Spachtelputz verven zonder witte puntjes in de structuur
Spachtelputz verf je met matte muurverf, een roller met lange vacht en een eerste laag die je met vijf tot tien procent water verdunt. De korrel maakt het oppervlak veel groter dan de vierkante meters die je meet, dus reken op anderhalf tot twee keer zoveel verf als op een gladde wand. De witte puntjes komen bijna altijd doordat de verf over de holtes is gerold in plaats van erin, of doordat de roller korrels uit de laag heeft getrokken.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Vachtroller van 18 tot 21 mm met beugel, plus een reserve
- Telescoopsteel voor plafond en hoge wanden
- Blokkwast van 5 cm voor hoeken en randen
- Verfemmer van 10 liter met een afstrijkrooster
- Roerspaan of mengspiraal op de boormachine
- Zachte bezem of stoffer om losse korrels af te nemen
- Stofzuiger met borstelmond
- Looplamp om met strijklicht te controleren
- Afplaktape en afdekfolie
- Trap of rolsteiger, geen ladder bij plafondwerk
Materiaal
- Matte muurverf op waterbasis
- Schoon water om te verdunnen
- Fixerende voorstrijk voor een krijtende ondergrond
- Isolerende primer bij nicotine, roet of vochtvlekken
- Ontvetter of allesreiniger
- Structuurpasta of spachtelputz voor het bijwerken van kale plekken
Waarom spachtelputz anders verft dan een gladde wand
Spachtelputz is een afwerklaag met korrel, en die korrel bepaalt alles aan de manier waarop je hem verft. Het hoort bij de afwerklagen die over stucwerk heen gaan: met een spaan dun opgezet en daarna met een kunststof schuurbord in structuur gezet. Tussen de korrels blijven holtes staan, en juist daar moet de verf in komen.
Het oppervlak dat je meet en het oppervlak dat je verft zijn hier niet hetzelfde. Elke korrel heeft een bovenkant, zijkanten en een schaduwzijde die de roller nauwelijks raakt. Reken daarom op anderhalf tot twee keer zoveel verf als op een vlakke muur.
De tweede eigenaardigheid is de roller zelf. Onverdunde muurverf is dik genoeg om over een holte heen te lopen zonder erin te zakken. Je krijgt dan een wand die er nat prima uitziet en die droog vol lichte stipjes staat.
Daarom gaat de eerste laag verdund op de wand en heb je een roller met lange vacht nodig in plaats van de standaardroller uit de bouwmarkt.
Bij granol en ander gespoten structuurwerk gaat het net zo, alleen ligt de korrel daar anders en is de diepte meestal kleiner. De aanpak hieronder werkt op beide.
| Structuur | Verbruik per laag | Roller | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|
| Gladde wand, ter vergelijking | 8 tot 10 m² per liter | Vacht van 10 tot 12 mm | Twee lagen dekken hier bijna altijd |
| Fijne korrel tot 1 mm | 6 tot 8 m² per liter | Vacht van 12 tot 14 mm | Verdun de eerste laag, anders blijft de verf op de toppen liggen |
| Korrel van 2 mm | 5 tot 6 m² per liter | Vacht van 18 mm | Rol de laatste haal over de hele baan in dezelfde richting |
| Grove korrel van 3 mm | 4 tot 5 m² per liter | Vacht van 18 tot 21 mm | Zet hoeken en randen eerst stippend voor met een blokkwast |
| Diepe spaanstructuur met scherpe randen | 3,5 tot 5 m² per liter | Vacht van 21 mm, of spuiten en narollen | Controleer met strijklicht of de holtes echt vol zitten |
Het verbruik op de verpakking geldt voor een gladde, nauwelijks zuigende wand. Meet je wandoppervlak, deel dat door het getal uit de tabel en tel er een halve liter bij op voor het kwastwerk in hoeken en langs plinten.
De wand beoordelen voordat je de eerste liter opent
Twee eigenschappen van de spachtelputz die er ligt bepalen de voorbehandeling: hoe vast de laag zit en hoeveel hij zuigt. Beide test je in een minuut, en het antwoord verandert wat je koopt.
Wrijf eerst met een donkere doek over de wand. Komt er wit poeder mee, dan krijt de laag en heb je een fixerende voorstrijk nodig. Verf op een krijtende laag hecht namelijk aan het losse poeder en niet aan de wand eronder.
Spuit daarna een streep water op de structuur. Trekt dat binnen een halve minuut weg, dan zuigt de ondergrond en verdun je de eerste laag ruimer. Blijven de druppels staan, dan is de laag kunstharsgebonden of al eerder geverfd.
Neem de wand daarna van boven naar beneden af met een zachte bezem en zuig na met een borstelmond. Wat nu meekomt, trekt de roller straks los, en elke losgetrokken korrel laat een wit putje achter.
Vet, nicotine en roet was je af met een ontvetter en spoel je na met schoon water. Blijft er een schaduw zichtbaar, dan is isoleren met een isolerende primer de enige route: gewone muurverf laat dit soort vlekken binnen een week weer doorkomen.
Lopen er haarscheuren door de structuur, dan zit de beweging in de ondergrond en komt de scheur na overschilderen gewoon terug. Overbrug hem dan met glasweefsel of glasband over de scheur, want dat houdt het wel.
| Wat je aantreft | Voorbehandeling | Wat je daarna verft | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|
| Verse spachtelputz op kunstharsbasis | Stof eraf nemen, verder niets | Matte muurverf, eerste laag verdund | Te vroeg verven sluit vocht in en geeft doffe plekken |
| Verse minerale pleister met kalk of cement | Weken laten uitharden en ondertussen ventileren | Silicaat- of siliconenharsverf | Een dampdichte laag hierop laat later plaatselijk los |
| Oude laag die krijt bij de doektest | Fixerende voorstrijk, verdund volgens de verpakking | Matte muurverf | Zonder fixeren komt de nieuwe verf met het poeder mee los |
| Al geverfd en nog goed hechtend | Ontvetten, afnemen en stofvrij maken | Dezelfde soort verf als er al op zit | Een vette wand geeft kraters en slechte hechting |
| Nicotine, roet of een opgedroogde vochtvlek | Reinigen en daarna isoleren met een isolerende primer | Matte muurverf over de isolatielaag | Alleen overschilderen laat de vlek terugkomen |
| Losse korrels en kale plekken | Afborstelen en bijwerken met dezelfde structuurpasta | Pas verven als de reparatie droog is | Verf over een kale plek blijft als een glad eiland zichtbaar |
| Haarscheuren door de structuur heen | Scheur openen en overbruggen, of glasweefsel aanbrengen | Muurverf over het weefsel | Dichtsmeren met verf houdt hooguit één seizoen |
| Poederige witte plekken die blijven terugkomen | Eerst uitzoeken waar het vocht vandaan komt | Nog even niets | Verf over zoutuitbloei wordt van onderaf omhooggedrukt |
Sierpleister en spuitwerk van voor 1994 kunnen asbest bevatten. Dat geldt vooral voor gespoten plafonds. Ga zo'n laag niet droog schuren, afkrabben of afborstelen, want dan komen de vezels vrij. Weet je niet wat erop zit, laat dan eerst een monster onderzoeken door een gecertificeerd bureau. Schoon en ongeschonden overschilderen mag doorgaans wel, bewerken niet.
Welke verf past op deze structuur
De keuze hangt af van het bindmiddel van de laag die er ligt. Een kunstharsgebonden spachtelputz, veruit het meest voorkomend binnenshuis, verf je met gewone matte muurverf op waterbasis.
Ligt er een minerale pleister op kalk- of cementbasis, dan houd je de wand dampopen met een silicaat- of siliconenharsverf. Een dichte laag op vers mineraal werk kan namelijk plaatselijk loslaten.
Kies mat, en niet bijna mat. Elke graad glans zet de structuur en elke rolbaan in het licht, en op een grof oppervlak wordt dat een onrustig vlak. Voor een plafond werkt spatvrije plafondverf prettig, omdat die minder van de roller af slingert als je boven je hoofd werkt.
In een keuken of badkamer wil je iets schrobvasts, en dan loop je tegen de beperking van de structuur aan: een grove korrel laat zich nooit echt schoon poetsen, want het vuil zit in de holtes. Wil je daar een af te nemen wand, dan is de structuur wegwerken een betere zet dan een duurdere verf, en dat lees je bij het verven van een gladde gestucte wand.
Ga je van wit naar een donkere kleur, vraag dan de eerste laag in een tussenkleur aan te maken. Twee lagen donkerblauw over wit laat in de dieptes altijd wit doorschemeren, en een derde laag kost je een halve dag extra. Het houtwerk in dezelfde ruimte volgt een andere opbouw: mdf-panelen en plinten hebben eerst een hechtprimer nodig, en voor het lakken van een trapleuning in het trapgat geldt weer een eigen volgorde.
Roller, kwast of spuit: wat er echt in de korrel komt
Op spachtelputz bepaalt het gereedschap meer dan het merk verf. Een vachtroller met lange polyamidevezels neemt veel verf op en laat die tussen de korrels los. Een schuimroller en een velourroller doen het tegenovergestelde: die geven de verf alleen aan de toppen af en laten de holtes leeg.
Werk met een emmer en een afstrijkrooster in plaats van een verfbak. Uit een bak kun je de roller niet vol genoeg maken voor dit werk, en halverwege bijvullen kost je een zichtbare aanzet.
Rol de roller vol, strijk hem één keer licht af en breng de verf in kruisende halen aan. Zet daarna geen kracht: de druk die je gebruikt om verf uit een bijna lege roller te persen, is precies de druk waarmee je korrels lostrekt.
Hoeken, de aansluiting op het plafond en de rand langs plinten doe je met een blokkwast, stippend en niet strijkend. Een strijkende kwast legt de verf over de korrel heen en laat een streep lichte puntjes achter die je later niet meer weg krijgt met de roller. Loop met dat kwastwerk hooguit één wand voor, zodat de rol nog nat in nat aansluit.
Spuiten met een airless vult de structuur het gelijkmatigst, maar alleen als je narolt. De verfnevel legt zich netjes over het hele vlak en zakt daarna niet vanzelf de holtes in. Rol dus direct achter de spuit aan met een droge vachtroller om de verf naar binnen te duwen.
Een nieuwe vachtroller laat de eerste meters vezels los. Wikkel er voor gebruik een keer afplaktape omheen en trek die eraf, of was hem uit en laat hem drogen.
Plafondwerk doe je niet vanaf een ladder. Met een roller aan een telescoopsteel duw je jezelf ongemerkt weg van de ladder, en juist die zijwaartse kracht doet een ladder omvallen. Zet een rolsteiger of een stevige werkbrug neer, ook als het maar één plafond is.
Muurverf verdunnen: hoeveel water en op welk moment
Verdunnen doe je bij spachtelputz niet om te besparen, maar om de verf in de holtes te krijgen. Water verlaagt de stroperigheid, waardoor de verf van de korrel af zakt en de diepte vult in plaats van er een dakje overheen te leggen. Op een zuigende of verse laag is vijf tot tien procent water in de eerste laag gebruikelijk, dus ongeveer een deciliter per liter verf.
Meer is niet beter. Boven de tien procent verdun je ook het bindmiddel, en dan krijg je een laag die minder dekt, sneller krijt en op de toppen anders glanst dan in de dieptes. Kijk wat de fabrikant op de bus als maximum aangeeft en blijf daaronder.
Meng de hele voorraad voor één wand in één keer in een emmer van tien liter. Verschillende bussen met verschillende hoeveelheden water geven zichtbaar verschil in glans en kleurdiepte, precies op de plek waar je bijvult. Roer een minuut door met een mengspiraal op een laag toerental en laat de emmer even staan zodat de luchtbellen eruit lopen.
De tweede laag moet vooral dekken. Die gaat onverdund op de wand of met hooguit vijf procent water erbij, want elke druppel extra kost dekkracht.
| Wanneer | Hoeveel water | Waarom |
|---|---|---|
| Eerste laag op verse of zuigende spachtelputz | 5 tot 10 procent | De verf moet in de holtes vloeien in plaats van over de korrels te lopen |
| Eerste laag op een wand die al geverfd is | 0 tot 5 procent | De ondergrond zuigt nauwelijks, dus extra water kost alleen dekking |
| Tweede laag | Onverdund tot 5 procent | Deze laag maakt de kleur dicht en heeft zijn volle bindmiddel nodig |
| Fixerende voorstrijk op een krijtende laag | Volgens de verpakking, vaak flink verdund | Verdund trekt hij de laag in en legt hij geen filmpje op het poeder |
| Spuiten met een airless | Meestal 0 tot 10 procent | Te dun geeft zakkers en verf die van de wand terugspat |
| Kwastwerk in hoeken en langs randen | Dezelfde verdunning als in de emmer | Twee verdunningen op één wand geven glansverschil langs de randen |
Schrijf op de emmer met een stift hoeveel water erin ging. Moet je halverwege bijmengen, dan kom je precies op dezelfde verhouding uit en zie je later geen baan waar de tweede emmer begon.
Waar de witte puntjes na het verven vandaan komen
Witte puntjes zijn de klacht die bij spachtelputz verven het vaakst opduikt, en ze hebben niet één oorzaak maar vier of vijf. Ze lijken op elkaar tot je er met een lamp langs schijnt.
Houd een looplamp vlak tegen de wand aan zodat het licht er schuin overheen strijkt. Zitten de stipjes in de diepte en steken ze niet uit, dan is de verf over de holtes gerold.
Steken ze juist uit en voelen ze scherp aan je nagel, dan heeft de roller korrels uit de laag getrokken en zie je de verse breuk. Komt er poeder op je vinger, dan gaat het om krijten of om zout dat door de wand naar buiten komt.
Voorkomen doe je met vier dingen tegelijk: verdun de eerste laag, houd de roller echt vol, zet geen druk en rol niet terug over verf die al aan het aantrekken is. Verdeel de verf kruislings over ongeveer een vierkante meter en trek daarna één keer rustig af in dezelfde richting.
Zijn de puntjes er al, dan is een derde laag over een verdunde tussenlaag meestal genoeg. Puntjes die uit uitgebroken korrels bestaan, werk je eerst bij met wat structuurpasta, want verf alleen vult zo'n putje niet.
| Wat je ziet | Waar het vandaan komt | Wat eraan helpt |
|---|---|---|
| Lichte stipjes diep in de structuur, vooral zichtbaar in strijklicht | De verf is over de holtes gerold en niet erin | Verdunnen, langere vacht, roller vol houden en niet drukken |
| Scherpe witte pitjes die uitsteken | Korrels die de roller uit de laag heeft getrokken | Losse korrels vooraf afborstelen en niet terugrollen over drogende verf |
| Een lichte waas over het hele vlak bij een donkere kleur | De witte ondergrond schijnt door in de dieptes | Een derde laag, of de eerste laag in een getinte kleur laten aanmaken |
| Witte streepjes langs plinten, kozijnen en in hoeken | De kwast heeft alleen de toppen van de korrel geraakt | Stippend voorzetten met een blokkwast in plaats van strijkend werken |
| Poederige plekken die na een paar dagen terugkomen | Zoutuitbloei door vocht dat door de wand trekt | Eerst de vochtbron aanpakken, verf houdt dit niet tegen |
| Melkachtige sluier over het hele vlak na drogen | De verf heeft bij te lage temperatuur geen gesloten film gevormd | Werken boven de minimumtemperatuur op de bus en de ruimte ventileren |
Beoordeel het werk nooit alleen bij daglicht van voren. Zet een looplamp op de grond, richt hem langs de wand omhoog en loop het vlak af. Wat je in dat strijklicht ziet, is precies wat je over een half jaar bij laagstaande zon ook ziet.
Wachttijden voor verse pleister en tussen twee lagen
Verse spachtelputz voelt na een dag hard aan, maar hard is niet droog. Zolang er nog vocht in de laag zit, sluit een verflaag dat op, en dat zie je terug als doffe plekken en later als verf die met stukjes pleister meekomt.
Bij een kunstharsgebonden laag is een tot twee dagen bij normale kamertemperatuur gebruikelijk. Een minerale pleister op kalk of cement moet daarnaast uitharden, en dat duurt weken.
Ventileer in die periode goed, maar zet geen ventilator recht op de wand. Een laag die aan de buitenkant sneller droogt dan vanbinnen scheurt of laat later los. Werk het liefst tussen de tien en vijfentwintig graden, en verf geen wand waar de zon vol op staat: dan trekt de verf zo snel aan dat elke aanzet zichtbaar blijft.
Tussen twee lagen muurverf houd je vier tot zes uur aan. Dat is voldoende om erop te kunnen werken, terwijl de laag nog lang niet volledig is uitgehard. Schrobvast wordt muurverf pas na twee tot vier weken, dus wacht met poetsen. Hoe dat per materiaal ligt, vind je in onze tabel met droogtijden per materiaal.
| Materiaal | Stofdroog | Verder werken | Volledig uitgehard |
|---|---|---|---|
| Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur |
| Muurverf op waterbasis | 30 tot 60 minuten | tweede laag na 4 tot 6 uur | 2 tot 4 weken |
| Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | schuren na 12 tot 24 uur | 24 tot 48 uur |
| Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken |
Als je eigenlijk van de structuur af wilt
Soms is verven niet wat iemand zoekt en gaat het erom dat de korrel verdwijnt. Dat kan, en er zijn drie routes met een heel verschillend prijskaartje in tijd.
De lichtste route is twee lagen stucpasta over de structuur heen trekken, tussendoor schuren en dan verven. Dat werkt bij een fijne korrel tot ongeveer een millimeter. Bij een diepe spaanstructuur krijg je op deze manier een golvend vlak, want de pasta zakt in elke holte weg.
De tweede route loopt via glasweefsel. Je plakt een renovatievlies over de wand, waarmee je de structuur en meteen ook bestaande haarscheuren afdekt. Daaroverheen gaat een dunne laag pasta of gewoon verf, afhankelijk van hoe glad je het wilt hebben.
De zwaarste route is de laag eraf halen en opnieuw laten stuken. Dat geeft het strakste resultaat en het meeste stof, en het is meestal werk voor een stukadoor. Welke afwerking daarbij hoort en wat dat betekent voor de rest van de ruimte, staat bij de gidsen over wanden en plafond.
Zo verf je een wand met spachtelputz
Deze volgorde werkt voor een gemiddelde kamerwand en met kleine aanpassingen ook voor een gestructureerd plafond.
-
Neem de structuur stofvrij en haal losse korrels weg
Ga van boven naar beneden over de wand met een zachte bezem en zuig na met een borstelmond. Elke korrel die nu meekomt, komt straks in je roller terecht en laat een wit putje achter. Op een plafond werk je met een mondkapje, want dit stof valt recht naar beneden.
-
Was vet en vlekken af en isoleer wat blijft schemeren
Neem de wand af met een ontvetter en spoel na met schoon water. Nicotine, roet en opgedroogde vochtvlekken laten zich niet wegwassen. Zet daar een isolerende primer op, anders komt de vlek binnen een week door twee lagen muurverf heen.
-
Zet een fixerende voorstrijk op alles wat krijt of zuigt
Wrijf met een donkere doek over de wand. Komt er poeder mee, dan gaat er eerst een fixerende voorstrijk overheen, verdund volgens de verpakking. Op een sterk zuigende laag geeft die voorstrijk je bovendien een gelijkmatiger dekking, omdat de verf niet plaatselijk wordt weggezogen.
-
Maak de verf voor de hele wand in één emmer aan
Giet de verf in een emmer van tien liter, voeg vijf tot tien procent water toe voor de eerste laag en roer een minuut door met een mengspiraal. Schrijf de hoeveelheid water op de emmer. Verschillende verdunningen op één wand zie je terug als glansverschil.
-
Zet hoeken en randen stippend voor met een blokkwast
Werk langs plafond, plinten en kozijnen met een blokkwast en dep de verf in de structuur in plaats van te strijken. Blijf hooguit één wand voorlopen op de roller, zodat het kwastwerk nog nat is als de rol erlangs komt. Anders tekent de rand zich af.
-
Rol de eerste laag aan en trek in één richting af
Maak de vachtroller vol, strijk hem één keer af op het rooster en verdeel de verf kruislings over ongeveer een vierkante meter. Trek het vlak daarna in één rustige haal in dezelfde richting af, zonder druk. De verf moet vanzelf in de holtes zakken, persen helpt niet en trekt korrels los.
-
Wacht vier tot zes uur en controleer met strijklicht
Laat de laag drogen en loop het vlak daarna af met een looplamp die schuin over de wand schijnt. Noteer waar je lichte stipjes ziet en of ze in de diepte zitten of juist uitsteken. Dat bepaalt of de tweede laag genoeg is of dat er eerst structuurpasta bij moet.
-
Breng de tweede laag onverdund aan
De tweede laag maakt de kleur dicht en gaat daarom onverdund op de wand, of met hooguit vijf procent water. Werk in dezelfde volgorde en dezelfde afrolrichting als de eerste laag. Bij een donkere kleur over een witte ondergrond hoort een derde laag er meestal gewoon bij.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de roller in de verf zet
Uit de praktijk
Lichte stipjes die pas zichtbaar zijn als de verf droog is
Een wand die nat egaal oogt en droog vol kleine lichte puntjes staat, is overgerold in plaats van volgerold. Onverdunde muurverf is stroperig genoeg om als een dakje over een holte te blijven staan.
Zolang de verf nat is en glimt, zie je dat niet, want het glansbeeld maskeert de dieptes. Bij het drogen trekt de film samen en scheurt hij open op precies die plekken.
Het onderscheid met uitgebroken korrels maak je met je nagel: deze puntjes liggen dieper dan de korrel en steken niet uit. Wat helpt is een tussenlaag met vijf tot tien procent water, aangebracht met een vachtroller van 18 mm of langer, zonder druk en met één afrolrichting.
Een derde onverdunde laag erover sluit het beeld. Nog een laag onverdunde verf zonder die tussenlaag doet niets, want die overbrugt dezelfde holtes opnieuw.
Scherpe witte pitjes die tijdens het rollen ontstaan
Witte puntjes met een verse, scherpe breuk komen niet uit de verf maar uit de pleister. De bovenste korrels van spachtelputz zitten maar aan één kant vast, en een roller die met kracht over een halfdroge laag terug wordt gehaald, trekt ze eruit.
Onder de korrel zit ongeverfd materiaal, dus je kijkt naar een verse breuk en niet naar een gemiste plek.
Twee dingen houden dit tegen. De losse korrels gaan er vooraf af met een zachte bezem, zodat de roller ze niet hoeft los te trekken. En de roller blijft vol: zodra je gaat persen om de laatste verf eruit te krijgen, loopt de kracht op de korrel op.
Zijn de pitjes er al, dan vul je ze met een dotje structuurpasta op een spons of een kwastpunt en verf je daarna over. Verf alleen vult zo'n putje niet, want er is materiaal weg.
Banen die na het drogen zichtbaar blijven staan
Zichtbare banen op een structuurwand ontstaan vrijwel altijd op de naad tussen twee rolgangen, en de oorzaak is dat de vorige gang al aan het aantrekken was. Muurverf op waterbasis is bij kamertemperatuur na een minuut of tien niet meer nat genoeg om vloeiend in te lopen.
Rol je er dan opnieuw overheen, dan neem je verf mee en laat je een dikteverschil achter dat in strijklicht als een streep zichtbaar blijft.
De remedie zit in de volgorde, niet in het product. Werk per baan van boven naar beneden over de volle wandhoogte, sluit steeds aan op de nog natte rand, en houd op met bijwerken zodra de glans uit de verf verdwijnt. Op een wand waar de zon op staat of bij een kachel die vol aan staat, hoort dit tempo nog een slag hoger te liggen.
Veelgemaakte fouten
Met een schuim- of velourroller werken
Deze rollers zijn gemaakt voor gladde vlakken en geven hun verf alleen aan de hoogste punten af. Op een structuur betekent dat een wand die er van veraf geverfd uitziet en van dichtbij vol lichte holtes zit. Voor deze structuur heb je een vachtroller van 18 mm of langer nodig.
Druk zetten op de roller
Persen om de laatste verf eruit te krijgen doet twee dingen tegelijk: het perst de verf over de holtes heen en het trekt korrels uit de laag. Maak de roller vaker vol in plaats van harder te duwen. Dat kost een paar minuten extra en scheelt een derde verflaag.
De eerste laag onverdund aanbrengen
Op een zuigende structuur is onverdunde muurverf te stroperig om in de dieptes te zakken. Het resultaat is een laag die op de korrels ligt en waaronder holtes leeg blijven. Vijf tot tien procent water in de eerste laag lost dat op zonder dat je dekking inlevert, want de tweede laag gaat wel onverdund op de wand.
Meer water erbij dan de fabrikant toestaat
Boven de tien procent verdun je het bindmiddel mee. De verf dekt dan slechter, krijt eerder en laat op de toppen een ander glansbeeld zien dan in de dieptes. Wie na twee te dunne lagen nog steeds de ondergrond ziet, is per saldo duurder uit dan met één goed aangemaakte laag.
Terugrollen over verf die al aantrekt
Muurverf op waterbasis vloeit maar korte tijd in. Bijwerken van een plekje in een baan die tien minuten oud is, laat een dikteverschil achter en trekt korrels los. Zie je een missertje, laat het staan en neem het mee in de volgende laag.
Het resultaat beoordelen bij recht invallend licht
Van voren belicht ziet een structuurwand er bijna altijd goed uit, want de holtes liggen in de schaduw van hun eigen korrel. Pas met een lamp die schuin langs de wand schijnt, zie je wat er werkelijk gebeurd is. Doe die controle na de eerste laag, dan kun je nog bijsturen.
Overschilderen van een wand die krijt
De doektest kost tien seconden en wordt bijna altijd overgeslagen. Verf hecht aan het losse poeder en niet aan de laag daaronder, dus een halfjaar later komt het geheel er in vellen af. Op een krijtende structuur hoort eerst een fixerende voorstrijk.
Veelgestelde vragen
Kun je spachtelputz zomaar overschilderen?
Ja, mits de laag vast zit en niet krijt. Wrijf met een donkere doek over de wand: komt er wit poeder mee, dan gaat er eerst een fixerende voorstrijk overheen. Verder haal je losse korrels weg met een zachte bezem en was je vet en nicotine af. Daarna is het gewone matte muurverf, met een verdunde eerste laag en een roller met lange vacht.
Hoeveel moet je de verf verdunnen bij spachtelputz verven?
Voor de eerste laag op een verse of zuigende structuur is vijf tot tien procent water gebruikelijk, dus ongeveer een deciliter per liter verf. De tweede laag gaat onverdund op de wand of met hooguit vijf procent, omdat die de kleur dicht moet maken. Ga niet boven het maximum dat de fabrikant op de bus zet: dan verdun je het bindmiddel mee en krijg je een laag die slechter dekt en eerder krijt.
Waar komen die witte puntjes vandaan na het verven van spachtelputz?
Er zijn twee hoofdoorzaken en je onderscheidt ze met je nagel en met strijklicht. Zitten de puntjes dieper dan de korrel en steken ze niet uit, dan is de verf over de holtes gerold: verdun de volgende laag en gebruik een langere vacht. Steken ze scherp uit, dan heeft de roller korrels uit de pleister getrokken en kijk je naar een verse breuk. Die vul je bij met wat structuurpasta voordat je opnieuw verft.
Welke roller gebruik je op een structuurwand?
Een vachtroller met polyamide- of polyestervezels van 18 tot 21 mm bij een korrel van 2 tot 3 mm, en 12 tot 14 mm bij een fijne korrel tot 1 mm. Schuimrollers en velourrollers laten de holtes leeg, want die geven hun verf alleen aan de toppen af. Was een nieuwe vachtroller eerst uit of haal er met afplaktape de losse vezels af, anders liggen die vezels straks in je eerste laag.
Hoeveel verf heb je nodig voor spachtelputz?
Reken op anderhalf tot twee keer het verbruik van een gladde wand, omdat het werkelijke oppervlak veel groter is dan de vierkante meters die je opmeet. Bij een korrel van 2 mm haal je ongeveer 5 tot 6 vierkante meter per liter per laag, bij een grove structuur van 3 mm eerder 4 tot 5. Tel er voor het kwastwerk in hoeken en langs plinten een halve liter bij op. Het getal op de verpakking gaat uit van een vlakke, nauwelijks zuigende muur.
Hoeveel lagen verf moeten er op spachtelputz?
Twee lagen zijn genoeg als je in dezelfde kleurfamilie blijft en de eerste laag verdund was. Ga je van wit naar een donkere of felle kleur, reken dan op drie lagen, want in de dieptes van de structuur schemert de witte ondergrond lang door. Dat scheelt tijd als je de eerste laag in een tussenkleur laat aanmaken bij het mengpunt in plaats van drie keer de eindkleur te rollen.
Kun je spachtelputz spuiten met een airless?
Dat kan en het geeft op grote vlakken het gelijkmatigste beeld, maar alleen als je direct narolt. De nevel legt zich als een gesloten film over de structuur heen en zakt niet vanzelf de holtes in. Rol daarom achter de spuit aan met een droge vachtroller om de verf naar binnen te duwen. Verdunnen is bij spuiten meestal minder nodig dan mensen denken: te dun geeft zakkers en verf die van de wand terugspat.
Hoe lang moet verse spachtelputz drogen voordat je gaat verven?
Bij een kunstharsgebonden laag is een tot twee dagen bij kamertemperatuur gebruikelijk, en de laag moet dan overal gelijkmatig van kleur zijn zonder donkere plekken. Een minerale pleister op kalk of cement heeft weken nodig: drogen is daar niet genoeg, die laag moet ook uitharden. Verven op een laag die vanbinnen nog vochtig is geeft doffe plekken en verf die later met stukjes pleister loskomt. De droogtijden per materiaal zetten dat naast elkaar.
Kun je spachtelputz in de keuken of badkamer verven?
Technisch wel, met een schrobvaste matte muurverf. De beperking zit niet in de verf maar in de structuur zelf: vuil en vet zakken de holtes in en daar krijg je ze met een doek niet meer uit. In een spatzone rond het aanrecht of naast de douche houdt dat nooit lang mooi. Wil je daar een af te nemen wand, dan is de korrel wegwerken de betere ingreep.
Wat doe je met kale plekken of beschadigingen in de structuur?
Die werk je bij voordat je gaat verven, met dezelfde soort structuurpasta en met hetzelfde gereedschap waarmee de laag oorspronkelijk in structuur is gezet: opzetten met een spaan en aandrukken met een kunststof schuurbord. Alleen verf over een gladde plek laat een zichtbaar eiland achter, want de structuur eromheen vangt het licht anders. Laat de reparatie helemaal drogen en zet er eerst een voorstrijk op, anders zuigt de verse plek de verf weg en blijft hij dof.
Kun je spachtelputz weer glad maken in plaats van verven?
Bij een fijne korrel tot ongeveer een millimeter kom je een heel eind met twee lagen stucpasta, tussendoor licht schuren en daarna verven. Bij een diepe spaanstructuur zakt die pasta in elke holte weg en krijg je een golvend vlak. Dan is een dikkere afwerkpasta in twee gangen of glasweefsel over de wand de route die wel een strak vlak oplevert.
Waarom komen witte poederplekken terug door de verf heen?
Dat is geen verffout maar zoutuitbloei. Vocht dat door de wand naar buiten trekt neemt zouten mee, en die kristalliseren op het oppervlak. De kristallen groeien onder de verffilm door en drukken die van de wand af, dus overschilderen werkt hooguit een paar weken. Zoek eerst uit waar het vocht vandaan komt, bijvoorbeeld een lekkende goot, een doorslaande gevel of optrekkend vocht, en verf pas als de wand droog blijft.
Wanneer je beter een vakman belt
Een structuurwand verven is werk dat je zelf goed kunt doen. Er zijn drie situaties waarin je beter iemand belt.
De eerste is een gespoten plafond of sierpleister die van voor 1994 kan zijn. Zolang je die laag alleen schoon overschildert is er doorgaans niets aan de hand, maar zodra er geschuurd, gekrabd of gefreesd moet worden, hoort er eerst een monsteronderzoek te komen. Blijkt er asbest in te zitten, dan is verwijderen werk voor een gecertificeerd bedrijf en geen doe-het-zelfklus.
De tweede is hoogte. Een trapgat of een vide verf je niet vanaf een ladder met een roller aan een steel, want de zijwaartse kracht op de steel duwt je van die ladder af. Huur een kamersteiger of een trapgatsteiger, of laat dat deel over aan een schilder die het materieel heeft staan.
De derde is een wand met terugkerende vochtplekken of zoutuitbloei. Daar is de verflaag het symptoom en niet het probleem. Laat de oorzaak vaststellen door iemand die kan meten waar het vocht binnenkomt, want anders schilder je elke twee jaar dezelfde muur opnieuw.