Terugslagklep afzuigkap: tocht en kooklucht buiten houden
Een terugslagklep is een mechanisch klepje in de luchtafvoer dat door de luchtstroom opengeblazen wordt en vanzelf dichtvalt zodra de kap uit gaat. Daarmee stop je de koude lucht die bij wind naar binnen komt en de kooklucht die uren later langs de vetfilters terugwaait. De klep hoort zo dicht mogelijk bij de kap in een recht stuk gladde buis, met de pijl naar buiten. Klappert hij bij harde wind, dan is dempen of een ander type klep de oplossing en nooit het vastzetten van de klep.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Accuboormachine met een boortje van 3 mm voor de bevestiging
- Kruiskopschroevendraaier en een dop van 7 mm voor de klemband
- Popnageltang met popnagels van 3,2 mm
- Blikschaar om spirobuis op maat te korten
- Rolmaat en een stift
- Zaklamp om in de buis te kijken
- Werkhandschoenen, want de snijrand van spirobuis is scherp
- Stabiele trap of een rolsteiger als je bij het dak of de gevel moet zijn
Materiaal
- Terugslagklep in de maat van je kanaal, meestal 125 of 150 mm
- Kort stuk gladde ronde buis en een verbindingsstuk
- Klemband of slangklem voor de flexibele slang
- Aluminium tape, geen textieltape
- Buitenrooster of kaprooster met terugslagklep
- Zelfklevende viltstrip of een dun rubberprofiel om te dempen
- PUR-schuim of tochtband om de sparing in de muur te vullen
Wat een terugslagklep in de luchtafvoer doet
Een terugslagklep is een klepje in de afvoerbuis dat maar één kant op kan. Draait de motor, dan blaast de luchtstroom hem open en gaat de kooklucht naar buiten. Gaat de kap uit, dan valt hij dicht en zit de weg naar buiten afgesloten.
Daarmee verdwijnen twee klachten die meestal samen optreden. Bij wind op de gevel of op het dak drukt buitenlucht door de buis naar binnen, en die koude stroom voel je in de keuken staan. Diezelfde lucht strijkt langs de vetfilters, en dan ruikt het uren na het koken opeens weer naar de maaltijd van gisteren. Hoe de rest van de route in elkaar zit, van diameter tot het aantal bochten, staat in ons overzicht over de afzuigkap en zijn afvoer naar buiten.
Zo'n klep werkt puur mechanisch. De luchtstroom doet het openen, de zwaartekracht of een veertje het sluiten, en er komt geen stekker of schakeling aan te pas. Elektrisch aangestuurde kleppen bestaan, maar voor een keukenkap voegen ze niets toe en ze geven een onderdeel extra dat stuk kan gaan.
Wat een klep niet oplost, is een kap die te weinig zuigt. Elke klep kost juist een beetje capaciteit, want de lucht moet hem eerst openduwen. Zit je afzuiging al op de rand, pak dan eerst de buisdiameter en de filters aan.
| Klacht | Wat je merkt | Helpt een terugslagklep hier? |
|---|---|---|
| Tocht uit de kap | Koude luchtstroom uit de kap of langs het rooster bij wind | Ja, hier is de klep precies voor bedoeld |
| Kooklucht die terugkomt | Uren na het koken ruikt de keuken weer naar eten | Ja, mits de klep goed sluit en de verbindingen luchtdicht zijn |
| Fluiten of zoemen bij wind | Een toon die opkomt en wegzakt met de vlagen | Soms, een klep met veer of demping haalt het weg |
| Klapperend geluid | Tikken of slaan in de buis of bij het rooster | Nee, een klep kan dit juist veroorzaken |
| Te weinig afzuiging | Damp blijft boven de pan hangen | Nee, een klep kost eerder wat capaciteit |
| Insecten of vogels in de buis | Geritsel, veertjes of vuil bij het rooster | Deels, gaas in het buitenrooster is hier de oplossing |
| Vochtplek rond de doorvoer | Natte muur of schimmel onder het rooster | Nee, dan loopt de buis niet door tot aan de buitengevel |
De vier soorten die je in de winkel tegenkomt
Er staan vier heel verschillende producten in het schap die allemaal terugslagklep heten. Ze doen hetzelfde werk, maar ze zitten op een andere plek en ze passen op ander materiaal.
Het meest gebruikte type is de vlinderklep voor in de buis. Dat is een ring in de maat van je kanaal met twee halve schijfjes op een as in het midden. Hij schuift in een gladde ronde buis van 125 of 150 mm en je zet hem vast met twee parkers of popnagels door de wand.
Het tweede type zit al in je kap. Veel fabrikanten bouwen tegenwoordig twee kunststof flappen in het aansluitstuk boven de motor. Kijk daar dus eerst, want een tweede klep erbij zetten geeft weerstand en geluid zonder dat het iets toevoegt.
Het derde type is het buitenrooster met lamellen, ook wel klaprooster of overdrukrooster genoemd. De lamellen hangen los en vallen door hun eigen gewicht dicht zodra de druk wegvalt. Deze zijn er in kunststof en in RVS, en er zijn kaproosters met een afdakje tegen inregenen. Welke uitvoeringen er zijn en hoeveel vrije doorlaat ze overhouden staat bij het buitenrooster van de afzuigkap.
Het vierde type is de dakdoorvoer met een geïntegreerde klep. Handig als de doorvoer toch vervangen wordt, maar zit er al een goede doorvoer op het dak, dan is een losse klep in de buis eenvoudiger en goedkoper.
| Type klep | Waar hij zit | Past op | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Vlinderklep in de buis | In een recht stuk kanaal, liefst vlak bij de kap | Gladde ronde buis of spirobuis, 125 of 150 mm | Pijl naar buiten, en hij past niet in een flexibele ribbelslang |
| Klapklep met veer of tegengewicht | In een recht stuk kanaal, horizontaal of verticaal | Gladde ronde buis | Sluit ook zonder hulp van de zwaartekracht, dus vrijer te plaatsen |
| Ingebouwde keerklep in de kap | In het aansluitstuk boven de motor | De kap zelf | Controleer of hij er al zit voordat je iets koopt |
| Kunststof gevelrooster met lamellen | Aan de buitenkant van de muurdoorvoer | Muurdoorvoer 125 of 150 mm | Lamellen kunnen bij vorst vastvriezen door condens |
| RVS kaprooster met terugslagklep | Aan de buitenkant, met afdakje tegen regen | Muurdoorvoer, ook op een gevel op het noorden | Steviger en stiller, maar duurder dan kunststof |
| Muurdoorvoer met klep en gaas | Het hele doorvoerelement door de muur | Nieuwe doorvoer of vervanging | Gaas houdt vogels tegen maar slibt dicht met vet |
| Dakdoorvoer met ingebouwde klep | Boven op het platte of schuine dak | Nieuwe of te vervangen dakdoorvoer | De klep zit ver van de motor, dus opent minder makkelijk |
Meet de buitenmaat van je buis voordat je bestelt. Een klep van 125 mm past niet in een buis van 125 mm binnenmaat als daar een verloopstuk in zit, en het verschil tussen 125 en 150 zie je met het blote oog slechter dan je denkt.
Waar in de buis de klep moet zitten
De plek bepaalt of de klep goed werkt. Hoe verder hij van de motor af zit, hoe meer de luchtstroom onderweg is uitgedempt en hoe kleiner de kans dat hij op de laagste stand volledig openblaast. Een klep vlak boven het aansluitstuk van de kap gaat bij stand één al open, een klep bovenin een dakdoorvoer van vier meter soms niet.
Zet de klep in een recht stuk buis en houd ongeveer twee keer de diameter vrij voor en achter de klep. In of vlak achter een bocht draait de lucht en dan gaat één schijfje wel open en het andere niet. Dat is een van de vaakst voorkomende oorzaken van fluitgeluid.
Op elke klep staat een pijl of het woord voor de luchtrichting. Die wijst naar buiten toe. Monteer je hem omgekeerd, dan houdt hij de afzuiging tegen in plaats van de tocht, en dat merk je meteen aan een kap die niets meer doet.
Let ook op de stand. Een eenvoudige vlinderklep sluit op zwaartekracht en heeft daarom een voorkeursstand die de fabrikant aangeeft: alleen liggend, alleen staand, of allebei. Twijfel je, kies dan een uitvoering met een veertje of een tegengewicht, want die sluit in elke stand. Voor de route over het dak lees je verder bij de dakdoorvoer van een afzuigkap.
Kies daarnaast een plek waar je over vijf jaar nog bij kunt. Op een klep achter een dichtgetimmerd plafond komt vet te staan waar je niet meer bij kunt zonder het plafond open te maken.
Haal de stekker van de kap uit het stopcontact voordat je aan het aansluitstuk gaat werken. Zit de kap vast aangesloten, schakel dan de betreffende groep in de meterkast uit en controleer met een spanningszoeker dat de kap dood is.
Bij een muurdoorvoer: eerst de buis tot de gevel doortrekken
Bij een afvoer door de buitenmuur zien we vaak hetzelfde: de buis stopt ergens halverwege en de laatste vijf tot tien centimeter naar de gevel is gewoon een gat. Steek je een lampje in het gat, dan zie je het isolatiemateriaal van de spouw liggen. Een deel van de vochtige kooklucht verdwijnt dan de spouw in, en dat geeft op termijn natte isolatie en vochtplekken binnen.
Een klep plaatsen heeft in die situatie geen zin zolang de buis niet doorloopt. Verleng eerst tot aan het gevelvlak. Bij een gladde ronde buis schuif je er een verbindingsstuk op en daarna een kort stuk buis dat je gelijk met de gevel afkort. Zit er een flexibele aluminium slang in, dan kun je die vaak nog een stuk naar buiten trekken, want er zit meestal speling in de rek van de slang.
Is het gat te krap om de buis door te schuiven, dan moet het iets ruimer. Boor de sparing rond met een lange steenboor of een diamantboor, en houd de opening net zo groot dat de buis er strak in gaat. De ruimte die overblijft vul je met PUR-schuim, zodat er geen lucht meer langs de buis de spouw in kan.
Pas daarna zet je de klep erin, of je kiest een buitenrooster met terugslagklep dat je strak tegen het gevelvlak schroeft. Kit de rand van het rooster aan de bovenkant en de zijkanten af en laat de onderkant open, zodat regenwater dat er toch inkomt weer weg kan lopen.
Blaas kooklucht nooit een spouw of een kruipruimte in. Kooklucht bevat veel waterdamp en vet. In een koude spouw slaat dat neer op de isolatie, en die blijft nat. Dat leidt tot schimmel aan de binnenzijde van de muur en de schade zie je pas als het al een tijd speelt.
Een dakdoorvoer met terugslagklep op een plat dak
Bij een keuken met een plat dak zit de dakdoorvoer vaak bijna recht boven de kap. Dat is een korte, rechte route en dat is voor de afzuiging het beste wat er is. Er is dan één afweging te maken: komt de terugslagklep van de afzuigkap onderin vlak bij de kap, of bovenin in de dakdoorvoer?
Wij kiezen bijna altijd voor onderin. De klep opent daar zeker, hij is bereikbaar zonder het dak op te gaan, en je hoeft niets aan de dakdoorvoer te veranderen die waterdicht op de dakbedekking is aangesloten. Een dakdoorvoer met terugslagklep is een nette oplossing als de doorvoer toch vervangen wordt, maar zelden een reden om een goed werkende doorvoer los te maken.
Probeer een bestaande dakdoorvoer niet los te trekken om te kijken of er al een klep in zit. Die kap staat meestal met zelftappers of een beugel vast op de buis eronder, en soms is hij dubbelwandig uitgevoerd. Trek je door, dan scheur je de aansluiting op de dakbedekking open en heb je een lekkage in plaats van een klus. Kijken doe je van binnenuit, met een lampje door het aansluitstuk van de kap.
Houd bij een verticale buis rekening met condens. Warme, vochtige kooklucht koelt af tegen een koude buis en het water loopt terug naar beneden. Een klep die vlak ligt vangt dat water op en gaat dan tikken en druppelen. Een geïsoleerde of dubbelwandige buis scheelt daarin veel, en een klep die schuin of staand sluit houdt geen water vast. In onze tabel met standaardmaten voor ventilatie in huis staat onder meer welke afstand een dakdoorvoer tot de nok moet houden.
Werken op een dak is werken op hoogte. Gebruik een stabiele ladder die minstens een meter uitsteekt en blijf uit de buurt van de dakrand. Is het dak nat, glad van mos of steiler dan je vertrouwt, laat het dan doen door iemand met de juiste beveiliging.
Als de terugslagklep van de afzuigkap klappert
Een klep die bij harde wind blijft tikken of slaan is een bekende klacht, en meestal komt hij van de wind die op de uitmonding staat. De druk buiten wisselt met elke vlaag, de klep gaat een stukje open en valt terug, en dat hoor je in de hele keuken omdat de buis het geluid doorgeeft.
Het middel dat wij het vaakst gebruiken is dempen. Plak een dun rubberprofiel of een zelfklevende viltstrip op de aanslag waar de klep tegenaan komt, zodat kunststof niet meer op kunststof slaat. Dat kost tien minuten en haalt het scherpe tikken er in de meeste gevallen uit.
Helpt dat niet genoeg, dan ligt het aan het type klep. Een losse zwaartekrachtklep is gevoelig voor drukwisselingen, een uitvoering met een veertje of een tegengewicht blijft dicht tot er echt luchtstroom is. Ook de plek speelt mee: een klep dicht bij de kap zit verder van de wind af en klappert daardoor minder dan een klep bovenin de doorvoer.
Staat er veel wind op een platte dakdoorvoer, kijk dan naar de kap erop. Een doorvoer met een goed windschort of een hogere kap vangt de vlagen af voordat ze in de buis komen. Wat je niet doet, is de klep vastzetten of dichtplakken om er vanaf te zijn. Dan blokkeer je de afvoer, en de damp die niet naar buiten kan slaat neer in je keukenkastjes.
| Geluid | Wanneer je het hoort | Wat er meestal achter zit | Wat helpt |
|---|---|---|---|
| Kort tikken | Bij vlagen, kap uit | Klep valt terug tegen een harde aanslag | Viltstrip of rubberprofiel op de aanslag |
| Aanhoudend klapperen | Bij harde wind, kap uit | Zwaartekrachtklep zonder veer, ver van de kap | Klep met veer of tegengewicht, dichter bij de kap |
| Fluiten | Kap aan, hoogste stand | Klep opent maar half, vaak vlak achter een bocht | Verplaatsen naar een recht stuk buis |
| Slaan bij het uitzetten | Direct na uitschakelen | Klep valt in één keer terug door de nadraaiende motor | Klep met veer, of demping op de aanslag |
| Druppelen en tikken | Koude dagen, verticale buis | Condens dat op de vlakke klep blijft staan | Buis isoleren, klep schuin of staand plaatsen |
| Ratelen bij het rooster | Bij wind, buiten hoorbaar | Losse lamellen van een kunststof gevelrooster | RVS kaprooster of lamellen met een rubberen aanslag |
Wil je weten of het geluid van de klep komt of van iets anders in de buis, houd de klep dan tijdens een winderige dag even met een stukje karton tegen. Stopt het geluid, dan weet je genoeg. Haal het karton er daarna wel meteen weer uit.
Kappen waar geen terugslagklep in hoort
Niet elke afzuigkap heeft een klep nodig, en bij twee typen werkt hij zelfs averechts.
Een recirculatiekap blaast de lucht niet naar buiten maar terug de keuken in, langs een koolstoffilter of langs een plasmafilter dat de kookgeur afbreekt. Er is geen kanaal naar buiten, dus er valt niets af te sluiten. Ruikt het in zo'n keuken naar oud eten, dan is het filter verzadigd en niet de afvoer.
Het tweede geval is de motorloze kap die op een mechanisch ventilatiesysteem is aangesloten. Daar zuigt de ventilatiebox continu lucht af, ook als je niet kookt, want dat is de basisventilatie van je huis. Een terugslagklep in dat kanaal knijpt die basisventilatie af en dan gaat het vocht in de keuken hangen. Deze systemen hebben de afsluiting bovendien in de box zitten.
Er is één situatie waarin je helemaal geen afzuigkap op een bestaand kanaal mag prikken: een schoorsteen of afvoerkanaal van een verbrandingstoestel. De onderdruk die een afzuigkap maakt kan rookgassen de woning in trekken, en bij een open geiser, een gaskachel of een open haard levert dat koolmonoxide op. Een afzuigkap krijgt altijd zijn eigen kanaal naar buiten, ook als er een oud kanaal verleidelijk dichtbij loopt. Dezelfde voorzichtigheid houden we aan bij alle toestellen die we onder apparaten in huis repareren behandelen.
Heb je een open verbrandingstoestel in huis, zoals een open geiser, een gaskachel of een open haard? Een krachtige afzuigkap kan dan zoveel onderdruk maken dat de rookgassen de verkeerde kant op komen. Zorg voor voldoende luchttoevoer, bijvoorbeeld een raamrooster of een kier, en laat de installatie bij twijfel nakijken door een installateur.
Onderhoud: de klep die vastplakt van het vet
Een terugslagklep is een bewegend deel in een luchtstroom vol vetdamp. Na een paar jaar zit er een laagje op de scharnieren en op de randen van de schijfjes, en dan gebeurt er een van twee dingen. Hij blijft openhangen, waardoor de tocht terugkomt, of hij gaat zo zwaar dat de motor hem op de laagste stand niet meer openkrijgt.
Kijk er daarom een keer per jaar naar, bijvoorbeeld als je het vetfilter uit de vaatwasser haalt. Schroef het aansluitstuk los of maak de klemband van de flexibele slang los, en beweeg de schijfjes met je vinger heen en weer. Voelt het stroef, haal de klep er dan uit en laat hem een half uur in heet water met een flinke scheut afwasmiddel of wat soda liggen. Vet lost daarin veel makkelijker op dan met poetsen.
Hoeveel vet er bij de klep komt hangt sterk af van hoe goed de kap de damp opvangt. Hangt hij te hoog, dan ontsnapt een deel van de damp voordat de kap hem pakt en zwerft het vet door de keuken in plaats van door de buis. Wat de goede afstand tot je kookplaat is staat bij de ophanghoogte van een afzuigkap.
Was je vetfilters daarnaast regelmatig. Een verzadigd filter laat meer vet door naar de buis en kost bovendien zuigkracht, waardoor de klep juist minder makkelijk opengaat. Dat is de goedkoopste vorm van onderhoud die er is.
Zet de klep vast met twee popnagels in plaats van met parkers als hij op een lastig bereikbare plek komt. Popnagels steken aan de binnenkant nauwelijks uit, en een parker die in de luchtstroom steekt verzamelt in een paar jaar een indrukwekkende sliert vet.
Zo plaats je een terugslagklep in de afvoer
Deze volgorde werkt voor een kap met een afvoer naar buiten, zowel door de gevel als naar een dakdoorvoer.
-
Kijk eerst of er al een klep zit
Haal de stekker eruit, neem de vetfilters weg en schijn met een lampje omhoog in het aansluitstuk boven de motor. Veel kappen hebben daar twee kunststof flappen zitten. Vind je die, dan is een tweede klep overbodig en gaat het er alleen nog om waarom de bestaande niet sluit.
-
Meet de buis en bepaal het type
Meet de diameter van het kanaal, meestal 125 of 150 mm, en kijk of het gladde buis of een flexibele ribbelslang is. In een ribbelslang past geen vlinderklep, want die krijg je nooit luchtdicht. Je hebt dan een kort stuk gladde buis of een verbindingsstuk nodig om de klep in te zetten.
-
Kies de plek zo dicht mogelijk bij de kap
Zoek een recht stuk buis vlak boven de kap en houd ongeveer twee keer de diameter vrij aan beide kanten. Daar is de luchtstroom het sterkst, dus daar gaat de klep ook op de laagste stand open. Bij een afvoer via een dakdoorvoer scheelt dat je bovendien een klim naar het dak.
-
Maak de buis los en schuif de klep erin
Draai de klemband los of trek het verbindingsstuk uit elkaar. Schuif de klep in de buis met de pijl in de richting van de buitenlucht. Zit hij er verkeerd om in, dan blokkeer je je eigen afzuiging en dat merk je pas als de damp boven de pan blijft hangen.
-
Zet de klep vast en maak alles luchtdicht
Boor twee gaatjes van 3 mm door de buiswand en zet de klep vast met parkers of popnagels. Schuif daarna de delen weer in elkaar, zet de flexibele slang vast met een klemband en werk elke naad af met aluminium tape. Textieltape laat na een paar warme zomers los en dan lekt de naad kooklucht in je kastenwand.
-
Loop de doorvoer aan de buitenkant na
Controleer of de buis echt tot aan het gevelvlak doorloopt en niet halverwege de spouw stopt. Vul de ruimte rondom met PUR-schuim. Zit er een buitenrooster met terugslagklep voor, kijk dan of de lamellen vrij kunnen bewegen en niet tegen de buis aan komen.
-
Test met de kap aan en met de kap uit
Zet de kap op de laagste stand en houd een velletje keukenpapier onder de kap: dat moet blijven plakken. Ga daarna naar buiten en kijk of de klep of de lamellen openstaan. Zet de kap uit en voel na een minuut of er nog lucht naar binnen komt. Luister bij de eerste stevige wind of er niets tikt.
Storingzoeker
Kies het merk, vul de code in en zie wat er aan de hand is, wat je zelf kunt doen en wanneer je moet bellen. Bekijk alle gegevens
| Merk | Code | Wat er aan de hand is | Wat je zelf kunt doen | Bellen of niet |
|---|---|---|---|---|
| Intergas | 1 | De ketel wordt te warm, de aanvoertemperatuur loopt te hoog op | Controleer de waterdruk en ontlucht de radiatoren. Te weinig water of lucht in de installatie is de gewone oorzaak. | Blijft hij terugkomen: monteur |
| Intergas | 2 | Storing in de aanvoer- of retoursensor | Reset de ketel een keer. Herhaalt de code zich, dan is de sensor of de bedrading het probleem. | Monteur |
| Intergas | 3 | De maximaalthermostaat heeft ingegrepen | Controleer druk en doorstroming, ontlucht de installatie. | Blijft het: monteur |
| Intergas | 4 | Geen vlamsignaal, de ketel krijgt het vuur niet aan | Kijk of de gaskraan open staat en of andere gastoestellen het doen. Reset daarna een keer. | Doet gas het wel: monteur |
| Intergas | 5 | Slecht of wegvallend vlamsignaal | Reset een keer. Vaak vervuilde ionisatiepen of ontsteking. | Monteur |
| Intergas | 6 | Fout in de vlamdetectie | Reset een keer. | Monteur |
| Intergas | 7 | Probleem met de rookgasafvoer of de uitlaatgassensor | Kijk of de afvoer buiten vrij is en niet verstopt zit door een vogelnest of blad. | Monteur, dit raakt de veiligheid |
| Intergas | 8 | Het ventilatortoerental klopt niet | Reset een keer. | Monteur |
| Intergas | 10 tot en met 14 | Sensorfout of storing in de installatie, bijvoorbeeld een defecte stromingsschakelaar, draadbreuk of lucht in de installatie | Controleer de waterdruk en ontlucht grondig, van laag naar hoog. | Blijft het: monteur |
| Nefit | A01 | Geen vlam of vlam valt weg | Controleer of de gaskraan open staat en of de druk goed is, reset daarna een keer. | Herhaalt zich: monteur |
| Nefit | C6 | De ventilator draait niet op het juiste toerental | Reset een keer. | Monteur |
| Nefit | D1 | Te weinig waterdruk in de installatie | Bijvullen tot de juiste druk voor jouw bouwhoogte, daarna ontluchten. | Zelf te doen |
| Nefit | EA | Vlam wordt niet waargenomen | Reset een keer. Kijk of andere gastoestellen werken. | Herhaalt zich: monteur |
| Nefit | F0 of F7 | Interne storing in de besturing | Reset een keer, haal eventueel kort de stroom eraf. | Monteur |
| Remeha | Reset knop | Vergrendelde storing | Houd de resetknop ingedrukt tot het display reageert. Noteer eerst de code voordat je reset. | Afhankelijk van de code |
| Remeha | E00 | Aanvoersensor defect of niet aangesloten | Reset een keer. | Monteur |
| Remeha | E01 | Te weinig waterdruk of geen doorstroming | Bijvullen en ontluchten. | Zelf te doen |
| Remeha | E04 | Geen vlam bij het opstarten | Gaskraan controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Vaillant | F.22 | Te weinig water in de ketel, droogkookbeveiliging | Bijvullen tot de juiste druk en ontluchten. | Zelf te doen |
| Vaillant | F.28 | Ontsteking mislukt bij het opstarten | Gastoevoer controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Vaillant | F.75 | Drukverschil niet herkend, vaak de pomp of het expansievat | Controleer of de druk sterk schommelt bij het opstarten. | Monteur, meestal het expansievat |
| AWB | Vlamstoring | Geen ontsteking | Gaskraan open, druk controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Bosch vaatwasser | E15 | Water in de lekbak onderin, de vlotterbeveiliging staat aan | Kantel het apparaat voorzichtig naar achteren zodat het water uit de bak loopt, zet hem terug en start opnieuw. Zoek daarna waar het water vandaan kwam. | Blijft het terugkomen: monteur |
| Bosch vaatwasser | E24 of E25 | Water loopt niet weg, afvoer verstopt | Maak het zeef en de pompfilter schoon, controleer de afvoerslang op een knik en de sifonaansluiting op een dop die er nog in zit. | Zelf te doen |
| Bosch vaatwasser | E22 | Filters verstopt | Zeven eruit en schoonmaken. | Zelf te doen |
| Bosch vaatwasser | E09 | Verwarmingselement defect, water wordt niet warm | Niets zelf te doen. | Monteur |
| Siemens vaatwasser | E15 | Water in de lekbak, vlotterbeveiliging actief | Zelfde aanpak als bij Bosch: voorzichtig kantelen, water eruit, terugzetten en opnieuw starten. | Blijft het: monteur |
| Siemens vaatwasser | E24 | Afvoer geblokkeerd | Zeven en pompfilter schoonmaken, afvoerslang op knik controleren. | Zelf te doen |
| Siemens vaatwasser | Resetten | Programma vastgelopen | Houd de startknop ongeveer drie tot vijf seconden ingedrukt tot het programma terugspringt, of haal de stekker er een minuut uit. | Zelf te doen |
| AEG vaatwasser | i20 of 20 | Afvoerprobleem, water loopt niet weg | Filters en pomp schoonmaken, afvoer controleren. | Zelf te doen |
| AEG vaatwasser | i30 of 30 | Water in de bodembak, lekkage gedetecteerd | Kantelen om het water eruit te laten en de oorzaak zoeken. | Blijft het: monteur |
| AEG vaatwasser | Resetten | Programma vastgelopen | Houd de programmaknop en de startknop samen enkele seconden ingedrukt. | Zelf te doen |
| Miele vaatwasser | F11 | Water loopt niet weg | Filters en afvoerpomp schoonmaken. | Zelf te doen |
| Miele vaatwasser | F70 | Vlotter of niveaubeveiliging | Controleer op lekkage onderin. | Monteur |
| Bosch wasmachine | E18 of F18 | Water loopt niet weg | Pluizenzeef vooronder schoonmaken en de afvoerslang controleren. | Zelf te doen |
| Bosch wasmachine | F21 | Motorstoring, trommel draait niet | Niets zelf te doen. | Monteur |
| Bosch wasmachine | E23 | Water in de lekbak | Machine kantelen om het water eruit te laten, daarna de lekkage zoeken. | Blijft het: monteur |
| AEG wasmachine | E20 | Afvoerprobleem | Pluizenfilter schoonmaken, afvoerslang op knik controleren. | Zelf te doen |
| AEG wasmachine | E40 | Deur niet goed dicht | Deur opnieuw sluiten, controleer of er was tussen zit. | Zelf te doen |
| Quooker | Knippert 1 keer | Reservoir warmt op of komt uit een stroomonderbreking | Wacht ongeveer tien minuten tot hij op temperatuur is. | Zelf te doen |
| Quooker | Knippert 2 keer | Reservoir bereikt de temperatuur niet | Haal de stekker er een minuut uit en zet hem terug. Blijft het knipperen, dan is er meestal een onderdeel defect. | Blijft het: monteur |
| Quooker | Knippert 3 keer | Storing in de temperatuursensor | Een keer stroomloos maken. | Monteur |
| Quooker | Geen kokend water, wel gewoon water | Reservoir uit of niet op temperatuur | Controleer of de stekker in het stopcontact zit en of de groep niet is uitgevallen. | Zelf te doen |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Nalopen voordat je de kap weer aanzet
Uit de praktijk
Kooklucht die twee uur na het koken terugkwam
Bij een nieuwe keuken met een plat dak was de kap verplaatst en op een verse dakdoorvoer aangesloten, bijna recht boven de kap, met een flexibele ventilatieslang ertussen. De keuken rook prima zolang de kap draaide, maar zodra hij uitging kwam de kooklucht binnen een paar minuten terug. Ook als de kap twee uur na het koken pas uitging.
De verklaring bleek eenvoudig. Er stond een lichte terugstroom in de buis, en die lucht kwam langs de vetfilters de keuken weer in. De filters gingen elke week in de vaatwasser en waren dus schoon, maar in een korte buis is een klein beetje achtergebleven vet al genoeg om je dat te laten ruiken.
Er zat geen keerklep in de kap en in de doos had er ook geen gezeten. Wat hier werkte: een mechanische vlinderklep in een kort stuk gladde buis vlak boven het aansluitstuk, met de flexibele slang daarboven weer aangeklemd. Een elektrisch geschakelde klep die met de kap meeloopt was overwogen, maar de luchtstroom doet dat werk zelf en dat scheelt een onderdeel dat stuk kan.
Een buis die zeven centimeter voor de gevel ophield
In een woonkamer stond een merkbare tocht uit de kap zodra het waaide. Aan de buitenkant zat alleen een gewoon rooster zonder klep. Bij het lospakken van dat rooster kwam iets vervelenders aan het licht: de buis liep niet tot aan de gevel maar hield er ongeveer zeven centimeter voor op, en boven het buiseinde voelde je gewoon het isolatiemateriaal van de spouw zitten.
Een terugslagklep in de buis was daarmee niet de eerste stap. Een deel van de kooklucht ging al die tijd de spouw in, met alle vocht dat daarbij hoort. Het idee om de opening dan maar vol te spuiten met PUR-schuim werkt niet, want dan blaas je de damp nog steeds in het schuim en in de isolatie.
Wat de klus oploste: de flexibele slang had nog rek en kon een stuk naar buiten worden getrokken. Het gat in de gevel is iets ruimer gemaakt zodat de buis er strak doorheen kon, de klep is in de buis geschoven, de ruimte rondom is met schuim gevuld en er kwam een nieuw rooster met lamellen voor. De tocht was daarmee weg en de kooklucht komt nu buiten de gevel uit.
Aan de dakdoorvoer trekken om te kijken wat erin zit
Bij een keuken met een dakdoorvoer op een plat dak kwam er in de winter koude lucht naar binnen. Om te kijken of er al een klep in het kanaal zat, werd op het dakterras aan de doorvoerkap getrokken. Die zat een beetje los, maar kwam niet omhoog.
Doortrekken was hier precies het verkeerde. Zo'n doorvoer staat onder het dakvlak meestal vast met een beugel of met zelftappers in de buis eronder, en de kap is vaak dubbelwandig uitgevoerd tegen condens. Wat je bij hard trekken kapot maakt is niet de doorvoer zelf maar de aansluiting op de dakbedekking, en dan heb je een lek.
De aanpak die werkte: van binnenuit kijken met een lampje door het aansluitstuk van de kap, vaststellen dat er geen klep in zat, en een klep in een recht stuk gladde buis van 150 mm plaatsen vlak boven de kap. De koude lucht was daarmee weg en het dak is niet aangeraakt.
Een ingebouwde keerklep die bij elke windvlaag tikte
Een pas geplaatste kap had al een keerklep in het aansluitstuk zitten. Bij harde wind ging die klep continu tikken, en omdat de buis het geluid doorgaf klonk het alsof er iemand in de keukenkast zat. Er stond een eenvoudige kap op het platte dak zonder windschort.
De reflex was om de klep dan maar vast te zetten. Dat is geen goed plan: een vastgezette klep blokkeert de afvoer, en de damp die niet naar buiten kan slaat neer in de kastjes boven het fornuis. De keuze tussen geklapper en tocht is bovendien een schijnkeuze.
Wat het opgeloste heeft: een dun rubberprofiel op de aanslag waar de kunststof flappen tegenaan komen. Het tikken werd daarmee een doffe klap die je in de keuken niet meer hoort, en de klep sluit nog steeds volledig. Bij een tweede woning met hetzelfde probleem is uiteindelijk de dakkap vervangen door een uitvoering met een hoger windschort, wat de drukwisselingen in de buis een stuk kleiner maakte.
Veelgemaakte fouten
Een klep in een flexibele ribbelslang duwen
Een vlinderklep is gemaakt voor een gladde ronde binnenwand. In een flexibele aluminium slang liggen de ribbels tegen de klepring aan en blijft er langs de hele omtrek lucht lopen. Zet er een kort stuk gladde buis of een verbindingsstuk tussen en plaats de klep daarin.
Twee kleppen achter elkaar in dezelfde route
Zit er al een keerklep in het aansluitstuk van de kap, dan geeft een tweede klep in de buis alleen extra weerstand. Je verliest zuigkracht en de kans op fluiten en klapperen wordt groter, omdat de twee kleppen op elkaars drukwisselingen reageren. Kijk dus altijd eerst in de kap.
De klep omgekeerd monteren
Op elke klep staat een pijl voor de luchtrichting. Zet je hem verkeerd om, dan sluit hij juist als de motor gaat draaien. De kap maakt dan nog wel geluid maar zuigt niets meer, en meestal wordt eerst de motor of het filter verdacht voordat iemand aan de klep denkt.
De klep vlak achter een bocht zetten
In een bocht draait de lucht en verdeelt de druk zich ongelijk over de twee schijfjes. Er gaat er dan één open en de ander half, en langs die halfopen schijf ontstaat een fluittoon op de hoogste stand. Houd twee keer de diameter recht stuk vrij voor en na de klep.
De klep vastzetten of dichtplakken tegen het geklapper
Het geluid is dan weg, maar de kooklucht ook nergens meer heen. Damp en vet slaan neer in de kap en in de kastjes erboven, en het vocht blijft in de keuken hangen. Dempen met vilt of rubber lost het geluid op zonder dat je de afvoer opoffert.
De buis in de spouw laten uitkomen
Als de buis niet tot het gevelvlak doorloopt, blaas je vochtige kooklucht tussen de muren. De isolatie wordt nat, blijft nat en op termijn krijg je schimmel aan de binnenkant. Een klep of een nieuw rooster verandert daar niets aan, dus verleng eerst de buis.
Een terugslagklep in een kanaal van de mechanische ventilatie
Bij een motorloze kap op een ventilatiebox loopt er altijd lucht door het kanaal, ook als je niet kookt. Dat is de basisventilatie van de woning. Een klep knijpt die af en dan blijft het vocht in de keuken hangen, met condens op de ramen als eerste teken.
De klep nooit meer schoonmaken
Op de scharnieren en de randen van de schijfjes zet zich vet af. Na een paar jaar gaat de klep zwaar lopen en krijgt de motor hem op de laagste stand niet meer open, of hij blijft juist half openhangen. Een half uur in heet sop met soda maakt hem weer soepel.
Veelgestelde vragen
Zit er standaard een terugslagklep in een afzuigkap?
Bij veel moderne kappen wel, in de vorm van twee kunststof flappen in het aansluitstuk boven de motor. Gegarandeerd is het niet: er zijn genoeg kappen waarbij in de doos alleen de kap, de boekjes en het piepschuim zitten. Kijk dus eerst met een lampje omhoog in het aansluitstuk voordat je iets koopt, want een tweede klep erbij zetten geeft alleen weerstand en meer kans op geluid.
Waar plaats je de terugslagklep van de afzuigkap: bij de kap of bij de dakdoorvoer?
Bij de kap, in het eerste rechte stuk buis boven het aansluitstuk. Hoe groter de afstand tussen de motor en de klep, hoe meer de luchtstroom onderweg is uitgedempt en hoe kleiner de kans dat de klep op de laagste stand helemaal openblaast. Een klep dicht bij de kap heeft nog een voordeel: je kunt er zonder ladder bij om hem schoon te maken, en je hoeft aan de bestaande dakdoorvoer op het dak niets los te maken.
Kan een terugslagklep ook rechtop in een verticale buis?
Dat hangt van het model af. Een eenvoudige vlinderklep sluit op zwaartekracht en heeft daarom een voorkeursstand die de fabrikant op de verpakking aangeeft: alleen liggend, alleen staand, of allebei. Een uitvoering met een veertje of een tegengewicht sluit in elke stand en is bij een verticale buis naar een plat dak de veiligste keuze. Kies bij een verticale opstelling bovendien een klep die geen condenswater kan vasthouden.
Waarom klappert de terugslagklep van mijn afzuigkap bij wind?
De winddruk op de uitmonding wisselt met elke vlaag. De klep komt daardoor telkens net van zijn zitting en valt weer terug, en de buis versterkt dat geluid tot in de keuken. Plak een dun rubberprofiel of een viltstrip op de aanslag, zodat kunststof niet meer op kunststof slaat. Blijft het, kies dan een klep met veer of tegengewicht en zet hem dichter bij de kap, verder van de wind af. Een dakdoorvoer met een hoger windschort helpt ook.
Past een terugslagklep in een flexibele slang?
Nee. Een klep die voor spirobuis of gladde ronde buis gemaakt is, sluit niet af tegen de ribbels van een flexibele aluminium slang en er blijft langs de omtrek lucht lopen. De oplossing is een kort stuk gladde buis of een verbindingsstuk in de route opnemen en de klep daarin plaatsen. De flexibele slang schuif je er weer overheen en zet je vast met een klemband en aluminium tape.
Is een afzuigkap rooster met terugslagklep genoeg, of heb ik er ook één in de buis nodig?
Eén afsluiting in de route is genoeg. Een rooster met lamellen aan de buitenkant houdt de tocht net zo goed tegen als een klep in de buis en heeft als voordeel dat er geen regen en geen insecten in de buis komen. Nadeel is dat de lamellen aan de weerkant zitten, waardoor ze eerder ratelen en bij vorst kunnen vastvriezen door condens. Zit er al een keerklep in de kap, dan neem je aan de buitenkant gewoon een rooster zonder klep.
Wat is beter: een buitenrooster afzuigkap met terugslagklep in kunststof of in RVS?
Voor een beschutte gevel voldoet een kunststof gevelrooster prima en dat kost een paar tientjes. Op een gevel waar de wind en de regen vol op staan gaat een RVS kaprooster met terugslagklep langer mee, ratelt het minder en heeft het meestal een afdakje dat inregenen tegenhoudt. Let bij beide op de vrije doorlaat: een fijnmazig gaas houdt vogels tegen maar slibt dicht met vet, en dan kost het je zuigkracht.
Heb ik een dakdoorvoer afzuigkap met terugslagklep nodig, of kan de klep ook los?
Een aparte klep in de buis werkt in de praktijk beter, want die zit dichter bij de motor en gaat daardoor zekerder open. Een dakdoorvoer met ingebouwde terugslagklep is vooral interessant als de doorvoer toch vervangen wordt, bijvoorbeeld bij een nieuw dak. Een goed werkende doorvoer loshalen om er een klep in te krijgen is het niet waard, want je raakt de wateraansluiting op de dakbedekking aan en dat is precies waar een lek ontstaat.
Kan ik de terugslagklep elektrisch met de afzuigkap laten meeschakelen?
Er bestaan gemotoriseerde kleppen die openen zodra het toestel stroom trekt, maar voor een keukenkap voegen ze niets toe. De luchtstroom van de motor doet dat werk zelf, ook op de laagste stand, mits de klep dicht genoeg bij de kap zit en in een recht stuk buis. Een mechanische klep kost een fractie en er is niets aan dat kapot kan gaan of gevoed moet worden.
Waarom ruikt mijn keuken naar kooklucht zodra de afzuigkap uitgaat?
Er stroomt dan lucht terug door de afvoerbuis naar binnen. Die lucht komt langs de vetfilters en neemt de geur mee die daar nog in zit, ook als je de filters trouw wast. Bij wind of bij een korte, rechte buis naar een plat dak gebeurt dat het snelst. Een terugslagklep in de buis stopt dit, mits alle naden in de route luchtdicht zijn afgeplakt. Zit de geur er ook met de kap aan, kijk dan naar het filter.
Heeft een recirculatiekap ook een terugslagklep nodig?
Nee. Een recirculatiekap blaast de lucht terug de keuken in en heeft geen kanaal naar buiten, dus er valt niets af te sluiten. Ruikt het bij zo'n kap naar oud eten, dan is het koolstoffilter verzadigd en aan vervanging toe. Bij nieuwere kappen met een plasmafilter voor geurafbraak zit het onderhoud anders in elkaar en gaat het filter een stuk langer mee.
De kap doet helemaal niets meer, ligt dat aan de klep?
Alleen als de klep verkeerd om gemonteerd is: dan draait de motor wel maar komt er geen lucht doorheen. Reageert de kap zelf niet meer, blijft de verlichting uit of knippert er een symbool op het bedieningspaneel, dan zit het probleem in het apparaat en niet in de afvoer. Onze storingzoeker met foutcodes per merk is dan een sneller startpunt dan het losschroeven van de buis.
Wanneer je beter een vakman belt
Een terugslagklep plaatsen is voor de meeste keukens gewoon zelf te doen. Het is een kwestie van meten, een klep in een recht stuk buis zetten en de naden luchtdicht maken. Er zijn drie situaties waarin wij het werk liever uit handen geven.
De eerste is alles wat op het dak moet gebeuren. Een dakdoorvoer vervangen of losmaken betekent werken aan de aansluiting op de dakbedekking, en dat is werken op hoogte met een lekkage als risico. Een dakdekker doet dat in een uur en met de juiste beveiliging.
De tweede is een huis met een open verbrandingstoestel, zoals een open geiser, een gaskachel of een open haard. De onderdruk van een afzuigkap kan dan rookgassen de woning in trekken. Werk aan gasleidingen en aan de afvoer van een verbrandingstoestel laat je altijd door een erkende installateur doen, en dat geldt ook voor het beoordelen van de luchttoevoer in zo'n woning.
De derde is een woning met balansventilatie of een motorloze kap op een ventilatiebox. Daar zit de afsluiting in het systeem zelf en verstoort een extra klep de luchtbalans van het hele huis. Een ventilatiemonteur kan de box inregelen, wat vaak meer oplevert dan wat je in het kanaal kunt veranderen.