Naar de inhoud
Bekijk de rekenhulpen

Trap dichtmaken, afwerken, opknappen en aanpassen

4 gidsen 28 minuten lezen
diy-gids.nl BETON & CONSTRUCTIE Trap: vervangen, dichtmaken en renoveren

De meeste trapklussen zijn afwerkklussen: stootborden achter een open trap, de zijkant of de onderkant wegwerken, een lat langs de muur en een leuning die weer vastzit. Dat kun je vrijwel allemaal zelf, mits je overal een paar millimeter speling houdt, want een trap die ergens klemt gaat kraken. Zodra het over de maten van de trap zelf gaat, over de aantrede, de optrede of de plaats van het trapgat, houdt zelf klussen op. Die maten liggen vast in het hout en in de vloer, en een trede dieper maken lukt niet zonder een nieuwe trap.

Alle gidsen over trap

Open trap dichtmaken

Een open trap dichtmaken doe je door achter elke trede een stootbord te zetten, meestal van 12 mm multiplex, dat…

Halve maantjes trap

Halve maantjes leg je niet netjes in het midden van de trede, maar op de lijn waar je de trap…

Hoogte trapleuning

Een trapleuning in een woning hangt op ongeveer 90 centimeter, en die hoogte meet je loodrecht vanaf de voorkant van…

Trap vervangen

Een trap vervangen begint bij twee maten: de hoogte van bovenkant vloer tot bovenkant vloer, en de vrije lengte en…

Waar een trapklus meestal over gaat

Een trap is een van de weinige houten constructies in huis waar je dagelijks met je volle gewicht op staat. Daarmee hoort hij bij het constructiewerk in en om het huis, en dat verklaart waarom trapklussen zich zo slecht laten improviseren.

Wat mensen willen met hun trap valt in vijf groepen. Dichtmaken en afwerken, losse of krakende onderdelen vastzetten, het uiterlijk veranderen, de trap veiliger en bruikbaarder maken, en de trap zelf aanpassen.

Die laatste groep is de duurste en de kortste. De maten van een trap grijpen in elkaar: de hoogte van de verdieping bepaalt de optrede, de optrede bepaalt de aantrede, en de aantrede bepaalt hoeveel vloer de trap inneemt. Een trede dieper maken of een trap verbreden loopt daarom bijna altijd uit op een nieuwe trap, en dan wil je eerst weten wat er bij het vervangen van een trap komt kijken.

De eerste vier groepen zijn wel zelf te doen, en daar gaat het meeste van deze pagina over. Begin altijd bij wat je ziet en niet bij wat je van plan bent. Een trap die kraakt wordt door nieuwe verf niet stil, en een leuning die los zit heeft geen mooiere lak nodig maar een andere plug.

Wat je wilt bereikenWat dat in de praktijk betekentWaar het werk in zit
De trap dichtmakenAchter elke trede een stootbord van plaatmateriaalPassen zonder klemmen, en daarna het schilderwerk
De zijkant wegwerkenAftimmeren tegen de boom of een echt wandje bouwenDe aansluiting op vloer, muur en plafond
De onderkant glad krijgenPlaatmateriaal op klossen, of stucwerk op gaasDe draai in de trap, want vlak plaatmateriaal buigt niet dubbel
Een kier langs de muur dichtenEen krimplat op de boom of een royale kitrandHet hout blijft werken, dus de afwerking moet meebewegen
Een losse leuning vastzettenNieuwe bevestiging, meestal een chemisch anker of een smetplankUitzoeken waar de muur van gemaakt is
De trap stil krijgenSpeling wegnemen tussen trede, stootbord en boomErbij kunnen, want het werk zit meestal aan de onderkant
Meer diepte op de tredeLukt niet zonder een nieuwe, luiere trapRuimte op de vloer boven of onder de trap
De trap afsluitenDeur, hek, gordijn of een luik in de zoldervloerDe doorloop en de vluchtroute houden
Een trap buitenMetselwerk, stapelblokken of hout op een frameFundering, afschot en antislip

Hoe de onderdelen van een trap heten

Wie bij een houthandel of trappenmaker iets bestelt, komt er niet met woorden als zijkant en plankje. Het vak heeft eigen namen, en die namen bepalen ook wat er bij welk probleem hoort. De wel, de neus en de boom zijn geen jargon om indruk mee te maken, ze wijzen naar precies dat stukje trap waar het misgaat.

De twee schuine planken aan weerszijden heten de bomen. De trede is het vlak waar je op staat, het stootbord is het verticale schot ertussen. Zit de trap tegen een muur, dan heet die kant de muurboom en de vrije kant de hoofdboom of vrije boom.

De treden zijn meestal een centimeter diep in de boom ingelaten. Zo'n uitsparing heet een nest of een inkassing, en die bepaalt de sterkte van de hele trap. Tussen het nest en de bovenrand van de boom hoort minstens een centimeter hout te blijven staan, anders scheurt de boom bij belasting uit.

De onderste tree van een trap loopt vaak breder of ronder door dan de rest. Dat is de uitlooptrede, en die zit er niet voor de sier: hij vangt de aanloop op en geeft de leuning ergens om te beginnen.

OnderdeelWat het isWaarom het meetelt
BoomDe schuine plank waar de treden in vallenDraagt alles, dus hier zaag of boor je niet zomaar in
Trede en aantredeHet vlak waar je op staat, en de diepte daarvanDe aantrede bepaalt of je je hele voet kwijt kunt
OptredeDe hoogte van de ene trede naar de volgendeBepaalt hoe steil de trap loopt en hoeveel treden je hebt
StootbordHet verticale schot tussen twee tredenHoudt de trede in het midden op zijn plek en veroorzaakt het meeste gekraak
NeusHet stukje trede dat over het stootbord uitsteektDe plek die als eerste kapot loopt en waar bekleding het moeilijk heeft
WelDe ruimte onder de neus, tussen voorkant trede en stootbordDaar gaat je hak in als je de trap op loopt
Wellat of welstukHet opvulstuk dat bij renovatie onder de neus wordt gezetZonder wellat hangt een nieuw stootbord in de lucht
UitlooptredeDe brede of ronde onderste treeVaak los van de bomen bevestigd, dus apart vastzetten
Nest of inkassingDe uitsparing in de boom waar de trede in valtCirca 1 cm diep, met minstens 1 cm hout tot de rand
TrapgatDe opening in de verdiepingsvloerDe maat ervan legt de lengte en het type trap vast
Bordes of plateauEen tussenvlak waar de trap van richting verandertVeiliger dan verdreven treden, maar kost meer vloer
Verdreven tredenTaartpuntvormige treden in een kwart of halve draaiAan de smalle kant blijft er weinig trede over
Balustrade en spijlenHet hek langs het trapgat of langs de open zijdeHier gelden hoogtes en maximale openingen
SmetplankDe plank tegen de muur waar de leuning op zitVerdeelt de kracht van de leuning over meer bevestigingen
Trekstang of bevestigingsstangEen stalen stang met moeren dwars onder de tredenTrekt de bomen tegen de treden aan, aan te halen als de trap openloopt
ScheluwEen trap of trede die uit het vlak gedraaid staatMerkbaar als een trede die wipt terwijl alles vastzit
Lepe hoekEen hoek die scherper of stomper is dan negentig gradenElk latje langs een trap moet in zo'n hoek passen

Maten, aantal treden en de trap uittekenen

Voor een nieuwe trap in een woning liggen de maten vast in de bouwregels. De aantrede is minimaal 22 cm, gemeten op 30 cm vanaf de kant waar de trap het smalst is, de optrede maximaal 18,8 cm, de trap minimaal 80 cm breed en er hoort minimaal 2,30 m vrije hoogte boven te zitten. Eén trap mag hooguit vier meter hoogteverschil overbruggen.

Vervang je een trap in een bestaand huis, dan moet de nieuwe trap in hetzelfde trapgat passen en zijn de oude maten vaak leidend. Wat er in jouw geval geldt, hangt af van de ingreep, dus vraag dat na bij de gemeente voordat je een trap bestelt. Voor de gangbare maten in huis hebben we de standaardmaten van hoogtes en afmetingen op een rij gezet.

Naar de ideale aantrede en optrede wordt vaak gevraagd, en het antwoord is een vuistregel waar trappenmakers al eeuwen mee werken: twee keer de optrede plus de aantrede komt uit tussen 57 en 65 cm, met 63 cm als prettige richtwaarde. Wij gebruiken die regel vooral als controle achteraf. Kom je onder de 55 uit, dan loopt de trap gegarandeerd onprettig af, hoe netjes hij ook getekend is.

Het aantal treden volgt uit de verdiepingshoogte. Meet van bovenkant vloer tot bovenkant vloer, deel dat door 18,8 cm en rond naar boven af: dat is het aantal optreden. Het aantal losse treden ligt daar één onder, want de bovenste optrede eindigt op de verdiepingsvloer zelf.

Een verdiepingshoogte van 2,80 m in nieuwbouw levert zo 15 optreden en 14 treden op. In vooroorlogse huizen zie je vaker 13 treden bij eenzelfde hoogte, en dat is precies waarom die trappen zo steil aanvoelen.

MaatNieuwe trap in een woningWat je in oudere huizen zietWaar je op let
AantredeMinimaal 22 cmVaak 18 tot 21 cmGemeten op 30 cm van de smalle kant bij een draai
OptredeMaximaal 18,8 cmRegelmatig 20 tot 22 cmAlle optreden even hoog, ook de eerste en de laatste
BreedteMinimaal 80 cm70 cm komt veel voorMeet tussen de bomen, niet tussen de muren
Vrije hoogte boven de trapMinimaal 2,30 mSoms nog geen 2 m bij de bovenste tredenMeet loodrecht boven de neus van de trede
Hoogteverschil per trapMaximaal 4 mZelden een probleemBoven de 4 m hoort er een bordes tussen
Loopmaat als vuistregel2 x optrede + aantrede is 57 tot 65 cmVaak rond de 55 cmOnder de 55 cm loopt de trap vervelend af
Aantal optredenVerdiepingshoogte gedeeld door 18,8 cm, naar boven afgerond13 treden bij 2,60 tot 2,80 mAantal treden is het aantal optreden min één

Een open trap dichtmaken met stootborden

Een open trap dichtmaken betekent achter elke trede een schot zetten. Dat schot draagt niets, maar het houdt de trede in het midden tegen doorbuigen en het scheelt tocht, stof en vallende speelgoedautootjes. Hoe je dat stap voor stap doet, staat in onze gids over een open trap dichtmaken.

De materiaalkeuze is snel gemaakt: 12 mm multiplex is het gangbaarst, omdat het stijver is dan mdf van dezelfde dikte en daardoor minder snel gaat werken. Mdf kan ook, mits je het niet in een vochtige hal zet en je de kopse kanten goed in de grondverf zet. Multiplex heeft wel een sterke en een zwakke richting: leg de buitenste vezels in de lengte van het stootbord, ook al kost dat meer zaagafval.

Wat over het resultaat beslist is niet het materiaal maar de speling. Houd het stootbord ongeveer 5 mm lager dan de ruimte tussen de treden en maak het aan de zijkanten iets smaller dan de trede breed is. Klemt het bord tussen de bomen, dan kraakt de trap bij elke stap en krijg je dat er nooit meer uit.

Achter elke trede komt een latje van 12x12 of 18x18 mm, dat je aan de onderkant van de bovenliggende trede schroeft. Dat latje hoort achter het stootbord te zitten en niet ervoor, anders trap je het bord er op termijn gewoon uit. Bij een trap met een draai moeten bijna alle stootborden en latjes op verstek, dus een afkortzaag scheelt hier een dag.

Schaaf de bovenrand van het stootbord licht bol, zodat het midden ongeveer 2 mm hoger staat dan de uiteinden. Duw je het bord dan omhoog tegen de bovenliggende trede, dan steunt die trede op één punt in plaats van over de hele breedte te wrijven. Zet het bord met een stut op spanning, spijker het aan de onderkant met koploze spijkers vast en zet er daarna schroeven in.

Schroef het stootbord aan de bovenkant niet aan het latje vast. Je introduceert dan plaatselijke spanning waardoor het latje kan splijten en de trap juist gaat kraken. Laat de bovenrand vrij tegen het latje rusten en vul de naad met overschilderbare acrylaatkit, die de spanning over de hele lengte verdeelt.

Wil je juist de andere kant op en een dichte trap open maken, houd er dan rekening mee dat de stootborden meestal in de bomen genest zitten. Dat wordt voorzichtig slopen, en de lange treden in een draai gaan daarna merkbaar meer veren.

Materiaal voor stootbordenDikteWat eraan bevaltWaar je op let
Multiplex12 mmStijf, blijft recht, goed te schilderenPlaatrichting kiezen, kopse kant schaven splintert
Hardhout multiplex12 mmHarder oppervlak, hoge treden blijven vlakDuurder en zwaarder te zagen
Mdf12 tot 18 mmSpotgoedkoop en glad af te lakkenZwelt op bij vocht, kopse kanten eerst gronden
Vochtwerend mdf12 mmBruikbaar bij een trap naar een koude zolderNog steeds geen buitenmateriaal
Massief vuren15 tot 18 mmPast bij een oude trap die je in het zicht laatWerkt met het seizoen mee, dus ruime speling houden
Buigtriplex2 x 4 mmEnige optie rond een spil of een gebogen boomIn twee lagen lijmen, anders veert het terug
Hardboard3 tot 6 mmLicht en goedkoop voor een tijdelijke oplossingTe slap om een schop te weerstaan

De zijkant, de onderkant en de rand langs de muur

De zijkant van een trap afwerken kan op twee niveaus. Je timmert de open zijde dicht tegen de boom aan, of je bouwt er een echt wandje voor waardoor de trap er als een gemetselde trap uitziet. Dat tweede is meer werk en verandert de hele hal.

Voor een wandje zet je een skelet van stijlen tegen vloer, muur en plafond en beplaat je dat met gipsplaat, of je metselt op met gasbeton of gipsblokken en laat het stucen. Welke van de drie je kiest, maakt voor de stukadoor weinig uit. Laat wel de voorste kolom staan waar de trapboom in genest zit, en controleer eerst of de boom onderaan echt op de vloer steunt voordat je iets sloopt.

Een trap die aan de zijkant dichtgaat wordt een stuk donkerder, want daglicht uit de hal komt er niet meer bij. Zorg voor licht op de treden voordat de wand er staat, bij voorkeur op een bewegingsmelder, want een lichtschakelaar zoeken op een donkere trap is precies het scenario dat je wilde voorkomen.

Wil je de zijkant juist in het zicht houden maar netter maken, dan werkt aftimmeren met een strook mdf of multiplex tegen de boom, of doorgezette lambrisering langs de trap die de overgang tussen muur en boom opvangt.

De onderkant van een trap is een ander verhaal. Bij een rechte trap schroef je klossen tegen de bomen en leg je daar mdf van 9 of 12 mm op, waarna je de naden vult en schildert.

Bij een spiltrap of een trap met een halve draai is dat vlakke plaatmateriaal kansloos, want de onderkant is een dubbel gebogen vlak en daar buigt geen plaat in mee. Stucwerk op gaas is dan de route, en dat is werk voor een stukadoor die dat nog kan.

Granol of een andere ruwe structuurafwerking op de onderkant van een trap raden we af. Het is nauwelijks schoon te maken, elk hoekje wordt een spinnenwebverzamelaar, en eraf halen is een veelvoud van het werk dat het aanbrengen kostte.

De kier tussen de boom en de muur is de klassieker. Hout werkt met het seizoen mee, de muur niet, en daardoor scheurt behang of stucwerk langs de trap open.

Kit die krap is aangebracht laat bij de eerste beweging los, dus snijd de oude rand eruit en breng royaal acrylaatkit aan, met een holle rand die je met een stuk elektrabuis en gewoon kraanwater afstrijkt. Zo heeft de kit meer hechtvlak en kan hij rek opvangen.

Is de kier breder dan een millimeter of vijf, dan wordt kit alleen een lapmiddel. Wil je die ruimte tussen de trap en de muur echt opvullen, spijker dan een dun krimplatje op de boom, ook wel afwerklat, afdeklat of afwerklijst genoemd, dat de kier overdekt en met de trap meebeweegt. Zulke dunne latten in de juiste maat vind je zelden in de bouwmarkt: bij een houthandel laat je ze schaven, of je maakt ze zelf uit een bredere plank.

PlekWat er meestal pastWaar het misgaat
Kier tussen boom en muurRoyale acrylaatkit of een krimplat van 5 tot 8 mmTe weinig kit, waardoor de rand bij de eerste beweging lostrekt
Zijkant van een open trapStrook mdf of multiplex tegen de boomVastschroeven in de boom zonder voorboren splijt het hout
Zijkant volledig dichtStijlwerk met gipsplaat, of gasbeton en stucDe kolom weghalen waar de boom in genest zit
Onderkant rechte trapMdf 9 tot 12 mm op klossen tegen de bomenNaden precies onder een trede laten vallen, daar scheurt het
Onderkant draaiende trapStucwerk op gaasPlaatmateriaal wringen in een dubbele bocht
Achterkant van een open trapStootborden, of de treden netjes in de lakAlleen de zichtzijde afwerken en de rest laten
Lepe hoek bij vloer of plafondLatje op maat gezaagd na het overnemen met een zweiMet 45 graden aankomen bij een hoek die dat niet is
Aansluiting trap op verdiepingsvloerAfdeklat over de naad, of de vloerafwerking eroverheenDe naad dichtkitten terwijl de trap daar juist beweegt

Traptreden verbreden, verlengen of bekleden

Traptreden verbreden is de vraag die we het vaakst voorbij zien komen bij smalle naoorlogse trappen, en het antwoord is ongemakkelijk. Je kunt een trede niet dieper maken zonder de hele trap te vervangen, want de diepte van de trede volgt uit de hoek waaronder de bomen staan.

Overzettreden uit de bouwmarkt lossen het niet op. Die moeten over hun hele oppervlak ondersteund worden, dus ze liggen op de bestaande trede en steken hooguit een paar centimeter vooruit. Bij het naar boven lopen helpt die oversteek nog iets, maar naar beneden zet je je voet op dezelfde smalle trede en haak je met je hiel achter de neus.

Wat wel helpt, is de wel vergroten als die te klein is. Kom je met je enkel of kuit tegen de voorkant van de bovenliggende trede terwijl je hak nog niet op de trede staat, dan is er onder de neus te weinig ruimte. Een grotere oversteek van de neus, of een stootbord dat een centimeter naar achteren staat, geeft die ruimte terug.

De echte oplossing heet de trap luier maken: een kleinere optrede en een grotere aantrede, dus een nieuwe trap die verder de vloer op loopt. Daar heb je boven of beneden ruimte voor nodig, en soms betekent het dat het trapgat verlengd moet worden. Dat is een constructieve ingreep en geen zaterdagklus.

Bekleden is wel iets dat je zelf kunt. Oude bekleding gaat er eerst af, en dan komt de vervelendste stap: nietjes, spijkertjes en oude tapijtlijm. Trek eerst alle nietjes met een nijptang, schraap daarna de lijmlaag met een stevige plamuurmes of vloerschraper, en pak de restanten met een lijmverwijderaar op gel.

Op zacht vurenhout trekt zo'n middel in het hout en blijft het dagen ruiken, dus werk dun, ventileer en herhaal liever twee keer dan dat je er één keer flink op giet. Een trede die daarna nog vlekkerig oogt, verdwijnt toch onder verf of bekleding, dus doorpoetsen tot het hout gelijkmatig is heeft geen zin.

Wat je erna oplegt, hangt af van hoe de trap eruitziet. Zijn de treden nog vlak en heel, dan kan er hout, pvc of tapijt op. Zijn ze uitgelopen en vol gaten, dan werk je met renovatiestroken die de trede en het stootbord in één keer overdekken.

Losse matjes zijn de goedkoopste tussenweg. Ze heten halve maantjes, en je komt ze ook tegen als halve maandjes of halve manen; hoe je ze neerlegt zonder dat ze opwippen staat bij losse matjes op de treden leggen.

BekledingWerkt goed opWaar je op let
Renovatiestroken van hpl of eikenVersleten treden die nog wel vlak liggenWellat onder de neus nodig, anders hangt het stootbord los
Zelf trap bekleden met houtRechte trappen met strakke tredenVerlijmen met elastische montagekit, niet met harde lijm
Pvc of laminaat strokenTreden in een hal met veel loopNeusprofiel apart bestellen, dat bepaalt het resultaat
Tapijt over de hele tredeTrappen waar het stil moet zijnBij een draai worden de smalle kanten lastig te trekken
Loper met roedenOude trappen die je in het zicht wilt houdenDe zijkanten van de treden blijven zichtbaar, dus die eerst lakken
Halve maantjes en trapmattenElke trap, ook een trap met bochtOp de looplijn leggen, niet netjes in het midden
Zeil of vinyl strokenKelder- en zoldertrappenStructuur in het vinyl vult zich met kit, dus eerst afplakken
Grindvloer of siergrind in harsBetonnen treden binnen en buitenOp houten treden scheurt de hars, want die werken te veel
Antislipstrips of antislip in de lakGelakte trappen waar op sokken gelopen wordtStrips op de neus plakken, want daar glijdt de voet weg

De leuning vastzetten, van smetplank tot touw

Een losse trapleuning is het meest voorkomende mankement aan een trap, en bijna altijd ligt het aan de muur en niet aan de leuning. In een massieve baksteenmuur houdt een nylon plug van 8 mm met een goede schroef prima. In gasbeton, in oude zachte baksteen of in een holle snelbouwsteen sleept dezelfde plug het gat langzaam uit.

Zit er een keilbout in die rondloopt, dan is natrekken zinloos: het gat is groter geworden dan de bout. Boor over naar een ruimer gat, blaas het stofvrij, en zet er een chemisch anker met een draadeind M8 in.

In poreus of hol materiaal gebruik je daarbij een zeefhuls, zodat de hars niet in de holtes wegloopt. Laat het anker uitharden volgens de tijd op de koker voordat je de leuning terughangt.

Op een gipswand of een andere holle wand is geen enkele plug het antwoord. Zoek de metalstuds of de houten regels achter de plaat en schroef daarin, of monteer een smetplank die over meerdere stijlen ligt en hang de leuninghouders daar weer op.

Die smetplank, ook wel de plank achter de trapleuning, is sowieso de nette oplossing bij een zachte muur. Zelf maken kan: een strook vuren van 18 mm dik en ongeveer 10 cm hoog, in lengtes te koop bij de bouwmaterialenhandel. Schuur hem eerst met een bandschuurmachine en zet hem in de grondverf voordat hij aan de muur gaat.

Loopt de trap met een onderkwart of bovenkwart, dan zijn de bomen gebogen en loopt de leuning in dezelfde ronding mee. Een rechte smetplank past daar niet. Neem in dat geval de leuning van de muur en neem hem mee naar de houthandel, zodat de smetplank in model gemaakt kan worden.

Hoe hoog de leuning en de balustrade horen te zitten, en wat er bij een trapgat geldt, staat bij de juiste hoogte van een trapleuning. Die hoogte meet je loodrecht boven de neus van de treden, niet loodrecht boven de vloer.

Bij de stalen buisleuningen die je nu veel ziet, zit het verschil in de details. De houders bepalen of de leuning strak langs de muur loopt, en een eindkap in mat zwart maakt het geheel af. Ontvet de buis voordat je zo'n kap met de stelschroef vastzet, want vet onder de schroef laat de kap binnen een half jaar weer meedraaien.

Een leuning van dik touw is populair en berucht. Het touw van ongeveer 40 mm gaat door metalen of houten houders, en juist die houders zijn het probleem: een spaanplaatschroef in het schroefgat trekt bij normaal gebruik krom. Gebruik roestvast stalen schroeven van 5 of 6 mm en boor het gat voor, of tap M6 draad in de tegenoverliggende zijde van de houder en draai er van onderaf een bout in die je aan de bovenkant vlak afwerkt.

Het tweede probleem van een touwleuning is rek. Hoe strak je hem ook trekt, na een paar weken hangt er weer speling in. Wigjes tussen touw en houder helpen maanden, geen jaren.

Wie het echt strak wil houden, maakt onder het touw een houten kern die de vorm vasthoudt. En houd in gedachten dat een touw meegeeft als iemand valt, dus op een steile trap hoort er ook een echte leuning.

OndergrondBevestiging die houdtWaar je op let
Massieve baksteenNylon plug 8 mm met een schroef van 6 mmNiet in de voeg boren maar in de steen
KalkzandsteenNylon plug of chemisch anker bij zware belastingZonder klopstand boren, anders verkruimelt het gat
Gasbeton of cellenbetonChemisch anker met draadeind, of speciale gasbetonplugKeilbouten houden hier niet, die drukken het materiaal weg
Holle snelbouwsteenChemisch anker met zeefhulsHars loopt zonder huls de holtes in
Gipswand met metalstudsSchroeven in de stud, of een smetplank over meerdere studsHollewandpluggen in enkel gipsplaat zijn hier te licht
GipsblokkenLange schroef met een plug voor poreus materiaalBoor niet dwars door het blok heen
Houten wand of regelwerkHoutschroef van minstens 60 mm in de regelEerst zoeken waar de regel zit, dan pas boren
De trapboom zelfDoorgaande bout met ring, of een lange houtschroefVoorboren, want de boom splijt langs de nerf

Balustrade dichtmaken en de trap afsluiten

Spijlen langs een trap of balustrade dichtmaken doen mensen om twee redenen: kleine kinderen die er tussendoor kunnen, en spullen die naar beneden vallen. De simpelste ingreep is plexiglas achter de spijlen zetten, vastgezet met afstandsbusjes en schroeven met een verzonken kop.

Boor de gaten in plexiglas ruim, minstens een millimeter groter dan de schroef. Het materiaal zet uit bij warmte, en een schroef die klem zit veroorzaakt scheuren die vanaf het gat doorlopen. Een strak gespannen net of fijn gaas met kabelbinders is de goedkope variant en werkt bij katten net zo goed.

Wil je de treden zelf ook dicht hebben zonder het licht te verliezen, dan kan datzelfde plexiglas als stootbord dienen. Wat daarbij komt kijken staat bij stootborden van plexiglas of glas, want die vragen een andere bevestiging dan een plaat multiplex.

Een trap in de woonkamer afsluiten is meestal een warmtevraag. De warme lucht loopt de trap op en verdwijnt in de open zolder, en dat stook je mee. Een gordijn op een rail aan het plafond helpt verrassend goed en kost een middag: zet een ring vast in het midden van de rail en open het gordijn naar het midden, dan hoef je het niet elke keer helemaal te verschuiven.

Een deur onder aan de trap mag en werkt beter dan een gordijn. Zit de deur naar de hal er precies in de weg, dan zijn er twee routes: de deur een stukje opschuiven, of de hal een meter vergroten ten koste van de woonkamer. Een deur onder 45 graden plaatsen mag ook, maar houd de doorloop groot genoeg om een kast of een matras langs te krijgen.

Een luik in de zoldervloer is de derde optie, en die is verrassend elegant als je het in evenwicht ophangt: dan duw je het met je hoofd open terwijl je de trap op loopt en valt het achter je dicht. Zodra van die zolder een slaapkamer wordt gemaakt, gelden er eisen aan de toegang en de vluchtroute en is een luik niet meer voldoende. Vraag dat na bij de gemeente voordat je gaat bouwen.

Voor kinderen is een traphek boven én onder aan de trap de standaard, geschroefd en niet geklemd zolang de trap steil is. Een kat houd je met een hekje zelden tegen, want die springt eroverheen. Werkt dat niet, dan is een deur met een kattenluik erin de enige aanpak die standhoudt.

Kraken, wiebelen en de trap vastzetten

Een krakende trap is bijna altijd beweging tussen twee delen die tegen elkaar wrijven. Meestal is dat het stootbord tegen de onderkant van de trede, soms de trede die speling heeft in het nest van de boom, en af en toe een boom die onderaan niet vlak op de vloer staat.

Talkpoeder of grafietpoeder in de naad is een oude truc die echt werkt, alleen niet lang. Je haalt de wrijving weg maar niet de beweging, dus na weken tot maanden is het geluid terug. Als tijdelijke oplossing voor een logeerpartij prima, als reparatie niet.

Een open trap kraakvrij maken doe je van onderen. Lijm en schroef driehoekige klossen in de hoek tussen trede en stootbord, of drijf hardhouten wiggen met lijm in de nesten waar de trede speling heeft en zaag ze daarna af. Zit er een trekstang onder de treden, dan is die er precies voor bedoeld om de bomen tegen de treden te trekken: een halve slag aanhalen scheelt vaak al.

Kun je er alleen van boven bij, dan schroef je door de trede in het stootbord. Boor voor, verzink de kop, en vul de gaten daarna met houtplamuur in twee of drie ronden met schuren ertussen. Eén keer plamuren is nooit genoeg, want het middel krimpt terwijl het droogt.

Een scheluwe trap voelt anders dan een krakende: één trede wipt terwijl alles vastzit. Dat komt doordat de trap uit het vlak gedraaid staat, meestal omdat hij bij plaatsing tegen een bolle muur is aangeschroefd. Meet met een lange rei of twee even lange latjes over de bomen, en vul de bevestiging aan de muur op met vulplaatjes in plaats van de boom scheluw te trekken.

De trap onderaan vastzetten aan de vloer is vaak vergeten werk. Schroef een stevige lat onder de onderste tree, vast aan de trede en aan de vloer, zodat de hele trap niet meer kan verschuiven.

Bovenaan hangt de trap aan de bomen die met bouten of beugels aan de verdiepingsvloer of aan een balk zitten, en die bevestiging wil je controleren, want daar zit alle kracht. Een trap ophangen aan een houten balklaag doe je met doorgaande bouten door de balk, niet met schroeven in het kopse hout.

Loopgeluid is iets anders dan kraken en vraagt dus een andere aanpak. Een trap geluiddempend maken lukt met tapijt of een loper op de treden, met vilt onder de bekleding, en door de trap met een rubberstrip los te houden van de wand. Onder een dichte trap galmt de holle ruimte mee, dus isolatiewol in de trapkast dempt hoorbaar.

Blijft de trap onrustig aanvoelen omdat de bomen zelf verzwakt zijn, dan is een nieuwe trap laten plaatsen eerlijker dan er nog een jaar aan sleutelen.

Bij een zwevende trap ligt het anders. De treden hangen dan aan de muur of aan een centrale stalen ligger, en de belasting komt volledig op die verankering.

Een zwevende trap maken of verankeren aan een binnenwand van gipsblokken kan niet: dat vraagt beton of kalkzandsteen en een berekening. Buiten zie je hetzelfde principe met treden aan een frame van steigerbuis, en ook dan is de verbinding met de grond het punt waar het op aankomt.

Verf, lak en een oude trap opknappen

Onder de vloerbedekking van een jaren 30 trap zit vrijwel altijd vurenhout. Dat is zacht, en dat heeft gevolgen voor wat je ermee kunt. Een vuren trap strak wit lakken ziet er twee jaar prachtig uit, waarna de neuzen kapot gelopen zijn en er deuken en scheurtjes in zitten.

Wie een jaren 30 trap wil renoveren en strak wil houden, kiest daarom vaak voor een loper over de treden met gelakte zijkanten, of voor renovatiestroken op de treden. Wil je hem wel gewoon schilderen, accepteer dan dat het een oude trap blijft. Nieuwe stootborden zetten is meestal wel goed te doen en scheelt de helft van het zichtwerk.

Een gelakte trap kaal maken gaat het snelst met een excenterschuurmachine op korrel 80, daarna 120, met afzuiging. Profielen en hoeken doe je met een afbijtmiddel in pastavorm, want daar kom je met schuurpapier niet in. Reken op een dag per trap, en werk om en om zodat je de trap kunt blijven gebruiken.

Voor de afwerking van treden is een slijtvaste lak nodig en niet zomaar een muurverf-achtige aflak. Een pantserlak, zoals de Rambo pantserlak die veel op vloeren en trappen gebruikt wordt, is daarvoor gemaakt: twee tot drie lagen, tussentijds schuren met korrel 220, en per laag echt de droogtijd afwachten.

Op een trap is dat lastiger dan op een vloer, want je moet er blijven lopen. Lak daarom om de trede, laat die volledig drogen en doe daarna de andere helft.

Bij eiken is de keuze tussen olie en lak vooral een keuze over onderhoud. Lak is harder en langer schoon te houden, maar zodra er een slijtplek op de neus komt moet je de hele trede overschuren omdat je anders een rand ziet. Olie slijt sneller en is juist plaatselijk bij te werken zonder overgang, en dat is op een trap met vaste looplijn een reëel voordeel.

Hardhouten trappen van meranti, merbau of iroko zijn een hoofdstuk apart. Zo'n hardhouten trap opknappen begint met schuren tot op het kale hout en daarna ontvetten, want deze houtsoorten bevatten natuurlijke olie waar een watergedragen product slecht op hecht. Een merbau of meranti trap lichter maken kan met een white wash of een wit gepigmenteerde olie.

Bij merbau is er een addertje: het hout bevat looistof die bij contact met water geelbruin uitbloedt. Een watergedragen white wash kan daardoor verkleuren. Test dat altijd eerst op een onopvallende plek, bijvoorbeeld de bovenste trede onder de loper, of gebruik een isolerende primer voordat je begint.

Een antraciet trap of een andere donkere kleur ziet er strak uit op de foto en is in huis het minst vergevingsgezind. Stof, krassen en slijtplekken op de neuzen springen er meteen uit, en een bijgewerkt plekje in donkere lak blijft altijd zichtbaar. Kies dan mat in plaats van zijdeglans, want dat verdoezelt krassen aanzienlijk beter.

Wat je hebtAfwerking die pastWaar je op let
Vuren trap uit de jaren 30Grondverf en pantserlak, of een loper met gelakte zijkantenZacht hout, dus de neuzen lopen kapot bij strak wit
Meranti of irokoWhite wash of gepigmenteerde olie na goed ontvettenNatuurlijke olie in het hout remt de hechting
MerbauOlie, of watergedragen alleen na een isolerende primerLooistof bloedt geelbruin uit zodra er water bij komt
EikenHardwasolie in twee lagen, of een harde lakOlie is bij te werken, lak vraagt de hele trede opnieuw
Trap die nog in de oude lak zitSchuren met korrel 80 en 120, of afbijten bij profielenIn huizen van voor ongeveer 1970 kan er loodhoudende verf onder zitten
Treden die onder tapijt zatenNietjes eruit, plamuren, gronden, dan pas kleurLijmresten eerst weg, anders tekent alles zich af in de lak
Antraciet of andere donkere kleurMatte slijtvaste lakStof en krassen vallen op, bijwerken blijft zichtbaar
TrapleuningBlanke lak op alkydbasis, twee componenten of olieHandzweet maakt een gewone watergedragen blanke lak snel plakkerig

Vlizotrap, luiken en een plateau in het trapgat

Een vlizotrap is een uittrekbare zoldertrap in een luik, en de meeste problemen ermee zitten in drie onderdelen: de sluiting, de trekstok en de veren.

De sluiting van een vlizotrap is meestal een pen die je met de trekstok een kwartslag draait. Sluit het luik niet meer goed, dan is het luik gaan werken of is de sluitplaat verschoven. Draai de plaat een paar millimeter bij in de slobgaten voordat je iets vervangt.

Het gamma sluitingen in de bouwmarkt past niet zomaar op elk merk luik, dus meet de hart-op-hart afstand van de bestaande schroefgaten voordat je iets koopt.

De trekstok is een haakstok waarmee je het luik opent. Trekt het oog uit het luik, dan is het hout daar te week geworden. Zet er dan geen dikkere schroef in, maar een doorgaande bout met een ring aan de bovenkant, zodat de kracht op het hele luik komt in plaats van op tien millimeter hout.

De trekveren houden het luik omhoog en verzwakken na jaren. Een luik dat hard openvalt of halverwege blijft hangen heeft nieuwe veren nodig, en die vervang je altijd per paar zodat de trekkracht links en rechts gelijk blijft.

Veren verschillen per merk en type, dus neem de oude mee of meet de lengte en de draaddikte. Sommige luiken werken met een gasveer in plaats van trekveren: dezelfde soort cilinder die je onder de zitting of achter de rugleuning van een bureaustoel vindt.

Zit je met een vlizotrap in een kleine opening, meet dan drie dingen: de luikmaat, de vrije vloerruimte waar de trap in uitklapt en de hoogte van de vloer tot de bovenkant van het gat. Een schaartrap of een drie- of vierdelige schuiftrap heeft minder luikmaat nodig dan een scharniertrap, maar vraagt vaak juist meer vloerruimte. Past er niets, dan is een vaste steektrap of een scheepstrap langs de wand de overgebleven route.

Het vlizotrapluik afwerken doe je met een omlijsting van mdf-latten in het plafond, waarbij je de kier tussen het kozijn en de plafondplaat met acrylaatkit dicht zet. Plak een tochtstrip in de sponning en lijm een plaat isolatiemateriaal op de bovenkant van het luik: een onbehandeld luik is een gat in je isolatieschil.

Een heel ander soort plateau is het werkplateau in het trapgat. Dat komt aan de orde als er boven het trapgat iets hangt waar iemand bij moet, bijvoorbeeld een afvoer of een dakraam. De opbouw is simpel: links en rechts een stevige plank van bijvoorbeeld 18x94 mm goed in de muur bevestigd, met daarop een plaat multiplex die tussen de planken opgesloten ligt.

Opklapbaar maken is de nette variant, en dan wel in deze volgorde: eerst de planken vastzetten, dan de plaat erop leggen, en pas daarna de scharnieren monteren. Zo maakt de plaat overal contact met de dragende planken en gaan de scharnieren niet het gewicht dragen.

Verwacht niet dat een zelfgebouwd plateau een monteur over de streep trekt. Een werkvloer op hoogte heeft randbeveiliging nodig: een leuning, een tussenleuning en een stootrand langs de rand zodat gereedschap er niet vanaf valt.

Multiplex van 18 mm is voor een echte werkvloer aan de dunne kant, en de toegang tot de zolder mag niet dicht komen te liggen. Voor een eenmalige klus is een rolsteiger of een trapsteiger huren goedkoper en veiliger dan een bouwwerk in je trapgat.

Trappen buiten: tuin, terras en vlonder

Buiten gelden andere maten dan binnen. Een tuintrap loopt luier: reken op een optrede van ongeveer 15 tot 17 cm en een aantrede van 30 tot 35 cm, want buiten stap je met een andere pas en vaak met natte zolen. De vuistregel van twee keer de optrede plus de aantrede houdt ook hier stand.

Een gemetselde trap in de tuin begint bij de fundering. Onder de onderste trede hoort een strook beton die vorstvrij ligt, want anders duwt de eerste strenge winter de hele trap uit het lood. Hoeveel je daarvoor moet aanmaken, reken je uit met onze rekenhulp voor beton en mortel.

Een trap maken van stapelblokken is de snelste variant en vraagt geen metselvaardigheid. De blokken lijm je met betonlijm op elkaar, laag voor laag, met de verticale voegen om en om. De ondergrond moet wel vlak en draagkrachtig zijn, dus een laag stabilisé of een betonnen plaat onder de eerste rij is geen overbodige luxe.

Kant en klare betonnen traptreden, zoals die van MBI, liggen daar tussenin: zware elementen die je op een gestabiliseerd bed legt en waterpas stelt. Ze zijn te tillen met twee personen, maar houd rekening met het gewicht als je ze over een tuinpad moet verplaatsen.

Bij een verhoogd terras met trap of een vlondertrap werk je met hout op een frame. Bouw het frame uit hetzelfde materiaal als de vlonder zelf, zet alles met roestvast stalen schroeven vast en houd de treden aan de achterkant open zodat water en blad erdoorheen kunnen. Een vlonder met trap van twee of drie treden heeft geen leuning nodig, maar zodra je boven de meter komt hoort daar wel een hek of leuning bij.

Antislip is buiten geen luxe. Gladde vlonderplanken zijn in de winter spekglad, dus leg de geribbelde zijde boven, schroef antislipstrips op de treden of werk met een grove structuurcoating. Losse split of grind op een tuintrede werkt alleen als er een opstaande rand omheen zit, anders ligt het na de eerste regenbui op het pad.

Een zwevende trap buiten, met treden in een gemetselde muur of aan een stalen ligger, ziet er licht uit maar vraagt een echte constructie. De verankering neemt alle krachten op, en dat is materie voor een constructeur en niet voor een middagje aanrommelen.

Datzelfde geldt voor een trap in een keerwand of een talud, waar de grond zelf de belasting moet dragen. Meer over funderingen en metselwerk vind je in ons overzicht van beton, metselwerk en constructies.

BuitentrapOpbouwWaar je op let
Gemetselde trapVorstvrije fundering, opgemetseld en afgewerkt met tegelsAfschot naar voren, anders blijft er water op de treden staan
StapelblokkenBetonlijm, verticale voegen om en omDraagkrachtige ondergrond onder de eerste rij
Betonnen traptredenZware losse elementen op een gestabiliseerd bedGewicht en transport onderschat je makkelijk
Vlondertrap van houtFrame van dezelfde houtsoort, roestvast stalen schroevenAchterkant open houden voor water en blad
Trap aan een verhoogd terrasAan het terrasframe bevestigd, poeren onder de onderste boomDe onderste trede zakt weg zonder eigen ondersteuning
Frame van steigerbuisBuizen met koppelingen, houten treden eropBuis wordt glad, dus antislip op de treden
Treden met siergrind of splitGrind in een omranding of gebonden in harsZonder opstaande rand ligt het grind binnen een maand op het pad

Maatvoering

De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens

Ruimte of vakgebiedOnderdeelGangbare maatMarge die in de praktijk werktWaar je op moet letten
SanitairWastafel, bovenkant85 cm boven de vloer80 tot 90 cmMeet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm.
SanitairWastafelkraan, uitloop25 tot 30 cm boven de wastafelrandwat past bij de komTe hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder.
SanitairFonteintje in het toilet80 tot 85 cm75 tot 90 cmVaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is.
SanitairToiletpot, bovenkant zitting40 tot 43 cm38 tot 48 cmEen verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger.
SanitairHangend toilet, onderkant pot40 cm boven de vloer38 tot 45 cmDe hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast.
SanitairToiletrolhouder70 cm hoog, 25 cm voor de pot60 tot 80 cmTe ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit.
SanitairDouchekraan, thermostaat100 tot 110 cm95 tot 120 cmJe wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan.
SanitairDoucheglijstang, bovenkant180 tot 200 cmafhankelijk van de lengste gebruikerReken op minstens 20 cm boven de kruin.
SanitairRegendouche, onderkant kop205 tot 215 cm200 tot 220 cmOnder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd.
SanitairHanddoekradiator, onderkant20 tot 30 cm boven de vloer15 tot 40 cmLaag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen.
SanitairAfvoer wastafel, muurdoorvoer50 tot 55 cm45 tot 60 cmOnder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling.
ElektraStopcontact in een woonruimte30 cm hart boven de vloer25 tot 40 cmBij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen.
ElektraStopcontact boven een aanrechtblad115 tot 125 cm10 tot 20 cm boven het bladUit de spatzone van de kraan blijven.
ElektraLichtschakelaar105 cm hart boven de vloer90 tot 120 cmGelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld.
ElektraDeurklink100 cm hart boven de vloer95 tot 105 cmOok de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen.
ElektraMeterkast, groepenkast150 tot 180 cmbereikbaar zonder trapjeDe hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn.
ElektraWandcontactdoos buitenminimaal 30 cm boven maaiveldhoger bij kans op opspattend waterSpatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten.
ElektraBedrade deurbel, drukknop110 tot 130 cm100 tot 140 cmOok bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel.
ElektraWandlamp naast een spiegel160 tot 170 cmop ooghoogte van de gebruikerLicht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven.
ElektraTelevisieaansluiting40 cm of op de hoogte van het schermafhankelijk van de opstellingBij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm.
KeukenWerkblad, bovenkant90 tot 95 cm85 tot 100 cmVuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger.
KeukenBovenkasten, onderkant50 tot 60 cm boven het blad45 tot 65 cmTe laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken.
KeukenAfzuigkap boven een elektrische kookplaat60 cm55 tot 70 cmOnder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht.
KeukenAfzuigkap boven een gaspit65 cm65 tot 75 cmBij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam.
KeukenPlint onder de keukenkasten10 tot 15 cmstandaard 15 cmTerugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan.
KeukenInbouwoven op ooghoogteonderkant op 85 tot 90 cmnaar de gebruikerScheelt bukken met een hete plaat in je handen.
TrapTrapleuning90 cm boven de voorkant van de trede85 tot 100 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer.
TrapLeuning langs een bordes100 cm90 tot 110 cmBij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap.
TrapOptrede, hoogte per trede18 tot 20 cmmaximaal 21 cm binnen een woningAlle treden even hoog, ook de eerste en de laatste.
TrapAantrede, diepte van de trede22 tot 24 cmminimaal 22 cmVuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm.
TrapVrije doorloophoogte boven de trap230 cmminimaal 210 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond.
TrapSpijlafstand van een balustrademaximaal 10 cmkleiner bij kinderenZo kan een kinderhoofdje er niet tussen.
DeurenBinnendeur, standaardmaat83 bij 201,5 cm78 tot 93 cm breedDe dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad.
DeurenVoordeur, standaardmaat88 bij 201,5 cm83 tot 100 cm breedBreder is prettig bij verhuizen en bij een rollator.
DeurenSpeling onder een binnendeur1 tot 1,5 cm2 cm bij mechanische ventilatieDe kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet.
DeurenSpeling rondom in het kozijn3 mm2 tot 4 mmTe weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt.
DeurenScharnieren, afstand tot de hoek20 cm van boven en onder15 tot 25 cmBij een zware deur een derde scharnier in het midden.
VentilatieVentilatierooster in een raamboven in het kozijnop de bovenregelWarme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder.
VentilatieAfzuigpunt in een badkamerhoog in de ruimte20 tot 30 cm onder het plafondVocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet.
VentilatieMuurrooster kruipruimtenet boven het maaiveldminimaal 15 cmAnders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht.
VentilatieDakdoorvoer, afstand tot de nokminimaal 50 cmafhankelijk van het typeTe dicht bij de nok geeft terugslag bij wind.

Samengesteld uit gangbare praktijkmaten, de eisen uit het Bouwbesluit waar die van toepassing zijn, en montagevoorschriften van fabrikanten. Standaardmaten zijn een vertrekpunt, geen wet: pas ze aan op de lengte van de mensen die de ruimte gebruiken. Bij nieuwbouw en verbouw gelden de actuele bouwregels boven elke vuistregel.

Veelgestelde vragen

Wat is een smetplank voor een trapleuning en hoe maak je die zelf?

Een smetplank is de plank die tegen de muur langs de trap loopt en waarop je de leuninghouders schroeft. Hij verdeelt de kracht van de leuning over meerdere bevestigingspunten, wat de oplossing is bij een muur die zelf te zacht is. Zelf maken kan met vuren van 18 mm dik en ongeveer 10 cm hoog, in lengtes te koop bij een bouwmaterialenhandel. Schuur hem eerst met een bandschuurmachine en zet hem in de grondverf voordat hij aan de muur gaat. Loopt de trap met een kwart, dan is de boom gebogen en moet de smetplank in model worden gemaakt.

Hoe bevestig ik een trapleuning aan een zachte muur of een gipswand?

In gasbeton, in oude zachte baksteen of in holle snelbouwsteen gebruik je een chemisch anker met een draadeind M8, en in hol materiaal daarbij een zeefhuls zodat de hars niet wegloopt. Blaas het boorgat eerst stofvrij en houd de uithardingstijd van de koker aan. Bij een gipswand of een andere holle wand schroef je in de metalstuds of in het regelwerk erachter, en anders monteer je een smetplank die over meerdere stijlen ligt. Hollewandpluggen in enkel gipsplaat zijn voor een leuning te licht.

Mijn trapleuning zit los en de keilbout draait rond, wat nu?

Een keilbout die rondloopt zit in een gat dat groter is geworden dan de bout, en aandraaien maakt dat alleen erger. Haal de bout eruit, boor het gat over naar een ruimere maat en blaas het schoon. Zet er dan een chemisch anker met draadeind in en laat dat volledig uitharden voordat je de leuning terughangt en belast. Is de muur op die plek helemaal versleten, verplaats de houder dan een stuk of monteer een smetplank die op andere punten houvast vindt.

Hoe zet je een touw als trapleuning solide vast?

Het probleem zit vrijwel altijd in de houders. Vervang spaanplaatschroeven door roestvast stalen schroeven van 5 of 6 mm en boor het gat voor, of tap M6 draad in de tegenoverliggende zijde van de houder en draai er van onderaf een bout in die je bovenaan vlak afwerkt. Reken erop dat een scheepstouw blijft rekken: wigjes tussen touw en houder houden maanden, geen jaren. Wie het strak wil houden, maakt een houten kern onder het touw. Op een steile trap hoort naast een touwleuning ook een vaste leuning, want een touw geeft mee bij een val.

Kun je traptreden verbreden of dieper maken?

Dieper maken lukt niet zonder een nieuwe trap, want de diepte van de trede volgt uit de hoek waaronder de bomen staan. Overzettreden geven een oversteek van een paar centimeter maar moeten volledig ondersteund worden, dus de trede zelf wordt er niet groter van, en bij het aflopen haak je achter de neus. Wat wel helpt is de wel vergroten als die te krap is: kom je met je kuit tegen de bovenliggende trede terwijl je hak nog niet staat, dan is er onder de neus te weinig ruimte. De echte oplossing is de trap luier maken, met een kleinere optrede en een grotere aantrede.

Hoeveel treden heeft een trap in nieuwbouw?

Dat volgt uit de verdiepingshoogte. Meet van bovenkant vloer tot bovenkant vloer, deel dat door de maximale optrede van 18,8 cm en rond naar boven af: dat is het aantal optreden, en het aantal losse treden ligt daar één onder. Bij een verdiepingshoogte van 2,80 m kom je zo op 15 optreden en 14 treden. In oudere woningen zie je bij dezelfde hoogte vaak 13 treden, en dat is meteen de reden dat zulke trappen zo steil aanvoelen.

Hoeveel m2 is een open trap met 13 treden?

Reken per trede met de aantrede plus de optrede, maal de breedte van de trap. Bij 13 treden van 85 cm breed met een aantrede van 22 cm en een optrede van 19 cm kom je op ongeveer 4,5 m2 aan loopvlak. Bij een open trap zonder stootborden heb je voor bekleding minder nodig, maar houd dezelfde 4 tot 5 m2 aan omdat de bekleding om de neus heen moet. Ga je de trap helemaal schilderen, tel dan grofweg het dubbele voor de onderkant van de treden en de bomen. De gangbare maten in huis staan bij onze standaardmaten per klus.

Hoe maak ik de zijkant van mijn trap dicht?

Twee routes. Je timmert een strook mdf of multiplex tegen de boom, of je bouwt een echt wandje met stijlen tegen vloer, muur en plafond dat je met gipsplaat beplaat, en anders met gasbeton of gipsblokken opmetselt en laat stucen. Laat in beide gevallen de kolom staan waar de trapboom in genest zit, en controleer eerst of de boom onderaan op de vloer steunt voordat je iets sloopt. Denk aan verlichting: een trap die aan de zijkant dicht gaat wordt fors donkerder, en een bewegingsmelder is daar de prettigste oplossing.

Hoe werk ik de onderkant van een trap af met mdf?

Bij een rechte trap schroef je klossen tegen de binnenzijde van de bomen en leg je daar mdf van 9 tot 12 mm tegenaan, waarna je de naden vult, schuurt en schildert. Laat de naden tussen de platen niet precies onder een trede vallen, want daar zit de meeste beweging. Bij een spiltrap of een trap met een halve draai werkt dit niet: de onderkant is dan dubbel gebogen en vlak plaatmateriaal volgt die vorm niet. Stucwerk op gaas is daar de oplossing, en dat is werk voor een stukadoor die dat nog beheerst. Granol of een andere ruwe structuur raden we af, want dat krijg je nooit meer schoon.

Wat is een krimplat of afwerklat langs de trap?

Dat is een dun latje dat je op de trapboom spijkert om de kier tussen de trap en de muur te overdekken. Je ziet ook de namen afdeklat en afwerklijst. De lat beweegt met de trap mee en verbergt de scheur die in behang of stucwerk ontstaat doordat hout werkt en een muur niet. Bij kieren tot ongeveer vijf millimeter kun je ook royaal afkitten met acrylaatkit en de rand hol afstrijken. Zulke dunne latten liggen zelden in de bouwmarkt, dus laat ze bij een houthandel schaven of maak ze zelf uit een bredere plank.

Welke lak gebruik je voor een trap en voor een trapleuning?

Voor traptreden heb je een slijtvaste lak nodig die voor vloeren en trappen is gemaakt, zoals een pantserlak. Breng twee tot drie lagen aan, schuur tussendoor met korrel 220 en houd de droogtijd echt aan, want een trap wordt meteen weer belopen. Voor een leuning is een blanke lak op alkydbasis of een tweecomponentenlak de betere keuze: een gewone watergedragen blanke lak wordt op de plek waar iedereen hem beetpakt snel dof en plakkerig van handzweet. Olie is het alternatief, want dat kun je plaatselijk bijwerken zonder zichtbare overgang.

Kan ik een meranti of merbau trap lichter maken met white wash?

Dat kan, maar alleen na goed voorwerk. Schuur tot op het kale hout en ontvet daarna, want hardhout bevat natuurlijke olie waar watergedragen producten slecht op hechten. Bij merbau speelt er iets extra's: dat hout bevat looistof die geelbruin uitbloedt zodra er water bij komt, waardoor een watergedragen white wash kan verkleuren. Test daarom altijd eerst op een onopvallende plek, of gebruik een isolerende primer. Een gepigmenteerde olie is bij meranti en iroko vaak rustiger in het resultaat dan een witte beits.

Hoe maak ik een krakende open trap stil?

Zoek eerst waar de beweging zit: laat iemand langzaam lopen terwijl je van onderen met je hand op de trede en op het stootbord voelt. Zit de speling tussen trede en boom, drijf dan hardhouten wiggen met lijm in het nest en zaag ze af. Zit de beweging tussen trede en stootbord, lijm en schroef dan driehoekige klossen in de hoek. Zit er een trekstang onder de treden, dan haal je die een halve slag aan om de bomen tegen de treden te trekken. Talkpoeder werkt, maar alleen tijdelijk.

Kan ik lades in mijn trap maken zonder dat hij gaat kraken?

Dat kan, mits je begrijpt wat je weghaalt. De stootborden dragen zelf weinig, maar ze houden de trede in het midden op zijn plek, en ze zitten meestal in de bomen genest, dus eruit halen is voorzichtig slopen. Bouw onder de trap een eigen kastframe waar de lades in hangen, in plaats van de geleiders aan de trap zelf te schroeven. Houd minstens 5 mm speling boven de ladefronten, want een trede buigt onder een volwassene zichtbaar door en een lade die daar tegenaan komt klemt precies als er iemand op de trap staat.

Hoe sluit ik de trap in de woonkamer af tegen warmteverlies?

De warme lucht loopt de trap op en verdwijnt in de zolder, dus je wilt de luchtstroom blokkeren en niet isoleren. Een gordijn op een rail aan het plafond is de goedkoopste ingreep: zet een ring vast in het midden van de rail en open naar het midden, dan hoef je het gordijn nooit helemaal te verschuiven. Een deur onderaan de trap mag en werkt beter, eventueel onder een hoek geplaatst zolang je er nog een kast langs krijgt. Een luik in de zoldervloer dat in evenwicht hangt werkt ook, maar zodra de zolder een slaapkamer wordt gelden er eisen aan de vluchtroute.

De sluiting van mijn vlizotrap sluit niet meer, wat kan ik doen?

Meestal is het luik gaan werken of is de sluitplaat verschoven. Draai de plaat eerst een paar millimeter bij in de slobgaten en kijk of de pen weer netjes pakt. Helpt dat niet, dan vervang je de sluiting, maar meet dan de hart-op-hart afstand van de bestaande schroefgaten, want het gamma sluitingen in de bouwmarkt past niet zomaar op elk merk luik. Trekt het oog van de trekstok uit het hout, zet er dan een doorgaande bout met een ring in plaats van een dikkere schroef.

Mijn vlizotrap valt hard open of blijft hangen, zijn dat de veren?

Bijna altijd wel. De trekveren die het luik in balans houden verzwakken na jaren, en dan valt het luik hard open of blijft het halverwege steken. Vervang ze per paar, zodat de trekkracht links en rechts gelijk blijft, en neem de oude veer mee of meet de lengte en de draaddikte, want ze verschillen per merk en type. Sommige luiken werken met een gasveer in plaats van trekveren, hetzelfde soort cilinder dat onder de zitting of achter de rugleuning van een bureaustoel zit, en die vervang je als geheel.

Past er een vlizotrap in een kleine opening?

Meet drie dingen voordat je iets bestelt: de luikopening, de vrije vloerruimte onder het gat waar de trap in uitklapt, en de hoogte van de vloer tot de bovenkant van het gat. Een schaartrap of een drie- of vierdelige schuiftrap komt met een kleinere luikmaat toe dan een scharniertrap, maar heeft vaak juist meer vloerruimte nodig. Past er niets, dan blijft een vaste steektrap of een steile scheepstrap langs de wand over. Werk het luik daarna af met een omlijsting van mdf-latten, een tochtstrip in de sponning en isolatie op de bovenkant.

Heb ik een vergunning nodig om een trap te verplaatsen?

Voor de trap zelf meestal niet, maar voor wat eromheen gebeurt vrijwel altijd wel. Een trap verplaatsen in een woning betekent een nieuw trapgat in de verdiepingsvloer, en daarmee raak je de dragende constructie: dat is vergunningplichtig en vraagt een berekening van een constructeur. Bij een monument of een beschermd stadsgezicht gelden er extra regels. Informeer bij de gemeente voordat je iets sloopt, want achteraf legaliseren is duurder dan vooraf vragen.

Wat kost een leuning voor een spiltrap of een wenteltrap?

Daar loopt de prijs sterk uiteen, want een leuning die een spiraal volgt is maatwerk en kost al snel een veelvoud van een rechte leuning. Wie het budget wil drukken, heeft drie routes: een buigzame kunststof leuning, een gelamineerde leuning die je zelf uit dunne latjes over een mal lijmt, of een leuning uit korte rechte stukken met verstekjes ertussen. Zelf een wenteltrapleuning maken door hout te buigen lukt met lamellen of met stoom, maar reken op een mal en op oefenmateriaal. Bij een rechte trapleuning aan een gebogen trap is de kromming meestal te groot om weg te werken.