Vloer tegels leggen op beton, hout of een bestaande vloer
Een tegelvloer gaat bijna nooit stuk door de tegels zelf, maar door de vloer eronder. Een ondergrond die doorveert laat de voegen knappen, een ondergrond die niet vlak is kost je bakken tegellijm en levert alsnog een golvende vloer op. Zorg dus eerst voor stijfheid en vlakheid, kies daarna pas je lijm en je legvolgorde. Op hout betekent dat een dikke plaatlaag met een ontkoppelingsmat erover, en bij elke overgang naar een ander materiaal een dilatatievoeg.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Rei van 2 meter en een lange waterpas
- Kruislijnlaser of een laserwaterpas
- Lijmkam met 6, 8 en 10 mm vertanding
- Menemmer en een mengspindel op een boormachine
- Natte tegelzaag met diamantblad, plus een tegelsnijder voor rechte sneden
- Nivelleersysteem met clips en wiggen
- Rubberen hamer en tegelwiggen
- Voegspaan van rubber, twee emmers en een grote spons
- Accuschroefmachine voor het vastzetten van plaatmateriaal
- Kniebeschermers en handschoenen
Materiaal
- Flexibele cementgebonden poederlijm, klasse C2 met vervormbaarheid S1 of S2
- Tegelvoorstrijkmiddel, zuigend of juist voor gladde ondergrond
- Egaline die geschikt is voor de dikte die jij nodig hebt
- Watervast verlijmd multiplex of gipsvezel vloerelementen
- Ontkoppelingsmat en afdichtingsband voor de naden
- Waterdichte smeerfolie en kimband voor natte ruimtes
- Flexibele voegmortel in de kleur die je wilt
- Sanitairkit voor de randvoegen en de aansluiting op de wand
- Tegelwiggen of kruisjes in de gekozen voegbreedte
Waar een tegelvloer op mag liggen
Een tegelvloer is precies zo goed als de vloer eronder. Keramiek zet zelf nauwelijks uit en buigt niet mee, dus alles wat de ondergrond wél doet komt terug in de voegen en daarna in de tegels. Hoe je de tegels vervolgens uitzet, lijmt en voegt staat in ons overzicht over tegels zetten op wand en vloer. Hier gaat het om wat er onder die tegels hoort te zitten.
Twee eigenschappen bepalen of je kunt beginnen. De eerste is stijfheid. Een vloer die onder jouw gewicht ook maar een beetje meegeeft, laat op termijn de voegen knappen en daarna de tegels loskomen. Voor keramiek wordt gerekend met een doorbuiging van maximaal de overspanning gedeeld door vijfhonderd, en dat is een stuk strenger dan wat voor een houten vloer met laminaat gebruikelijk is.
De tweede is vlakheid. Welke vloer tegels je kiest, bepaalt hoe streng die eis wordt. Een tegel van 15 bij 15 volgt een licht golvende vloer nog wel, maar bij 60 bij 60 of 90 bij 90 steekt elke bult onder de tegel omhoog en zie je bij elke voeg een randje.
Kijk ook naar de leeftijd van de ondergrond. Wij houden voor een cementdekvloer ongeveer een week droogtijd per centimeter dikte aan en voor beton minstens vier weken, en bij een gietdekvloer wat de leverancier voorschrijft. Tegels op een vloer die nog krimpt, komen los op de plek waar de krimpscheur ontstaat.
| Ondergrond | Direct te betegelen | Wat je eerst doet |
|---|---|---|
| Cementdekvloer of smeervloer | Ja, mits voldoende uitgehard | Stofzuigen, ontvetten en voorstrijken met tegelvoorstrijkmiddel |
| Betonvloer of kanaalplaatvloer | Ja | Cementhuid wegschuren, hoogteverschillen bij de naden egaliseren |
| Anhydriet of gietdekvloer | Ja, na voorbewerking | Sinterlaag machinaal schuren, stofzuigen en primeren, alleen lijmen die geschikt zijn voor calciumsulfaat |
| Nehobo of andere combinatievloer | Nee | Eerst een cementdekvloer of een gebonden egaliseerlaag aanbrengen |
| Houten balklaag met underlayment of OSB van 18 mm | Nee | Extra plaatlaag erop, daarna een ontkoppelingsmat |
| Spaanplaat | Nee | Vervangen of overleggen met watervast multiplex, spaanplaat werkt te veel bij vocht |
| Gipsvezel vloerelementen | Ja | Naden verlijmen volgens voorschrift en de platen voorstrijken |
| Zwaluwstaartplaat met lichtgewichtbeton | Ja, na uitharden | Voorstrijken, verder geen ontkoppeling nodig |
| Bestaande tegelvloer | Ja, mits alles vastzit | Alle tegels afkloppen op hol geluid, ontvetten, opruwen en primeren |
| Epoxyvloer of gietvloer | Ja, na opschuren | Toplaag machinaal wegschuren en een hechtprimer voor gladde, niet-zuigende ondergrond |
| Vinyl, linoleum, tapijt of zeil | Nee | Volledig verwijderen, lijmresten weg en dan pas beoordelen wat eronder ligt |
Leg de rei ook langs de wanden en rond de deurkozijnen. Juist op die twee plekken zitten de meeste bulten en kuilen, en midden in de ruimte vind je ze niet.
Wat er onder de oude vloerlagen zit
Voordat je een oude vloer eruit trekt, wil je weten wat je opengraaft. In woningen van voor 1994 zit onder laminaat, tapijt of plavuizen regelmatig een laag die asbest bevat, en dat merk je pas als je hem al aan het lostrekken bent.
Het klassieke geval is hard vloerzeil met een viltachtige of papierachtige onderlaag. Die onderlaag kan tot ver in de jaren tachtig chrysotiel bevatten, soms in percentages van vijftien tot dertig procent. Het is niet-hechtgebonden materiaal, dus bij breken komen er vezels vrij.
De lijmlaag eronder zegt ook iets. Zwarte, teerachtige bitumenlijm is meestal het probleem niet, een witte of beige laag onder oud zeil is verdachter en verdient een test. Gewone grijze tegellijm is in de praktijk zelden asbesthoudend, maar zekerheid krijg je alleen via een laboratorium.
Twijfel je, neem dan geen monster van iets wat je niet nat kunt houden en laat het testen of laat een inventarisatie doen. Bij niet-hechtgebonden materiaal is verwijderen door een gecertificeerd bedrijf verplicht, ook in je eigen huis. Wat je met de overige lagen doet, van oude lijm tot verweerde afwerking, lees je bij het onderhouden en strippen van vloeren.
Liggen er tegels die eruit moeten, houd dan rekening met een dag extra en met veel stof. Hoe je dat aanpakt zonder de dekvloer eronder te slopen staat bij het weghalen van een oude tegelvloer, en wat er daarna aan lijmbulten achterblijft haal je weg zoals beschreven bij achtergebleven tegellijm van de ondergrond krijgen.
Ga niet zelf schuren, breken of stofzuigen in materiaal dat asbest kan bevatten. Een gewone stofzuiger blaast de vezels de kamer in. Sluit de ruimte af, laat het materiaal met rust en laat het eerst onderzoeken. Voor sloop van asbesthoudend materiaal is ook een melding bij de gemeente nodig.
De vloer vlak krijgen voor je de eerste tegel legt
Een cementdekvloer ligt vrijwel nooit kaarsrecht, en dat hoeft ook niet. Wat telt is niet het absolute hoogteverschil maar over welke afstand dat verschil zit. Een verloop van tien millimeter over vier meter merk je bij het tegelen nauwelijks. Datzelfde verschil binnen een halve meter is een probleem, want daar staat je rei op te wiebelen.
Korte kuilen vul je tijdens het tegelen gewoon bij met wat extra lijm. Korte bulten kun je niet met lijm oplossen, want daar moet de tegel juist dunner liggen dan de minimale lijmlaag toelaat. Die slijp of schuur je weg met een betonschuurmachine met een diamantschijf, een uurtje werk met een huurmachine.
Loopt het verschil op tot acht millimeter over grote delen en twaalf millimeter op het diepste punt, dan is een vloer egaliseren voor tegels goedkoper dan het met lijm proberen recht te trekken. Egaline in een dunne, vloeiende laag kost minder dan de zakken lijm die je anders verstookt, en je houdt de lijmlaag onder je tegels overal even dik. Dat scheelt ook in de kans dat een tegel later hol klinkt.
Ga je een grote oppervlakte egaliseren, dan is capaciteit het echte knelpunt. Giet je de tweede emmer pas als de eerste al aan het aantrekken is, dan vloeien ze niet meer in elkaar en heb je een rand in je vloer. Reken bij vijfenzeventig vierkante meter op twee mensen die mengen en één die giet, of besteed dat deel uit.
Hoe je een vloer die al betegeld is weer vlak krijgt, staat bij een tegelvloer egaliseren. Bij een houten ondergrond gelden andere regels, en die vind je bij het egaliseren van een houten vloer.
| Wat je met de rei vindt | Aanpak | Waarom |
|---|---|---|
| Verloop van 8 tot 12 mm over 4 meter of meer | Niets doen, tijdens het tegelen mee laten lopen | Valt binnen de normale marge van een dekvloer en zie je niet |
| Kuil van enkele millimeters binnen een halve meter | Bijvullen met tegellijm tijdens het leggen | Lijm mag dikker, zolang je bij dezelfde tegel geen extremen krijgt |
| Bult van enkele millimeters | Wegschuren met een betonschuurmachine | Onder een bult past geen lijmlaag, de tegel komt hol te liggen |
| Verschil van meer dan 5 mm over een korte afstand | Egaliseren met een gietbare egaline | Goedkoper en vlakker dan het opvullen met lijm |
| Losse of hol klinkende plekken in de dekvloer | Uithakken en opnieuw aanstorten | Onder een losse plek zakt de tegel later mee |
| Scheuren in de dekvloer | Uitfrezen, injecteren of gieten en pas daarna tegelen | Een scheur die blijft werken komt gegarandeerd terug in de voeg |
Bij tegels vanaf 60 bij 60 is een nivelleersysteem met clips en wiggen het geld dubbel en dwars waard. Je trekt twee naast elkaar liggende tegels daarmee exact even hoog, en juist die randjes voel je later met je blote voet.
Tegels op een houten vloer leggen
Een houten vloer tegelen kan prima, maar niet zomaar. Een balklaag veert altijd een beetje door en hout werkt met de luchtvochtigheid mee, terwijl de tegel daar niets van wil weten. Bij tegels leggen op houten vloer draait daarom alles om stijfheid.
Stijver maken doe je met een extra plaatlaag. Watervast verlijmd multiplex van 18 mm is de standaard, en op een balklaag die aan de slappe kant is werken twee lagen van 18 mm kruislings gelegd nog beter. Spaanplaat is hiervoor geen goede keus, want die zwelt op zodra er vocht bij komt en verliest dan zijn stijfheid.
Houd voor het schroeven aan wat de plaatleverancier opgeeft; wij zitten meestal op 15 centimeter langs de randen en 25 centimeter in het veld. Tussen de platen onderling houd je twee tot drie millimeter ruimte.
De beweging die daarna nog overblijft vang je op met een ontkoppelingsmat van ongeveer drie millimeter. Die mat wordt met tegellijm op het hout gezet en heeft holle vakjes waar de lijm van de tegels in valt, waardoor de tegellaag zijdelings los van het hout kan bewegen. Gebruik hier flexibele lijm, klasse C2 met de aanduiding S1 of bij een wat levendiger vloer S2, en een flexibele voegmortel.
Kijk voordat je begint naar de balken zelf. Liggen ze verder dan zestig centimeter uit elkaar of zijn ze aan de dunne kant, dan verzwaren wij liever eerst de balklaag of leggen we er tussenbalken bij. Een tegelvloer op houten vloer vraagt namelijk geen dikkere lijmlaag maar een stijvere ondergrond, en een plaatlaag lost een te grote overspanning niet op. Wat er verder bij een houten vloer komt kijken, van isoleren tot verstevigen, staat bij alles over een houten vloer.
Tegels op houten vloer met fermacell of gipsvezelplaat
Gipsvezelplaat is de meest gebruikte oplossing wanneer je tegels op een houten vloer wilt met zo min mogelijk opbouwhoogte. Twee lagen van tien millimeter kruislings gelegd en onderling verlijmd geven een vlak, stijf en zwaar pakket dat zich prettig laat tegelen.
Bij tegelen op fermacell vloer is er één stap die je niet mag overslaan, en dat is voorstrijken. De platen zijn zuigend, dus ze trekken het water uit je lijm en dan hecht die slecht. Rol er daarom eerst een tegelvoorstrijkmiddel over en laat dat volledig drogen. Zet de platen niet strak tegen de wanden aan maar houd rondom een randvoeg vrij, en vul die met kit in plaats van met mortel.
Ook op gipsvezel gebruik je flexibele poederlijm en flexibele voegmortel. In een badkamer komt daar nog een waterdichte laag overheen voordat de tegels erop gaan.
Tegelen op houten vloer in de badkamer
Een houten vloer betegelen in de badkamer vraagt een derde eis bovenop stijfheid en vlakheid: de vloer moet waterdicht zijn voordat de tegels erop gaan. Tegels en voegen zijn zelf niet waterdicht, dus wat er doorheen komt moet ergens tegen gehouden worden.
De opbouw die in de praktijk goed uitpakt is 18 mm watervast multiplex, daarover een waterdichte smeerfolie of een vliesmat die je met tegellijm aanbrengt, en pas daarna de ontkoppelingsmat. Over alle naden van de platen en in de hele aansluiting van vloer op wand zet je kimband. Die band is het belangrijkste onderdeel, want water zoekt altijd de hoek op.
Kies in de badkamer liever niet voor de allergrootste tegel. Grote formaten zijn stijver en hebben minder voegen, maar ze vragen wel een vlakkere ondergrond, en op een houten vloer is dat nu net het lastigste. Een formaat van 30 bij 60 of 60 bij 60 is hier een prettiger compromis dan 90 bij 90.
| Opbouw op hout | Extra hoogte | Geschikt voor | Aandachtspunt |
|---|---|---|---|
| 18 mm watervast multiplex plus ontkoppelingsmat | circa 21 mm | Woonkamer, hal, keuken op een gezonde balklaag | Balklaag mag niet merkbaar doorveren |
| 2 x 18 mm multiplex kruislings plus ontkoppelingsmat | circa 39 mm | Slappere balklaag of grote tegelformaten | Fors gewicht, controleer of de balken dat aankunnen |
| 2 x 10 mm gipsvezelplaat kruislings verlijmd | circa 20 mm | Badkamer houten vloer betegelen met weinig opbouwhoogte | Naden verlijmen volgens voorschrift en voorstrijken |
| Kant-en-klare vloerelementen van gipsvezel | 20 tot 25 mm | Tegels op houten vloer badkamer en toilet, snel te leggen | Zware platen, sjouwen is een klus op zich |
| Multiplex met vliesmat en ontkoppelingsmat erop | circa 25 mm | Tegelen op houten vloer badkamer met douche | Kimband over alle plaatnaden en in elke hoek |
| Zwaluwstaartplaat met lichtgewichtbeton | 50 tot 60 mm | Aanbouw, serre, keuken waar je toch de vloer opent | Stijfste en waterdichtste oplossing, wel natte bouw |
| Dunne renovatiegietvloer op de bestaande plaatvloer | 15 tot 25 mm | Vloer die vlak moet worden en meteen stijver mag | Kieren eerst dichten, anders loopt de mortel weg |
Balken bijleggen of verzwaren is werk aan de constructie. Zodra je een balklaag gaat aanpassen, oplegpunten verandert of een balk inkort voor een leiding, laat je een constructeur meekijken. Een tegelvloer weegt met opbouw en al al snel zestig tot honderd kilo per vierkante meter extra.
De overgang van een houten vloer naar een tegelvloer
Op de plek waar twee verschillende constructies elkaar raken, gaat een tegelvloer scheuren als je er niets aan doet. Hout en beton werken verschillend, ze nemen ander vocht op en ze buigen anders door. Een tegel die met één hoek op beton ligt en met de andere op een houten plaatvloer, breekt precies boven die naad.
De overgang van een houten vloer naar tegels vraagt daarom altijd een dilatatievoeg, recht boven de naad in de constructie. Dat is een doorlopende voeg door de hele tegellaag heen, gevuld met een elastische kit of afgewerkt met een dilatatieprofiel. Hij hoeft niet lelijk te zijn: kies een kit in de kleur van je voegmortel en hij valt nauwelijks op.
Het plannen begint bij je tegelplan. Zet je eerste tegel niet zomaar in een hoek maar begin vanuit de dilatatievoeg, zodat die precies tussen twee tegels valt in plaats van dwars door een tegel heen. Je betaalt daarvoor met een snijstuk aan beide uiteinden van de ruimte.
Wil je die voeg echt niet, dan is er één alternatief dat werkt: zorgen dat er geen overgang is. Haal het vloerhout weg over het stuk waar de tegels moeten komen en leg daar dezelfde constructie door als in het nieuwe deel, bijvoorbeeld een zwaluwstaartplaat met beton. Eventuele isolatie tussen de balken kan daarbij gewoon blijven zitten, want je vervangt alleen de vloerplaat erboven. Meer over die opbouw en over de isolatie eronder lees je bij een houten vloer isoleren.
| Situatie | Oplossing | Let op |
|---|---|---|
| Overgang houten vloer naar tegels in dezelfde ruimte | Dilatatievoeg met elastische kit of een overgangsprofiel | Voeg exact boven de naad in de constructie leggen |
| Overgang van betonvloer naar houten plaatvloer | Dilatatievoeg door de hele tegellaag, ook door de lijm heen | Half doorgezaagd is geen dilatatie, de scheur komt terug |
| Overgang houten vloer naar tegelvloer met hoogteverschil | Renovatiegietvloer of extra plaatlaag om gelijk te komen | Kieren eerst dichten voordat je giet |
| Overgang tegels naar houten vloer in een deuropening | Overgangsprofiel of een dorpel van hardsteen | Onder de deur, zodat je hem met de deur dicht niet ziet |
| Aansluiting vloer en wandtegels in een betegelde ruimte | Kitnaad van 2 tot 3 mm in plaats van voegmortel | Vloertegel onder de wandtegel door laten lopen |
| Grote tegelvloer zonder materiaalovergang | Dilatatie om de 25 tot 40 vierkante meter en bij elke inspringende hoek | Bij vloerverwarming aanhouden op de veldgrenzen van de verwarming |
| Aansluiting van de vloer op elke opgaande wand | Randvoeg van 8 tot 10 mm, gevuld met kit | Nooit dichtzetten met voegmortel |
Werk niet zomaar rond leidingen in de vloer. Onder een oude keuken- of badkamervloer ligt regelmatig een gasleiding of een verwarmingsbuis in de dekvloer. Boor of hak daar niet blind in en laat verleggen van een gasleiding altijd over aan een erkende installateur.
Tegelen over een vloer die er al ligt
Een bestaande tegelvloer eruit slopen is een dag stof, herrie en afvoerkosten. Vaak kan het ook anders, want een tegelvloer die overal vastzit is een prima ondergrond om iets nieuws op aan te brengen. De vraag is alleen hoeveel hoogte je erbij mag krijgen.
Klop eerst de hele vloer af met de steel van een hamer. Waar het hol klinkt zit de tegel los, en dat zijn precies de plekken die je uithakt en opvult. Ontvet daarna de hele vloer, want jarenlang gedweild betekent een filmlaag van zeep en vet waar niets op hecht. Ruw de tegels op als ze glad geglazuurd zijn, en zet er een voorstrijkmiddel op dat voor niet-zuigende ondergronden bedoeld is.
Doe je dat goed, dan werkt een vloer egaliseren over tegels prima en laat het niet meer los. We zijn vloeren tegengekomen waar zo jarenlang met houten vloerdelen op is gelopen en zelfs met karren overheen is gereden, zonder dat er iets loskwam. Sla je het ontvetten of het voorstrijken over, dan komt de egaline er in platen weer af.
Reken wel je deurhoogtes na voordat je begint. Een laag egaline plus een ondervloer plus de nieuwe afwerking kost al snel twee tot drie centimeter. Bij een kozijn van 201,5 cm betekent dat vier deuren inkorten. Soms is de oude tegelvloer eruit halen dan alsnog de goedkoopste weg.
Een vinyl vloer over tegels leggen
Vinyl is dun en soepel, en dat betekent dat het elke oneffenheid overneemt. Leg je het rechtstreeks op een oude plavuizenvloer, dan tekenen alle voegen zich binnen een paar weken als lijnen in je nieuwe vloer af.
De vloer moet dus eerst volledig vlak. Klop hem af, hak de hol klinkende plekken bij de drempel uit en vul ze, ontvet, strijk voor en giet er een laag egaline overheen tot de voegen niet meer voelbaar zijn. Pas dan gaat het vinyl erop.
Let bij een onverwarmde hal of gang op de hoogte bij de voordeur. Zit er maar een centimeter tussen de bovenkant van de tegels en de drempel, dan past een egaliseerlaag met vinyl er nog net, maar isolatie erbij past er niet. Dan moet de vloer er alsnog uit. Wat er in dat geval mogelijk is, staat bij een vloer isoleren.
Tegels op een bestaande epoxyvloer
Een gladde epoxyvloer is niet-zuigend en heeft een lage oppervlaktespanning, dus tegellijm hecht er van zichzelf slecht op. Zitten er blazen in de toplaag, meestal doordat er ooit een tweede laag op een niet opgeschuurde vloer is aangebracht, dan moet die toplaag er eerst af.
Schuur de vloer machinaal op met een eenschijfsmachine met een grof schuurpad, die je per dag kunt huren. Zuig alles stofvrij, zet er een tegelvoorstrijkmiddel voor gladde ondergronden op en lijm daarna met een flexibele, snelwerkende poederlijm. Een ontkoppelingsmat is hier niet nodig, want een epoxyvloer beweegt niet.
Wil je juist een epoxy vloer over tegels aanbrengen in plaats van andersom, dan geldt dezelfde voorbereiding. Ook een gietvloer over een bestaande tegelvloer of een laag beton cire over tegels staat of valt bij het opruwen en primeren, en bij het vullen van de voegen zodat ze niet door de afwerklaag heen tekenen.
| Wat je erover wilt | Voorbereiding | Extra hoogte |
|---|---|---|
| Nieuwe tegels op de oude tegelvloer | Afkloppen, ontvetten, opruwen, hechtprimer, flexibele lijm | circa 15 mm |
| Egaline over de tegels | Ontvetten en voorstrijken met een primer voor gladde ondergrond | 3 tot 10 mm |
| Vinyl vloer over tegels | Kan pas als de voegen en oneffenheden volledig vlak zijn geëgaliseerd | 5 tot 10 mm |
| Houten vloerdelen verlijmd | Egaliseren en meestal een ondervloer van plaatmateriaal | 20 tot 30 mm |
| Gietvloer over tegels | Voegen vullen, opruwen en primeren | 3 tot 5 mm |
| Beton cire over tegels | Voegen wegwerken en het hele oppervlak opruwen | 2 tot 3 mm |
| Epoxy vloer over tegels | Alleen op een droge, vastzittende vloer: geheel opschuren, ontvetten en met epoxyprimer voorzetten | 2 tot 4 mm |
Eerst vloer of wand tegelen in de badkamer
De vraag of je bij tegelen eerst vloer of wand doet, komt bij vrijwel elke badkamer en elk toilet terug. Eén antwoord dat altijd klopt is er niet. Wie twijfelt tussen eerst wand of vloer tegelen, kiest op de fout die hij later het minst wil zien: voegen die niet stroken, of een nieuwe vloer waar je tijdens het werk overheen loopt.
De klassieke werkwijze is eerst de wand en dan de vloer. Je loopt dan niet over verse lijm, je kunt rommelen zonder je nieuwe vloer te beschadigen, en snijstukken vallen onderaan de wand weg achter de vloertegel. Het nadeel is dat je de vloervoegen nooit meer precies onder de wandvoegen krijgt zodra een wand een halve centimeter uit de haak staat, en dat is bijna altijd zo.
Kies je bij het badkamer betegelen eerst vloer of wand op het eindbeeld, dan begin je beter met de vloer. Je legt die uit vanaf een referentielijn en zet daarna elke wand af op de voeg die er al ligt, en dat werkt vooral prettig als de wanden onderling niet parallel lopen.
Er is een derde variant die het beste van beide combineert. Je tegelt de wanden op een horizontale lat en laat de onderste rij open, dan leg je de vloer, en als die beloopbaar is zet je de onderste wandtegels erop. De vloertegel loopt dan onder de wandtegel door, waardoor de kitnaad in de wand komt te zitten en niet plat op de vloer ligt waar het water blijft staan.
De aansluiting van vloer en wandtegels
Op de plek waar de vloertegel de wandtegel raakt komt geen voegmortel maar kit. Die naad moet kunnen bewegen, want vloer en wand werken onafhankelijk van elkaar. Vul je hem met voegmortel, dan scheurt hij binnen een jaar en loopt er water achter.
Laat de vloertegel daarom onder de wandtegel doorlopen en houd daar een opening van twee tot drie millimeter. Werk de naad af met een elastische sanitairkit met schimmelwerende werking, niet met de gewone kit uit de bak. Twijfel je welke soort hier hoort, dan helpt onze keuzehulp voor de juiste kit per situatie je snel verder.
Badkamer met vloer en wand in dezelfde tegel
Een badkamer met op de vloer en de wand dezelfde tegel ziet er rustig uit, maar het maakt het uitmeten moeilijker. Wandtegels en vloertegels van hetzelfde formaat zijn namelijk niet altijd even groot: leg twee tegels op elkaar voordat je begint, want een millimeter verschil in lengte zie je over vier tegels als een halve voegbreedte terug.
Wil je de voegen echt laten doorstroken, dan moet je alles vooraf uittekenen op schaal: de nisjes, de kolommen, de aansluiting langs het kozijn en het afschot bij de douche. Kom je ergens uit op een snijstukje van een paar centimeter, dan is een verspringend patroon eerlijker dan half doorstroken voegen. Wie liever helemaal geen strak stramien wil, kan ook kijken naar tegels leggen in wildverband, want daar valt een maatafwijking veel minder op.
| Volgorde | Wanneer je hiervoor kiest | Waar je op moet letten |
|---|---|---|
| Eerst de wand, daarna de vloer | Grote ruimte, verspringende voegen, je wilt de vloer schoon houden | Voegen stroken vrijwel nooit door, onderste wandtegel eindigt op een lat |
| Eerst de vloer, daarna de wand | Badkamer vloer en wand zelfde tegel, of wanden die niet haaks staan | Vloer afdekken met stukloper of hardboard, en de lijm eerst laten uitharden |
| Wand zonder onderste rij, dan vloer, dan onderste rij | Badkamer of toilet waar de kitnaad in de wand moet komen | Extra werkgang en je moet twee keer je lijm aanmaken |
| Alleen de vloer, wanden blijven onbetegeld | Hal, keuken, woonkamer | Randvoeg van 8 tot 10 mm langs de wand vrijhouden voor de plint |
Maak voor zware wandtegels een verdeellatje: een rechte lat waarop je de tegelhoogtes inclusief voegbreedte hebt afgestreept. Daarmee zie je in één oogopslag waar je bovenaan en onderaan uitkomt, en dus of je met een halve tegel moet beginnen in plaats van met een strookje van een centimeter.
Lijm, voeg en dilatatie voor een vloertegel
Tegels op houten vloer lijmen doe je niet met kant-en-klare lijmpasta uit een emmer, en dat geldt net zo goed op een ontkoppelingsmat of op een bestaande tegelvloer. Je gebruikt daar cementgebonden poederlijm die je zelf aanmaakt. Kijk op de zak naar de codering. C2 betekent een verbeterde cementlijm, T dat hij niet afzakt, E dat je wat langer de tijd hebt om te corrigeren, en S1 of S2 hoe vervormbaar hij na uitharding blijft.
De vertanding van je lijmkam bepaalt hoeveel lijm er onder de tegel komt. Te weinig lijm geeft holtes, en een holle plek onder een vloertegel is de plek waar hij later breekt als je er met een tafelpoot op staat. Buiten en bij grote formaten wil je een volledig gevulde lijmlaag, en dat lukt alleen als je ook de achterkant van de tegel dun insmeert voordat je hem legt.
Voegmortel kies je in dezelfde geest: flexibel waar de ondergrond kan werken, en cementgebonden voor normale ruimtes. Op een houten vloer of een ontkoppelingsmat kun je niet zonder flexibele voeg. In een douche of rond een aanrecht kun je kiezen voor een epoxyvoeg, die vlekt niet en neemt geen water op, maar hij werkt aanzienlijk sneller aan en vergeeft weinig.
Voor buitenwerk gelden weer andere eisen aan de lijm, want daar spelen vorst en regen mee. Welke soorten daar geschikt voor zijn staat bij tegellijm voor buiten, en groene aanslag op zo'n terras pak je aan zoals beschreven bij mos van tegels verwijderen.
| Tegelformaat | Kamvertanding | Lijmverbruik per vierkante meter | Werkwijze |
|---|---|---|---|
| Tot 20 x 20 cm | 6 mm | circa 2,5 kg | Enkelzijdig kammen is voldoende |
| 30 x 30 cm | 8 mm | circa 3,5 kg | Enkelzijdig kammen, tegel goed inkloppen |
| 30 x 60 en 60 x 60 cm | 10 mm | circa 4,5 kg | Achterkant dun insmeren voor volle vulling |
| Groter dan 60 x 60 cm | 12 mm of een halfronde kam | 5 tot 7 kg | Altijd achterkant insmeren en met een nivelleersysteem werken |
| Buiten, elk formaat | 10 tot 12 mm | 5 tot 7 kg | Volledig gevulde lijmlaag, geen holtes waar water in blijft staan |
| Mozaïek op net | 4 mm | circa 2 kg | Dun en gelijkmatig, anders drukt de lijm door de voegen heen |
Til na de derde tegel er eentje weer op en kijk naar de achterkant. Wij houden binnen minstens tachtig procent lijmcontact aan; in een douche en buiten wil je de laag volledig gevuld hebben. Zie je duidelijk minder, dan is je kam te fijn of is de lijm al aan het vellen.
Zo leg je een tegelvloer van voorbereiding tot voeg
Deze volgorde werkt voor een tegelvloer binnen, op een dekvloer of op een voorbereide houten ondergrond.
-
Meet de ruimte op en maak een tegelplan
Teken de ruimte op schaal met de tegelmaat en de voegbreedte erin, inclusief de nisjes, het kozijn en de plek van de douchehoek. Zo zie je vooraf waar je snijstukken uitkomen en kun je nog een halve tegel opschuiven. Gebruik onze rekenhulp voor het aantal tegels en het snijverlies om te bepalen hoeveel dozen je bestelt, en tel er tien procent bij op voor recht verband en vijftien procent voor een verspringend of diagonaal patroon.
-
Controleer de ondergrond op beweging en vlakheid
Loop de vloer af en let op kraken of meegeven. Schuif daarna een rei van twee meter in een raster over de vloer, ook langs de wanden en rond de kozijnen. Wat je nu vindt kun je nog goedkoop oplossen, wat je nu mist zit straks onder je tegels.
-
Maak de ondergrond geschikt
Zuig de vloer stofvrij, ontvet hem en breng het voorstrijkmiddel aan dat bij jouw ondergrond hoort: zuigend voor een dekvloer, hechtend voor glad en niet-zuigend werk. Egaliseer waar dat nodig is en laat de egaline volledig drogen. Ga je op hout tegelen, dan komt hier de plaatlaag, de waterdichte laag en de ontkoppelingsmat.
-
Zet een referentielijn uit en leg de eerste rij droog
Trek met een kruislijnlaser twee haakse lijnen die op je tegelplan aansluiten, en meet niet vanaf de muur, want die is nooit recht. Leg de eerste rij droog uit met kruisjes of wiggen erin en kijk of alles klopt. Zit er een dilatatie in de vloer, begin dan vanuit die voeg.
-
Lijm de tegels in vakken van ongeveer één vierkante meter
Maak de poederlijm aan volgens de zak, laat hem vijf minuten rijpen en roer nog een keer door. Kam niet meer lijm uit dan je binnen de open tijd kunt betegelen, want lijm met een velletje erop hecht niet meer. Hoe lang die tijd is staat op de zak, en bij warmte en een zuigende ondergrond loopt hij flink terug. Klop elke tegel met een rubberen hamer in en zet er meteen je nivelleerclips bij.
-
Zaag de snijstukken en houd de randvoeg vrij
Zaag de passtukken met een natte tegelzaag, want een droge snede in een gerectificeerde tegel scheurt sneller uit. Houd langs alle wanden een randvoeg van acht tot tien millimeter vrij en druk daar geen lijm in. Die ruimte verdwijnt straks onder de plint of onder de onderste wandtegel.
-
Laat uitharden voordat je gaat voegen
Standaard poederlijm is na ongeveer een etmaal beloopbaar, snelwerkende lijm vaak al na twee tot drie uur. Ga je over de vloer heen werken, leg er dan stukloper of hardboard op. Hoe lang lijm en voeg per situatie nodig hebben, staat in onze tabel met droogtijden per materiaal.
-
Voeg de vloer en kit de randen af
Werk de voegmortel diagonaal in met een rubberen voegspaan zodat je de voegen echt vult, en was de vloer daarna in twee gangen af met schoon water. Vul de randvoegen en de aansluiting op de wand met een elastische kit in plaats van met mortel. Wil je meer weten over de rest van het tegelwerk in huis, dan staat dat verzameld bij tegelen, voegen en kitten.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de eerste tegel legt
Uit de praktijk
Een toilet van net geen 90 cm met tegels van 29,5 bij 59,5
Een toilet van iets minder dan negentig centimeter breed moest betegeld worden met gerectificeerde tegels van 29,5 bij 59,5 centimeter, verkocht als 30 bij 60 en een centimeter dik. Drie tegels naast elkaar met een voeg van twee millimeter paste net niet: van de linker- en de rechtertegel moest een paar millimeter af. De vraag was of eerst de wand of eerst de vloer moest.
Wat hier de doorslag gaf: de wanden stonden niet haaks op elkaar en de voegen moesten doorstroken. Dan werk je vanaf de vloer, want een wand die een halve centimeter uit de haak staat gooit een uitgemeten plan alsnog om. De vloer ging er eerst in met snelwerkende poederlijm, omdat er over een bestaande tegelvloer heen gelijmd werd en die na een uur of twee alweer beloopbaar is. Daarna werd de vloer afgedekt met stukloper en konden de wanden erop worden uitgezet.
Onderaan de wand dreigde een strookje van één centimeter over te blijven, en dat ziet er niet uit. De oplossing zat niet in de tegels maar in de ombouw van het inbouwreservoir: door die tien centimeter hoger te maken kwam de onderste rij uit op een volwaardig stuk tegel. De vuistregel die daaruit volgt is simpel: gebruik nergens een snijstuk kleiner dan een halve tegel, en pas liever de ombouw aan dan de tegelmaat.
Een badkamer van 1,85 bij 2 meter op drie vloerbalken
Een kleine badkamer op de verdieping moest betegeld worden, met een houten balklaag eronder waar maar drie balken onder deze ruimte liepen. De vloer voelde stevig aan, maar bij een tegelvloer zegt dat weinig, want de doorbuiging die je niet voelt is genoeg om voegen te laten knappen.
De opbouw die het werd: er ging een extra balk tussen om de overspanning te halveren, daarover 18 mm watervast verlijmd multiplex, stevig geschroefd en met de naden twee millimeter vrij van elkaar. Daarover een vliesmat in tegellijm als waterdichte laag, met kimband over alle plaatnaden en in de hele aansluiting van vloer op wand. Pas daarop kwam de ontkoppelingsmat van drie millimeter en werden de tegels met flexibele poederlijm gelegd.
Twee dingen bleken achteraf de moeite waard. Ten eerste het volledig waterdicht maken van de vloer in plaats van alleen de hoeken, want een douchebak lekt zelden maar spat wel. Ten tweede het kiezen van 30 bij 60 in plaats van een groter formaat: hoe groter de tegel, hoe vlakker de plaatvloer eronder moet liggen, en op hout is dat nu net het lastigste.
Vijfenzeventig vierkante meter met 8 tot 12 mm hoogteverschil
Een hele benedenverdieping van vijfenzeventig vierkante meter moest betegeld worden met 60 bij 60 keramiek, op een smeervloer met vloerverwarming eronder. Het hoogteverschil liep over het grootste deel op tot acht millimeter en op het diepste punt tot twaalf. De verleiding was om dat tijdens het tegelen met extra tegellijm vlak te trekken en de zakken egaline uit te sparen.
Dat is precies de verkeerde afweging. Twaalf millimeter opvullen met lijm betekent dat sommige tegels op vier millimeter lijm liggen en andere op vijftien, en die dikke lijmpakketten krimpen anders en drogen trager. Bij 60 bij 60 zie je bovendien elk hoogteverschil als een randje bij de voeg. Egaliseren werd goedkoper en sneller dan het extra lijmverbruik.
De les die hier bleef hangen ging over capaciteit. Op vijfenzeventig vierkante meter moet je zoveel egaline achter elkaar aanmaken en gieten dat de ene batch nog in de andere kan vloeien. Lukt dat niet, dan krijg je zichtbare randen precies daar waar twee gietsels elkaar raakten. Met twee mensen die mengen en één die giet en met een prikroller nawerkt, kwam het goed. Alleen was het niet gelukt.
Een tegelvloer die van de serre doorliep de kamer in
In een serre werd een nieuwe vloer gemaakt van zwaluwstaartplaten met beton op houten balken van 6 bij 16, opgelegd op een gemetselde fundering. Daar kwam de keuken op. Dezelfde tegels van 60 bij 60 moesten doorlopen tot in de aangrenzende kamer, en daar lag een houten vloer die net was voorzien van isolatie en een extra multiplex plaat.
De wens was om geen zichtbare voeg in de vloer te krijgen, zeker niet midden in het kookgedeelte. Dat gaat niet samen. Op de overgang van beton naar hout ontstaat gegarandeerd een scheur, en die komt niet netjes in de voeg maar dwars door de tegel. Een dilatatievoeg is daar geen keuze maar de enige manier om er in één keer vanaf te zijn.
Wat het uiteindelijk werd: het tegelplan werd omgegooid zodat de dilatatie precies tussen twee tegelrijen viel, met een snijstuk aan beide uiteinden van de ruimte als prijs. De houten vloer kreeg een dunne renovatiegietvloer om op hoogte en vlak te komen, waarbij alle kieren eerst zijn dichtgezet zodat de mortel niet weg kon lopen. Het alternatief, het vloerhout weghalen en ook daar zwaluwstaartplaten doortrekken, was constructief het mooist geweest, maar dan had de nieuwe isolatie eruit gemoeten.
Veelgemaakte fouten
Hoogteverschillen wegwerken met extra tegellijm
Het klinkt logisch: je hebt toch lijm nodig, dus waarom niet meteen het verschil ermee opvullen. Maar een lijmlaag van twaalf millimeter krimpt anders en droogt trager dan een laag van vier, en dat geeft spanning tussen de tegels onderling. Bovendien lukt het je bij grote formaten niet om die dikke laag overal gelijkmatig te houden.
Direct op spaanplaat of OSB tegelen
Beide platen zijn gemaakt om onder laminaat of vloerbedekking te liggen, niet om een starre tegelvloer te dragen. Ze nemen vocht op, zwellen op en verliezen dan hun stijfheid. Er hoort altijd een extra laag watervast multiplex of gipsvezel overheen, en daarna een ontkoppelingsmat.
De randvoeg langs de wand vullen met voegmortel
Een tegelvloer moet aan de randen kunnen uitzetten, zeker met vloerverwarming eronder. Zit die ruimte vol harde mortel, dan drukt de vloer zich in het midden omhoog en klapt er een rij tegels los. Houd acht tot tien millimeter vrij en vul die met kit.
Egaliseren over tegels zonder ontvetten en voorstrijken
Op een geglazuurde tegel hecht egaline van zichzelf niet, en op een gedweilde vloer al helemaal niet. Sla je het ontvetten en het voorstrijken over, dan hoor je het na een paar maanden hol klinken en komt de laag er in platen af. Met de juiste primer en een egaline die voor niet-zuigende ondergronden bedoeld is, blijft het jarenlang zitten.
De dilatatie tussen twee constructies overslaan
Op de naad tussen een houten vloer en een betonvloer werken twee materialen tegen elkaar in. Zonder doorlopende dilatatievoeg scheurt de tegel daar, meestal binnen het eerste stookseizoen. De voeg half aanbrengen, alleen in de voegmortel en niet door de lijm heen, heeft hetzelfde effect als hem weglaten.
Tegels leggen op een dekvloer die nog niet droog is
Een verse cementdekvloer krimpt terwijl hij uithardt. Leg je daar tegels op, dan trekt de vloer onder je tegelwerk vandaan en komen er scheuren in de voegen. Reken op ongeveer een week per centimeter dikte, en bij een gietdekvloer op wat de leverancier voorschrijft.
De vloerverwarming meteen na het tegelen aanzetten
Lijm en voegmortel hebben tijd nodig om chemisch uit te harden, en warmte versnelt dat niet maar droogt het vroegtijdig uit. Laat de verwarming na het voegen minstens een week uit en stook daarna in stappen op, een paar graden per dag. Anders krijg je krimpscheuren precies boven de verwarmingsslangen.
Vinyl of vloerdelen op een tegelvloer zonder te egaliseren
Elke voeg en elke oneffenheid tekent binnen een paar weken door een dunne afwerkvloer heen. Bij vinyl zie je het patroon van de oude tegels terug, bij verlijmde vloerdelen ontstaan er holle plekken die gaan kraken. Egaliseer daarom tot je de voegen niet meer voelt.
Veelgestelde vragen
Moet je bij badkamer tegelen eerst vloer of wand doen?
Dat hangt af van wat je belangrijk vindt. Wil je dat de vloervoegen doorlopen in de wandvoegen, of staan de wanden niet haaks op elkaar, dan doe je eerst de vloer en zet je de wanden daarna af op de voeg die er al ligt. Wil je vooral geen lijm op je nieuwe vloer knoeien, dan doe je eerst de wand. De nette tussenweg is de wanden tegelen op een lat en de onderste rij openlaten, dan de vloer leggen en daarna pas die onderste rij plaatsen. De vloertegel loopt dan onder de wandtegel door en de kitnaad komt in de wand te zitten.
Kun je tegels op een houten vloer leggen zonder dat de voegen knappen?
Ja, mits de vloer stijf genoeg is en je de resterende beweging ontkoppelt. Leg over de bestaande plaatvloer een laag watervast verlijmd multiplex van 18 mm, geschroefd om de 15 centimeter langs de randen. Breng daarover een ontkoppelingsmat aan en lijm de tegels met een flexibele poederlijm van klasse C2 S1. Voeg met een flexibele voegmortel. Veert de balklaag merkbaar door of liggen de balken verder dan zestig centimeter uit elkaar, verzwaar dan eerst de balklaag, want geen enkele plaat of mat lost een te grote overspanning op.
Welke plaat gebruik je om een houten vloer te betegelen?
Watervast verlijmd multiplex van 18 mm is de standaard, en op een slappere balklaag werken twee lagen van 18 mm kruislings beter. Gipsvezelplaat in twee lagen van tien millimeter is een goed alternatief als je weinig opbouwhoogte hebt. Spaanplaat is geen goede keus, want die zwelt op zodra er vocht bij komt en verliest daarmee zijn stijfheid. Houd tussen de platen twee tot drie millimeter ruimte en houd ook rondom langs de wanden een randvoeg vrij die je met kit afwerkt in plaats van met mortel.
Kun je tegelen op een fermacell vloer?
Dat kan zonder problemen, en het is een van de betere manieren om tegels op een houten vloer te krijgen als de hoogte krap is. Gebruik twee lagen gipsvezelplaat van tien millimeter, kruislings gelegd en onderling verlijmd volgens de voorschriften van de fabrikant. De platen zijn zuigend, dus rol er eerst een tegelvoorstrijkmiddel over en laat dat volledig drogen, anders trekt de plaat het water uit je lijm en hecht die slecht. Ook hier hoort flexibele poederlijm en flexibele voegmortel bij, en in een badkamer nog een waterdichte laag met kimband.
Kun je een vloer egaliseren over tegels heen?
Ja, en het houdt jarenlang, mits je de voorbereiding serieus neemt. Klop eerst de hele vloer af en hak de hol klinkende tegels eruit. Ontvet daarna de vloer grondig, want jarenlang dweilen laat een film achter waar niets op hecht. Ruw glad glazuur op, zet er een voorstrijkmiddel voor niet-zuigende ondergronden op en gebruik een egaline die voor deze toepassing bedoeld is. Sla je het ontvetten of het primeren over, dan komt de laag er binnen een jaar in platen weer af. Meer over de vlakheidseisen staat bij het egaliseren van een tegelvloer.
Hoe vlak moet de vloer zijn voordat ik ga tegelen?
Kijk niet naar het absolute verschil maar naar de afstand waarover dat verschil zit. Acht tot twaalf millimeter verloop over vier of vijf meter valt binnen de normale marge van een dekvloer en loopt tijdens het tegelen gewoon mee. Zit hetzelfde verschil binnen een halve meter, dan moet je ingrijpen. Kuilen vul je bij met lijm, bulten schuur je weg met een betonschuurmachine, en bij grotere afwijkingen giet je een egaliseerlaag. Hoe groter je tegel, hoe strenger die eis wordt: bij 90 bij 90 zie je elke bult terug als een randje bij de voeg.
Kun je een vinyl vloer over tegels leggen?
Dat kan, maar niet rechtstreeks. Vinyl is dun en soepel en neemt elke oneffenheid over, dus de voegen van de oude tegelvloer tekenen zich binnen een paar weken als lijnen in je nieuwe vloer af. Klop de tegels af, herstel de losse plekken, ontvet, strijk voor en giet er een laag egaline overheen tot je de voegen niet meer voelt. Reken daarbij op vijf tot tien millimeter extra hoogte en controleer of je voordeur en binnendeuren dat aankunnen voordat je begint.
Kun je tegels lijmen op een bestaande epoxyvloer?
Ja, maar de gladde toplaag moet er eerst af. Epoxy is niet-zuigend en heeft een lage oppervlaktespanning, dus tegellijm hecht er van zichzelf slecht op. Schuur de vloer machinaal op met een eenschijfsmachine met een grof schuurpad, zuig alles stofvrij en breng een tegelvoorstrijkmiddel voor gladde ondergronden aan. Lijm daarna met een flexibele, snelwerkende poederlijm. Een ontkoppelingsmat is niet nodig, want een epoxyvloer beweegt niet. Wel geldt: hoe groter de tegel, hoe vlakker de epoxyvloer moet liggen, en die zijn zelden zo vlak als ze lijken.
Hoe maak ik de overgang van houten vloer naar tegelvloer?
Altijd met een dilatatievoeg, recht boven de naad in de constructie. Die voeg loopt door de hele tegellaag heen, dus ook door de lijm, en je vult hem met een elastische kit of werkt hem af met een dilatatieprofiel. Begin met tegelen vanuit die voeg, zodat hij tussen twee tegelrijen valt in plaats van dwars door een tegel. Wil je die naad echt niet zien, dan is er maar één alternatief: het vloerhout over dat stuk weghalen en dezelfde constructie doortrekken, bijvoorbeeld een zwaluwstaartplaat met lichtgewichtbeton. De isolatie tussen de balken kan daarbij blijven zitten.
Kun je fundering en vloer tegelijk storten?
Bij een aanbouw of serre kan een fundering met vloerplaat in één keer gestort worden, en dat scheelt een werkgang en een koude naad. Of het in jouw situatie mag hangt af van de bodem, de belasting en de wapening, dus dat is werk waar een constructeur naar kijkt en waarvoor meestal een vergunning nodig is. Voor het tegelwerk erboven verandert er weinig, behalve de wachttijd: laat beton minstens vier weken uitharden en meet bij twijfel het restvocht voordat je gaat lijmen. Waar de aanbouw op een bestaande vloer aansluit, komt hoe dan ook een dilatatie. Voor een bestaande combinatievloer geldt iets anders, zie wat een nehobo vloer aankan.
Wanneer is een tegelvloer beloopbaar en wanneer kan ik voegen?
Een gewone cementgebonden poederlijm op een dekvloer is na ongeveer een etmaal beloopbaar en dan kun je ook voegen. Snelwerkende poederlijm is er vaak al na twee tot drie uur overheen te lopen, wat handig is als je over een bestaande tegelvloer lijmt en dezelfde dag verder wilt met de wanden. Moet je er echt op werken met zwaar materiaal, leg dan stukloper of hardboard neer, want de puntbelasting van een knie of een emmer is groter dan die van je voet. Zet de vloerverwarming na het voegen nog minstens een week niet aan.
Hoeveel tegels heb ik nodig en hoeveel snijverlies moet ik rekenen?
Neem het netto vloeroppervlak en tel daar tien procent bij op voor recht verband, en vijftien procent voor een verspringend, diagonaal of onregelmatig patroon. In een badkamer of toilet met veel hoeken, nisjes en een douchehoek loopt dat verlies verder op, dus reken daar aan de ruime kant. Bestel alles in één keer uit dezelfde productiepartij, want tussen partijen zit vrijwel altijd kleurverschil. Reken je hoeveelheid door met onze tegelcalculator inclusief snijverlies en houd na afloop een paar hele tegels achter voor reparaties.
Wanneer je beter een vakman belt
Een tegelvloer leggen is goed zelf te doen, zeker in een overzichtelijke ruimte en met een ondergrond die al in orde is. Het meeste dat misgaat, gaat mis in de voorbereiding en niet bij het lijmen. Er zijn wel vier momenten waarop je beter stopt en iemand belt.
Het eerste is asbest. Kom je onder een oude vloer hard zeil tegen met een viltachtige of papierachtige onderlaag, of een verdachte witte lijmlaag, laat het dan liggen en laat het onderzoeken. Niet-hechtgebonden asbest mag je niet zelf verwijderen, ook niet in je eigen huis, en er hoort een melding bij de gemeente bij.
Het tweede is de draagconstructie. Balken bijleggen, een balklaag verzwaren of een oplegging veranderen om een tegelvloer te kunnen dragen, is werk waar een constructeur naar moet kijken. Een tegelvloer met opbouw brengt al snel zestig tot honderd kilo per vierkante meter extra op de vloer.
Het derde zijn de leidingen. Onder een oude keuken- of badkamervloer ligt geregeld een gasleiding of een verwarmingsbuis in de dekvloer. Boor of hak daar niet blind in, en laat een gasleiding altijd verleggen en afpersen door een erkende installateur.
Het vierde is grote oppervlakte in combinatie met egaliseren. Boven de vijftig vierkante meter is gietbare egaline een kwestie van tempo en mankracht: te langzaam gieten betekent zichtbare randen in je vloer. Heb je die capaciteit niet, besteed dan alleen dat deel uit en tegel daarna zelf verder.