Naar de inhoud
Bekijk de rekenhulpen

Drainage in de tuin aanleggen die het water echt afvoert

14 minuten lezen Afvoer & riool Bijgewerkt 14 augustus 2026

Drainage in de tuin werkt alleen als het water ergens naartoe kan. Graaf eerst een proefgat van zestig centimeter diep en vul dat met water: zakt het binnen een paar uur, dan is een drainagebuis met grind en geotextiel genoeg. Blijft het staan, dan zit er een dichte laag onder en heb je een uitmonding nodig naar een lager punt, een infiltratiekoffer of een straatkolk. Verticale gaten boren en met grind vullen helpt alleen als er onder de klei een doorlatende zandlaag zit.

14 minuten

Dit heb je nodig

Een dag voor een klein gazon, een weekend voor een hele tuin Goed zelf te doen, vooral graafwerk 8 tot 20 euro per strekkende meter, inclusief grind en doek

Gereedschap

  • Edelmanboor of grondboor van 15 tot 20 cm, met een verlengstuk
  • Spade en een smalle sleufschop van ongeveer 20 cm breed
  • Spitvork of woelvork om de verdichte laag te breken
  • Kruiwagen en een grondzeil om de uitgegraven grond op te leggen
  • Waterpas van twee meter, of een slangwaterpas bij lange sleuven
  • Piketpaaltjes met een strakke lijn om het tracé uit te zetten
  • Handzaag of een pvc-pijpsnijder voor de buis en de putten
  • Emmer, een duimstok en een horloge voor de doorlatendheidsproef
  • Handstamper of trilplaat voor het terugleggen van bestrating

Materiaal

  • Geribbelde drainagebuis van 60 of 80 mm met kokos- of kunstvezelomhulling
  • Gewassen grof grind 8/16 of 16/32, geen split en geen menggranulaat
  • Filterdoek van minstens 100 gram per vierkante meter, geen dun worteldoek
  • Drainageput of ontstoppingsput met deksel voor begin- en eindpunt
  • Bochten, T-stukken en verloopmoffen voor drainagebuis
  • Bladvanger en een zandvangput bij aansluiting op een regenpijp
  • Infiltratiekratten of schoon puin voor een grindkoffer
  • Scherp zand voor het bezanden van het gazon na afloop
  • Graszaad voor doorzaaien van de sleufranden

Waarom het water in je tuin blijft staan

Water dat na een bui dagenlang op het gazon staat, heeft zelden één oorzaak. Meestal komen er drie dingen samen: een bodem die weinig water doorlaat, een verdichte laag vlak onder de zode, en een tuin die nergens naartoe kan afwateren. Wateroverlast in de tuin is geen rioolprobleem, maar de oplossing raakt wel aan alles wat met afvoer en riolering te maken heeft, want dat water moet uiteindelijk ergens heen.

Rol gele geperforeerde drainagebuis naast een tuinborder.

Begin daarom met een proefgat en niet met een bestelling grind. Steek een gat van ongeveer 30 bij 30 centimeter en 60 centimeter diep, vul het tot de rand met water en noteer hoe snel het zakt. In zandgrond staat zo'n gat binnen een uur leeg. In klei of leem kan het de volgende ochtend nog voor de helft vol staan, en dan weet je meteen dat een buis zonder uitmonding je niet gaat helpen.

Kijk tijdens het graven ook naar de wand van het gat. Bij veel tuinen zie je op vijftien tot vijfentwintig centimeter een harde, gladde laag zitten waar de spade moeite mee heeft. Dat is verdichting die is achtergebleven van de bouw of van het rijden met machines. Het regenwater zakt tot die laag en blijft daar staan, terwijl de grond een halve meter dieper prima doorlatend kan zijn.

De derde vraag is simpel: ligt jouw tuin lager dan alles eromheen? Een gazon dat ingesloten is door de gevel aan de ene kant en bestrating aan de andere kanten vangt al het water van die verharding op. Ligt die bestrating ook nog eens twintig centimeter hoger, dan is de tuin de laagste plek van het perceel en werkt hij als een bak.

Wat je zietWat het proefgat laat zienWaarschijnlijke oorzaakWat het oplost
Plassen die na een paar uur weg zijnWater zakt binnen een uur wegAlleen de zode is dichtgelopenBeluchten met een prikvork en bezanden met scherp zand
Plassen die een dag blijven staan, gazon voelt sponzigHarde laag op 15 tot 25 cm, daaronder losse grondVerdichte laag uit de bouwperiodeWoelen of spitten tot 40 cm, daarna bezanden
Water blijft staan tot het verdamptGat blijft na een nacht half vol, wand is glanzend en smeerbaarKleipakket zonder doorlatende laag eronderDrainagebuis met een echte uitmonding naar een lager punt
Water komt van onderaf omhoog, ook zonder regenGat loopt vanzelf vol tot een vast niveauHoge grondwaterstandDrainage boven dat niveau, of de tuin ophogen
Alleen langs de bestrating en tegen de gevelGrond is daar hard aangetrildAfschot van de verharding loopt de tuin inStraatwerk op afschot leggen richting een kolk of een goot
Natte plekken die na een verbouwing zijn ontstaanPuin, mortelresten of zand met specie in de wandBouwafval in de ondergrondUitgraven en vervangen door schone grond
Praktische tip

Doe de proef twee keer: één keer met een droge bodem en één keer na een natte week. Het verschil vertelt je of de grond structureel dicht is of alleen verzadigd raakt na langdurige regen. Dat scheelt je soms een hele drainage.

Waar het water naartoe moet

Dit is de vraag die je vóór de eerste spade in de grond moet beantwoorden. Een drainage zonder uitmonding is een buis vol water, en dan heb je een dure grindkoffer gemaakt in plaats van een afvoer. Loop je tuin en de omgeving af en zoek het laagste punt waar het water heen kan.

De gemakkelijkste uitmonding is een sloot, een vijver of een greppel achter op het perceel. Zorg dat de buis daar bovenwater uitkomt en zet er een muizenrooster op, want anders wordt de laatste meter een nest. Grenst je tuin aan de straat, dan is een uitloop richting een straatkolk vaak toegestaan en kun je het water via de kolk naar het gemeenteriool laten lopen. Vraag dat wel even na bij de gemeente, want per gemeente verschillen de regels hierover.

Aansluiten op je eigen vuilwaterriool is bijna nergens toegestaan en het is ook technisch geen goed plan. Regenwater verdunt het afvalwater en bij een flinke bui drukt het water via de aansluiting terug de leiding in. Dan krijg je water op de vloer van je toilet of douche in plaats van in de tuin. Waar zo'n aansluiting toch bestaat, hoort er een waterslot in te zitten, zoals we uitleggen bij de werking van een stankafsluiter, anders staat de rioollucht binnen de kortste keren in de tuin en langs de gevel.

Kun je nergens heen, dan blijft infiltratie over. Graaf een koffer van bijvoorbeeld tachtig bij tachtig centimeter en een meter diep op het laagste punt, kleed hem in met filterdoek en vul hem met grind of infiltratiekratten. Grind heeft ongeveer dertig procent holle ruimte, dus zo'n koffer bergt ruim honderdvijftig liter. Kratten hebben negentig procent holle ruimte en bergen in hetzelfde gat meer dan vijfhonderd liter. Met grind vang je één bui op, met kratten kom je een natte week door.

UitmondingWanneer dit kanWaar je op moet letten
Sloot, greppel of vijverAls het waterpeil lager ligt dan de buisBovenwater uitmonden en een muizenrooster op het uiteinde
Straatkolk of goot langs de wegMeestal toegestaan, maar vraag het na bij de gemeenteDoorvoer onder de bestrating door in een mantelbuis
Gescheiden hemelwaterrioolIn nieuwbouwwijken vaak aanwezigAansluiting laat je meestal door de gemeente of een aannemer maken
Infiltratiekoffer met grindAls er dieper wel doorlatende grond zitOngeveer 30 procent holle ruimte, dus reken royaal op volume
InfiltratiekrattenZelfde situatie, maar bij weinig ruimteNegentig procent berging, wel altijd volledig in filterdoek pakken
Vuilwaterriool van de woningVrijwel nooit toegestaanTerugstromend water bij hevige regen en rioollucht in de tuin
Verlaagd plantvak of wadiAls je ruimte hebt en het beeld het toelaatMinstens 20 cm diep, met beplanting die natte voeten verdraagt
Een rekenvoorbeeld van afschot: 4 centimeter daling over 2 meter horizontale afstand is 2 procent.
Meet de daling over de hele route. Een leiding of dakvlak kan plaatselijk naar de verkeerde kant aflopen.
Lees de uitleg uit de afbeelding

Meet de daling over de hele route. Een leiding of dakvlak kan plaatselijk naar de verkeerde kant aflopen.

Bij de tekening: Begin Eind 2 meter horizontaal 4 cm daling ÷ 2 m = 2 cm per meter = 2%

Kies twee meetpunten
Bepaal het beginpunt en de afvoer. Meet de horizontale afstand tussen die punten en vergelijk hun hoogte ten opzichte van dezelfde waterpaslijn.
Reken de daling per meter uit
Daalt een oppervlak in een voorbeeld 4 centimeter over 2 meter? Dan is de daling 2 centimeter per meter, oftewel 2 procent.
Controleer de tussenliggende route
Een goede begin- en eindhoogte sluiten een kuil of een doorgezakte leiding niet uit. Controleer daarom ook onderweg of water kan blijven staan.

Het rekenvoorbeeld legt de maat uit. De benodigde helling hangt af van het dak- of afvoersysteem; 2 procent is hier geen universeel voorschrift.

Voorbeeld: 2 meter horizontale afstand en 4 centimeter hoogteverschil. De helling is overdreven getekend om hem zichtbaar te maken.

Bekijk de afbeelding op volledige grootte

Verticale drainage in de tuin: wanneer het werkt en wanneer niet

Verticale drainage is het idee dat je met een grondboor een reeks gaten maakt en die vult met grind, zodat het water via die kolommen naar beneden wegzakt. Er komt geen buis aan te pas. Op de juiste bodem is het een goedkope en snelle oplossing, maar de voorwaarde is hard: er moet een doorlatende laag zijn waar het water in terecht kan komen.

Zit er onder je kleilaag een zandpakket op tachtig centimeter of een meter, dan doorboor je de dichte laag en krijgt het water een uitweg. Loopt de klei door tot ver voorbij je boorlengte, dan boor je gaten die zich vullen met water en verder niets doen. Het gat wordt dan een emmer in de grond in plaats van een afvoer.

Er is een tweede beperking. Klei geeft zijwaarts nauwelijks water af, dus het regenwater dat een halve meter naast je grindkolom staat komt daar simpelweg niet. Op zware klei bereikt een verticaal gat vooral het water dat er toevallig bovenop valt, en dat is een fractie van het probleem.

Boor daarom altijd eerst één proefgat zo diep als je boor reikt en kijk wat er in de bakjes grond naar boven komt. Voelt het van boven tot onder plakkerig en smeerbaar, dan is er geen zandlaag en kun je je geld beter aan een drainagebuis met uitmonding besteden. Komt er op zeventig centimeter ineens korrelig, licht zand mee, dan is verticale drainage de moeite van het proberen waard.

Let op

Boor nooit blind in de voortuin of vlak langs de gevel. Op zestig tot tachtig centimeter liggen de gas- en waterleiding en de huisaansluiting van het riool, en een gasleiding raken met een grondboor is levensgevaarlijk. Vraag vooraf de ligging van kabels en leidingen op en houd minstens een meter afstand tot het tracé.

Drainage in de tuin met gaten boren: maat, diepte en afstand

Heb je vastgesteld dat er een doorlatende laag te bereiken is, dan bepaalt de uitvoering of het gaat werken. Bij drainage in de tuin met gaten boren gaat het om drie maten: de doorsnee van het gat, de diepte en de onderlinge afstand. Gebruik een edelmanboor van vijftien tot twintig centimeter doorsnee, want een dun gat van vijf centimeter slibt binnen een seizoen dicht en heeft te weinig inhoud om iets te bufferen. Boor door tot je duidelijk in de zandlaag zit en ga daar nog twintig centimeter in door.

Voor de onderlinge afstand hanteren wij één gat per vierkante meter als startpunt op een gazon dat echt nat is. Op een strook van vijf bij drieënhalve meter komt dat neer op ongeveer achttien gaten in een verspringend patroon, zodat er nergens een hoek overblijft die meer dan een meter van een gat af ligt. Dat is een vuistregel uit de praktijk en geen norm: op lichtere grond kun je met een gat per twee vierkante meter toe, op zware klei zet je ze dichter.

Vul de gaten met gewassen grof grind, 16/32 of anders 8/16. Fijn split en menggranulaat lopen dicht met kleideeltjes en zijn na een winter net zo waterdicht als de grond eromheen. Hydrokorrels zijn hier geen goede keuze: ze zijn licht, drijven op bij een verzadigde bodem en werken meer als een spons die het water vasthoudt dan als een doorlaat.

De vraag die het meeste uitmaakt voor de levensduur is of je een filterdoek gebruikt. Zonder doek spoelt er klei tussen de stenen en is de kolom binnen twee tot vier jaar dichtgeslibd. Rol daarom een strook filterdoek tot een koker, laat die in het gat zakken en vul de koker met grind. Dan houdt het gat het meerdere jaren vol en kun je hem later leegzuigen en opnieuw vullen.

OnderdeelWat wij aanhoudenWaarom
Boordiameter15 tot 20 cmKleinere gaten slibben binnen een seizoen dicht en bufferen te weinig
DiepteTot 20 cm in de doorlatende laagBlijf je erboven, dan staat het gat vol en gebeurt er niets
Afstand tussen de gaten1 per m² op zware klei, 1 per 2 m² op lichtere grondKlei geeft zijwaarts weinig water af, dus de gaten moeten elkaar bijna raken
VullingGewassen grind 8/16 of 16/32Grote holle ruimte tussen de korrels, loopt niet dicht met fijn materiaal
FilterKoker van filterdoek rondom het grindHoudt kleideeltjes buiten en verlengt de levensduur van een paar jaar naar veel langer
BovenafwerkingLaatste 10 cm scherp zand met graszaadGrind tot in de zode maakt maaien en spelen onmogelijk
OnderhoudElke drie tot vijf jaar controlerenEen gat dat na een bui vol blijft staan is toe aan uitzuigen en opnieuw vullen

Een drainagebuis aanleggen met grind en filterdoek

Op de meeste kleituinen is een horizontale drainagebuis de betrouwbaarder oplossing, omdat je het water dan echt verplaatst naar een punt waar het weg kan. Gebruik geribbelde drainagebuis van zestig of tachtig millimeter met een omhulling van kokos of kunstvezel eromheen. Sla die omhulling niet over: een kale buis met gaatjes zit in klei binnen twee jaar vol slib.

De sleuf gaat vijftig tot zeventig centimeter diep en ongeveer dertig centimeter breed. Leg eerst een laag grind van tien centimeter, dan de buis, dan grind tot ongeveer vijftien centimeter boven de buis. Sla het filterdoek als een envelop om dat hele grindpakket heen, met een overlap van twintig centimeter bovenop. Zo krijg je een grindkoffer die ook water opvangt dat langs de zijkant binnenkomt.

Over het afschot bestaat veel verwarring. Een drainagebuis hoeft geen steil verhang: één tot twee millimeter per meter is genoeg, mits het overal dezelfde kant op loopt. Een buis die tussendoor omhoog en omlaag golft, houdt water vast op de laagste punten en die plekken slibben als eerste dicht. Span daarom een lijn tussen twee piketten en werk de sleufbodem daarnaar af.

Voor de vakverdeling hanteren wij een afstand van drie tot vijf meter tussen de buizen op zware klei, en zes tot tien meter op zandiger grond. Leg de buizen in een visgraatpatroon dat samenkomt in één verzamelleiding. Zet aan het begin van elke tak en op elk knikpunt een put met een deksel, zodat je er later met een tuinslang of een veer doorheen kunt spoelen zonder de tuin open te breken.

Praktische tip

Markeer de ligging van de buizen op een schets met maten vanaf de gevel en de erfgrens, en fotografeer de open sleuf voordat je aanvult. Over vijf jaar, als je een boom wilt planten of een terras uitbreidt, is dat het enige wat je nog hebt om te weten waar je niet moet graven.

Drainage met grind: koffers, geulen en wat je ervan mag verwachten

Drainage in de tuin met grind komt in twee vormen voor. De eerste is de grindkoffer: een uitgegraven bak, ingepakt in filterdoek en gevuld met grof grind, die water bergt tot de bodem het heeft opgenomen. De tweede is de grindgeul, een strook grind aan het maaiveld die water opvangt en zichtbaar afvoert naar een lager punt.

Een koffer werkt goed als buffer en slecht als afvoer. Hij vangt een piekbui op en geeft die langzaam af aan de grond eromheen. Zit die grond potdicht, dan is de koffer na twee buien vol en heb je hetzelfde probleem als voorheen, alleen op een andere plek. Reken daarom met de doorlatendheid uit je proefgat en niet met de inhoud van de koffer.

Een grindgeul tussen gras en bestrating helpt alleen als hij daadwerkelijk naar een lager punt loopt en daar in iets uitmondt. Een geul die op de helft van de tuin ophoudt, verplaatst het water hooguit een paar meter en droogt in de winter nooit op. Sluit hem dus altijd aan op een put, een koffer of een uitloop.

Gebruik voor beide toepassingen gewassen grind van 8/16 of 16/32 en pak alles in filterdoek. Menggranulaat en betonpuin bevatten fijn materiaal dat na een winter tussen de stenen zakt en de holle ruimte dichtzet. De aanvoer telt net zo hard. Een koffer zonder goot of buis ernaartoe krijgt alleen het water dat er recht bovenop valt.

Drainage in de tuin aansluiten op de regenpijp

Het klinkt logisch om het water van het dak in dezelfde buis te laten lopen als de drainage, maar in die vorm gaat het bijna altijd mis. Een regenpijp levert bij een stevige bui een veelvoud aan water van wat een drainagebuis kan verwerken. Het gevolg is dat de buis onder druk komt te staan en het water via de gaatjes je gazon in geperst wordt: precies de omgekeerde werking van wat je wilde.

Er speelt nog iets. Van een dak komt zand, mos en bladgruis mee. Dat spoelt de drainagebuis in en zet zich vast in de omhulling, waarna de buis binnen een paar jaar geen water meer opneemt. Een drainagebuis kun je niet even leegtrekken zoals een rioolbuis.

Wil je het regenwater toch in de tuin kwijt, houd de twee stelsels dan gescheiden. Zet onderaan de regenpijp een bladvanger en daarna een zandvangput met een verdiepte bodem, waar het zware materiaal in bezinkt. Voer het water vandaar met een gladde buis van tachtig tot honderdtien millimeter naar een eigen infiltratiekoffer of infiltratiekratten, minstens twee meter van de gevel vandaan.

Moeten ze om ruimtegebrek toch samenkomen, laat dat dan pas gebeuren in de verzamelput na de drainage, nooit in de drainagebuis zelf. Op die manier heeft het dakwater een vrije weg naar de uitmonding en kan het de drainage niet onder druk zetten. Voor de leidingen van het dak gelden dezelfde regels als voor de rest van je afvoer, en hoe een standleiding en de aansluitingen daarop werken is precies de kennis die je hier nodig hebt.

Let op

Laat geen regenwater vlak langs de fundering infiltreren. Een infiltratiekoffer binnen een meter van de gevel voert het water rechtstreeks naar je kruipruimte en spoelt op termijn zand onder de fundering vandaan. Houd minstens twee meter aan en laat de koffer nooit dieper reiken dan de onderkant van de fundering.

Volgorde van het werk: eerst draineren, dan egaliseren

Bij een nat gazon vol kuilen komt altijd de vraag wat er eerst moet. Het antwoord is eenduidig: eerst het graafwerk en de drainage, daarna pas egaliseren. Draineren betekent sleuven of boorgaten, kruiwagens over de zode en grond die je opzij legt. Wie eerst een strak vlak maakt, mag daarna alsnog opnieuw beginnen.

De sleuven en gaten zakken na het aanvullen ook nog wat na, vooral na de eerste regenbuien. Wacht na het draineren een paar weken voordat je de eindafwerking doet. Vul in die periode de plekken die duidelijk zijn ingezakt bij, dan blijft je gazon daarna vlak in plaats van dat er een rij ondiepe geulen in verschijnt.

Egaliseren doe je met scherp zand of met een mengsel van zand en zwarte grond, niet met tuinaarde alleen. Tuinaarde is fijn en dicht, en juist bovenop een kleigazon werkt dat als een extra sluitlaag. Breng het in lagen van maximaal drie centimeter aan en hark het in de zode, zodat het gras er doorheen blijft groeien.

Voordat je gaat afwerken is dit het moment om de verdichte laag te breken. Steek met een spitvork om de dertig centimeter tot de steel in de grond en wrik hem iets naar achteren, of huur een woeler als het om een groot vlak gaat. Doe dat bij een bodem die vochtig maar niet nat is: op kletsnatte klei smeer je de wand van elk gat juist dicht en maak je het probleem erger.

Praktische tip

Zaai de sleufranden direct na het aanvullen door met een graszaadmengsel voor speelgazon en dek af met een dun laagje zand. De naad tussen oude zode en nieuwe grond is de plek waar onkruid als eerste toeslaat, en gras dat er al staat houdt dat tegen.

Het maaiveld, de gevel en de hoogtes waar je vanaf moet blijven

De verleiding is groot om een natte tuin gewoon op te hogen met een vracht grond. Dat kan werken, maar er zit een harde bovengrens aan: het maaiveld mag nooit hoger komen dan de laagste opening in de gevel. Dat is meestal een kruipruimterooster, het loodwerk boven de fundering of de onderdorpel van een tuindeur.

Kom je daaroverheen, dan loopt het regenwater bij een bui zo de kruipruimte in en blijft de gevel permanent vochtig. Wij houden minimaal vijftien centimeter aan tussen het afgewerkte maaiveld en de onderkant van een kruipruimterooster, en laten het straatwerk of gazon vanaf de gevel over de eerste twee meter ongeveer twee centimeter per meter aflopen. In onze tabel met standaardmaten en hoogtes in en om het huis staan de gangbare maten voor onder meer die roosters en een buitenaansluiting bij elkaar.

Ophogen heeft nog een gevolg dat je pas laat merkt: het water dat jij kwijtraakt, gaat naar de buren. Een tuin die twintig centimeter hoger komt te liggen dan het perceel ernaast, verplaatst het probleem over de erfgrens. Dat is een goede reden om liever te draineren dan op te hogen, en om bij twijfel even met de buren te overleggen.

Kom je tijdens het graven een oude, bruine buis van gebakken klei tegen, stop dan met wrikken. Dat kan de oude huisaansluiting zijn, en hoe je die herkent en behandelt lees je bij een gresbuis herkennen en aansluiten op pvc. Een grijze, vezelige buis laat je helemaal met rust: die kan asbestcement zijn en die mag je niet zagen of breken.

Onderhoud en levensduur van een drainage

Een drainage is geen eenmalige ingreep. Elke buis, elk boorgat en elke koffer loopt langzaam vol met fijn materiaal, en hoe zwaarder de grond hoe sneller dat gaat. Een goed aangelegde buis met omhulling en filterdoek gaat vijftien tot dertig jaar mee. Een kaal boorgat zonder doek in klei is na twee tot vier jaar zo goed als dicht.

Het onderhoud zelf stelt weinig voor. Licht de putdeksels een keer per jaar in het najaar op en kijk of er water in staat dat er niet hoort. Spoel de buizen om de paar jaar door met een tuinslang vanaf het hoogste punt, of laat ze doorspuiten als je een lange tak hebt. Doe dat in het najaar, voordat het natte seizoen begint.

Wortels zijn de andere vijand. Wilg, populier en bamboe zoeken water op en groeien een drainagebuis van binnenuit vol. Houd bij het uitzetten van het tracé minstens vijf meter afstand tot dat soort beplanting, of leg de buis in dat deel als dichte buis met alleen een verzamelput. Wortelingroei in een leiding is een probleem dat je verder kent uit het vervangen van riolering onder en rond de woning.

Merk je dat een put na een bui langer dan een dag vol blijft staan, dan zit er iets dicht of ligt de uitmonding te hoog. Controleer eerst het uiteinde: een dichtgegroeid rooster of een uitloop die onder het slootpeil is komen te liggen is de meest voorkomende oorzaak, en dat is in een uurtje verholpen.

Zo leg je een drainage in de tuin aan

Deze volgorde geldt voor een drainagebuis in een gazon of border en werkt met kleine aanpassingen ook bij een terras.

  1. Graaf een proefgat en meet de doorlatendheid

    Steek een gat van 30 bij 30 centimeter en 60 centimeter diep, vul het met water en noteer hoeveel er na een uur en na een nacht nog in staat. Kijk daarbij naar de wand van het gat: waar zit de harde laag en verandert de grond dieper van kleur of structuur? Deze twee gegevens bepalen of je met infiltratie toe kunt of een uitmonding nodig hebt.

  2. Bepaal eerst het eindpunt

    Zoek het laagste punt waar het water heen kan: een sloot, een straatkolk, een hemelwaterriool of een infiltratiekoffer. Meet het hoogteverschil met een slangwaterpas tussen dat punt en de plek waar het water blijft staan. Is er geen hoogteverschil, dan heeft een buis geen zin en werk je met een koffer of kratten. Naar het riool van de woning zelf voer je geen regenwater af, want dat werkt bij een bui averechts.

  3. Zet het tracé uit en controleer de ondergrond

    Span piketlijnen op drie tot vijf meter uit elkaar op klei, ruimer op zandiger grond, en laat de takken samenkomen in één verzamelleiding richting de uitmonding. Vraag vooraf de ligging van kabels en leidingen op. Bij de gevel en in de voortuin liggen gas, water en de huisaansluiting op 60 tot 80 centimeter, en daar graaf je met de hand, nooit met een machine.

  4. Graaf de sleuf op afschot

    Maak de sleuf 50 tot 70 centimeter diep en ongeveer 30 centimeter breed, en werk de bodem af op een verhang van één tot twee millimeter per meter richting het eindpunt. Leg de bovenste zode apart op een zeil, die kun je straks terugleggen. Blijf met de sleufbodem altijd hoger dan de onderkant van je fundering, want anders ondergraaf je die.

  5. Leg het filterdoek, het grind en de buis

    Bekleed de sleuf met filterdoek zodat de flappen aan beide kanten ruim over de rand hangen. Stort tien centimeter grind, leg de omhulde drainagebuis erop en vul aan tot vijftien centimeter boven de buis. Sla de flappen over elkaar heen met twintig centimeter overlap. De buis ligt nu in een grindkoffer die ook zijdelings water opvangt.

  6. Zet putten op de begin- en knikpunten

    Plaats aan het begin van elke tak en op elke bocht een drainageput met een deksel, gelijk met het maaiveld of net eronder. Zonder die putten kun je later nergens meten of doorspuiten en moet je de tuin openbreken zodra er iets dichtslibt. Zet de deksels vast met een dun laagje zand en gras eromheen zodat je ze nog terugvindt.

  7. Werk de uitmonding netjes af

    Laat de buis bij een sloot of greppel bovenwater uitkomen en zet er een muizenrooster op. Loopt hij naar een kolk of een put, maak dan een schone aansluiting met een verloopstuk en zorg dat het uiteinde vrij blijft van blad. Komt het water in een put terecht die met het riool in verbinding staat, dan hoort daar een waterslot in te zitten, anders trek je rioollucht de tuin en het huis in.

  8. Vul aan, laat zakken en werk daarna pas af

    Vul de sleuf aan met de uitgegraven grond, licht aangedrukt maar niet aangetrild, en leg de zode terug. Wacht een paar weken en een paar buien af, vul de ingezakte plekken bij met scherp zand en zaai de naden door. Egaliseren en bezanden doe je pas in deze laatste stap, anders doe je het werk twee keer.

Maatvoering

De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens

Ruimte of vakgebiedOnderdeelGangbare maatMarge die in de praktijk werktWaar je op moet letten
SanitairWastafel, bovenkant85 cm boven de vloer80 tot 90 cmMeet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm.
SanitairWastafelkraan, uitloop25 tot 30 cm boven de wastafelrandwat past bij de komTe hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder.
SanitairFonteintje in het toilet80 tot 85 cm75 tot 90 cmVaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is.
SanitairToiletpot, bovenkant zitting40 tot 43 cm38 tot 48 cmEen verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger.
SanitairHangend toilet, onderkant pot40 cm boven de vloer38 tot 45 cmDe hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast.
SanitairToiletrolhouder70 cm hoog, 25 cm voor de pot60 tot 80 cmTe ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit.
SanitairDouchekraan, thermostaat100 tot 110 cm95 tot 120 cmJe wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan.
SanitairDoucheglijstang, bovenkant180 tot 200 cmafhankelijk van de lengste gebruikerReken op minstens 20 cm boven de kruin.
SanitairRegendouche, onderkant kop205 tot 215 cm200 tot 220 cmOnder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd.
SanitairHanddoekradiator, onderkant20 tot 30 cm boven de vloer15 tot 40 cmLaag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen.
SanitairAfvoer wastafel, muurdoorvoer50 tot 55 cm45 tot 60 cmOnder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling.
ElektraStopcontact in een woonruimte30 cm hart boven de vloer25 tot 40 cmBij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen.
ElektraStopcontact boven een aanrechtblad115 tot 125 cm10 tot 20 cm boven het bladUit de spatzone van de kraan blijven.
ElektraLichtschakelaar105 cm hart boven de vloer90 tot 120 cmGelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld.
ElektraDeurklink100 cm hart boven de vloer95 tot 105 cmOok de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen.
ElektraMeterkast, groepenkast150 tot 180 cmbereikbaar zonder trapjeDe hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn.
ElektraWandcontactdoos buitenminimaal 30 cm boven maaiveldhoger bij kans op opspattend waterSpatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten.
ElektraBedrade deurbel, drukknop110 tot 130 cm100 tot 140 cmOok bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel.
ElektraWandlamp naast een spiegel160 tot 170 cmop ooghoogte van de gebruikerLicht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven.
ElektraTelevisieaansluiting40 cm of op de hoogte van het schermafhankelijk van de opstellingBij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm.
KeukenWerkblad, bovenkant90 tot 95 cm85 tot 100 cmVuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger.
KeukenBovenkasten, onderkant50 tot 60 cm boven het blad45 tot 65 cmTe laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken.
KeukenAfzuigkap boven een elektrische kookplaat60 cm55 tot 70 cmOnder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht.
KeukenAfzuigkap boven een gaspit65 cm65 tot 75 cmBij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam.
KeukenPlint onder de keukenkasten10 tot 15 cmstandaard 15 cmTerugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan.
KeukenInbouwoven op ooghoogteonderkant op 85 tot 90 cmnaar de gebruikerScheelt bukken met een hete plaat in je handen.
TrapTrapleuning90 cm boven de voorkant van de trede85 tot 100 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer.
TrapLeuning langs een bordes100 cm90 tot 110 cmBij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap.
TrapOptrede, hoogte per trede18 tot 20 cmmaximaal 21 cm binnen een woningAlle treden even hoog, ook de eerste en de laatste.
TrapAantrede, diepte van de trede22 tot 24 cmminimaal 22 cmVuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm.
TrapVrije doorloophoogte boven de trap230 cmminimaal 210 cmMeet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond.
TrapSpijlafstand van een balustrademaximaal 10 cmkleiner bij kinderenZo kan een kinderhoofdje er niet tussen.
DeurenBinnendeur, standaardmaat83 bij 201,5 cm78 tot 93 cm breedDe dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad.
DeurenVoordeur, standaardmaat88 bij 201,5 cm83 tot 100 cm breedBreder is prettig bij verhuizen en bij een rollator.
DeurenSpeling onder een binnendeur1 tot 1,5 cm2 cm bij mechanische ventilatieDe kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet.
DeurenSpeling rondom in het kozijn3 mm2 tot 4 mmTe weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt.
DeurenScharnieren, afstand tot de hoek20 cm van boven en onder15 tot 25 cmBij een zware deur een derde scharnier in het midden.
VentilatieVentilatierooster in een raamboven in het kozijnop de bovenregelWarme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder.
VentilatieAfzuigpunt in een badkamerhoog in de ruimte20 tot 30 cm onder het plafondVocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet.
VentilatieMuurrooster kruipruimtenet boven het maaiveldminimaal 15 cmAnders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht.
VentilatieDakdoorvoer, afstand tot de nokminimaal 50 cmafhankelijk van het typeTe dicht bij de nok geeft terugslag bij wind.

Samengesteld uit gangbare praktijkmaten, de eisen uit het Bouwbesluit waar die van toepassing zijn, en montagevoorschriften van fabrikanten. Standaardmaten zijn een vertrekpunt, geen wet: pas ze aan op de lengte van de mensen die de ruimte gebruiken. Bij nieuwbouw en verbouw gelden de actuele bouwregels boven elke vuistregel.

Controleer dit voordat je de sleuf dichtgooit

Uit de praktijk

Dit kwamen we tegen

Een gazon van vijf bij drieënhalve meter dat nergens naartoe kon

Een zijtuintje op kleigrond stond na elke bui dagenlang blank. Het gazon was aan één kant ingesloten door de woning en aan de drie andere kanten door bestrating van de straat en het tuinpad, dat twintig centimeter hoger lag. Aansluiten op het riool mocht niet van de verhuurder, dus het plan was verticaal draineren met een grondboor en gaten vol grind.

Het proefgat gaf de doorslag. Tot een meter twintig kwam er alleen plakkerige, grijsblauwe klei naar boven en geen spoor van zand. Zonder doorlatende laag zou elk boorgat zich vullen met water en verder niets doen, dus daar viel niets te winnen.

Wat hier wel werkte, was een koffer van tachtig bij tachtig centimeter en een meter diep op het laagste punt, gevuld met infiltratiekratten in filterdoek, met een ondiepe drainagebuis eromheen die het water er in twee takken naartoe bracht. Het overtollige water ging via een buis onder de tegels door naar de straatkolk, wat na navraag bij de gemeente toegestaan bleek.

Dit kwamen we tegen

Een grindgeul die een jaar lang niets deed

In diezelfde tuin was er eerder al een grindgeul gegraven tussen het gras en de tegels, die naar een wat lager stuk liep. Na een seizoen was er niets veranderd: het lage deel werd niet natter en het gazon niet droger. Het oordeel was dat draineren op klei toch niet werkt.

Het probleem zat in het eindpunt. De geul kwam ergens in de tuin uit zonder put, koffer of uitloop, dus het water werd hooguit twee meter verplaatst en stond daar stil. De geul liep ook dwars door de verdichte laag heen zonder die te doorbreken, waardoor het water er niet in kon zakken.

De geul zelf was niet voor niets aangelegd. Toen het uiteinde werd doorgetrokken naar de infiltratiekoffer en de bodem van de geul met een spitvork werd losgestoken tot veertig centimeter, deed hij ineens wel wat hij moest doen. Een grindstrook zonder eindpunt is een bak, geen afvoer.

Dit kwamen we tegen

Boorgaten die na twee winters dichtgeslibd waren

In een tuin op lichte klei met een zandlaag op tachtig centimeter waren achttien gaten geboord met een edelmanboor van vijftien centimeter, netjes een per vierkante meter, en gevuld met grof grind. Het eerste jaar was het verschil goed merkbaar en bleven de plassen weg.

De tweede winter kwam het water terug. Bij het openmaken van twee gaten bleek de bovenste dertig centimeter grind volgelopen met klei: bij elke bui was er fijn materiaal tussen de stenen gespoeld en dat had zich als een deksel op de kolom gezet.

De oplossing was de gaten leeghalen, een koker van filterdoek erin laten zakken en die opnieuw met grind vullen. Daarbovenop kwam de laatste tien centimeter scherp zand met graszaad in plaats van grind tot aan het maaiveld. Sindsdien houden de gaten het. Hydrokorrels waren ook overwogen, maar die drijven op zodra de bodem verzadigd raakt en houden vocht juist vast.

Dit kwamen we tegen

De regenpijp die de drainage vol water perste

Bij een achtertuin was de regenpijp van het schuurdak rechtstreeks op de drainagebuis gezet, met het idee dat het water dan mooi over de tuin verdeeld zou worden. Bij lichte regen ging dat goed. Bij een stevige zomerbui stond er binnen tien minuten water op het gazon, precies boven het tracé van de buis.

De verklaring was eenvoudig. Een dak van twintig vierkante meter levert bij een flinke bui meer water per minuut dan de drainagebuis kwijt kan aan de klei eromheen. De buis kwam onder druk te staan en het water werd via de gaatjes de tuin in geduwd.

Wat het opgelost heeft: een bladvanger onderaan de pijp, daarna een zandvangput met een verdiepte bodem, en vanaf die put een gladde buis van honderdtien millimeter naar een eigen infiltratiekoffer op drie meter van de schuur. De drainage kwam pas ná die koffer weer samen met de rest, in de verzamelput. Uit de zandvangput kwam bij de eerste jaarlijkse controle een halve emmer dakgruis, materiaal dat anders in de drainage was beland.

Veelgemaakte fouten

Verticaal boren zonder te weten wat er onder de klei zit

Verticale drainage werkt alleen als de gaten uitkomen in een laag die water opneemt. Loopt de klei door tot voorbij je boorlengte, dan maak je achttien emmers in de grond die zich vullen en daarna niets meer doen. Boor daarom eerst één gat zo diep als je kunt en beoordeel wat er naar boven komt.

Een koffer of geul aanleggen zonder eindpunt

Grind bergt water, het voert niets af. Een grindstrook die halverwege de tuin ophoudt, verplaatst het probleem een paar meter en blijft de hele winter vol staan. Zorg dat elke koffer en elke geul uitkomt in een put, een sloot, een kolk of een laag die het water echt opneemt.

Kale drainagebuis zonder omhulling gebruiken

De gaatjes in een drainagebuis zijn klein genoeg om grind buiten te houden, maar veel te groot voor kleideeltjes. Zonder kokos- of vezelomhulling en zonder filterdoek eromheen zit de buis binnen twee jaar vol slib, en dan is er geen doorspuiten meer aan. De omhulling kost een paar euro per meter en verdubbelt de levensduur ruimschoots.

De regenpijp rechtstreeks op de drainagebuis zetten

Een dak levert bij een bui veel meer water dan een drainagebuis in de bodem kwijt kan. De buis komt onder druk en perst het water via de gaatjes je gazon in. Bovendien spoelen zand en bladgruis van het dak de omhulling dicht. Houd de twee stelsels gescheiden tot in de verzamelput.

De tuin ophogen tot boven de kruipruimteroosters

Ophogen lijkt de snelste oplossing voor een lage tuin, maar zodra het maaiveld boven de roosters of het loodwerk komt, loopt het regenwater de kruipruimte in en blijft de gevel nat. Houd minstens vijftien centimeter aan onder de laagste opening, en laat het terrein bij de gevel juist iets aflopen.

Graven en woelen terwijl de grond kletsnat is

Natte klei laat zich prachtig steken, maar de spade smeert de wanden van sleuf en boorgat dicht tot een gladde huid waar geen water doorheen gaat. Je maakt de doorlatendheid dan slechter dan hij was. Werk op vochtige, niet verzadigde grond en wacht liever een week.

Geen putten plaatsen om later bij de buis te kunnen

Een drainage die je nergens kunt openen, kun je ook niet controleren of doorspuiten. Bij de eerste verstopping moet je de tuin dan opnieuw openbreken om te vinden waar het misgaat. Een put met deksel kost weinig en verandert een dag graafwerk in een uur onderhoud.

Grind tot aan het maaiveld doortrekken in het gazon

Een grindkolom die bovenaan open blijft liggen, is de snelste manier om hem te laten dichtslibben met maaisel en fijne grond, en hij is ook nog eens niet te maaien. Werk de laatste tien centimeter af met scherp zand en graszaad, dan blijft het gat werken en zie je er niets meer van.

Veelgestelde vragen

Hoe diep moet drainage in de tuin liggen?

In een gazon of border leggen wij de drainagebuis op vijftig tot zeventig centimeter onder het maaiveld. Ondieper dan veertig centimeter loop je bij het spitten of het planten van een struik zo de buis aan, en dieper dan tachtig centimeter voegt zelden iets toe omdat de wortelzone dan al lang droog is. Onder een terras of oprit mag je iets dieper gaan, omdat je de buis dan toch niet raakt. Waar de grondwaterstand hoog is, houd je de buis boven dat vaste niveau, anders staat hij permanent onder water en slibt hij snel dicht.

Werkt verticale drainage in de tuin op kleigrond?

Alleen als er onder het kleipakket een doorlatende zandlaag zit die je met je boor kunt bereiken. Loopt de klei door tot voorbij je boorlengte, dan vullen de gaten zich met water en gebeurt er verder niets. Klei geeft bovendien zijwaarts nauwelijks water af, waardoor een gat vooral het water opneemt dat er toevallig bovenop valt. Boor daarom eerst een proefgat en beoordeel wat er naar boven komt. Voelt het van boven tot onder plakkerig, kies dan voor een drainagebuis met een echte uitmonding.

Hoeveel gaten moet je boren voor drainage in de tuin?

Op een gazon dat echt nat is, beginnen wij met één gat per vierkante meter in een verspringend patroon. Op een strook van vijf bij drieënhalve meter kom je dan uit op zo'n achttien gaten. Op lichtere grond is één gat per twee vierkante meter meestal genoeg. Dit is een praktische vuistregel en geen norm: hoe zwaarder de klei, hoe dichter de gaten bij elkaar moeten liggen, omdat het water er zijwaarts nauwelijks naartoe kruipt. Boor liever eerst een deel van het vlak en kijk een seizoen wat het doet.

Mag ik de drainage in de tuin aansluiten op de regenpijp?

Rechtstreeks aansluiten raden wij af. Een dak levert bij een bui zoveel water dat de drainagebuis onder druk komt te staan en het water via de gaatjes je gazon in perst. Ook spoelen zand en bladgruis de omhulling dicht. Wil je het dakwater in de tuin kwijt, zet dan een bladvanger en een zandvangput onder de pijp en voer het water met een gladde buis naar een eigen infiltratiekoffer, minstens twee meter van de gevel. Laat de twee stromen pas samenkomen in de verzamelput na de drainage.

Is drainage in de tuin met grind beter dan met een buis?

Dat hangt af van wat je wilt bereiken. Grind bergt water en geeft het langzaam af aan de grond eromheen, dus een grindkoffer is een buffer. Een drainagebuis verplaatst water naar een ander punt en is dus een afvoer. Op grond die redelijk doorlatend is, kan een koffer of een strook grind genoeg zijn. Op klei die niets opneemt heb je een buis met een uitmonding nodig, want anders is de koffer na twee buien vol. In de praktijk combineer je ze vaak: buizen die het water verzamelen en een koffer of kratten waar het in wordt geborgen.

Welk grind gebruik je voor drainage en waarom geen hydrokorrels?

Neem gewassen grof grind in de maat 8/16 of 16/32. Die korrels laten ongeveer dertig procent holle ruimte over en die ruimte is precies waar het water zit. Split, menggranulaat en betonpuin bevatten fijn materiaal dat na een winter tussen de stenen zakt en de holle ruimte dichtzet. Hydrokorrels zijn licht en poreus: ze houden vocht vast in plaats van het door te laten en ze drijven op zodra de bodem verzadigd raakt. In een tuinsituatie doen ze daarom minder dan grind, terwijl ze meer kosten.

Welke afstand houd je aan tussen drainagebuizen?

Op zware klei leggen wij de buizen op drie tot vijf meter uit elkaar, op zandiger grond kun je naar zes tot tien meter. De reden is dat water in klei nauwelijks zijwaarts beweegt, dus een buis droogt maar een smalle strook aan weerszijden. Leg de takken in een visgraatpatroon dat samenkomt in één verzamelleiding richting het eindpunt. Ben je niet zeker van je grondsoort, begin dan met de ruimere afstand en kijk een winter waar de natte plekken overblijven. Bijleggen kan altijd nog, weghalen niet.

Mag ik drainage aansluiten op het riool?

Op het vuilwaterriool van je woning is dat vrijwel nergens toegestaan en het is ook technisch een slecht idee. Regenwater verdunt het afvalwater en bij een hevige bui drukt het water via die aansluiting terug de leiding in, met water op de vloer van je toilet of douche als gevolg. Heeft je straat een gescheiden hemelwaterriool, dan is aansluiten daarop meestal wel mogelijk, maar dat regel je via de gemeente. Afvoeren via een straatkolk is in veel gemeenten toegestaan. Vraag het na, want de regels verschillen per gemeente.

Moet er geotextiel om de drainagebuis?

Om het grindpakket wel, strak om de buis niet. De buis zelf heeft een omhulling van kokos of kunstvezel, en daaromheen komt een laag grind die als filter en als buffer werkt. Dat hele pakket sla je in filterdoek met minstens twintig centimeter overlap. Neem echt filterdoek van rond de honderd gram per vierkante meter en geen dun worteldoek, want dat scheurt bij het aanvullen en loopt sneller dicht. Zonder doek spoelt er klei tussen het grind en is je grindkoffer binnen een paar jaar net zo waterdicht als de grond eromheen.

Kan ik eerst egaliseren en daarna pas draineren?

Dat is de verkeerde volgorde. Draineren betekent sleuven graven, boorgaten maken en met kruiwagens over de zode rijden, dus van een pas geëgaliseerd vlak blijft weinig over. Doe het graafwerk eerst, vul aan en wacht daarna een paar weken en een paar buien af zodat de sleuven kunnen zakken. Vul de ingezakte stukken bij met scherp zand, hark dat in de zode en zaai de naden door. Zo hoef je het egaliseerwerk maar één keer te doen en blijft het gazon daarna vlak.

Helpt het beluchten of prikken van het gazon tegen wateroverlast?

Bij een gazon dat alleen aan de oppervlakte is dichtgelopen, werkt beluchten goed. Steek met een spitvork om de dertig centimeter tot de steel in de grond, wrik hem iets naar achteren en bezand daarna met een dun laagje scherp zand. Zit het probleem dieper, bijvoorbeeld in een verdichte laag op twintig centimeter of in een kleipakket zonder afvoer, dan is prikken alleen een tijdelijke verbetering die na een natte week weer weg is. Het proefgat vertelt je welke van de twee je hebt.

Wat kost drainage in de tuin ongeveer?

Doe je het zelf, dan kom je met buis, grind, filterdoek en een paar putten uit op grofweg acht tot twintig euro per strekkende meter. Het grind is de grootste post, zeker als je het per zak koopt in plaats van per kuub. Verticale gaten boren is goedkoper: een leenboor en een kuub grind volstaan meestal voor een klein gazon. De grootste kostenpost bij uitbesteden is het graafwerk en het afvoeren van de vrijkomende grond, en dat loopt sterk uiteen met de bereikbaarheid van de tuin.

Wanneer je beter een vakman belt

Een drainage aanleggen is vooral graafwerk en dat kun je zelf. Er zijn wel een paar situaties waarin je beter iemand erbij haalt.

De eerste is graven vlak langs de gevel of dieper dan de onderkant van de fundering. Zand dat onder een fundering vandaan spoelt, geeft zetting en scheuren in het metselwerk, en dat repareer je niet met een zak grind. Twijfel je over de diepte van je fundering, laat een hovenier of aannemer meekijken voordat je de sleuf doortrekt.

De tweede is alles wat met leidingen te maken heeft. In de voortuin en langs de gevel liggen gas en water op zestig tot tachtig centimeter. Graven met een machine doe je daar niet, en raak je een gasleiding, ga dan direct naar buiten, bel het alarmnummer en de netbeheerder en bedien geen schakelaars in de buurt. Kom je bij het graven een grijze, vezelige buis tegen, laat die dan liggen: asbestcement zaag of breek je niet zelf.

De derde is de aansluiting op openbaar water of riool. Een uitmonding op een gemeentelijke kolk of op het hemelwaterriool vraagt toestemming en soms een aansluiting die de gemeente zelf laat maken. Blijkt daarbij dat je huisaansluiting sowieso aan vervanging toe is, dan is dat het moment om alles in één keer te doen. Wat daarbij komt kijken staat bij de andere klussen aan sanitair en loodgieterswerk.

De laatste is een structureel hoge grondwaterstand in de hele straat. Als het water bij droog weer al op een halve meter staat, is dit geen tuinprobleem meer maar een waterhuishoudingsvraag voor de gemeente of het waterschap. Draineren helpt dan hooguit tijdelijk, want je buis staat het grootste deel van het jaar onder water.

Verder lezen over dit onderwerp

In deze gids