Naar de inhoud
Bekijk de rekenhulpen

Omgekeerd dak isolatie: de opbouw van onder naar boven

12 minuten lezen Dak isoleren Bijgewerkt 14 augustus 2026
diy-gids.nl DAK & ZOLDER Omgekeerd dak isolatie

Bij een omgekeerd dak ligt de isolatie boven de waterdichte laag in plaats van eronder, los gelegd en verzwaard met grind of tegels. Dat kan alleen met XPS, want dat is het enige gangbare isolatiemateriaal dat jarenlang in het water kan liggen zonder waarde te verliezen. De winst zit in de dakbedekking: die krijgt geen uv, geen vorst en geen hitte meer te verduren en gaat daardoor veel langer mee. De prijs die je betaalt is gewicht, en dat is precies waarom deze opbouw op een betonnen dakvloer thuishoort en zelden op een houten dak.

12 minuten

Dit heb je nodig

1 tot 2 dagen voor een dak van 30 m² Zelf te doen bij een simpel dakvlak 35 tot 60 euro per m² aan materiaal

Gereedschap

  • Handzaag met grove tanding of een lang mes voor het op maat zagen van XPS
  • Rolmaat, timmerpotlood en een lange rei
  • Stanleymes met verse mesjes voor het filterdoek
  • Kruiwagen of dakkraan voor het grind
  • Bezem en een emmer voor het schoonmaken van de dakbedekking
  • Waterpas of slangwaterpas om het afschot te controleren
  • Dakrandbeveiliging of een gekeurde harnasgordel met ankerpunt

Materiaal

  • XPS-platen met sponningrand, drukvast, in de gewenste dikte
  • Filterdoek of scheidingsdoek van waterdoorlatend geotextiel
  • Gewassen rond grind 16/32 of betontegels op tegeldragers
  • Bladvanger of kiezelbak voor elke hemelwaterafvoer
  • Grindrand of opsluitband langs opstanden en dakranden
  • Reparatiemateriaal voor de bestaande dakbedekking

Wat een omgekeerd dak precies is

Bij een gewoon plat dak, het warme dak, ligt de isolatie onder de dakbedekking. Bij een omgekeerd dak is die volgorde omgedraaid. De waterdichte laag ligt onderop, de isolatieplaten liggen daar los bovenop en een laag grind of tegels houdt het geheel op zijn plek. Daar dankt de opbouw ook zijn naam aan.

De winst zit in wat er met de dakbedekking gebeurt. Een bitumen- of kunststofbaan die op een zonnige dag zeventig graden wordt en in een vriesnacht naar min tien zakt, veroudert door dat werken. Ligt diezelfde baan onder tien centimeter isolatie en een laag grind, dan blijft hij het hele jaar rond een gelijkmatige temperatuur en krijgt hij geen uv-licht meer. Ook een schoorsteenveger of een monteur van de zonnepanelen loopt niet meer over de waterkering zelf. Welke isolatie waar hoort bij de verschillende daktypen zetten we op een rij op onze overzichtspagina over het isoleren van een dak.

Deze opbouw hoort bij een plat dak of een dak met flauw afschot. Hoe de gewone warme en koude opbouw zich tot elkaar verhouden, hebben we uitgewerkt bij het isoleren van een plat dak. Verderop komt ook de tweede situatie aan bod waar mensen omgekeerd voor gebruiken: een schuin dak waarvan de dampdichte laag aan de buitenkant zit in plaats van aan de binnenkant.

LaagWarm dakOmgekeerd dak
DraagvloerBeton, kanaalplaat of houten dakbeschotVrijwel altijd beton of kanaalplaat
AfschotIn de constructie of in de isolatielaagIn de constructie of in een afschotlaag eronder
Dampremmende laagBoven de draagvloer, onder de isolatieMeestal niet nodig, de dakbedekking vervult die rol
IsolatiePIR, EPS of resol, verlijmd of mechanisch bevestigdLosliggende XPS-platen met sponningrand
Waterdichte laagBovenop, in weer en windOnder de isolatie, beschermd tegen uv en vorst
AfwerkingNiets, of grind tegen opwaaienFilterdoek met grind of tegels als ballast

Ga je toch de dakbedekking vernieuwen, kies dan voor een warm dak. Een omgekeerd dak is vooral interessant als de bestaande waterkering nog jaren mee kan en je die intact wilt laten.

Waarom alleen XPS in een omgekeerd dak past

De isolatie in een omgekeerd dak ligt boven de waterkering, dus onder de plaat staat bij elke bui water. Dat betekent dat het materiaal jarenlang nat mag worden zonder isolatiewaarde te verliezen, en dat het bevriezen en ontdooien moet overleven. In de praktijk blijft dan één materiaal over: geëxtrudeerd polystyreen, in de handel bekend als XPS en verkocht onder namen als Styrodur, Jackodur en Roofmate.

XPS heeft een volledig gesloten celstructuur. Water kan er niet in trekken, ook niet na tien jaar, en de platen zijn drukvast genoeg om er een laag grind of een terras op te leggen. Ze worden los gelegd, niet verlijmd, met de sponningranden in elkaar zodat er geen doorlopende naad ontstaat waar water rechtstreeks naar beneden loopt.

EPS, het gewone piepschuim, lijkt er sterk op maar heeft open cellen tussen de korrels en zuigt zich in deze positie langzaam vol. PIR neemt aan de snijranden vocht op en de cachering laat na verloop van tijd los. Minerale wol is helemaal niet aan de orde: die zakt vol water in en isoleert dan nauwelijks nog. Voor een schuin dak of een isolatiepakket onder de dakbedekking zijn die materialen prima, boven de waterkering niet.

MateriaalWateropname op lange termijnDrukvastheidBruikbaar boven de waterkering
XPSVrijwel nul, gesloten cellenHoog, ook onder tegelsJa, het standaardmateriaal voor deze opbouw
EPS of piepschuimLoopt op, korrelstructuur zuigt vochtRedelijk bij hoge dichtheidNee, verliest waarde in nat milieu
PIRAan snijranden en onder de cacheringHoogNee, hoort onder de dakbedekking
ResolhardschuimGevoelig voor vochtHoogNee
SteenwolZuigt vol bij staand waterAlleen speciale drukvaste platenNee
GlaswolZuigt vol en zakt inLaagNee
Cellulair glasNulZeer hoogAlleen volledig in bitumen gezet, niet losliggend

XPS is niet uv-bestendig. Laat de platen niet weken onafgedekt liggen omdat het grind nog moet komen. Het oppervlak verpoedert dan en de platen verkleuren en worden bros. Leg de ballast er binnen enkele dagen op.

De ballastlaag en wat je dakconstructie moet dragen

XPS weegt ongeveer 35 kilo per kubieke meter, dus een plaat van tien centimeter weegt nog geen vier kilo per vierkante meter. Zo'n plaat drijft op het regenwater dat eronder staat en waait bij een flinke storm zo van het dak. De ballastlaag is daarom geen afwerking maar een constructief onderdeel van de opbouw.

Voor een normaal dak is vijf centimeter gewassen rond grind in de sortering 16/32 de gebruikelijke ondergrens. Dat komt neer op ongeveer tachtig kilo per vierkante meter. Langs de dakranden en zeker op de hoeken is de windzuiging veel groter dan in het midden van het vlak, dus daar hoort een dikkere laag of een zwaardere afwerking. Hoeveel precies hangt af van de hoogte van het gebouw, de ligging en de afmetingen van het dakvlak.

Dat gewicht is meteen de reden dat een omgekeerd dak op een houten dakconstructie zelden opgaat. Tachtig kilo per vierkante meter erbij is voor een balklaag die daar niet op ontworpen is veel gevraagd, zeker als er in de winter ook nog sneeuw op komt te liggen. Op een betonnen dakvloer of kanaalplaatvloer is het meestal geen probleem, maar laat het narekenen voordat je bestelt. Bij twijfel over de draagkracht is een constructeur een paar honderd euro, een doorgezakt dak veel meer.

BallastLaagdikte of opbouwGewicht per m²Waar je op let
Grind 16/32, gewassen en rond50 mm in het middengebiedOngeveer 80 kgRond grind, geen split, scherpe stenen beschadigen het doek
Grind in de rand- en hoekzone80 mm of meer130 kg en hogerWindzuiging is aan de rand het grootst
Betontegels 30x30x4,5 cmLos in het grind of op tegeldragersOngeveer 100 kgGeschikt als loopstrook of dakterras
Terrastegels op verstelbare dragersDragers direct op de XPS100 tot 140 kgPuntbelasting, dus platen met hoge drukvastheid
XPS met cementgebonden toplaagMinder losse ballast nodigVolgens opgave van de fabrikantAlleen toepassen zoals de leverancier voorschrijft
Sedum of substraatVanaf ongeveer 80 mm substraat120 kg verzadigd en meerAltijd eerst een constructieberekening

Wanneer een omgekeerd dak de goede keuze is

De opbouw is sterk in één specifieke situatie: een betonnen dak waarvan de dakbedekking nog in goede staat is en dat te weinig isolatie heeft. Je hoeft dan niets te slopen, je raakt de waterkering niet aan en je bent in een weekend klaar. Bij een dak dat toch aan vervanging toe is, ben je met een warm dak vaak goedkoper uit en isoleer je bij dezelfde dikte beter.

Er zit namelijk een rekentechnisch nadeel aan. Regenwater loopt tussen en onder de platen door en stroomt daar over de koude bovenzijde van de dakbedekking. Dat water voert warmte af, en daarom moet je op de opgegeven isolatiewaarde een correctie toepassen. Reken op een effectieve waarde die enkele procenten lager ligt dan wat er op de plaat staat, en neem daarom liever een centimeter of twee extra. De precieze correctie hangt af van de dikte van het pakket en van hoe waterdoorlatend de ballast is.

Wat vaak onderschat wordt zijn de aansluitingen. Elke opstand, elke dakdoorvoer en elke dakrand moet minstens de dikte van het isolatiepakket plus de ballast hoger komen te liggen. Zit je dakrand nu al krap boven de dakbedekking, dan verlies je die overhoogte en loopt het water bij een flinke bui over de rand naar binnen. Ook de hemelwaterafvoer moet mee omhoog, en het afschot van het platte dak blijft gewoon nodig want het water moet nog steeds onder de platen door naar de afvoer.

SituatieOmgekeerd dak verstandig?Waarom
Betonnen dak, dakbedekking nog jaren goedJa, dit is de situatie waar het voor bedoeld isGeen sloopwerk en de waterkering blijft beschermd
Houten dakconstructieMeestal nietHet ballastgewicht is te veel voor een gewone balklaag
Dakbedekking lekt of is verweerdNee, eerst vervangenOnder honderd kilo grind kom je niet meer bij een lek
Dak wordt ook dakterrasJa, met tegels op dragersIsolatie en terras in één opbouw
Dakrand of opstand ligt laagAlleen na aanpassen van de randDe overhoogte verdwijnt onder het pakket
Veel doorvoeren en lichtkoepelsBewerkelijkElke opstand moet mee omhoog en netjes worden ingepast
Dak met zonnepanelen op ballastAlleen na een berekeningBeide opbouwen leggen gewicht op dezelfde vloer

Onder de ballast kun je niet meer inspecteren. Een lek opsporen onder tien centimeter isolatie en tachtig kilo grind per vierkante meter betekent het hele vlak leegscheppen. Repareer wat er te repareren valt voordat de platen erop gaan.

Het duodak: na-isolatie over een dak dat al isolatie heeft

Ligt er onder de dakbedekking al isolatie, dan heet de combinatie een duodak of een plusdak: de oude laag onder de waterkering blijft zitten en je legt er XPS bovenop. Dat is een prima manier om een dak uit de jaren tachtig met vijf centimeter isolatie op een acceptabel niveau te brengen zonder alles eraf te halen.

Er is één regel die je hierbij niet moet loslaten. De bestaande dakbedekking werkt in de nieuwe opbouw als dampremmende laag, en die moet aan de warme kant blijven. Wij houden daarom aan dat de nieuwe laag boven de dakbedekking minstens even veel isolatiewaarde levert als het pakket dat er al onder ligt, en liever meer. Blijft de nieuwe laag te dun, dan schuift het condensvlak precies naar de onderkant van die oude dakbedekking en gaat het daar op termijn nat worden.

Praktisch betekent dat vaak twaalf tot vijftien centimeter XPS boven op een bestaand pakket van vijf tot acht centimeter. Reken het per geval na met de Rd-waarden van beide lagen in plaats van op de dikte af te gaan, want vijf centimeter PIR isoleert ruim twee keer zo goed als vijf centimeter XPS. Dat er al iets ligt maakt het na-isoleren dus niet simpeler, alleen anders. De routes voor een dak dat al gedeeltelijk geïsoleerd is hebben we ook uitgewerkt bij de opbouw en het onderhoud van een plat dak.

Na-isolatie van een schuin dak met een omgekeerde dampopbouw

Er is nog een tweede betekenis van omgekeerd waar mensen op zoeken, en die komt vaker voor dan het echte omgekeerd dak. Dat is een schuin dak waar de dampdichte laag aan de verkeerde kant zit: buiten in plaats van binnen. Bij daken van rond 1975 tot 1980 kom je dat regelmatig tegen in de vorm van twee of drie centimeter dun piepschuim op het dakbeschot, onder de panlatten.

De vuistregel voor een dakopbouw is dat elke laag van binnen naar buiten dampopener moet worden. Waterdamp die vanuit de woning het pakket in trekt, moet er aan de buitenzijde weer uit kunnen. Zit daar een laag piepschuim, dan werkt die als een rem op precies de plek waar het open zou moeten zijn, en kan vocht ophopen tegen de onderkant van het dakbeschot.

In de praktijk valt dat vaak mee, en dat is de reden waarom die daken meestal niet verrot zijn. Dat dunne piepschuim heeft geen tand en groef, de plaatjes liggen niet strak tegen elkaar en na veertig jaar zijn de naden alleen maar ruimer geworden. Het is dus noch winddicht noch echt dampdicht. Zeker weten doe je het niet, en daarom kies je bij dit soort daken de veilige route: een isolatiemateriaal dat vocht verdraagt en aan de binnenzijde een folie die kan terugdrogen. Hoe je zo'n pakket verder opbouwt en afwerkt staat bij het isoleren van een dak vanaf de binnenkant.

Eerst vaststellen wat er aan de buitenkant zit

Voordat je materiaal bestelt wil je weten wat er boven het dakbeschot ligt. Licht een pan en een panlat op, of kijk bij een dakdoorvoer of langs de nok. Je zoekt drie dingen: ligt er isolatie, ligt er folie, en is die folie dampopen of juist een oude bitumineuze laag. Een moderne dampopen folie voelt als stevig vlies, een oude laag glimt en is stug. Bij een rieten dak gelden weer andere regels, want daar moet het riet aan de onderzijde juist kunnen ventileren.

Wel of geen luchtspouw tussen isolatie en dakbeschot

Over dit punt lopen de adviezen uiteen, ook tussen aannemers en fabrikanten onderling. De technische dienst van een grote fabrikant van harde schuimplaten adviseert bij een dampdichte buitenzijde een luchtspouw van twee centimeter tussen het dakbeschot en de PIR-platen. Een timmerman zegt in dezelfde situatie dat je de isolatie juist strak tegen het beschot moet drukken. Beiden hebben een punt, alleen gaan ze over verschillende materialen.

Bij minerale wol werkt een luchtspouw averechts. Wol is doorlatend voor lucht, dus in een spouw erachter gaat de lucht circuleren, waait de warmte langs de isolatie weg en levert het pakket meetbaar in. Glaswol en steenwol duw je daarom vol tegen het dakbeschot aan, zonder ruimte.

Bij PIR ligt het anders. Die platen zijn zelf vrijwel dampdicht en sluiten niet naadloos aan op een oud, ongelijk dakbeschot. Zit er aan de buitenzijde een dampremmende laag, dan is een spouw van twee centimeter een manier om het beschot te laten drogen. Daarvoor geldt wel een harde voorwaarde die vaak wordt overgeslagen: die spouw moet onderaan bij de goot en bovenaan bij de nok echt open zijn naar buiten. Een spouw die aan beide kanten dicht zit, ventileert niet en verlaagt alleen de isolatiewaarde. Kies je voor PIR met een geventileerde spouw, werk dan aan de binnenzijde dampdicht af en gebruik daar geen klimaatfolie, want die is bedoeld voor constructies die naar binnen moeten kunnen terugdrogen.

Dampremmende folie, klimaatfolie en dampdicht afwerken

Bij een pakket minerale wol tegen een dakbeschot met piepschuim aan de buitenzijde is klimaatfolie de verstandigste keuze. Zo'n vochtvariabele damprem laat in de winter vrijwel geen damp door, maar wordt in de zomer dampopener zodat vocht dat toch in de constructie zit naar binnen kan terugdrogen. Een gewone dampremmende folie kan dat niet en sluit het vocht op tussen twee dichte lagen.

Wat je in geen geval doet, is drie dampremmende lagen in één pakket stoppen. Een dampscherm onder het dakbeschot, een tweede folie onder de isolatie en het piepschuim aan de buitenzijde: dan zit de wol opgesloten tussen twee dichte lagen en kan er niets meer weg. Er is één damprem, die zit aan de warme binnenzijde, en verder is elke laag naar buiten toe dampopener.

Koop de minerale wol dan ook zonder aluminium cachering. Die zilverkleurige laag op de rol is zelf al een damprem, en samen met je klimaatfolie heb je er dan weer twee. Belangrijk is verder dat de folie luchtdicht wordt: overlappen van minstens tien centimeter, naden aftapen met de bijbehorende tape, en langs muren, gordingen en doorvoeren aansluiten met een blijvend elastische kit of aansluittape. Een gaatje van een centimeter laat meer vocht door dan vierkante meters folie samen.

Breng de damprem aan op de dag dat de wol erin gaat, niet een paar weekenden later. Wol die open blijft liggen, neemt vocht op uit de lucht in de ruimte en dat sluit je er dan bij het aftapen gewoon in.

Isolatiedikte, Rd-waarde en warmte in de zomer

De ruimte tussen de kepers bepaalt bij een schuin dak vaak wat er past. Zestien centimeter glaswol komt uit op een Rd van ongeveer 4,0, en dat is netjes maar blijft onder de nieuwbouweis van Rc 6,3 voor een dak. Met PIR haal je diezelfde 6,3 al bij ongeveer veertien centimeter, dus bij een beperkte keperhoogte levert een hard schuim gewoon meer isolatie op per centimeter.

Zit je krap in de dikte, dan is het de moeite waard om die afweging bewust te maken. Isoleren doe je aan de binnenkant meestal maar één keer, want de tweede keer moet de afwerking er weer af. Aan de andere kant is minerale wol goedkoper, isoleert het beter tegen geluid en is het vergevingsgezinder bij een ongelijk dakbeschot.

Voor zomerwarmte telt niet de Rd-waarde maar de faseverschuiving: de tijd die de warmte nodig heeft om door het pakket heen te komen. Die hangt vooral samen met massa. Veertien centimeter PIR zit rond de zeven uur, zestien centimeter glaswol rond zesenhalf uur en zwaardere steenwol loopt richting negen uur. Het verschil tussen PIR en glaswol is daarmee kleiner dan vaak wordt aangenomen. Werk je overdag onder dat dak en is de avond minder belangrijk, dan kies je op isolatiewaarde. Slaap je eronder, dan weegt massa zwaarder. Op een dak met shingles of een andere donkere dakbedekking speelt dat extra, want zo'n vlak wordt in de zon een stuk heter dan rode pannen.

MateriaalLambdaDikte voor Rd 4,0Dikte voor Rd 6,3Faseverschuiving bij die dikte
Resolhardschuim0,02185 mm135 mmKort, ongeveer 6 uur
PIR0,02290 mm140 mmOngeveer 7 uur bij 140 mm
XPS0,034140 mm215 mmOngeveer 7 uur bij 140 mm
Glaswol0,035140 mm220 mmRuim 6 uur bij 160 mm
EPS0,036145 mm230 mmKort, weinig massa
Steenwol0,037150 mm235 mmTot ongeveer 9 uur bij zware kwaliteit
Houtvezel0,040160 mm255 mm10 uur en meer

De wol tussen de kepers krijgen zonder kieren

Een pakket dat op papier klopt, kan in de praktijk tegenvallen door een paar centimeter kier langs de balken. Lucht die langs de isolatie kan stromen, doet meer kwaad dan een halve centimeter dikte minder. Meet daarom de vrije ruimte tussen twee kepers op meerdere hoogtes, want in oude daken staat vrijwel niets haaks.

Snijd de stroken wol één tot twee centimeter breder dan de gemeten maat. De wol klemt dan uit zichzelf tussen de kepers en je hebt geen nietjes of pennen nodig om hem op zijn plek te houden. Snijd je op de exacte maat, dan valt de eerste strook er bij het aftapen van de folie alweer uit.

Lopen er horizontale gordingen over het dakvlak waar de wol overheen moet, dan is plaatselijk indrukken geen probleem. Twee en een halve centimeter samendrukken bij een pakket van zestien centimeter kost op die smalle stroken wat isolatiewaarde, maar over het hele dakvlak gerekend is dat verwaarloosbaar. Dat is beter dan de wol daar onderbreken en een echte koudebrug maken. Ga je ook de dakvoet, de knieschotten en de aansluiting op de gevel aanpakken, dan is de rest van ons dakgedeelte de plek waar je die aansluitingen terugvindt.

Zo leg je een omgekeerd dak aan

Deze volgorde gaat uit van een betonnen dak met een dakbedekking die nog goed is en die je wilt laten liggen.

  1. Regel eerst de valbeveiliging

    Werken op een plat dak zonder opstaande rand of met een lage dakrand is werken op hoogte. Zet steigers of een randbeveiliging, of werk met een gekeurde harnasgordel aan een deugdelijk ankerpunt. Je sjouwt hier kruiwagens vol grind over een vlak dat glad wordt bij de eerste regen, en je kijkt naar je voeten in plaats van naar de rand.

  2. Laat de draagkracht narekenen

    Tachtig tot honderdveertig kilo per vierkante meter is een blijvende belasting op de dakvloer. Bij een betonvloer is dat meestal geen punt, maar bij twijfel en bij elke houten constructie laat je een constructeur meekijken voordat je materiaal bestelt. Dit is het enige moment waarop dat nog goedkoop is.

  3. Inspecteer en repareer de dakbedekking

    Veeg het dak schoon en loop het hele vlak na op blazen, scheuren, losse naden en opstanden die loslaten. Controleer ook of het water overal richting de afvoer loopt. Alles wat je nu niet repareert, zit straks onder tien centimeter isolatie en een laag grind.

  4. Maak de dakranden en doorvoeren op hoogte

    Elke opstand, dakrand en doorvoer moet boven het nieuwe pakket uitkomen, met genoeg overhoogte om het water bij een stevige bui te keren. Zet de hemelwaterafvoeren op de nieuwe hoogte en plaats bij elke afvoer een bladvanger of kiezelbak, zodat er geen grind of vuil in verdwijnt.

  5. Leg de XPS-platen los in verband

    Begin in een hoek en werk in halfsteensverband, zodat de kopse naden niet doorlopen. Schuif de sponningranden strak in elkaar en zaag de laatste plaat van elke rij op maat met een handzaag. De platen worden niet verlijmd en niet mechanisch bevestigd: ze moeten kunnen bewegen en het water moet eronderdoor naar de afvoer kunnen lopen.

  6. Rol het filterdoek uit

    Leg waterdoorlatend geotextiel over de hele isolatie met overlappen van ongeveer tien centimeter, en trek het langs de opstanden een stukje omhoog. Het doek houdt zand, blad en vuil tegen dat anders tussen de platen zakt en de afvoer verstopt. Zonder doek zit je binnen een paar jaar met dichtgeslibde naden.

  7. Breng de ballast aan

    Verdeel het grind gelijkmatig in een laag van minstens vijf centimeter en leg langs de randen en op de hoeken een dikkere laag. Stort niet vanaf hoogte op één punt, dat beschadigt het doek. Doe dit binnen enkele dagen na het leggen van de platen, want XPS kan niet tegen langdurig uv-licht.

  8. Controleer de afwatering met een emmer water

    Giet een emmer water op verschillende plekken op het grind en kijk of het vlot bij de afvoer terechtkomt. Blijft het ergens staan, dan zit er een plaat te strak tegen een opstand of ligt er te weinig afschot. Dat los je nu op, niet bij de eerste najaarsbui.

Voordat het grind erop gaat

Uit de praktijk

Dit kwamen we tegen

Twee vakmensen, twee tegengestelde adviezen over hetzelfde dak

Een oud schuin dak met nieuwe pannen en een dampopen folie erop, en daaronder twee centimeter piepschuim direct op het dakbeschot. De eigenaar wilde van binnenuit na-isoleren en kreeg twee adviezen die elkaar uitsloten. De timmerman zei: PIR-platen strak tegen het dakbeschot, dan krijgt condens geen ruimte. De aannemer zei: minerale wol met twee centimeter lucht ertussen, zodat het beschot kan ventileren.

Wat hier de doorslag gaf was het piepschuim. Dat maakt de buitenzijde relatief dampdicht, terwijl de opbouw van binnen naar buiten juist dampopener zou moeten worden. Het is minerale wol geworden, strak tegen het dakbeschot, met aan de binnenzijde klimaatfolie in plaats van een gewone damprem. De wol verdraagt vocht, en de vochtvariabele folie laat de constructie in de zomer naar binnen terugdrogen. Een spouw tussen wol en beschot is bewust achterwege gelaten, omdat lucht die langs wol kan stromen de isolatiewaarde omlaag haalt.

Dit kwamen we tegen

Een voorstel met drie dampremmende lagen in één pakket

Halverwege het uitwerken van dezelfde klus kwam er een opbouw op tafel met een dampscherm direct onder het dakbeschot, daaronder een luchtspouw, dan de PIR-platen en aan de binnenzijde nog een dampremmende folie. Op papier leek dat extra veilig, want er zaten twee schermen in.

Het is juist de slechtst denkbare variant. Met het piepschuim aan de buitenzijde zitten er dan drie dichte lagen in één constructie, en het vocht dat er ondanks alles in komt kan geen kant meer op. Een dampremmende laag hoort altijd aan de warme binnenzijde en er is er precies één. Wat daarbuiten ligt, moet naar buiten toe steeds dampopener worden. De opbouw is teruggebracht tot dakbeschot, wol, klimaatfolie en afwerking, en daarmee klopt de volgorde weer.

Dit kwamen we tegen

Zestien centimeter glaswol tussen kepers die niet haaks stonden

Tussen de kepers zat ruim zestien centimeter ruimte, wat met glaswol uitkomt op een Rd van ongeveer 4,0. Dat is minder dan de nieuwbouweis van 6,3, maar de ruimte was klein en de wanden konden niet dikker. Twee praktische vragen bleven over: over het dakvlak liepen drie horizontale gordingen waar de wol twee en een halve centimeter zou moeten worden ingedrukt, en er lag wol met aluminium cachering in het schap.

Het indrukken bleek geen probleem: op smalle stroken kost dat wat isolatiewaarde, maar dat weegt niet op tegen de koudebrug die ontstaat als je de wol daar onderbreekt. De gecacheerde wol is wel afgevallen. Die aluminium laag is zelf een damprem, en met de geplande klimaatfolie zouden er twee in het pakket zitten. Het is onbeklede wol geworden, in stroken die één tot twee centimeter breder waren gesneden dan de gemeten keperafstand zodat ze klemmend bleven zitten.

Dit kwamen we tegen

Wol die weken open bleef liggen voordat de folie erop ging

Bij een zolder die in weekenden werd afgebouwd, ging de glaswol er in mei in en zou de damprem er later bij komen. Het werden zes weken, met tussendoor een verbouwing beneden waarbij veel vocht vrijkwam. Toen de folie eindelijk werd aangebracht, voelde de wol tegen het dakbeschot klam aan.

De wol was vocht uit de ruimtelucht blijven opnemen, en dat vocht zit na het aftapen opgesloten in de constructie. De wol is er weer uit gehaald, het dakbeschot is een week doorgedroogd met de ramen open en daarna is alles op één dag afgemaakt: wol erin, folie erop, naden dicht. Onze regel sindsdien is dat isolatie en damprem in dezelfde werkdag aangaan.

Veelgemaakte fouten

Een ander isolatiemateriaal dan XPS boven de dakbedekking leggen

EPS is goedkoper en PIR isoleert beter per centimeter, dus de verleiding is groot. Boven de waterkering staat het materiaal bij elke bui in het water en vriest het 's winters door. EPS zuigt zich langzaam vol en PIR neemt aan de snijranden vocht op. Na een paar jaar isoleert het pakket meetbaar slechter en er zit dan honderd kilo grind per vierkante meter op.

Te weinig ballast, of de randzone vergeten

Losliggende XPS drijft op water en waait weg bij storm. Vijf centimeter grind in het midden van het vlak is een ondergrens, geen richtlijn voor het hele dak. De windzuiging is aan de dakranden en zeker op de hoeken vele malen groter, dus daar hoort een dikkere laag of zwaardere afwerking.

Het filterdoek overslaan

Het lijkt een extraatje, maar zonder doek spoelt zand en bladafval tussen de platen door tot op de dakbedekking. Daar slibben de naden dicht en verstopt de afvoer. Water dat niet weg kan, wil je nu net niet onder je isolatie hebben staan.

Grind op een houten dakconstructie storten zonder te rekenen

Een balklaag uit de jaren zestig is berekend op een dakbedekking en op sneeuw, niet op een blijvende belasting van tachtig kilo of meer per vierkante meter. Doorbuiging maakt het afschot slechter, waardoor er water blijft staan, waardoor de belasting nog verder oploopt. Laat dit narekenen voordat de eerste kruiwagen omhoog gaat.

Twee of drie dampremmende lagen in één pakket

Bij na-isoleren van binnenuit is dit de meest voorkomende fout: een folie onder het dakbeschot, een gecacheerde wol en dan nog een damprem aan de binnenkant. Het vocht dat er onvermijdelijk in komt kan geen kant meer op en verzamelt zich tegen het hout. Er hoort één damprem in de constructie, aan de warme zijde.

Een luchtspouw maken die nergens op uitkomt

Twee centimeter ruimte tussen isolatie en dakbeschot heeft alleen zin als die ruimte onderaan bij de goot en bovenaan bij de nok open is naar buiten. Zit hij aan beide einden dicht, dan ventileert er niets, staat de lucht stil en heb je alleen twee centimeter isolatiedikte weggegeven.

Minerale wol met een luchtspouw erachter

Wol laat lucht door, dus in de spouw erachter gaat de lucht bewegen en voert de warmte langs de isolatie mee naar buiten. Het pakket levert dan meetbaar in op de waarde die op de rol staat. Glas- en steenwol duw je vol tegen het dakbeschot.

De damprem wel plakken maar de aansluitingen niet

Een folie die netjes over het hele dakvlak ligt maar bij de gevel, de gordingen en de doorvoeren los eindigt, doet minder dan de helft van zijn werk. Vochtige binnenlucht kiest het gat, niet de folie. Overlappen aftapen en langs elke rand aansluiten met tape of blijvend elastische kit.

Veelgestelde vragen

Welk isolatiemateriaal kun je in een omgekeerd dak gebruiken?

In de praktijk alleen XPS, geëxtrudeerd polystyreen. Dat heeft een gesloten celstructuur, neemt vrijwel geen water op en is drukvast genoeg voor grind of tegels. EPS, PIR, resol en minerale wol nemen in deze positie vocht op en verliezen isolatiewaarde. Cellulair glas kan tegen water maar wordt volledig in bitumen gezet en is dus geen losliggende oplossing.

Hoeveel grind moet er op een omgekeerd dak?

Reken op minstens vijf centimeter gewassen rond grind in de sortering 16/32 in het middenvlak, wat neerkomt op ongeveer tachtig kilo per vierkante meter. Langs de dakranden en op de hoeken is de windzuiging groter en hoort een dikkere laag. Hoeveel precies hangt af van de gebouwhoogte, de ligging en de afmetingen van het dakvlak.

Kan een omgekeerd dak op een houten dakconstructie?

Meestal niet zonder aanpassingen. Het gaat om een blijvende belasting van tachtig tot honderdveertig kilo per vierkante meter, en daar is een gewone houten balklaag niet op ontworpen. Op een betonnen dakvloer of kanaalplaat is het doorgaans geen probleem. Laat de constructie in beide gevallen narekenen voordat je materiaal bestelt.

Isoleert een omgekeerd dak minder goed dan een warm dak?

Iets minder, bij dezelfde Rd-waarde. Regenwater loopt tussen en onder de platen door over de koude bovenzijde van de dakbedekking en voert daar warmte af. Daarom wordt op de opgegeven waarde een correctie toegepast die afhangt van de dikte van het pakket en van de waterdoorlatendheid van de ballast. Neem daarom een paar centimeter extra ten opzichte van je rekenwaarde.

Wat is het verschil tussen een omgekeerd dak en een duodak?

Bij een omgekeerd dak zit alle isolatie boven de dakbedekking. Bij een duodak, ook wel plusdak, ligt er al isolatie onder de bestaande dakbedekking en leg je daar XPS bovenop. Dat is een gebruikelijke manier om na te isoleren zonder te slopen. De nieuwe bovenlaag moet dan wel minstens even veel isolatiewaarde leveren als het bestaande pakket, anders komt het condensvlak op de verkeerde plek te liggen.

Is na isolatie van het dak zinvol als er al een dunne laag isolatie ligt?

Vrijwel altijd wel, want de sprong van twee of drie centimeter naar een volwaardig pakket is groot. Waar je die laag toevoegt, is de vraag. Ligt de bestaande isolatie aan de buitenzijde, dan is er bovenop bijleggen veiliger dan aan de binnenkant, want zo blijft het dampremmende vlak aan de warme kant. Bij een schuin dak waar je niet aan de buitenzijde kunt, isoleer je van binnenuit en kies je een opbouw die naar binnen kan terugdrogen. De routes staan naast elkaar bij isoleren vanaf de binnenkant.

Moet ik een luchtspouw laten tussen de isolatie en het dakbeschot?

Bij minerale wol niet: die druk je vol tegen het dakbeschot, want lucht die achter wol kan circuleren haalt de isolatiewaarde omlaag. Bij PIR tegen een dampdichte buitenzijde kan een spouw van twee centimeter helpen om het beschot te laten drogen, maar alleen als die spouw onderaan bij de goot en bovenaan bij de nok echt open is naar buiten. Een afgesloten spouw ventileert niet en levert je alleen isolatiedikte in.

Wanneer gebruik je klimaatfolie in plaats van een gewone damprem?

Als de buitenzijde van het dak relatief dampdicht is en de constructie dus naar binnen toe moet kunnen terugdrogen. Dat speelt bij daken met een laag piepschuim of een oude bitumineuze laag boven het dakbeschot. Klimaatfolie is in de winter vrijwel dampdicht en wordt in de zomer opener, waardoor opgesloten vocht alsnog weg kan. Werk je met PIR en een geventileerde spouw, dan kies je juist een dampdichte afwerking aan de binnenzijde.

Welke isolatiedikte heb ik nodig voor een dak?

De nieuwbouweis voor een dak ligt op Rc 6,3. Dat haal je met ongeveer veertien centimeter PIR, of met tweeëntwintig centimeter glaswol. Past dat niet tussen je kepers, dan is zestien centimeter wol met een Rd van ongeveer 4,0 nog steeds een grote verbetering ten opzichte van een ongeïsoleerd dak. Kies bewust: aan de binnenkant isoleer je meestal maar één keer, want de tweede keer moet de afwerking eraf.

Mag ik de minerale wol indrukken waar een gording in de weg zit?

Dat mag. Bij een pakket van zestien centimeter kost twee en een halve centimeter indrukken op een paar smalle stroken zo weinig dat je het over het hele dakvlak niet terugziet. De wol daar onderbreken is veel slechter, want dan maak je een koudebrug waar vocht op afkomt. Snijd de stroken één tot twee centimeter breder dan de keperafstand zodat ze klemmend blijven zitten.

Kan een omgekeerd dak ook een dakterras worden?

Ja, en dat is een van de sterkste toepassingen. In plaats van grind leg je betontegels op verstelbare tegeldragers, direct op het filterdoek en de XPS. Kies dan platen met een hoge drukvastheid, want de dragers geven puntbelasting. Het gewicht ligt hoger dan bij grind, dus de constructieberekening is hier geen formaliteit.

Hoe controleer ik wat er aan de buitenzijde van mijn schuine dak zit?

Licht een paar pannen en een panlat op, of kijk bij een dakdoorvoer, langs de nok of vanaf de zolder bij een niet-afgetimmerd stuk. Je wilt weten of er isolatie ligt, of er folie onder de pannen zit en of die folie dampopen is of juist een oude gesloten laag. Dun piepschuim zonder tand en groef uit de jaren zeventig kom je vaak tegen. Dat is niet volledig dampdicht, maar wel dampremmender dan de buitenzijde zou moeten zijn. Meer over de vervolgstappen per daktype staat bij het schuine dak en de pannen.

Wanneer je beter een vakman belt

Het leggen van XPS-platen en het verdelen van grind is werk dat je met twee man prima zelf doet. Er zijn wel drie momenten waarop je iemand anders nodig hebt.

Het eerste is de constructieberekening. Een omgekeerd dak legt tachtig tot honderdveertig kilo per vierkante meter blijvend op je dakvloer. Bij elke houten constructie en bij twijfel over een betonvloer laat je dat door een constructeur narekenen, en dat is geen formaliteit maar de bepalende stap in het hele plan.

Het tweede is de dakbedekking zelf. Zit er een lek, laat een opstand los of zijn de naden verweerd, dan hoort daar eerst een dakdekker aan te pas. Onder een pakket isolatie en ballast kom je er nooit meer bij zonder alles leeg te scheppen.

Het derde is werken op hoogte. Een plat dak zonder deugdelijke dakrand of een schuin dak dat je van buitenaf moet openleggen, is werk met valgevaar. Wie daar geen randbeveiliging of gekeurde harnasgordel met een echt ankerpunt voor heeft, huurt een dakdekker in met een steiger. Kom je bij een dak uit de jaren zestig of zeventig oude golfplaten of een verdachte donkere plaat tegen, stop dan en laat eerst onderzoeken of er asbest in zit. Dat is geen werk dat je zelf breekt of zaagt.

Verder lezen over dit onderwerp

diy-gids.nl DAK & ZOLDER Plat dak: bedekking, afschot en isolatie
Dak & zolder

Plat dak

diy-gids.nl DAK & ZOLDER Schuin dak: pannen, boeidelen en nokvorsten
Dak & zolder

Schuin dak & pannen