Vloer isoleren: de juiste aanpak voor elke vloer en elke kruipruimte
Hoe je een vloer isoleert hangt af van wat er ligt en of je eronder kunt komen. Bij een houten balkenvloer boven een ruime kruipruimte werk je vanaf de onderkant, bij een lage kruipruimte pak je de bodem aan of maak je de vloer van bovenaf open, en bij een betonvloer op zand graaf je uit of bouw je dun op. De folie is bij al die routes hetzelfde verhaal: dampdicht aan de warme kant, dampopen aan de koude kant, en op een vochtige bodem een pe-folie die de verdamping stopt.
Alle gidsen over vloer isoleren
Vloer isoleren met pir platen
Pir haalt de hoogste isolatiewaarde per centimeter van alle plaatmaterialen, dus in een lage kruipruimte win je er ruimte mee.…
Kruipruimte isoleren met pur
Kruipruimte isoleren met pur betekent in de praktijk dat een spuitploeg twee componenten mengt en die als schuim tegen de…
Eps parels kruipruimte ervaring
Eps parels zijn losse bolletjes piepschuim die in een dunne kruipruimte op de bodem worden geblazen. Het is bodemisolatie en…
Eerst kijken wat voor vloer je hebt en of je eronder kunt
Vloer isoleren is geen enkele klus maar een familie van klussen, en welke bij jou past hangt af van twee vragen: wat voor vloer ligt er, en kun je eronder komen? Een houten balkenvloer boven een ruime kruipruimte isoleer je in een weekend vanaf de onderkant. Een betonvloer die rechtstreeks op zand ligt vraagt om uitgraven, of om een dunne opbouw van bovenaf. Binnen het vakgebied vloeren is dit de ingreep die je het snelst terugverdient, want door een ongeïsoleerde begane grond vloer lekt warmte weg naar de kruipruimte en trekt er koude lucht langs je enkels.
Open daarom eerst het kruipluik en kijk. Meet de hoogte tussen bodem en onderkant vloer, voel of de bodem droog is en controleer of de ventilatieroosters in de gevel open staan. Die tien minuten bepalen welke aanpak haalbaar is en wat je aan materiaal nodig hebt.
Ligt er een houten vloer, dan speelt er naast warmte ook vocht en ventilatie. De achtergrond daarvan, van kraken tot rot, vind je in ons overzicht over de houten vloer.
| Jouw situatie | Aanpak die meestal past | Waar je op let |
|---|---|---|
| Houten balkenvloer, kruipruimte 50 cm of dieper | Drukvaste platen onder de balken, of wol tussen de balken | Ventilatie van de kruipruimte op peil houden, anders rotten de balken |
| Betonnen vloer boven een kruipruimte | Platen tegen de onderkant lijmen of schuim laten spuiten | Beton is zelf vrijwel dampdicht, een folie direct onder de vloer is hier niet nodig |
| Kruipruimte lager dan zo'n 35 cm | Bodemisolatie met parels of schelpen, of de vloer van bovenaf openmaken | In zo'n lage ruimte werken is geen doe-het-zelfklus meer |
| Betonvloer op zand, geen kruipruimte | Uitgraven en eps of pir onder nieuw beton, of een dunne laag bovenop | Opbouwhoogte bij deuren, plinten en de onderste traptrede |
| Schuur, tuinhuis, veranda of overkapping | Pakket van folie, drukvaste platen en een afwerkvloer | Eerst vocht en ventilatie op orde, anders isoleer je een klam hok |
| Kwaaitaalvloer of broodjesvloer | Eerst de staat van het beton beoordelen, daarna gespoten isolatie | Betonrot herkennen voordat je de onderkant aan het zicht onttrekt |
Houten balkenvloer: tussen de balken of eronder
Bij houten balken kun je de vloer isoleren met wol tussen de balken of met platen tegen de onderkant van de balken. Onder de balken heeft in de meeste kruipruimtes onze voorkeur. De hele balklaag ligt dan aan de warme kant van de isolatie, waardoor de balken droog en op temperatuur blijven en er geen koudebrug ontstaat. Je hebt er ook nauwelijks snijverlies, want je hoeft de platen niet op de wisselende maat tussen de balken toe te snijden.
Praktisch werkt dat zo: schroef klampjes tegen de zijkant van de balken, zodat je speling houdt op de stramienmaat, en zet daar de platen tegenaan. Kies platen met tong en groef, dan zijn twee tot drie schroeven met een verdeelplaatje per plaat genoeg. Zet ook platen tegen de fundering, zodat de vloerplaten daar strak op aansluiten. De diktes en het afschuimen van naden staan in de gids over vloer isoleren met pir platen.
Isolatie tussen de balken kies je als de ruimte onder de balken te krap is, of als je het holle loopgeluid wilt dempen, want daar is wol beter in dan een harde plaat. Meet per vak de breedte, snijd de wol een halve centimeter breder en klem hem tussen de balken. Latjes van 22 bij 22 millimeter die je aan weerszijden onder de wol schroeft voorkomen dat het pakket ooit uitzakt. De volledige werkvolgorde met folie en afwerking staat in de gids over een houten vloer isoleren.
Welke folie waarvoor dient
Rond vloerisolatie duiken drie soorten folie op en ze worden voortdurend door elkaar gehaald. Een isolatie folie voor op de vloer doet iets anders dan een bodemfolie in de kruipruimte, en dampremmend is niet hetzelfde als dampdicht. De regel achter alle varianten is dezelfde: de warme kant van de constructie moet dampdichter zijn dan de koude kant. Vocht dat toch in de constructie komt, kan er dan aan de koude zijde weer uit.
Fabrikanten drukken de dampdichtheid uit in een sd-waarde. Een dampremmende folie voor de vloer zit rond de 87 meter, een echt dampdichte folie boven de 300 meter. In de praktijk geldt een pe-folie van 0,2 millimeter dik als dampdicht, en voor optrekkend vocht onder een balklaag op beton is een stevige dampremmende folie meestal al voldoende, want die hoeft alleen bodemvocht uit hout en isolatie te houden. Let bij goedkope rollen op de werkelijke dikte: folie die als T200 verkocht wordt mag tot dertig procent dunner zijn dan die naam suggereert.
Wat er bovenop de folie komt telt mee. De afwerking aan de warme kant moet meer damp doorlaten dan de folie eronder, anders hoopt vocht zich op in de tussenlaag. Een dichte afwerking als vinyl of zeil op een geïsoleerde houten opbouw kan daardoor problemen geven.
| Folie | Wat hij doet | Waar hij ligt bij vloerisolatie |
|---|---|---|
| Dampremmende folie, sd rond 87 m | Remt woonvocht af richting de isolatie | Aan de warme kant, dus boven de isolatie tegen de vloer aan |
| Dampdichte folie, sd boven 300 m of pe 0,2 mm | Houdt vocht vrijwel volledig tegen | Onder een houten opbouw op beton, randen langs de wand omhoog en later afsnijden |
| Bodemfolie of pe folie voor de kruipruimte | Stopt verdamping uit de bodem, de kruipruimte wordt merkbaar droger | Los op het zand, 10 tot 15 cm tegen de fundering opgezet |
| Vochtwerende folie onder de vloerafwerking | Beschermt laminaat en ondervloer tegen restvocht uit beton | Bovenop de dekvloer, banen ruim overlappen en aftapen |
| Aluminiumlaag van een spijkerflensdeken | Werkt als dampremmende laag van de wol zelf | Altijd met de alu-kant naar de warme zijde, dus naar boven |
| Dampopen folie | Houdt tocht en ongedierte uit de wol zonder vocht op te sluiten | Aan de onderkant van de isolatie, tegen de koude zijde |
De bodem van de kruipruimte: folie, schelpen of parels
Een klamme kruipruimte pak je bij de bodem aan, nog voordat je aan de vloer zelf begint. Een pe-folie op het zand stopt de verdamping, waardoor de lucht onder de vloer en daarmee het hele huis droger wordt. Leg de folie vlak neer, sla hem 10 tot 15 centimeter tegen de fundering op en zet hem daar vast. Hoger hoeft niet, want de muur moet zijn eigen vocht kwijt kunnen. Leg de folie onder een onderslagbalk door en werk hem om de poeren heen; ligt de balk op het zand, graaf hem dan iets uit in plaats van de folie eroverheen te leggen. Worteldoek is als bodemafdekking zinloos, dat laat damp gewoon door.
Staat er regelmatig water op de bodem, dan is de kruipruimte isoleren met schelpen het overwegen waard. Schelpen hogen de bodem op zodat het water onder het oppervlak verdwijnt, en ze blijven zelf droog. Als isolatie stellen ze weinig voor, het is vooral een vochtmaatregel. In een droge kruipruimte voegen schelpen dus bijna niets toe en steek je het geld beter in isolatie tegen de vloer.
Piepschuim isolatie op de bodem van de kruipruimte, platen strak gelegd en dichtgetapet, werkt beter dan je zou denken: de vloer wordt warmer en het huis droger. Het blijft wel bodemisolatie, dus minder effectief dan isoleren direct tegen de vloer. Is de ruimte te laag om te werken, dan zijn ingeblazen parels een uitkomst; wat dat in de praktijk doet lees je bij onze ervaringen met eps parels in de kruipruimte.
Kruipruimte te laag of niet toegankelijk: van bovenaf werken
Bij veel vooroorlogse en vroeg-naoorlogse woningen is de kruipruimte maar twintig tot dertig centimeter hoog, of ontbreekt hij helemaal. Vloer isoleren met een kruipruimte die niet toegankelijk is kan dan langs twee routes: de vloer openmaken en van bovenaf werken, of een dunne isolatielaag bovenop de bestaande vloer bouwen.
Bij een houten vloer neem je een aantal delen op, legt eerst pe-folie op de bodem en brengt daarna de wol tussen de balken aan, met de dampremmende kant naar boven. Bij een betonnen vloer die blijft liggen telt elke centimeter opbouwhoogte, vanwege deuren, plinten en de onderste traptrede. Vacuümisolatiepanelen halen bij zo'n 2,5 centimeter dikte een waarde rond R 3,5, waar gewone platen ruim tien centimeter voor nodig hebben. Ze zijn fors duurder, en je mag ze nooit snijden of doorboren: is het vacuüm weg, dan zakt de waarde terug naar die van gewoon schuim. Controleer ook de drukvastheid voor de vloeropbouw die erop komt. Een dunne plaat resolschuim of pir van drie centimeter haalt ongeveer R 1,5 en is veel betaalbaarder; met de Rc-calculator reken je vooraf uit of het verschil de meerprijs waard is. Wie toch de vloer opbouwt, combineert dit vaak met droogbouw vloerverwarming, want die opbouw komt er dan in één moeite bij.
Een royalere variant op beton: dampdichte folie op het beton, balkjes erop, steenwol ertussen en osb-platen erover. Laat de folie langs de wanden opstaan en snijd hem pas af als de vloer ligt. De afwerking op de osb moet dampopener zijn dan de folie eronder, dus wees terughoudend met zeil of vinyl.
Betonvloer op zand: eps, xps of pir onder nieuw beton
Gaat de oude vloer er helemaal uit, dan is de opbouw van onder naar boven: afgraven, folie tegen optrekkend vocht, isolatieplaten, wapening en een nieuwe betonvloer met dekvloer, vaak met vloerverwarming erin. De keuze zit in het plaatmateriaal. Eps isolatie op een vloer op zand kan prima: eps zuigt geen vocht capillair op, en alleen als de platen permanent onder het grondwaterniveau liggen loopt de isolatiewaarde iets terug. Voor een woonhuis is eps met druksterkteklasse 100 voldoende. Pir isolatie op zand kan bij dezelfde waarde ruim een derde dunner, dus scheelt dat graafwerk. Xps is zeer drukvast en volledig vochtbestendig, maar voor een gewone woonkamervloer betaal je dan voor eigenschappen die je zelden nodig hebt.
Bespaar niet op de isolatiewaarde, want onder deze vloer kom je nooit meer terug. Wij houden Rc 3,5 als ondergrens aan; dat is ook de waarde die subsidieregelingen doorgaans als minimum stellen, controleer daarvoor de actuele voorwaarden. Iets dieper graven voor een dikkere plaat kost nu een dag extra en levert elke winter op.
Plan de afwerking pas als de dekvloer echt droog is, anders sluit je bouwvocht op onder je vloerbedekking. Hoe lang dat per laagdikte duurt zie je in de tabel met droogtijden.
| Materiaal | Dikte voor circa Rc 3,5 | Sterke punten | Zwakke punten |
|---|---|---|---|
| Eps 100 | Ongeveer 13 cm | Goedkoop, ongevoelig voor bodemvocht, licht te verwerken | Dikste pakket, dus het meeste afgraven |
| Xps | Ongeveer 12 tot 13 cm | Zeer drukvast, volledig vochtbestendig | Duur, en de extra drukvastheid heeft een woonhuis zelden nodig |
| Pir | Ongeveer 8 cm | Dunste pakket, minder graafwerk, hoge waarde per centimeter | Duurder per vierkante meter, naden goed aftapen of afschuimen |
Schuur, tuinhuis, veranda en overkapping
De vloer van een schuur isoleren begint meestal met slopen: tegels en een laag zand eruit, zodat er een volwaardig pakket in past zonder dat de vloer omhoog komt. Daarna folie, drukvaste platen en tien centimeter gewapend beton. Dunner storten lijkt aantrekkelijk, maar op een licht verende isolatielaag scheurt een laag van drie of vier centimeter vrijwel zeker, en er past geen wapening met voldoende dekking in. Reken de hoeveelheid vooraf door: bij een schuur van 4,5 bij 3,3 meter is tien centimeter al bijna anderhalve kuub, dus laat beton bezorgen in plaats van zakken te staan mengen.
Voor de vloer van een tuinhuis op poeren werkt een ander recept. Egaliseer met een zandbed, leg daar folie op tegen optrekkend vocht, dan minimaal acht centimeter drukvast eps of pir, en vouw de folie boven de platen dicht en tape hem af tot een vochtdicht pakket. Leg de platen niet op losse stoeptegels, want zonder gelijkmatige steun breken ze. Daaroverheen komt de houten vloer.
Bij een veranda, overkapping of tuinkamer met veel glas is de eerlijke vraag wat de vloer isoleren oplevert zolang de wanden uit enkel glas en het dak uit polycarbonaat bestaan: daar verdwijnt veruit de meeste warmte. Toch is de vloer in één keer goed opbouwen te verdedigen, want je komt er later niet meer bij. Wie ooit dubbel glas en dichte kozijnen wil plaatsen, legt nu de basis.
| Bijgebouw | Opbouw van onder naar boven | Aandachtspunt |
|---|---|---|
| Schuur met tegels op zand | Zand deels eruit, folie, eps of pir, 10 cm gewapend beton, dekvloer | Bij een vochtprobleem eerst de ventilatie verbeteren, dan pas isoleren |
| Tuinhuis op poeren | Zandbed, folie, minimaal 8 cm drukvaste platen, folie dichtgevouwen, houten vloer | Platen over het hele vlak ondersteunen, nooit op losse tegels |
| Veranda of overkapping | Pe-folie van 0,2 mm, 10 cm pir, wapeningsnet, beton, dekvloer met tegels | Rendeert pas echt zodra ook wanden en dak iets tegenhouden |
| Verwarmde tuinkamer | Zelfde opbouw als een woonhuisvloer, met Rc 3,5 als ondergrens | Aansluiting op dorpels en deuren vooraf uittekenen |
Het kruipluik isoleren en tocht bij het luik weren
Het luik van de kruipruimte is vaak het laatste lek in een verder nette vloer. Radiatorfolie of een restje laminaatondervloer tegen het luik plakken doet vrijwel niets: radiatorfolie kaatst stralingswarmte van een hete radiator terug en ondervloer dempt vooral geluid. Wat wel werkt is een ruime plaat piepschuim of pir tegen de onderkant van het luik. Zaagresten van dakisolatieplaten zijn hier prima voor, die brokkelen minder dan de zachte piepschuimplaten uit de bouwmarkt.
Plak de plaat vast met dotten polymeerkit, dan blijft het luik gewoon uitneembaar. Breng de dotten vooraf op de plaat aan en druk het geheel op zijn plek. Kit daarna de rand rondom af, anders kruipt condenswater tussen het hout en de plaat en wordt het daar een vieze boel. Voor het luik kruipruimte isoleren geldt verder: tocht dicht je apart, met tochtband in de sponning of met verwijderbare aluminiumtape over de naden. Maak je een nieuw luik, zet dan de kopse kanten van het hout in de grondverf tegen rot.
Moet er iemand de kruipruimte in, werk dan altijd met twee mensen: één onder de vloer en één erboven. Dat is geen overdreven voorzichtigheid, in een krappe ruimte met weinig frisse lucht wil je nooit alleen zijn.
Kwaaitaalvloer, broodjesvloer en andere systeemvloeren
Wil je een kwaaitaal vloer isoleren, kijk dan eerst onder de vloer voordat je iets bestelt. Kwaaitaal- en mantavloeren zijn prefab betonvloeren uit de jaren zestig en zeventig waaraan destijds calciumchloride is toegevoegd. Dat versnelde toen het uitharden, maar laat nu bij een deel van deze vloeren de wapening roesten, met afdrukkende schollen beton als gevolg. Isolatie tegen de onderkant onttrekt die schade aan het zicht. Laat bij twijfel eerst een inspectie op betonrot uitvoeren en herstel eerst, isoleer daarna.
Een broodjes vloer heeft betonnen balkjes met vulelementen ertussen en dus een hobbelige onderkant. Platen sluiten daar slecht op aan, waardoor er luchtkieren achter de isolatie blijven. Gespoten schuim volgt die vorm wel; hoe dat werkt en wat het kost lees je in de gids over de kruipruimte isoleren met pur. Voor het isoleren van een kruipruimte onder een vlakke betonnen vloer kun je wel gewoon met platen uit de voeten, en een folie direct onder het beton is daar niet nodig omdat beton zelf al vrijwel dampdicht is.
Eén waarschuwing bij vloeren uit deze bouwjaren: oud zeil, oude vloerbedekking en de zwarte lijmlaag eronder kunnen asbest bevatten. Niet schuren, niet breken, eerst laten testen. Hoe je verdachte oude vloerafwerking herkent en behandelt staat bij het vloeronderhoud.
Wat vloerisolatie oplevert en waar je daarna verdergaat
Het effect van vloerisolatie voel je eerder dan dat je het op de jaarafrekening ziet. De vloer wordt een paar graden warmer aan het oppervlak, de koude luchtstroom over de vloer verdwijnt en de thermostaat kan een streepje lager bij hetzelfde comfort. In huizen met een vochtige kruipruimte komt daar een droger binnenklimaat bij, zeker als er ook bodemfolie ligt.
Vloerisolatie staat zelden op zichzelf. De grootste verliespost van een woning zit boven, dus wie de schil aanpakt begint meestal met het isoleren van het schuine dak of, als de zolder bewoond is, met dak isoleren van binnenuit. De vloer is daarna de comfortmaatregel die je elke ochtend merkt.
Ligt er een koude ruimte niet onder maar naast of onder een kamer, dan gelden dezelfde principes in een andere richting. Een slaapkamer boven een garage of onderdoorgang knapt vooral op van het isoleren van het plafond van die koude ruimte, met dezelfde regels voor dampdicht en dampopen als onder een vloer.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Veelgestelde vragen
Welke folie gebruik ik bij het isoleren van de vloer via de kruipruimte?
Houd de basisregel aan: dampdicht aan de warme kant, dampopen aan de koude kant. Bij wol tussen de balken komt de dampremmende laag dus bovenop, tegen de vloer aan; bij een spijkerflensdeken is dat de aluminiumzijde. Aan de onderkant mag een dampopen folie tegen tocht en ongedierte, maar die is niet verplicht. Een vloerisolatie folie op de bodem van de kruipruimte staat daar los van en dient alleen om de bodem droger te maken.
Wat is het verschil tussen dampremmende en dampdichte folie voor de vloer?
Het verschil zit in de sd-waarde, de maat voor dampdichtheid. Dampremmende folie voor de vloer zit rond de 87 meter, dampdichte folie boven de 300 meter. Voor optrekkend vocht onder een houten opbouw op beton is dampremmend meestal al voldoende, zolang de afwerking erboven meer damp doorlaat dan de folie eronder. Wil je zekerheid, dan geldt pe-folie van 0,2 millimeter dik in de praktijk als dampdicht.
Hoe kan ik het luik van de kruipruimte isoleren?
Plak een plaat piepschuim of pir tegen de onderkant van het luik met dotten polymeerkit, dan blijft het luik uitneembaar. Kit de rand rondom af zodat er geen condenswater tussen plaat en hout kruipt. Tocht pak je apart aan met tochtband in de sponning of aluminiumtape over de naden. Zaagresten van pir dakplaten werken hier beter dan zachte bouwmarktpiepschuim, omdat ze niet verkruimelen.
Hoe isoleer ik de vloer van een tuinhuis?
Bij een tuinhuis op poeren en opsluitbanden maak je op de grond eerst een vlak zandbed. Daarop komt folie tegen optrekkend vocht, dan minimaal acht centimeter drukvast eps of pir, en de folie vouw je boven de platen dicht en tape je af tot een vochtdicht pakket. Daaroverheen komt de houten vloer. Leg de platen nooit op losse stoeptegels, want zonder steun over het hele vlak breken ze onder belasting.
Hoe kan ik de vloer van een schuur isoleren?
Bij een schuur met tegels op zand haal je de tegels en een laag zand eruit, zodat er folie, isolatieplaten en tien centimeter gewapend beton in passen zonder dat de vloer omhoog komt. Werk af met een dekvloer. Controleer eerst het binnenklimaat: hangt de luchtvochtigheid structureel hoog, verbeter dan eerst de ventilatie met roosters hoog en laag tegenover elkaar, anders isoleer je een vochtprobleem in.
Kan ik de vloer isoleren als de kruipruimte niet toegankelijk is?
Ja, langs twee routes. Bij een houten vloer neem je delen op en werk je van bovenaf: pe-folie op de bodem, wol tussen de balken met de dampremmende kant naar boven, vloer terug. Bij een betonnen vloer kies je een dunne opbouw bovenop, met dunne pir of vacuümpanelen. Een derde optie voor de lage kruipruimte zelf is de bodem laten inblazen met parels, wat zonder kruipwerk gebeurt.
Is een kruipruimte isoleren met schelpen zinvol?
Alleen als er een vochtprobleem is. Schelpen hogen de bodem op zodat staand water onder het oppervlak verdwijnt, en ze blijven zelf droog en geventileerd. Als warmte-isolatie stellen ze weinig voor. In een droge kruipruimte voegen schelpen daarom nauwelijks iets toe en bereik je meer met isolatie direct tegen de onderkant van de vloer en tegen de randen van de fundering.
Helpt piepschuim op de bodem van de kruipruimte?
Het helpt merkbaar, vooral tegen vocht. Strak gelegde en dichtgetapete platen stoppen de verdamping uit het zand, waardoor het huis droger wordt en de vloer wat warmer aanvoelt. Het blijft wel bodemisolatie: de geventileerde kruipruimtelucht stroomt nog steeds langs je vloer, dus platen direct tegen de vloer leveren meer op. De bodemaanpak is de goede keus als de ruimte te laag is om aan de vloer zelf te werken.
Kun je een kwaaitaalvloer isoleren?
Ja, maar pas na een inspectie. Kwaaitaalvloeren kunnen betonrot hebben doordat er destijds calciumchloride in het beton is verwerkt, en isolatie tegen de onderkant verbergt die schade. Laat de vloer eerst beoordelen en herstel betonrot voordat je isoleert. Is de vloer gezond, dan is gespoten isolatie tegen de geribde onderkant de gangbare aanpak, omdat platen daar slecht op aansluiten.
Hoe isoleer je een broodjesvloer?
De onderkant van een broodjesvloer is hobbelig door de vulelementen tussen de betonnen balkjes, waardoor platen luchtkieren achterlaten en veel van hun werking verliezen. Gespoten purschuim volgt die vorm wel en sluit naadloos aan; de werkwijze en kosten staan in de gids over de kruipruimte laten volspuiten met pur. Een alternatief zonder spuitwerk is de bodem aanpakken met folie en parels.
Welke isolatiewaarde moet vloerisolatie halen?
Wij houden Rc 3,5 aan als ondergrens voor een vloer waar je nooit meer bij kunt, zoals onder nieuw beton. Subsidieregelingen stellen doorgaans ook een minimale waarde in die orde, dus controleer de actuele voorwaarden voordat je materiaal bestelt. Via de kruipruimte is elke laag winst, maar ook daar loont dik werk. Met de rekenhulp voor de Rc-waarde zie je per materiaal en dikte wat je haalt.
Moet er pe folie op de bodem van de kruipruimte?
Verplicht is het niet, maar in een vochtige kruipruimte is het de eerste en goedkoopste maatregel. De folie stopt de verdamping uit het zand, waardoor de lucht onder de vloer en in huis droger wordt. In een kurkdroge, goed geventileerde kruipruimte voegt hij weinig toe, al werkt hij dan nog als schone onderlaag zodat je bij later kruipwerk niet door het zand hoeft. Kwaad kan een vlak gelegde folie vrijwel nooit.
Is de vloer van een veranda of overkapping isoleren de moeite waard?
Zolang de wanden uit enkel glas of schuifwanden bestaan en het dak uit polycarbonaat, verdwijnt daar veruit de meeste warmte en merk je van vloerisolatie weinig. Toch valt er iets te zeggen voor een opbouw met pe-folie, tien centimeter pir, wapening en beton: aan de vloer kun je later niet meer werken, aan de wanden wel. Wie ooit dubbel glas wil plaatsen, legt nu de basis voor een bruikbare tuinkamer.
Kan eps isolatie op zand tegen vocht?
Ja. Eps zuigt geen vocht capillair op en is daarmee goed bruikbaar onder een op zand gestorte betonvloer, ook op percelen waar de grond nat kan worden. Alleen wanneer de platen permanent onder het grondwaterniveau liggen, loopt de isolatiewaarde iets terug. Voor een woonhuisvloer volstaat eps met druksterkteklasse 100; zwaardere kwaliteiten of xps betaal je vooral voor situaties met hoge puntlasten.