Toilet plaatsen, verhogen en repareren
Een toilet bestaat uit vier delen die los van elkaar kapot kunnen: de pot, het reservoir met het binnenwerk, de afvoer naar het riool en de bril. Bijna elke klacht is naar een van die vier te herleiden en het merendeel los je op zonder hak- en breekwerk. De belangrijkste maten liggen vast: het hart van de afvoer op 23 centimeter boven de afgewerkte vloer, de ophanggaten 18 centimeter uit elkaar en de bovenkant van de pot tussen 43 en 45 centimeter. Wie die maten vooraf uitmeet in plaats van achteraf, voorkomt het grootste deel van het gedoe.
Alle gidsen over toilet
Vlotter wc
Een wc die blijft doorlopen heeft in negen van de tien gevallen een vlotterkraan die niet meer helemaal dichtgaat, of…
Wc bril villeroy en boch
De bevestiging van een Villeroy en Boch wc bril werkt vrijwel altijd van bovenaf en zit verstopt onder de rozetten…
Urinesteen verwijderen
Urinesteen is een harde geelbruine korst die pas loslaat als een zuur er lang genoeg onverdund op kan staan. Pomp…
Wc bril vervangen
Een wc bril vervangen is een klus van een kwartier zodra je weet hoe de zitting vastzit. Zit er een…
Wc blijft doorlopen
Een wc die blijft doorlopen heeft bijna altijd een van twee oorzaken. Of de vlotter sluit de toevoer niet meer…
Wc spoelt niet goed door
Een wc spoelt niet goed door om drie soorten redenen: er komt te weinig water in de pot, het water…
Sphinx wc bril
Een universele bril past qua boutgaten meestal wel op een Sphinx toilet, maar volgt de vorm van de potrand net…
Wc bril vastzetten
Een wc bril die heen en weer schuift zit zelden echt los: meestal is de bevestiging verschoven in een gat…
Geberit bedieningspaneel oud model
Een oud Geberit bedieningspaneel vervang je bijna altijd zonder de wand open te breken, maar alleen als je eerst weet…
Geberit drukplaat
Een Geberit drukplaat is geen sierplaatje: hij duwt met twee stiften op het spoelmechanisme en past daarom alleen op de…
Staand toilet onderafvoer
Een staand toilet met onderafvoer loost recht naar beneden, in een buis van 110 mm die in de vloer eindigt.…
Hoogte toiletpot
Bij de meeste hangende toiletten ligt de bovenkant van de pot tussen 40 en 43 cm boven de afgewerkte vloer,…
Hoogte wc pot
De hoogte van een wc-pot meet je van de afgewerkte vloer tot de bovenkant van de pot, zonder bril. Bij…
Geberit wc pot
Een Geberit wc pot hangt zelden op zichzelf: het frame, het inbouwreservoir en de bedieningsplaat horen erbij en bepalen samen…
Waar een toiletklacht meestal vandaan komt
Een toilet lijkt een simpel apparaat, maar het is een samenstel van losse onderdelen die allemaal hun eigen mankementen hebben. De pot hangt of staat, het reservoir vult en spoelt, de afvoer voert af en de bril zit erop. Zodra je weet in welk van die vier delen je klacht zit, wordt de zoektocht kort. Hoe het toilet samenhangt met de rest van je leidingwerk staat beschreven bij sanitair en loodgieterswerk in huis, want een borrelend toilet is vaak helemaal geen toiletprobleem.
De meeste mensen komen hier binnen met een van drie soorten vragen. De eerste groep heeft een probleem: de wc loopt door, spoelt slap of lekt. De tweede groep gaat iets nieuws plaatsen en wil de maten weten voordat er geboord wordt. De derde groep werkt de ruimte af en zoekt de goede plaat, het goede plafond of de goede ventilatie.
Loopt er water dat er niet hoort te lopen, begin dan bij het reservoir. Een wc die blijft doorlopen heeft in negen van de tien gevallen een spoelventiel of vlotterkraan die niet meer sluit, en dat is een onderdeel van tien tot dertig euro. Spoelt hij juist te slap, dan zit het probleem meestal in de drukstiften of in kalkaanslag onder de spoelrand, en dat lees je bij een wc die niet goed doorspoelt.
Ga je iets nieuws plaatsen, dan is de volgorde van beslissen belangrijker dan de klus zelf. Eerst het type en de plek, dan de hoogte en het hart van de afvoer, dan het frame en de plaat, en pas daarna de pot en de afwerking. Wie halverwege van gedachten verandert over de zithoogte of de diameter van de afvoer, mag opnieuw beginnen. De maten en de keuzes staan hieronder per onderdeel uitgewerkt.
| Wat je ziet of hoort | Meest waarschijnlijke oorzaak | Waar je moet zijn |
|---|---|---|
| Het toilet loopt door en je hoort continu water | Spoelventiel sluit niet, of de vlotterkraan blijft bijvullen | Binnenwerk van het reservoir |
| Wc trekt niet door of het water klotst alleen wat rond | Drukstiften te kort afgesteld, spoelknop klemt of de spoelrand zit dicht | Drukplaat en spoelunit |
| Plasje water onder een hangende pot | Manchet, spoelwateraansluiting of gewoon condens tegen de pot | Pot demonteren en testen |
| Wc borrelt en het water in de pot staat laag | Ontluchting of een gedeeltelijke verstopping verderop in het riool | Riool en standleiding |
| Bruine of grijze ring onder de spoelrand | Urinesteen met kalk erin vastgelegd | Reinigen, niet schuren |
| De bril schuift heen en weer bij het zitten | Bouten losgetrild of de rubberen onderlegplaatjes weggezakt | Bevestiging van de bril |
| De pot beweegt en de kitrand scheurt | Draadeinden verkeerd afgesteld of de isolatiemat te dik onder de pot | Ophanging opnieuw stellen |
| Rioollucht in de toiletruimte | Uitgedroogde sifon, lekkende manchet of een ontluchting die niet werkt | Afvoer en ontluchting |
| Water komt omhoog en zakt daarna langzaam weg | Verstopping voorbij de pot, richting de standleiding | Riool ontstoppen |
Staand, hangend of helemaal zonder afvoer
Voordat je iets uitzoekt, moet duidelijk zijn met welk type je te maken hebt. Bij een staand toilet loopt de afvoer of recht naar beneden de vloer in, of naar achteren de muur in. In de handel heet dat eerste een vloeraansluiting of PK, en het tweede een achteraansluiting of AO. Dat verschil bepaalt volledig welke pot je kunt kopen, want een pot met onderaansluiting past niet op een achterafvoer. Hoe je dat oplost staat bij een staand toilet met onderafvoer aansluiten.
Een hangend toilet, ook wel wandcloset of zwevend toilet, hangt aan een stalen frame dat achter de wand zit. Het grote voordeel is dat de vloer eronder vrij blijft en dat je makkelijk schoonmaakt. Het nadeel is dat je een voorzetwand van minstens elf tot zestien centimeter kwijt bent en dat je bij een reparatie achter een drukplaat moet werken. De potten zelf verschillen sterk in diepte en in ophangmaat, ook binnen één merk: een Geberit Acanto wandcloset heeft andere afmetingen dan een pot uit een andere serie. Wat je precies moet opmeten staat bij de maatvoering van een Geberit wc pot.
Is er helemaal geen afvoer in de buurt, dan blijft een vermalertoilet over. Dat maalt de inhoud fijn en pompt hem door een dunne persleiding naar de dichtstbijzijnde standleiding. Reken op ongeveer vijf meter omhoog of vijftig meter horizontaal, waarbij elke meter verticaal ongeveer tien meter horizontaal kost. In een vakantiehuis of op zolder is het een uitkomst, maar het blijft een apparaat met een mes en een motor erin en dat vraagt onderhoud.
| Type toilet | Hoe het aansluit | Waar het past | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|
| Staand toilet met onderafvoer | Recht naar beneden in de vloer, met een closetsok | Begane grond boven een kruipruimte | De potmaat moet exact over het bestaande gat vallen |
| Staand toilet met achterafvoer | Horizontaal de muur in, meestal met een manchet | Verdiepingen en appartementen | Hart van de afvoer ligt vast, meten voordat je koopt |
| Hangend toilet met inbouwreservoir | Aan draadeinden uit een stalen frame, afvoer 90 mm | Nieuwbouw en verbouwing met ruimte voor een voorzetwand | Frame moet op het beton staan, niet op de dekvloer |
| Hangend toilet met opbouwreservoir | Aan het frame, reservoir zichtbaar aan de wand | Waar je geen wand ervoor kunt zetten | Minder mooi, maar alles blijft bereikbaar |
| Duoblok met spoelbak op de pot | Onderafvoer of achterafvoer, reservoir op het porselein | Vervanging van oud sanitair, lage kosten | De rubberen pakking tussen bak en pot is het zwakke punt |
| Oude wc met hooghangend reservoir | Valpijp van 32 mm naar de pot, trekker of ketting | Monumentale panden en oude toiletten | Onderdelen zijn schaars, het membraan is meestal de boosdoener |
| Hoektoilet of pot onder 45 graden | Frame diagonaal in de hoek, afvoer in de hoek | Een smalle of onhandige ruimte | Je wint diepte maar verliest breedte naast de pot |
| Verkorte of compacte pot | Standaard, alleen korter dan 54 cm | Krappe ruimtes waar 5 cm het verschil maakt | Vlakspoelende korte potten kunnen flink spetteren |
| Vermalertoilet zonder afvoer | Persleiding van 22 tot 32 mm naar de standleiding | Zolder, kelder, aanbouw, vakantiewoning | Alleen papier erdoor, geen doekjes, en periodiek ontkalken |
| Hurktoilet, ook wel Turkse toilet met bidet | In de vloer verzonken, spoeling van boven | Zelden in Nederlandse woningen, wel bij verbouwing op verzoek | Vergt een verdiepte vloer en een vlakke, waterdichte afwerking |
| Urinoir naast het toilet | Eigen spoelunit of inbouwreservoir, afvoer 50 mm | Ruimtes waar toilet en urinoir in 1 ruimte komen | Urinesteen vraagt hier meer aandacht dan bij een pot |
Hoogtes en maten waar je niet omheen kunt
Bij een toilet maakt een centimeter meer verschil dan je zou denken. Leg maar eens een boek van een centimeter op de bril en ga zitten, dan voel je het meteen. De standaardhoogte van een wandcloset was jarenlang 40 centimeter, maar tegenwoordig hangt vrijwel alles tussen 43 en 45 centimeter. Voor senioren of iemand die moeilijk opstaat, wordt 46 tot 50 centimeter geadviseerd, ongeveer de hoogte van een eetkamerstoel.
De valkuil zit in het meetpunt. Op een inbouwframe staat een streep of sticker die op precies 1 meter boven de afgewerkte vloer moet komen, dus inclusief de dekvloer, de tegellijm en de tegel. Wordt de dekvloer dikker dan gepland of kies je later een tegel van twee centimeter, dan hangt je pot lager dan bedoeld. Reken daarom altijd terug vanaf de afgewerkte vloer en niet vanaf het beton.
De maat die echt telt is het hart van de afvoer. Meet aan je nieuwe pot de afstand tussen de bovenkant van het porselein en het hart van de afvoeropening, meestal 25 tot 26 centimeter. Trek die maat af van de gewenste zithoogte en je weet op welke hoogte het hart van de afvoer moet komen. Geberit houdt daarvoor standaard 23 centimeter aan, en met die maat komt bijna elke pot op 40 tot 43 centimeter uit. De volledige rekensom staat uitgewerkt bij de juiste hoogte van de toiletpot en bij het bepalen van de hoogte van een wc pot.
De andere maten in de toiletruimte liggen minder hard vast, maar er zijn wel getallen waar iedereen op uitkomt. Die staan hieronder bij elkaar, samen met de maten voor het fonteintje. Bouw je meer ruimtes om, dan vind je in ons overzicht van standaardmaten en hoogtes in huis ook de maten voor stopcontacten, kranen en spiegels.
| Wat je meet | Gangbare maat | Toelichting |
|---|---|---|
| Bovenkant pot zonder bril, standaard | 43 tot 45 cm | Toilet hoogte 45 cm is de meest gekozen maat bij nieuwbouw |
| Bovenkant pot, comfort of senior | 46 tot 50 cm | Makkelijker opstaan, maar korte mensen bungelen met de voeten |
| Hart afvoer boven de afgewerkte vloer | 23 cm | De maatgevende hoogte, alles rekent hiervandaan |
| Markering op het inbouwframe | 100 cm boven de afgewerkte vloer | Inclusief dekvloer, lijm en tegel, anders hangt de pot te laag |
| Hart op hart ophanggaten wandcloset | 18 cm, soms 23 cm | Controleer dit voordat je een pot bestelt |
| Hart afvoer uit de afgewerkte wand | 12 cm bij een standaardframe | Zit de bestaande afvoer verder naar voren, dan heb je een sprongbocht nodig |
| Diepte van de pot vanaf de wand | 49 tot 57 cm | Compacte potten 47,5 cm, gewone potten 54 cm, comfortpotten 57 cm |
| Totale inbouwdiepte frame met afwerking | 12 tot 20 cm | 9 cm reservoir, 18 mm plaat en 1 cm tegel komt op ongeveer 12,5 cm |
| Hoogte van de voorzetwand | 110 tot 120 cm | Bepaald door het frame, kies de hoogte op een hele tegelmaat |
| Bovenkant fontein in het toilet | 85 tot 90 cm | De hoogte van de fontein wc kies je op de lengte van de bewoners |
| Hart afvoer van het fonteintje | 50 tot 55 cm | De hoogte van de afvoer fontein toilet moet onder de sifon uitkomen |
| Hart koudwaterleiding fonteintje | 60 cm | Iets boven de afvoer, zodat de hoekstopkraan vrij blijft |
| Wc-rolhouder of toiletrolhouder | 65 tot 70 cm hoog, 20 tot 30 cm voor de pot | De positie van de wc rolhouder bepaal je zittend, niet staand |
| Vrije loopruimte voor de pot | Minimaal 60 cm, prettig vanaf 75 cm | Onder de 60 cm zit je met je knieën tegen de deur |
| Toiletruimte in nieuwbouw | Minimaal 90 bij 120 cm | Een separaat toilet mag niet kleiner, ook niet onder de trap |
| Toilet onder een schuin dak | Minimaal 200 cm boven de voorkant van de pot | Achter de pot mag het dakvlak wel schuin naar beneden lopen |
| Invalidentoilet | 165 bij 220 cm, pot op 46 tot 48 cm | Aan minstens een zijde 90 cm vrij, beugels op circa 75 cm |
| Bovenkant urinoir | 60 tot 65 cm | Lager voor kinderen, meet vanaf de afgewerkte vloer |
| Verlaagd plafond in het toilet | 220 tot 230 cm | Genoeg ruimte erboven voor een ventilatiekanaal en spots |
Inbouwreservoirs, frames en welk paneel erop past
Het inbouwreservoir bepaalt hoe diep je voorzetwand wordt en welk bedieningspaneel erop kan. Dat laatste is de meest gemaakte fout bij het vervangen van een drukplaat: panelen zijn niet uitwisselbaar tussen de series. Een paneel voor een Geberit UP320 past niet op een UP100 en andersom, ook al lijken de gaten in de wand identiek. De afmetingen van een frame en van het reservoir dat erin zit, staan altijd in de handleiding die erbij hoort, en die is bij elke fabrikant online terug te vinden op typenummer.
Voor de diepte geldt een simpele rekensom. Een standaardreservoir is 12 centimeter dik, met een plaat van 18 millimeter en een tegel van een centimeter kom je op ongeveer 16 centimeter. Een ondiep inbouwreservoir is 8 tot 9 centimeter dik en brengt je met dezelfde afwerking op ruim 11 centimeter. Dat scheelt in een smalle ruimte precies de vier centimeter die je nodig hebt. Let op dat de dunne reservoirs meestal alleen recht naar beneden afvoeren en niet naar links of rechts, dus ze passen niet overal.
De breedte van een frame is bijna altijd 50 centimeter en de hoogte 112 centimeter voor een gewoon element. De afmetingen van een Geberit UP320 komen daarmee neer op 112 bij 50 centimeter met een inbouwdiepte vanaf 12 centimeter. Er bestaan lage varianten van ongeveer 82 centimeter voor onder een vensterbank of een schuin dak. Frames zijn in hoogte verstelbaar aan de poten, meestal over een bereik van 0 tot 20 centimeter, zodat je de markering exact op 1 meter kunt instellen.
Twee zoekopdrachten komen door de merknaam bij het toilet uit terwijl ze er niet echt over gaan. PushFit is het leidingsysteem met steekkoppelingen waarmee de watertoevoer naar het reservoir vaak is aangelegd, en dat kom je dus achter de voorzetwand tegen zonder dat het iets met de spoeling te maken heeft. En de enige kraan die je bij een inbouwreservoir van buitenaf kunt bedienen is de stopkraan achter het bedieningspaneel: een buitenkraan aan de gevel hoort bij een heel ander deel van het assortiment.
Zoek je onderdelen voor een reservoir en heb je alleen een sticker met een keurmerk gevonden, dan zoek je waarschijnlijk op het verkeerde woord. Op vrijwel elk Nederlands inbouwreservoir zit een Kiwa-keur, en Kiwa is een keuringsinstantie en geen fabrikant. Het merk staat meestal in het kunststof van de bak gegoten of op een stickertje aan de binnenkant, bereikbaar zodra je het bedieningspaneel eraf haalt.
| Reservoir of frame | Inbouwdiepte reservoir | Welk bedieningspaneel | Waar je het tegenkomt |
|---|---|---|---|
| Geberit UP320 (Sigma 12 cm) | 12 cm, frame 112 x 50 cm | Sigma-serie, front- en topbediening | De meest geplaatste variant sinds ongeveer 2005 |
| Geberit UP300 (Sigma 8 cm) | 8 cm | Sigma-serie, alleen frontbediening | Ondiepe voorzetwanden en renovaties |
| Geberit UP100 (Delta) | 12 cm | Delta-serie, past niet op een Sigma | Veel gebruikt in projectbouw en huurwoningen |
| Geberit UP200 en ouder | 12 cm | Samba, Highline en Twinline | Toiletten van ruwweg 1990 tot 2005 |
| Geberit Duofix-element | Verstelbaar vanaf 12 cm | Volgt het reservoir dat erin zit | Het frame waar de UP320 standaard in zit |
| Grohe en Grohedal Rapid | Ongeveer 13 cm | Eigen Grohe spoelknop, niet uitwisselbaar | Veel geplaatst door installateurs |
| Wisa inbouwreservoir | 9 tot 12 cm, ook een extra dunne uitvoering | Eigen serie drukplaten | Nederlands merk, onderdelen goed verkrijgbaar |
| Plieger inbouwreservoir | Ongeveer 12 cm | Eigen Plieger wc knop | Bouwmarktmerk, prijstechnisch aantrekkelijk |
| Viega Prevista en Steptec | Vanaf 8 cm | Eigen serie | Vaak in projecten en bij vloerverwarmingsopstellingen |
| Ben inbouwreservoir | Ongeveer 12 cm | Eigen drukplaten | Veel verkocht via sanitairwinkels |
| Geberit UP720 (Sigma 8 cm) | 8 cm | Sigma-platen in de 8 cm-uitvoering | De huidige ondiepe Geberit, opvolger van de UP300 |
| OLI inbouwreservoir | 8 tot 12 cm | Eigen platen, mechanisch of pneumatisch | Italiaans merk, ook los in de bouwmarkt te koop |
| Schwab inbouwreservoir | Ongeveer 12 cm | Eigen serie drukplaten | Duits merk, veel geplaatst rond de eeuwwisseling |
| Ben Pro Flush | 8 tot 12 cm | Eigen drukplaten | Nederlands merk, potten uit series als Segno erbij |
| Tece inbouwreservoir | 8 tot 12 cm | Eigen panelen, ruime keuze in glas | Vooral in nieuwbouwprojecten |
De achterwand achter een hangend toilet
Het frame is zelfdragend en vangt de krachten op, dus de plaat erachter hoeft het gewicht niet te dragen. Wat de plaat wel moet doen is een vlak, stabiel en vochtbestendig vlak vormen waarop je tegelt en waar de pot strak tegenaan komt. Het bekleden van de achterwand van de wc begint dus bij de plaat eronder en niet bij de tegel erop, want daar gaat het bij de keuze regelmatig mis.
Watervast multiplex van 18 millimeter is nog altijd de meest gekozen oplossing. Het is stijf, je kunt er overal in schroeven en het vergeeft een keer een lekkage zonder uit elkaar te vallen. Laat de plaat op maat zagen, teken de gaten af met de pakking van de pot als mal en zaag ze uit met een gatenzaag of speedboor. Wie liever met een bouwplaat werkt, kiest een Wedi-achterplaat: die heeft de gaten voor de draadeinden, de afvoer en de spoelbuis al op de goede plek en is dikker dan de gewone plaat. In de handel heet zo'n voorgevormd exemplaar een toiletplaat of wediplaat, en er bestaan ook kant-en-klare uitvoeringen van vochtwerend plaatmateriaal met de gaten al voorgeboord.
Bij kleine tegels is die keuze niet vrijblijvend. Zet je witjes van 10 bij 10 op een bouwplaat en trek je de pot daarna stevig aan, dan zit alle druk op een enkele tegel en breekt die eerder dan bij een tegel van 60 centimeter. Voor kleine tegels achter een hangend toilet is een houten plaat of de door de fabrikant voorgeschreven gipsplaat een veiliger keuze.
Cellenbeton is de derde route. Blokken van 7 of 10 centimeter zijn licht, goedkoop, vochtbestendig en prima te betegelen, en je metselt ze gewoon voor het frame langs. Het kost meer ruimte dan een plaat, maar je hebt een keiharde ondergrond en geen hout in een natte ruimte. Slopen is later ook eenvoudiger dan een ingemetselde constructie van baksteen.
| Plaatmateriaal | Dikte | Sterk punt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|
| Watervast multiplex | 18 mm | Stijf, overal in te schroeven, vergeeft vocht | Voorstrijken voor het tegelen, randen sealen |
| Berken underlayment | 18 mm | Goedkoper dan multiplex, vlak | Minder vochtbestendig, alleen achter een droog toilet |
| Wedi-bouwplaat | 20 tot 50 mm | Volledig waterdicht, tegellijm hecht uitstekend | Te kwetsbaar voor kleine tegels achter een pot |
| Voorgevormde achterplaat | Circa 30 mm | Gaten voor afvoer, spoelbuis en draadeinden zitten er al in | Alleen bruikbaar bij het bijbehorende frame |
| Cellenbetonblokken | 70 tot 100 mm | Hard, krimpvast, brandwerend, goed te betegelen | Kost inbouwruimte, en de blokken moeten haaks gesteld worden |
| Groene gipsplaat in dubbele laag | 2 x 12,5 mm | Snel, licht, vlak | Om de 10 cm schroeven en altijd dubbel uitvoeren |
| Gipsvezelplaat | 12,5 mm | Steviger dan gipskarton, geen papierlaag | Voorstrijken met de juiste primer, anders zuigt hij de lijm droog |
| Vochtwerend MDF | 18 mm | Glad en goedkoop, kant en klaar te koop met gaten | Zuigt water op langs de snijkanten, dus randen goed afdichten |
| Spaanplaat of vochtwerend spaanplaat | 18 mm | Goedkoop en overal te krijgen | Zwelt onherstelbaar bij vocht, achter een pot af te raden |
| Qboard of een vergelijkbare tegeldrager | 20 tot 50 mm | Waterdicht en licht, zelfde principe als Wedi | Ook hier is de klemdruk van de pot het zwakke punt |
| Kant-en-klare tegelplaat of voorzetplaat | Circa 30 mm | Gaten voorgeboord, direct te betegelen | Alleen bruikbaar als het gatenpatroon bij jouw frame past |
De afvoer: diameter, sprongbocht en manchet
Aan de potzijde is de afvoer 90 millimeter, aan de rioolzijde 110 millimeter. Dat is de kern van de vraag of de afvoer van het toilet 90 of 110 moet zijn: het is allebei waar, alleen op een ander punt in de lijn. Tussen die twee zit een verloopstuk, een mof, een manchet of een closetsok. De doorsnede van de afvoerpijp zelf maak je nooit kleiner dan de leiding waarop hij uitkomt. De vaste leiding naar de standleiding is altijd 110 millimeter, ook als een fabrikant een aansluiting van 90 millimeter op zijn frame heeft zitten.
De verbinding tussen de pot en de vaste leiding lijm je niet. Een manchet of closetsok schuif je met vaseline of groene zeep in de pvc-buis en die klemt daar, zodat je de pot er later weer af kunt halen. Wie het toch lijmt, moet bij de eerste reparatie hakken. De witte closetsok die je in een oude vloer aantreft, zit ook alleen maar klemmend en komt er met wat wrikken gewoon uit.
Zit de bestaande afvoer te ver naar voren, dan is de sprongbocht de standaardoplossing. De dikke uitvoering is ongeveer 72 millimeter hoog en in lengte verstelbaar van 14,5 tot 34,5 centimeter, en er is een dunnere versie van 55 millimeter. Aan de potzijde sluit hij aan op 90 millimeter, aan de rioolzijde op 110. Je legt hem in de vloer, hakt er zo nodig een sleuf voor en zet die daarna dicht met zand en cement. Lukt dat niet diep genoeg, dan timmer je onder de pot een lage koof waarin de bult van de oude aansluiting wegvalt, en dat valt in de praktijk nauwelijks op. De veel gehoorde waarschuwing dat een sprongbocht verstopt, geldt vooral voor de smalle uitvoeringen. Met de dikke variant van een gerenommeerde fabrikant zijn de ervaringen goed. Bij veel frames zit daarnaast een flexibele afvoerbocht die een verschil van enkele centimeters opvangt, maar niet meer dan dat.
De wc-afvoer verleggen kan ook echt, en dat is soms minder werk dan het lijkt. Op een begane grond boven een kruipruimte boor je een nieuw gat vlak tegen de muur en leg je de leiding eronder opnieuw. Op een bovenverdieping wordt het hakwerk in beton en dan is een sprongbocht met een ruimtebesparend frame vrijwel altijd de goedkopere weg. Het installeren van een compleet nieuwe tak naar de standleiding heeft daar zelden zin.
| Onderdeel of maat | Waarde | Toelichting |
|---|---|---|
| Aansluiting op de pot | 90 mm | Zowel bij een hangend als bij een staand toilet met achterafvoer |
| Vaste afvoerleiding naar de standleiding | 110 mm | De diameter van de wc afvoer in vrijwel elke Nederlandse woning |
| Verloopstuk 90 naar 110 | Kunststof, klemmend | Nooit lijmen op het deel waar de pot in valt |
| Manchet of afvoermanchet | Rubber, met lippen | Insmeren met vaseline, dan schuift de pot er soepel in |
| Closetsok | Wit kunststof, 110 mm | Klemt in de pvc-buis, komt er met wrikken uit |
| Sprongbocht, dikke uitvoering | 72 mm hoog, 14,5 tot 34,5 cm verstelbaar | Aansluiting 90 mm op de pot, 110 mm op het riool |
| Sprongbocht, dunne uitvoering | 55 mm hoog | Minder doorlaat, alleen kiezen als het echt niet anders kan |
| Flexibele aansluitbocht | 90 mm, uittrekbaar | Vangt een verschil van enkele centimeters op, niet meer |
| Afschot van de liggende leiding | Minimaal 5 mm per meter | Te steil is ook fout: het water rent weg en het vaste deel blijft liggen |
| Hart afvoer uit de afgewerkte wand | 12 cm | Standaardmaat bij een frame dat strak tegen de muur staat |
| Hart afvoer bij een ruimtebesparend frame | 18 tot 23 cm | Zo overbrug je een afvoer die te ver naar voren ligt |
| Persleiding vermalertoilet | 22 tot 32 mm | Met een terugslagklep en een stijgpunt vlak achter het apparaat |
De toiletpot ophangen, stellen en afkitten
Een toiletpot die beweegt of kraakt is bijna altijd verkeerd gesteld en zelden slecht bevestigd. Bij potten met een zichtbare ophanging steken de draadeinden gewoon door het porselein en zie je de moeren. Bij de moderne potten met verdekte of blinde bevestiging draai je eerst een kunststof of metalen huls op elk draadeind en daar hangt de pot vervolgens op. Die hulzen bepalen op de millimeter hoe ver de pot van de wand staat.
De fabrikanten geven daar een maat voor, meestal in de vorm van maat X min een vaste waarde. Zit er bijvoorbeeld een set bij die uitgaat van een X van 80 millimeter en een aftrek van 33 millimeter, dan moet de huls op 47 millimeter komen. De vraag die iedereen daarbij verkeerd beantwoordt: meet je dat vanaf de kale plaat of vanaf de tegel? Vanaf de afgewerkte wand, dus vanaf het tegelwerk. Meet je vanaf de plaat, dan komt de pot een centimeter te ver naar voren te hangen en gaat hij bij het zitten kantelen.
Tussen de pot en de tegels hoort een drukverdelende mat of een schuimrubber matje. De meningen daarover lopen uiteen en er zijn vaklieden die in plaats daarvan twee lagen sterke tape op de achterkant van de pot plakken tegen het knarsen. Wat je ook kiest, snijd het materiaal precies bij tot binnen de rand van de pot. Steekt het matje uit tot in de kitnaad, dan hecht de kit op schuim in plaats van op porselein en scheurt de rand bij het eerste gebruik.
Kit de pot rondom af, maar laat de onderste centimeters open. Dan kan een beginnende lekkage zichtbaar naar buiten lopen in plaats van zich achter de pot te verzamelen en pas maanden later in de vloer op te duiken. Zet tijdens het kitten gewicht op de pot, bijvoorbeeld een koffer met gereedschap, zodat de naad in de belaste stand uithardt. Laat de kit daarna 48 uur staan voordat er iemand op gaat zitten.
Lekkage onder een hangend toilet opsporen
Een plasje water onder een zwevende pot is het meest verwarrende lek dat er is, want er zijn drie bronnen en ze geven alle drie hetzelfde beeld. Het kan de rioolaansluiting zijn, de spoelwateraansluiting die ongeveer 13 tot 14 centimeter erboven zit, of helemaal geen lekkage maar condens. Bij vochtig weer koelt het porselein tijdens het spoelen af, condenseert het vocht op de buitenkant en loopt het naar het laagste punt van de pot. Dat is precies de plek waar de pot tegen de wand komt.
Begin daarom nooit met slopen. De test die het snelst uitsluitsel geeft, kost een middag en niets aan materiaal. Los een flinke scheut levensmiddelenkleurstof of donkere limonadesiroop op in het water in de pot, leg een wit vel A4 onder de pot en laat het staan. Komt er gekleurd water op het papier, dan lekt de pot of de rioolaansluiting. Blijft het water op het papier helder, dan komt het uit het reservoir of de spoelbuis en niet uit de pot.
Herhaal die test daarna met een emmer gekleurd water die je erin giet, en met gewoon doortrekken. Het verschil tussen die twee is verrassend groot. Een emmer water loopt rustig weg, een spoeling van 6 of 9 liter komt er onder druk uit en drukt tegen een afdichting die met de hand net niet meer sluit. Lekt het alleen na het doortrekken, dan zit de fout in de spoelwateraansluiting.
Vind je niets aan de rubbers, kijk dan naar de stand van de spoelbuis. Steunt die onderaan op de tegels of op het voegwerk, dan zit hij een paar millimeter te hoog en sluit het rubber aan de onderzijde niet meer. Ontbreken bovendien de kunststof hulzen over de draadeinden, dan zakt de pot bij het zitten twee tot drie millimeter naar voren, precies genoeg om de afdichting te laten lekken. Maak de spoelbuis vrij, zet de hulzen op de draadeinden en vet de rubbers rondom in met vaseline.
Zit het natte plekje juist achter de drukplaat en niet onder de pot, dan lekt het kraantje van de watertoevoer. Dat is bijna altijd de wartel of de knelring van de hoekstopkraan en zelden de kraan zelf. Bij een oude wc met een hooghangende stortbak zit de zwakke plek onderaan de valpijp, ook wel valbuis genoemd: het conusrubber daar wordt hard en gaat dan langs de buis lekken.
Druppelt een hangend toilet maar af en toe, let dan op het moment waarop het gebeurt. Een pot die na het doortrekken een minuut lang natdruppelt en daarna droog blijft, verliest water langs de spoelwateraansluiting. Komen de druppels juist als er niemand is geweest, dan wijst dat op de rioolzijde of op condens. Blijft er water uit de onderrand komen terwijl alles binnen droog is, controleer dan de kitnaad aan de voor- en zijkanten: dweilwater dat onder de pot loopt komt daar uren later weer uit en lijkt dan een lek.
| Wat je waarneemt | Waar het vandaan komt | Wat je doet |
|---|---|---|
| Plasje verschijnt ook zonder gebruik | Condens, of een reservoir dat langs de spoelbuis lekt | Prop keukenpapier in de spoelbuis, kijken of die nat wordt |
| Gekleurd water op het papier | Uitlaat van de pot of de rioolmanchet | Manchet vervangen, pot controleren op haarscheurtjes |
| Helder water, alleen na doortrekken | Rubber van de spoelwateraansluiting | Rubber vervangen, spoelbuis vrij laten hangen, vaseline gebruiken |
| Lekkage begint zodra je gaat zitten | Pot zakt door speling in de ophanging | Hulzen op de draadeinden, moeren gelijkmatig natrekken |
| Straaltje langs de zijkant van de pot | Glazuurdruppel op de uitlaat waardoor het rubber niet rond sluit | Druppel voorzichtig wegslijpen, anders pot vervangen |
| Nat achter de drukplaat | Aansluiting van de vulkraan of de stopkraan | Wartel natrekken, knelring vervangen |
| Water bij de valpijp van een hoge stortbak | Conusrubber onderaan de valpijp verhard | Rubber vervangen, buis recht en spanningsvrij zetten |
| Nat op de vloer bij een duoblok | Pakking tussen spoelbak en pot | Bak eraf, pakking vervangen, bouten gelijkmatig aandraaien |
Spoelen, doorlopen en het binnenwerk vervangen
Het binnenwerk van een reservoir bestaat uit twee delen die je apart kunt vervangen: de vlotterkraan die het water inlaat en het spoelventiel dat het water loslaat. Loopt er water in de pot terwijl je niets doet, dan lekt het spoelventiel. Loopt het water door de overloop of hoor je de kraan bijvullen, dan sluit de vlotterkraan niet. Hoe je dat onderscheid maakt en welke variant je nodig hebt staat bij de vlotter in een wc afstellen en vervangen.
Ook bij een inbouwreservoir kun je dat allemaal zonder hakwerk doen. Achter het bedieningspaneel zit een revisieopening die groot genoeg is om het complete spoelventiel eruit te tillen. Sluit eerst de stopkraan, die achter datzelfde paneel zit, en spoel het reservoir leeg. Het ventiel draai je meestal een kwartslag los en dan komt het omhoog. Onderin zit het bodemventiel, ook wel bodemklep genoemd, dat als afsluiter tussen de bak en de pot werkt. De vlotterkraan zit met een moer aan de onderzijde vast en die is krapper bereikbaar, maar hij komt eruit als je de bak eerst helemaal leeg schept.
Fabrikanten noemen datzelfde blok afwisselend spoelventiel, spoelmechanisme, doorspoelmechanisme, doortreksysteem of spoelsysteem, dus laat je door de naamgeving niet in de war brengen. In veel oudere reservoirs zit een spoelventiel van het type 212, in nieuwere Sigma-bakken een ander model. Een vlotterkraan is vaak universeel en past dan op een Wisa, een Plieger en een Ben, maar controleer altijd de hoogte van de bak en de plaats van de overloop. Voor het waterbesparend maken van een oud reservoir met één knop bestaat er een ombouwset waarmee je van een enkele spoeling naar een tweeknops variant gaat, zonder de bak te vervangen. Een sanitairwinkel kent die set niet altijd, terwijl hij bij de fabrikant gewoon in het assortiment zit.
Spoelt de wc slap of komt er alleen wat gerommel, dan is het binnenwerk zelden de schuldige. Kijk eerst of het reservoir wel vol loopt, daarna of de doortrekknop de drukstiften ver genoeg indrukt, en pas dan naar de pot. Bij een pot met een draaikolkspoeling of een spoelrand zit de doorlaat vaak dicht met kalk en urinesteen die je moet verwijderen voordat er weer fatsoenlijk water uit komt. Blijft de bak leeglopen zonder dat er iets spoelt, dan wijst dat op het spoelventiel en dan kom je terug bij een toilet dat blijft doorlopen.
| Klacht | Onderdeel dat het doet | Aanpak |
|---|---|---|
| Toilet loopt door, dun straaltje in de pot | Spoelventiel of bodemventiel | Ventiel eruit, rubber en zitting controleren, meestal compleet vervangen |
| Toilet loopt langzaam door na het spoelen | Vlotterkraan die te traag sluit of vuil in het zeefje | Zeefje reinigen, vlotterkraan vervangen |
| Wc trekt niet door bij het indrukken van de doorspoelknop | Drukstiften te kort of scheef | Drukstiften verstellen of vervangen |
| Wc doortrekken werkt, maar de spoeling is slap | Reservoir loopt niet vol, of de spoelrand zit dicht | Waterstand afstellen, spoelrand ontkalken |
| Reservoir vult luidruchtig of fluit | Hoge waterdruk zonder doorstroombegrenzer | Doorstroombegrenzer plaatsen achter het paneel |
| Water in de wc staat laag | Sifon leeggezogen of het spoelventiel sluit te vroeg | Eerst ontluchting nakijken, daarna het ventiel |
| Membraan van een oude hoge stortbak lekt | Rubberen membraan in de heberklok | Membraan vervangen, kost een paar euro |
| Geurafzuiging in het reservoir werkt niet | Keramiekfilter vol of de geurstick zit scheef in de houder | Filter vervangen, stick recht in de houder terugzetten |
| Aansluitslang naar het reservoir lekt | Wartel of knelring van de hoekstopkraan | Wartel natrekken, anders knelring of slang vervangen |
Borrelen, stank en water dat omhoogkomt
Als een toilet borrelt, ligt de oorzaak zelden in het toilet zelf. Borrelen betekent dat er lucht door het waterslot wordt getrokken of geduwd, en dat gebeurt wanneer het riool zijn lucht niet kwijt kan of niet kan aanzuigen. De standleiding hoort daarvoor boven het dak door te lopen. Is die ontluchting dichtgevroren, dichtgeslibd of bij een verbouwing afgedopt, dan zuigt elke spoeling elders in huis het water uit jouw sifon.
Het typische beeld: je spoelt de wc door en je hoort in de badkamer een slurpend geluid, of de wc trekt leeg bij doorspoelen en het water staat daarna een paar centimeter te laag. Er ontstaat kort een vacuüm in de leiding en dat trekt het waterslot mee. Zonder waterslot krijg je rioollucht in huis, en dat is de reden dat een toilet dat borrelt vaak ook naar het riool stinkt.
Borrelt de wc juist bij regen, dan zit je meestal op een gemengd rioolstelsel waar hemelwater en afvalwater dezelfde buis delen. Bij een flinke bui staat de leiding vol en wordt de lucht ergens naar buiten geperst, bij jou door het toilet. Dat is vervelend maar niet gevaarlijk. Komt het water bij regen echt omhoog in de pot, dan is het wel serieus: dan staat het riool tot boven jouw aansluiting en is een terugslagklep of een melding bij de gemeente op zijn plaats.
Een verstopping geeft een ander patroon. Het water komt bij doortrekken omhoog, blijft even staan en zakt daarna langzaam weg. Dat is een gedeeltelijke verstopping die met elke spoeling erger wordt. Ontstoppen doe je met een ontstoppingsveer via de pot of, netter, via een ontstoppingsstuk in de leiding. In oude gietijzeren en gresleidingen is de dader vaak urinesteen dat de doorlaat over jaren heeft dichtgezet, en dat gaat er alleen met frezen of hogedruk uit. Spoelt het daarna nog steeds matig, kijk dan verder bij de oorzaken van een slappe spoeling.
| Symptoom | Wat er aan de hand is | Wat je eraan doet |
|---|---|---|
| Wc borrelt bij doortrekken van een andere afvoer | Onvoldoende ontluchting van de standleiding | Dakdoorvoer controleren en vrijmaken |
| Wc borrelt bij regen en het ruikt naar riool | Gemengd stelsel dat bij een bui vol staat | Meestal niets kapot, wel de ontluchting nakijken |
| Wc trekt leeg en het water staat laag | Vacuüm in de leiding zuigt het waterslot mee | Beluchter of ontluchting toevoegen op het juiste punt |
| Water komt omhoog bij doortrekken | Gedeeltelijke verstopping achter de pot | Ontstoppingsveer, daarna doorspoelen met veel water |
| Water komt omhoog tijdens hevige regen | Riool staat hoger dan jouw aansluiting | Terugslagklep laten plaatsen, gemeente inlichten |
| Rioollucht bij een toilet dat weinig gebruikt wordt | Sifon drooggestaan en verdampt | Emmer water erin, bij lang leegstaan een scheutje olie erbij |
| Water loopt heel langzaam weg | Afschot te vlak of vet en kalk in de leiding | Leiding doorspuiten, afschot nameten bij een verbouwing |
| Rioollucht bij een vermalertoilet | Ontluchting van het apparaat verstopt | Koolstoffilter of ontluchtingsdop van het apparaat vervangen |
| Klokkend geluid terwijl iemand aan het douchen is | Lucht die door het waterslot wordt gezogen | Ontluchting van de standleiding nakijken |
| Fluitend of ratelend geluid na het doortrekken | Vlotterkraan die bijna dicht is, of een hoge waterdruk | Doorstroombegrenzer plaatsen of de vlotterkraan vervangen |
| Wc stroomt over tot aan de rand | Verstopping achter de pot, reservoir vult door | Stopkraantje dicht, dan pas ontstoppen |
Schoonmaken, aanslag en wat er niet door de wc mag
De zwarte aanslag die onder de spoelrand of op de waterlijn terugkomt, is meestal geen vuil in de gewone zin. Het is een laagje schimmel en bacteriën dat groeit op water dat lang stilstaat, en in de tweede plaats mangaan en ijzer uit het leidingwater dat als donkere rand neerslaat. Een zwarte rand in de wc pot komt daarom het snelst terug in een toilet dat weinig wordt gebruikt, bijvoorbeeld in een logeerkamer of een vakantiewoning.
Schoonmaken doe je met een zuur middel tegen kalk, zoals schoonmaakazijn of citroenzuur, of met chloor tegen de schimmel. Niet allebei in één beurt. Laat het middel een halfuur inwerken, borstel de aanslag daarna onder de rand vandaan met een smalle flessenborstel en spoel goed door. Zit de doorlaat onder de rand dicht, dan is het geen schoonmaakklus meer maar urinesteen die eruit moet.
Zoutzuur hoort niet in een woonhuis thuis. Het vreet voegwerk, chroom, rvs en de rubbers van het binnenwerk aan, en in een gietijzeren of metalen afvoer eet het door de wand. Bij een vermalertoilet is het helemaal fout, want daar zitten een pomp en een mes in. Voor de schoonmaakmiddelen bij zo'n apparaat geldt: azijn of citroenzuur mag, alles wat agressiever is niet.
Schuurpoeder en staalwol maken het glazuur dof. Aangetast glazuur is ruw, houdt vuil beter vast en dus poets je harder, waarna het sneller gaat. Is het glazuur van de wc pot beschadigd door een klap of door jarenlang schuren, dan kun je met tweecomponenten reparatieglazuur de glazuurlaag cosmetisch herstellen, maar het blijft zachter dan gebakken glazuur en het slijt weer weg.
Wat er niet door de wc mag, is een kortere lijst dan mensen denken en hij staat hieronder. Behanglijm door de wc spoelen lijkt onschuldig omdat het vloeibaar is, maar de lijm zwelt in koud water en zet zich af tegen de wand van de leiding. Datzelfde geldt voor gips, tegellijm en cementresten: die binden in de bocht af tot een harde koek. Laat dat soort resten uitharden in de emmer en gooi ze bij het restafval.
Is er een toiletblok doorgespoeld, dan is het kunststof korfje het probleem en niet het blokje zelf. Zo'n korf blijft steken in de zwanenhals en laat het water er nog net langs, waardoor je een halve verstopping houdt die met elke spoeling erger wordt. Blijf niet doortrekken. Probeer het met een ontstoppingsveer via de pot, en lukt dat niet, haal de pot dan van de wand en spoel hem buiten om.
Kleine zwarte beestjes op de muur van het toilet die met korte vluchtjes verplaatsen, zijn vrijwel altijd motmugjes. Hun larven leven in de slijmlaag in de afvoer en in de sifon, dus je bestrijdt ze door die laag weg te halen met een biologische afvoerreiniger en heet water, niet met een spuitbus tegen de muur. Wormen in de wc liggen anders: een regenworm komt niet door het waterslot omhoog gekropen, die komt binnen via een gebroken rioolbuis, een openstaand ontstoppingsstuk in de kruipruimte of een ontluchting zonder rooster. Zie je ze vaker dan één keer, laat de leiding dan inspecteren.
| Middel | Waar het voor werkt | Waar je het niet voor gebruikt |
|---|---|---|
| Schoonmaakazijn of citroenzuur | Kalk, lichte urinesteen en de rand op de waterlijn | Laat het niet indrogen op chroom of natuursteen |
| Chloor of bleekmiddel | Zwarte schimmelaanslag onder de spoelrand | Nooit samen met azijn, ontkalker of ammoniak |
| Reiniger op basis van zoutzuur | Niets waar een alternatief voor is | Tast voegwerk, rubbers en metalen leidingen aan |
| Soda met heet water | Vetaanslag in de liggende leiding | Werkt niet tegen kalk of urinesteen |
| Biologische afvoerreiniger | De slijmlaag waar motmuglarven in leven | Werkt langzaam, dus een paar avonden herhalen |
| Wc-blok aan de spoelrand | Geur en lichte aanslag tussen de beurten door | Niet in het reservoir hangen, dat sloopt de rubbers |
| Schuurpoeder of staalwol | Niets in een toiletpot | Maakt het glazuur dof en daarmee vuilgevoelig |
| Ontstoppingsveer | Een korfje of blok dat in de zwanenhals steekt | Niet bij een vermalertoilet, dat beschadigt het mes |
De toiletbril: maten, merken en bevestiging
Een bril lijkt inwisselbaar maar dat is hij niet. De boutafstand ligt meestal op 15 centimeter hart op hart, maar de lengte, de breedte en de vorm van de pot verschillen per model en per bouwjaar. Een bril die twee centimeter te kort is, valt in de pot; een die te lang is, steekt uit. Meet daarom drie dingen op: de hart-op-hartafstand van de gaten, de afstand van de gaten tot de voorkant van de pot en de grootste breedte. Hoe je die maten omzet naar een concrete keuze staat bij het vervangen van een wc bril.
Bij oudere potten wordt het lastiger. Van de oude Sphinx-modellen uit de 300-serie zijn originele brillen soms nog leverbaar en soms alleen via de fabrikant, terwijl universele brillen met verstelbare scharnieren vaak net niet netjes aansluiten. Dat is een bekend punt bij een toiletbril voor een Sphinx-pot. Ook de brillen van andere merken hebben hun eigenaardigheden, waaronder de wc bril van Villeroy en Boch die met een eigen scharniersysteem werkt.
Het meeste gedoe zit in het losmaken van een oude bril. Bouten van roestvast staal met kunststof moeren zitten na tien jaar muurvast, en de kunststof kop draait rond zodra je kracht zet. Wat werkt: eerst kruipolie geven en een nacht laten staan, daarna de moer vastpakken met een waterpomptang en de bout van bovenaf tegenhouden. Lukt dat niet, zaag de bout dan door met een ijzerzaagje of een multitool, met een stuk karton tussen het zaagblad en het porselein.
Nieuwe brillen worden vaak van bovenaf gemonteerd. Je steekt een expansieplug in het gat van de pot, drukt die vast en klikt de bril op de scharnierschoenen. Dat is prettig werken, want je hoeft niet meer met je hoofd achter de pot. Een softclose bril haal je er meestal af door hem tot ongeveer een kwart open te zetten en dan recht naar voren te trekken; bij sommige modellen zit er een schuifje of een knopje onder de scharnierkap. Zit de bril na verloop van tijd los, dan is de kunststof plug gaan werken en helpt natrekken maar tijdelijk. Wat wel blijft zitten lees je bij het definitief vastzetten van een wc bril.
| Bevestiging | Hoe je hem losmaakt | Let op |
|---|---|---|
| Bouten van onderaf met vleugelmoer | Moer met de hand of een waterpomptang losdraaien | Vaak vastgekalkt, eerst kruipolie geven |
| Bouten van bovenaf met expansieplug | Kap opklappen, schroef losdraaien, plug ontspant | Bij vastzitten de plug voorzichtig met een tang uittrekken |
| Snelsluiting met schuifschoenen | Bril kwart openen en recht naar voren trekken | Niet omhoog wrikken, dan breekt de scharnierpen |
| Softclose met demperscharnier | Knopje of schuifje onder de scharnierkap indrukken | Demper niet doorsmeren met olie, dat maakt hem traag |
| Verdekte bevestiging in het keramiek | Kap eraf, inbusbout een halve slag los | Alleen de bout losdraaien die je ziet, niet de ophanging |
| Kantelbevestiging met trekbanden | Band doorknippen, nieuwe set nodig | Eenmalig, dus de pot demonteren betekent nieuwe banden kopen |
| Verhoogde bril van 6 of 10 cm | Als een gewone bril, vaak met langere bouten | De goedkoopste manier om een toilet te verhogen in een huurwoning |
De toiletruimte afwerken: ombouw, wanden, fontein, ventilatie en deur
De afwerking is het deel dat je elke dag ziet, en tegelijk het deel waar het minst over vastligt. Een ombouw om het inbouwreservoir kun je zelf aftimmeren met een houten regelwerk en een plaat erop, of je koopt een kant-en-klare ombouw die over het frame valt. Zelf aftimmeren is goedkoper en je kunt de diepte precies laten aansluiten op de rest van de ruimte, bijvoorbeeld door de voorzetwand over de volle lengte door te trekken en er alle leidingen achter weg te werken.
Dat doortrekken kost ruimte maar levert veel op. Je krijgt een strakke wand, alle aansluitingen zitten uit het zicht en op de bovenkant ontstaat een richel die je als plateau gebruikt. Een nis in de achterwand is ook goed te maken, mits je hem tussen de regels naast of boven het reservoir plaatst. Boven de pot, op ongeveer 110 tot 115 centimeter, houd je voor zo'n nisje meestal nog vijf tot zeven centimeter diepte over voordat je tegen het reservoir aan zit. Dat is de minimale diepte waar een fles nog rechtop in past.
Voor de wanden hoef je niet per se te tegelen. Een toilet is geen natte ruimte, dus stucwerk met een goede vochtbestendige afwerking, betonstuc, tadelakt, kunststof wandpanelen of een halfhoge lambrisering kunnen allemaal. Kies je voor stucen, breng dan eerst een primer aan die past bij de ondergrond, want een gipsvezelplaat zuigt anders het vocht direct uit de mortel. Een gestucte wand in het toilet houdt het prima, mits je hem afwerkt met een afwasbare verf en niet met een matte muurverf die vocht opneemt. Achter de pot en op spatgevoelige plekken blijft een glad en goed te reinigen vlak wel het uitgangspunt, ook omdat schimmel zich juist nestelt op de ruwe plekken die je nooit poetst.
Een fonteintje vraagt drie dingen: een koudwaterleiding met hoekstopkraan op ongeveer 60 centimeter, een afvoer op 50 tot 55 centimeter en een stevige bevestiging. Kies je in plaats van een fonteintje een kleine wasbak met een echt kraangat, controleer dan eerst of de diepte genoeg loopruimte overlaat. Zet je een waskom op een houten plank, gebruik dan minstens 30 millimeter massief hout of verlijmd multiplex met twee stevige consoles, want een gevulde kom met een leunende gebruiker is zo veertig kilo. Een kastje onder het fonteintje maak je makkelijk zelf van vochtbestendig plaatmateriaal. Houd bij zo'n onderkast de achterzijde open, zodat de sifon en de stopkraan bereikbaar blijven, en zet hem los van de wand vast zodat je hem in zijn geheel kunt weghalen. In een klein wc hok scheelt dat bij een reparatie het verschil tussen tien minuten en een halve dag.
Maatvoering
De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Ruimte of vakgebied | Onderdeel | Gangbare maat | Marge die in de praktijk werkt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|---|
| Sanitair | Wastafel, bovenkant | 85 cm boven de vloer | 80 tot 90 cm | Meet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm. |
| Sanitair | Wastafelkraan, uitloop | 25 tot 30 cm boven de wastafelrand | wat past bij de kom | Te hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder. |
| Sanitair | Fonteintje in het toilet | 80 tot 85 cm | 75 tot 90 cm | Vaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is. |
| Sanitair | Toiletpot, bovenkant zitting | 40 tot 43 cm | 38 tot 48 cm | Een verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger. |
| Sanitair | Hangend toilet, onderkant pot | 40 cm boven de vloer | 38 tot 45 cm | De hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast. |
| Sanitair | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 80 cm | Te ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit. |
| Sanitair | Douchekraan, thermostaat | 100 tot 110 cm | 95 tot 120 cm | Je wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan. |
| Sanitair | Doucheglijstang, bovenkant | 180 tot 200 cm | afhankelijk van de lengste gebruiker | Reken op minstens 20 cm boven de kruin. |
| Sanitair | Regendouche, onderkant kop | 205 tot 215 cm | 200 tot 220 cm | Onder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd. |
| Sanitair | Handdoekradiator, onderkant | 20 tot 30 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Laag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen. |
| Sanitair | Afvoer wastafel, muurdoorvoer | 50 tot 55 cm | 45 tot 60 cm | Onder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling. |
| Elektra | Stopcontact in een woonruimte | 30 cm hart boven de vloer | 25 tot 40 cm | Bij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen. |
| Elektra | Stopcontact boven een aanrechtblad | 115 tot 125 cm | 10 tot 20 cm boven het blad | Uit de spatzone van de kraan blijven. |
| Elektra | Lichtschakelaar | 105 cm hart boven de vloer | 90 tot 120 cm | Gelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld. |
| Elektra | Deurklink | 100 cm hart boven de vloer | 95 tot 105 cm | Ook de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen. |
| Elektra | Meterkast, groepenkast | 150 tot 180 cm | bereikbaar zonder trapje | De hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn. |
| Elektra | Wandcontactdoos buiten | minimaal 30 cm boven maaiveld | hoger bij kans op opspattend water | Spatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten. |
| Elektra | Bedrade deurbel, drukknop | 110 tot 130 cm | 100 tot 140 cm | Ook bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel. |
| Elektra | Wandlamp naast een spiegel | 160 tot 170 cm | op ooghoogte van de gebruiker | Licht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven. |
| Elektra | Televisieaansluiting | 40 cm of op de hoogte van het scherm | afhankelijk van de opstelling | Bij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm. |
| Keuken | Werkblad, bovenkant | 90 tot 95 cm | 85 tot 100 cm | Vuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger. |
| Keuken | Bovenkasten, onderkant | 50 tot 60 cm boven het blad | 45 tot 65 cm | Te laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken. |
| Keuken | Afzuigkap boven een elektrische kookplaat | 60 cm | 55 tot 70 cm | Onder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaspit | 65 cm | 65 tot 75 cm | Bij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam. |
| Keuken | Plint onder de keukenkasten | 10 tot 15 cm | standaard 15 cm | Terugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan. |
| Keuken | Inbouwoven op ooghoogte | onderkant op 85 tot 90 cm | naar de gebruiker | Scheelt bukken met een hete plaat in je handen. |
| Trap | Trapleuning | 90 cm boven de voorkant van de trede | 85 tot 100 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer. |
| Trap | Leuning langs een bordes | 100 cm | 90 tot 110 cm | Bij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap. |
| Trap | Optrede, hoogte per trede | 18 tot 20 cm | maximaal 21 cm binnen een woning | Alle treden even hoog, ook de eerste en de laatste. |
| Trap | Aantrede, diepte van de trede | 22 tot 24 cm | minimaal 22 cm | Vuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm. |
| Trap | Vrije doorloophoogte boven de trap | 230 cm | minimaal 210 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond. |
| Trap | Spijlafstand van een balustrade | maximaal 10 cm | kleiner bij kinderen | Zo kan een kinderhoofdje er niet tussen. |
| Deuren | Binnendeur, standaardmaat | 83 bij 201,5 cm | 78 tot 93 cm breed | De dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad. |
| Deuren | Voordeur, standaardmaat | 88 bij 201,5 cm | 83 tot 100 cm breed | Breder is prettig bij verhuizen en bij een rollator. |
| Deuren | Speling onder een binnendeur | 1 tot 1,5 cm | 2 cm bij mechanische ventilatie | De kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet. |
| Deuren | Speling rondom in het kozijn | 3 mm | 2 tot 4 mm | Te weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt. |
| Deuren | Scharnieren, afstand tot de hoek | 20 cm van boven en onder | 15 tot 25 cm | Bij een zware deur een derde scharnier in het midden. |
| Ventilatie | Ventilatierooster in een raam | boven in het kozijn | op de bovenregel | Warme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder. |
| Ventilatie | Afzuigpunt in een badkamer | hoog in de ruimte | 20 tot 30 cm onder het plafond | Vocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet. |
| Ventilatie | Muurrooster kruipruimte | net boven het maaiveld | minimaal 15 cm | Anders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht. |
| Ventilatie | Dakdoorvoer, afstand tot de nok | minimaal 50 cm | afhankelijk van het type | Te dicht bij de nok geeft terugslag bij wind. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Veelgestelde vragen
Op welke hoogte hang je een hangend toilet?
De gangbare hoogte van een wandcloset is 43 tot 45 centimeter tot de bovenkant van het porselein, zonder bril. Een toilet hoogte 45 cm is de meest gekozen maat bij nieuwbouw. Wil je rekening houden met minder mobiele gebruikers, dan is 46 tot 48 centimeter prettiger, ongeveer de hoogte van een eetkamerstoel. Boven de 48 centimeter bungelen kortere mensen met hun voeten. Meet altijd de afstand tussen de bovenkant van jouw pot en het hart van de afvoer op, want die verschilt per model.
Op welke hoogte moet de streep van een Geberit Duofix-frame staan?
Op precies 1 meter boven de afgewerkte vloer, dus inclusief de dekvloer, de tegellijm en de tegel. Met die stand komt het hart van de afvoer op 23 centimeter en hangt de bovenkant van de meeste potten op 40 tot 43 centimeter. Wil je vijf centimeter hoger, dan zet je de markering op 105 centimeter en verschuift het complete frame mee. De hoogte van een inbouwreservoir stel je af aan de verstelbare poten, meestal over een bereik van 0 tot 20 centimeter.
Wat is de hoogte van een fontein in het toilet?
De bovenrand van een fontein komt meestal op 85 tot 90 centimeter, waarbij je de hoogte kiest op de lengte van de mensen die hem gebruiken. De hoogte van de afvoer van het fonteintje ligt dan op 50 tot 55 centimeter en de koudwateraansluiting op ongeveer 60 centimeter, iets boven de afvoer zodat de hoekstopkraan vrij blijft. Voor kinderen kun je zonder bezwaar naar 80 centimeter zakken. Meet de sifon van jouw fontein op voordat je de afvoer definitief plaatst, want ondiepe modellen vragen een lagere aansluiting.
Moet de afvoer van het toilet 90 of 110 mm zijn?
Allebei, maar op een ander punt. De aansluiting op de pot is 90 millimeter, de vaste leiding naar de standleiding is 110 millimeter. Daartussen zit een verloopstuk, een manchet of een closetsok. Zoek je een geberit verloop 90 110, dan zoek je precies dat overgangsstuk, soms aangeduid als platte bocht of rechte mof. De diameter van de wc afvoer in de leiding zelf verklein je nooit, want dan neemt de kans op verstoppingen sterk toe. Alleen bij een vermalertoilet werk je met een dunne persleiding van 22 tot 32 millimeter.
Kun je een toilet verhogen zonder breken?
Ja, met een verhogingsset voor het toilet. Zo'n set vervangt de draadeinden door exemplaren met een verspringing van 2,5 of 5 centimeter en levert verlengstukken met een bocht voor de aan- en afvoer. Het reservoir blijft zitten, er hoeft geen tegel aan. In de praktijk werkt zo'n verhoogset goed en gaat de spoeling er niet op achteruit. Let alleen op de ruimte achter de pot: bij sommige modellen moet je rondom de bestaande draadeinden een stukje tegel wegfrezen. Een verhoogde bril van 6 of 10 centimeter is het alternatief als je helemaal niets wilt aanpassen.
Wat is het verschil tussen een Geberit UP100 en een UP320?
Het zijn twee verschillende reservoirseries met elk hun eigen bedieningspanelen. Op de UP100 passen de Delta-platen, op de UP320 de Sigma-platen, en die zijn niet uitwisselbaar. Ze zijn allebei ongeveer 12 centimeter diep, dus in inbouwdiepte scheelt het weinig. De UP320 is de meest geplaatste variant en heeft meer keuze in panelen, inclusief bediening vanaf de bovenzijde. Zoek je in een geberit up100 vs up320 vergelijking naar het praktische verschil, dan is dat vooral de beschikbaarheid van drukplaten.
Hoe diep moet de voorzetwand voor een inbouwreservoir zijn?
Met een standaardreservoir van 12 centimeter, een plaat van 18 millimeter en een tegel van een centimeter kom je op ongeveer 16 centimeter. Kies je een ondiep inbouwreservoir van 8 tot 9 centimeter, dan zit je met dezelfde afwerking op ruim 11 tot 13 centimeter. De breedte van een inbouwreservoir is vrijwel altijd 50 centimeter en de hoogte 112 centimeter voor een gewoon element. Houd er rekening mee dat de dunste reservoirs meestal alleen recht naar beneden afvoeren en dus niet in elke situatie passen.
Welke plaat gebruik je achter een hangend toilet?
Watervast multiplex van 18 millimeter is de veiligste keuze en wordt het meest toegepast. Een Wedi plaat voor het toilet is waterdicht en hecht uitstekend voor tegellijm, en er bestaat een speciale achterplaat met de gaten voor afvoer, spoelbuis en draadeinden al op de juiste plek. Bij kleine tegels van 10 bij 10 centimeter is een bouwplaat minder verstandig, omdat de klemdruk van de pot dan op één tegeltje komt te staan. Cellenbeton van 7 of 10 centimeter is een prima derde optie als je de ruimte hebt.
Waarom komt het water in de wc omhoog bij doortrekken?
Dan zit er een gedeeltelijke verstopping achter de pot. Het water kan niet snel genoeg weg, stijgt eerst en zakt daarna langzaam. Dat wordt met elke spoeling erger, dus doorspoelen in de hoop dat het overgaat werkt averechts. Gebruik een ontstoppingsveer via de pot of, als dat kan, via een ontstoppingsstuk in de leiding. Komt het water alleen bij hevige regen omhoog in de wc, dan is er iets anders aan de hand: dan staat het riool hoger dan jouw aansluiting en is een terugslagklep de oplossing.
Waarom borrelt de wc bij regen en ruikt het dan naar riool?
Bij een gemengd rioolstelsel gaan hemelwater en afvalwater door dezelfde buis. Tijdens een bui staat die leiding vol en wordt de lucht die erin zit ergens naar buiten geperst, vaak door het waterslot van het toilet. Dat geeft een borrelende afvoer en soms rioollucht in de wc bij regen. Meestal is er niets kapot en zakt het vanzelf. Blijft het aanhouden, controleer dan of de ontluchting boven het dak vrij is, want die moet de drukverschillen kunnen opvangen.
Waarom trekt de wc leeg bij doorspoelen?
Er ontstaat kort een onderdruk in de leiding die het water uit het waterslot meezuigt. Dat gebeurt wanneer de standleiding onvoldoende lucht kan aanzuigen, bijvoorbeeld doordat de ontluchting boven het dak dicht zit of bij een verbouwing is afgedopt. Het beeld dat erbij hoort: de wc borrelt, het water in de wc staat laag en na een tijdje ruik je riool. Een beluchter op de juiste tak lost het vaak op, maar hij mag nooit de dakontluchting vervangen, want lucht die eruit moet kan er dan niet uit.
Hoe krijg ik een vastgeroeste wc bril los?
Geef de bouten eerst een nacht kruipolie. Pak daarna de moer vast met een waterpomptang en houd de bout van bovenaf tegen met een schroevendraaier, want de kunststof kop draait anders rond. Lukt het dan nog niet, zaag de bout door met een ijzerzaagje of een multitool en leg een stuk karton tussen het zaagblad en het porselein. Bij een wc bril met montage van bovenaf klap je het kapje open en draai je de schroef los, waarna de expansieplug vanzelf ontspant. Een softclose bril demonteer je meestal door hem een kwart te openen en recht naar voren te trekken.
Welke toiletbril past op een Sphinx van een oud model?
Dat hangt af van de serie. Van de oudere Sphinx-modellen zijn sommige originele brillen nog leverbaar via de fabrikant of een sanitairspecialist, terwijl andere alleen met een universele bril met verstelbare scharnieren te benaderen zijn. Meet drie dingen op: de hart-op-hartafstand van de bevestigingsgaten, de afstand van die gaten tot de voorkant van de pot en de grootste breedte. Zoek je losse Sphinx toilet onderdelen zoals scharnieren of buffers, dan zijn die vaak apart te bestellen zonder dat je een complete bril hoeft te kopen. Voor merken als Wisa, Keramag en Sanindusa geldt hetzelfde principe.
Mag je een manchet of closetsok in de afvoer lijmen?
Nee. De rubberen manchet van het toilet en de witte closetsok zitten klemmend in de pvc-buis en dat hoort zo. Smeer het rubber in met vaseline of groene zeep en schuif het erin, dan is de verbinding dicht en blijft alles demontabel. Lijm je het vast, dan moet je bij de eerste lekkage de vloer openbreken om er nog bij te komen. Een oude closetsok die je wilt hergebruiken trek je er gewoon uit, eventueel met wat wrikken, want hij zit nergens aan vast.
Spoelt een toilet met een sprongbocht wel goed door?
Met de dikke uitvoering van een gerenommeerde fabrikant zijn de ervaringen goed en merk je in de spoeling niets. Die bocht is ongeveer 72 millimeter hoog, in lengte verstelbaar van 14,5 tot 34,5 centimeter en sluit met 90 millimeter aan op de pot en met 110 millimeter op het riool. De waarschuwingen over verstoppingen gaan vooral over de dunne uitvoering van 55 millimeter, die minder doorlaat heeft. Wil je de pot op 45 centimeter hangen, controleer dan of je een verlengbuis nodig hebt, want de aansluiting van de sprongbocht zit lager dan je denkt.
Kun je een toilet plaatsen zonder afvoer in de buurt?
Dat kan met een vermalertoilet. Zo'n apparaat maalt de inhoud fijn en pompt hem via een dunne persleiding naar de dichtstbijzijnde standleiding, tot ongeveer vijf meter omhoog of vijftig meter horizontaal. De problemen met een sanibroyeur zijn bijna altijd dezelfde drie. Als de sanibroyeur het water niet wegpompt, zit er meestal iets vast tegen het mes of is de vlotterschakelaar verkalkt. Resetten doe je door het apparaat een paar minuten spanningsloos te maken. Ontkalken kan met schoonmaakazijn of een ontkalker op citroenzuur, nooit met zoutzuur. En de belangrijkste regel: alleen toiletpapier erdoor, geen vochtige doekjes.
Hoe krijg ik een toilet zonder afvoerkanaal toch fris?
De eis voor een toiletruimte is ongeveer 25 kubieke meter per uur, en die haal je alleen met een kanaal naar buiten. In een woning met een houten vloer kun je vaak verrassend eenvoudig een buis onder de vloer door naar een gevelrooster leggen. Kan dat echt niet, dan is een toilet ventilator met koolstoffilter een compromis: die ververst geen lucht, hij haalt er geur uit. Het meest effectief zijn systemen die de lucht direct uit de pot afzuigen. Wil je de afzuiging van de wc aan laten gaan met het licht, dan heb je drie aders nodig: permanente fase, geschakelde fase en nul, zodat een nalooptimer nog even doordraait.
Hoeveel gewicht kan een hangend toilet dragen?
Een gecertificeerd inbouwframe moet minimaal 400 kilo kunnen dragen. In de praktijk begeeft bij ongeveer 600 kilo eerst de keramieken pot het en niet het frame, mits het frame goed aan wand en vloer vastzit. Inmetselen is daarvoor niet nodig, want het frame is zelfdragend. Waar het in de praktijk misgaat, is het tegelwerk achter de pot: ligt dat niet in één vlak, dan wordt een uitstekende tegel het draagpunt en breekt die bij het aantrekken. Voor zwaardere gebruikers is dat vlakke tegelwerk belangrijker dan het frame zelf.
Hoe vervang ik het binnenwerk van een inbouwreservoir?
Zonder hakwerk, via de revisieopening achter het bedieningspaneel. Haal de drukplaat eraf, sluit de stopkraan die daarachter zit en spoel het reservoir leeg. Het spoelventiel draai je meestal een kwartslag los en til je omhoog; de vlotterkraan zit met een moer aan de onderzijde en komt eruit als je de bak eerst leeg schept. Neem het oude onderdeel mee naar de winkel, want de bouwhoogte en de plaats van de overloop moeten kloppen. Voor de meeste merken zijn universele vervangers te krijgen, en voor sommige oude reservoirs met één spoelknop bestaat er een ombouwset naar een tweeknops bediening.
Hoe kit ik een wc pot af en laat ik de onderkant open?
Kit de pot rondom af met sanitairkit, maar laat de onderste vijf tot tien centimeter aan de voorzijde open. Zo kan een beginnende lekkage naar buiten lopen en zie je hem voordat het water in de vloer trekt. Zet gewicht op de pot terwijl je kit, bijvoorbeeld een gereedschapskoffer, zodat de naad in de belaste stand uithardt. Op natuursteen gebruik je een siliconenvrije kit, want de olie uit gewone siliconenkit geeft blijvende vlekken. Laat de naad daarna 48 uur met rust voordat er iemand op gaat zitten.
Is een isolatiemat onder het toilet nodig of niet?
De meningen daarover lopen uiteen en er zijn goede vaklieden aan beide kanten. De mat verdeelt de druk over het tegelwerk en voorkomt dat het porselein tegen de tegels knarst. Wie hem weglaat, plakt in plaats daarvan vaak twee lagen stevige tape op de achterzijde van de pot, met hetzelfde effect. Wat wel vaststaat: gebruik je een mat, snijd hem dan bij tot net binnen de omtrek van de pot. Loopt hij door tot in de kitnaad, dan hecht de kit op schuim in plaats van op porselein en scheurt de rand meteen.
Kan ik een bidetsproeier of douchewc aansluiten op mijn toilet?
Een eenvoudige bidetsproeier sluit je aan door een T-stuk in de koudwatertoevoer naar het reservoir te zetten. Je hebt dan een aansluiting van een halve inch naar drie achtste nodig en een extra hoekstopkraan, zodat je de sproeier apart kunt afsluiten. Voor een elektrische douchewc heb je daarnaast een geaarde wandcontactdoos in de toiletruimte nodig, aangesloten via een groep met aardlekschakelaar. Controleer voordat je koopt of jouw pot geschikt is, want lang niet elke zitting past op elk keramiek.
Kan ik het glazuur van een wc pot herstellen?
Voor kleine beschadigingen bestaat er reparatieglazuur op basis van twee componenten. Dat werkt cosmetisch redelijk, maar het is niet zo hard als gebakken glazuur en het slijt in een pot die dagelijks gebruikt wordt. Zit er een glazuurdruppel op de uitlaat van de pot, waardoor de afdichtring niet rondom sluit, dan is voorzichtig wegslijpen soms de oplossing en anders alleen vervangen. Bij een haarscheur in het keramiek is repareren geen optie, want die zet zich onder belasting altijd door.
Wat zijn de nadelen van een verkort toilet?
Een verkorte pot van 47,5 centimeter wint je vijf tot zes centimeter loopruimte, en dat is in een smal hokje veel. De nadelen merk je pas als je erop zit. Je zit verder naar voren en dichter bij de rand, wat vooral mannen als onprettig ervaren, en de watervlakken in een korte pot zijn kleiner waardoor een vlakspoelend model harder spettert. Ook de bril is een aandachtspunt: voor korte potten is de keuze in modellen beperkter en universele brillen steken er vaak net overheen. Heb je meer dan zestig centimeter vrije ruimte voor de pot, kies dan een gewone lengte.
Hoe lang moet de kit drogen voordat je het toilet weer gebruikt?
Sanitairkit is na ongeveer een uur huiddroog, maar dat zegt weinig over de sterkte. De kit hardt uit van buiten naar binnen met ongeveer twee millimeter per etmaal, dus een normale naad is pas na een dag of twee echt belastbaar. Houd 48 uur aan voordat er iemand op de pot gaat zitten en voordat je gaat schoonmaken. Zet tijdens het uitharden gewicht op de pot, bijvoorbeeld een gereedschapskoffer, zodat de naad in de belaste stand droogt en niet meteen scheurt als de eerste gebruiker gaat zitten.
Waarom blijft mijn sanibroyeur brommen zonder dat er iets wegloopt?
Brommen betekent dat de motor spanning krijgt maar niet vrij kan draaien. In de praktijk zit er dan iets vast tegen het mes, meestal een vochtig doekje, een tampon of een klomp kalk, of de aanloopcondensator is op. Haal het apparaat eerst spanningsloos, wacht een paar minuten en probeer opnieuw: bij lichte storingen reset hij zichzelf daarmee. Blijft het brommen, dan moet het deksel eraf en het maalwerk vrijgemaakt worden. Ontkalken doe je met schoonmaakazijn of citroenzuur, nooit met zoutzuur, en voorkomen doe je door er alleen toiletpapier doorheen te laten gaan.
Ik heb een toiletblok doorgespoeld, moet ik iets doen?
Het blokje zelf lost op, het kunststof korfje niet. Dat korfje blijft meestal steken in de zwanenhals van de pot en laat er nog net water langs, waardoor je een halve verstopping overhoudt die per spoeling erger wordt. Blijf dus niet doortrekken in de hoop dat het meegaat. Probeer het eerst met een ontstoppingsveer via de pot, waarbij je draait en niet duwt. Krijg je hem daarmee niet te pakken, dan is de pot van de wand halen en buiten omspoelen de zekere weg. Is er een toiletblok in de wc gevallen zonder dat je hebt doorgespoeld, dan is het gewoon met een handschoen eruit te vissen.
Kan ik een hangend toilet zelf vervangen?
Ja, mits het frame blijft zitten. Dan is het een kwestie van de watertoevoer afsluiten, de kitrand doorsnijden, de pot van de draadeinden trekken en de nieuwe pot op dezelfde manier terughangen. De filmpjes op YouTube waarin een hangend toilet vervangen wordt, slaan alleen bijna allemaal het lastigste over: het afstellen van de hulzen op de draadeinden, gemeten vanaf het tegelwerk. Meet die maat op voordat je de oude pot weghaalt, want dan weet je zeker dat de nieuwe op dezelfde afstand van de wand komt. Moet ook het frame eruit, dan wordt het sloop- en tegelwerk.
Waarom spettert een randloos toilet?
Bij een randloze pot loopt het spoelwater over een open, vlakke geleiding in plaats van onder een gesloten rand door. Komt dat water er met te veel druk of te veel volume uit, dan schiet het aan de voorzijde over de rand heen. Controleer eerst of de pot echt waterpas hangt, want een pot die een paar millimeter naar voren staat spettert veel eerder. Zet daarna het spoelvolume terug naar zes liter als het hoger staat ingesteld. Bij de montage van een randloze pot, zoals een Geberit iCon Rimfree, is dat waterpas hangen belangrijker dan bij een gewone pot met spoelrand.
Wat heb je nodig om een toiletdouche aan te leggen?
Een toiletdouche aansluiten begint bij de hoekstopkraan achter of naast de pot. Daar zet je een T-stuk of een doorvoerkraan van een halve inch tussen, met een aftakking van drie achtste naar de slang van de handdouche. Neem er een keerklep of een aansluiting met terugstroombeveiliging bij, zodat er geen water uit de slang terug de leiding in kan lopen. Wil je ook warm water, dan heb je een tweede leiding en een kleine mengkraan nodig, en dat is bij een bestaande wc meestal het punt waarop het werk groter wordt dan gedacht. Hang de douche zo hoog dat de kop nooit in het water van de pot kan hangen.
Kun je een regenton aansluiten op het toilet?
Technisch kan het, maar niet door de regenton even op de bestaande toevoer te zetten. Regenwater en leidingwater mogen elkaar nergens kunnen raken, dus je legt een aparte leiding naar het reservoir, met een pompje met vlotter, een filter en een leiding die als geen drinkwater herkenbaar is. Een terugval op leidingwater als de ton leeg is, mag alleen via een onderbreking met een vrije uitloop, en dat is werk voor een installateur. Reken er verder op dat ongefilterd regenwater aanslag en geur in de bak geeft en dat de leiding vorstvrij moet liggen.