Kunststof kozijnen plaatsen: maatvoering, verankering en afdichting
Een kunststof kozijn plaats je niet vast tegen het metselwerk aan, maar zwevend in een opening die rondom tien tot vijftien millimeter groter is. Die stelruimte vul je met stelblokken op de dragende punten, verankering door de sponning en een afdichting die binnen dampdicht en buiten dampopen is. Het profiel heeft een verzinkte stalen kern en afwateringskamers, en juist daarom bepaalt de fabrikant waar je wel en niet mag boren. Wie dat negeert, krijgt roest van binnenuit en water in de dorpel.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Lange waterpas van 180 cm en een kleine van 40 cm
- Kruislijnlaser of waterpasslang bij meerdere kozijnen in één gevel
- Boorhamer met steenboor van 8 mm en een lange boor voor de dagkant
- Accuschroefmachine met torxbits, koppel laag ingesteld
- Kunststof beglazingsmes of een brede kunststof spatel voor de glaslatten
- Rubberen hamer en een blokje hout
- Kitpistool met een goed spuitmond en een purpistool
- Lijmklemmen of stelspieën van kunststof
- Duimstok, potlood en een schrijfmaat
- Glaszuignappen bij ruiten vanaf ongeveer een halve vierkante meter
Materiaal
- Kunststof stelblokken in verschillende diktes, 2 tot 10 mm
- Kozijnschroeven of betonschroeven van 7,5 mm met afdekkapjes
- Kozijnankers en spouwlatten bij een stomp kozijn in de spouw
- Voorgecomprimeerd afdichtband in de juiste bandbreedte
- Dampdichte aansluitfolie binnen en dampopen folie buiten
- Purschuim met lage expansie, bij voorkeur uit een pistoolbus
- Beglazingsblokjes in de dikte van de glasspeling
- Hybride kit in de kleur van het profiel
- DPC-folie voor onder de dorpel en langs de dagkanten
- Aansluitprofielen of kunststof aftimmerlatten voor de dagkant
Wat een kunststof profiel anders maakt dan hout
Een kunststof kozijn is geen massief stuk materiaal maar een geëxtrudeerd profiel met meerdere kamers. In de grootste kamer zit een verzinkte stalen versterking, want pvc alleen is te slap om een raam van tachtig kilo te dragen. Hoe zo'n profiel in de gevel staat en welke aansluitingen erbij horen, lees je in ons overzicht over kozijnen en hun opbouw.
Die stalen kern is verzinkt en in de fabriek ingesloten. Zolang hij droog blijft gaat hij tientallen jaren mee. Maak je er een gat in op een plek die de fabrikant niet heeft aangewezen, dan komt er vocht bij het staal en roest het profiel van binnenuit. Bij de meeste fabrikanten vervalt de garantie op dat moment ook.
Het tweede verschil zit in de waterhuishouding. In de onderste kamer van het profiel lopen afwateringskanalen die het water uit de sponning naar buiten leiden, via kleine sleuven in de onderdorpel. Die sleuven zien er onafgewerkt uit en de neiging om ze even dicht te kitten is groot. Doe dat niet, want dan blijft het water in het profiel staan.
Het derde verschil is uitzetting. Kunststof werkt veel sterker met temperatuur dan hout, en een profiel met donkere folie wordt in de zon flink warmer dan een wit profiel. Een kozijn van drie meter breed kan daardoor enkele millimeters langer worden. Daarom staat een kunststof kozijn nooit klemvast tegen het metselwerk, maar zwevend in een opening met ruimte rondom.
Kunststof kozijnen schilderen doe je niet. Verf hecht slecht op pvc, gaat scheuren bij uitzetting en trekt de folielaag mee als je hem er later af wilt halen. Wil je een andere kleur, dan is een gefolieerd of gecoat profiel bestellen de enige route die standhoudt.
De opening opmeten en de stelruimte bepalen
Alles begint bij de maat van de dagopening, en die meet je op drie hoogtes en drie breedtes. Oude gevels zijn zelden recht: een verschil van vijftien millimeter tussen boven en onder is normaal. De kleinste gemeten maat is je uitgangspunt, want daar moet het kozijn doorheen.
Van die kleinste maat trek je de stelruimte af. Reken op tien tot vijftien millimeter aan elke zijde, zodat je het kozijn kunt uitstellen en de aansluitnaad kunt afdichten. Minder dan tien millimeter maakt afdichten met band vrijwel onmogelijk en laat het profiel geen ruimte om te werken. Meer dan twintig millimeter is lastig te overbruggen met een stelblok en vraagt om een gevulde en afgewerkte naad.
De hoogte vraagt extra aandacht. Boven het kozijn wil je bij een houtskeletwand of een verdiepingsvloer altijd zettingsruimte, omdat de constructie in de eerste jaren nog krimpt en zakt. Onder het kozijn moet de dorpel volledig ondersteund zijn, dus daar reken je juist niet op ruimte maar op een vlakke, doorgemetselde of ondersabelde ondergrond.
Bestel je op maat, geef dan door of je binnenwerkse dagmaat of buitenwerkse kozijnmaat opgeeft. Dat verschil is een klassieke bron van kozijnen die twee centimeter te groot geleverd worden. Meet ook de sponningdiepte van je glas mee als je het bestaande glas wilt hergebruiken; hoe een sponning is opgebouwd bepaalt welke glasdikte er straks in past.
| Waar | Aan te houden ruimte | Waarom | Wat je erin doet |
|---|---|---|---|
| Links en rechts van het kozijn | 10 tot 15 mm | Uitstellen, uitzetting opvangen en de naad kunnen afdichten | Stelblokken bij de bevestigingspunten, band of folie in de naad |
| Boven het kozijn in metselwerk | 10 tot 15 mm | De latei mag nooit op het kozijn gaan rusten | Stelblokken alleen tijdelijk, daarna vullen met band of schuim |
| Boven het kozijn in houtskelet | 15 tot 20 mm | Krimp en zetting van de houten constructie | Zacht vulmateriaal, nooit een hard blokje laten zitten |
| Onder de dorpel | Vol en vlak ondersteund | De dorpel draagt het gewicht van glas en raam | Stelblokken op de dragende punten, daarna ondersabelen met specie |
| Glasspeling in de sponning | 3 tot 5 mm rondom het glas | Glas mag nergens contact maken met het profiel | Beglazingsblokjes op de voorgeschreven posities |
| Profiel met donkere folie, per meter breedte | 1 tot 2 mm extra werkruimte | Donker pvc wordt in de zon warmer en zet verder uit | Bevestigingen dichter op elkaar, ruimere naad |
Schrijf de drie gemeten breedtes en hoogtes met potlood op de dagkant zelf. Bij het inzetten weet je dan meteen waar de opening het krapst is en waar je moet bijhakken.
Een kunststof kozijn verankeren zonder stelkozijn
Bij nieuwbouw zit er vaak een houten stelkozijn in de opening waar het kunststof kozijn tegenaan geschroefd wordt. In bestaande bouw is dat er meestal niet, en dan zet je het kozijn direct in het metselwerk. Dat kan prima, mits je de verankering en de wateraansluiting zelf goed regelt.
Er zijn twee manieren die zich bewezen hebben. De eerste is doorschroeven: je boort door de sponning van het kozijn heen in het metselwerk en zet vast met kozijnschroeven van 7,5 mm, waarna je de schroefkop wegwerkt onder een afdekkapje of onder de glaslat. De schroef zit dan in de versterkte kamer, precies waar de fabrikant hem verwacht. De tweede manier is met kozijnankers: platte metalen strippen die je aan de zijkant van het profiel klikt of schroeft en die je in de spouw of aan spouwlatten vastzet. Die gebruik je vooral bij een stomp kozijn dat achter het buitenblad wegvalt.
De afstanden zijn niet vrij te kiezen. Houd de eerste bevestiging op ongeveer vijftien centimeter van elke hoek, want in de hoek zelf zit de las en die is kwetsbaar. Daartussen werk je met een hart-op-hart-afstand van ongeveer zeventig centimeter bij wit profiel en vijftig tot zestig centimeter bij donker gefolieerd profiel. Op elk bevestigingspunt hoort een stelblok tegenover de schroef, anders trek je het profiel hol.
Haal je een oud kozijn eruit om ruimte te maken, werk dan van binnen naar buiten en zaag het oude kozijn eerst door voordat je het uitwrikt. Hoe je dat netjes aanpakt zonder het metselwerk te slopen, staat bij houten kozijnen vervangen. Wordt de opening groter dan hij was, dan komt er eerst een nieuwe draagconstructie: een latei plaatsen boven de opening gaat altijd vóór het inzetten van het kozijn.
| Situatie | Bevestigingswijze | Waar je op let |
|---|---|---|
| Bestaand metselwerk, kozijn in de dag | Doorschroeven met kozijnschroeven van 7,5 mm | Voorboren in de steen, niet in de hoeklassen bevestigen |
| Stomp kozijn achter het buitenblad | Kozijnankers op spouwlatten tussen binnen- en buitenblad | Spouwlatten geïmpregneerd of kunststof, nooit onbehandeld vurenhout |
| Houten stelkozijn aanwezig | Rechtstreeks doorschroeven in het stelkozijn | Controleer eerst of het stelkozijn zelf nog gezond en vlak is |
| Houtskeletbouw | Schroeven in de stijlen en regels van het raamwerk | Extra zettingsruimte boven, luchtdichte folie doorzetten |
| Beton of kalkzandsteen | Betonschroeven, in kalkzandsteen met voorgeboord gat op maat | Kalkzandsteen brokkelt aan de rand, blijf uit de buurt van de hoek |
| Gasbeton of cellenbeton | Speciale ankers voor poreus materiaal, geen gewone plug | Een gewone nylon plug draait hier gewoon rond in het gat |
Boor nooit een bevestigingsgat door de buitenwand van het profiel. Elke schroef hoort door de sponningzijde te gaan, in de kamer met de stalen versterking, en de kop hoort straks onder een glaslat of een kapje te zitten. Een gat aan de buitenzijde vult zich met regenwater en zet de stalen kern aan het roesten.
De onderdorpel stellen en waterdicht aansluiten
De onderdorpel is het onderdeel dat het vaakst voor problemen zorgt, en bijna altijd omdat hij niet volledig gedragen wordt. Een kunststof onderdorpel plaatsen betekent dat er onder de hele lengte iets zit: stelblokken op de hoeken en onder elke stijl, en daarna vol ondersabelen met specie zodat de dorpel over de volle breedte steunt. Laat je het bij drie blokjes, dan zakt de dorpel in het midden door en klemt het raam binnen een jaar.
Werk je met een aparte aluminium of kunststof dorpel onder een stomp kozijn, dan komen de gietaansluitstukken op de koppen. Die stukken vangen het water dat langs de dagkant naar beneden loopt en leiden het naar buiten. Ze horen onder de dagkantafwerking te verdwijnen, niet erop.
Onder de dorpel hoort DPC-folie, en die laat je aan de buitenzijde net over het metselwerk uitsteken. In een spouwmuur zet je hem door tot in de spouw en laat je hem daar iets omhoog lopen tegen het binnenblad. Bij een smalle spouw zonder isolatie, zoals je bij oudere buitenmuren vaak tegenkomt, is doorslag van regenwater een reëel risico en verdient het folie langs de dagkanten dezelfde aandacht als boven het kozijn.
Blijft de afwatering in het profiel zelf over. In de buitenzijde van de dorpel zitten sleuven, soms afgedekt met een klikkapje. Die moeten open blijven, ook nadat je de aansluitnaad hebt afgekit. Controleer het door na afloop een halve liter water in de sponning te gieten en te kijken of het binnen een minuut buiten weer tevoorschijn komt.
Leg de dorpel niet koud op een muur die niet waterpas is. Strijk eerst een bed specie uit, laat de stelblokken de hoogte bepalen en druk de dorpel daar met beleid in. Zo krijg je een dorpel die over de volle lengte draagt in plaats van op twee punten.
De aansluitnaad afdichten: binnen dicht, buiten open
De naad tussen kozijn en metselwerk moet twee dingen doen die elkaar tegenspreken. Aan de binnenzijde mag er geen warme, vochtige binnenlucht in de naad komen, want die condenseert daar. Aan de buitenzijde moet vocht dat er toch in zit weer kunnen ontsnappen. De vuistregel die vakmensen aanhouden is dan ook: binnen dampdicht, buiten dampopen.
In de praktijk betekent dat aan de binnenkant een dampdichte aansluitfolie of een goed doorgestreken kitnaad op een schone ondergrond, en aan de buitenkant voorgecomprimeerd afdichtband of dampopen folie. Purschuim alleen is geen afdichting: het isoleert, maar het is niet luchtdicht en het vergaat onder invloed van uv-licht. Schuim vult dus de holte, de folie of het band doet het werk.
Voorgecomprimeerd band kies je op bandbreedte in verhouding tot de naad. Een band die tot ongeveer een derde van zijn ontspannen dikte wordt samengedrukt sluit goed; een band die je plat moet persen om hem erin te krijgen, drukt zich later weer los. Hoe je die keuze maakt en hoe je het band aanbrengt zonder dat het uitzet voordat het kozijn erin staat, lees je bij compriband rond een kozijn.
Spuit purschuim met beleid en gebruik een bus met lage expansie uit een pistool. Een blik goedkope bouwschuim zet zo hard uit dat het een kunststof stijl in het midden naar binnen duwt, waarna het raam niet meer sluit. Zet daarom eerst alle bevestigingen vast, houd de stijlen op maat met een stelspie in het midden, en schuim daarna pas.
Kit is geen constructieve verbinding. Een kozijn dat alleen met kit of alleen met schuim in de opening zit, wordt door windbelasting op de ruit langzaam los gewerkt. De schroeven of ankers dragen het kozijn, de afdichting houdt het weer buiten. Die twee taken haal je niet door elkaar.
In een houtskeletwand houd je meer ruimte boven het kozijn
In een houtskeletwand staat een kunststof kozijn in een houten raamwerk van stijlen en regels, en dat verandert twee dingen. Ten eerste schroef je direct in hout, dus je hebt geen pluggen nodig en de bevestiging is sneller. Ten tweede werkt de constructie zelf: hout krimpt tijdens het uitdrogen en een houtskeletwoning zakt in de eerste jaren nog een paar millimeter.
Daarom houd je boven het kozijn ruimer aan dan in metselwerk, vijftien tot twintig millimeter, en vul je die ruimte met zacht materiaal. Een hard stelblok dat boven blijft zitten, wordt bij zetting een drukpunt en dan buigt de bovendorpel door. De bovenste bevestiging zit in de stijlen aan de zijkanten, niet in de bovenregel.
De luchtdichting vraagt hier meer aandacht dan bij een stenen gevel, omdat er geen massief metselwerk is dat lucht tegenhoudt. De dampremmende folie van de wand moet doorlopen tot op het kozijnprofiel en daar luchtdicht worden geplakt met een tape die op pvc hecht. Een naad die je alleen volschuimt, lekt lucht en dus warmte. De opbouw van zo'n houten raamwerk met stijlen en regels werkt hetzelfde als bij het opbouwen van een houten regelwerk voor een tussenwand, alleen liggen de eisen aan de sterkte rond een raamopening hoger.
Aan de buitenzijde zit meestal een gevelbekleding met een ventilerende spouw erachter. Zorg dat het water uit die spouw langs het kozijn naar buiten kan door de aansluitprofielen met een lichte afschot te monteren. Water dat achter de bekleding blijft staan, vindt uiteindelijk de weg naar het houten raamwerk.
Het glas droog inzetten op blokjes en achter glaslatten
Glas plaatsen in een kunststof kozijn gaat anders dan bij hout, want er komt geen kit aan te pas. De ruit wordt droog beglaasd: hij rust op blokjes, wordt aan beide zijden ingeklemd door rubbers en de glaslat houdt het geheel op zijn plaats. Dat betekent ook dat je een ruit later gewoon terug kunt halen zonder iets te slopen.
De glaslatten haal je eruit met een kunststof beglazingsmes of een brede kunststof spatel, precies zoals ze in de fabriek gedaan worden. Zet het mes in het midden van de langste lat tussen lat en profiel, wrik voorzichtig tot de klik loslaat en werk dan naar de hoeken toe. Een schroevendraaier kan ook, maar dan zit er meestal een deuk of een witte drukplek in het profiel, en die krijg je er niet meer uit.
Bij het terugzetten begin je met de korte latten en eindig je met de lange. Tik ze aan met een rubberen hamer via een blokje hout, niet rechtstreeks. Latten zijn op lengte gezaagd voor precies die zijde, dus houd ze bij elkaar en zet ze terug op de plek waar ze vandaan komen.
De blokjes onder het glas bepalen of het raam over vijf jaar nog sluit. Bij vast glas komen de dragende blokjes op ongeveer een tiende van de breedte vanaf elke onderhoek, en nooit dichter dan vijftig millimeter op de hoek. Bij een draaikiepraam ligt het dragende blokje onderin aan de scharnierzijde en het steunblokje diagonaal daartegenover bovenin, zodat de ruit het raam verstijft in plaats van het uit het lood te trekken.
Dubbel glas plaatsen in kunststof kozijnen
Dubbel glas plaatsen in kunststof kozijnen kan alleen als de sponning de glasdikte aankan. Een standaard vijfkamerprofiel neemt doorgaans isolatieglas van 24 tot 28 millimeter. Wil je naar triple glas van 36 tot 44 millimeter, dan heb je meestal andere glaslatten en andere beglazingsrubbers nodig, en soms een ander profiel. Meet de sponningbreedte voordat je glas bestelt, en geef bij de glaszetter de dikte en de gewenste inklemming door.
Reken ook op het gewicht. Een ruit van triple glas van anderhalve vierkante meter weegt al snel vijftig kilo. Werk met zuignappen en met twee man, en zet de ruit nooit met de hoek op een harde vloer neer, want daar begint de barst.
| Raamtype | Waar het dragende blokje ligt | Waar het steunblokje ligt | Wat er misgaat zonder |
|---|---|---|---|
| Vast glas in het kozijn | Onderin, op circa een tiende van de breedte uit beide hoeken | Zijkanten halverwege, alleen tegen verschuiven | Glas rust op het profiel en de rand kan barsten |
| Draairaam | Onderin aan de scharnierzijde | Bovenin aan de sluitzijde | Het raam zakt door en sleept over de onderdorpel |
| Draaikiepraam | Onderin aan de scharnierzijde | Bovenin diagonaal aan de sluitzijde | De kiepstand loopt scheef en de sluiting haakt niet meer |
| Schuifpui of schuifdeur | Onderin boven de loopwagens | Bovenin tegen verschuiven | De vleugel gaat zwaar lopen en het rubber slijt scheef |
| Deurvleugel met glas | Onderin aan de scharnierzijde | Bovenin aan de slotzijde | De deur gaat aanlopen tegen de dorpel |
Leg de glaslatten in de volgorde waarin je ze uitneemt op de vloer, in de vorm van het raam. Bij het terugplaatsen pak je ze dan vanzelf in de goede volgorde en op de juiste zijde, en hoef je niet te gaan passen met latten die een millimeter verschillen.
De dagkanten binnen en de kitnaad buiten afwerken
Als het kozijn staat en het glas erin zit, blijft de dagkant over. Binnen kun je kiezen tussen stuken tot tegen het profiel, een kunststof aansluitprofiel met een stofrand, of een houten aftimmering. Stuken tegen kaal pvc gaat scheuren, want de twee materialen werken verschillend. Werk daarom altijd met een aansluitprofiel dat je in het stucwerk zet en waarvan je na afloop de beschermstrip aftrekt.
Aan de buitenzijde loopt de aansluitnaad tussen kozijn en metselwerk. Die kit je af met een hybride kit in de kleur van het profiel, met een schone, droge ondergrond en een naaddiepte die ongeveer de helft van de naadbreedte is. Een naad die te diep gevuld wordt, kan niet werken en scheurt aan de randen los.
Vervang je een houten kozijn omdat het aangetast was, controleer dan wat er rond de opening nog van het oude houtwerk overblijft. Een muurplaat of een houten latei die vochtig is geweest, moet eerst droog en gezond zijn voordat je er iets tegenaan zet. Hoe je die aantasting herkent en hoe ver je moet uithalen, staat bij houtrot aan de binnenkant van een kozijn.
Zit er een vensterbank op de dorpel, laat die dan onder het kozijnprofiel doorlopen of tegen een aansluitprofiel eindigen. Kit tussen vensterbank en kozijn is een tijdelijke oplossing die bij elke temperatuurwisseling opnieuw scheurt. Welke onderdorpelvarianten een vensterbank netjes opnemen, zie je in de vergelijking bij het raamkozijn en zijn onderdelen.
Screens en rolluiken horen in het metselwerk, niet op het kozijn
Een screen of rolluik weegt en trekt, en de verleiding om de consoles gewoon op het kozijn te schroeven is groot omdat het snel en recht is. Leveranciers doen het geregeld en het gaat vaak goed, maar het is niet de manier die een fabrikant voorschrijft. Elk gat door de buitenwand van het profiel doorbreekt de zinklaag van de stalen kern en verstoort de afwatering in de kamers.
De volgorde die wij aanhouden: eerst zoeken naar een bevestiging in het metselwerk. Op de dagkant, op de bovendorpel van de opening of op het gevelvlak zit altijd wel een punt waar de consoles kunnen staan. Staat de muur aan de ene kant haaks op het kozijn en loopt hij aan de andere kant vlak door, dan wordt het een asymmetrische oplossing. Een langere console aan één zijde is nog altijd beter dan boren in het profiel.
Lukt dat werkelijk niet, laat de leverancier dan schriftelijk vastleggen dat hij op het kozijn monteert en wat dat voor de garantie betekent. Vraag om roestvaste schroeven, om afdichting van elk boorgat en om bevestiging in de versterkte kamer. Dat is geen formaliteit. Een boorgat dat open blijft laat vocht bij het staal, en dan roest een kozijn dat dertig jaar mee had gekund na acht jaar van binnenuit.
Een hor plaatsen zonder te boren
Een hor plaatsen bij een kunststof kozijn stuit op hetzelfde bezwaar als alle andere hulpstukken: je wilt niet in het profiel schroeven. Gelukkig is dat bij horren zelden nodig, want vrijwel alle systemen zijn gemaakt om te klemmen of te plakken.
De eenvoudigste oplossing is een inzethor met veerpennen. Het kader is iets kleiner dan de dagopening en wordt met vier verende pennetjes in de dag geklemd. Je meet daarvoor de binnenwerkse dagmaat van het draaiende deel, trekt aan elke zijde een paar millimeter af en zet de hor er van binnenuit in. Hij zit stevig, is er zo weer uit voor het schoonmaken en er komt geen enkel gat aan te pas.
Voor draaikiepramen werkt een hor met een borstelprofiel beter, omdat die tegen het buitenblad van het raam aan komt en de kiepstand vrijlaat. Plisséhorren en rolhorren hebben een eigen kader dat je op de dagkant zet, en dat kader plak je met een goede montagetape of schroef je in het metselwerk of de aftimmering, niet in het kozijn.
Moet er toch bevestigd worden en is er geen andere weg, dan geldt hetzelfde als bij een screen: alleen door de binnenste kamer, met roestvaste schroeven, en het gat rondom afgedicht. Vraag het bij een nog lopende garantie eerst na bij de leverancier, want dit is precies het punt waarop een fabrikant de garantie intrekt.
| Type hor | Hoe hij vastzit | Geschikt voor | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Inzethor met veerpennen | Klemt in de dagopening van het draaiende deel | Draairamen en vaste openingen | Meet de dagmaat en houd 3 tot 5 mm speling per zijde |
| Hor met borstelprofiel | Klemt tegen het raamprofiel, borstel dicht de kier | Draaikiepramen | De kiepstand moet vrij blijven, anders drukt de hor eruit |
| Plisséhor in eigen kader | Kader op de dagkant, geplakt of geschroefd in het metselwerk | Deuren en hoge ramen | Vlakke dagkant nodig, anders sluit het onderprofiel niet aan |
| Rolhor | Cassette op de dagkant of tegen de aftimmering | Ramen die je vaak open en dicht zet | Cassette niet op het kozijnprofiel schroeven |
| Magneethor voor deuren | Magneetstrip op een geplakte lijst rond de opening | Achterdeuren en terrasdeuren | Vet de ondergrond eerst goed af, anders laat de tape los |
| Schuifhor | Loopt in een geleiderail op de dagkant | Schuifpuien | Rail waterpas stellen, anders loopt de hor uit zichzelf dicht |
Zo zet je een kunststof kozijn in een bestaande opening
Deze volgorde gaat uit van een kozijn dat direct in metselwerk komt, zonder stelkozijn.
-
Meet de opening op drie hoogtes en drie breedtes
Noteer alle zes de maten en werk verder met de kleinste. Controleer daarna met een lange waterpas of de onderkant van de opening waterpas is en of de dagkanten in het lood staan. Wat je nu vindt, hoef je straks niet met een kozijn in je handen te ontdekken.
-
Maak de opening schoon en leg de DPC-folie
Hak losse specie weg, borstel het stof eruit en zorg dat de onderkant vlak is. Leg vervolgens het DPC-folie onder de plek van de dorpel en laat het aan de buitenzijde net over het metselwerk steken. Achteraf krijg je er niets meer onder.
-
Zet het kozijn droog in en stel het uit met blokken
Plaats stelblokken onder de dorpel, op de hoeken en onder elke stijl, en zet het kozijn erin zonder het vast te maken. Stel het waterpas, in het lood en vooral in het vlak: leg een rei diagonaal om te controleren dat het kozijn niet scheluw staat. Een scheluw kozijn geeft een raam dat aan één hoek niet sluit.
-
Meet de diagonalen en corrigeer
Meet beide diagonalen van het kozijn en vergelijk ze. Een verschil van meer dan drie millimeter betekent dat het kozijn uit het haaks staat en dat het draaiende deel straks aanloopt. Corrigeer met de stelblokken totdat de maten gelijk zijn, en pas dan ga je boren.
-
Boor en schroef vanuit de sponning
Boor door de sponning heen in het metselwerk, op vijftien centimeter uit de hoeken en verder om de zestig tot zeventig centimeter. Zet een stelblok tegenover elke schroef, zodat je het profiel niet hol trekt bij het aandraaien. Draai met een laag koppel, want kunststof laat zich makkelijk indrukken.
-
Sabel de dorpel onder en dicht de naad af
Vul de ruimte onder de dorpel over de volle lengte met specie zodat hij overal draagt. Breng daarna de afdichting aan: binnen dampdicht met folie of kit, buiten dampopen met band of folie. Purschuim vult alleen de holte ertussen en telt niet als afdichting.
-
Zet het glas op de blokjes en klik de latten terug
Leg de dragende beglazingsblokjes op de voorgeschreven posities, zet de ruit erin en controleer dat hij nergens het profiel raakt. Plaats eerst de korte glaslatten, dan de lange, en tik ze aan met een rubberen hamer via een houtje. Controleer daarna of het raam over de hele omtrek gelijkmatig sluit.
-
Controleer de afwatering en werk de dagkanten af
Giet wat water in de sponning en kijk of het via de sleuven in de onderdorpel naar buiten loopt. Werk daarna de dagkanten af met aansluitprofielen of aftimmering, en kit de buitennaad af in de kleur van het profiel. Laat de afwateringssleuven daarbij open.
Voordat je het kozijn definitief vastzet
Uit de praktijk
Een screen dat volgens de leverancier gewoon op het kozijn mocht
In een flat met een groot raam op het zuiden liep de temperatuur in de zomer op tot ver boven de dertig graden. Een screen was de oplossing, maar de muur stond aan de ene zijde haaks op het kozijn en liep aan de andere zijde vlak door. De leverancier zei dat monteren op het kunststof kozijn geen probleem was, omdat hij dat vaker deed.
Technisch kan het, maar het staat in vrijwel elk fabrikantenvoorschrift als iets wat je niet doet. In de profielen zit een verzinkte stalen versterking die in de fabriek is ingesloten en droog blijft. Zodra er een boorgat door de buitenwand gaat, komt er vocht bij het staal en roest het van binnenuit, terwijl je er niets van ziet. Wat hier werkte was een langere console aan de zijde van de vlakke muur, zodat beide steunpunten in het metselwerk kwamen en het kozijn ongemoeid bleef.
Stompe kozijnen in een spouw van zes centimeter zonder isolatie
In een voorheen dichte badkamermuur moesten twee ramen komen. De spouw tussen binnen- en buitenblad was ongeveer zes centimeter breed en er zat geen isolatie in. De kozijnen zouden stomp worden uitgevoerd en rondom bevestigd aan nog te plaatsen spouwlatten met kozijnankers, waarbij de buitenmuur werd uitgetand en de stenen teruggemetseld.
De vraag was of DPC-folie hier nodig was, want de adviezen liepen uiteen. Ons antwoord is dat het folie er hoort, en niet alleen boven de kozijnen. Bij een lege spouw van zes centimeter slaat regenwater door het buitenblad en loopt het langs de binnenzijde van dat blad naar beneden. Zonder folie onder de dorpel en langs de dagkanten komt dat water bij de spouwlatten en bij het binnenblad. De praktische aanpak is: folie onder de dorpel doorleggen tot in de spouw, aan de bovenzijde een waterkering boven de latei die het water naar buiten leidt, en langs de dagkanten een strook die het metselwerk overlapt. Het folie hoeft niet op het binnenblad vast, klemmen tussen de spouwlat en het metselwerk is voldoende.
Een glaslat die brak bij het uitnemen
Bij het vervangen van een gebarsten ruit werd de glaslat losgewrikt met een schroevendraaier. Hij kwam er wel uit, maar met een witte drukplek in het kozijnprofiel en een lat die aan de kliklip was gescheurd. Terugzetten lukte niet meer: de lat klikte niet meer vast en week een millimeter uit.
Bij de fabrikant zelf gebruiken ze hier geen metaal voor maar een kunststof beglazingsmes, ongeveer de vorm van een smal plamuurmes. Dat mes zet je in het midden van de langste lat, je wrikt tot de klik loslaat en werkt daarna naar beide hoeken. Bij de volgende drie ramen ging het met dat mes zonder één beschadiging. Werk je toch met een brede schroevendraaier, leg er dan een stukje dun kunststof tussen als bescherming en tik hem aan in plaats van te wrikken.
Veelgemaakte fouten
Het kozijn strak in de opening passen
Een kozijn dat precies past voelt solide, maar kunststof zet uit bij warmte en heeft ruimte nodig. Zonder stelruimte klemt het profiel tegen het metselwerk, gaat het bol staan en sluit het raam in de zomer niet meer. Reken op tien tot vijftien millimeter rondom en vul die ruimte met stelmateriaal en afdichting.
De afwateringssleuven dichtkitten
De sleuven in de buitenzijde van de onderdorpel zien er onafgewerkt uit, en juist daarom worden ze vaak meegenomen bij het afkitten. Daarmee sluit je de afvoer af van het water dat in de sponning terechtkomt. Dat water blijft dan in het profiel staan en zoekt uiteindelijk zijn weg naar binnen.
Purschuim gebruiken als afdichting
Schuim isoleert, maar het is niet luchtdicht en het vergaat aan de buitenzijde onder uv-licht. Een naad die alleen vol geschuimd is, lekt lucht en dus warmte, en de buitenzijde brokkelt binnen enkele jaren af. Het schuim vult de holte, folie of afdichtband doet de eigenlijke afdichting.
Schuimen voordat de bevestiging vastzit
Bouwschuim met hoge expansie drukt een slanke kunststof stijl in het midden naar binnen. Het raam sluit dan boven en onder wel, maar in het midden niet. Zet eerst alle schroeven en ankers vast, houd de stijlen met een stelspie op maat, en schuim daarna met een bus met lage expansie.
In de hoeklas boren
De hoeken van een kunststof kozijn zijn gelaste verbindingen en dat is het zwakste punt van het profiel. Een schroef daar vlakbij scheurt de las in of trekt hem open, en dat is niet te repareren. Houd ongeveer vijftien centimeter afstand van elke hoek.
De dorpel op twee blokjes laten rusten
Het kozijn staat waterpas en het lijkt af, dus het ondersabelen blijft achterwege. Onder het gewicht van glas en raam buigt de dorpel dan door tussen de blokjes. Het raam gaat aanlopen, de sluiting haakt niet meer en het rubber slijt aan één zijde.
Beglazingsblokjes overslaan of verkeerd leggen
Zonder blokjes rust het glas op het profiel en kan de ruitrand barsten. Liggen ze op de verkeerde plek, dan verstijft het glas het raam niet en zakt de vleugel door aan de sluitzijde. Het dragende blokje hoort onderin aan de scharnierzijde, het steunblokje diagonaal daartegenover.
Het profiel schilderen om de kleur te veranderen
Verf hecht slecht op pvc en scheurt mee met de uitzetting van het profiel. Na een paar seizoenen bladdert de laag en trek je bij het verwijderen de folie los. Een gefolieerd of in de fabriek gecoat profiel is de enige uitvoering die kleurvast blijft.
Veelgestelde vragen
Kun je een kunststof kozijn plaatsen zonder stelkozijn?
Ja, en in bestaande bouw is dat de normale gang van zaken. Je zet het kozijn dan direct in het metselwerk, met stelblokken op de dragende punten en kozijnschroeven van 7,5 mm die je door de sponning heen in de steen boort. Bij een stomp kozijn achter het buitenblad werk je in plaats daarvan met kozijnankers op spouwlatten. Wat je in beide gevallen zelf moet regelen is de wateraansluiting: DPC-folie onder de dorpel, een waterkering boven het kozijn en een afdichting die binnen dampdicht en buiten dampopen is.
Kun je zelf een kozijn plaatsen of moet dat een vakman doen?
Zelf een kozijn plaatsen is goed te doen als de opening hetzelfde blijft en het kozijn op maat geleverd wordt. Het meeste werk zit in nauwkeurig meten, waterpas en haaks stellen en netjes afdichten. Het wordt een ander verhaal als de opening groter moet worden, want dan verander je iets aan een dragende constructie en heb je een latei met de juiste overspanning en oplegging nodig. Ook een groot glasoppervlak of werk op een steiger is een reden om iemand erbij te halen. Meer over de onderdelen en varianten vind je onder ramen, deuren en kozijnen.
Hoe kun je dubbel glas plaatsen in kunststof kozijnen?
Kunststof kozijnen worden droog beglaasd, dus er komt geen kit aan te pas. Je haalt de glaslatten eruit met een kunststof beglazingsmes, legt de dragende blokjes op de juiste posities, zet de ruit erin en klikt de latten terug: eerst de korte, dan de lange. Let er wel op dat de sponning de glasdikte aankan. Een standaard profiel neemt meestal isolatieglas van 24 tot 28 millimeter; voor triple glas van 36 tot 44 millimeter heb je doorgaans andere latten en rubbers nodig, en soms een ander profiel.
Wat is anders bij een kunststof kozijn plaatsen in houtskelet?
Je schroeft direct in de houten stijlen en regels, dus pluggen zijn niet nodig. Twee dingen wijken af van metselwerk. Boven het kozijn houd je vijftien tot twintig millimeter aan in plaats van tien tot vijftien, omdat de houtconstructie in de eerste jaren nog krimpt en zakt. Die ruimte vul je met zacht materiaal, niet met een hard blokje. Daarnaast moet de dampremmende folie van de wand luchtdicht doorlopen tot op het kozijnprofiel, geplakt met een tape die op pvc hecht.
Hoe kun je een hor in kunststof kozijn plaatsen zonder te boren?
Met een inzethor met veerpennen, en dat is meteen de handigste oplossing. Meet de binnenwerkse dagmaat van het draaiende deel, trek per zijde een paar millimeter af en klem het kader met de vier verende pennetjes in de dag. Hij zit stevig, gaat er in een seconde weer uit om schoon te maken en er komt geen gat aan te pas. Bij draaikiepramen werkt een hor met borstelprofiel beter, en plisséhorren zet je op de dagkant vast met montagetape of schroeven in het metselwerk.
Welke hor kun je het beste plaatsen bij een kunststof kozijn?
Dat hangt af van het raamtype. Voor een gewoon draairaam is een inzethor met veerpennen de eenvoudigste keuze. Bij een draaikiepraam wil je een uitvoering met een borstelprofiel dat de kier dichtzet en de kiepstand vrijlaat. Voor deuren en terrasdeuren zijn plissé- of magneethorren gebruikelijk, met het kader op de dagkant. Bij schuifpuien werkt een schuifhor in een geleiderail, en die rail stel je waterpas, anders loopt de hor uit zichzelf dicht.
Hoe moet je een kunststof onderdorpel plaatsen?
De dorpel moet over de volle lengte gedragen worden. Leg eerst het DPC-folie, zet daarna stelblokken op de hoeken en onder elke stijl, stel de dorpel waterpas en sabel hem vervolgens vol onder met specie. Een dorpel die alleen op de blokjes rust, buigt door onder het gewicht van glas en raam en dan gaat het raam aanlopen. Werk je met een aparte dorpel onder een stomp kozijn, dan komen er gietaansluitstukken op de koppen die het water uit de dagkant naar buiten leiden.
Mag je in een kunststof kozijn boren voor een screen of rolluik?
Liever niet, en de meeste fabrikanten verbieden het ronduit. In het profiel zit een verzinkte stalen versterking en er lopen afwateringskamers. Een gat door de buitenwand haalt de bescherming van het staal weg en verstoort de afwatering, waarna het profiel van binnenuit roest zonder dat je er iets van ziet. Zoek eerst een bevestiging in het metselwerk, op de dagkant of op het gevelvlak. Kan het echt niet anders, laat de leverancier dan schriftelijk vastleggen wat het voor de garantie betekent en eis roestvaste schroeven met afgedichte boorgaten.
Hoeveel stelruimte houd je rond een kunststof kozijn aan?
Tien tot vijftien millimeter aan de zijkanten en boven, in een houtskeletwand boven vijftien tot twintig millimeter. Die ruimte heb je nodig om te stellen, om uitzetting op te vangen en om de naad te kunnen afdichten. Onder de dorpel geldt het tegenovergestelde: daar wil je geen ruimte maar volledige ondersteuning. Bij donker gefolieerde profielen reken je op iets meer werking, want die worden in de zon warmer en zetten verder uit.
Is DPC-folie nodig bij kunststof kozijnen in een spouwmuur?
Ja. Het misverstand is dat kunststof zelf niet rot, dus dat het folie overbodig zou zijn. Het folie beschermt niet het kozijn maar de constructie eromheen: de spouwlatten, het binnenblad en het stucwerk. Bij een lege spouw slaat regenwater door het buitenblad en loopt het langs de binnenzijde naar beneden. Leg het folie onder de dorpel door tot in de spouw, breng boven het kozijn een waterkering aan die het water naar buiten leidt en zet een strook langs de dagkanten.
Hoe krijg ik kunststof glaslatten eruit zonder ze te beschadigen?
Gebruik een kunststof beglazingsmes of een brede kunststof spatel, zoals in de fabriek ook gebeurt. Zet hem in het midden van de langste lat tussen lat en profiel, wrik rustig tot de klik loslaat en werk daarna naar beide hoeken. Een brede schroevendraaier werkt ook, maar dan aantikken in plaats van wrikken en met een stukje kunststof ertussen. Zonder die bescherming zit er al snel een witte drukplek in het profiel of scheurt de kliplip van de lat.
Kan ik een knip of extra slot op een kunststof achterdeur zetten?
Een klassieke opzetknip schroef je niet zomaar op een kunststof deurvleugel: de schroeven vinden geen hout en de meerpuntssluiting zit in de weg. Wat wel werkt is een cilinder met een draaiknop aan de binnenzijde, zodat je zonder sleutel even kunt afsluiten. Bij veel meerpuntssluitingen kun je ook simpelweg de kruk omhoog duwen, waarmee de haken uitschuiven en de deur van buitenaf niet meer met de kruk te openen is.
Wanneer je beter een vakman belt
Een kozijn vervangen in een bestaande opening is werk dat je met geduld en goed meten zelf kunt doen. Er zijn vier situaties waarin dat anders ligt.
De eerste is een opening die groter wordt. Dan haal je metselwerk weg dat gewicht draagt en heb je een latei nodig met de juiste hoogte, oplegging en overspanning. Een stalen L-profiel van vijf millimeter dat 135 centimeter lang is boven een opening van 110 centimeter geeft ruim twaalf centimeter oplegging per zijde, en dat is bij een steensmuur krap. Laat de maatvoering van een latei berekenen in plaats van hem te schatten, en stempel het metselwerk boven de opening af voordat je begint.
De tweede is een kozijn op de verdieping of in een dakkapel. Een ruit van vijftig kilo op een ladder aannemen gaat een keer mis. Voor dat werk hoort een steiger of een rolsteiger te staan, met twee mensen en zuignappen.
De derde is een woning van voor 1994 waar je in de oude aansluitingen gaat hakken. Rond kozijnen kwam vroeger asbesthoudend materiaal voor in beplating en in afdichtingen. Bij twijfel eerst laten inventariseren, want zelf slopen is hier geen optie.
De vierde is glas dat niet meer wil sluiten of een sluiting die haakt terwijl het kozijn goed staat. Dan zit het in de afstelling van het hang- en sluitwerk, en die stelschroeven zijn fabrieksinstellingen. Laat de leverancier dat doen, zeker als er nog garantie op zit.