Stucpasta gebruiken zonder gaten en ribbels in de wand
Bekijk de informatie en links bij deze gids
Stucpasta is een dunpleister uit de emmer waarmee je een muur schilderklaar maakt, niet een middel om een scheve wand recht te zetten. Het staat of valt bij drie dingen: een ondergrond die eerst vlak en stofvrij is gemaakt, een spackmes van veertig tot zestig centimeter in plaats van een plamuurmes, en kort schuren na elke laag. Wie met een smal mes over ongeschuurd spuitwerk gaat werken, legt laag na laag zonder dat het vlakker wordt. Reken op twee tot drie dunne lagen van ongeveer een millimeter en op ongeveer anderhalve kilo pasta per vierkante meter per millimeter.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Spackmes van 40 tot 60 cm met afgeronde hoeken
- Pleisterspaan of vlakspaan om de pasta op te zetten
- Vulspaan van 8 tot 10 cm voor putjes en hoeken
- Verfroller met lange pool op een steel
- Boormachine met mengspiraal
- Muurschuurmachine met stofafzuiging
- Schuurgaas korrel 80 en 120, schuurpapier 180 en 240
- Plantenspuit
- Werklamp of bouwlamp om strijklicht te maken
- Emmer water, spons en een oude handdoek om gereedschap schoon te houden
- Stofmasker, afplakfolie en tape
Materiaal
- Kant en klare stucpasta in emmers van 5, 10 of 20 kilo
- Voorstrijkmiddel voor zuigende ondergrond
- Hechtprimer voor gladde, geschilderde ondergrond
- Poederpleister voor de plekken die dikker dan 3 mm zijn
- Glasweefselband of renovatievlies bij scheuren
- Latex of muurverf voor de afwerking
Wat stucpasta is en wanneer het de juiste keuze is
Stucpasta is pleister die al aangemaakt in de emmer zit. Je roert hem door en je kunt beginnen: geen kuip, geen afwegen, geen klok die tikt. Dat scheelt veel gedoe vergeleken met de klassieke manier van stucwerk aanbrengen met poeder dat je zelf aanmaakt, waarbij je binnen de verwerkingstijd van je kuip moet blijven. Stucpasta kant en klaar kopen scheelt je bovendien het schoonmaken van gereedschap dat vol zit met uithardend gips.

Waar veel mensen op misgrijpen is de laagdikte. Dit is een dunpleister, bedoeld voor lagen van ongeveer een millimeter. Je maakt er een muur schilderklaar mee, je zet er geen scheve wand mee recht.
Zit je muur meer dan drie millimeter uit het vlak, dan heb je het verkeerde materiaal in huis. Een poederpleister zoals roodband voor dikkere pleisterlagen is dan goedkoper en makkelijker te verwerken, juist omdat je er wel dikte mee maakt. Een groot deel van de mensen die teleurgesteld raken in pasta, had eigenlijk poeder nodig.
Dat wil niet zeggen dat het slecht spul is. Op een wand die al redelijk vlak is, breng je met twee dunne lagen een strak en schilderklaar oppervlak aan. Het materiaal is de laatste jaren ook merkbaar fijner geworden dan de eerste generaties, die berucht waren om hun korrel en hun trage verwerking.
| Wat je wilt bereiken | Wat je daarvoor pakt | Waarom |
|---|---|---|
| Lichte oneffenheden wegwerken en de muur schilderklaar maken | Kant en klare stucpasta, 1 tot 2 mm in twee lagen | Dun materiaal, geen aanmaaktijd, prettig in kleine hoeveelheden |
| Structuurspuitwerk of granol wegwerken | Eerst de toppen afschuren, daarna pasta in twee tot drie lagen | Zonder afschuren trek je steeds over de hoge delen heen |
| Een wand die meer dan 3 mm uit het vlak staat | Poederpleister of machinepleister | Pasta zakt uit bij die dikte en krimpt naar binnen |
| Scheuren in de wand dichtzetten | Glasweefselband of renovatievlies onder de afwerklaag | Een dunne laag pasta overbrugt geen werkende scheur |
| Losse gaatjes en pluggaten dichten | Vulmiddel met een kleine vulspaan | Sneller, en je hoeft de hele wand niet aan te pakken |
| Gipsplaten met naden en schroefkoppen afwerken | Eerst voegmiddel op de naden, daarna pasta over het geheel | Voegmiddel krimpt minder in de naad dan een dunpleister |
| Een muur die daarna behangen wordt | Poederpleister of een wandvulmiddel, of pasta plus voorstrijk | Behanglijm kan een dunne, kale pastalaag weer week maken |
Zet voordat je begint een werklamp op de vloer, met de kop schuin tegen de muur aan. In dat strijklicht zie je precies waar de hoogtes en de kuilen zitten. Doe dat na elke laag opnieuw, want bij normale plafondverlichting lijkt een wand veel vlakker dan hij is.
Gyproc, Knauf en wat er verder in het schap staat
De emmers verschillen meer van elkaar dan het etiket doet vermoeden. Gyproc stucpasta is in Nederland en België een bekende naam, en tegelijk gebruiken veel mensen het woord gyproc gewoon voor gipsplaat. Zoek je op gyproc stucpasta omdat je gipsplaten wilt afwerken, dan kan elke fijne dunpleister die klus aan en zit je niet vast aan één merk.
Binnen een merk zit er vaak verschil tussen de bouwmarktlijn en de lijn voor de vakhandel. De professionele variant is meestal fijner van korrel en blijft langer open, waardoor je meer tijd hebt om af te halen voordat de laag begint te trekken. Op grote vlakken merk je dat direct. Wat er in de emmers van Knauf stucpasta zit en waar Knauf Fix en Finish als vul- en afwerkgips voor bedoeld is, staat op de aparte pagina's.
Kijk bij het kopen altijd naar de productiedatum op de emmer. Kant en klare stucpasta blijft ongeopend ongeveer een jaar goed, maar in de praktijk werkt materiaal van een paar maanden oud duidelijk prettiger dan een emmer die al een winter in het schap heeft gestaan. Bij oude pasta is een deel van het water uitgetreden, en dan moet je hem eerst doorroeren en aanlengen voordat hij weer soepel onder het mes loopt.
Sluit een aangebroken emmer goed af en zet er eventueel een dun laagje water bovenop tegen indrogen. Giet dat water eraf voordat je opnieuw begint en mix de emmer volledig door tot de bovenkant en de onderkant weer dezelfde dikte hebben.
| Wat op de emmer staat | Wat het betekent | Waar je op let |
|---|---|---|
| Productie- of houdbaarheidsdatum | Hoe lang het materiaal al staat | Een paar maanden is prima, een jaar is te oud |
| Maximale laagdikte 1, 2 of 3 mm | Waar het product voor ontworpen is | Blijf onder het maximum, ook al staat 3 mm erop |
| Fijn, extra fijn of gladpleister | De korrelgrootte van de vulstof | Fijner betekent minder schuurwerk voor een gladde muur |
| Alleen voor binnen, droge ruimtes | Het bindmiddel is niet vochtbestendig | Niet in een douche of onbeschermd in een kelder |
| Lichtgewicht of vulkrachtig | Vulstof met lage dichtheid | Meer vierkante meters per kilo, iets zachter oppervlak |
| Verbruik per vierkante meter | Rekenwaarde bij één vaste laagdikte | Geldt voor een vlakke ondergrond, reken zelf ruimer |
| Bouwmarktlijn of vakhandellijn | Verschil in korrel en open tijd | De vakhandelvariant vergeeft trager werken |
De ondergrond bepaalt bijna het hele resultaat
Bijna elk probleem met stucpasta begint onder de laag en niet erin. De pasta is dun, dus alles wat eronder zit tekent zich af. Een muur die je niet hebt voorbereid, krijg je met geen enkel mes vlak.
Structuurspuitwerk is de lastigste ondergrond die er is. De toppen steken omhoog en je mes glijdt daaroverheen, terwijl de dalen ertussen leeg blijven. Zo leg je laag na laag zonder dat het vlakker wordt. Schuur die toppen er eerst af met een muurschuurmachine of met schuurgaas op een steel, en ga daarna pas pleisteren. Datzelfde geldt voor de grovere korrel van granol op wand en plafond.
Losse delen moeten weg. Een oude pleisterlaag die hol klinkt als je erop tikt, achtergebleven behangresten en kalkende verf komen los zodra de nieuwe laag droogt en krimpt. Krab de wand na tot je op vaste ondergrond zit, ook als dat betekent dat je meer weghaalt dan je van plan was. Hoe een wandopbouw eruitziet en wat er onder een pleisterlaag hoort, staat in ons overzicht over wanden en plafonds afwerken.
Zuigt de muur, dan trekt hij het water uit je pasta voordat je hem hebt afgehaald. Dat is precies het moment waarop je mes gaat slepen en gaten trekt. Een laag voorstrijkmiddel lost dat op. Op een gladde, gelatexte muur werkt het andersom: daar hecht de pasta juist te slecht, dus schuur je de glans eraf of gebruik je een hechtprimer.
Zitten er scheuren in de wand, dan komen die door je nieuwe laag heen. Leg er glasband over de scheur, of pak de hele wand aan met renoband als renovatievlies voordat je de afwerklaag zet.
| Ondergrond | Wat je vooraf doet | Waar het misgaat als je dat overslaat |
|---|---|---|
| Structuurspuitwerk | Toppen afschuren, stofvrij maken, voorstrijken | Je mes rijdt over de toppen en de dalen blijven leeg |
| Granol of grof spuitwerk | Machinaal afschuren tot een vlakke basis, daarna voorstrijken | Er gaan drie tot vier lagen in en het wordt nog niet vlak |
| Behangresten en lijmranden | Nat maken, afkrabben, naspoelen en laten drogen | De lijm wordt week onder de pasta en de laag laat los |
| Gipsplaat, ook wel gyproc genoemd | Naden en schroefkoppen eerst met voegmiddel dichtzetten | De naad tekent zich af als een lange rechte streep |
| Oude kalk- of gipspleister die zuigt | Kloppen op holle plekken, losse delen eruit, voorstrijken | De pasta droogt te snel weg en je trekt hem open |
| Beton en kalkzandsteen | Ontstoffen en een hechtprimer aanbrengen | Slechte hechting, de laag laat later in schilfers los |
| Gladde muur in de latex | Ontvetten, glans wegschuren, hechtprimer | De pasta hecht niet en bladdert bij de eerste stoot |
| Wand met haarscheuren | Scheur uitkrabben, glasweefselband of vlies aanbrengen | De scheur tekent zich binnen een seizoen weer af |
| Vochtige of doorslaande muur | Eerst de oorzaak van het vocht verhelpen | Zoutuitbloei en losse plekken, hoeveel lagen je ook zet |
Structuurspuitwerk uit een huis van voor 1994 kan asbest bevatten. In spuitpleister en sierpleister van die jaren is asbest verwerkt, en juist bij schuren komen de vezels vrij. Laat het materiaal onderzoeken voordat je de schuurmachine erop zet. Zit er asbest in, dan is verwijderen werk voor een gecertificeerd bedrijf en mag je er zelf niet aan schuren of boren.
Het gereedschap waar de klus meestal op vastloopt
Het verschil tussen een strakke muur en een muur vol ribbels zit vaker in het gereedschap dan in de pasta. Wie met een plamuurmes van vijftien centimeter aan een hele wand begint, kan niet anders dan golven maken. Zo'n mes is te smal om over de oneffenheden heen te blijven liggen, dus het volgt ze juist.
Wat je nodig hebt is een spackmes van veertig tot zestig centimeter breed. Zestig werkt prettiger zodra je een hele wand doet, veertig is handzamer boven een deur of in een smalle strook. Let op de hoeken: goede messen hebben afgeronde hoeken die iets omhoog staan, zodat ze aan het einde van je baan geen scherpe richel achterlaten.
Voor het opzetten voldoet een pleisterspaan, maar een verfroller op een steel gaat sneller en verdeelt gelijkmatiger. Je rolt een baan pasta op de muur en haalt die in één gang af met het spackmes. Op grote vlakken en plafonds werkt dat veel rustiger dan telkens bijladen met een spaan.
Verder wil je een boormachine met een mengspiraal, want een emmer die een tijd heeft gestaan is bovenin anders van dikte dan onderin. En een muurschuurmachine met afzuiging, want een hele wand met de hand schuren is zwaar werk en het stof komt overal terecht.
Houd ook een plantenspuit bij de hand. Is het warm in de ruimte, dan bevochtig je de laag daarmee licht en heb je iets meer tijd voordat de pasta begint te trekken. Een voegrubber en een schuurspons kun je juist in het schuurtje laten: die horen bij poederstuc en niet bij een laag van een millimeter.
Houd een emmer water met een spons naast je staan en veeg je spackmes na elke paar banen af. Half opgedroogde korreltjes op het blad geven strepen die je er in dezelfde gang weer in trekt, en dat is de meest onnodige oorzaak van bijwerken die er is.
Stucpasta aanbrengen in banen
De volgorde is elke keer dezelfde: opzetten, direct afhalen, door naar de volgende baan. Kom niet terug op een baan die al begint te trekken, want dan haal je de laag open in plaats van dat je hem gladstrijkt.
Begin op een wand met de onderste meter. Zet daar pasta op en haal die in één beweging van beneden naar boven glad. Ga daarna vanaf het plafond naar beneden, tot ongeveer tien centimeter boven de vloer, want verder komt je spackmes toch niet. Zo houd je het aantal aanzetten en overgangen zo laag mogelijk.
Bij de volgende baan overlap je ongeveer een derde van de breedte van je mes over de baan die je net hebt gedaan. Verdeel je druk met je vingers: iets meer druk aan de kant die nog glad moet worden, minder aan de kant die al klaar is. Doe je dat niet, dan duw je in de verse laag en krijg je een richel op de naad van de twee banen.
Houd het mes schuin, ongeveer dertig graden ten opzichte van de muur, en druk licht. Je wilt een dun laagje laten staan, je wilt niet alles wegschrapen. Stucpasta aanbrengen gaat snel. Wil je in één gang meteen het eindresultaat halen, dan wordt het bijna altijd slechter dan wanneer je de rest aan de volgende laag overlaat.
Hoeken, plafonds en aansluitingen
In een binnenhoek kun je met een breed mes niet uit de voeten. Doe daar eerst de ene wand tot in de hoek, laat die drogen en pak daarna pas de andere wand. Anders haal je met je mes de verse hoek van de eerste wand weer open.
Op een plafond zet je op met de roller op een steel en haal je af met het spackmes, in banen die van het raam naar de deur lopen. Zo loopt het daglicht met je banen mee in plaats van er dwars op, en zie je meteen waar het nog niet vlak is.
Werk niet op een keukentrap als je een heel plafond doet. Bij stucpasta sta je met twee handen aan een lang mes te duwen en trekken, en dat is precies de beweging waarbij je uit balans raakt. Gebruik een rolsteiger of een stabiele werkbrug met een plateau waar je over kunt lopen.
Hoe dun je moet werken en hoeveel pasta erin gaat
Op de emmer staat meestal dat je tot drie millimeter in één gang mag. In de praktijk is anderhalf tot twee millimeter al veel en werkt een millimeter het prettigst. Dikker opgezette pasta droogt aan de buitenkant dicht terwijl hij binnenin nog nat is, en krimpt dan alsnog naar binnen tot je de kuiltjes terugziet.
Reken voor het verbruik op ongeveer anderhalve kilo per vierkante meter per millimeter laagdikte. Bij één laag van een millimeter doe je met een emmer van vijf kilo dus zo'n drie vierkante meter, met tien kilo zo'n zes en met twintig kilo zo'n twaalf.
Op ruw spuitwerk gaat er veel meer in dan je verwacht, want je vult eerst alle dalen voordat je aan een gesloten vlak toe bent. Reken daar op ongeveer de helft van die vierkante meters. Een wandje van tweeënhalve vierkante meter met spuitwerk vraagt zomaar tien kilo.
Twee lagen is normaal, drie is op een ruwe ondergrond geen schande. Ga je richting vier of vijf, dan is dat een teken dat de ondergrond niet klopte of dat je poeder had moeten pakken. Hoe lang je tussen de lagen wacht hangt af van de dikte, de temperatuur en de ventilatie, en dat verschil is groot: bij hoe lang stucwerk moet drogen staat wat je per situatie kunt verwachten.
Is de pasta in de emmer stijver dan yoghurt, dan leng je hem aan met een scheutje water en mix je hem goed door. Doe dat met een halve deciliter tegelijk. Te nat is net zo lastig als te droog, want dan zakt de laag uit en krijg je slierten die je er niet meer uit krijgt.
| Situatie | Laagdikte per gang | Aantal lagen | Verbruik per vierkante meter |
|---|---|---|---|
| Gladde gipsplaat schilderklaar maken | 0,5 tot 1 mm | 1 tot 2 | 1 tot 2 kilo |
| Licht ruwe pleisterwand | 1 mm | 2 | 2 tot 3 kilo |
| Fijn structuurspuitwerk, vooraf geschuurd | 1 tot 2 mm | 2 tot 3 | 3 tot 4 kilo |
| Grof spuitwerk of granol, vooraf geschuurd | 2 mm | 3 | 4 tot 6 kilo |
Koop liever een emmer te veel dan te weinig. Halverwege een wand naar de bouwmarkt rijden betekent dat de eerste helft al is gaan trekken, en die aanzet zie je later in het strijklicht terug als een verticale streep.

Lees de uitleg uit de afbeelding
Bepaal eerst hoeveel hoogteverschil je moet overbruggen. Zoek daarna een product dat die laagdikte aankan.
Bij de tekening: De blauwe lijn is het gewenste vlak. Haal uitstekende delen weg of vul lage delen met een product dat die dikte aankan.
- Meet de afstand tot het gewenste vlak
- Gebruik een geschikte rei of referentielijn en meet hoge en lage plekken. Zo weet je wat de dunste én de dikste plek van de nieuwe laag wordt.
- Vergelijk met de toegestane laagdikte
- Een finishpasta kan bedoeld zijn voor dun gladmaken, een andere pleister voor dikker uitvlakken. Gebruik de grenzen van het exacte product op die ondergrond.
- Plan eventuele vervolglagen volgens het systeem
- Meerdere lagen vragen de voorgeschreven voorbereiding en wachttijd. Meer water toevoegen maakt een te dun bedoeld product niet geschikt voor een diepe vulling.
Productnamen als finish, pasta of pleister zijn geen volledige specificatie. Controleer toepassingsgebied en laagdikte op het gegevensblad.
Schuren hoort tussen de lagen, niet alleen aan het eind
De grootste tijdwinst zit in schuren op het juiste moment. Wie pas na de laatste laag begint, heeft alle ribbels van laag één netjes doorgegeven aan laag twee en drie. Je trekt met je mes namelijk over de hoge stukken heen, en juist daardoor ontstaat de volgende ribbel ernaast.
Schuur dus na elke laag stucpasta kort vlak. Dat hoeft niet mooi te zijn, het gaat alleen om de bulten en de aanzetranden. Met schuren haal je hoogtes weg en geen kuilen, en dat is precies waarom je het tussendoor doet: de kuil die overblijft, vul je met de volgende laag.
Voor grof werk is schuurgaas prettiger dan schuurpapier, omdat gaas niet dichtloopt met stof. Korrel 80 of 120 pakt de aanzetranden en de spuitwerktoppen. Voor de eindlaag ga je naar 180 tot 240. Fijner dan 240 heeft weinig zin, want dan polijst je de stucpasta alleen nog en haal je niets meer weg.
Doe dit met een muurschuurmachine met afzuiging zodra je meer dan een paar vierkante meter hebt. Zelfs met afzuiging komt er stof vrij, dus haal de ruimte leeg, plak de deur af met folie en zet een raam open. Draag een stofmasker, want gipsstof is fijn genoeg om diep in je longen te komen en het blijft dagenlang zweven.
| Moment | Korrel | Gereedschap | Wat je ermee weghaalt |
|---|---|---|---|
| De ondergrond voorbereiden, spuitwerk aftoppen | 80 | Schuurgaas op een steel of muurschuurmachine | Toppen van het spuitwerk en losse delen |
| Na de eerste laag | 80 tot 120 | Schuurgaas | Aanzetranden, richels op de naad van de banen |
| Na de tweede laag | 120 tot 180 | Muurschuurmachine | Laatste bulten, overgangen tussen de banen |
| Na de laatste laag | 180 tot 240 | Muurschuurmachine of schuurblok | Fijne oneffenheden en schuurkrassen |
Schuur nooit droog aan spuitpleister of sierpleister uit een woning van voor 1994 zonder dat je weet of er asbest in zit. Een asbestinventarisatie kost een fractie van wat sanering na een besmetting kost, en zolang je het niet weet, laat je de machine uit.
Waarom je met je mes gaten in de pasta trekt
Dit is het probleem dat het vaakst voorkomt: je haalt af met het mes en in plaats van een glad vlak trek je gaten in de laag. Dat komt doordat de pasta op dat moment sterker aan zichzelf hecht dan aan de muur. Je mes pakt de laag als geheel op en scheurt hem los van de ondergrond.
Meestal zit de oorzaak in een zuigende of stoffige ondergrond, of in pasta die al te ver was ingedroogd toen je hem ging afhalen. Voorstrijken en sneller doorwerken lossen dat vaak in één keer op. Neem daarnaast kleinere banen, zodat de pasta nog echt nat is als het mes erlangs gaat.
De tweede oorzaak is te vaak terugkomen. Elke keer dat je een baan opnieuw aanraakt terwijl hij begint te trekken, gaat er een stuk mee. Het is verleidelijk om elk gaatje meteen dicht te smeren, maar dat is precies waar de volgende gaten ontstaan. Laat het staan en vul die putjes in de volgende gang, of navul ze pas als de laag droog is met een kleine vulspaan.
En dan is er nog de verwachting zelf. Een gestucte wand is nooit wiskundig vlak. In de gangbare kwaliteitsklasse mag een vakman ongeveer vier millimeter afwijking over twee meter hebben. Wie met een zaklamp langs de muur schijnt, ziet altijd iets. De vraag is niet of je iets ziet in strijklicht, maar of je het bij normaal licht en met verf erop nog terugvindt.
| Wat je ziet | Wat er aan de hand is | Wat je eraan doet |
|---|---|---|
| Het mes trekt gaten en neemt de laag mee | De pasta hecht slechter aan de muur dan aan zichzelf | Voorstrijken, kleinere banen, sneller afhalen |
| Ribbels langs elke baan | Mes te smal, hoeken niet afgerond, te veel druk | Spackmes van 60 cm, druk verdelen met je vingers |
| Kuiltjes die na het drogen terugkomen | Laag te dik of te nat opgezet en dan gekrompen | Dunner werken en een extra gang inplannen |
| Strepen met korreltjes erin | Half opgedroogde klontjes op je gereedschap | Mes tussendoor afspoelen, emmer gesloten houden |
| De pasta sleept en pakt niet meer | Emmer te stijf of te oud, vocht is uitgetreden | Doormixen en aanlengen, let op de productiedatum |
| Na drie lagen nog steeds golvend | De ondergrond was niet vlak genoeg om mee te beginnen | Grof schuren tot een vlakke basis, dan pas verder |
| Bij plafondlicht mooi, in strijklicht vol schaduwen | Normale vlakheid van handwerk | Bepalen wat acceptabel is voordat je een vierde laag zet |
Afwerken met latex, tex of behang
Als de laatste laag geschuurd is, ontstof je de wand met een zachte borstel of een stofzuiger met een borstelmond. Daarna voorstrijken. Een geschuurde pastalaag is behoorlijk open en zuigend, dus muurverf die je er direct op zet, slaat plaatselijk weg en dan zie je alsnog terug waar je gerepareerd hebt.
Latex gaat er daarna prima op, in twee lagen. Wil je structuur, dan is texen met een structuurroller een uitkomst, want een structuur vergeeft de laatste kleine oneffenheden die je in een gladde, glanzende latex wel zou zien. Zo'n zelf afgewerkte wand haalt niet helemaal het niveau van een door een stukadoor gestucte muur, maar op ooghoogte en bij normaal licht is het verschil klein.
Behangen op stucpasta vraagt om voorzichtigheid. Behanglijm brengt water in, en een dunne pastalaag die niet is voorgestreken kan daardoor weer week worden. Dat levert een witte, plakkerige massa op waarin je behang nergens meer op hecht. Strijk dus altijd eerst voor, en kies voor een wand die je gaat behangen liever een poederpleister of een wandvulmiddel dat daar wel tegen kan.
Wachten hoort erbij. Verf op een laag die vanbinnen nog vocht bevat geeft doffe plekken en soms blaasjes. Kijk in onze tabel met droogtijden per materiaal wat er bij jouw laagdikte en kamertemperatuur redelijk is, en neem daar nog wat marge op als de ruimte koud is of slecht geventileerd.
Rol de eerste laag latex verdund aan, zo'n tien procent water erbij. Die eerste laag trekt dan gelijkmatiger in de pastalaag en je ziet daarna sneller waar nog een klein gaatje zit, terwijl je nog makkelijk kunt bijwerken.
Zo breng je stucpasta aan op een bestaande wand
Deze volgorde werkt op een gemetselde of gepleisterde binnenwand en met kleine aanpassingen ook op een plafond.
-
Beoordeel de wand in strijklicht
Zet een werklamp op de vloer met de kop schuin tegen de muur en kijk waar de hoogtes en de kuilen zitten. Meet met een rei of latje van twee meter hoeveel de wand uit het vlak staat. Meer dan drie millimeter betekent dat je eerst een poederpleister nodig hebt en dat pasta alleen de afwerking wordt.
-
Haal alles weg wat los zit en schuur de toppen eraf
Tik de wand af en krab holle plekken, behangresten en kalkende verf weg tot je op vaste ondergrond zit. Zit er structuurspuitwerk of granol met een grove korrel op, schuur dan eerst de toppen eraf met korrel 80. Dit is de stap waar de meeste mensen te snel doorheen gaan, en precies de stap waar het eindresultaat op vastloopt.
-
Ontstof en breng voorstrijkmiddel aan
Zuig de wand af en neem hem na met een licht vochtige doek. Breng daarna voorstrijkmiddel aan op een zuigende ondergrond, of een hechtprimer op een gladde gelatexte muur. Zo trekt de wand het water niet meteen uit je verse laag, en dat is de belangrijkste reden dat een mes gaat slepen.
-
Mix de emmer door en leng zo nodig aan
Roer de pasta met een mengspiraal in de boormachine tot de hele emmer dezelfde dikte heeft. Is het spul stijver dan yoghurt, voeg dan een halve deciliter water toe, mix opnieuw en beoordeel het weer. Laat de pasta daarna een paar minuten staan zodat eventuele luchtbellen eruit lopen.
-
Zet de eerste laag op en haal hem direct af
Werk in banen. Zet de pasta op met een spaan of een roller op een steel, en haal de baan meteen af met het spackmes onder een hoek van ongeveer dertig graden. Doe eerst de onderste meter van beneden naar boven, daarna vanaf het plafond naar beneden. Overlap elke volgende baan een derde en druk het zwaarst aan de kant die nog glad moet worden.
-
Laat drogen en schuur de laag kort vlak
Wacht tot de laag door en door droog en egaal van kleur is. Schuur daarna met gaas van korrel 80 of 120 alleen de bulten en de aanzetranden weg. Sla deze stap niet over, want anders trek je in de volgende laag met je mes weer over dezelfde hoge delen en maak je er nieuwe ribbels naast.
-
Zet de tweede laag in de andere richting
Ontstof eerst, breng dan de tweede laag aan met banen die haaks staan op die van de eerste laag. Zo vallen de aanzetten nooit op dezelfde plek en middelen de kleine afwijkingen elkaar uit. Blijf ook nu op ongeveer een millimeter en vul de resterende putjes met een kleine vulspaan in plaats van er met het brede mes over te blijven gaan.
-
Eindschuren, ontstoffen en voorstrijken voor de verf
Schuur de laatste laag met korrel 180 tot 240, controleer opnieuw in strijklicht en werk hooguit een paar plekken bij. Ontstof daarna grondig en breng voorstrijkmiddel aan, want een geschuurde pastalaag zuigt behoorlijk. Pas als die primer droog is, ga je latexen of texen.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Controleer dit voordat je de eerste laag zet
Uit de praktijk
Vier lagen op een wandje van tweeënhalve vierkante meter en nog geen vlak resultaat
Een wandje van een meter breed en tweeënhalve meter hoog met structuurspuitwerk moest glad worden om te latexen. Er ging een emmer van vijf kilo kant en klare stucpasta op, opgezet met een plamuurmes van acht centimeter en afgehaald met een plamuurmes van vijftien centimeter. Van een afstand leek het aardig, maar in het licht van een werklamp zat de wand vol rillen en gaten. Bij elke gang met het mes, of dat nu een voegrubber, een schuurspons of een natgespoten mes was, kwamen er nieuwe gaten in de laag.
Er volgden een tweede, derde en vierde laag, inclusief een spackmes van veertig centimeter en dertig minuten machinaal schuren met korrel 240. Na twintig uur werk en twee emmers van vijf kilo was het resultaat nog steeds onbevredigend. Twee dingen zaten fout. Het spuitwerk was vooraf niet afgeschuurd, dus elke gang liep over dezelfde toppen en vulde de dalen niet. En korrel 240 is een eindkorrel: die haalt de bulten van een ruwe laag niet weg. Wat hier had gemoeten is het spuitwerk aftoppen met korrel 80, voorstrijken, en daarna twee lagen met een mes van zestig centimeter, met na elke laag een grove schuurgang.
Een hele zolder spiegelglad met precies dezelfde emmers
Op een zolder van drie verdiepingen hoog werd met dezelfde soort pasta wel een strak resultaat gehaald. De werkwijze daar was anders op vier punten. De emmer werd eerst aangelengd met een scheutje water en doorgemixt met een mengspiraal, zodat de pasta soepel bleef in plaats van te slepen.
Het opzetten ging met een verfroller op een steel, waarna een spackmes van zestig centimeter de baan in één beweging afhaalde. Het mes werd schuin gehouden en er werd heel licht gedrukt, waarbij er niet werd teruggekomen op een baan die al lag. Achteraf ging er een muurschuurmachine over, eerst korrel 80 en daarna 150. De banen die je na het opzetten nog zag, verdwenen in die eerste schuurgang. Het schuurwerk deed hier meer voor de vlakheid dan het gladstrijken zelf.
Behanglijm die de verse pastalaag weer week maakte
Een stuk muur werd met stucpasta gladgemaakt om er daarna behang op te plakken. De laag was na een paar dagen droog en zag er goed uit, dus het behangen begon. Zodra de behanglijm erop kwam, loste de pastalaag op tot een witte plakkerige massa en hechtte het behang nergens meer.
De oorzaak is het water in de lijm dat een dunne, niet voorgestreken pastalaag weer opweekt. Op de rest van de wanden werd daarna een wandvulmiddel gebruikt dat wel tegen behanglijm kan, en dat gaf een strak resultaat zonder gedoe. Wil je toch pasta gebruiken onder behang, strijk de laag dan eerst voor met een voorstrijkmiddel en geef hem ruim de tijd om volledig door te drogen.
Een emmer die te lang in het schap had gestaan
Een emmer pasta die stroef aanvoelde en direct sleepte onder het mes bleek bijna een jaar oud te zijn. Bij lang staan treedt een deel van het water uit en blijft er een stijvere massa achter, ook al zit het deksel er nog netjes op. Bovenin de emmer zat de pasta dan ook duidelijk anders dan onderin.
Doormixen met een mengspiraal en er ongeveer een deciliter water per vijf kilo bij, en het spul liet zich weer normaal verwerken. Sindsdien kijken we bij het kopen altijd even naar de datum op de emmer. Materiaal van een paar maanden oud verwerkt merkbaar prettiger dan materiaal dat al een winter in het schap heeft gestaan, en dat scheelt meer dan het verschil tussen twee merken.
Veelgemaakte fouten
Een wand vlak willen trekken met een plamuurmes
Een mes van acht tot vijftien centimeter is te smal om over de oneffenheden heen te blijven liggen, dus het volgt ze. Je krijgt daardoor precies de golving terug die je wilde wegwerken. Voor het vlakke werk hoort er een spackmes van veertig tot zestig centimeter in je hand, met afgeronde hoeken die iets omhoog staan.
Het spuitwerk niet eerst aftoppen
Op ongeschuurd structuurspuitwerk glijdt je mes over de hoge delen en komt het niet in de dalen. Je legt dan laag na laag zonder dat het vlakker wordt, en je verbruik loopt op tot het dubbele. Een half uur schuren met korrel 80 vooraf scheelt twee volledige lagen achteraf.
Sponzen alsof het poederstuc is
Bij poederpleister hoort een schuurspons of een voegrubber om de laag dicht te wrijven, maar een laag van een millimeter is daar te dun voor. Je wrijft de pasta dan gewoon van de muur af en trekt er open plekken in. Bij pasta doe je het werk met het mes en met de schuurmachine.
Pas na de laatste laag gaan schuren
Elke ribbel die je in laag één laat zitten, geef je door aan de volgende laag, want je mes rijdt er weer overheen en zet er een nieuwe richel naast. Schuur na elke laag kort met gaas van korrel 80 of 120. Schuren haalt hoogtes weg en geen kuilen, dus je hoort het tussendoor te doen en niet alleen aan het eind.
Te dik opzetten om in één gang klaar te zijn
Meer dan twee millimeter in één gang droogt aan de buitenkant dicht terwijl het binnenin nog nat is. De laag krimpt dan naar binnen en de kuiltjes die je net had gevuld, komen terug. Twee dunne lagen leveren altijd een vlakker resultaat op dan één dikke.
Niet voorstrijken op een zuigende of stoffige muur
Een zuigende ondergrond trekt het water uit je pasta voordat je hem hebt afgehaald, en op stof hecht niets. Precies dan pakt je mes de laag als geheel op en scheur je gaten in het werk. Voorstrijkmiddel kost een tientje en neemt de meest voorkomende oorzaak van dat probleem weg.
Doorwerken met vuil gereedschap
Half opgedroogde korreltjes op het blad van je spackmes trekken een streep door de verse laag die je er in dezelfde gang weer in werkt. Houd een emmer water met een spons naast je en veeg je mes na elke paar banen af. Sluit ook de emmer tussendoor, want een velletje aan de rand komt zo op je mes terecht.
Veelgestelde vragen
Wat is stucpasta precies en waarvoor gebruik je het?
Het is kant en klare pleister in een emmer, bedoeld als dunpleister om een muur schilderklaar te maken. Je brengt het aan in lagen van ongeveer een millimeter, meestal twee lagen, en je schuurt het daarna vlak. Het is niet bedoeld om een scheve of beschadigde wand op te bouwen, want daarvoor is de laag veel te dun. Zit je muur meer dan drie millimeter uit het vlak, dan begin je met een poederpleister en gebruik je de pasta alleen als afwerking.
Hoe breng je stucpasta aan zonder dat je er gaten in trekt?
Strijk de wand eerst voor, want op een zuigende ondergrond droogt de pasta te snel en dan hecht hij sterker aan zichzelf dan aan de muur. Werk daarna in banen die je meteen afhaalt met een spackmes van zestig centimeter, schuin gehouden en met lichte druk. Kom niet terug op een baan die al begint te trekken en smeer de putjes niet direct dicht: die vul je in de volgende laag of achteraf met een kleine vulspaan.
Is kant en klare stucpasta beter dan poederstuc?
Voor een dunne afwerklaag is het gemakkelijker, want je hoeft niets aan te maken en je kunt de emmer weer dichtdoen als je stopt. Voor dikkere lagen is poeder duidelijk beter en ook goedkoper per vierkante meter. Poeder bindt chemisch en kun je in één gang veel dikker opzetten, terwijl pasta alleen door verdamping droogt en bij dikte krimpt. Veel klussers die kant en klare stucpasta teleurstellend vinden, hadden eigenlijk een poederpleister nodig.
Wat kost kant en klaar stucpasta en hoeveel heb je nodig?
Een emmer van vijf kilo kost meestal vijftien tot dertig euro, afhankelijk van merk en lijn. Reken op ongeveer anderhalve kilo per vierkante meter per millimeter laagdikte. Op een gladde ondergrond doe je met vijf kilo dus zo'n drie vierkante meter in één laag, maar op ruw spuitwerk kan datzelfde vlak in twee lagen de hele emmer opeten. Koop liever een emmer te veel, want halverwege bijkopen levert een zichtbare aanzet op.
Wat is het verschil tussen gyproc stucpasta en andere merken?
De verschillen zitten vooral in de korrelgrootte, de open tijd en de maximale laagdikte, niet in de manier van werken. Gyproc stucpasta staat bekend als een fijne dunpleister voor binnenwanden, net als de emmers van andere grote fabrikanten. Let er wel op dat veel mensen het woord gyproc gebruiken als soortnaam voor gipsplaat. Wil je gipsplaten afwerken, dan kan elke fijne stucpasta dat, mits je de naden eerst met voegmiddel dichtzet.
Hoe dik mag je stucpasta opbrengen?
Op de verpakking staat vaak drie millimeter als maximum, maar in de praktijk werkt een tot anderhalve millimeter per gang het beste. Dikker opgezet droogt de buitenkant dicht terwijl de kern nog nat is, en dan krimpt de laag naar binnen tot je de kuiltjes terugziet. Heb je meer dikte nodig, werk dan in meerdere lagen of begin met een poederpleister als grondlaag en gebruik de pasta alleen voor de afwerking.
Hoe lang moet stucpasta drogen voordat je kunt schuren of verven?
Een laag van een millimeter is in een normaal verwarmde en geventileerde kamer meestal na een dag droog genoeg om te schuren, maar bij een koude of vochtige ruimte kan dat twee tot drie dagen worden. Je herkent een droge laag aan de egale kleur, zonder donkere plekken. Voor verven wacht je liever nog wat langer, want vocht dat opgesloten raakt onder een verflaag geeft doffe plekken en soms blaasjes.
Met welke korrel schuur je stucpasta?
Voor grof werk tussen de lagen door gebruik je schuurgaas met korrel 80 of 120, want gaas loopt niet dicht met gipsstof. Na de tweede laag ga je naar 120 tot 180 en voor de eindlaag naar 180 tot 240. Fijner dan 240 heeft weinig zin, want dan haal je niets meer weg en polijst je alleen het oppervlak. Werk met een muurschuurmachine met afzuiging en draag een stofmasker.
Kun je stucpasta over spuitwerk aanbrengen?
Dat kan, maar alleen als je het spuitwerk eerst aftopt. Laat je de toppen zitten, dan glijdt je mes daar overheen en blijven de dalen leeg, hoeveel lagen je ook zet. Schuur de wand dus eerst machinaal met korrel 80 tot je een redelijk vlakke basis hebt, zuig hem af en strijk hem voor. Bij een woning van voor 1994 laat je eerst onderzoeken of er asbest in het spuitwerk zit voordat je begint te schuren.
Kun je behangen op stucpasta?
Alleen als je de laag eerst voorstrijkt en volledig laat drogen. Behanglijm brengt water in, en een kale dunne pastalaag kan daardoor weer week worden tot een witte plakkerige massa waarin het behang nergens meer hecht. Voor een wand die je gaat behangen is een wandvulmiddel of een poederpleister een veiliger keuze, want die zijn bestand tegen de lijm en je hoeft er minder omheen te denken.
Kan stucpasta in de badkamer of op een vochtige muur?
De meeste emmers zijn bedoeld voor droge binnenruimtes, dus in een douchehoek of achter een bad hoort dit materiaal niet. In een badkamer die goed geventileerd wordt kan het op de wanden buiten de natte zone, mits je afwerkt met een vochtbestendige verf. Op een muur die optrekkend of doorslaand vocht heeft, begin je er niet aan: los eerst de oorzaak op, anders komen er zoutuitbloei en losse plekken.
Wanneer is een stukadoor goedkoper dan het zelf doen?
Zodra het om meer dan een paar vierkante meter gaat en de wand niet vlak is. Aan materiaal ben je voor een kleine wand met spuitwerk al snel vijftig euro kwijt, en dan heb je nog geen mes, schuurmachine en schuurgaas. Reken bij een stukadoor eerder op een dagdeel met een minimumtarief dan op honderd euro voor een wandje, maar dan is het in één gang strak en hoef je zelf niet te schuren en niet op te ruimen.
Wanneer je beter een vakman belt
Een wand schilderklaar maken met pasta is prima zelf te doen, zeker als de ondergrond al redelijk vlak is. Er zijn vier situaties waarin je beter kunt stoppen en iemand laten komen.
De eerste is asbest. In woningen van voor 1994 kan er asbest in spuitpleister, sierpleister en oude plaatmaterialen zitten, en juist schuren en boren maken de vezels vrij. Laat de wand onderzoeken voordat je begint, en laat verwijderen over aan een gecertificeerd saneringsbedrijf. Dit is geen kwestie van voorzichtig doen, dit mag je zelf niet.
De tweede is werken op hoogte. Een plafond of een trapgat pleister je met twee handen aan een lang mes, en dat is precies de beweging waarbij je uit balans raakt. Op een keukentrap doe je dat niet. Heb je geen rolsteiger of goede werkbrug en kun je die niet huren, dan is dit werk voor iemand anders.
De derde is een wand die meer dan een centimeter uit het vlak staat of waar de oude pleisterlaag over grote vlakken loslaat. Dan zit je niet meer in het afwerken maar in het opnieuw opbouwen van de laag, en dat is echt vakwerk met machinepleister. Wat een vakkundig gestucte wand je oplevert, haal je met een dunpleister uit de emmer niet.
De vierde is vocht. Zoutuitbloei, natte plekken of pleisterwerk dat blijft loslaten wijst op een probleem in de constructie. Elke laag die je erop zet, gaat mee de vernieling in tot de oorzaak is aangepakt.



