Keukenplint met klemmen bevestigen
Een keukenplint hangt niet aan de kastjes maar aan de stelpoten eronder, met een klem die uit twee delen bestaat: een houdertje op de achterkant van de plint en een tegenstuk om de poot. Meet eerst de buitendiameter van je poten en de dikte van je plint, want daar valt of staat het of een set past. Zitten alle klemmen op dezelfde hoogte en op de plek waar een poot staat, dan klikt de plint er in één beweging in en trek je hem net zo makkelijk weer los.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Schuifmaat of een rolmaat met een scherp oog voor de pootdiameter
- Rolmaat en een potlood met dunne stift
- Accuschroevendraaier met koppelinstelling
- Bit PZ2 en een boortje van 2 mm om voor te boren
- Waterpas van 60 cm of langer
- Winkelhaak
- Afkortzaag of een handcirkelzaag met geleiderail
- Fijntandzaag voor de uitsparingen
- Stanleymes voor de dweilrand
- Zaklamp om onder de kasten te kijken
Materiaal
- Keukenplintklemmen, in twee delen of als veerklem, passend bij de pootdiameter
- Spaanplaatschroeven 3,5 x 12 mm met platte kop voor plinten van 16 mm
- Rubberen of kunststof dweilrand op rol
- Plint of meubelpaneel in de juiste hoogte en afwerking
- Hoekverbinders of een restje plint als achterlat
- Kantenband in dezelfde kleur voor gezaagde koppen
- Vulstrookjes multiplex van 4 tot 12 mm
Hoe een keukenplint met klemmen vastzit
De plint onder je keuken hangt niet aan de kastjes, maar aan de stelpoten waar die kastjes op staan. De plintbevestiging bestaat bijna altijd uit twee delen. Op de achterkant van de plint schroef je een houdertje, en om de stelpoot klemt een tegenstuk. Duw je de plint tegen de kasten, dan grijpen die twee in elkaar en zit hij vast zonder dat je van voren een schroef ziet.
Die keuze voor een klem in plaats van een schroef is niet toevallig. Achter de plint zit de sifon van de spoelbak, de toevoerkraan van de vaatwasser, de stekkerdoos voor de koelkast en soms de aansluiting van de kookplaat. Een plint die vastgeschroefd of vastgelijmd zit, moet je slopen om bij een lekkende koppeling te komen. Een geklemde plint trek je er met twee handen uit en klik je er daarna weer in.
De plint staat bovendien los van de vloer, met een paar millimeter lucht of met een rubberen dweilrand ertegenaan. Bij zwevend gelegde laminaat- en pvc-vloeren telt dat zwaar: zo'n vloer moet kunnen uitzetten en krimpen, en een plint die erop drukt of erin geschroefd zit, houdt die beweging tegen.
In de winkel en op verpakkingen kom je dezelfde onderdelen onder verschillende namen tegen. Plintclip, plinthouder, sokkelklem en keukenplintbevestiging slaan allemaal op hetzelfde principe. Wat je zoekt is niet de naam maar de maat, en die staat zelden op de doos.
De maten die je moet weten voordat je klemmen koopt
Klemmen kopen zonder eerst te meten loopt meestal uit op een ritje terug naar de winkel. Vier maten bepalen of een set werkt: de buitendiameter van de stelpoot, de dikte van de plint, de hoogte van de plint en de afstand tussen de poot en de achterkant van de plint. Die laatste wordt het vaakst vergeten en is precies de maat waar het misgaat.
Meet de pootdiameter met een schuifmaat, niet met je duim en een rolmaat. Twee millimeter verschil voelt als niets maar is het verschil tussen een klem die pakt en een klem die van de poot af glijdt. Zitten er nog oude plinten in huis met de originele clips erop, neem er dan één mee naar de winkel. Een bestaand exemplaar in je hand zegt meer dan elke productomschrijving.
Let ook op de vorm van de poot. De meeste keukenpoten zijn een ronde buis van kunststof of staal, maar er zijn series met een vierkante of een dubbelwandige poot, en die vragen een ander tegenstuk. Kijk met een zaklamp onder de kast voordat je bestelt.
| Wat je meet | Waarom die maat telt | Wat je in de praktijk tegenkomt |
|---|---|---|
| Buitendiameter van de stelpoot | Bepaalt of het tegenstuk om de poot sluit en blijft zitten | Ronde buis, veelal rond de 50 en 60 mm; meten met een schuifmaat is de enige zekerheid |
| Dikte van de plint | Bepaalt de schroeflengte en of de klem nog tot de poot reikt | Fabrieksplinten vaak 16 mm, een op maat gezaagd meubelpaneel eerder 18 of 19 mm |
| Hoogte van de plint | Bepaalt op welke hoogte de klem komt en of hij achter de plint past | 100, 120 en 150 mm zijn gangbaar; bij opgehoogde kasten kom je op afwijkende maten uit |
| Afstand poot tot achterkant plint | Elke klem heeft een vast bereik en overbrugt niet meer dan dat | Enkele centimeters; staat de poot verder naar achteren, dan heb je een vulblokje nodig |
| Vrije hoogte onder de kastbodem | Bepaalt de maximale plinthoogte inclusief dweilrand | Meet op meerdere plekken, want een vloer loopt zelden precies waterpas |
| Aantal poten achter dit plintstuk | Bepaalt hoeveel klemmen je nodig hebt | Reken op een klem per poot en minstens twee per stuk plint |
Fotografeer met je telefoon de onderkant van een kast met de poot en de oude clip erop, en houd er een rolmaat naast. Die foto is in de winkel meer waard dan de maten die je uit je hoofd probeert te herhalen.
Welke soorten keukenplintklemmen er zijn
Er lopen een stuk of vijf systemen door elkaar, en ze zien er in de verpakking allemaal ongeveer hetzelfde uit. Het verschil zit in hoe het deel op de poot vastgrijpt en hoeveel speling het systeem toestaat. Bij een keuken die je zelf plaatst is dat laatste bepalend, want je poten staan zelden op de millimeter waar de tekening ze had bedacht.
Het tweedelige kunststof clipsysteem is het meest voorkomend en werkt zonder gereedschap na montage. De verstelbare houder met een stelschroef kost een paar tellen extra maar vangt tot een centimeter verschil op, wat handig is als de poten niet in een rechte lijn staan. De metalen veerklem is de simpelste en tegelijk de meest vergevingsgezinde, en dat is ook de reden dat hij goed uitpakt bij een zelfgemaakte plint van meubelpaneel.
Kunststof of metaal maakt op de lange duur wel verschil. Een kunststof clip in een warme keuken wordt na jaren bros en verliest zijn veerkracht, terwijl een stalen veerklem dat probleem niet heeft. Staat er een vaatwasser of oven achter de plint waar het regelmatig warm wordt, dan is metaal daar de betere keuze.
Ga je vervangen, kijk dan eerst welk systeem er nu op zit. Zit er een gefreesde groef aan de achterkant van je plint, dan hoort daar een insteekklem in en past een opschroefmodel er alleen bij als je de groef negeert. Bij een gladde achterkant heb je vrij spel en kies je op pootmaat en op de afstand die overbrugd moet worden.
| Bevestiging | Hoe hij werkt | Waar hij past | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Tweedelige kunststof clip | Plaatje op de plint, halve ring om de poot, samen klikken ze in elkaar | Standaard keukens met ronde stelpoten | Beide helften moeten uit hetzelfde systeem komen, anders klikt er niets |
| Verstelbare plinthouder met stelschroef | Houder op de plint met een verschuifbare arm naar de poot | Poten die niet netjes in lijn staan of te ver naar achteren zitten | Draai de arm niet te strak, anders bolt de plint naar voren |
| Metalen veerklem om de poot | Eén stuk, geschroefd op de plint, veert om de poot heen | Zelfgemaakte plinten en afwijkende pootmaten | De veer moet iets kleiner zijn dan de poot, anders houdt hij niets vast |
| Universele veerklem uit de ijzerwarenhandel | Dezelfde veerklem die boven een werkbank gereedschap vasthoudt | Als de originele clips van je keukenmerk niet meer leverbaar zijn | Kies de maat op de gemeten pootdiameter en schroef met korte schroeven |
| Insteekklem in een gefreesde sleuf | Klem valt in een groef aan de achterkant van de plint | Fabrieksplinten die daar al op voorbereid zijn | Zonder frees is dit achteraf lastig na te maken |
| Magneethouder | Magneet op de plint, metalen plaatje op de poot of andersom | Lage plinten en plekken waar je heel vaak bij moet | Houdt minder goed vast bij een zware plint of een dweilrand die stroef loopt |
| Achterlat met schroeven | Houten regel tegen de kastzijkanten, plint daar tegenaan geschroefd | Noodgreep bij kasten zonder stelpoten | Geen klemwerking meer, dus je moet schroeven om bij de leidingen te komen |
De klemmen op de plint bevestigen
Het aftekenen is het echte werk, het schroeven zelf duurt een minuut. Zet de plint rechtop tegen de kasten op de plek waar hij komt, en laat hem op twee latjes of op de dweilrand rusten zodat hij op werkhoogte staat. Streep aan de bovenkant af waar elke poot achter de plint staat. Werk je alleen, plak dan een stukje schilderstape op elke poot en druk de plint er even tegenaan: de tape geeft de plek weg.
De hoogte van de klem is het punt waarop het bij veel mensen scheefloopt. Alle klemmen moeten op dezelfde hoogte zitten, gemeten vanaf de bovenkant van de plint en niet vanaf de onderkant. De onderkant is namelijk de kant die je later nog bijzaagt als de plint ergens schuurt. Bij een plint van 150 mm zit de klem meestal rond een derde vanaf boven, zodat hij achter de kastbodem blijft en er ruimte overblijft voor de dweilrand.
Schroef met korte schroeven. In een plint van 16 mm gaat een schroef van 12 mm, en niets langers, want een punt die er aan de voorkant doorheen komt zie je de rest van je leven. Boor in gemelamineerd spaanplaat altijd voor met een boortje van 2 mm, anders drukt de schroef het materiaal op en staat de klem niet vlak. Zet de koppelinstelling van je accuschroevendraaier laag: spaanplaat draait sneller stuk dan je denkt.
Kijk achter de plint voordat je schroeft. Op de plekken waar de vaatwasser en de spoelbak staan lopen slangen en soms een elektriciteitsleiding vlak achter de plint langs. Schroef daar niet op de gok een klem, maar leg de plint eerst tegen de kasten en controleer met een zaklamp wat er achter zit.
Waar je losse klemmen koopt en wat je doet als ze op zijn
Losse keukenplintklemmen liggen bij de meeste bouwmarkten in het schap met meubelbeslag, meestal onder de naam plintclip of keukenplintbevestiging en verkocht per set van vier of tien. Wie zoekt op een keukenplint klem bij Praxis of Gamma vindt daar het universele tweedelige type, dat op ronde stelpoten van de gangbare maten past. Het merkgebonden model van een keukenfabrikant staat daar niet bij.
Bij keukenzaken loop je vaak vast, zeker als je de keuken daar niet gekocht hebt. Onderdelen worden meestal alleen aan eigen klanten geleverd of per complete plintset. Het grote woonwarenhuis verkoopt wel losse onderdelen, maar in de praktijk hebben ze eerder het halve ringetje dat om de poot klemt dan het plaatje dat op de plint komt, en aan de helft van een systeem heb je niets.
De weg die wél altijd werkt loopt via de maat. Meet de buitendiameter van de poot en zoek daar een veerklem bij in een ijzerwarenzaak of een webshop voor beslag. Dezelfde veerklemmen waarmee je gereedschap boven een werkbank aan de muur hangt, bestaan in diameters van een schroevendraaiersteel tot ruim over een keukenpoot heen. Geschroefd op de achterkant van de plint doen ze precies wat een originele clip doet, en ze zijn los per stuk te koop.
Vervang bij een oude keuken liever alle klemmen tegelijk dan er een paar bij te prikken. Kunststof clips die tien jaar in een warme keuken hebben gezeten worden bros, en één versleten clip laat de hele plint scheef hangen.
De vloer onder de plint bepaalt de hoogte
De hoogte van je keukenplint hangt af van wat er onder ligt, en dat verandert vaker dan mensen verwachten. Leg je een nieuwe vloer in de keuken, dan komt de bovenkant van die vloer omhoog en past de oude plint niet meer. De ruimte tussen vloer en kastbodem wordt kleiner, terwijl de plint even hoog blijft.
Hoeveel het scheelt, weet je pas als je de opbouw optelt: de dikte van de vloerplank plus de ondervloer eronder. Vooral die tweede laag wordt onderschat, want de keuze voor een ondervloer onder vinyl of pvc maakt zo twee tot zeven millimeter verschil. Bij een dikkere opbouw zoals de ondervloer die onder tapijt gaat loopt dat verder op, en dan zaag je de plint aan de onderkant bij in plaats van dat je hem wegdrukt.
Laat onder de plint altijd wat lucht. Twee tot vijf millimeter is genoeg, en de dweilrand dekt die spleet af zodat er geen water en kruimels onder lopen. Een plint die met kracht op de vloer staat, drukt een zwevende vloer vast op de plek waar hij juist moet kunnen bewegen. In een keuken zit de vloer dan klem tussen de plint en de rest van de kamer, met opstaande naden als gevolg.
Ga je de vloer nog leggen, doe dat dan voordat je de plint op maat zaagt. Wat er verder komt kijken bij de opbouw en de afwerking van een vloer staat in het overzicht over vloeren leggen en afwerken.
Hoeken, uitsparingen en de afwerking langs de vloer
Op de plek waar een kastenrij eindigt, komt de plint om de hoek. Twee stukken die stomp tegen elkaar staan geven een naad die precies op ooghoogte van een kruipende peuter zit en die je nooit meer mooi krijgt. Netter is het om daar de hoeken in verstek te zagen, zodat de decorlaag doorloopt en je geen kopse kant meer ziet.
Binnenhoeken zaag je gewoon recht: het ene stuk loopt door tot de muur, het andere sluit ertegenaan. Werk gezaagde koppen af met kantenband in dezelfde kleur, ook op plaatsen die je nauwelijks ziet, want onafgewerkt spaanplaat zuigt dweilwater op en zwelt op.
Vergeet de ventilatie niet. Onder een koelkast, een vriezer en de meeste vaatwassers moet lucht langs kunnen. Zit er in de originele plint een rooster of een uitsparing, neem die dan over in je nieuwe plint. Een dichtgezette luchtstroom kost een koelkast rendement en laat hem langer draaien dan nodig.
Kit langs de onderkant van een keukenplint raden we af. Het maakt het geheel wel waterdicht, maar je klemt daarmee de plint vast die je nu juist zonder gereedschap wilde kunnen uitnemen. Wil je de aansluiting op de zijmuur toch dichtzetten, gebruik dan een overschilderbare acrylaatkit op de kopse kant en houd rekening met de tijd die dat spul nodig heeft; in onze tabel met droogtijden per materiaal zie je hoe lang dat duurt voordat je er weer tegenaan kunt.
Als de plint niet blijft zitten of gaat bollen
Een plint die telkens uit zijn klemmen valt, heeft bijna altijd een van drie oorzaken. De klem is bros geworden en veert niet meer terug, de poot is dunner dan waar de klem voor gemaakt is, of de klem zit te hoog en grijpt net onder de kastbodem mis. Haal er één los en bekijk het klemvlak: een kunststof clip die wit uitgeslagen is bij de veerpoot, is aan vervanging toe.
Bolt de plint in het midden naar voren, dan zitten er te weinig klemmen in of staan ze niet op gelijke hoogte. Een plintstuk van meer dan anderhalve meter met maar twee klemmen aan de uiteinden gaat altijd hol staan. Zet er in het midden een derde bij, op precies dezelfde hoogte als de andere twee, en het probleem is weg.
Blijft de plint een paar millimeter van de kasten af staan, kijk dan naar de dweilrand. Een te dikke rand of een rand die dubbelslaat duwt de hele plint naar voren, waardoor de klemmen niet volledig inklikken. Snijd hem smaller of verplaats hem iets naar achteren.
Schuurt de plint over de vloer bij het uitnemen, dan is hij te hoog. Zaag er aan de onderkant twee tot drie millimeter af in plaats van de klemmen te verhogen, want de klemhoogte hoort bij de kastbodem te passen en niet bij de vloer.
Zit er straks een vaatwasser of koelkast in die je regelmatig uitrijdt, monteer het plintstuk daarvoor dan los van de rest, met een eigen klem aan beide kanten. Dan hoef je niet drie meter plint uit te nemen om bij één apparaat te komen.
Zo monteer je de keukenplint op klemmen
Deze volgorde werkt voor een nieuwe plint en net zo goed voor een plint die je na een vloerklus opnieuw moet passen.
-
Zet de kasten eerst waterpas
Stel alle stelpoten af tot de bovenkant van de kasten waterpas staat en de kastbodems op gelijke hoogte zitten. Doe dit voordat je iets aan de plint meet, want elke draai aan een poot verandert de hoogte die de plint straks moet halen. Controleer met een waterpas van minstens 60 cm over meerdere kasten tegelijk.
-
Meet de plinthoogte op meerdere plekken
Meet van de afgewerkte vloer tot de onderkant van de kastbodem, aan het begin, in het midden en aan het eind van elke rij. Neem de kleinste maat en trek daar de dikte van de dweilrand plus twee tot drie millimeter speling van af. Een vloer die drie millimeter oploopt is normaal, en de kleinste maat voorkomt dat je plint ergens klem komt te staan.
-
Zaag de plint op maat en pas hem droog
Zaag de lengtes met de decorkant naar boven bij een afkortzaag, zodat de uitloop van het blad de zichtzijde niet uitscheurt. Zaag de buitenhoeken in verstek en werk de gezaagde onderkant en de koppen af met kantenband. Houd de plint daarna droog tegen de kasten om te kijken of hij overal langs kan.
-
Teken de pootposities af op de plint
Plak een stukje schilderstape op elke stelpoot en druk de plint er even tegenaan, of meet de poten uit vanaf de hoek en zet de maten over. Zet je streepjes aan de bovenkant van de plint, dat is de kant die niet meer verandert. Reken op een klem per poot en minstens twee per plintstuk.
-
Schroef de klemmen op gelijke hoogte vast
Meet de klemhoogte vanaf de bovenkant van de plint en houd die maat bij alle klemmen aan. Boor voor met 2 mm en schroef met schroeven die korter zijn dan de plint dik is, dus 12 mm in een plint van 16 mm. Draai de schroevendraaier op een lage koppelstand, anders draai je de schroef door het spaanplaat heen.
-
Zet de tegenstukken op de poten
Klik de halve ringen of beugels om de stelpoten, op de hoogte die overeenkomt met je klemmen op de plint. Zit er een leiding of een slang vlak achter een poot, schuif die dan opzij voordat je de ring dichtklikt. Controleer per poot of de ring niet meedraait als je eraan duwt.
-
Monteer de dweilrand en klik de plint vast
Druk de dweilrand in de groef aan de onderkant, of plak hem op als er geen groef is, en snijd hem op lengte met een stanleymes. Zet de plint recht voor de klemmen en duw hem er met een vlakke hand op twee plekken tegelijk in. Duwen op één punt buigt de plint en dan mist de klem ernaast.
-
Controleer de naden en de uitname
Loop de rij langs en kijk of de plint overal even ver naar voren staat en de naden dicht zitten. Trek daarna één stuk er weer uit om te voelen of dat zonder wrikken lukt. Gaat dat zwaar, dan zitten de klemmen te strak of drukt de dweilrand tegen de vloer.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de plint definitief vastklikt
Uit de praktijk
Vijf clips nodig, nergens meer te krijgen
Bij een tweedehands keuken die opnieuw werd opgebouwd, waren de kasten een stuk hoger gezet dan in de oude opstelling. De oude plint was daardoor te laag, dus werd er meubelpaneel in licht eiken op maat gezaagd bij de bouwmarkt en een kunststof dweilrand meegenomen. Alleen de bevestigingsclips ontbraken: die waren met de oude plinten bij het grofvuil beland. Er waren er nog vijf nodig.
Twee keukenzaken hielpen niet, omdat de keuken daar niet gekocht was. Het woonwarenhuis had wel de halve ringetjes die om de poot klemmen, maar niet de plaatjes die op de plint komen, en met alleen die helft kom je nergens. Online zoeken op merknaam leverde ook niets op.
Wat het oploste was de pootdiameter meten en daarmee naar een ijzerwarenzaak gaan. Daar hangen veerklemmen in tientallen maten, hetzelfde soort dat boven een werkbank gereedschap vasthoudt. Vijf klemmen in de juiste diameter, geschroefd op de achterkant van het paneel, deden precies wat de originele clips deden. Het merk van de keuken bleek er niet toe te doen, alleen de maat van de poot.
Het paneel was dikker dan de klem kon overbruggen
Een zelfgemaakte plint van meubelpaneel van 18 mm bleek een probleem te geven dat een fabrieksplint van 16 mm niet had. De klem greep net niet meer om de poot, omdat de dikkere plaat plus de dweilrand de plint een paar millimeter naar voren duwden. Het geheel bleef hangen tot iemand ertegenaan stootte en viel er dan uit.
De eerste reflex was strakkere klemmen bestellen, maar dat had niets veranderd aan de afstand. De oplossing was juist andersom: strookjes multiplex van 6 mm achter de klem, tussen klem en plint geschroefd, zodat het klemdeel weer tot de poot reikte. Sindsdien klikt de plint met een hoorbare klik vast.
De les daaruit is dat je de afstand van de poot tot de achterkant van de plint meet voordat je klemmen koopt. Elke klem heeft een vast bereik, en overbruggen doet hij niet meer dan dat. Een vulstrookje kost twintig cent en lost het probleem beter op dan een duurdere klem.
Na de nieuwe pvc-vloer paste de plint niet meer
In een keuken waar de kasten bleven staan en alleen de vloer werd vervangen, ging er een pvc-vloer op een ondervloer van vier millimeter. De oude plint werd teruggezet en zat muurvast: hij kwam er niet meer uit zonder de nieuwe vloer op te tillen, en langs de kastenrij stonden na een week de naden van de vloer omhoog.
De rekensom was simpel. De opbouw was ruim zeven millimeter dikker geworden, terwijl de plint zijn oude hoogte hield. De plint stond dus met kracht op de vloer en klemde die vast op precies de plek waar een zwevende vloer moet kunnen bewegen.
Er ging zes millimeter van de onderkant af met een handcirkelzaag langs een geleiderail, de zaagsnede werd afgeplakt met kantenband en de dweilrand werd opnieuw gemonteerd. De vloer kon daarna weer werken en de naden zakten binnen een paar dagen terug. Achteraf was het beter geweest om de plint pas na het leggen van de vloer op maat te zagen.
Veelgemaakte fouten
De plint vastschroeven of vastlijmen op de kasten
Het lijkt steviger en het is in vijf minuten gebeurd. Tot de vaatwasser gaat lekken of de sifon los moet, en je de plint aan stukken moet breken om erbij te komen. Een klemverbinding is geen minder goede bevestiging, hij is de reden dat je bij je eigen leidingen kunt.
Schroeven gebruiken die langer zijn dan de plint dik is
Een schroef van 16 mm in een plint van 16 mm komt er aan de voorkant net doorheen, en dat zie je op elke foto van je nieuwe keuken terug. Houd minstens vier millimeter over en gebruik schroeven met een platte kop, zodat de klem vlak op het paneel blijft liggen.
Klemmen op verschillende hoogtes schroeven
Als elke klem net iets anders zit, klikt er nooit meer dan de helft in. De plint hangt dan scheef of komt er bij het minste geringste weer uit. Meet de klemhoogte vanaf de bovenkant van de plint en gebruik één maat voor alle klemmen, ook op stukken die je later zaagt.
De plint tot op de vloer zagen
Een plint die strak op de vloer staat, ziet er even netjes uit maar houdt een zwevende vloer vast. Bij de eerste warme week zet die vloer uit en dan komen de naden omhoog, meestal midden in de keuken. Laat twee tot vijf millimeter vrij en dek dat af met een dweilrand.
Twee klemsystemen door elkaar gebruiken
De halve ring van het ene merk past zelden op het plaatje van het andere, ook als beide delen op de poot lijken te passen. Je merkt het pas als de plint na een halve dag naar voren zakt. Koop beide helften uit dezelfde set, of stap over op een veerklem uit één stuk.
De ventilatie-uitsparing niet overnemen
Onder een koelkast, vriezer of vaatwasser zit vaak een rooster of een sleuf in de originele plint. Wie een nieuwe plint zaagt zonder die opening, sluit de luchtstroom af waarmee de condensor zijn warmte kwijt moet. Het apparaat draait daarna langer en verbruikt meer.
Klemmen bestellen zonder de poot gemeten te hebben
Op een verpakking staat vaak wel een maat, maar niet altijd de maat die jouw keuken heeft. Twee millimeter verschil betekent een klem die van de poot glijdt of er niet omheen wil. Meet met een schuifmaat, of neem een oude clip mee als je die nog hebt liggen.
Veelgestelde vragen
Wat is een keukenplint klem precies?
Het is de verbinding waarmee de plint aan de stelpoten van je keukenkasten hangt in plaats van aan de kastjes zelf. In de meeste gevallen bestaat hij uit twee delen: een houdertje dat je op de achterkant van de plint schroeft en een halve ring of beugel die om de poot klemt. Duw je de plint tegen de kasten, dan klikken die delen in elkaar. Je ziet van voren geen enkele schroef en je kunt de plint zonder gereedschap uitnemen.
Hoeveel klemmen heb ik per plint nodig?
Reken op één klem per stelpoot die achter dat stuk plint staat, met een minimum van twee per plintstuk. Bij een plint langer dan anderhalve meter zet je er in het midden nog een bij, anders gaat het middendeel hol staan en steekt de plint daar naar voren. Zit er een apparaat achter dat je regelmatig uitrijdt, geef dat stuk dan zijn eigen twee klemmen zodat je niet de hele rij hoeft los te trekken.
Waar koop ik een keukenplint klem, bijvoorbeeld bij de Praxis?
Bij de bouwmarkt liggen ze in het schap met meubelbeslag, meestal als plintclip of keukenplintbevestiging en per set van vier of tien. Dat is het universele tweedelige model dat op ronde stelpoten van gangbare maten past. Merkgebonden clips van een keukenfabrikant vind je daar niet: die gaan via de keukenzaak, en die levert vaak alleen aan eigen klanten. Kom je zo niet verder, meet dan de pootdiameter en koop een veerklem in die maat bij een ijzerwarenzaak of een beslagwebshop.
Kan ik een keukenplint klem bevestigen op een meubelpaneel van 18 mm?
Dat kan, maar let op twee dingen. De schroeven mogen niet langer zijn dan 14 mm, anders komen ze er aan de decorzijde doorheen. En de dikkere plaat duwt de plint een paar millimeter naar voren, waardoor de klem net niet meer om de poot grijpt. Los dat op met een strookje multiplex tussen klem en plint, zodat het klemdeel weer tot de poot reikt. Werk de gezaagde onderkant en de koppen af met kantenband, want onafgewerkt paneel zuigt dweilwater op.
Mijn keukenpoten hebben een andere diameter dan de klemmen, wat nu?
Ga dan niet forceren, want een klem die je oprekt veert nooit meer terug. De praktische route is een universele veerklem uit de ijzerwarenhandel in de gemeten maat, hetzelfde type dat boven een werkbank gereedschap vasthoudt. Die bestaan in veel diameters en zijn los per stuk te koop. Alternatief is een verstelbare plinthouder met een stelschroef: die vangt tot ruwweg een centimeter verschil op en is minder kieskeurig over de pootvorm.
Kan ik de keukenplint ook zonder klemmen bevestigen?
Technisch wel, verstandig meestal niet. Je kunt een houten regel tegen de kastzijkanten schroeven en de plint daartegenaan zetten, en met montagekit blijft hij ook wel hangen. Alleen zit je dan vast op het moment dat de sifon lekt of de vaatwasser eruit moet, want de plint komt er niet meer uit zonder schade. Heb je geen stelpoten onder de kasten, dan is een geschroefde achterlat de nette noodgreep, maar houd de schroeven aan de voorkant dan wel bereikbaar.
Hoe hoog moet de keukenplint zijn?
De plinthoogte is de afstand van de afgewerkte vloer tot de onderkant van de kastbodem, min de dweilrand en min twee tot drie millimeter speling. Standaardplinten zijn 100, 120 of 150 mm hoog, maar bij opgehoogde of afgestelde kasten kom je op een tussenmaat uit. Meet altijd op meerdere plekken langs de rij en neem de kleinste maat, want een vloer die een paar millimeter oploopt is normaal en de plint moet overal langs kunnen.
Waarom valt mijn keukenplint steeds uit de klemmen?
Meestal is de kunststof clip verouderd en veert hij niet meer terug; je herkent dat aan wit uitgeslagen plekken bij de veerpoot. De tweede oorzaak is een klem die net te hoog zit en onder de kastbodem misgrijpt. De derde is een dweilrand die te dik is of dubbelslaat en de plint naar voren duwt, waardoor de klem niet volledig inklikt. Vervang bij een oudere keuken alle clips tegelijk in plaats van er losse bij te zetten.
Moet de keukenplint op de vloer staan of erboven?
Erboven, met twee tot vijf millimeter lucht die je afdekt met een dweilrand. Bij laminaat en pvc is dat geen kwestie van smaak: die vloeren liggen zwevend en moeten kunnen uitzetten. Een plint die erop drukt houdt de vloer op die plek vast, en dan komen de naden verderop omhoog. Ligt er tegels of gietvloer, dan is de spleet vooral bedoeld om schrapen te voorkomen en om de plint makkelijk uit te kunnen nemen.
Moet ik de vloer eerst leggen of eerst de plint zagen?
Eerst de vloer, altijd. De opbouw van vloerplank plus ondervloer bepaalt hoeveel ruimte er onder de kastbodem overblijft, en die maat weet je pas als alles ligt. Bij de ondervloer die onder pvc en vinyl gaat scheelt de keuze al snel enkele millimeters. Zaag je de plint eerder, dan klemt hij later op de vloer en moet je hem alsnog bijzagen, met een naad die dan opnieuw afgewerkt moet worden.
Hoe maak ik de hoek waar de plint om een kastenrij heen loopt?
Op een buitenhoek zaag je beide stukken onder de helft van de hoek, zodat de decorlaag doorloopt en je geen kopse kant ziet. Hoe je dat aftekent en zaagt bij muren die niet haaks staan, staat bij plinten in verstek zagen. Een binnenhoek is eenvoudiger: het ene stuk loopt door tot de muur, het andere sluit er recht tegenaan. Zet in beide gevallen wel een klem binnen tien centimeter van de hoek, anders wijkt het uiteinde.
Kan ik de plint van mijn oude keuken hergebruiken?
Als de hoogte klopt en het decor bij de nieuwe kasten past, is er niets op tegen. Controleer wel of de nieuwe stelpoten dezelfde diameter hebben als de oude, want de klemmen zitten op maat. Zaag je de plint korter of lager, werk de nieuwe zaagkant dan af met kantenband. Bewaar de oude clips in elk geval, ook als je ze nu niet gebruikt: losse exemplaren zijn achteraf verrassend lastig te krijgen.
Wanneer je beter een vakman belt
Plinten op klemmen zetten is werk dat je zelf doet. Het is meten en passen, en het ergste dat misgaat is een plint die je opnieuw moet zagen. Er zijn wel een paar grenzen die de moeite waard zijn om te kennen.
Loopt er achter de plint een gasleiding of een gasslang naar de kookplaat, blijf daar dan vanaf. Aan een gasaansluiting zelf werk je niet, ook niet even om er een klem achter te kunnen schroeven. Dat is werk voor een erkende installateur, en een lekkage merk je hier pas als het te laat is.
Staan de kasten niet stabiel op hun poten of zakt een rij weg in een houten vloer, dan lost een plint dat niet op. Laat dan eerst naar de ondergrond kijken, want een keukenblok dat werkt trekt op den duur ook je werkblad en de naden bij de spoelbak open.
Kom je achter de plint een lekkende afvoer of een vochtige kastbodem tegen, dan is dat het moment om een loodgieter te bellen in plaats van de plint terug te klikken. Vocht dat achter een dichte plint blijft staan, richt in een spaanplaten onderkast binnen enkele maanden schade aan.