Glasband kiezen en aanbrengen in een houten raam
Glasband is het zelfklevende schuimband tussen de ruit en het hout. Het houdt het glas op afstand van het hout, verdeelt de druk van de glaslat en vormt de rugvulling voor de beglazingskit. De dikte volgt uit je maten: trek de glasdikte en de glaslatdikte van de sponningdiepte af en deel wat overblijft door twee. Je plakt het over de volle lengte op de glaslat en op de sponningkant, steeds ongeveer vier millimeter terug van de zijde waar de kitnaad komt. Laat je het weg, dan staat de ruit hard tegen het hout en zakt de kit weg in de sponning.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Schuifmaat voor de glasdikte en de sponningmaten
- Duimstok of rolmaat
- Breed plamuurmes of een dun stuk plaatstaal om de glaslat te lichten
- Nijptang om oude nagels eruit te trekken
- Afbreekmes met verse segmenten
- Accuboormachine met een dunne houtboor of een koploze spijker als boortje
- Verzinkboor als je met schroeven werkt
- Verstekbak of verstekzaag voor de latten
- Lichte hamer en een doorslag
- Kitpistool en een afstrijkmiddel
- Snijbestendige handschoenen en een veiligheidsbril
Materiaal
- Glasband in de juiste dikte en breedte, enkelzijdig zelfklevend
- Stelblokjes en afstandblokjes van hardhout of kunststof
- Beglazingskit, blijvend elastisch en overschilderbaar
- Grondverf en lak voor de sponning en de latten
- Koploze nagels van rvs, messing of koper, of rvs schroeven
- Houtreparatiepasta bij beginnende aantasting
- Spiritus of ontvetter voor het plakvlak
Wat glasband is en wat het in de sponning doet
Glasband is een smal, zelfklevend schuimband dat tussen de ruit en het hout van je raam zit. Je ziet het nooit terug, want het verdwijnt onder de glaslat en achter de kitnaad. Toch bepaalt dat bandje hoe de ruit in de sponning staat en hoe lang je kitrand heel blijft.
Je komt het tegen zodra je een glaslat losmaakt, een ruit vervangt of een oude kitrand vernieuwt. Dat werk loopt binnen bijna altijd door tot in de dagkant: bij het lichten van een lat schiet je zo met je beitel in de muur. Zulk herstel hoort bij het gewone stuc- en pleisterwerk aan binnenmuren.
Het band doet drie dingen tegelijk. Het houdt het glas op een vaste afstand van het hout, het verdeelt de druk van de glaslat gelijkmatig over de rand van de ruit, en het vormt de rugvulling voor de beglazingskit.
Die laatste functie wordt het vaakst onderschat. Een kitnaad hoort aan twee vlakken te hechten, aan het glas en aan het hout, zodat hij kan meebewegen als het hout werkt. Zonder rugvulling hecht de kit ook aan de bodem van de sponning en scheurt hij bij de eerste flinke temperatuurwisseling los.
Het materiaal is gesloten-cellig schuim, meestal polyetheen, in zwart of grijs. Gesloten cellen nemen geen water op, en dat is precies wat je in een sponning nodig hebt. In de Nederlandse praktijkrichtlijn voor beglazen, NPR 3577, staat het band dan ook als vast onderdeel van een beglazingssysteem beschreven.
Reken je lengte uit met de omtrek van de ruit maal twee, want het band gaat een keer op de sponningkant en een keer op de glaslatten. Tel er tien procent bij op voor de hoeken en een misser, dan hoef je halverwege niet terug naar de winkel.
De dikte van het glasband bepaal je met een rekensom
Welke dikte glasband je nodig hebt volgt niet uit voorkeur, maar uit de maten van je raam. Je hebt drie getallen nodig: de sponningdiepte, de dikte van het glas en de dikte van de glaslat die je wilt gebruiken.
De sponningdiepte meet je van de sponningkant, het hout waar de ruit straks tegenaan komt, tot de buitenkant van het raamhout. Trek daar de glasdikte en de glaslatdikte vanaf en deel wat overblijft door twee. Dat is je bandmaat, want het band zit twee keer in de sponning: een laag op de sponningkant en een laag op de glaslat.
In de praktijk reken je andersom. Je gaat uit van 3 of 4 mm band, kijkt hoeveel er voor de glaslat overblijft, en beoordeelt of dat een werkbare lat oplevert. Onder de 10 mm wordt een lat lastig te spijkeren en splijt hij snel, boven de 20 mm wordt hij zwaar en duur.
Neem als voorbeeld een draairaam met een houtdikte van 57 mm en een sponningdiepte van 40 mm, met glas van 4-15-4, dus 23 mm. Met twee keer 4 mm band houd je 9 mm over voor de glaslat, en zulke dunne latten liggen nergens in het schap. Ga je daarom naar 2 mm band, dan past er wel een lat van 13 mm, maar dan blijft er te weinig ruimte over voor een fatsoenlijke kitnaad.
Dat is de klem waar dit soort ramen bijna altijd in zit: het glas is eigenlijk te dik voor de sponning. De nette uitweg is een opdeklat met een gefreesde sponning, die over de sponningkant heen valt en toch dikte houdt. Zo'n lat maakt een machinaal timmerbedrijf voor je, of je zaagt hem zelf uit dikkere opdeklat.
Naast de dikte telt de hoogte van de lat. Steekt de sponningkant aan de andere zijde 17 mm over de ruit, dan oogt een lat van 12 mm scheef en dekt hij de glasrand slechter af. Kies de hoogte van je lat dus gelijk aan de sponningkant, ook als de dikte een maatwerkje wordt.
| Sponningdiepte | Glasdikte | Dikte glasband (2 lagen) | Over voor de glaslat | Wat dat betekent |
|---|---|---|---|---|
| 40 mm | 23 mm (4-15-4) | 2 x 4 mm | 9 mm | Te dun om in te spijkeren, neem een opdeklat met gefreesde sponning |
| 40 mm | 23 mm (4-15-4) | 2 x 2 mm | 13 mm | Gangbare lat past, maar de kitnaad wordt te smal om mee te werken |
| 40 mm | 20 mm (4-12-4) | 2 x 4 mm | 12 mm | Standaardlat van 12 mm past precies, dit is de prettigste situatie |
| 38 mm | 20 mm (4-12-4) | 2 x 3 mm | 12 mm | Past, en de kitnaad houdt genoeg diepte over |
| 30 mm | 14 mm (renovatieglas 4-6-4) | 2 x 3 mm | 10 mm | Werkt met een smalle lat, zet hem vast met rvs nieten |
| 50 mm | 36 mm (triple 4-12-4-12-4) | 2 x 4 mm | 6 mm | Onwerkbaar dun, hier hoort een opdeklat of een nieuw raam |
De ruitfabrikant schrijft de beglazingsmaten voor. Bij isolatieglas horen beglazingsvoorschriften met de minimale glasinstand, de speling rondom en de bandmaat. Wijk je daarvan af, dan kan de garantie op de ruit vervallen op het moment dat hij vanbinnen aanslaat. Vijftien millimeter glasinstand is bij isolatieglas de maat die je meestal tegenkomt, en die is er niet voor niets: de randafdichting van de ruit moet uit het zonlicht blijven.
Breedte, uitvoering en het verschil met dubbelzijdig glasband
Naast de dikte kies je een breedte. De gangbare maten zijn 9 en 12 mm, en voor diepe sponningen bestaan er bredere rollen. De regel is simpel: het band moet smaller zijn dan het houtvlak waar het op komt, zodat het aan de zichtzijde ruimte laat voor de kit en aan de andere zijde niet uitpuilt.
De kleur is bijna altijd zwart of grijs. Dat is geen willekeur, want bij een krappe glasinstand kijk je vanaf buiten net langs de glaslat tegen het band aan, en zwart valt daar het minst op. Rollen van tien tot vijftig meter zijn normaal, en een rol blijft jaren goed als je hem droog en koel bewaart.
Het verschil tussen enkelzijdig en dubbelzijdig glasband levert de meeste verwarring op. Voor gewone beglazing in hout gebruik je enkelzijdig band: de plakkant gaat tegen het hout, de droge kant komt tegen het glas. Zo kun je de ruit er later weer uit halen zonder dat het band aan het glas blijft trekken.
Dubbelzijdig glasband gebruik je alleen waar het band twee delen bij elkaar moet houden. Denk aan opgeplakte roeden op het glas, aan een paneel in een sponning waar geen lat overheen komt, of aan een lat die je niet kunt spijkeren omdat er staal of kunststof achter zit.
Dubbelzijdig band krijg je daarna vrijwel niet meer los. Pas alles droog, teken af waar het moet komen en trek het beschermpapier er pas af als je zeker weet dat het klopt.
| Uitvoering | Waar je hem voor gebruikt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|
| Enkelzijdig glasband 3 of 4 mm | De standaard bij houten ramen, op de sponningkant en op de glaslat | Plakzijde tegen het hout, nooit tegen het glas |
| Glasband van 2 mm | Krappe sponningen en binnenbeglazing met enkel glas | Laat weinig ruimte over voor een kitnaad, bij isolatieglas afraden |
| Glasband van 5 mm of dikker | Diepe sponningen en dik isolatieglas | Controleer of de glaslat daarna nog gelijk met het hout valt |
| Dubbelzijdig glasband | Opgeplakte roeden, panelen en latten die je niet kunt spijkeren | Nauwelijks te demonteren, dus eerst passen en dan pas plakken |
| Breedte 9 mm | Smalle glaslatten en renovatiebeglazing | Blijft ook bij een smalle lat netjes achter de kitnaad weg |
| Breedte 12 mm | De gebruikelijke maat bij isolatieglas in houten ramen | Puilt uit zodra de lat smaller is dan het band |
| Beglazingsrubber of voorgevormd profiel | Droge beglazing in kunststof en aluminium | Hoort bij dat systeem en combineer je niet met glasband en kit |
De sponning schilderklaar maken voordat het glas erin gaat
Glasband hecht niet op kaal hout, niet op stof en niet op resten oude kit. Haal daarom eerst alles weg: de oude kitrand, het oude band en de restanten lijm, tot je een gladde, schone sponning hebt. Een afbreekmes met verse segmenten werkt hier beter dan een schraper, want oud band laat in slierten los.
Controleer daarna het hout met een schroevendraaier. Zakt de punt zonder moeite weg in de sponningbodem of onder de plek waar de nagels zaten, dan zit er aantasting die je nu moet aanpakken en niet over een jaar.
Kaal hout gaat vervolgens in de grondverf, en daarna in minstens een laag lak, over de hele sponning, ook de bodem. Dat is niet voor de schoonheid: onbehandeld hout onder een schuimband blijft vochtig en rot, en het band zelf laat op kaal hout binnen een paar maanden los.
Voordat je verder mag, moet die verf echt droog zijn en niet alleen stofdroog. Hoeveel tijd grondverf en lak nodig hebben voordat je erop kunt bouwen, zoek je op in onze tabel met droogtijden per materiaal. Plak je op verf die nog doorhardt, dan hecht het band op een laag die zelf nog beweegt.
Neem als laatste het plakvlak nog een keer af met spiritus. Schuurstof van het lakwerk voel je nauwelijks, maar het is genoeg om de hechting van het band te halveren.
Een niet afwaterende sponning is een probleem dat je nu oplost. Blijft er water staan op de onderdorpel of onder een neuslat, dan staat de randafdichting van je isolatieruit in het vocht en slaat de ruit binnen een paar jaar vanbinnen aan. Zet in dat geval een hardhouten neuslat op die een paar millimeter verder naar voren steekt, en zorg dat de hele sponning en de onderdorpel volledig in de grondverf en de lak staan.
Glasband aanbrengen doe je op de glaslat en op de sponningkant
Glasband plaatsen doe je op twee plekken, en op geen van beide op het glas. De eerste laag komt op de sponningkant, het vaste hout waar de ruit tegenaan gaat staan. De tweede laag komt op de glaslat, op de zijde die straks tegen het glas ligt.
In de lengte plak je door, over de volle lengte van de lat, zonder onderbrekingen. Snijd het band in de hoeken stomp af en druk de kopse einden tegen elkaar in plaats van ze te laten overlappen. Rek het band nergens uit tijdens het plakken, want een uitgerekt band trekt terug en laat je hoeken open.
In de breedte zit de kneep. Je legt het band niet in het midden en ook niet tegen de zichtrand aan, maar ongeveer vier millimeter terug van de zijde waar de kitnaad komt. Die vier millimeter is precies de ruimte waar de kit straks in moet, en die vul je nu niet met schuim.
Aan de andere zijde, de kant die tegen het kozijn of tegen de sponningbodem staat, mag het band gerust tot vlak bij de rand doorlopen. Daar hoeft niets meer bij en hoe verder het band doorloopt, hoe gelijkmatiger de druk over de glasrand verdeeld wordt.
Werk boven de vijf graden en op hout dat droog is. Trek het beschermpapier stukje bij beetje weg terwijl je aandrukt, dan plak je nergens scheef. Aandrukken doe je met je duim over de volle lengte, niet alleen bij de uiteinden.
Merk je latten voordat je ze eraf haalt. Zet met potlood op de achterkant of het de onder-, boven-, linker- of rechterlat is, met een pijl naar boven. Glaslatten zijn per raam op maat gezaagd en passen maar op een plek, en na een uur ben je vergeten welke waar zat.
Stelblokjes dragen de ruit, het glasband niet
Glasband is een afstandhouder en een rugvulling, geen draagconstructie. Het gewicht van de ruit hoort op stelblokjes van hardhout of kunststof te staan, die op de sponningbodem liggen. Een ruit van anderhalve vierkante meter in 4-15-4 weegt rond de dertig kilo, en die last moet ergens naartoe.
Bij een vast raam leg je twee stelblokjes onderin, op ongeveer een tiende van de breedte uit de hoeken. Aan de zijkanten en bovenin komen afstandblokjes, die geen gewicht dragen maar voorkomen dat de ruit gaat schuiven.
Bij een draaiend raam ligt het anders. Daar zet je de blokjes diagonaal: onderin aan de scharnierzijde en bovenin aan de sluitzijde. De ruit verspant het raam dan als een schoor, waardoor het niet uitzakt en het raam blijft sluiten zoals het bedoeld is.
Rondom de ruit houd je speling, meestal minstens vijf millimeter. Glas zet nauwelijks uit, hout wel, en een ruit die klem staat springt bij de eerste vorstperiode of bij een dichtgeslagen raam. Controleer dat de glasrand het hout nergens raakt voordat je de latten terugzet.
De blokjes moeten wel onder het glasband door kunnen. Ze horen op de sponningbodem, dus haaks op de vlakken waar je band op zit, en ze mogen het band niet plat drukken.
De glaslat vastzetten zonder de ruit te breken
De lat met het glasband eraan gaat als laatste terug, en dat is het spannendste moment van de klus: de hamer naast het glas. Een hardhouten glaslat van 40 cm laat zich moeilijk spijkeren, zelfs als hij plat op de werkbank ligt, en verticaal langs een ruit wordt dat er niet beter op. Voorboren doe je daarom altijd.
Een trucje dat verrassend goed werkt: klem een koploze spijker met de punt naar buiten in je boormachine en boor daarmee voor. Je hebt dan gegarandeerd de goede maat, want het gat is precies zo dik als de spijker die erin moet. Het verhaal dat het hout daardoor verduurzaamt omdat het licht verkoolt, klopt niet, maar de lat splijt er wel veel minder snel van.
Gebruik koploze nagels met een verloren kop en sla ze net onder het houtoppervlak weg met een doorslag. Op het materiaal komt het aan: verzinkte nagels roesten in een vochtige sponning en zijn na tien jaar poeder, waarna de lat er zomaar afvalt. Neem rvs, of messing en koper bij eiken, want ijzer in eiken geeft zwarte vlekken door het looizuur.
Lukt spijkeren niet, dan zijn voorgeboorde en verzonken rvs schroeven een prima alternatief. Boor voor, verzink de kop met een verzinkboor, plamuur de gaatjes en schilder ze over, dan zie je er niets meer van. Weet wel dat een lat met drie schroeven muurvast zit en later lastiger te demonteren is dan een lat op nagels.
Bescherm het glas tijdens het werk met een stuk karton of een dun plaatje tussen hamer en ruit, en sla nooit in de richting van het glas. Een tacker met rvs nieten neemt dat risico helemaal weg en is bij dunne latten de snelste manier.
| Bevestiging | Waarvoor geschikt | Voordeel | Nadeel |
|---|---|---|---|
| Koploze nagel van rvs | Vrijwel elke houten glaslat | Roest niet en de lat blijft demonteerbaar | Zelden op voorraad in de bouwmarkt, meestal bestellen |
| Verzinkte nagel met verloren kop | Droge situaties binnen | Overal te koop | Roest in een vochtige sponning, verpulvert en laat de lat los |
| Leinagel van koper of messing | Eiken en ander hardhout | Geeft geen zwarte verkleuring door looizuur | Zacht en buigt snel, voorboren is verplicht |
| Rvs nieten uit een tacker | Dunne en zachte latten | Snel en geen hamerslagen naast het glas | Vraagt een tacker en de juiste nietlengte |
| Rvs schroef, voorgeboord en verzonken | Hardhouten latten die niet te spijkeren zijn | Zit muurvast, geen slagen bij de ruit | Verzinken en plamuren kost tijd, lat later moeilijk los |
| Glaslat ook aan de onderzijde afkitten | Extra inbraakvertraging | Van buitenaf niet zomaar te lichten | Ook voor jezelf een klus als de lat er ooit uit moet |
Werk niet vanaf een ladder met een ruit in je handen. Kun je alleen van buitenaf bij het raam en zit het op een verdieping, zet er dan een rolsteiger onder of haal het raam uit de scharnieren en leg het plat op schragen. Een draairaam uithangen kost tien minuten en maakt de rest van het werk veiliger en nauwkeuriger.
De kitnaad rust op je glasband
Als het glasband goed zit, is afkitten het makkelijkste deel. Je hebt aan de zichtzijde een gootje van vier tot vijf millimeter tussen het glas en het hout, met het schuim als bodem, en dat vul je met een blijvend elastische beglazingskit.
De kit hecht daarbij aan twee vlakken, aan het glas en aan de glaslat, en niet aan het schuim eronder. Dat is precies de bedoeling, want zo kan de kitnaad rekken en krimpen als het hout werkt. Kit die aan drie vlakken hecht scheurt vanzelf, meestal binnen een winter.
Spuit door in een gelijkmatige beweging en strijk daarna af met een afstrijkmiddel, zodat de naad hol wordt in plaats van bol. Puilt er tijdens het afkitten schuim uit, dan is je band te breed voor de lat en had het vier millimeter verder terug gemoeten.
Bij een geschilderd raam laat je de verf een tot twee millimeter over de kit op het glas doorlopen. Dat randje sluit de overgang af en houdt water uit de naad. Kies dus een beglazingskit die overschilderbaar is en geen zuivere siliconenkit.
De aansluiting binnen tussen het kozijn en het stucwerk is een ander verhaal dan de glasnaad. Een haarscheur op die overgang vul je liever met een vul- en afwerkgips als Knauf fix en finish dan met kit, want gips laat zich schuren en schilderen en een kitrand blijft altijd zichtbaar.
Glas plaatsen zonder glasband, en wanneer dat kan
De vraag komt vaak op halverwege de klus: de lat is eraf, er blijkt nauwelijks nog band onder te zitten, en de kit ligt er al in. Moet dat er dan echt uit? Voor beglazing in hout met een kitnaad is het antwoord ja.
Zonder band gebeuren er drie dingen die je niet wilt. De kit zakt weg in de sponning en hecht aan alles wat hij raakt. De glaslat drukt op een paar punten op de glasrand in plaats van gelijkmatig, en de ruit komt op sommige plekken hard tegen het hout te staan.
Bij enkel glas kom je daar soms jaren mee weg. Bij isolatieglas is het echt vragen om problemen, want de randafdichting is het kwetsbaarste onderdeel van de ruit en die verdraagt geen puntbelasting en geen stilstaand vocht.
Er zijn wel systemen die zonder glasband werken. Droge beglazing in kunststof en aluminium gebruikt voorgevormde rubberprofielen die dezelfde rol vervullen. Bij enkel glas in oude houten kozijnen wordt de ruit soms nog met stopverf of beglazingskit rondom gezet, ook een systeem waar geen schuimband bij hoort.
Wat je nooit doet, is de band weglaten om tijd te winnen en er dan extra kit in duwen. Kit is geen rugvulling: hij vult de holte wel, maar hij houdt het glas niet op afstand en verdeelt de druk niet. Heb je geen band bij de hand, dan is een dag wachten goedkoper dan een ruit die over drie jaar aanslaat.
Oud glasband, houtrot en de vraag of de lat eraf moet
Bij het vernieuwen van een kitrand kijk je vaak in de naad en zie je niets herkenbaars meer van het oude glasband. Dat is niet raar: bij het uitsnijden van de kit haal je het bovenste stuk schuim vaak zelf mee. De regel is dan eenvoudig, de lat gaat eraf, er komt nieuw band op en daarna gaat hij terug.
Dat lijkt overdreven voor een enkele kitrand, maar bij het losmaken van de lat komt bijna altijd meer aan het licht. Verroeste nagels die tussen je vingers verpulveren, betekenen dat de lat er al jaren half af zat. En donker, zacht hout rond die nagels betekent dat de aantasting al begonnen is.
Beginnende houtrot in een glaslat los je op door de lat te vervangen, want repareren van een lat van 12 mm dik heeft geen zin. Zit de aantasting in de glassponning van het kozijn zelf, dan is dat een heel ander bedrag en heel ander werk, en dan is uitstellen het duurste dat je kunt doen.
Vervang meteen alle latten van dat raam als je toch bezig bent. De verticale latten hebben vaak speling aan de bovenkant, de onderste lat is het zwaarst belast en de maatvoering klopt alleen als de vier latten bij elkaar passen.
De dagkant binnen weer netjes krijgen
Bij het lichten van glaslatten en zeker bij het uitnemen van een ruit gaat er binnen langs het kozijn bijna altijd wat stuc af. Bik de losse randen eerst weg tot je vaste ondergrond hebt en maak het geheel stofvrij, want op los materiaal hecht niets.
Voor de diepere beschadigingen in een gemetselde dagkant gebruik je een gipsgebonden herstelpleister. Een grove uitbraak vul je in dikkere lagen met een handpleister als Roodband, en voor reparaties waar je snel op verder wilt is herstelwerk met Renoband een prettige keuze.
Ondiepe schade en schuurplekken werk je af met een dunne laag kant-en-klare stucpasta, die je in twee dunne lagen aanbrengt in plaats van in een dikke. Hoe lang je daarna moet wachten voordat je mag schilderen lees je bij de droogtijd van vers stucwerk.
Zo zet je een ruit met glasband en glaslatten terug
Deze volgorde werkt voor een houten raam met glaslatten aan de binnenzijde, en met kleine aanpassingen ook als je maar een lat vervangt.
-
Meet de sponning op en reken de latdikte uit
Meet met een schuifmaat de sponningdiepte, de hoogte van de sponningkant en de glasdikte. Trek de glasdikte en de gewenste latdikte van de sponningdiepte af en deel de rest door twee, dan weet je welke bandmaat je nodig hebt. Doe dit voordat je glas bestelt, want een ruit die niet in de sponning past is een dure les.
-
Haal de glaslatten er heel af en merk ze
Snijd de kitnaad aan beide zijden los met een vers mesje en wip de lat er met een breed plamuurmes uit, in het midden beginnend. Zet met potlood op de achterkant welke zijde het is, dan passen ze straks weer terug op hun plek. Werk rustig langs de dagkant, want een uitschietend plamuurmes neemt zo een hap uit een gestucte muur rond het kozijn.
Moet je van buitenaf werken en zit het raam op een verdieping, hang het raam dan uit en leg het plat op schragen, of zet er een rolsteiger onder. Op een ladder balanceren met een ruit in je handen gaat een keer mis.
-
Herstel het hout en zet de sponning in de verf
Verwijder alle oude kit en alle schuimresten en prik het hout na op zachte plekken. Vervang aangetaste latten en herstel kleine plekken met houtreparatiepasta. Zet daarna de hele sponning in de grondverf en minstens een laag lak, want het band en de kit hechten niet op kaal hout.
-
Plak het glasband op de sponningkant
Ontvet het plakvlak, begin in een hoek en plak het band over de volle lengte door, ongeveer vier millimeter terug van de zijde waar de kitnaad komt. Trek het beschermpapier stukje bij beetje weg en druk aan met je duim. Rek het band niet uit, anders krimpt het terug en staan je hoeken open.
-
Leg de stelblokjes en zet de ruit erin
Leg de stelblokjes op de sponningbodem, bij een vast raam onderin op een tiende van de breedte uit de hoeken en bij een draairaam diagonaal. Zet de ruit erin met handschoenen aan en met twee man, en controleer dat er rondom minstens vijf millimeter speling zit. Het glas mag het hout nergens raken, alleen het band en de blokjes.
-
Plak het band op de latten en zet ze vast
Plak het band op de latten met dezelfde terugliggende maat en boor de latten voor, zeker bij hardhout. Sla de koploze nagels van rvs of messing net onder het oppervlak weg met een doorslag, met een stuk karton tussen hamer en glas. Begin bij de onderste lat, die draagt straks de meeste belasting.
-
Kit de naden af en werk de verf bij
Vul de naad tussen glas en glaslat met een overschilderbare beglazingskit en strijk hem hol af. Plamuur de spijker- of schroefgaatjes, schuur ze glad en schilder de latten over, met een verfrandje van een tot twee millimeter op het glas. Laat de kit eerst voldoende uitharden voordat je erover schildert, anders scheurt de verffilm bij de eerste beweging.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Controleer dit voordat de glaslat teruggaat
Uit de praktijk
Een verticaal latje van 40 cm dat in hardhout niet te spijkeren was
Bij het vervangen van een enkele verticale glaslat van ongeveer 40 cm lag de eerste vraag bij het band: waar hoort het precies? Het antwoord is op de lat, op de zijde die tegen het glas komt, over de volle lengte, en in de breedte ongeveer vier millimeter terug van de kant waar de kit komt. Die vier millimeter houdt de ruimte vrij die de kitnaad straks nodig heeft.
Het echte probleem zat in het spijkeren. De latten waren van hardhout en lieten zich zelfs plat op de werkbank nauwelijks doorslaan, laat staan verticaal op tien centimeter van een ruit.
Wat hier werkte: een koploze spijker recht in de accuboor klemmen en daarmee voorboren. Het gat heeft dan exact de maat van de spijker, de lat splijt niet en de nagel houdt toch grip. Zonder dat voorboren was deze lat gebarsten.
Glas van 4-15-4 dat niet in een sponning van 40 mm paste
Een draairaam met een houtdikte van 57 mm had een sponning van 40 mm en er was al glas besteld in 4-15-4, dus 23 mm dik. Met twee lagen glasband van 4 mm bleef er 9 mm over voor de glaslat, en die maat ligt nergens op voorraad.
De verleiding was om naar 2 mm band te gaan, want dan paste er een lat van 13 mm. Dat is precies de verkeerde afweging: de kitnaad wordt dan zo smal dat er geen fatsoenlijke naad meer in past. Bovendien was de sponningkant aan de andere zijde 17 mm hoog, dus een smallere lat zou ook nog scheef ogen.
De uitkomst was een opdeklat met een gefreesde sponning, gemaakt door een machinaal timmerbedrijf, die over de sponningkant heen valt en daardoor gewoon dikte houdt. Daarna kwam er nog een wending bij: de glasleverancier annuleerde de order omdat er in draairamen op de verdieping en in de achterdeur veiligheidsglas hoort. Dat glas is dikker, en juist met opdeklatten was dat op te vangen.
Een onderste glaslat waar geen glasband meer onder zat
Bij een draairaam moest alleen de onderste kitrand vernieuwd worden. Na het uitsnijden van de kit was er van het glasband niets herkenbaars meer te zien, en de vraag was of dat een probleem is. Dat is het, want het band is de rugvulling voor de kit en zorgt voor de juiste afstand en drukverdeling.
De lat ging er vervolgens veel te makkelijk af. Alle drie de nagels bleken verzinkt, volledig verroest en tot poeder vergaan, en het kozijnhout rond die nagels was al aangetast. Het band zat er nog gedeeltelijk, maar zwaar gehavend.
Wat hier werkte: nieuw band op de lat, en de bevestiging omgooien naar roestvast materiaal. De bouwmarkt had wel rvs schroeven maar geen rvs nagels, dus werden het voorgeboorde en verzonken rvs schroeven, met de gaatjes daarna geplamuurd en overgeschilderd. Nadeel van die keuze is dat de lat er nu muurvast in zit en later lastiger los komt dan een lat op nagels. Wie de lat ooit weer wil demonteren, kiest beter voor rvs of koperen nagels.
Een raamsponning die het water niet kwijt kon
Bij een klapraampje bleek de sponning niet afwaterend te zijn. Zodra het raam openstond en het regende, liep er water over de onderdorpel de sponning in, en daar bleef het staan tegen de onderkant van de ruit.
Dat is een sluipend probleem. De randafdichting van een isolatieruit verdraagt geen stilstaand water, en ook het hout onder het glasband blijft dan nat. Nieuw band en verse kit lossen dat niet op, want de oorzaak zit in de vorm van de sponning.
Wat hier werkte: een zelfgemaakte neuslat van hardhout die een paar millimeter verder naar voren steekt dan gebruikelijk, zodat het water er langs naar buiten loopt. Voorwaarde is dat de hele sponning en de onderdorpel eerst compleet in de grondverf en de lak staan. Het nadeel is een iets dikkere kitrand aan de binnenzijde, en dat is de prijs voor een ruit die droog blijft staan.
Veelgemaakte fouten
Het band tot aan de voorkant van de glaslat plakken
Wie het band netjes gelijk met de rand van de lat legt, houdt geen ruimte over voor de kitnaad. De kit heeft daar vier tot vijf millimeter nodig en komt anders als een dun laagje op het schuim te liggen. Plak daarom ongeveer vier millimeter terug van de zijde waar de kit komt.
Dunner band nemen om te dik glas passend te maken
Van 4 mm naar 2 mm gaan lijkt de simpelste oplossing als de glaslat niet past. Je wint vier millimeter latdikte, maar je verliest de ruimte voor je kitnaad en je zet de ruit dichter tegen het hout. Het echte antwoord is een opdeklat met een gefreesde sponning of dunner glas.
Verzinkte nagels gebruiken in plaats van roestvaste
Verzinkt is overal te koop en dat is precies waarom het zo vaak misgaat. In een sponning die af en toe vochtig wordt, roesten die nagels door tot ze verpulveren en zit de lat er na een jaar of tien alleen nog met de kit tegenaan. Neem rvs, of messing en koper bij eiken.
Het glas zonder stelblokjes in de sponning zetten
Het band voelt stevig genoeg om een ruit op te laten rusten, maar schuim vervormt onder dertig kilo. De ruit zakt dan naar beneden tot hij op het hout staat, en op dat contactpunt breekt hij bij de eerste keer dat het raam hard dichtvalt. Stelblokjes dragen, band houdt alleen afstand.
Band plakken op kaal, vuil of net geschilderd hout
Op onbehandeld hout laat de kleeflaag binnen enkele maanden los en gaat het hout onder het band bovendien rotten. Op verf die nog doorhardt hecht het band op een laag die zelf nog beweegt. Eerst gronden en lakken, laten drogen, ontvetten, en dan pas plakken.
De oude lat met het oude, platgedrukte band terugzetten
Schuim dat jaren onder druk heeft gestaan veert niet meer terug en heeft niet meer de dikte waar de maatvoering op gebaseerd is. De lat komt dan een fractie dichter op het glas, de kitnaad wordt onregelmatig en de druk verdeelt zich niet meer gelijkmatig. Nieuw band kost een paar euro per raam.
Extra kit gebruiken als vervanging voor de rugvulling
Een volle sponning kit lijkt beter afgedicht, maar de kit hecht dan aan drie vlakken en kan niet meer meebewegen. Bij de eerste temperatuurwisseling scheurt de naad los van het glas en loopt er water achter. Kit vult, band houdt afstand, en die twee taken zijn niet uitwisselbaar.
Dubbelzijdig band gebruiken waar enkelzijdig hoort
Dubbelzijdig glasband plakt ook aan het glas, en dat maakt de ruit later vrijwel niet meer los te krijgen zonder hem te breken. Bij een gewone beglazing in hout heb je die hechting niet nodig, want de glaslat houdt alles op zijn plek. Bewaar dubbelzijdig band voor opgeplakte roeden en panelen.
Veelgestelde vragen
Wat is glasband precies?
Glasband is een smal, zelfklevend band van gesloten-cellig schuim dat tussen de ruit en het hout van een raam zit. Het houdt het glas op vaste afstand van de sponningkant en de glaslat, het verdeelt de druk gelijkmatig over de glasrand, en het dient als rugvulling voor de beglazingskit zodat die maar aan twee vlakken hecht. Het zit dus niet in het zicht, maar het bepaalt wel of je kitnaad en je ruit het jaren volhouden.
Welke dikte glasband heb ik nodig?
Dat reken je uit met drie maten. Meet de sponningdiepte van de sponningkant tot de buitenkant van het raamhout en trek daar de glasdikte en de dikte van de glaslat vanaf. Deel wat overblijft door twee, want het band zit twee keer in de sponning. In de praktijk ga je uit van 3 of 4 mm en kijk je of er dan een werkbare glaslat overblijft, dus tussen ongeveer 10 en 20 mm. Controleer daarnaast altijd de beglazingsvoorschriften van de ruitfabrikant, want die zijn leidend voor je garantie.
Moet ik glasband van 3 of 4 mm nemen?
Dat hangt van je sponning af en niet van een voorkeur. Kies 4 mm als je sponningdiepte het toelaat, want dan houd je zeker genoeg ruimte over voor een kitnaad en zit de ruit ruim genoeg van het hout af. Kom je met 4 mm onder de 10 mm latdikte uit, dan is 3 mm de logische stap terug. Bij isolatieglas geeft de fabrikant vaak zelf aan welke bandmaat en glasinstand bij het formaat en de dikte van de ruit horen, en dat voorschrift gaat voor.
Waar op de glaslat moet het glasband komen?
Op de zijde van de lat die straks tegen het glas ligt, en in de breedte ongeveer vier millimeter terug van de kant waar de kitnaad komt. Aan de andere kant, die tegen het kozijnhout aan zit, mag het band gerust tot vlak bij de rand doorlopen. In de lengte plak je door over de hele lat, want stukjes met gaten ertussen geven ongelijke druk op de glasrand en laten de kit op die open plekken wegzakken. Op het glas zelf plak je nooit iets, want dan krijg je de ruit later niet meer schoon los.
Wanneer gebruik je dubbelzijdig glasband?
Alleen waar het band twee delen echt bij elkaar moet houden. De klassieke toepassing is een opgeplakte roede op de ruit, verder gebruik je het voor panelen in een sponning zonder glaslat en voor latten die je niet kunt spijkeren omdat er staal of kunststof achter zit. Bij gewone beglazing in hout is enkelzijdig band de standaard, met de plakkant tegen het hout. Dubbelzijdig band krijg je namelijk nauwelijks meer los, dus pas eerst droog en trek het beschermpapier er pas daarna af.
Kan ik glas plaatsen zonder glasband?
Bij een houten raam met een kitnaad kun je dat beter niet doen. Zonder band zakt de kit in de sponning weg en hecht hij aan drie vlakken, waardoor de naad scheurt zodra het hout werkt. Daarnaast drukt de glaslat dan op enkele punten op de glasrand en komt de ruit ergens hard tegen het hout. Bij isolatieglas is dat de snelste route naar een ruit die vanbinnen aanslaat. Systemen zonder glasband bestaan wel, zoals droge beglazing met rubberprofielen in kunststof en aluminium, maar dan hoort er ook geen kitnaad bij.
Blijft glasband plakken op geschilderd hout?
Ja, mits de verf volledig uitgehard is en het oppervlak schoon en vetvrij is. Neem het plakvlak vlak voordat je plakt af met spiritus, want alleen al het schuurstof van het lakwerk kan de hechting halveren. Werk niet onder de vijf graden en niet op vochtig hout. Op kaal hout laat het band binnen een paar maanden los en gaat het hout eronder rotten, dus schilderen doe je altijd eerst.
Hoeveel glasband heb ik nodig voor een raam?
Reken de omtrek van de ruit uit en vermenigvuldig die met twee, want er komt een laag op de sponningkant en een laag op de glaslatten. Een raam van 80 bij 120 centimeter heeft een omtrek van vier meter, dus je hebt ruim acht meter band nodig. Tel daar tien procent bij op voor de hoeken en een verkeerd geplakte lengte. Rollen van tien tot vijftig meter zijn gangbaar en een aangebroken rol blijft jaren goed als je hem droog en koel bewaart.
Moet ik het oude glasband vervangen als ik alleen de kitrand vernieuw?
In de regel wel. Bij het uitsnijden van de oude kit haal je bijna altijd het bovenste deel van het schuim mee, en oud band dat jaren onder druk heeft gestaan veert niet meer terug op de goede dikte. De lat gaat er dus af, er komt nieuw band op en dan gaat hij terug. Dat kost een half uur extra, en je ziet meteen of de nagels nog deugen en of er ergens houtrot begint, wat op dat moment nog goedkoop te herstellen is.
Welke spijkers gebruik ik voor de glaslatten?
Koploze nagels met een verloren kop, uitgevoerd in rvs. Verzinkte nagels roesten in een sponning die af en toe vochtig wordt en verpulveren op termijn, waarna de lat alleen nog door de kit op zijn plek zit. In eiken en ander looizuurhoudend hardhout kies je koper of messing, anders krijg je zwarte verkleuringen rond de nagel. Zijn rvs nagels niet te krijgen, dan zijn voorgeboorde en verzonken rvs schroeven een goed alternatief, al zit de lat daarna wel een stuk vaster voor als je hem ooit weer wilt demonteren.
Moet er veiligheidsglas in een draairaam op de bovenverdieping?
Vaak wel, en glasleveranciers leveren in twijfelgevallen niets anders. De regels voor letselveiligheid staan in NEN 3569, die beschrijft waar gehard of gelaagd glas hoort, bijvoorbeeld in deuren en op plekken waar je door de ruit naar beneden kunt vallen. Zit de onderkant van de ruit laag boven de vloer en is de valhoogte aan de buitenzijde meer dan een meter, dan speelt doorvalveiligheid mee. Veiligheidsglas is meestal dikker, dus vraag het na voordat je je glaslatten en je bandmaat uitrekent.
Hoe voorkom ik dat een hardhouten glaslat splijt bij het spijkeren?
Voorboren, altijd. De prettigste methode is een koploze spijker in je accuboor klemmen en daarmee het gat maken, want dan heeft het gat exact de maat van de nagel die erin moet. Sla de nagel daarna met een doorslag net onder het houtoppervlak weg en houd een stuk karton of een dun plaatje tussen je hamer en de ruit. Een tacker met rvs nieten haalt het risico op een misslag helemaal weg en is bij dunne latten sneller.
Wanneer je beter een vakman belt
Glasband plakken, een glaslat passen en een kitnaad trekken is werk dat je met geduld prima zelf doet. Er zijn wel vier situaties waarin je beter stopt en iemand belt.
De eerste is werken op hoogte met glas in je handen. Een ruit van anderhalve vierkante meter in 4-15-4 weegt rond de dertig kilo, en dat hijs je niet vanaf een ladder naar binnen. Kun je alleen van buitenaf bij het raam en zit het op een verdieping, dan hoort daar een rolsteiger bij of een glaszetter.
De tweede is houtrot die verder gaat dan de glaslat. Een aangetaste lat vervang je zelf, maar zit de aantasting in de glassponning of in de onderdorpel van het kozijn, dan is dat timmerwerk waarbij het kozijn deels open moet.
De derde is de ruit zelf. Moet er veiligheidsglas in, is de bestaande ruit gebroken of eist de fabrikant plaatsing door een erkend bedrijf voor de garantie, laat het glas dan zetten en beperk je tot het schilderwerk eromheen.
De vierde is een raam dat na het beglazen niet meer sluit of klemt. Dat wijst op een raam dat uit het lood staat of dat verkeerd verspannen is, en dat los je niet op door de latten strakker te zetten. Voor het herstelwerk dat na zo'n klus binnen overblijft, van de dagkant tot het plafond, helpt ons overzicht met klussen aan wanden en plafond je verder.