Lamp vervangen zonder het armatuur te slopen
Een lamp vervangen kost zelden meer dan tien minuten, maar het armatuur openkrijgen wel. Zoek daarom eerst uit hoe de spot of de kap opengaat: met een ringveer, met een kwartslag of met een klemring die je eerst moet indrukken. Neem de oude lamp mee naar de winkel of fotografeer de opdruk op de voet, want fitting, lengte, spanning en dimbaarheid moeten alle vier kloppen. Bij tl, pl en 12 volt halogeen bepaalt het voorschakelapparaat of de trafo of een ledvervanger zomaar werkt.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Stevige trapladder met een breed platform
- Tweepolige spanningstester om te controleren of de fitting echt spanningsloos is
- Zuignapje voor gladde spotjes, of een dik elastiek voor extra grip
- Set kleine schroevendraaiers, plat 3 mm en een kleine kruiskop
- Punttang en een combinatietang voor klemmetjes en lipjes
- Schuifmaat of rolmaat om lamplengtes en buislengtes op te meten
- Boormachine met een boor van 3 mm om een popnagel uit te boren
- Multimeter om een fitting, schakelaar of driver door te meten
- Doekje of dunne handschoen om halogeenglas niet met blote vingers aan te raken
Materiaal
- Vervangende lamp met dezelfde voet, spanning en kleurcode
- Dummy starter of ledstarter bij een ledbuis in een bestaand tl-armatuur
- Led-driver of led-geschikte trafo bij 12 volt spotjes
- Lasklemmen om draden weer netjes te verbinden
- Universele lamphouder E27, met of zonder trekschakelaar
- Plaatschroefjes om een uitgeboorde popnagel te vervangen
- Sticker of stukje tape om een omgebouwd armatuur te merken
Zo zie je welke lamp er in het armatuur zit
Bij bijna al het werk aan de verlichting in en om het huis begint het met dezelfde vraag: wat zit erin? De fitting bepaalt welke lamp erin past, de spanning bepaalt of er ergens een trafo hangt, en de maat bepaalt of het glaasje straks nog achter de veer valt.
De snelste route is de oude lamp eruit halen en de opdruk op de voet lezen. Daar staat vrijwel altijd het type fitting, het vermogen, de spanning en de kleurcode. Staat er 12V op, dan hoort er een trafo bij. Staat er 230V op, dan zit de lamp rechtstreeks op het lichtpunt.
Lukt lezen niet omdat de opdruk vervaagd is, dan zegt de vorm genoeg. Twee dikke pennen met een verdikking aan het uiteinde die je een kwartslag draait is een gu10 op 230 volt. Twee dunne rechte pennetjes die je er recht uittrekt is een steekfitting op 12 volt. Een schroefdraad van 27 millimeter is de bekende E27, die van 14 millimeter de kleine E14.
De cijfers achter het vermogen gaan over het licht zelf. Het eerste cijfer staat voor de kleurweergave, de twee daarna voor de kleurtemperatuur. Zo is 827 warm geel licht van 2700 kelvin en 840 het koelere wit van 4000 kelvin. Vervang je één lamp in een rij van vier, neem dan exact dezelfde code, anders zie je van een meter afstand welke de nieuwe is.
| Voet of fitting | Hoe hij eruitziet | Waar je hem tegenkomt | Spanning | Ledvervanger |
|---|---|---|---|---|
| E27 | Grote schroefdraad | Plafondlamp, staande lamp, buitenlamp | 230 volt | Direct te vervangen |
| E14 | Kleine schroefdraad | Kroonluchter, sfeerhaard, afzuigkap | 230 volt | Direct te vervangen |
| Gu10 | Twee dikke pennen met een knopje, kwartslag draaien | Inbouwspot en opbouwspot | 230 volt | Direct te vervangen, let op de lengte |
| Gu5.3, ook wel MR16 | Twee dunne pennen, recht insteken | Oudere inbouwspots en keukenspots | 12 volt | Alleen met een geschikte trafo |
| G9 | Klein lusje van gebogen draad | Steekfitting in wand- en plafondlampen | 230 volt | Direct te vervangen |
| G4 en gy6.35 | Twee korte rechte pennetjes, 4 of 6,35 mm uit elkaar | Onderbouwspot in de keuken, bureaulamp | 12 volt | Alleen met een geschikte trafo |
| G13 en G5 | Twee pennetjes aan beide uiteinden van een buis | Tl-armatuur in garage, berging en keuken | 230 volt via een ballast | Pas na aanpassen van het armatuur |
| G23 | Tweepins pl-s buisje met kunststof voet | Afzuigkap, badkamerarmatuur, buitenlamp | 230 volt via een ballast | Meestal direct, mits het juiste type |
| G24d en g24q | Twee of vier pennen, pl-c buisje | Hal-, kantoor- en gangarmaturen | 230 volt via een ballast | Meestal pas na ombouw |
| 2G11 | Vier pennen op een rij, lange pl-l buis | Plafond- en wandarmaturen | 230 volt via een ballast | Meestal pas na ombouw |
| R7s | Staaflamp met een metalen dopje aan beide kanten | Halogeen vloerlamp, bouwlamp, gevelspot | 230 volt | Direct, mits de lengte exact klopt |
| G12 | Twee stevige pennen, keramische voet | Cdm-t winkel- en gevelverlichting | 230 volt via ballast en ontsteker | Alleen na overbruggen van de ballast |
Maak met je telefoon een foto van de voet van de oude lamp voordat je naar de winkel gaat, met een zaklamp erop van opzij. De opdruk is vaak grijs op grijs en met tegenlicht lees je hem beter dan met het blote oog op een trapje.
Een spotje uit het plafond krijgen zonder schade
Wie inbouwspotjes wil vervangen, loopt zelden vast op de lamp maar op de ring eromheen. Er zijn drie manieren waarop een inbouwspot of een plafondspot dichtzit, en met kracht trekken is bij geen van de drie de bedoeling.
De eerste is de losse ringveer, een metalen beugeltje met twee oogjes dat over het glas klemt. Knijp de oogjes naar elkaar toe, haal de veer eruit en trek de lamp recht uit de fitting. De tweede is een klemring: druk de buitenste ring tegen het plafond en trek tegelijk de binnenste ring naar beneden. Dat vraagt meer kracht dan je durft te geven, terwijl er niets kapotgaat.
De derde is een bajonetsluiting en die kost de meeste mensen hun geduld. Het lampje zit dan in een binnenring met ribbels die je eerst iets omhoog moet duwen en daarna een achtste tot een kwartslag linksom moet draaien. Pas als je die twee bewegingen tegelijk maakt, komt de ring los en zakt het geheel naar beneden. Zonder dat duwtje blijft hij zitten, hoe hard je ook draait.
Bij een kantelbare spot moet het lampje er aan de kant van de fitting uit, niet aan de glaskant. Kantel de spot eerst zo ver mogelijk door, zodat je met twee vingers achter de fitting kunt, en draai dan de fitting van de lamp af met een kleine slag linksom. Weet je hoe zo'n gu10 fitting van binnen in elkaar zit, dan voel je sneller welke kant op je moet draaien.
| Wat je ziet | Wat voor sluiting het is | Zo krijg je het lampje eruit |
|---|---|---|
| Losse metalen beugel met twee oogjes over het glas | Ringveer of spanveer | Oogjes naar elkaar knijpen, veer eruit, lamp recht uittrekken |
| Twee of drie brede veerpoten tegen het plafond | Inbouwveren van de spot zelf | Hier niet aan trekken, die houden alleen de behuizing vast |
| Binnenring met ribbels, zwart of wit | Bajonetsluiting | Lampje omhoog duwen, ring op de ribbels pakken en linksom draaien |
| Glad glas zonder rand, niets om vast te pakken | Gu10 in een vaste ring | Zuignap of elastiek tegen het glas, indrukken en kwartslag linksom |
| Spot die je met de hand kunt richten | Kantelbare spot | Eerst ver doorkantelen, dan de fitting van de lamp draaien |
| Vaste ring, lamp beweegt nergens in mee | Vast ingebouwde ledmodule | Geen los lampje aanwezig, de hele spot moet eruit |
| Driehoekig spotje onder een keukenkastje | Geklemde glasring | Ring met een platte schroevendraaier openwippen, steeklampje recht uittrekken |
Een gladde ledspot draai je bijna niet los met droge vingers. Een zuignapje werkt, maar een dik elastiek dat je tegen het glas drukt werkt vaak beter, omdat het rubber de rand van het glas pakt in plaats van alleen het midden.
Trek nooit aan de hele spot om hem uit het plafond te wippen. De veerpoten aan de zijkant snijden dan in de gipsplaat en je gat wordt een halve centimeter groter dan de ring. Wil je toch één spot uitnemen om te zien hoe hij in elkaar zit, druk de veerpoten dan eerst met twee vingers naar boven en begeleid hem naar beneden.
Halogeen spotjes vervangen door led en wat de trafo daarmee te maken heeft
Halogeen spotjes in de keuken of badkamer zijn er in twee smaken en het verschil zit niet in het lampje maar in de voeding. Een gu10 op 230 volt zit rechtstreeks op het lichtpunt en vervang je zonder verder nadenken door led. Een gu5.3 op 12 volt hangt achter een trafo, en dan wordt het interessant.
Boven het plafond of op zolder vind je per spot of per set een kastje. Een elektronische trafo heeft vrijwel altijd een minimumbelasting op de opdruk staan, bijvoorbeeld 20 tot 70 watt. Vervang je twee halogeenlampjes van 35 watt door twee ledjes van samen tien watt, dan komt hij niet meer boven zijn ondergrens en gaat hij knipperen, brommen of helemaal niet meer starten. De ledlamp is dan niet stuk, de trafo herkent hem alleen niet als belasting.
Een zware gewikkelde trafo met ijzerkern doet het meestal wel met led, maar de uitgangsspanning loopt bij weinig belasting op en dat is niet wat een ledlampje graag ziet. Zet je alle lampen van die trafo om naar led, vervang dan meteen de trafo door een led-driver. Die mag veel kleiner en lichter zijn dan het oude blok: twee halogeenlampjes van 50 watt op 12 volt trekken samen ruim acht ampère, terwijl twee ledlampjes van 5,5 watt nog geen ampère nodig hebben. Dat gewicht scheelt bij een lamp die aan een oud plafond hangt.
Gebruik voor die vervanging geen oude laadadapter van een printer of telefoon uit de kringloop. Zo'n adapter geeft gelijkspanning, is niet gemaakt voor vaste inbouw boven een plafond en heeft de beveiliging niet die een verlichtingstrafo wel heeft. Een led-driver kost een paar tientjes. Ga je meerdere sets tegelijk omzetten, tel dan het totale vermogen op en controleer met de rekenhulp voor groepen en vermogen of je lichtgroep het aankan.
Zit er helemaal geen trafo maar draaien er kleine steeklampjes met twee pinnetjes in, dan heb je met halogeen steeklampjes van het type g4 of gy6.35 te maken. Die trek je er recht uit en die zitten altijd achter een trafo. Verwar zo'n verlichtingstrafo trouwens niet met de kleine trafo achter de deurbel, die op een heel ander vermogen en een andere spanning werkt.
Halogeen gy6.35 vervangen door led
De gy6.35 is het capsulelampje van 12 volt met twee rechte pennetjes op 6,35 millimeter uit elkaar, in vermogens van 20, 35 en 50 watt. Je komt hem tegen in bureaulampen, onderbouwspots en kleine designarmaturen. Laat hem eerst afkoelen en trek hem er recht uit zonder te wrikken, want de keramische houder is broos.
Let bij de nieuwe led op het verschil tussen g6.35 en gy6.35. De pennen staan even ver uit elkaar, maar die van de gy zijn dikker: 1,25 millimeter tegen 1 millimeter. Een te dun pennetje in een gy-houder maakt slecht contact, loopt warm en verkleurt de houder, dus koop een capsule die voor beide voeten is opgegeven of meet de pennen van de oude lamp na.
Kies een uitvoering die op wisselspanning mag draaien. Een halogeentrafo geeft 12 volt wisselspanning, terwijl veel goedkope ledcapsules alleen voor gelijkspanning zijn gemaakt: op de verpakking staat dan 12V DC in plaats van 12V AC/DC. Vergelijk daarbij op lumen en niet op watt, want een led van drie tot vier watt haalt ruwweg het licht van een halogeen van twintig watt.
De voeding is ook hier het struikelblok. Zet alle capsules achter dezelfde trafo in één keer om, en vervang die trafo door een driver zodra er een minimumbelasting op de opdruk staat. Blijft er één halogeenlampje hangen om de trafo aan de praat te houden, dan werkt dat wel, maar je houdt de stroomrekening van het oude lampje en het verschil in lichtkleur zie je meteen.
Pas de lamp voor je alles dichtmaakt. Een ledcapsule is door het koellichaam dikker en vaak een paar millimeter langer dan de halogeenversie, en achter een glasring of in een smal onderbouwspotje is dat net te veel. De led straalt bovendien vooral naar voren, dus in een armatuur waar het licht rondom door mat glas moet, valt de verdeling anders uit.
| Wat er boven het plafond hangt | Hoe je hem herkent | Werkt hij met led? | Wat je doet |
|---|---|---|---|
| Gewikkelde trafo met ijzerkern | Zwaar blok van enkele honderden grammen, bromt soms zacht | Meestal wel, maar de spanning loopt op bij weinig belasting | Vervangen zodra alle lampen op die trafo led zijn |
| Elektronische trafo met minimumbelasting | Licht kunststof kastje met bijvoorbeeld 20 tot 70 watt op de opdruk | Nee, onder de ondergrens knippert of start hij niet | Vervangen door een driver die vanaf nul watt werkt |
| Led-driver constante spanning | Opdruk 12V DC of constant voltage | Ja | Alleen het totale wattage van alle lampen samen bewaken |
| Led-driver constante stroom | Opdruk in milliampère, bijvoorbeeld 350 of 700 mA | Alleen met de bijbehorende ledmodules | Module en driver als set vervangen |
| Geen trafo, 230 volt op de fitting | Gu10 lampen, opdruk 230V op de lamp | Ja | Lamp voor lamp vervangen, verder niets nodig |
| Dimmer in de muur voor de trafo | Draaiknop of drukdimmer, vaak oud fabricaat | Alleen met dimbare led en een dimmer die daarbij past | Ledgeschikte dimmer plaatsen, anders knippert het licht |
Eén trafo voedt vaak meerdere spots. Vervang je er dan één door led en laat je de rest halogeen, dan hangt er een mengeling aan dezelfde voeding en gaat de ledlamp meestal knipperen. Zet per trafo alles tegelijk om.
Gu10-lampen die net niet meer passen
De gu10 voet is genormeerd, de rest van de lamp niet. Dat is de reden dat een nieuwe ledlamp met dezelfde voet toch niet in een twaalf jaar oude spot wil. Het glaasje aan de voorkant is een fractie dikker of de lamp is een paar millimeter langer, waardoor het groefje waar de ringveer in moet vallen bedekt blijft.
Het is dus geen fout van jou en ook geen defect. Meet de oude en de nieuwe lamp naast elkaar op met een schuifmaat: de kop is bij allebei vijftig millimeter, maar de totale lengte verschilt vaak vijf millimeter of meer. Een halogeen gu10 is kort, een ledversie heeft een koelrib nodig en is daardoor langer.
Wat helpt is de ring een keer uit het plafond nemen en bij daglicht kijken waar de lamp precies aanloopt. Vaak is het een randje of een braampje dat je met een vijl of een velletje schuurpapier weghaalt, en dan valt de veer alsnog in de groef. Lukt dat niet, dan is een lagere ledspot met een platte kop de volgende optie.
Zet het lampje in dat geval niet met twee dotjes kit of lijm vast. Dat werkt één keer, maar de volgende lamp krijg je er niet meer uit zonder de spot te slopen.
Zit de spotlamp aan een rail of aan een losse beugel in plaats van in het plafond, dan kun je het armatuur in je hand nemen en onder ooghoogte kijken waar het klemt. Blijkt geen enkel merk te passen, dan is de complete spot vervangen de nette oplossing. Dat valt vaak mee: veel inbouwspots zitten met een steekverbinding aan de bedrading, dus losklikken, nieuwe spot aanklikken en terugduwen.
Let bij dimbare gu10 nog op iets anders. Een oude fasedimmer heeft een minimumbelasting van bijvoorbeeld veertig watt en drie ledlampjes van vijf watt halen dat nooit. Het licht knippert dan of gaat op de laagste stand uit. Er zijn dimmers speciaal voor led die vanaf een paar watt werken, en die zijn de goedkoopste stap in dit rijtje.
| Wat je meet of vergelijkt | Halogeen gu10 | Led gu10 | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|
| Diameter van de kop | 50 mm | 50 mm | Zelden een probleem, dit is de genormeerde maat |
| Totale lengte | Ongeveer 52 mm | 54 tot 58 mm | De lamp komt niet diep genoeg in de ring, de veer valt niet in de groef |
| Voorkant van de lamp | Dun glas, vlakke rand | Vaak dikker glas met een kunststof kraag | De kraag bedekt precies de groef waar de spanveer in hoort |
| Vermogen | 35 tot 50 watt | 3 tot 7 watt | Een oude dimmer haalt zijn minimumbelasting niet meer |
| Warmte | Zeer heet, straalt naar voren | Warme koelrib aan de achterkant | In een dichtgestopt of geïsoleerd plafond gaat de led vroeg stuk |
| Straalhoek | 36 graden | 36 tot 120 graden | Een brede led geeft vlakker licht dan de bundel die je gewend was |
Koop eerst één lamp en pas hem in de spot voordat je een set van tien haalt. Dat scheelt een retourzending en je weet meteen of de kleurtemperatuur bij de rest van de verlichting past.
Tl vervangen door led
Een tl-buis vervangen door led kan op drie manieren en het verschil zit in het armatuur, niet in de buis. De eerste manier is een ledbuis met een dummy starter, in een armatuur met een klassiek voorschakelapparaat. Bij de tweede strip je het armatuur: ballast en starter eruit, 230 volt rechtstreeks op de voetjes volgens het schema dat bij de buis zit. Wie van dat gedoe af wil, vervangt het hele armatuur door een ledbalk.
Welke manier kan, hangt af van wat erin zit. Een klassieke ballast is een zwaar spoeltje met een aparte startertje ernaast. Een elektronische ofwel hoogfrequente ballast heeft geen starter en daar werkt vrijwel geen enkele ledbuis op, dus die moet er sowieso uit. Kijk dus eerst of er een starter in het armatuur zit voordat je een type buis bestelt.
Neem niet hetzelfde vermogen terug. Een ledbuis heeft ongeveer de helft nodig van wat de tl-buis trok voor evenveel licht. Een 58 watt buis vervang je door 22 tot 26 watt led, een 36 watt buis door 16 tot 18 watt en een tl 18w door 8 tot 10 watt. Een klein T5 buisje van 8w komt uit op 4 tot 5 watt aan led. Twee keer 18 watt aan led in een armatuur waar twee tl-buizen van 18 watt zaten geeft zo veel licht dat je het er weer uit wilt halen.
De besparing is er wel degelijk, maar reken hem eerlijk uit. Een buis van 58 watt met een klassieke ballast trekt in de praktijk rond de 68 watt uit de groep, want die ballast kost zelf ook zo'n tien watt. Ga je naar 24 watt led, dan zit je ruim zestig procent lager. Bij een werkplaats of garage die de hele dag brandt is dat binnen een paar jaar terug, bij een berging waar het licht een half uur per dag aan is duurt het langer dan de buis meegaat. Daar mag de oude buis rustig blijven hangen tot hij op is.
Twee hardnekkige verhalen kloppen niet helemaal. Tl-buizen slurpen bij het aanzetten geen enorme hoeveelheid stroom: er is een korte piek en die valt bij normaal gebruik in het niet. En een tl-buis vergeelt niet, hij levert alleen steeds minder licht, na een paar jaar nog maar zeventig tot tachtig procent van het begin. Dat een ruimte na de overstap zo veel lichter is, komt dus deels door de verse lamp en door de kleur. Zet je 840 in plaats van 830, dan is het licht witter en ervaart het oog dat als helderder. Neem meteen een doek door het armatuur, want stof op de reflector kost ook licht. Wil je alleen een versleten buis vervangen door een nieuwe tl, dan staat het wisselen van een tl-buis in het bestaande armatuur apart uitgelegd.
Buizen waarvan het vermogen niets over de lengte zegt
Bij de gangbare maten hoort een vast vermogen bij een vaste lengte, maar bij de minder gebruikelijke buizen gaat die vlieger niet op. Een buis van 16 watt bestaat in meer dan één lengte, in een T5 en in een T8 uitvoering. Meet daarom van pin tot pin op voordat je bestelt, en noteer erbij of de buis zestien millimeter dik is, dat is T5, of zesentwintig millimeter, dat is T8.
Het buisje achter een badkamerspiegel
In oudere spiegelarmaturen zit vaak een dun T5 buisje van 8 of 13 watt, en soms een pl-s lampje. Die zijn los te vervangen zolang de kap eraf kan, meestal met twee schroefjes aan de onderkant. Zit er in plaats daarvan een ledstrip achter een matte kunststof rand, dan is er geen lampje en gaat het om een compleet armatuur.
| Buis | Lengte | Voet | Ledvervanger |
|---|---|---|---|
| T8 van 15 watt | 45 cm | G13 | 6 tot 8 watt |
| T8 van 18 watt | 59 cm | G13 | 8 tot 10 watt |
| T8 van 30 watt | 90 cm | G13 | 12 tot 15 watt |
| T8 van 36 watt | 120 cm | G13 | 16 tot 18 watt |
| T8 van 58 watt | 150 cm | G13 | 22 tot 26 watt |
| T5 van 8 watt | 29 cm | G5 | 4 tot 5 watt |
| T5 van 14 watt | 55 cm | G5 | 7 tot 8 watt |
| T5 van 21 watt | 85 cm | G5 | 10 tot 12 watt |
| T5 van 28 watt | 115 cm | G5 | 14 tot 16 watt |
| T5 van 35 watt | 145 cm | G5 | 16 tot 20 watt |
Haal de groep eraf voordat je een tl-armatuur ombouwt. Je werkt dan aan bedrading die rechtstreeks op het lichtpunt zit. Plak na het ombouwen een sticker in het armatuur met de tekst dat de ballast overbrugd is en er alleen led in mag. Wie er over vijf jaar een gewone tl-buis in draait, sluit die anders direct op 230 volt aan.
Pl-lampen vervangen door led
Een pl-lamp is een opgevouwen tl-buis met een kunststof voet, en je vindt hem in afzuigkappen, badkamerarmaturen, buitenlampen en gangverlichting. Op de voet staat bijvoorbeeld 7W/827/2P of 11W/827/2P: het vermogen, warm wit van 2700 kelvin en twee pinnen. Precies dat laatste cijfer bepaalt of een ledvervanger er zomaar in kan. Op verpakkingen zie je de naam soms zonder streepje geschreven, als pls of plc, maar dat is dezelfde lamp.
Een tweepins pl-lamp heeft de starter in de voet ingebouwd en draait op een klassiek voorschakelapparaat. Een ledvariant met dezelfde tweepins voet, bijvoorbeeld een led pl-s met g23-voet, is gemaakt om die lamp één op één te vervangen en werkt daarom in de meeste gevallen gewoon op de bestaande ballast. Hangt er een hoogfrequente elektronische ballast in, dan lukt dat niet en moet je die overbruggen.
Bij een vierpins pl-lamp zit er geen starter in de voet en loopt alles via de ballast. Daar bestaan ledbuisjes voor in een variant voor conventionele ballasten en een variant voor rechtstreekse voeding. De veiligste route is dan het overbruggen van de ballast en 230 volt direct op de fitting zetten, precies zoals het schema op de ledlamp aangeeft.
Let ook op de ruimte. Een led pl-lamp is bijna altijd een stukje dikker dan het originele buisje, omdat er elektronica en een koelprofiel in zitten. In een vlak afzuigkapkastje of achter een strak spiegelkapje kan dat betekenen dat het klepje net niet meer dichtgaat. Houd de lamp er eerst even naast voordat je het armatuur uit elkaar haalt.
De oude pl-lampen, tl-buizen en spaarlampen horen niet bij het restafval. Er zit een kleine hoeveelheid kwik in en ze gaan naar het inleverpunt of de milieustraat. Een kapotte buis veeg je op met een vochtig doekje in plaats van met een stofzuiger.
| Type | Voet | Gangbare vermogens | Pinnen | Zo zet je hem om naar led |
|---|---|---|---|---|
| Pl-s | G23 | 5, 7, 9 en 11 watt | 2 | Ledvariant met g23-voet werkt meestal direct op de klassieke ballast |
| Pl-s vierpins | 2G7 | 5 tot 11 watt | 4 | Ballast overbruggen en 230 volt op de fitting |
| Pl-c | G24d | 10, 13, 18 en 26 watt | 2 | Ledvariant voor klassieke ballast, of ballast overbruggen |
| Pl-c | G24q | 10 tot 26 watt | 4 | Ballast overbruggen en 230 volt op de fitting |
| Pl-t | Gx24d of gx24q | 13 tot 42 watt | 2 of 4 | Ballast overbruggen, controleer de hoogte in het armatuur |
| Pl-l | 2G11 | 18, 24, 36 en 55 watt | 4 | Ballast overbruggen, let goed op de lengte van de buis |
| Spaarlamp | E27 of E14 | 7 tot 20 watt | Schroefdraad | Direct vervangen door led, alle elektronica zit in de lamp zelf |
Twijfel je of er een klassieke of een hoogfrequente ballast in zit? Een klassieke ballast is een zwaar spoeltje van een paar honderd gram en de lamp knippert een paar keer bij het opstarten. Een hoogfrequente ballast is licht, heeft vaak een typeaanduiding met HF erin en de lamp gaat zonder knipperen aan.
Een plafondlamp, plafonniere of hanglamp openkrijgen
Bij een plafondlamp zit de moeilijkheid in de kap. Een glazen bol hangt meestal aan drie of vier klemmetjes, en bij de meeste modellen is er één klem verend zodat je de bol een halve centimeter naar die kant kunt schuiven en er dan uit kunt kantelen. Duw dus niet recht naar beneden maar zoek eerst welk klemmetje meegeeft.
Andere modellen hebben een schroefring of een kraag die je een slag linksom draait, of een centrale knop onderaan de bol. Zie je alleen klinknagels en geen enkele schroef, dan is dat vaak een teken dat de beugel zelf kan zakken. Onder de nagel zit dan een sleufgat: zet aan beide kanten een schroevendraaier tussen beugel en plafond en wrik de beugel een paar millimeter naar beneden, dan komt er ruimte om het glas eruit te nemen.
Zit alles muurvast, dan zijn er nog twee wegen. De eerste is de lipjes van de glasklemmen voorzichtig een stukje naar buiten buigen met een punttang, met je andere hand onder het glas. De tweede is de popnagel uitboren met een boortje van 3 millimeter en er daarna een klein plaatschroefje in zetten. Dan kun je de lamp de volgende keer gewoon openen zonder gedoe.
Kom je er niet bij zonder de hele lamp los te nemen, haal dan eerst de groep eraf en pak het van bovenaf aan. Hoe je zo'n armatuur daarna weer netjes terughangt en met een haak of een beugel aan het plafond bevestigt, staat bij het ophangen van een lamp aan het plafond.
Sla nooit het glas kapot om erbij te komen. Het klinkt als een snelle uitweg, maar je zit met scherven in het armatuur, in de fitting en op de vloer, en de kap is meestal niet los na te bestellen. Ombuigen van een lipje is bijna altijd te herstellen, gebroken glas niet.
Een fitting vervangen bij een staande lamp of een steeklampje
Soms is niet de lamp stuk maar de fitting. Bij een staande lamp merk je dat aan een lamp die alleen brandt als je hem aandrukt, of aan een schakelaar die wel klikt maar niets doet. Haal eerst de stekker eruit, dat is bij een verplaatsbare lamp genoeg. Zit de lamp vast aan het lichtpunt, haal dan de groep eraf.
De volgorde is dan altijd hetzelfde: lamp eruit draaien, de moer of ring van de kap los, de kap eraf, en daarna de tweede moer waarmee de fitting op de buis staat. Nu heb je de fitting los in je hand. Een E27 fitting bestaat uit drie delen: een onderstuk met schroefdraad, een mantel eromheen en de kap. Van binnen zit één of twee lipjes die je met een kleine platte schroevendraaier indrukt terwijl je draait, anders blokkeert hij halverwege.
Blijft hij muurvast zitten, dan mag hij eraan. Je vervangt hem toch, dus een tik met een hamer of het huis kraken met een tang kan gewoon. Een universele lamphouder van rond de tien euro past er daarna op, want de schroefdraad waar de moeren van de lampenkap op vallen is een standaardmaat. Van zo'n universele houder gebruik je vaak alleen het onderste deel en laat je het bovenste deel zitten als dat nog heel is.
Wil je een fitting met trekschakelaar, houd er dan rekening mee dat een goedkope trekfitting door het trekken scheef gaat staan in de kap. Een snoerschakelaar in de kabel of een schakelaar in de stekker gaat langer mee. Kies je toch voor een trekschakelaar, meet dan bij een nieuwe fitting eerst met een multimeter of de schakelaar doorgang maakt, want ook nieuwe fittingen komen soms met een schakelaar die wel klikklakt maar niets schakelt.
Bij een steekfitting is er geen schroefdraad. Een g4, gy6.35 of g9 steeklampje trek je er recht uit en duw je er recht in, zonder te draaien. Is de keramische houder verbrand of zwart aan de contacten, vervang dan de hele houder met een paar centimeter draad en zet hem met lasklemmen terug. De aansluiting zelf gaat hetzelfde als bij het aansluiten van een lamp, en zit er geen aardedraad in de lamp, dan volg je de aanpak voor een lamp met twee draden.
Zet de bruine draad op het middencontact van een E27 en de blauwe op de schroefdraad. Dan staat de zichtbare metalen schroefdraad niet onder spanning zodra je een lamp indraait terwijl de schakelaar per ongeluk aan staat.
Lampen die vast ingebouwd zitten of een eigen aanpak vragen
Niet elke lamp is een lamp. Bij een groeiend deel van de armaturen zit de led vast in de behuizing en is er geen los lampje dat je eruit kunt halen. Je herkent dat aan een vaste ring zonder klemmen en aan een lichtvlak dat één geheel is met de spot.
In dat geval vervang je de complete spot. Kijk daarbij eerst hoe hij gevoed wordt, want deze spots hangen vaak met steekverbindingen doorgelust aan één driver. Zit die driver ergens boven het plafond en is die op een bepaald aantal watt gekozen, dan kun je er niet zomaar een spot van een ander merk bij hangen. Meet met een multimeter wat er uit de driver komt voordat je iets bestelt, want in de praktijk gaat de driver vaker stuk dan de leds zelf.
Kies je toch voor vervanging, neem dan een spot met een gu10 fitting in plaats van weer een vaste ledmodule. Dan kun je de volgende keer een lampje kopen in plaats van een armatuur, en je kunt de kleurtemperatuur later nog bijsturen als één spot afwijkt van de rest.
Voor een aantal bijzondere lampen ligt de aanpak anders dan je verwacht. Een staaflamp met r7s-voet meet je op de millimeter na op, want 78 en 118 millimeter lijken op het oog hetzelfde en een ledversie is bovendien dikker en straalt maar naar één kant. Een lamp in een elektrische sfeerhaard zit vaak op de elektronica van het vlameffect en gaat met led knipperen. En noodverlichting is geen gewone lamp, want daar zit een accu in die het eigenlijke onderdeel is dat na een paar jaar op is.
Halogeen staaflampen en de opvolger in led
De halogeen staaflamp in een vloerlamp of een gevelspot is er in twee lengtes en in vermogens tot 150 watt en hoger. Een zuinige halogeen staaflamp zoals de es line van Philips levert bij minder watt hetzelfde licht, maar de echte stap is een led r7s. Meet de oude lamp op van dopje tot dopje, want een lamp van 118 millimeter past niet in een houder voor 78 millimeter en andersom valt hij eruit.
Twee dingen gaan bij deze omzetting vaak mis. De ledversie is een stuk dikker dan de dunne halogeen staaf, dus in een smalle glazen koker of achter een strak roostertje kan hij klem komen te zitten. En de led straalt maar naar één kant, dus draai hem met de lichtzijde de goede kant op voordat je de kap terugzet. Hangt de lamp aan een dimmer, kies dan een uitvoering die als dimbaar op de verpakking staat.
Verlichting in de badkamer en buiten
In de badkamer en buiten telt naast de fitting ook de bescherming tegen water. Een badkamerlamp bij de wastafel en een buitenlamp naast de deur moeten minstens spatwaterdicht zijn, en in de douchezone gelden strengere eisen. Zet daarom bij het terugplaatsen de rubber pakking netjes terug in de groef en draai de wartel om het snoer weer echt aan.
Bij een buitenlamp is de fitting de plek waar het eerst misgaat. Zie je groene of witte uitslag op de contacten, dan is er vocht binnengekomen en is een schoongepoetste fitting alleen uitstel. Vervang dan de houder en controleer meteen of het gat waar de kabel doorheen komt nog goed afgedicht is.
| Lamp of armatuur | Wat erin zit | Zo pak je het aan |
|---|---|---|
| Inbouwspot met vaste ledmodule | Ledplaatje met driver in de behuizing | Hele spot vervangen, controleer of hij doorgelust is vanaf één driver |
| Verlichte badkamerspiegel | Ledstrip of dun buisje in het profiel | Eerst de voeding in het snoer doormeten, die is vaker stuk dan de strip |
| Onderbouwverlichting in de keuken | 12 of 24 volt ledbalk met steekverbindingen | Balk vervangen en de driver kiezen op het totaal van alle balkjes |
| Driehoekig keukenspotje | Steeklampje van 10 of 20 watt achter een glasring | Ring openwippen, lampje recht uittrekken, glas niet met blote vingers pakken |
| Elektrische sfeerhaard | E14 kaarslamp of een klein halogeen staaflampje | Zelfde type terugplaatsen, led knippert vaak mee op het vlameffect |
| Noodverlichting | Armatuur met accupack en testknop | Accu en lamp los te vervangen, in bedrijfsruimtes hoort een jaarlijkse controle |
| Staaflamp r7s | Halogeen staaf van 78 of 118 mm | Lengte exact meten, ledversie is dikker en heeft een lichtzijde |
| Buitenlamp | E27 of een vaste ledmodule achter glas | Pakking en wartel controleren, minimaal spatwaterdicht houden |
| Sox-e 18W | Lagedruk natriumlamp met smoorspoel | Hoort bij mast- of erfverlichting, ombouwen doet de beheerder van het armatuur |
| Cdm-t | Metaalhalogenide met ballast en ontsteker | Ballast en ontsteker eruit voor een ledvervanger, anders het hele armatuur vervangen |
De lamp is vervangen maar hij doet het niet
Een nieuwe lamp die donker blijft is meestal geen kapotte lamp. In verreweg de meeste gevallen zit hij niet ver genoeg in de fitting. Bij een gu10 moet je de lamp indrukken en de kwartslag echt doordraaien tot hij niet verder kan. Bij een E27 kunnen de contactveertjes in de bodem in de loop der jaren plat gedrukt zijn, en die buig je met de groep eraf voorzichtig een millimeter omhoog met een schroevendraaier.
Ging bij het doorbranden van de oude lamp ook de groep of de aardlekschakelaar eruit, dan is dat op zich normaal: een gloeidraad of een led kan bij het bezwijken een korte sluiting maken. Zet de groep terug met de nieuwe lamp erin en kijk of hij blijft staan. Valt hij opnieuw, dan zit het probleem in de bedrading of het armatuur en niet in de lamp.
Knippert of gloeit een ledlamp na terwijl de schakelaar uit staat, dan zit er vrijwel altijd een verklikkerlampje in de schakelaar of een dimmer in de kring. Dat lampje laat een piepklein stroompje door de led lopen, precies genoeg om hem te laten glimmen. Koppel het signaallampje af of plaats een nagloeifilter parallel aan de lamp. Zit er een dimmer in en is die van voor de ledtijd, dan is een dimmer voor led vervangen de zuinigste stap. Hoe de bedrading tussen lichtpunt en schakelaar loopt, staat bij het aansluiten van een lamp op een schakelaar.
Blijft een ledbuis donker in een tl-armatuur, dan zit de starter er nog in of is de ballast niet overbrugd. Ledbuizen die enkelzijdig gevoed worden werken niet zolang er nog spanning via de starter loopt. Vervang de starter door een dummy starter of bouw het armatuur om volgens het schema dat op de buis of de verpakking staat. Knippert een gewone tl-buis en gloeien de uiteinden op, dan is de starter versleten en kost de oplossing een paar euro. Zijn de uiteinden van de buis zwart of blauw, dan is de buis zelf op.
| Wat je ziet | Waarschijnlijke oorzaak | Wat je doet |
|---|---|---|
| Nieuwe lamp blijft donker, de rest brandt wel | Lamp zit niet goed in de fitting of de contactveertjes zijn plat | Kwartslag doordrukken, of met de groep eraf de veertjes omhoog buigen |
| De hele groep viel uit toen de oude lamp doorbrandde | Kortstondige sluiting in de bezwijkende lamp | Groep terugzetten met de nieuwe lamp erin en kijken of hij blijft staan |
| Led gloeit zwak na of knippert met de schakelaar uit | Signaallampje in de schakelaar of een oude dimmer | Verklikkerlampje afkoppelen of een nagloeifilter parallel plaatsen |
| Ledspot knippert onregelmatig | Elektronische trafo haalt zijn minimumbelasting niet | Trafo vervangen door een led-driver die vanaf nul watt werkt |
| Ledbuis blijft donker in een tl-armatuur | Starter zit er nog in of de ballast is niet overbrugd | Dummy starter plaatsen of het armatuur ombouwen volgens het schema |
| Tl-buis knippert en de uiteinden gloeien op | Versleten starter | Starter vervangen, dat kost een paar euro |
| Uiteinden van de tl-buis zijn zwart of blauw | De buis is aan het eind van zijn leven | Buis vervangen en meteen de reflector schoonmaken |
| Lamp brandt alleen als je hem aandrukt | Fitting of contactveer is versleten | Fitting vervangen, doormeten kan met een multimeter |
Zo vervang je een lamp van spanning eraf tot testen
Deze volgorde werkt voor een spotje, een plafondlamp en een staande lamp, met per stap het punt waar het meestal misgaat.
-
Zet de lamp uit en haal de groep eraf
De schakelaar uitzetten lijkt genoeg, maar in oudere installaties is soms de nul geschakeld in plaats van de fase. De fitting staat dan nog onder spanning terwijl het licht uit is. Zet daarom de betreffende groep in de groepenkast uit en controleer met een tweepolige spanningstester dat er niets meer op staat. Datzelfde doe je bij ander werk aan de installatie, bijvoorbeeld wanneer je een thermostaat wilt vervangen die op netspanning zit.
-
Zorg dat je stabiel staat
De meeste ongelukken bij dit klusje komen niet van de stroom maar van de val. Gebruik een trapladder met een breed platform in plaats van een stoel of de rand van het bad. Moet je boven een trapgat werken, gebruik dan een steiger of een ladder met een goede afsteuning, of laat het aan iemand over die daar spullen voor heeft. Reik nooit zijwaarts naar een lamp die net buiten bereik hangt.
-
Laat de lamp afkoelen en zoek uit hoe het armatuur opengaat
Halogeen en tl worden zo heet dat je je vingers eraan brandt, en heet glas dat je met een koude hand vastpakt kan barsten. Wacht een paar minuten en kijk in die tijd waar het armatuur opengaat: een ringveer, een verende klem, een kwartslag of een schroefring. Voelen met je vingertoppen langs de rand vertelt je meer dan turen tegen het licht in.
-
Haal de oude lamp eruit en lees de voet af
Noteer of fotografeer het type fitting, het vermogen, de spanning en de kleurcode. Bij 12 volt weet je nu dat er een trafo bij hoort en dat je die eerst moet opzoeken. Meet bij spotjes en staaflampen ook de lengte, want datzelfde voetje bestaat in meerdere maten.
-
Kies de vervanger op vijf punten
Fitting, spanning, maat, lichtstroom en kleur moeten alle vijf kloppen, en bij een dimmer komt dimbaarheid er als zesde bij. Ga bij led niet af op watt maar op lumen: reken bij tl op ongeveer de helft van het oude vermogen en bij een halogeen spot van 50 watt op een led van 4 tot 6 watt. Vervang je één lamp in een rij, neem dan dezelfde kleurcode als de rest.
-
Plaats de nieuwe lamp
Raak het glas van een halogeenlamp niet met blote vingers aan, want het vet van je huid brandt in en daar ontstaat een hotspot die de lamp vroeg laat bezwijken. Gebruik een doekje of het plastic hoesje waar de lamp in zat. Klik de ringveer weer in de groef of draai de kwartslag helemaal door tot hij niet verder wil.
-
Zet de spanning erop en test
Schakel de groep in en doe het licht aan. Kijk of hij brandt, en vooral of hij rustig brandt: knipperen, zoemen of nagloeien zijn signalen dat er nog iets in de kring niet bij de nieuwe lamp past. Loop in dat geval het rijtje uit de laatste sectie langs voordat je de kap terugzet.
-
Voer de oude lamp goed af
Tl-buizen, pl-lampen en spaarlampen bevatten kwik en horen bij het inleverpunt of de milieustraat, niet bij het restafval. Ledlampen en halogeenlampen gaan bij het klein elektrisch afval. Is er een buis gebroken, veeg de scherven dan op met een vochtig doekje en lucht de ruimte een kwartier.
Maatvoering
De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Ruimte of vakgebied | Onderdeel | Gangbare maat | Marge die in de praktijk werkt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|---|
| Sanitair | Wastafel, bovenkant | 85 cm boven de vloer | 80 tot 90 cm | Meet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm. |
| Sanitair | Wastafelkraan, uitloop | 25 tot 30 cm boven de wastafelrand | wat past bij de kom | Te hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder. |
| Sanitair | Fonteintje in het toilet | 80 tot 85 cm | 75 tot 90 cm | Vaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is. |
| Sanitair | Toiletpot, bovenkant zitting | 40 tot 43 cm | 38 tot 48 cm | Een verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger. |
| Sanitair | Hangend toilet, onderkant pot | 40 cm boven de vloer | 38 tot 45 cm | De hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast. |
| Sanitair | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 80 cm | Te ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit. |
| Sanitair | Douchekraan, thermostaat | 100 tot 110 cm | 95 tot 120 cm | Je wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan. |
| Sanitair | Doucheglijstang, bovenkant | 180 tot 200 cm | afhankelijk van de lengste gebruiker | Reken op minstens 20 cm boven de kruin. |
| Sanitair | Regendouche, onderkant kop | 205 tot 215 cm | 200 tot 220 cm | Onder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd. |
| Sanitair | Handdoekradiator, onderkant | 20 tot 30 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Laag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen. |
| Sanitair | Afvoer wastafel, muurdoorvoer | 50 tot 55 cm | 45 tot 60 cm | Onder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling. |
| Elektra | Stopcontact in een woonruimte | 30 cm hart boven de vloer | 25 tot 40 cm | Bij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen. |
| Elektra | Stopcontact boven een aanrechtblad | 115 tot 125 cm | 10 tot 20 cm boven het blad | Uit de spatzone van de kraan blijven. |
| Elektra | Lichtschakelaar | 105 cm hart boven de vloer | 90 tot 120 cm | Gelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld. |
| Elektra | Deurklink | 100 cm hart boven de vloer | 95 tot 105 cm | Ook de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen. |
| Elektra | Meterkast, groepenkast | 150 tot 180 cm | bereikbaar zonder trapje | De hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn. |
| Elektra | Wandcontactdoos buiten | minimaal 30 cm boven maaiveld | hoger bij kans op opspattend water | Spatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten. |
| Elektra | Bedrade deurbel, drukknop | 110 tot 130 cm | 100 tot 140 cm | Ook bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel. |
| Elektra | Wandlamp naast een spiegel | 160 tot 170 cm | op ooghoogte van de gebruiker | Licht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven. |
| Elektra | Televisieaansluiting | 40 cm of op de hoogte van het scherm | afhankelijk van de opstelling | Bij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm. |
| Keuken | Werkblad, bovenkant | 90 tot 95 cm | 85 tot 100 cm | Vuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger. |
| Keuken | Bovenkasten, onderkant | 50 tot 60 cm boven het blad | 45 tot 65 cm | Te laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken. |
| Keuken | Afzuigkap boven een elektrische kookplaat | 60 cm | 55 tot 70 cm | Onder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaspit | 65 cm | 65 tot 75 cm | Bij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam. |
| Keuken | Plint onder de keukenkasten | 10 tot 15 cm | standaard 15 cm | Terugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan. |
| Keuken | Inbouwoven op ooghoogte | onderkant op 85 tot 90 cm | naar de gebruiker | Scheelt bukken met een hete plaat in je handen. |
| Trap | Trapleuning | 90 cm boven de voorkant van de trede | 85 tot 100 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer. |
| Trap | Leuning langs een bordes | 100 cm | 90 tot 110 cm | Bij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap. |
| Trap | Optrede, hoogte per trede | 18 tot 20 cm | maximaal 21 cm binnen een woning | Alle treden even hoog, ook de eerste en de laatste. |
| Trap | Aantrede, diepte van de trede | 22 tot 24 cm | minimaal 22 cm | Vuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm. |
| Trap | Vrije doorloophoogte boven de trap | 230 cm | minimaal 210 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond. |
| Trap | Spijlafstand van een balustrade | maximaal 10 cm | kleiner bij kinderen | Zo kan een kinderhoofdje er niet tussen. |
| Deuren | Binnendeur, standaardmaat | 83 bij 201,5 cm | 78 tot 93 cm breed | De dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad. |
| Deuren | Voordeur, standaardmaat | 88 bij 201,5 cm | 83 tot 100 cm breed | Breder is prettig bij verhuizen en bij een rollator. |
| Deuren | Speling onder een binnendeur | 1 tot 1,5 cm | 2 cm bij mechanische ventilatie | De kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet. |
| Deuren | Speling rondom in het kozijn | 3 mm | 2 tot 4 mm | Te weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt. |
| Deuren | Scharnieren, afstand tot de hoek | 20 cm van boven en onder | 15 tot 25 cm | Bij een zware deur een derde scharnier in het midden. |
| Ventilatie | Ventilatierooster in een raam | boven in het kozijn | op de bovenregel | Warme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder. |
| Ventilatie | Afzuigpunt in een badkamer | hoog in de ruimte | 20 tot 30 cm onder het plafond | Vocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet. |
| Ventilatie | Muurrooster kruipruimte | net boven het maaiveld | minimaal 15 cm | Anders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht. |
| Ventilatie | Dakdoorvoer, afstand tot de nok | minimaal 50 cm | afhankelijk van het type | Te dicht bij de nok geeft terugslag bij wind. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de nieuwe lamp bestelt of terugplaatst
Uit de praktijk
Twee pl-s lampjes in een afzuigkap die volgens de winkel niet om te bouwen waren
In een inbouwafzuigkap zaten twee pl-s lampen van 11 watt in kleur 827 met een tweepins voet. De wens was simpel: er ledvarianten met dezelfde g23-voet in zetten. Bij de vakwinkel kreeg de eigenaar te horen dat dat niet kon zonder het armatuur om te bouwen en het voorschakelapparaat uit te schakelen. Voor twee lampjes de hele inbouwkap demonteren was geen aantrekkelijk vooruitzicht, dus lag het plan even stil.
Wat er in werkelijkheid speelde: bij een tweepins pl-s zit de starter in de voet van de lamp en draait het geheel op een klassiek voorschakelapparaat. De ledvarianten met g23-voet zijn juist gemaakt om die situatie één op één te vervangen, dus die kunnen er zonder aanpassing in. Dat is precies wat er gebeurde. De ledlampen gingen er zo in en gaven zelfs iets meer licht dan de oude buisjes. Het advies uit de winkel geldt wel voor armaturen met een hoogfrequente elektronische ballast, en daar moet de ballast wel overbrugd worden. Let verder op de dikte: de ledversie was een fractie dikker dan het origineel, en in een krappe kap past hij dan net niet meer.
Keukenspotjes zonder veer die met geen mogelijkheid loskwamen
Vier keukenspotjes moesten naar led, maar eerst moest er één lampje uit om te zien of er 230 volt op stond of een trafo tussen zat. Er was geen ringveertje te bekennen dat je met twee vingers eruit wipt, alleen een zwarte binnenring die het lampje op zijn plaats hield. Een zuignapje kreeg geen beweging in het glas en bij meer kracht kwam de hele spot uit het plafond, precies wat niet de bedoeling was.
De sluiting bleek een bajonet die twee bewegingen tegelijk vraagt. Het lampje eerst een paar millimeter omhoog duwen, dan de vingers stevig op de ribbeltjes aan de binnenrand van de zwarte ring zetten en draaien. Daarna zakt het binnenwerk met lamp en al naar beneden. Het gaat stroef en het voelt alsof je iets forceert, maar dit is hoe hij bedoeld is. Voor de grip op het gladde glas is een dik elastiek tegen de rand een prima vervanger van een zuignap.
Nieuwe gu10 ledlampen waar de ringveer niet meer omheen viel
In een badkamer met twaalf jaar oude inbouwspots gaven de gu10 halogeenlampjes er één voor één de brui aan. De vervanging leek een kwestie van een setje ledlampen halen, maar bij het monteren viel de ringveer die de lamp op zijn plek houdt niet meer in de groef. Er werden nog twee andere merken geprobeerd en die pasten net zo min. Op het oog waren alle lampen even groot, maar op de tast was het glaasje aan de voorkant een fractie van een millimeter dikker, waardoor de groef voor de veer bedekt bleef.
Het gu10 voetje is een afspraak, de rest van de lamp niet. Fabrikanten mogen dus een langere of dikkere kolf maken zolang het voetje klopt. Wat in dit geval hielp om zekerheid te krijgen: één ring uit het plafond nemen en bij normaal licht kijken waar de lamp precies aanloopt, in plaats van op de tast met je hoofd in je nek. Soms is een klein braampje wegschuren genoeg. Hier bleek het verschil te groot en is uiteindelijk de complete set vervangen, armatuur en al. Dat viel qua werk mee, want de spots zaten met een steekverbinding aan de bedrading: stekkertje los, nieuwe spot eraan, terugduwen in het plafond.
Een plafonniere met klinknagels en geen enkele schroef
Een oudere plafonniere met een glazen bol moest een nieuwe lamp hebben, maar de bol zat aan vier klemmen en er was geen schroefje te vinden, alleen klinknagels. Normaal is één klem verend zodat je de bol kunt verschuiven, maar hier zat alles muurvast. Zakken van de beugel om ruimte te maken lukte ook niet, want die was vastgeklonken.
Er waren drie opties in beeld. De eerste was de popnagel uitboren en er een plaatschroefje voor terugzetten, waarmee de lamp voortaan gewoon te openen zou zijn. De tweede was een schroevendraaier in het sleufgat onder de klinknagel zetten en de beugel een paar millimeter naar beneden wrikken. De derde, en degene die het uiteindelijk werd, was de lipjes van de glasklemmen voorzichtig met een tang naar buiten buigen, met een hand onder het glas. Daarmee kwam de bol vrij en kon de lamp er gewoon uit. Het glas kapotslaan was ook geopperd en dat is precies wat je niet doet: je zit dan met scherven in de fitting en met een kap die niet los te bestellen is.
Veelgemaakte fouten
Alleen de schakelaar uitzetten
In oudere installaties is soms de nul geschakeld in plaats van de fase. Het licht is dan uit terwijl er nog spanning op de fitting staat, en dat merk je pas als je met je vinger langs de schroefdraad gaat. Haal de groep eraf en controleer met een tweepolige spanningstester.
Aan de hele spot trekken in plaats van de sluiting zoeken
De veerpoten die de spot in het plafond houden zijn scherp en snijden bij trekken zo in de gipsplaat. Het gat wordt dan groter dan de ring die het moet afdekken, en dan zit je met een reparatie die veel meer tijd kost dan het lampje. Zoek eerst welke van de drie sluitingen je voor je hebt.
Halogeen door led vervangen zonder naar de trafo te kijken
Een elektronische trafo met een ondergrens van bijvoorbeeld twintig watt ziet twee ledlampjes van vijf watt niet als belasting. Het licht knippert dan, start niet op of valt na een minuut uit. De lamp is niet stuk, de voeding past niet meer bij het vermogen.
Bij tl hetzelfde vermogen aan led terugplaatsen
Twee ledbuizen van 18 watt in een armatuur waar twee tl-buizen van 18 watt zaten geeft ongeveer het dubbele aan licht. In een berging is dat hinderlijk, boven een werkbank verblindt het. Reken op ongeveer de helft van het oude vermogen en kijk verder naar de lumen op de verpakking.
De starter laten zitten bij een ledbuis
Een enkelzijdig gevoede ledbuis werkt niet zolang de oude starter er nog in zit, en bij sommige schema's maak je er zelfs een sluiting mee. Zet er een dummy starter in of bouw het armatuur volgens het meegeleverde schema om, en plak daarna een sticker in het armatuur dat de ballast overbrugd is.
Halogeenglas met blote vingers aanpakken
Het vet van je vingers brandt in het kwartsglas en op die plek ontstaat een hete vlek. De lamp gaat daardoor veel eerder stuk dan hij zou moeten, soms binnen een paar weken. Gebruik een doekje, een dunne handschoen of het hoesje waar de lamp in geleverd wordt.
Eén ledspot van een ander merk bijplaatsen
In een rij van vier zie je een afwijkende kleurtemperatuur meteen, ook als het verschil op papier klein is. En bij spots met een vaste ledmodule aan één gezamenlijke driver kan een afwijkend vermogen de rest laten knipperen. Vervang bij twijfel de hele rij in één keer.
Een lampje met kit of lijm op zijn plek zetten
Als de veer niet meer past, is vastzetten met twee dotjes kit verleidelijk. Het werkt precies één keer, want de volgende lamp krijg je er niet meer uit zonder de spot te vernielen. Vijl liever een braampje weg of vervang de complete spot.
Veelgestelde vragen
Hoe vervang je een spotje dat geen veer heeft?
Dan zit er geen losse ringveer maar een klemring of een bajonetsluiting in. Bij een klemring druk je de buitenste ring tegen het plafond en trek je de binnenste ring naar beneden. Bij een bajonet duw je het lampje eerst een paar millimeter omhoog en draai je daarna de binnenring op de ribbels een achtste tot een kwartslag linksom, waarna het binnenwerk zakt. Beide vragen meer kracht dan je zou denken, maar niet zoveel dat de spot uit het plafond komt.
Hoe vervang ik het lampje in een inbouwspot met veer?
Knijp de twee oogjes van de metalen beugel naar elkaar toe, dan komt de veer los uit de groef en kun je hem eruit nemen. Daarna trek je de lamp recht uit de fitting, of bij een gu10 draai je hem een kwartslag linksom terwijl je hem licht indrukt. De nieuwe lamp gaat er in omgekeerde volgorde in, met de veer terug in dezelfde groef. Controleer daarbij of de veer echt in de groef valt en niet op de rand van de lamp ligt.
Hoe krijg ik het lampje uit een kantelbare spot?
Bij een kantelbare spot moet het lampje er aan de fittingkant uit en niet aan de glaskant, omdat de draaipunten van het armatuur anders in de weg zitten. Kantel de spot daarom eerst zo ver mogelijk door, zodat je met twee vingers achter de lamp kunt. Draai vervolgens de fitting van de lamp af met een kleine slag linksom, of draai de lamp uit de fitting terwijl je hem licht indrukt. Zit het glas glad in het vlak, gebruik dan een zuignapje of een elastiek voor grip.
Kan ik pl-s 9w/827/2p vervangen door led?
Ja, en dat geldt net zo goed voor de varianten van 7 en 11 watt. De 2P in de code betekent twee pinnen, en bij die uitvoering zit de starter in de voet van de lamp en draait het geheel op een klassiek voorschakelapparaat. Ledlampen met een g23-voet zijn gemaakt om zo'n lamp direct te vervangen en gaan er in de meeste gevallen zonder aanpassing in. Zit er een hoogfrequente elektronische ballast in het armatuur, dan werkt dat niet en moet je de ballast overbruggen en 230 volt op de fitting zetten. Controleer daarnaast of de iets dikkere ledlamp nog in het armatuur past.
Hoe vervang ik een pl-c of pl-l lamp door led?
Bij pl-c met vier pennen en bij pl-l met een 2G11 voet zit er geen starter in de lamp en loopt alles via de ballast. De betrouwbaarste route is dan het overbruggen van die ballast: de bedrading in het armatuur aanpassen zodat er 230 volt rechtstreeks op de fitting staat, precies volgens het schema dat bij de ledlamp zit. Er bestaan ook ledbuisjes die op een klassieke ballast draaien, maar niet op een hoogfrequente. Meet bij pl-l de lengte na, want 18, 24, 36 en 55 watt verschillen behoorlijk in maat.
Wat levert tl vervangen door led aan besparing op?
Een buis van 58 watt met een klassiek voorschakelapparaat trekt in de praktijk rond de 68 watt, omdat de ballast zelf ook zo'n tien watt kost. Een ledvervanger van 22 tot 26 watt zit daar ruim zestig procent onder. Of dat de investering waard is, hangt op branduren. In een werkplaats of garage die de hele dag brandt is de aanschaf binnen een paar jaar terug, in een berging waar het licht een half uur per dag aan is niet. Daar kun je de oude buis rustig laten hangen tot hij op is.
Ik heb de tl-lamp vervangen maar hij werkt niet, wat nu?
Loop drie dingen na. Zit er nog een oude starter in terwijl je een ledbuis hebt geplaatst, dan blijft die donker: er hoort een dummy starter in of het armatuur moet omgebouwd worden. Knippert een gewone tl-buis en gloeien de uiteinden zwak op, dan is de starter versleten en kost de oplossing een paar euro. Zijn de uiteinden zwart of blauw, dan is de buis zelf aan het eind. Blijft alles donker, controleer dan of de buis met beide voetjes een kwartslag is doorgedraaid tot hij vastklikt.
Kan ik een halogeenlamp van 150 watt vervangen door led?
Bij een staaflamp met r7s-voet kan dat, mits je de lengte exact aanhoudt: 78 en 118 millimeter zijn de twee gangbare maten en die lijken op het oog op elkaar. Reken op ongeveer 15 tot 20 watt aan led voor het licht van een halogeen staaf van 150 watt. Houd er rekening mee dat de ledversie dikker is en dus in een smalle koker klem kan komen, en dat hij maar naar één kant licht geeft. Zit de lamp op een dimmer, kies dan een uitvoering die als dimbaar op de doos staat.
Hoe vervang ik de lampjes in een elektrische sfeerhaard?
Haal eerst de stekker eruit en laat de haard afkoelen. In de meeste elektrische haarden, ook bij merken als Faber, zit een E14 kaarslamp of een klein halogeen staaflampje achter het vlameffect, en op de voet van het oude lampje staat welk vermogen erin hoort. Neem dat vermogen over en ga niet hoger zitten, want het armatuur is op die warmte berekend. Ledlampjes in een sfeerhaard knipperen vaak mee met de elektronica die het vlameffect maakt, dus als het licht onrustig wordt is terug naar hetzelfde type de simpelste oplossing.
Hoe vervang ik de verlichting van een verlichte badkamerspiegel?
In oudere spiegelarmaturen zit een dun tl-buisje of een pl-lampje achter een kapje dat je met twee schroefjes lostrekt, en dat is gewoon te vervangen. Bij nieuwere spiegels, waaronder de verlichte spiegels van Ikea zoals de Storjorm, zit de led vast ingebouwd in het profiel en is er geen los lampje. Meet in dat geval eerst of er spanning uit het voedingskastje in het snoer komt, want die voeding gaat vaker stuk dan de leds zelf en is meestal los verkrijgbaar. Werkt de voeding wel en blijft de spiegel donker, dan is vervangen van het geheel de enige weg.
Hoe vervang ik de onderbouwverlichting in de keuken?
Kijk eerst of het losse lampjes zijn of een complete balk. In oudere keukens zitten driehoekige spotjes met een steeklampje achter een geklemde glasring: die ring wip je met een platte schroevendraaier open en het lampje trek je er recht uit. In nieuwere keukens hangt er een ledbalk aan een driver van 12 of 24 volt met steekverbindingen. Dan vervang je de hele balk en let je erop dat het totaal van alle balkjes samen binnen het vermogen van de driver blijft.
Moet ik de stroom eraf halen om een lamp te vervangen?
Voor een verplaatsbare lamp is de stekker eruit voldoende. Voor alles wat vast aan het lichtpunt zit, is alleen de schakelaar uitzetten niet genoeg. In oudere installaties komt het voor dat de nul geschakeld is in plaats van de fase, waardoor er nog spanning op de fitting staat terwijl het licht uit is. Zet de groep uit en controleer met een tweepolige spanningstester of de fitting echt dood is voordat je erin gaat.
Wanneer je beter een vakman belt
Een lamp vervangen is klassiek zelfdoe-werk en dat blijft het ook bij tl, pl en spotjes. Er zijn wel vijf momenten waarop je beter stopt.
Het eerste is werk in de meterkast achter de hoofdzekering. Het uitschakelen van een groep doe je gewoon zelf, maar een groep bijplaatsen, een aardlekschakelaar wisselen of iets veranderen aan de hoofdaansluiting is werk voor een installateur. Moet er een nieuwe lichtgroep bij omdat je een hele rij spots aanlegt, laat dan ook de kabelkeuze meelopen in dat gesprek; welke kabel bij welke groep en belasting hoort is daarbij het eerste dat langskomt.
Het tweede is werken op hoogte. Een lamp boven een trapgat, in een hoge hal of aan een plafond van meer dan drie meter vraagt een rolsteiger of een ladder met goede afsteuning. Uitreiken vanaf een trapje dat net te kort is, is de meest voorkomende manier om deze klus verkeerd te laten aflopen.
Het derde is een plafond waarin geboord of gezaagd moet worden in een huis van voor 1994. Plafondplaten en beschietingen kunnen asbest bevatten, en een gat boren voor een nieuwe spot maakt dan vezels vrij. Laat de plaat eerst onderzoeken en het werk zo nodig door een gecertificeerd bedrijf uitvoeren.
Het vierde is noodverlichting in een bedrijfspand of een gemeenschappelijke ruimte. De lamp en de accu kun je zelf wisselen, maar de periodieke controle en de registratie daarvan horen bij een gekwalificeerde partij. Het vijfde is verlichting in de openbare ruimte, zoals een sox-e of een cdm-t armatuur in een lichtmast. Dat armatuur is van de beheerder en daar hoor je niet zelf in te werken.
Twijfel je bij het vervangen van bedrading of het ombouwen van een armatuur, kijk dan eerst bij de rest van onze uitleg over klussen aan elektra in huis en bepaal daarna of je het zelf oppakt.