Latei plaatsen boven een kozijn of deur
Een latei plaatsen valt uiteen in drie dingen die allemaal moeten kloppen: de juiste soort latei, het metselwerk erboven tijdelijk ondersteunen, en de latei zo opleggen dat hij de last echt overneemt. De meeste fouten ontstaan bij de keuze tussen een samenwerkende en een zelfdragende latei, want een platte betonlatei uit de bouwmarkt draagt in een bestaande muur vrijwel niets. Gaat het om een dragende muur, dan is een berekening geen formaliteit maar de basis van de klus.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Twee tot vier verstelbare stempels of schoren met stelplaten
- Naaldbalk of stevige houten balk om door de muur te steken
- Gevelklemmen bij een buitenblad dat je van bovenaf moet opvangen
- Haakse slijper met diamantschijf en stofafzuiging
- Breekhamer met puntbeitel en platte beitel
- Waterpas van 60 en van 120 cm, plus een rei
- Metselkuip, troffel, voegspijker en een aandruklat voor het ondersabelen
- Stofmasker P3, veiligheidsbril, gehoorbescherming en handschoenen
Materiaal
- Latei op maat: prefab beton, verzinkte stalen hoeklijn of een stalen ligger
- Metselspecie of krimpvrije mortel voor de oplegging
- Ondersabelingsmortel voor de kier tussen latei en bestaand metselwerk
- Kunststof stelplaatjes van 2 tot 10 mm
- Bouwvilt of een strook DPC, afhankelijk van de situatie
- Loodslab of spouwfolie bij een spouwmuur
- Stenen of blokken om de sparingen weer dicht te metselen
- Wapeningsgaas en stucmortel voor de afwerking binnen
Wat een latei doet en wanneer je er een nodig hebt
Een latei overspant een opening in een muur en draagt het metselwerk erboven af naar links en rechts. Zonder die overspanning zakt het werk boven een raam of deur langzaam uit, met scheuren en klemmende kozijnen als gevolg. Hoe zo'n wand verder is opgebouwd en wordt afgewerkt, staat in ons overzicht over gipsplaat en het werk aan wanden.
Niet elke opening vraagt om een latei. In huizen van voor ongeveer 1930 dragen de kozijnen vaak zelf, met een rollaag of een gemetselde boog erboven die de kracht naar de zijkanten leidt. Haal je zo'n kozijn eruit zonder iets terug te zetten, dan valt de last op niets. Bij een deuropening van een meter in baksteen, met aan weerszijden ruim vijftig centimeter aansluitend metselwerk, kan een goed gezette rollaag het werk op zich nemen. Zodra er vloerbalken, een muurplaat of een tweede opening boven zitten, verandert dat beeld.
Kijk daarom altijd eerst wat er precies op het stuk muur boven de opening rust. Een enkele halfsteens tuinmuur is iets heel anders dan een steensmuur waar de zolderbalklaag en de kap op landen. Dat verschil bepaalt de soort latei, de maat en de manier waarop je de boel stut.
| Situatie | Wat er meestal nodig is | Waar je op let |
|---|---|---|
| Nieuw raam in een halfsteens schuurmuur | Platte betonlatei of verzinkte hoeklijn | Controleer of er dakbalken of een muurplaat op dat stuk rusten |
| Bestaand kozijn vervangen, buitenmuur met spouw | Verzinkte stalen latei in het buitenblad, betonlatei in het binnenblad | Spouwwater moet boven de latei naar buiten kunnen |
| Binnendeur breder maken in een niet-dragende wand | Zelfdragende betonlatei of stalen hoeklijn | Ook een niet-dragende wand draagt zijn eigen gewicht |
| Opening in een draagmuur tot ongeveer 1,5 meter | Zelfdragende latei volgens opgave van een constructeur | Opleglengte en oplegdruk laten narekenen |
| Opening in een draagmuur breder dan 2 meter | Stalen ligger, meestal een HEA- of IPE-profiel | Berekening, vergunning en vaak nieuwe oplegpunten |
| Oud kozijn met toog dat zelf draagt | Toog laten zitten of een latei achter de toog plaatsen | Een toog weghalen kost het karakter van de gevel |
Twijfel je of de muur draagt? Kijk waar de vloerbalken op liggen en of de wand doorloopt tot in de fundering. Kloppen op de wand zegt weinig: een steensmuur van kalkzandsteen klinkt massief maar hoeft niet te dragen, en een dunne wand kan wel degelijk een balklaag opvangen. Weet je het niet zeker, laat het dan beoordelen voordat je een steen aanraakt.
Samenwerkende latei of zelfdragende latei
Hier gaat het bij zelfbouw het vaakst mis. Een platte betonlatei van zestig millimeter hoog die je bij de bouwmarkt haalt, is bijna altijd een samenwerkende latei. Zo'n latei is niet gemaakt om alleen te dragen: hij vangt de trekkrachten op en werkt samen met het verse metselwerk dat je erop metselt. De vuistregel uit de praktijk is dat er minimaal drie lagen gesloten metselwerk direct op zo'n latei moeten staan voordat hij zijn werk doet.
In een bestaande muur haal je die samenwerking nooit. Je schuift de latei onder metselwerk dat er al ligt, en de aansluiting daartussen bestaat uit een laagje mortel dat je van opzij inbrengt. Dat is geen constructieve verbinding. De latei kan dan langs de bovenkant lostrekken en je ziet binnen een jaar een horizontale scheur boven de opening verschijnen.
Een zelfdragende latei draagt wel op zichzelf. Je herkent hem aan de hoogte: zelfdragende betonlateien beginnen rond honderdtwintig millimeter en worden hoger naarmate de overspanning of de last toeneemt. Een verzinkte stalen hoeklijn of een stalen ligger is per definitie zelfdragend. In een bestaande muur is dat vrijwel altijd de richting waarin je moet zoeken.
| Type latei | Typische maat | Waar hij thuishoort | Aandachtspunt |
|---|---|---|---|
| Platte betonlatei, samenwerkend | 60 tot 100 mm hoog | Nieuwbouw, waar je er drie lagen vers op metselt | Draagt niet zelfstandig, dus niet in bestaand werk |
| Zelfdragende betonlatei | Vanaf 120 mm hoog, hoger bij grotere overspanning | Bestaande muren, binnen en buiten | Zwaar tillen, reken op twee man of een steekwagen |
| Voorgespannen betonlatei | Slank bij een flinke overspanning | Grotere openingen in dragend werk | Bovenkant en onderkant niet verwisselen, de wapening zit onderin |
| Verzinkte stalen hoeklijn | 80 of 100 mm hoge staander, 4 tot 8 mm dik | Buitenblad van een spouwmuur, onder een rollaag | De rollaag hoort op de hoeklijn te staan, niet ernaast |
| Stalen ligger, HEA of IPE | Op maat berekend | Draagmuren en brede openingen | Berekening nodig, en meestal ook een vergunning |
| Latei van roestvast staal | L-profiel van 4 tot 6 mm | Zichtwerk en agressieve buitenlucht | Duurder dan verzinkt en zelden nodig |
| Samengestelde houten latei | Twee of drie balken aan elkaar | Lichte binnenwanden zonder metselwerk erop | Geen steen of blokken op hout stapelen |
Weet je niet welke latei je in handen hebt? Meet de hoogte. Onder de honderd millimeter zit je vrijwel zeker met een samenwerkend type, en dan hoort er vers metselwerk op. Op de verpakking of in de productbladen van de leverancier staat het draagvermogen per overspanning, en dat is de enige plek waar je het echt kunt aflezen.
Lengte, oplegging en de maat van de sparing
De lengte van een latei is de dagmaat van de opening plus twee keer de oplegging. De oplegging is het stuk dat aan weerszijden op het metselwerk rust, en juist daar zit de last. Bij kleine openingen kom je in de praktijk uit op minstens honderd millimeter per kant, maar wat er werkelijk nodig is hangt af van het type latei, de overspanning en de steensoort. Bij een dragende situatie geeft de constructeur die maat op en is dat geen ruimte voor eigen interpretatie.
Reken de sparing iets ruimer dan de latei zelf, zodat je hem erin kunt schuiven en daarna kunt stellen. Aan de kopse kanten laat je een centimeter of twee vrij, en aan de bovenkant houd je ruimte voor de mortel waarmee je later ondersabelt. Bij een buitenmuur langs een lange gevel met dilatatievoegen metsel je de kopse kant niet strak in, zodat de latei kan bewegen.
Sta ook even stil bij wat er onder de latei komt. Draagt er straks een rollaag boven de opening op mee, dan bepaalt de lagenmaat van de stenen waar de latei precies komt te liggen. Dat uitzoeken voordat je gaat hakken scheelt een halve dag improviseren.
| Dagmaat opening | Oplegging per zijde (vuistregel) | Lengte latei | Opmerking |
|---|---|---|---|
| 70 cm | 10 cm | 90 cm | Standaardmaat, meestal uit voorraad leverbaar |
| 90 cm | 10 cm | 110 cm | Gangbare binnendeur met kozijn |
| 110 cm | 12,5 cm | 135 cm | Raamkozijn, halve steen extra per kant is netjes |
| 150 cm | 15 cm | 180 cm | Vanaf hier wordt de hoogte van de latei bepalend |
| 200 cm | 20 cm of meer | 240 cm | Laten narekenen, ook bij een niet-dragende wand |
| 250 cm en breder | Volgens berekening | Volgens berekening | Vrijwel altijd een stalen ligger in plaats van een latei |
Een latei mag nooit op het kozijn dragen. Staat het kozijn er al, leg dan kunststof stelplaatjes van een paar millimeter op de bovendorpel en houd daar een naad vrij. Draagt de latei op het hout of kunststof, dan krijg je een klemmend raam, een scheurende afwerking en op termijn een doorbuigende dorpel.
Het metselwerk stutten voordat je gaat hakken
Zodra je stenen weghaalt boven een opening, moet de last die daar hangt ergens anders naartoe. De werkwijze die in de praktijk het beste uitpakt is deze: hak eerst een gat boven de plek waar de latei komt, steek daar een naaldbalk doorheen en stempel die balk aan beide kanten van de muur af op de vloer. Pas als het metselwerk hangt, ga je de sparing uitslijpen en de latei plaatsen.
Bij een brede opening is één doorsteek te weinig. Verdeel de ondersteuning dan over twee of drie punten, zodat het metselwerk tussen de balken niet gaat scheuren onder eigen gewicht. Zet de stempels op een stevige ondergrond en niet op een dekvloer die zelf kan bezwijken, en leg er een verdeelplaat onder.
Bij een spouwmuur waar je in het buitenblad werkt, kun je in plaats van doorsteken met gevelklemmen werken. Die klemmen pakken het metselwerk vast en hangen aan schoren, zodat je een aantal lagen kunt verwijderen zonder dat de gevel meekomt. Dat is de methode die je nodig hebt als er meters metselwerk boven de opening staan, bijvoorbeeld een gevel die doorloopt tot in de kap.
Controleer voordat je begint of er vloerbalken of dakbalken op het stuk muur boven de opening liggen. Ligt daar een balklaag op, ondersteun die dan apart, en zaag nooit een doorgaande balk door bij het steunpunt om er een raveling van te maken.
Werken boven je hoofd met stempels en zwaar metselwerk is de plek waar het echt fout kan gaan. Werk nooit alleen, zet de ruimte af, en stop op het moment dat je iets hoort kraken of ziet bewegen. Een stempel die wegglijdt onder een halve gevel geeft geen tweede kans.
De latei opleggen: specie, stelplaatjes en ondersabelen
Een latei leg je in een laagje specie, niet droog op de steen. Dat laagje verdeelt de druk over de hele oplegging, en het geeft je de speling om de latei waterpas te stellen. Op kalkzandsteenblokken van 19 bij 19 centimeter werkt dat prettig, want met de dikte van de specielaag breng je de latei precies op lagenmaat.
De hechting tussen mortel en beton is beperkt en dat hoeft ook niet anders: het gewicht van de latei en het werk erboven houdt hem op zijn plaats. Wat je nooit gebruikt is kit, purschuim of lijm als oplegging. Dat zijn samendrukbare materialen, en een oplegging moet star zijn. Binnen kun je in plaats van specie ook bouwvilt gebruiken, buiten niet.
Na het plaatsen komt het onderdeel dat het vaakst wordt overgeslagen: de kier tussen de bovenkant van de latei en het bestaande metselwerk. Die vul je met ondersabelingsmortel of een krimpvrije mortel, stevig aangedrukt met een aandruklat, en je werkt daarbij van beide kanten naar het midden. Zolang die kier open staat draagt de latei helemaal niets en zakt de muur eerst een paar millimeter voordat er contact ontstaat. Precies die paar millimeter zie je later terug als scheur in het stucwerk.
Laat de mortel uitharden voordat je de stempels weghaalt. Een dag is bij normale binnentemperatuur meestal het minimum en bij kou heb je langer nodig. In onze tabel met droogtijden per materiaal zie je hoe lang mortel, stuc en afwerklagen daarna nodig hebben voordat je verder kunt.
Leg een dun laagje specie, plaats de latei en tik hem met een rubberen hamer op hoogte terwijl je met de waterpas meekijkt. Werk je met stelplaatjes, houd die dan minstens vijf centimeter uit de kopse kant, anders spat de hoek van de steen eronder weg als de last erop komt.
Een stalen latei plaatsen in een buitenmuur
In het buitenblad van een spouwmuur werk je vrijwel altijd met een verzinkte stalen hoeklijn. Die is licht genoeg om er in een bestaande muur mee te manoeuvreren en hij verdwijnt achter de rollaag of de eerste laag stenen. Roestvast staal kan ook, maar dat is voor gewoon metselwerk zelden nodig.
De rollaag hoort bovenop de hoeklijn te staan, niet ernaast en zeker niet eronder. Kom je met de lagenmaat niet uit, dan is er de verleiding om een sleuf in de rollaag te zagen zodat de latei er precies invalt. Doe dat niet: je zaagt de stenen door op het punt waar de kracht zit, en de eerste winter met vorst zorgt daarna voor afspattend metselwerk. De nette oplossingen zijn de voegdikte over een paar lagen aanpassen, twee stenen op maat zagen zodat je in de laag uitkomt, of de latei een laag hoger leggen en de rollaag met rollaagbeugels ophangen. Die laatste manier wordt ook bewust toegepast als er geen staal in het zicht mag komen.
Werk je aan het buitenblad omdat er een nieuw kozijn in moet, houd dan de volgorde aan waarbij de latei er ligt voordat het kozijn erin gaat. Dat geldt net zo goed bij het plaatsen van kunststof kozijnen, waar de bovendorpel vrij moet blijven van de latei.
Water uit de spouw boven de latei afvoeren
Boven een latei in een spouwmuur hoort een loodslab of een spouwfolie die het water dat langs het buitenblad naar beneden loopt naar buiten leidt. Die slab slijp je in het binnenblad in, laat je in de spouw afhangen en leg je drie tot vier centimeter over de latei heen. Lood verwerk je in stukken van maximaal een meter met ongeveer vijf centimeter overlap, omdat langere stukken door uitzetting scheuren. Daarboven laat je een paar open stootvoegen zitten, anders staat het water alsnog stil.
Haal je bij het slopen oud lood weg, plan dan meteen hoe de nieuwe slab erin komt. Zit de latei eenmaal tegen het binnenblad aan, dan is er geen ruimte meer en moet je het werk opnieuw openhalen om het alsnog goed te doen.
Glijfolie, DPC en wat je wanneer gebruikt
Glijfolie onder de oplegging van een latei heeft alleen zin in combinatie met een dilatatie, waar de latei ten opzichte van het metselwerk moet kunnen bewegen. Bij een gewone opening in een schuurmuur of een woningwand laat je het weg, want dan verlies je alleen wrijving zonder er iets voor terug te krijgen. DPC-folie is geen glijfolie: dat is een vochtkerende laag met een andere functie, ook al ligt hij op vergelijkbare plekken.
Een latei plaatsen in een binnenmuur
Binnen speelt vocht geen rol en valt het lood- en spouwwerk weg, maar de constructieve kant blijft hetzelfde. Bij een binnenmuur van kalkzandsteen, gipsblokken of snelbouwsteen wil je een latei die op zichzelf draagt, want je metselt er in bestaand werk nooit drie verse lagen op. Bij lichte wanden van gipsblokken is de last beperkt, maar ook daar draagt het blokwerk boven de opening zijn eigen gewicht en zakt het zonder overspanning uit.
Een stalen hoeklijn is binnen makkelijker te hanteren dan beton, want je tilt hem in je eentje op zijn plaats. Het nadeel zit in de afwerking: staal krijg je minder eenvoudig strak in het stucwerk dan een betonnen latei met een ruw oppervlak. Werk je toch met staal, breng dan wapeningsgaas aan over de overgang tussen staal en steen, anders komt er precies op die lijn een scheur terug.
Kies je voor een lichte wand in plaats van steen, dan verandert de klus. Boven een deuropening in een metalstud- of houtskeletwand zit geen latei maar een verstevigde regel, en dat is een ander verhaal dat bij het plaatsen van een tussenwand hoort. Werk je de opening af met plaatmateriaal, dan bepaalt de dikte van de gipsplaat mede hoe stevig het geheel aanvoelt.
Moet je een stalen ligger of een forse latei wegwerken, dan is een regelwerk met beplating vaak netter dan stucwerk direct op het staal. Hoe je zo'n frame opzet lees je bij regelwerk voor gipsplaten aan het plafond, en de naadafwerking komt aan bod bij gipsplaten afwerken.
Een latei in een draagmuur: waar de grens ligt
Een draagmuur openbreken is geen zwaardere versie van dezelfde klus, het is een andere klus. Zodra er vloeren, balklagen of de kap op de muur landen, bepaalt een berekening welk profiel erin komt, hoe lang de oplegging is en of het metselwerk onder de oplegpunten die puntlast wel aankan. Bij openingen van tweeënhalve tot drie meter kom je in de regel uit op een stalen ligger in plaats van een betonlatei, en dan hoort er ook een oplegconstructie onder met een stalen plaat of een gemetselde poer.
Ook de tijdelijke ondersteuning hoort in die berekening thuis. Bij een brede opening in een dragende wand stut je op meerdere punten en aan beide zijden van de muur, en de vraag hoeveel stempels dat zijn is dezelfde vraag als hoeveel last er hangt. Dat is precies het deel dat je niet op gevoel doet.
Vergunningtechnisch is het simpel: het wijzigen van een dragende constructie is vergunningplichtig, ook in een koopwoning. Bij een appartement komt daar toestemming van de vereniging van eigenaars bij. Zelf slopen en zelf afwerken mag daarna prima, veel mensen laten alleen het stempelen en het inbrengen van de ligger door een aannemer doen. Andere klussen aan wanden en plafond pak je gerust zelf op, maar hier is de volgorde eerst rekenen, dan slopen.
Wat het plaatsen van een latei kost
De kosten lopen sterk uiteen, want het verschil tussen een platte betonlatei van een meter en een stalen ligger met berekening is een factor tien of meer. Doe je het zelf, dan betaal je vooral voor de latei, wat mortel en de huur van stempels. Laat je het doen, dan zit de rekening vooral in arbeid en in het stutten.
De onderstaande bedragen zijn een indicatie voor een gewone opening in een woning. Prijzen verschillen per leverancier en per regio, en een latei op maat in roestvast staal of een profiel met een grote overspanning valt hier ruim buiten. Vraag bij twijfel twee offertes op en let erop of het stutten, het afvoeren van puin en het dichtmetselen erin zitten.
De post die mensen bijna altijd vergeten is de afwerking. Nadat de latei erin ligt moet de opening dicht, moet het stucwerk terug en zit er vaak schilderwerk aan vast. Reken bij een binnenopening op nog eens vijftig tot honderdvijftig euro aan blokken, stucmortel, gaasstroken en verf. Buiten komen daar de stenen voor de rollaag en het lood bij, en die kunnen prijzig zijn als je gevelstenen moet zoeken die kleuren bij bestaand metselwerk.
Verder scheelt de bereikbaarheid meer dan je verwacht. Een opening op de begane grond met een lege ruimte eronder is een dag werk, terwijl dezelfde klus op een verdieping met een steiger ervoor al gauw twee dagen kost.
| Onderdeel | Indicatie | Toelichting |
|---|---|---|
| Platte betonlatei tot 1,5 m | 20 tot 50 euro | Alleen bruikbaar met vers metselwerk erop |
| Zelfdragende betonlatei 1 tot 2 m | 60 tot 160 euro | Prijs loopt op met hoogte en overspanning |
| Verzinkte stalen hoeklijn | 30 tot 80 euro per meter | Afhankelijk van dikte en profielhoogte |
| Stalen ligger op maat, HEA of IPE | 200 tot 600 euro | Inclusief zagen, boren en verzinken of coaten |
| Constructieberekening | 250 tot 600 euro | Nodig bij elke ingreep in dragend werk |
| Stempels huren | 5 tot 15 euro per stuk per dag | Reken op minimaal twee, bij brede openingen meer |
| Mortel, lood en klein materiaal | 30 tot 90 euro | Ondersabelingsmortel en loodslab zijn de grootste posten |
| Vakman, latei boven een kozijn plaatsen | 400 tot 900 euro per opening | Inclusief stutten en dichtmetselen, exclusief afwerking |
| Vakman, draagmuur met stalen ligger | 1500 tot 4000 euro | Sterk afhankelijk van overspanning en bereikbaarheid |
Bestel de latei ruim voordat je gaat slopen. Een zelfdragende latei of een profiel op maat heeft bij veel leveranciers een levertijd van een week of langer, en een opening die opengestempeld staat te wachten is geen prettige situatie in huis.
Zo plaats je een latei in een bestaande muur
Deze volgorde geldt voor een opening in een niet-dragende of licht belaste muur; bij dragend werk komt er eerst een berekening bij.
-
Bepaal wat er boven de opening hangt
Zoek uit of er vloerbalken, een muurplaat of een tweede opening op het stuk muur boven de latei rusten, en hoeveel meter metselwerk erboven staat. Draagt de muur mee aan de constructie, dan stopt het hier en laat je eerst rekenen. Deze stap bepaalt de soort latei, de maat en het aantal stempels.
-
Kies de latei en bestel hem op maat
Neem in bestaand werk een zelfdragende latei, want een samenwerkend type krijgt de hechting met het metselwerk erboven niet meer. Bereken de lengte als dagmaat plus twee keer de oplegging. Meet ook de beschikbare diepte in de muur, want in een spouwmuur ligt er soms al een betonbalk die minder ruimte overlaat dan je denkt.
-
Stut het metselwerk boven de opening
Hak een gat boven de plek van de latei, steek er een naaldbalk doorheen en stempel die aan beide zijden van de muur af op een verdeelplaat. Bij een brede opening doe je dat op twee of drie punten. Werk je in het buitenblad van een gevel, dan vangen gevelklemmen aan schoren het metselwerk op.
-
Slijp en hak de sparing uit
Zaag de contour eerst in met een diamantschijf en afzuiging, en breek daarna het metselwerk eruit met de beitel. Zo houd je de randen recht en scheur je de omliggende voegen niet open. Maak de sparing enkele centimeters ruimer dan de latei, zodat je hem erin krijgt zonder te wringen, en houd de oplegvlakken schoon en stofvrij.
-
Leg de latei in de specie en stel hem waterpas
Breng een laagje specie of krimpvrije mortel aan op beide oplegvlakken en schuif de latei erin. Tik hem met een rubberen hamer op hoogte en controleer met de waterpas in de lengte en in de breedte. Staat het kozijn er al, leg dan stelplaatjes op de bovendorpel zodat de latei het kozijn niet raakt.
-
Ondersabel de kier boven de latei
Vul de ruimte tussen de bovenkant van de latei en het bestaande metselwerk met ondersabelingsmortel of krimpvrije mortel. Druk die stevig aan met een lat en werk van beide zijden naar het midden, zodat er geen holte achterblijft. Zonder deze stap draagt de latei pas nadat de muur een stukje gezakt is, en dat zie je terug als scheur.
-
Metsel de sparingen dicht en laat het uitharden
Metsel de doorsteekgaten en de kopse kanten dicht met dezelfde steensoort. Laat de mortel daarna uitharden voordat je de stempels wegneemt, minstens een etmaal bij kamertemperatuur en langer als het koud is. Haal de stempels rustig weg en kijk of er ergens iets beweegt voordat je alles opruimt.
-
Werk de opening af
Buiten breng je de loodslab of spouwfolie aan boven de latei en houd je open stootvoegen vrij, daarna komt de rollaag of het metselwerk terug. Binnen zet je wapeningsgaas over de overgang tussen latei en steen voordat je gaat stucen. Pas als dat droog is gaat het kozijn of de deur erin en kun je aftimmeren.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de stempels weghaalt
Uit de praktijk
Een bouwmarktlatei boven een binnendeur die niet kon dragen
Bij een verbouwing was het kozijn tussen hal en woonkamer eruit gehaald en het metselwerk erboven weggebroken tot aan het plafond, omdat er een stalen taatsdeur tot plafondhoogte in moest. Boven de opening kwam een schoonwerk betonlatei van een meter twintig uit de bouwmarkt. Bij het opzoeken van het draagvermogen bleek het een samenwerkende latei te zijn.
Het probleem zat in wat erop moest komen. Slechts de helft van de latei kon vers worden dichtgemetseld met kalkzandsteenblokken, de andere helft viel onder bestaand metselwerk dat er al lag. Drie lagen gesloten vers werk op de hele lengte was dus onmogelijk, en daarmee kwam de latei nooit tot dragen. Ook het idee om er een samengestelde houten latei van honderdtien millimeter voor in de plaats te zetten en daar driehonderdzestig kilo blokwerk op te metselen hield geen stand.
Wat hier overbleef waren twee werkbare routes: een zelfdragende latei of een stalen ligger die in dezelfde laag als de houten balklaag kwam te liggen, of het gat op de verdieping lichter dichtzetten met een houten frame met plaatmateriaal in plaats van met steen. Die tweede route werd het, en daarmee verdween de zware last boven de opening.
Uitgezakt metselwerk boven een raam uit 1962
Bij een woning uit 1962 moest een verrot kozijn vervangen worden en bleek het metselwerk erboven uitgezakt. Er zat wel een betonbalk in het binnenblad, maar in het buitenblad hing bijna vier meter metselwerk boven het raam, doorlopend tot in de kap. Het metselwerk werd opgevangen met gevelklemmen en schoren, waarna een paar lagen eruit konden en er een verzinkte stalen latei in ging.
De oorzaak van het losse werk was niet alleen het uitzakken. Er lag een staaf betonijzer ingemetseld die was gaan roesten, en roestend staal zet uit en drukt de specie eruit. Die staaf zat er nog voordat het werk werd opengehaald, dus die kon meteen mee.
Er ging ook iets mis. In de oude betonbalk zat een stukje lood dat bij het plaatsen van de latei verwijderd moest worden, en voor een nieuwe lateislab was daarna nauwelijks ruimte omdat de betonbalk tot bijna aan het buitenblad doorliep. Met een paar lagen meer weghalen had de slab in het binnenblad ingeslepen kunnen worden en netjes over de latei kunnen vallen. De les daaruit is helder: bedenk de waterafvoer voordat de latei erin ligt, niet erna.
Een trekbandlatei in een bestaande binnenmuur
In een binnenmuur was boven een kozijn een sparing gehakt en daar werd een dunne, licht gewapende latei ingeschoven van het type dat vooral trekkrachten opvangt. De keuze was ingegeven door de afwerking: zo'n latei laat zich prettiger stucen dan beton of staal. De vraag was of het metselwerk erboven daarmee wel goed werd opgevangen, want het was eerder al verzakt.
Dit type latei werkt alleen als het samen kan werken met het metselwerk erop, en die samenwerking krijg je in een bestaande muur niet voor elkaar. De latei komt dan onder werk te liggen dat er al ligt, gaat langs de bovenkant lostrekken en de scheur komt terug op precies dezelfde plek. Een zelfdragende latei was hier de goede keuze, met wapeningsgaas over de overgang naar het metselwerk om het stucwerk mooi te houden.
Een schuurraam hoger maken in een halfsteens muur
In een schuur met een halfsteens muur moest een betonnen raamkozijn plaatsmaken voor kunststof, en het raam mocht meteen twee lagen hoger. Het oude betonnen kozijn droeg zichzelf, dus er zat helemaal geen latei in de muur. Boven het kozijn stond nog een lange vijftien lagen metselwerk.
De volgorde die hier werkte was tegendraads voor het gevoel: eerst de laag stenen weghalen waar de latei komt, de latei plaatsen en laten aanharden, en pas daarna de lagen eronder en het oude kozijn eruit halen. Zo hangt het metselwerk erboven nooit los. Wel werden eerst de dakbalken gecontroleerd, want als daar een balk op de muur landt boven de opening, ondersteun je die apart.
Over glijfolie tussen latei en metselwerk werd lang getwijfeld. Dat is bij deze situatie niet nodig: glijfolie hoort bij een dilatatie, en die zat er niet. Het is bovendien iets anders dan DPC-folie, ook al liggen ze allebei bij dezelfde groothandel op de plank.
Veelgemaakte fouten
Een samenwerkende latei gebruiken in een bestaande muur
De platte betonlatei uit het schap is de goedkoopste en meest verkochte, en juist die draagt niet zelfstandig. Hij heeft drie lagen vers gesloten metselwerk nodig om zijn werk te doen. Onder bestaand metselwerk geschoven blijft hij een sierbalk die uiteindelijk langs de bovenkant lostrekt.
De kier boven de latei niet ondersabelen
De latei ligt erin, alles ziet er strak uit, en de opening tussen latei en muur wordt vergeten of alleen oppervlakkig dichtgesmeerd. De muur moet dan eerst een paar millimeter zakken voordat er contact is. Die beweging is precies wat je in het stucwerk terugziet en wat een kozijn laat klemmen.
De latei op het kozijn laten dragen
Een kozijn dat de bovendorpel tegen de latei aan heeft staan, gaat de last mee dragen. Hout buigt door, kunststof vervormt, en het raam of de deur gaat slepen. Leg stelplaatjes op de dorpel en houd een naad vrij, zodat de latei zijn last echt naar de zijkanten afvoert.
Kit of purschuim gebruiken als oplegging
Het lijkt praktisch om de latei op een streng kit of een laag pur te stellen omdat het makkelijk vlak te krijgen is. Beide zijn samendrukbaar en een oplegging moet star zijn. Gebruik specie of krimpvrije mortel, en binnen eventueel bouwvilt.
Een sleuf in de rollaag zagen zodat de latei past
Als de lagenmaat niet uitkomt is de reflex om ruimte te zagen in de stenen van de rollaag. Daarmee snijd je de rollaag door op de plek waar de kracht loopt, en de zaagsnedes trekken water dat bij vorst het metselwerk laat afspatten. Pas liever de voegdikte aan, zaag twee stenen op maat of hang de rollaag op met beugels.
De loodslab in een spouwmuur weglaten
Water dat langs de binnenzijde van het buitenblad naar beneden loopt moet boven de latei naar buiten. Zonder slab en open stootvoegen loopt het over de latei het binnenblad in, met vochtplekken boven het kozijn als gevolg. Herstellen betekent het metselwerk opnieuw openhalen.
De stempels te vroeg weghalen
Mortel die er hard uitziet is nog niet op sterkte, zeker niet bij lage temperaturen. Neem je de ondersteuning te snel weg, dan zakt de oplegging in en beweegt de hele partij metselwerk mee. Geef het minstens een etmaal, en bij kou meer.
Een doorgaande balk doorzagen om te ravelen
Om een latei ergens langs te krijgen wordt weleens een vloerbalk bij het steunpunt doorgezaagd en opgevangen in een raveling. Bij een balk die doorloopt over de muur haal je daarmee een steunpunt uit de constructie in plaats van er een toe te voegen. Voor een raveling gebruik je altijd dezelfde balkmaat als de balklaag zelf.
Veelgestelde vragen
Kun je zelf een latei plaatsen?
In een niet-dragende muur of een lichte buitenmuur is zelf een latei plaatsen goed te doen als je kunt metselen en met een slijptol overweg kunt. Je hebt wel stempels nodig en een tweede persoon, want een zelfdragende betonlatei van anderhalve meter weegt al gauw meer dan je in je eentje op hoogte houdt. In een draagmuur begint het werk bij een berekening en niet bij het gereedschap.
Hoe plaats je een latei in een bestaande muur?
De werkvolgorde is stutten, uithakken, plaatsen en ondersabelen. Je hakt eerst een gat boven de plek van de latei, steekt daar een naaldbalk doorheen en stempelt die aan beide kanten van de muur af. Daarna slijp je de sparing uit, leg je de latei in een laagje specie en stel je hem waterpas. De kier tussen latei en bestaand metselwerk vul je met krimpvrije mortel, en pas als die is uitgehard haal je de stempels weg.
Wat kost het plaatsen van een latei boven een kozijn?
Doe je het zelf, dan blijft het meestal onder de tweehonderd euro: de latei kost tussen de dertig en honderdzestig euro, en daar komen mortel, stempelhuur en klein materiaal bij. Laat je het uitvoeren, dan ligt een gewone opening met stutten en dichtmetselen ergens tussen vierhonderd en negenhonderd euro. Zit er een draagmuur en een stalen ligger in het spel, dan lopen de kosten met berekening en vergunning al snel op tot enkele duizenden euro's.
Hoe plaats je een stalen latei boven een kozijn?
Een stalen latei, meestal een verzinkte hoeklijn, leg je net als beton in een laagje specie op beide oplegvlakken. Vastzetten met schroeven of ankers in de muur is niet nodig, het gewicht van het metselwerk erboven houdt hem op zijn plaats. Zorg dat de rollaag of de eerste laag stenen bovenop het staande been van de hoeklijn komt te staan, en dat de opleglengte aan beide kanten voldoende is. Boven het kozijn houd je een vrije naad zodat de latei het kozijn niet raakt.
Hoe lang moet een latei zijn ten opzichte van de opening?
De lengte is de dagmaat plus twee keer de oplegging. Bij kleine openingen wordt in de praktijk minstens tien centimeter per kant aangehouden, en bij een kozijn van honderdtien centimeter kom je met een latei van honderdvijfendertig centimeter netjes uit. Naarmate de overspanning en de last toenemen, wordt de benodigde opleglengte groter. Bij een dragende situatie neem je de maat over van de constructeur of van het productblad van de leverancier.
Moet een betonnen latei in de specie of koud worden opgelegd?
Leg hem altijd in een laagje specie. Dat is niet voor de hechting, want mortel hecht nauwelijks aan prefab beton, maar om de druk gelijkmatig over de hele oplegging te verdelen. In verse specie kun je de latei ook nog corrigeren en waterpas leggen, en breng je hem precies op lagenmaat. Kit, lijm of purschuim zijn hiervoor ongeschikt omdat een oplegging star moet zijn.
Heb ik glijfolie nodig onder de latei?
Meestal niet. Glijfolie is bedoeld om de latei ten opzichte van het metselwerk te laten bewegen en heeft alleen zin in combinatie met een dilatatie. Bij een gewone opening in een woning of schuur laat je het achterwege. Let op dat DPC-folie iets anders is dan glijfolie: DPC is vochtkerend en wordt op andere plekken toegepast, bijvoorbeeld boven de latei in een spouwmuur.
Mag je zelf een latei plaatsen in een draagmuur?
Het uitvoerende werk mag je zelf doen, maar het ontwerp niet. Het wijzigen van een dragende constructie is vergunningplichtig en vraagt een berekening van een constructeur, waarin het profiel, de opleglengte en de oplegpunten staan. Bij een appartement heb je bovendien toestemming van de vereniging van eigenaars nodig. Een veelgekozen tussenweg is een aannemer laten stempelen en de ligger laten inbrengen, en zelf slopen en afwerken.
Wat is het verschil tussen een samenwerkende en een zelfdragende latei?
Een samenwerkende latei vangt vooral de trekkrachten op en heeft minimaal drie lagen gesloten metselwerk nodig die er vers op gemetseld worden. Samen vormen latei en metselwerk dan de constructie. Een zelfdragende latei draagt de last in zijn eentje af naar de opleggingen en is daaraan te herkennen dat hij hoger is, meestal vanaf honderdtwintig millimeter. In bestaand werk kies je vrijwel altijd zelfdragend, omdat de samenwerking met bestaand metselwerk niet meer tot stand komt.
Hoe plaats je een latei boven een deur in een binnenmuur?
Boven een binnendeur werkt een zelfdragende betonlatei of een stalen hoeklijn het beste, opgelegd in specie op vol metselwerk aan weerszijden. Stut het werk erboven met een doorgestoken balk voordat je gaat hakken, ook als de wand niet draagt, want blokwerk draagt altijd zijn eigen gewicht. Werk de overgang tussen latei en steen af met wapeningsgaas voordat je stuct, anders komt daar een scheur terug in de afwerking.
Kan een rollaag een latei vervangen?
Bij een beperkte overspanning kan dat. Een goed gezette rollaag of gemetselde boog van baksteen leidt de kracht naar de zijkanten, mits er aan beide kanten van de opening voldoende aansluitend metselwerk staat om die zijdelingse kracht op te vangen. Bij een deuropening van ongeveer een meter met minstens een halve meter metselwerk ernaast is dat vaak genoeg. Hangt er een balklaag of een tweede opening boven, dan is de rollaag alleen te weinig.
Hoe zorg ik dat het metselwerk niet inzakt tijdens het plaatsen?
Je haalt nooit eerst het metselwerk onder de latei weg. De volgorde is precies andersom: eerst boven de plek van de latei een gat maken, daar een balk doorheen steken en die aan beide zijden onderstempelen, en pas daarna de sparing uithakken. Bij bredere openingen verdeel je die ondersteuning over twee of drie punten. Ligt er een vloerbalk of muurplaat op dat stuk muur, ondersteun die dan apart en zaag hem niet door.
Wanneer je beter een vakman belt
Voor een opening in een niet-dragende wand of een lichte buitenmuur van een schuur is dit werk dat je met wat ervaring zelf kunt doen. Er zijn een paar situaties waarin je beter een constructeur of aannemer inschakelt.
De eerste is elke ingreep in een dragende muur. Zodra vloeren, balklagen of de kap op de muur landen, moet er gerekend worden aan het profiel, de opleglengte en de puntlast onder de oplegpunten. Dat werk is ook vergunningplichtig, en in een appartement heb je toestemming van de vereniging van eigenaars nodig.
De tweede is een gevel waar meters metselwerk boven de opening staan en waar je met gevelklemmen en schoren moet werken. Dat is stempelwerk op hoogte met veel gewicht erboven, en dat leent zich slecht voor leren door te proberen.
De derde is een muur waar je twijfelt over de staat van het metselwerk zelf. Los werk, doorgeroest betonijzer of eerder uitgezakte lagen betekenen dat de oplegging misschien helemaal niet op vol werk komt te rusten. Laat dat beoordelen voordat je de latei erin legt, want een latei op slecht metselwerk verplaatst het probleem alleen maar.