aders vast met adereindhulzen, niet met blote gedraaide koperdraadjes. Controleer daarna de trekontlasting: het snoer hoort in de klem te zitten en niet aan de aansluitklemmen te hangen.

  6. Kies welke fase je overslaat

    Bepaal aan de hand van je groepenoverzicht welke fase het zwaarst belast is en welke apparaten tegelijk met de kookplaat aanstaan. De fase waar de oven op zit, is meestal de beste kandidaat om over te slaan. Weet je niet welke groep waar zit, dan is dit het moment om de kast in kaart te brengen en meteen de indeling van de groepenkast na te lopen.

  7. Bedraad de perilex stekker en werk de ongebruikte ader af

    Aarde op de aardepen, de nul op de nulpen en de twee gekozen fasen op hun pennen. De ader die je niet gebruikt knip je af of werk je af met een einddop, zodat hij nergens tegenaan kan komen. Laat hem nooit los in de stekker of de aansluitdoos liggen. Werk je met een vaste aansluiting in plaats van een perilex, dan gelden dezelfde regels als bij het bedraden van een perilex op twee fasen.

  8. Schakel in en controleer alle kookzones apart

    Zet de automaat aan en test elke zone afzonderlijk op vol vermogen. Doet de helft van de zones het niet, dan ontbreekt vrijwel altijd de brug tussen de nulklemmen of zit er een fase op de verkeerde pen. Meet daarna met een stroomtang de stroom in de nul terwijl alle zones draaien: die hoort duidelijk lager te zijn dan de opgetelde stroom van de twee fasen.

Maatvoering

De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens

Ruimte of vakgebiedOnderdeelGangbare maatMarge die in de praktijk werktWaar je op moet letten
SanitairWastafel, bovenkant85 cm boven de vloer80 tot 90 cmMeet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm.
SanitairWastafelkraan, uitloop25 tot 30 cm boven de wastafelrandwat past bij de komTe hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder.
SanitairFonteintje in het toilet80 tot 85 cm75 tot 90 cmVaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is.
SanitairToiletpot, bovenkant zitting40 tot 43 cm38 tot 48 cmEen verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger.
SanitairHangend toilet, onderkant pot40 cm boven de vloer38 tot 45 cmDe hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast.
SanitairToiletrolhouder70 cm hoog, 25 cm voor de pot60 tot 80 cmTe ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit.
SanitairDouchekraan, thermostaat100 tot 110 cm95 tot 120 cmJe wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan.
SanitairDoucheglijstang, bovenkant180 tot 200 cmafhankelijk van de lengste gebruikerReken op minstens 20 cm boven de kruin.
SanitairRegendouche, onderkant kop205 tot 215 cm200 tot 220 cmOnder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd.
SanitairHanddoekradiator, onderkant20 tot 30 cm boven de vloer15 tot 40 cmLaag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen.
SanitairAfvoer wastafel, muurdoorvoer50 tot 55 cm45 tot 60 cmOnder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling.
ElektraStopcontact in een woonruimte30 cm hart boven de vloer25 tot 40 cmBij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen.
ElektraStopcontact boven een aanrechtblad115 tot 125 cm10 tot 20 cm boven het bladUit de spatzone van de kraan blijven.
ElektraLichtschakelaar105 cm hart boven de vloer90 tot 120 cmGelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld.
ElektraDeurklink100 cm hart boven de vloer95 tot 105 cmOok de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen.
ElektraMeterkast, groepenkast150 tot 180 cmbereikbaar zonder trapjeDe hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn.
ElektraWandcontactdoos buitenminimaal 30 cm boven maaiveldhoger bij kans op opspattend waterSpatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten.
ElektraBedrade deurbel, drukknop110 tot 130 cm100 tot 140 cmOok bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel.
ElektraWandlamp naast een spiegel160 tot 170 cmop ooghoogte van de gebruikerLicht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven.
ElektraTelevisieaansluiting40 cm of op de hoogte van het schermafhankelijk van de opstellingBij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm.
KeukenWerkblad, bovenkant90 tot 95 cm85 tot 100 cmVuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger.
KeukenBovenkasten, onderkant50 tot 60 cm boven het blad45 tot 65 cmTe laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken.
KeukenAfzuigkap boven een elektrische kookplaat60 cm55 tot 70 cmOnder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht.
KeukenAfzuigkap boven een gaspit65 cm65 tot 75 cmBij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam.
KeukenPlint onder de keukenkasten10 tot 15 cmstandaard 15 cmTerugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan.
KeukenInbouwoven op ooghoogteonderkant op 85 tot 90 cmnaar de gebruikerScheelt bukken met een hete plaat in je handen.
TrapTrapleuning90 cm boven de voorkant van de trede85 tot 100 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer.
TrapLeuning langs een bordes100 cm90 tot 110 cmBij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap.
TrapOptrede, hoogte per trede18 tot 20 cmmaximaal 21 cm binnen een woningAlle treden even hoog, ook de eerste en de laatste.
TrapAantrede, diepte van de trede22 tot 24 cmminimaal 22 cmVuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm.
TrapVrije doorloophoogte boven de trap230 cmminimaal 210 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond.
TrapSpijlafstand van een balustrademaximaal 10 cmkleiner bij kinderenZo kan een kinderhoofdje er niet tussen.
DeurenBinnendeur, standaardmaat83 bij 201,5 cm78 tot 93 cm breedDe dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad.
DeurenVoordeur, standaardmaat88 bij 201,5 cm83 tot 100 cm breedBreder is prettig bij verhuizen en bij een rollator.
DeurenSpeling onder een binnendeur1 tot 1,5 cm2 cm bij mechanische ventilatieDe kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet.
DeurenSpeling rondom in het kozijn3 mm2 tot 4 mmTe weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt.
DeurenScharnieren, afstand tot de hoek20 cm van boven en onder15 tot 25 cmBij een zware deur een derde scharnier in het midden.
VentilatieVentilatierooster in een raamboven in het kozijnop de bovenregelWarme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder.
VentilatieAfzuigpunt in een badkamerhoog in de ruimte20 tot 30 cm onder het plafondVocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet.
VentilatieMuurrooster kruipruimtenet boven het maaiveldminimaal 15 cmAnders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht.
VentilatieDakdoorvoer, afstand tot de nokminimaal 50 cmafhankelijk van het typeTe dicht bij de nok geeft terugslag bij wind.

Samengesteld uit gangbare praktijkmaten, de eisen uit het Bouwbesluit waar die van toepassing zijn, en montagevoorschriften van fabrikanten. Standaardmaten zijn een vertrekpunt, geen wet: pas ze aan op de lengte van de mensen die de ruimte gebruiken. Bij nieuwbouw en verbouw gelden de actuele bouwregels boven elke vuistregel.

Voordat je de spanning erop zet

Uit de praktijk

Dit kwamen we tegen

De grijze draad die geen fase bleek te zijn

Een Etna KI1160ZT met twee kringen moest op een bestaande perilex die op drie fasen was aangelegd. Uit het toestel kwamen bruin, zwart, grijs en blauw plus aarde, en het schema liet grijs en blauw samen naar de nul lopen. De eerste reflex was om grijs als derde fase in de stekker te zetten. Dat had een directe kortsluiting van 400 volt opgeleverd, want aan de toestelzijde zat grijs op de tweede nulklem en niet op een fase.

Wat hier hielp was doormeten: met de kookplaat los bleek er doorgang tussen N1 en N2, dus de nulklemmen zaten intern al aan elkaar. Eén nulgeleider was daarmee voldoende. Twee aders samen in één dubbele adereindhuls persen bleek in de krappe perilex een gefrunnik, dus de grijze ader is uiteindelijk afgeknipt en netjes afgewerkt. Was er geen doorgang gemeten, dan had de helft van de plaat het niet gedaan zonder een brug tussen N1 en N2.

Dit kwamen we tegen

Welke fase je overslaat, kun je uitkiezen

Een AEG IKB64411FB van 7,35 kilowatt kwam op een driefase kookgroep met een vierpolige automaat en een perilex. De kookplaat werkt op twee fasen, dus één pen zou onbezet blijven. De vraag was of het uitmaakt welke.

Voor de kookplaat maakt het niets uit, voor het huis wel. Bij het doorlopen van de groepen bleek dat op L2 zo ongeveer alles zat wat vermogen vraagt: wasmachine, oven, cv-ketel en een jacuzzi. Op L1 zat vrijwel niets en op L3 weinig. De plaat is daarom op L1 en L3 gezet, met L2 als overgeslagen fase. Dat de fabrikant in kant-en-klare stekkers vaak juist L1 leeg laat, is een fabrieksconventie en geen voorschrift. Je mag de aders in die stekker verzetten zolang de aarde en de nul op hun eigen pen blijven.

Dit kwamen we tegen

Een Bora op een perilex die anders bedraad bleek

Een Bora kookplaat moest worden aangesloten op een perilex die kort daarvoor door een installateur was aangelegd samen met een nieuwe meterkast. Op de foto's van de wandcontactdoos zat grijs op L1, zwart op L2 en bruin op L3, terwijl de kabel ergens onderweg was gelast. De kleuren klopten dus niet met de volgorde die je zou verwachten.

Erger was wat er in de meterkast zat: geen krachtgroep met drie fasen, maar een fornuisgroep met twee keer dezelfde fase. Zonder meten was dat op de foto niet te zien, want de bedrading ziet er in beide gevallen hetzelfde uit. Met een tweepolige spanningsaanwijzer was het in twee minuten duidelijk geweest: 0 volt tussen twee pennen die je voor verschillende fasen aanzag. De aansluiting is teruggelegd bij de installateur die de kast had gebouwd, en dat was hier de juiste keuze.

Dit kwamen we tegen

De zaagtafelmotor die alleen maar bromde

Uit een tweedehands motor voor een zaagtafel kwamen drie draden, blauw, bruin en zwart, met onderling ongeveer 4, 7 en 11 ohm. Op het typeplaatje stond 1,6 kilowatt, 2800 toeren en 20 microfarad. Bij twee van de drie combinaties bromde de motor en draaide hij traag, bij de derde liep hij wel rond maar zonder voorkeur voor een richting: een duw met de hand bepaalde welke kant hij op ging.

De verklaring zat in het ontbrekende onderdeel. De condensator was nooit meegeleverd, terwijl hij wel op het typeplaatje stond. De twee kleinste weerstanden telden op tot de grootste, waarmee de gemeenschappelijke draad vaststond en de hulpwikkeling te herleiden was. Met een bedrijfscondensator van 20 microfarad en 450 volt, gemonteerd in een beugeltje naast de motor, liep hij zelfstandig aan en met vol vermogen. Het toerental veranderde niet, want dat ligt vast in het aantal poolparen.

Veelgemaakte fouten

Drie fasen samenknopen in een eenfase hoofdschakelaar

Het lijkt praktisch als je toch maar één fase gebruikt, maar tussen die draden staat 400 volt. Ze aan elkaar zetten geeft een kortsluiting die door de hoofdzekering moet worden afgebroken en die je niet van dichtbij wilt meemaken. Heb je drie fasen in de kast, dan hoort de installatie ook over drie fasen verdeeld te worden.

Een kookplaat met twee kringen op één nuldraad zetten

Bij een kookgroep zitten beide kringen op dezelfde fase, dus de stromen tellen op. Met één nulgeleider kan er tot 32 ampère door een ader van 2,5 vierkante millimeter lopen die op 16 ampère is afgezekerd. De automaat ziet dat niet, want die zit in de fasedraden. De nul wordt warm en smeult op termijn weg.

De brug tussen N1 en N2 vergeten

Sluit je een toestel met twee gescheiden kringen aan volgens het schema met één nul, dan moeten die twee nulklemmen onderling verbonden zijn. Zijn ze dat intern niet en leg je zelf geen brug, dan doet de halve kookplaat het niet. Meet daarom voor het monteren of er doorgang tussen de nulklemmen zit.

De ongebruikte fasedraad los laten hangen

Sla je een fase over, dan blijft er een ader over waar in de wandcontactdoos wel degelijk spanning op kan komen. Los in een aansluitdoos laten liggen of afplakken met een rondje isolatietape is niet genoeg. Knip hem af aan beide zijden of werk hem af met een einddop of een lasklem.

Alle zware apparatuur op dezelfde fase

Een driefaseaansluiting van 3x25A geeft je 25 ampère per fase en niet 75 ampère op één fase. Zitten wasmachine, droger, oven en kookplaat allemaal op L2, dan valt die fase eruit terwijl de andere twee stilstaan. Loop bij elke nieuwe groep opnieuw langs de verdeling in plaats van te pakken wat er toevallig vrij is.

Meer dan vier eindgroepen achter één aardlekschakelaar

De opgetelde lekstroom van al die groepen brengt de schakelaar dichter bij zijn afschakelwaarde, dus je krijgt uitval zonder aanwijsbare oorzaak. Daarnaast ligt bij een storing meteen een kwart van je huis stil. Vier groepen per aardlekschakelaar is de grens, en verlichting verdeel je bewust over twee schakelaars.

Een eenfase omvormer over drie fasen aansluiten

Het idee om de teruglevering zo te spreiden kost je de omvormer en waarschijnlijk meer dan dat. Je verbindt L1, L2 en L3 met elkaar en maakt daarmee een volle kortsluiting van 400 volt. Een eenfase omvormer hoort tussen één fase en de nul, met de overige fasedraden veilig afgedopt.

Twee aders onder één klem draaien

We zien het regelmatig onder de automaat van een kookgroep: twee verschillende draden in dezelfde klem geschroefd. Die twee krijgen nooit dezelfde klemkracht, dus één van de twee zit los en gaat vonken. Gebruik een dubbele adereindhuls of een aftakklem, of maak de verbinding op een verdeelklem.

Veelgestelde vragen

Wat is een 2 fase aansluiting precies?

Een aansluiting waarbij een toestel op twee verschillende fasen van het net werkt, met één gedeelde nulgeleider en een aarde. Tussen elke fase en de nul staat 230 volt, tussen de twee fasen onderling 400 volt. Doordat de fasen 120 graden verschoven lopen, heffen de stromen elkaar in de nul grotendeels op, waardoor één nuldraad genoeg is. Dat is precies het verschil met een Nederlandse kookgroep, waar twee keer dezelfde fase wordt gebruikt en er dus twee nullen nodig zijn.

Kan 2 fase op 3 fase, of moet je alle drie de fasen gebruiken?

Twee fasen aansluiten op 3 fase kan zonder bezwaar. Je gebruikt twee van de drie fasepennen en laat de derde in de stekker onbedraad. Dat is de standaardsituatie bij kookplaten van rond de 7 kilowatt, die twee kringen hebben. Welke twee fasen je kiest maakt voor de werking niets uit, maar voor de belasting van je huisaansluiting wel. Kies de twee fasen die het minst bezet zijn en sla bij voorkeur de fase over waar de oven op zit.

Hoe ziet het schema van een 2 fase aansluiting eruit?

Een schema van een 2 fase aansluiting laat twee fasedraden zien, L1 en L2, plus één nul en de aarde. Aan de toestelzijde gaan de twee nulklemmen N1 en N2 samen naar die ene nul, met een brug of doordat ze intern al doorverbonden zijn. Op de onderkant van vrijwel elke kookplaat staan drie varianten naast elkaar: drie fasen, twee fasen en één fase. De middelste is meestal de tweefasevariant. Teken het schema over voordat je begint, inclusief alle bruggen die erin staan.

Hoe moet ik een 2 fase kookgroep aansluiten in de meterkast?

Zit er een driefaseaansluiting in huis, dan gebruik je twee polen van een driefase aardlekautomaat van 16 ampère met B-karakteristiek en 30 milliampère lekstroom, met een kabel van 5x2,5 vierkante millimeter naar de keuken. Twee fasen sluit je aan op L1 en L2 van de perilex, de nul op de nulpen en de aarde op de aardepen. Heb je maar één fase in huis, dan ga je een kookgroep aansluiten op 1 fase: twee gekoppelde automaten van 16 ampère op dezelfde rail, met twee gescheiden nulgeleiders naar de keuken. Werk in de kast alleen vanaf de hoofdschakelaar, want alles ervoor is verzegeld.

Kan ik een 3 fase groepenkast op 1 fase aansluiten?

Tijdelijk kan dat. Je legt onder de hoofdschakelaar een brug tussen de drie fase-uitgangen, zodat alle rails dezelfde 230 volt krijgen. Alle groepen werken dan en ook de testknoppen van de aardlekschakelaars doen het weer, behalve bij types waarbij de testknop tussen twee fasen zit. Dat is bedoeld voor de dagen tussen het ombouwen van je kast en de komst van de netbeheerder, niet voor permanent gebruik. Haal de brug eruit voordat de drie fasen worden aangesloten, anders sluit je 400 volt kort.

Permanent van 3 fase naar 1 fase gaan is een aanvraag bij de netbeheerder en geen ingreep in je eigen kast. Drie fasedraden in een eenfase hoofdschakelaar prikken kan niet, en twee fasen loos laten zitten is niet volgens de norm en kan bij een keuring afkeur opleveren. Van 3 fase naar 2 fase bestaat als aansluitvorm helemaal niet: je hebt drie fasen of één, en twee fasen is iets wat je binnen je eigen installatie afneemt.

Wat zijn de kosten van een 3 fase aansluiting bij Eneco?

Je energieleverancier gaat er niet over, hoe vaak je ook belt. Het verzwaren van een aansluiting is werk van de netbeheerder in jouw postcodegebied, en die publiceert vaste tarieven voor het verzwaren van een aansluiting. Reken daarnaast op de kosten van je eigen groepenkast en de installateur. Het maandelijkse capaciteitstarief verandert bij een stap naar 3x25A meestal nauwelijks, omdat die aansluiting in dezelfde categorie valt als een zware eenfaseaansluiting. Houd rekening met een doorlooptijd van maanden.

Hoe moet ik de meterkast aansluiten op 3 fase?

Het deel dat je zelf doet begint bij de vierpolige hoofdschakelaar: daarachter komen de aardlekschakelaars, de kamrails en de eindgroepen, verdeeld over L1, L2 en L3. Het deel ervoor, dus de verbinding van de meter naar de hoofdschakelaar en de hoofdzekeringen, is werk voor een installateur met zegelrecht of voor de netbeheerder zelf. Een 3 fase aansluiting maken begint dus met de kast klaarleggen en de verdeling uittekenen, en eindigt met een monteur die de laatste verbinding legt. Wil je weten hoeveel groepen je nodig hebt, reken dat dan vooraf door met onze groepencalculator.

Hoe sluit ik een 3 fase omvormer voor zonnepanelen aan op de meterkast?

Een 3 fase omvormer aansluiten in de meterkast doe je op een eigen groep met een vierpolige automaat, met een kabel die past bij het vermogen van de omvormer. De omvormer verdeelt de teruglevering zelf over de drie fasen, waardoor de stroom per fase klein blijft en de nulgeleider nauwelijks belast wordt. Kijk in de handleiding welk type aardlekbeveiliging voorgeschreven is, want veel omvormers hebben een eigen gelijkstroombewaking en kunnen dan achter een gewone type A. Laat de aansluiting op de kast doen door iemand die er verstand van heeft, ook vanwege de garantie op de installatie.

Kan ik zonnepanelen met een 1 fase omvormer aansluiten op 3 fase?

Ja, maar op één fase en één nul, met de overige fasedraden veilig afgedopt. Een 1 fase omvormer aansluiten op een 3-fase groepenkast door hem over alle drie de fasen te leggen is een volle kortsluiting van 400 volt. Kies de fase waar de zwaarste verbruikers op zitten, zodat de opgewekte stroom lokaal wordt verbruikt in plaats van via de nul terug te lopen. Bij 16 ampère teruglevering en 25 ampère afname op een andere fase kan de nulstroom richting 40 ampère gaan, en dat is meer dan je aansluitwaarde. Valt de omvormer regelmatig uit, dan is verhuizen naar een andere fase de eerste ingreep.

Hoe sluit ik een 230 volt 1 fase motor met condensator aan?

Meet eerst de weerstand tussen alle draadcombinaties. Bij drie draden tellen de twee kleinste waarden op tot de grootste, en de draad die in beide kleine metingen voorkomt is het gemeenschappelijke punt. De laagste weerstand is de hoofdwikkeling, de hogere de hulpwikkeling. De fase komt op het gemeenschappelijke punt, de nul op het einde van de hoofdwikkeling, en de bedrijfscondensator komt tussen het einde van de hulpwikkeling en diezelfde nulzijde. De waarde staat op het typeplaatje, bijvoorbeeld 20 microfarad, en de condensator moet minimaal 450 volt wisselspanning aankunnen. Zonder condensator bromt de motor en heeft hij geen draairichting.

Kan ik een 3 fase motor aansluiten op 220v?

Dat kan, mits het typeplaatje 230/400 volt aangeeft zodat je de motor in driehoek kunt schakelen. Een 3 fase motor op 1 fase aansluiten gaat dan met een Steinmetz-schakeling: een condensator van ruwweg 70 microfarad per kilowatt tussen de derde klem en één van de netaansluitingen. Je houdt ongeveer twee derde van het vermogen over en het aanloopkoppel is laag, dus starten onder belasting lukt niet. Voor het aansluiten van een 3 fase motor op een zaagtafel of kolomboor is een frequentieregelaar met één fase in en drie keer 230 volt uit de betere keuze: vol koppel, een regelbaar toerental en een zachte start.

Hoe sluit ik een Bora kookplaat op 2 fase of 3 fase aan?

Bora aansluiten op 3 fase gaat volgens het bovenste schema op het toestel: bruin op L1, zwart op L2, grijs op L3, blauw op de nul en geelgroen op de aarde. Wil je Bora op 2 fase aansluiten, dan gebruik je het middelste schema met twee fasen en één nul. Let op dat een fornuisgroep iets anders is dan twee fasen: daar zit twee keer dezelfde fase op en dan kan er te veel stroom door één nulgeleider lopen. Sommige modellen kunnen in het servicemenu op een lager vermogen of op één fase worden gezet, wat uitkomst biedt als de groep het volle vermogen niet aankan. Meet altijd door wat er op de perilex staat voordat je de stekker erin steekt.

Wanneer je beter een vakman belt

Alles vanaf de hoofdschakelaar de kast in kun je met kennis en beleid zelf doen, mits je de installatie echt spanningsloos kunt maken en dat ook meet. Wat daarvoor zit is niet van jou: de hoofdzekeringen en de meter zijn verzegeld en horen bij de netbeheerder. Wie dat zegel verbreekt, krijgt de kosten en het gedoe op zich af, en bij een 3x25A aansluiting werk je bovendien met 400 volt tussen de fasen.

Bel een installateur met zegelrecht wanneer de hoofdschakelaar vervangen of verplaatst moet worden. Om hem los te nemen moeten de hoofdzekeringen eruit, en dat mag je niet zelf. Datzelfde geldt voor het opwaarderen van je meterkast van 1 fase naar 3 fase: de kast mag je voorbereiden, de laatste verbinding maakt de monteur.

Bel ook als je bij het openen van je kast dingen aantreft die niet kloppen: twee aders onder één klem, een kookgroep met maar één nulgeleider, een aardlekschakelaar van het oude type AC, of een aarde waarvan je niet kunt vaststellen waar hij op uitkomt. Zulke gebreken staan zelden alleen. Hoe je vaststelt of de aarding zelf deugt, staat bij het slaan van een aardpen en het meten van de aardweerstand.

En bel bij twijfel over een toestel waarvoor de fabrikant geen passend schema levert. Een kookplaat die volgens het schema twee nulgeleiders nodig heeft en die je op één nul wilt zetten omdat het toevallig past, is geen kwestie van uitproberen. Met elektra gok je niet, want een verkeerd belaste nuldraad geeft geen storing die je ziet maar warmte die je pas ruikt als het te laat is.

Verder lezen over dit onderwerp

diy-gids.nl ELEKTRA Lekstroom
Elektra

Lekstroom

diy-gids.nl ELEKTRA Aardedraad
Elektra

Aardedraad