Glasvezelbehang verwijderen zonder je stucwerk te slopen
Glasvezelbehang zit vast omdat het in een laag vinyllijm is gedrukt en aan de voorkant een dichte, waterafstotende film heeft. Je krijgt het er alleen af door die film eerst kapot te maken met een prikroller en de wand daarna in meerdere rondes te verzadigen met heet water of stoom. Trek nooit droog aan een baan die nog niet doorweekt is, want dan neem je het stucwerk mee. Reken op een volle dag per kamer en op een muur die achteraf uitgevlakt moet worden.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Prikroller of stekelrol met een brede kop
- Plamuurmes van 100 mm met een scherpe, rechte snede
- Smaller plamuurmes van 40 mm voor hoeken en randen
- Behangafstomer, te huur of te leen
- Plantenspuit of drukspuit, en een emmer met een blokkwast
- Werkhandschoenen, lange mouwen en een stofmasker P2
- Veiligheidsbril, want stoom en lijmspatten komen omhoog
- Stevige trap of rolsteiger voor het bovenste stuk en het plafond
- Schrapemmer of vuilniszakken voor de natte stroken
Materiaal
- Heet water met een flinke scheut afwasmiddel
- Behangafweekmiddel of een dikke afweekgel voor grote wanden
- Soda of een verfreiniger voor de laatste lijmresten
- Bouwfolie en plakband voor vloer en plinten
- Vulmiddel of renovatiepleister voor de plekken die meekomen
- Voorstrijk voor een zuigende of juist gladde ondergrond
Waarom glasvezelbehang zo vast op de muur zit
Glasvezelbehang ligt niet op een laagje plaksel zoals gewoon papier. Het weefsel wordt in een dikke laag vinyllijm gedrukt, en die lijm zakt door het weefsel heen tot in de toplaag. Na uitharding zijn de lijm, het glasweefsel en de bovenste laag van je stucwerk praktisch één materiaal geworden. Dat maakt het weghalen een heel ander karwei dan wat er bij de gewone behangsoorten en het aanbrengen daarvan komt kijken.
Daar komt bij dat de voorkant water afstoot. De lijm die door het weefsel is gekomen vormt samen met de latex die er meestal overheen zit een gesloten film. Giet je daar water op, dan loopt het er langs naar beneden en bereikt het de lijm niet. Wie dit niet weet, staat na een uur sproeien nog steeds voor een kurkdroge muur en denkt dat het weefsel er alleen af te hakken valt.
Er is nog een verschil dat uitmaakt voor je aanpak. Glasweefsel met een structuur, het echte glasvezelbehang, zit in pastalijm en is het taaiste. Glasvlies of renovatievlies is dunner, heeft een gladde voorzijde en laat zich in hele banen lostrekken zodra het nat is. Dat lijkt in werkwijze op het droog lostrekken van vliesbehang, alleen zit vlies nooit zo diep in de lijm.
| Wat er op de muur zit | Hoe je het herkent | Hoe moeilijk het eraf gaat |
|---|---|---|
| Glasweefsel met structuur | Duidelijk weefselpatroon, ruw aan de tast, snijdt stroef | Zwaar, altijd perforeren en meerdere keren weken |
| Glasvlies of renovatievlies | Glad, egaal, dunner, aan de achterkant vezelig wit | Redelijk, komt na inweken in hele banen los |
| Glasweefsel met verf erover | Structuur zichtbaar maar afgerond, film glimt bij strijklicht | Het zwaarst, de verflaag sluit alles af |
| Rauhfaser of houtchipbehang | Papier met houtsnippers erin, scheurt bij een nagel | Licht, week het in en het rolt eraf |
| Vliesbehang | Sterk papier zonder weefsel, laat zich droog aftrekken | Licht, meestal zonder water in hele banen |
| Textielbehang of jute | Zichtbaar geweven vezel, vaak met papieren rug | Middel, de voorkant komt los, de rug blijft achter |
Twijfel je tussen weefsel en vlies? Snijd achter een radiator een vierkantje van vijf centimeter uit en bekijk de rand. Glasweefsel laat losse glasdraadjes zien die je kunt uitrafelen, vlies scheurt als stevig papier.
Hoe glasvezelbehang verwijderen: de werkwijzen naast elkaar
Er zijn drie manieren die echt werken, en ze verschillen vooral in hoeveel tijd je erin steekt en hoeveel water je in de muur brengt. Bij alle drie geldt dezelfde eerste handeling: de dichte toplaag opengemaakt krijgen. Zonder die stap is elke methode zonde van je middag.
Weken met heet water en afwasmiddel is de goedkoopste route en gaat verrassend ver, mits je geduld hebt. Het afwasmiddel breekt de oppervlaktespanning, waardoor het water in de perforaties trekt in plaats van eroverheen te lopen. Je smeert de wand drie of vier keer achter elkaar nat, telkens als de vorige ronde is ingetrokken, tot het weefsel donker en verzadigd aanvoelt.
Stomen gaat sneller en brengt de warmte dieper, en dat is precies wat de wateroplosbare lijm nodig heeft om weer papperig te worden. Nadeel is dat je met een plaat in je hand aan de muur staat en dat het vocht ook je stucwerk of gipskarton bereikt. Voor grote wanden is een afweekgel een prettige tussenweg: dik aanbrengen met een verfrol, afdekken met folie zodat hij niet uitdroogt, en de volgende ochtend trek je het weefsel eraf. Reinigingsmiddelen die je daarbij tegenkomt staan verder beschreven bij het verwijderen en reinigen van oude afwerklagen.
| Werkwijze | Wat je nodig hebt | Waarvoor het geschikt is | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|
| Weken met heet water en afwasmiddel | Prikroller, drukspuit of blokkwast, plamuurmes 100 mm | Onbehandeld of licht gesausd weefsel op stevig stucwerk | Te weinig weekrondes, dan scheurt het weefsel in snippers |
| Stomen met een behangafstomer | Stomer met grote plaat, prikroller, handschoenen | Dik ingelijmd weefsel en weefsel met meerdere verflagen | Te lang op één plek, dan week je stucwerk of gipskarton door |
| Afweekgel een nacht laten intrekken | Verfrol, gel of dikke afweekpasta, bouwfolie | Grote wanden waar staand stomen te veel werk wordt | Wand niet afdekken, dan droogt de gel uit en doet hij niets |
| Droog lostrekken na perforeren | Alleen een breed plamuurmes en kracht | Slecht gelijmde plekken, meestal bij hoeken en rond ramen | Neemt vrijwel altijd stuclaag mee, gaten tot op de steen |
| Machinaal afschuren | Schuurmachine met afzuiging en P2-masker | Hooguit een laatste dunne lijmnerf op beton | Glasstof in de lucht, en op stucwerk schuur je zo een kuil |
Zet de groep van de kamer uit voordat je gaat stomen of natmaken. Water loopt langs de wand naar beneden en vindt zijn weg in stopcontacten en schakelaars. Draai de kappen eraf, plak de inbouwdozen dicht met plakband en werk met een looplamp op een groep die je niet natmaakt.
Perforeren is de stap die alles bepaalt
De prikroller doet bij glasweefsel meer dan bij welk ander behang ook. Hij prikt honderden gaatjes door de latex en door de dichte lijmfilm, en pas daardoor kan het water of de stoom bij de lijm komen die het weefsel vasthoudt. Rol de hele wand systematisch af, in twee richtingen kruislings, en druk stevig aan.
Werk baan voor baan en sla niets over. Elk stukje dat je vergeet, komt straks terug als een plek waar het weefsel keihard vastzit terwijl de rest eromheen al los is. Op die plekken ga je trekken, en trekken is precies waar de stuclaag scheurt.
Let op de druk die je zet. Een prikroller moet door de afwerklaag heen, niet door je stucwerk. Op zacht gips of op een dunne renovatiepleister houd je het bij lichte druk en rol je een extra keer, in plaats van er met je volle gewicht op te leunen. Op harde cementgebonden stuc mag je flink duwen.
Heb je geen prikroller, dan kun je met een schuurblok van korrel 60 het weefselpatroon opruwen tot het dof wordt. Dat werkt minder goed en het geeft veel stof, dus doe het met een masker op en alleen op kleine oppervlakken. Voor een hele kamer is een prikroller van vijftien euro de betere investering.
Test eerst een halve vierkante meter in een hoek achter de kast. Daar zie je binnen twintig minuten of je muur het weken aankan, en of het weefsel in banen loskomt of in snippers. Die halve meter bepaalt of je een dag of twee dagen bezig bent.
Geverfd glasvezelbehang verwijderen
Zodra er twee lagen muurverf overheen zitten, verandert de klus. De latexfilm sluit het weefsel volledig af, en muurverf op de wand is dan geen sierlaag meer maar een waterkering. Geverfd glasvezelbehang verwijderen betekent daarom dat je harder en dichter perforeert dan bij kaal weefsel.
Wij gaan bij verf altijd twee keer met de prikroller over de wand, kruislings, en snijden daarnaast om de vijftig centimeter een verticale lijn door de verflaag met een afbreekmes. Die snedes geven het water een tweede ingang en ze bepalen meteen in welke stroken je straks trekt. Een strook van vijftig centimeter breed laat zich veel beter beheersen dan een hele baan die halverwege afscheurt.
Weken alleen is bij een dikke verflaag vaak niet genoeg. Stoom brengt warmte mee en die warmte maakt de vinyllijm week, terwijl koud water dat niet doet. Zet de stoomplaat twintig tot dertig seconden op een plek, schuif door, en ga daarna terug naar de plek waar je begon. Zo werk je met een natte voorloper en een schrapende hand tegelijk.
Reken bij geverfd weefsel op ongeveer het dubbele van de tijd. Een kamer van vier bij vier die kaal in een dag te doen is, kost met twee lagen latex erover al snel anderhalve tot twee dagen, en dan is de wand nog niet uitgevlakt.
Werk boven de deuren en langs het plafond vanaf een stevige trap of rolsteiger, niet vanaf een keukenstoel of een plank op twee emmers. Je trekt hier met kracht naar beneden aan een baan die plotseling los kan komen, en de vloer is nat en glad van het weekwater. Val je van hoogte tijdens zo'n ruk, dan gaat het meteen mis.
Wat de ondergrond met je aanpak doet
Of het verwijderen soepel gaat of uitloopt op een sloopklus, hangt minder af van het weefsel dan van wat eronder zit. Glasweefsel op harde, gezonde stuc op steen komt er meestal netjes af. Glasweefsel op gipsplaat of op een oude, holklinkende pleisterlaag is een ander verhaal.
Klop voordat je begint de hele wand af met je knokkels. Waar het hol klinkt, zit de pleisterlaag al los van de ondergrond en komt hij bij het trekken mee. Dat is geen ramp, maar je wilt het weten voordat je begint, want dan plan je meteen herstelwerk in plaats van dat je er halverwege achter komt.
Op gipsplaat is vocht je grootste vijand. Het karton aan de voorkant van de plaat is zelf gelijmd, en te lang stomen weekt dat karton los van de gipskern. Dan trek je met het weefsel een pluizige laag karton mee en heb je een plaatvlak dat je moet plamuren of vervangen. Houd de stomer hier kort op de plek en werk liever met een afweekgel.
| Ondergrond | Zo pak je het aan | Waar je op let |
|---|---|---|
| Harde stuc op steen | Perforeren, twee of drie keer weken, breed plamuurmes | Meestal alleen wat kleine uitbrekingen om te vullen |
| Zachte gips- of renovatiepleister | Licht perforeren, kort weken, mes bijna plat houden | Zuigt water snel op en wordt papperig, niet doorwerken |
| Gipsplaat of gipsblokken | Afweekgel of kort stomen, nooit lang op één plek | Kartonlaag weekt los, dan is plamuren de enige uitweg |
| Beton of kalkzandsteen zonder stuc | Ruim weken, mag flink nat, eventueel machinaal naschuren | Lijm zit hier het hardnekkigst, plan extra naspoelen |
| Oude, losliggende pleisterlaag | Uitkloppen en beoordelen voordat je begint | Komt met stukken mee, vaak beter om alles eraf te halen |
| Houten of spaanplaten wand | Zo droog mogelijk werken, alleen plaatselijk bevochtigen | Plaatmateriaal zwelt op en komt daarna niet meer vlak |
Lijmresten en het visgraatmotief dat achterblijft
Als het weefsel eraf is, sta je vaak te kijken naar een muur vol lijmresten in een fijn ruitjes- of visgraatpatroon. Dat is het afdrukje van het weefsel in de uitgeharde vinyllijm, en het is precies zo lelijk als het klinkt onder een nieuwe verflaag. Laat het niet zitten in de hoop dat verf het wel dekt, want dat doet verf niet.
De lijm is wateroplosbaar, ook na jaren. Was de wand na met schoon, heet water en een spons of een grove schuurspons, en verwissel je water zodra het melkachtig wordt. Vuil water uitsmeren betekent dat je de lijm gelijkmatig verdeelt in plaats van hem weghaalt.
Zit de laag dik, voeg dan een schep soda of een verfreiniger toe aan het warme water. Laat dat vijf minuten inwerken en haal de weke lijm er daarna in banen af met een breed plamuurmes. Herhaal dat liever twee keer met een milde oplossing dan één keer met een agressief middel, want een sterk middel tast ook je stuclaag aan. Dezelfde aanpak van weken, laten inwerken en dan pas schrapen gebruiken we bij achtergebleven lijmresten op andere ondergronden.
Controleer het resultaat met strijklicht. Zet een bouwlamp laag tegen de muur en kijk langs het vlak: waar nog lijm zit, glimt het en zie je het patroon terug. Pas als die glans weg is, is de wand klaar voor de volgende stap.
Werk van boven naar beneden en leg een strook folie in een goot langs de plint. Het weekwater zit vol opgeloste lijm en dat plakt in je vloerafwerking vast zodra het opdroogt.
Kan je over glasvezelbehang behangen?
Dit is de vraag die de meeste mensen stellen zodra ze zien hoeveel werk het weghalen is, en het eerlijke antwoord is dat behang over glasvezelbehang zelden goed afloopt. De reden zit in de ondergrond: de lijm waarin het weefsel is gedrukt komt tot in de toplaag en stoot water af. Behangplaksel heeft juist een licht zuigende ondergrond nodig om hechting op te bouwen.
Zit er ook nog latex overheen, dan is de wand helemaal dicht. Een verflaag van twee lagen muurverf is te dun om als hechtlaag te dienen en te gesloten om plaksel te laten aangrijpen. Wat je in de praktijk ziet is dat de banen er de eerste weken prima op zitten en daarna langs de naden gaan krullen.
Er speelt nog iets vervelenders. Het water uit het plaksel kan de oude vinyllijm onder het weefsel weer activeren, en die geeft dan verkleuringen die door je nieuwe behang heen komen. Bij licht vliesbehang dat je zelf aanbrengt zie je zulke vlekken het snelst, omdat vlies dun is en weinig dekt.
Wie het toch wil proberen, komt er alleen mee weg door de wand eerst schuurbaar te maken en te voorzien van een hechtende voorstrijk. Dat is een gok, geen werkwijze, en bij een muur die je jaren mooi wilt houden is het weghalen van het weefsel de route die zich terugbetaalt.
Glasvezelbehang over bestaand behang plakken
Andersom komt de vraag net zo vaak voor: kun je glasvezelbehang over behang plakken dat er al zit? Technisch lukt het plakken zelf prima, want de vinyllijm hecht ook op papier. Het probleem zit in wat eronder gebeurt.
Glasweefsel wordt met een natte, zware lijm aangebracht en het weefsel trekt bij het drogen aan de ondergrond. Zit daaronder een laag oud behang die maar half vast zit, dan trekt het weefsel die laag los van de muur. Het resultaat is een bol die je er niet meer uit krijgt zonder alles opnieuw te doen. De vuistregel die wij aanhouden: je nieuwe wandafwerking zit nooit steviger vast dan de zwakste laag eronder.
Voorstrijk lost dat niet op. Voorstrijk regelt de zuiging en de hechting van het bovenste laagje, maar het maakt een losliggende behangbaan niet weer vast aan de muur. Wat voorstrijk wel en niet doet, staat bij voorstrijk voor behang uitgelegd.
Alle oude lagen eraf halen is dus ook hier het antwoord, hoe vervelend dat ook is. Zit er papierbehang of rauhfaser met houtchips onder, dan valt dat mee: perforeren, inweken, en het rolt in banen van de muur.
Als verwijderen echt niet lukt: de alternatieven
Soms blijkt na een halve wand dat de pleisterlaag met het weefsel meekomt en dat je bezig bent met een sloopklus in plaats van met een behangklus. Dan is doorzetten niet altijd de verstandigste keuze. Er zijn drie routes die in de praktijk goed uitpakken.
De eerste is het weefsel laten zitten en het strak schilderen. Vul de diepste weefselstructuur met een dun laagje sausklare pleister of muurvuller, schuur dat vlak en saus af. Je houdt een lichte structuur, maar de wand ziet er rustig uit en je hebt geen kilo's puin.
De tweede is voorzetten met gipsplaat op een houten of metalen regelwerk. Dat kost je drie tot vier centimeter aan ruimte, maar je krijgt een kaarsrechte wand en je kunt meteen isolatie of leidingen kwijt. In een kamer waar de wanden toch al scheluw staan, is dat vaak de goedkoopste weg naar een net resultaat.
De derde is de wand laten uitraven en opnieuw laten stucen. Dat is de route die je kiest als het oude stucwerk toch al hol klonk. Reken op puin, op stof in het hele huis en op een stucadoor die de kamer een week bezet houdt.
| Alternatief | Wat het kost aan ruimte en tijd | Wanneer dit de betere keuze is |
|---|---|---|
| Weefsel laten zitten en vlak schilderen | Geen ruimteverlies, één tot twee dagen | Het weefsel zit overal goed vast en je wilt geen behang |
| Weefsel afwerken met een dunne pleisterlaag | Twee tot vier millimeter, twee dagen met droogtijd | Structuur stoort je maar de hechting is prima |
| Gipsplaat op regelwerk ervoor | Drie tot vijf centimeter, twee tot drie dagen | Wand staat scheluw of je wilt leidingen wegwerken |
| Schroten of panelen ervoor | Twee tot vier centimeter, een dag | Snelle oplossing in een berging, hal of slaapkamer |
| Pleisterlaag uitraven en opnieuw stucen | Geen ruimteverlies, een week met droogtijd | Het bestaande stucwerk klinkt hol en zit los |
De muur klaarmaken voor wat erna komt
Een kale wand na het weghalen van glasweefsel is bijna nooit meteen klaar. Er zitten uitbrekingen waar de stuc is meegekomen, kleine putjes van de prikroller en verschillen in zuiging tussen de plekken waar de lijm zat en de plekken waar hij weg is.
Vul eerst de gaten en de scheuren met een vulmiddel dat bij de diepte past, en schuur pas na volledige droging. Ondiepe oneffenheden werk je weg met een dunne laag muurvuller die je over de hele wand trekt. Doe dat met een brede spaan in twee gangen, want één dikke gang gaat scheuren.
Daarna komt de voorstrijk. Op een wand met wisselende zuiging kies je een voorstrijk die de zuiging gelijktrekt, en op een gladde plek waar nog wat lijmglans zit een hechtende variant. Hoe lang je moet wachten voordat je verder mag, verschilt per product en per temperatuur, en die wachttijden vind je terug in onze tabel met droogtijden per materiaal.
Wil je daarna weer behangen, dan is deze wand het uitgelezen moment om iets te kiezen dat je later zonder gevecht weer weg krijgt. Vlies en papier komen er met inweken zo af, en ook jute en textielbehang zijn met de juiste lijm terug te draaien. Kies je weer glasweefsel, doe dat dan bewust: het is prachtig sterk, maar je zit er zeker vijftien jaar aan vast.
Zo haal je een wand met glasvezelbehang leeg
Deze volgorde werkt voor glasweefsel op stucwerk, met of zonder verf erover.
-
Bepaal wat er zit en test een halve meter
Snijd achter een radiator of kast een vierkantje uit en kijk naar de rand: losse glasdraadjes betekent weefsel, scheurend papier betekent vlies. Perforeer daarna een halve vierkante meter en week die in. Wat daar in twintig minuten gebeurt, vertelt je of je een dag of twee dagen nodig hebt.
-
Ruim de kamer leeg en dek alles af
Haal de kamer zo leeg mogelijk en leg bouwfolie op de vloer, met een opstaande rand langs de plint. Zet de groep van deze kamer uit, draai de kappen van schakelaars en stopcontacten en plak de inbouwdozen dicht. Het weekwater zit vol lijm en loopt overal naartoe.
-
Perforeer de hele wand kruislings
Rol met de prikroller in twee richtingen over elke baan en sla geen enkel stuk over. Zit er verf overheen, snijd dan om de vijftig centimeter ook een verticale lijn door de verflaag. Zonder die gaatjes komt geen druppel water bij de lijm en blijft de rest van het werk zinloos.
-
Verzadig de wand in meerdere rondes
Breng heet water met een flinke scheut afwasmiddel aan met een drukspuit of blokkwast, en herhaal dat zodra de vorige laag is ingetrokken. Drie of vier rondes is normaal. Het weefsel moet donker en zwaar aanvoelen; een wand die na één ronde nog licht is, scheurt straks in snippers.
-
Stoom de hardnekkige stukken los
Zet de stoomplaat twintig tot dertig seconden op een plek en schuif dan door naar de volgende, zodat het vocht kan intrekken terwijl je verderwerkt. Op gipsplaat houd je het korter, want daar weekt het karton los van de kern. Blijf niet stilstaan met de plaat, ook niet even.
-
Trek de banen eraf met een breed plamuurmes
Steek een plamuurmes van 100 mm onder een hoek onder het weefsel, licht een hoek op en trek langzaam schuin naar beneden. Houd het mes bijna plat tegen de muur en laat het mes het werk doen. Breekt de baan af, week dat stuk dan opnieuw in plaats van harder te trekken.
-
Was de lijmresten weg tot de glans weg is
Neem de wand na met schoon heet water, eventueel met soda of een verfreiniger erin, en ververs je water zodra het melkachtig wordt. Controleer met een lamp in strijklicht: waar het visgraatpatroon nog glimt, zit lijm. Nieuwe verf of behang hecht daar niet op.
-
Herstel de wand en breng voorstrijk aan
Vul de uitbrekingen, trek eventueel een dunne laag muurvuller over het geheel en schuur na volledige droging. Breng daarna een voorstrijk aan die past bij de zuiging van de wand. Pas als de wand droog, vlak en gelijkmatig zuigend is, begin je aan verf of behang.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de wand opnieuw afwerkt
Uit de praktijk
Weefsel dat pas na vier weekrondes losliet
Een kamer met glasweefsel dat er volgens iedereen nooit meer af zou gaan. De eerste poging met een plantenspuit en koud water leverde niets op: het water liep gewoon langs de wand naar beneden en het weefsel bleef kurkdroog.
Wat wel werkte, was heet water met een flinke scheut afwasmiddel, in vier rondes achter elkaar aangebracht tot de banen zichtbaar donker en zwaar werden. Daarna ging er een scherp plamuurmes van 100 mm onder, en op de goede plekken kwamen er stukken van een halve meter in één keer af. Het geduld zat volledig in het inweken, niet in het schrapen. Achteraf bleek dat de hele wand vooraf perforeren nog een ronde weken had gescheeld.
Lijmresten in visgraatmotief die overal bleven zitten
Toen het weefsel eindelijk van de muur was, stond er een wand vol fijne ruitjes van uitgeharde lijm. Met een droge schraper kwam er weinig af en met een schuurblok maakte het vooral stof en kuilen in het stucwerk.
De oplossing zat in warmte. De vinyllijm is wateroplosbaar, ook jaren later, dus met heet water en een verfreiniger werd de laag binnen vijf minuten papperig en liet hij zich met een breed plamuurmes in banen wegtrekken. Daarna nog twee keer naspoelen met schoon warm water, telkens met verse emmers. Pas na de derde beurt was de glans weg en hechtte de voorstrijk zonder te kruipen.
Behangen over geverfd glasvlies dat na een maand loskwam
Een muur met glasvlies waar twee lagen latex overheen zaten. Het advies uit de winkel was dat er gerust overheen behangen kon worden, en de eerste banen zaten er strak op.
Na een maand begonnen de naden te krullen en verscheen er langs een paar banen een gelige aftekening. De verklaring is simpel: de gesloten latexfilm bood geen enkele zuiging, waardoor het plaksel nergens in kon trekken, en het vocht uit dat plaksel maakte de oude lijm onder het vlies weer actief. Die verkleuring tekende door het nieuwe behang heen. Het is uiteindelijk alsnog allemaal eraf gegaan.
Een pleisterlaag die er in twee dagen helemaal uit moest
In een oudere woning kwam bij het verwijderen op verschillende plekken de stuclaag met het weefsel mee. Bij het afkloppen bleek de hele wand hol te klinken: het stucwerk zat al los van de steen en het weefsel had het jarenlang op zijn plek gehouden.
Repareren had hier geen zin gehad, want naast elke gevulde plek zou de volgende zich melden. De hele pleisterlaag is er in twee dagen afgehakt tot op het metselwerk, waarna de wand opnieuw is uitgeraapt en gestuct. Vervelend, maar het was de enige manier om een vlakke, dragende ondergrond terug te krijgen. Klop daarom altijd eerst de wand af voordat je begint.
Veelgemaakte fouten
Beginnen met weken zonder te perforeren
De voorkant van glasweefsel stoot water af, want de vinyllijm zit tot in de toplaag. Zonder gaatjes loopt al je weekwater langs de wand naar de plint en bereikt het de lijm nooit. Perforeren is geen voorbereiding maar de hoofdhandeling.
Eén ronde natmaken en meteen gaan trekken
Halfnat weefsel scheurt in snippers van een paar centimeter en dan sta je uren met een mes te pulken. Blijf herhalen tot de baan donker en zwaar aanvoelt. Iedere extra weekronde scheelt tien minuten schrapen.
De stomer te lang op één plek houden
Langer dan een halve minuut op dezelfde plek weekt niet het behang maar je ondergrond. Op gipsplaat laat het karton los van de gipskern, op zachte pleister ontstaat een papperige plek die je er met het mes zo uit schept. Doorschuiven en terugkomen werkt beter.
Droog lostrekken omdat het net even meegeeft
Bij een hoek die toevallig los zit, is de verleiding groot om er gewoon aan te hangen. Het weefsel is sterker dan je stuclaag, dus wat er dan meekomt is een baan pleisterwerk tot op de steen. Werk elke plek eerst nat, ook de plekken die al lijken los te laten.
Machinaal droogschuren zonder afzuiging en masker
Glasvezelstof is fijn, het prikt in je huid en het irriteert je luchtwegen. Een schuurmachine zonder afzuiging vult daarmee je hele huis. Werk nat waar het kan, en schuur alleen met afzuiging, een P2-masker, een bril en lange mouwen.
De lijmresten laten zitten onder nieuwe verf
Verf dekt de kleur van de lijm wel, maar niet het reliëf en niet het verschil in zuiging. Het visgraatpatroon komt in strijklicht gewoon weer tevoorschijn en de verf hecht op de lijmplekken slechter dan op het stucwerk ernaast.
Behang plakken over een gesloten latexlaag
Plaksel heeft een licht zuigende ondergrond nodig. Op een gesloten verffilm boven glasweefsel bouwt het geen hechting op, en de naden gaan binnen enkele weken krullen. Voorstrijk maakt van zo'n dichte film geen goede behangondergrond.
Nieuw glasweefsel op oud, half loszittend behang plakken
De zware lijm en het krimpende weefsel trekken de onderliggende laag van de muur af. Je nieuwe wand zit nooit steviger vast dan de zwakste laag eronder, dus alles wat los is moet eerst weg.
Veelgestelde vragen
Hoe verwijder je glasvezelbehang het snelst?
De snelste route is perforeren met een prikroller, daarna een dikke afweekgel of behangafweekmiddel met een verfrol aanbrengen, de wand afdekken met bouwfolie en het een nacht laten staan. De volgende ochtend trek je het weefsel er in banen af met een breed plamuurmes. Stomen gaat ook goed en kost minder wachttijd, maar dan sta je zelf de hele tijd met de plaat aan de muur.
Hoe verwijder je geverfd glasvezelbehang?
Bij verf erover perforeer je twee keer kruislings en snijd je daarnaast om de vijftig centimeter een verticale lijn door de verflaag met een afbreekmes. Die snedes laten water binnen en bepalen in welke stroken je trekt. Werk daarna met stoom in plaats van koud water, want de warmte maakt de vinyllijm week. Reken bij twee lagen latex op ruwweg het dubbele van de tijd die kaal weefsel kost.
Kan je over glasvezelbehang behangen?
In de regel niet met een goede afloop. De vinyllijm zit tot in de toplaag van het weefsel en stoot water af, en zit er ook nog latex overheen, dan is de ondergrond helemaal gesloten. Behangplaksel heeft juist wat zuiging nodig om te hechten. Wat je ziet gebeuren is dat de naden na enkele weken gaan krullen en dat oude lijm door het vocht verkleuringen geeft die door het nieuwe behang heen komen.
Kan je behangen over glasvezelbehang als je eerst voorstrijk gebruikt?
Voorstrijk regelt de zuiging en de hechting van een poreuze ondergrond, maar het maakt van een gesloten latexfilm geen behangklare wand. Als je het toch wilt proberen, schuur je de wand eerst dof zodat de verffilm openbreekt, ontvet je hem en gebruik je een hechtende voorstrijk. Het blijft een gok, en op een wand die jaren mee moet is het weghalen van het weefsel de zekerdere weg.
Kan ik glasvezelbehang over behang plakken dat er al zit?
Plakken lukt, vastblijven meestal niet. Glasweefsel gaat in een zware natte lijm op de muur en trekt bij het drogen aan de ondergrond. Zit daar een laag oud behang onder die niet overal goed vastzit, dan trekt het weefsel die laag los en krijg je bollen die je er niet meer uit werkt. Haal alle oude lagen eraf; papier en rauhfaser rollen er na inweken vrij eenvoudig af.
Wat zijn de ervaringen met glasvezelbehang verwijderen in een gemiddelde kamer?
Wat wij in de praktijk zien: kaal weefsel op gezond stucwerk kost ongeveer een dag voor een kamer van vier bij vier, inclusief lijmresten wegwassen. Met twee lagen verf erover wordt dat anderhalve tot twee dagen. Zit het stucwerk los, dan verandert de klus in sloopwerk en ben je dagen verder. De verschillen zitten dus niet in het weefsel maar in de ondergrond en in het aantal verflagen.
Werkt behangafweekmiddel op glasweefsel?
Ja, maar alleen na perforeren en alleen als het middel niet uitdroogt. Een dun afweekmiddel verdampt binnen een halfuur van de wand en heeft dan nog niets gedaan. Breng het daarom dik aan met een verfrol, of kies een gelvariant, en dek de wand af met bouwfolie zodat het middel uren de tijd krijgt om in de lijm te trekken. Laat het een nacht staan bij dik ingelijmd weefsel.
Kan het verwijderen van glasvezelbehang ook zonder behangafstomer?
Dat kan, met heet water waar een flinke scheut afwasmiddel in zit. Het afwasmiddel verlaagt de oppervlaktespanning zodat het water in de perforaties trekt in plaats van eroverheen te lopen. Reken op drie of vier weekrondes voordat de banen echt verzadigd zijn. Bij dik ingelijmd of geverfd weefsel scheelt een stomer zoveel tijd dat de huur van een dag zich meestal terugverdient.
Wat doe ik met de gaten in het stucwerk die achterblijven?
Vul diepe uitbrekingen met een vulmiddel dat bij de diepte past en laat dat volledig drogen voordat je schuurt. Ondiepe oneffenheden en de putjes van de prikroller werk je weg door een dunne laag muurvuller met een brede spaan over de hele wand te trekken, in twee gangen. Klinkt de wand op meerdere plekken hol, dan is de pleisterlaag zelf los en heeft plaatselijk vullen weinig zin.
Moet ik het glasvezelbehang wel verwijderen, of kan ik het gewoon overschilderen?
Zit het weefsel overal goed vast en stoort de structuur je niet, dan is overschilderen een prima keuze en scheelt het je een dag zwaar werk. Wil je een vlakke wand, dan kun je de structuur vullen met een dunne laag muurvuller of sausklare pleister en dat vlak schuren. Verwijderen wordt pas nodig als je wilt behangen, of als het weefsel op plekken loslaat.
Is het stof van glasvezelbehang schadelijk?
Glasvezelstof is geen asbest, maar de vezels prikken in je huid en irriteren je ogen en luchtwegen. Bij nat werken komt er nauwelijks stof vrij en is een bril met handschoenen genoeg. Ga je droog schuren of snijden, gebruik dan een P2-masker, een bril, handschoenen en lange mouwen, en zuig het stof daarna op in plaats van het weg te vegen. Spoel je onderarmen na met koud water, want warm water opent je poriën.
Hoe krijg ik de laatste harde lijmresten van de muur?
Werk met heet water waar soda of een verfreiniger in zit, laat dat vijf minuten inwerken en haal de weke laag er met een breed plamuurmes af. Herhaal het liever twee keer mild dan één keer met een agressief middel, want dat tast je stuclaag aan. Zit er in een badkamer onder het weefsel ook nog cementgebonden materiaal, dan geldt daar de aanpak voor achtergebleven tegellijm op de wand.
Wanneer je beter een vakman belt
Het weghalen van glasvezelbehang is zwaar werk, maar het is geduldwerk en geen specialistenwerk. In vier situaties is bellen de verstandigere keuze.
De eerste is een wand die overal hol klinkt. Dan zit de pleisterlaag los van de steen en gaat het niet meer om behang maar om stucwerk. Een stucadoor beoordeelt of uitraven en opnieuw aanbrengen nodig is, en dat is een klus die je niet halverwege wilt ontdekken.
De tweede is een plafond met glasweefsel. Boven je hoofd trekken aan doorweekt weefsel op een trap is precies de combinatie waarbij mensen vallen. Werk daar met een rolsteiger en iemand erbij, of laat het doen.
De derde is een woning van voor 1994 waarin je stucwerk of wandplaten moet slopen. Zit er onder het stucwerk plaatmateriaal dat je niet kunt thuisbrengen, stop dan met slopen en laat het onderzoeken voordat je verder gaat. Asbestverdacht materiaal breek je niet zelf open.
De vierde is een wand waar leidingen of elektra ondiep in zitten en waar je met een prikroller of beitel doorheen dreigt te gaan. Weet je niet wat er in de wand loopt en durf je de groep niet uit te schakelen, dan is een installateur of schilder met ervaring in schilder- en behangwerk een goedkope verzekering.