Legplan vloerverwarming maken dat op de vloer ook klopt
Een legplan is je plattegrond met daarop elke slang ingetekend: waar de verdeler hangt, welke groep welk stuk vloer verwarmt, met welke hart-op-hart afstand en hoeveel meter buis erin gaat. Reken eerst per groep terug vanuit een maximale slanglengte van ongeveer 65 meter veld plus de aanvoer, kies daarna pas het patroon per ruimte. Met 16 mm buis is een slakkenhuis vrijwel altijd de veiligste keuze, want daarin maak je alleen ruime bochten van negentig graden. Een gratis programma dat het legplan voor je tekent bestaat niet; je leverancier maakt er meestal een bij je bestelling, en zelf kom je met ruitjespapier of een gratis cad-programma prima weg.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Rolmaat en bij voorkeur een laserafstandsmeter
- Ruitjespapier op schaal 1:50, waarbij één hokje van 5 mm gelijk staat aan 25 cm
- Potlood, gum en twee kleuren stift voor aanvoer en retour
- Gratis cad-programma voor privégebruik, bijvoorbeeld NanoCAD of DraftSight
- Printer of copyshop voor een uitdraai op A3
- Rekenmachine
- Krijtlijn of markeerspray om het plan op de kale vloer over te nemen
Materiaal
- Plattegrond van de woning, of eigen inmeting van elke ruimte
- Gegevens van de buis: diameter, rollengte en minimale buigradius
- Documentatie van de verdeler met het aantal groepen
- Foto's van de kale vloer met alle sparingen en ankers erop
- Lijst met vaste opstellingen: keukenblok, kasten, kruipluik, haard
Wat er op een goed legplan staat
Een legplan is de plattegrond van je woning met daarop elke slang ingetekend. Je ziet waar de verdeler hangt, welke groep welk stuk vloer verwarmt, met welke hart-op-hart afstand de buis daar ligt en hoeveel meter er per groep in gaat. Hoe het complete systeem werkt en wat er verder bij komt kijken, staat in ons overzicht over vloerverwarming aanleggen en onderhouden.
Het nut zit in de volgorde. Als je vooraf uittekent, weet je precies hoeveel rollen je bestelt en kom je niet halverwege de woonkamer zonder buis te zitten. Je ziet ook meteen of je verdeler genoeg groepen heeft, want dat aantal ligt vast zodra je hem koopt.
Een legplan vloerverwarming is ook de enige betrouwbare boorkaart voor later. Wie over vijf jaar een kast wil ophangen of een traphek wil vastzetten, kijkt op de tekening in plaats van op zijn geluk te vertrouwen.
| Onderdeel | Wat je intekent | Waarom het later scheelt |
|---|---|---|
| Schaal en maten | Schaal 1:50 met de binnenmaten van elke ruimte en de muurdiktes | Zonder vaste schaal klopt je berekende buislengte niet |
| Positie van de verdeler | De kast of nis, met de aanvoer en retour naar de ketel erbij | Elke meter naar de verdeler gaat van je bruikbare groeplengte af |
| Groepsnummers | Doorgenummerd in dezelfde volgorde als de aansluitingen op de verdeler | Je weet later welke flowmeter bij welke ruimte hoort |
| Hart-op-hart per vlak | De gekozen afstand per zone, ook als die binnen één groep wisselt | Degene die legt en degene die stort weten waar het dicht moet |
| Buislengte per groep | De getekende veldlengte plus de aanvoer, afgerond naar boven | Je bestelt het juiste aantal rollen in de juiste lengte |
| Obstakels | Keukenblok, vaste kast, kruipluik, haardplaats, toekomstig kozijn | Daar hoort geen slang, en dat zie je op de kale vloer niet meer |
| Dilatatievoegen | De plek van de voeg en elk punt waar een buis hem kruist | Zo'n kruising hoort in een beschermbuis en liefst maar één per groep |
| Route van de aanvoerbundel | Hoe de groepen gebundeld naar de verdeler lopen | Anders ligt er onbedoeld een hete strook in je hal |
| Loze leiding | Een lege mantelbuis van de verdeler naar boven | Daarmee stuur je later de ketel of de warmtepomp aan |
Maak vlak voor het storten van elke vierkante meter een foto met een rolmaat erbij in beeld. Die foto's zeggen bij het boren meer dan welke tekening ook, want daarop zie je de werkelijke ligging in plaats van de bedoelde ligging.
De verdeler bepaalt de rest van het plan
Begin met de verdeler, want daar komt alles samen. Een centrale plek werkt het best: een hal, een bergkast of de ruimte onder de trap. Hoe verder de verdeler van een ruimte af staat, hoe meer meters je kwijt bent aan de aanvoer, en die meters verwarmen niets maar tellen wel mee in het drukverlies van die groep.
Het aantal groepen op de verdeler is je harde grens. Tel dus eerst uit hoeveel groepen je nodig hebt op basis van oppervlak en hart-op-hart afstand, en koop daarna pas. Een verdeler met twaalf aansluitingen voor 75 vierkante meter op hart-op-hart 10 cm is geen overdaad maar gewoon rekenwerk.
Op het legplan zet je ook wat er in de verdelerkast moet passen. Afsluiters op aanvoer en retour, een magneetfilter om vuil uit het systeem te houden, en een stopcontact voor de naregeling of de pomp. Wij kiezen liever een verdeler die geschikt is voor koelen, ook als er nu nog een cv-ketel staat, want dat scheelt bij een latere overstap naar een warmtepomp een complete ombouw. Ga je later koelen, gebruik dan geen stalen koppelingen of verloopjes in die aansluitingen, want daar slaat condens op neer en dan gaan ze roesten.
Kies een verdeler met flowmeters op de groepen. Zonder die glazen buisjes kun je de groepen na het storten niet inregelen en blijft de lange groep koud terwijl de korte gloeit. Hoe je daarmee werkt staat bij het instellen van de flowmeters op de verdeler. Teken ook alvast in waar de pomp en de eventuele pompschakelaar bij de verdeler komen, zodat er stroom in de buurt zit.
Trek de aanvoer altijd van je groeplengte af. Een groep die vijftien meter van de verdeler ligt, kost je dertig meter aan heen en terug. Reken je daarmee niet, dan kom je bij het inlopen meters tekort en zit je met een groep die niet aangesloten kan worden.
Groepslengte en hart-op-hart afstand uitrekenen
Het rekenwerk achter een legplan is simpeler dan het lijkt. De hart-op-hart afstand bepaalt hoeveel meter buis er in een vierkante meter vloer gaat: bij 10 cm is dat tien meter per vierkante meter, bij 15 cm ongeveer 6,7 meter. Deel de maximale groeplengte door dat getal en je weet hoeveel vloer één groep aankan.
Voor 16 mm buis houden wij ongeveer 65 meter veldlengte aan, plus de aanvoer naar de verdeler. Technisch kan een groep vaak langer, maar hoe langer de lus hoe groter het drukverlies en hoe kouder het water aan het eind. Bij 75 tot 80 meter totaal loopt een gewone verdelerpomp nog prima rond; ga je daar ruim overheen, dan wordt het temperatuurverschil over de groep zichtbaar in de vloer.
Houd de groepen onderling ongeveer even lang, met een verschil van hooguit tien tot vijftien meter. Groepen die sterk verschillen krijg je met de flowmeters nooit netjes in balans, want de kortste groep neemt dan alle doorstroming voor zich. Een groep bestaat verder altijd uit één ononderbroken stuk buis van de verdeler naar de verdeler. Een koppeling in een gestorte vloer is een lek dat je niet kunt bereiken.
| Hart-op-hart | Buis per m² vloer | Vloeroppervlak per groep bij 65 m veld | Waar je dit voor gebruikt |
|---|---|---|---|
| 5 cm | 20 m | Ongeveer 3 m² | Op papier het meeste vermogen, met 16 mm buis niet te buigen |
| 7,5 cm | 13,5 m | Ongeveer 4,5 m² | Strook langs een pui of een koude gevel |
| 10 cm | 10 m | Ongeveer 6,5 m² | Standaard bij lage aanvoertemperatuur en bij een warmtepomp |
| 12,5 cm | 8 m | Ongeveer 8 m² | Goed geïsoleerde woonkamer op cv-water van 40 graden |
| 15 cm | 6,7 m | Ongeveer 9,5 m² | Slaapkamers en ruimtes met een beperkte warmtevraag |
| 20 cm | 5 m | Ongeveer 13 m² | Bijruimte, of vloerverwarming naast bestaande radiatoren |
| 25 cm | 4 m | Ongeveer 16 m² | Zelden zinvol, je voelt de warme en koude stroken met blote voeten |
Reken je oppervlak per ruimte netto uit, dus zonder het keukenblok, de vaste kasten en het kruipluik. Bij een gemiddelde begane grond scheelt dat zo vier tot zes vierkante meter, en dat is bij hart-op-hart 10 cm zomaar een halve rol buis.
Slakkenhuis of meander: het patroon per ruimte
Een legplan vloerverwarming met slakkenhuis is in de meeste ruimtes de beste keuze. Je loopt vanaf de rand naar het midden met de dubbele tussenafstand, keert in het midden om en komt precies tussen de heenweg door weer naar buiten. Elke bocht is daardoor negentig graden in plaats van honderdtachtig, en dat is precies waarom de buis het overleeft.
Er is nog een reden om voor de spiraal te kiezen. In een slakkenhuis ligt de warme aanvoer steeds naast de koelere retour, waardoor de vloertemperatuur veel gelijkmatiger is dan bij een meander. Bij een meander is de eerste baan duidelijk warmer dan de laatste, en dat voel je op blote voeten.
De denkfout die iedereen één keer maakt, zit op de heenweg. Je loopt naar binnen met een te kleine tussenruimte en merkt in het midden dat de terugweg er niet meer bij past. Houd op de heenweg dus consequent de dubbele hart-op-hart afstand aan, dan komt de terugweg er vanzelf tussen. Bij het keerpunt in het midden waaier je de buis iets uit, zodat je daar geen bocht hoeft te maken die strakker is dan de buigradius toelaat.
| Ruimte of situatie | Patroon dat werkt | Waar je op let bij het tekenen |
|---|---|---|
| Rechthoekige woonkamer | Eén slakkenhuis | Heenweg op dubbele afstand, terugweg er precies tussen |
| L-vormige of schuine ruimte | Twee slakkenhuizen in één groep | Het tweede begint waar het eerste eindigt, geen buis in de vloer koppelen |
| Lange smalle gang of bijkeuken | Meander in de lengte | Bochten aan de korte kant, hart-op-hart daar niet onder 15 cm |
| Erker of uitbouw | Slakkenhuis met een aparte lus in de uitbouw | Eerst de uitbouw inlopen, daarna pas de hoofdruimte |
| Strook langs een pui | Meanderende randzone die overgaat in het slakkenhuis | Alleen de buitenste banen dichter leggen, niet de hele groep |
| Badkamer | Slakkenhuis om de wc en de doucheput heen | Minstens 15 cm vrijhouden rond de afvoer en de standleiding |
| Hal met de verdeler | Slakkenhuis met de bundel er dwars doorheen | De aanvoerbundel isoleren, anders wordt de hal het warmst |
| Slaapkamer boven | Slakkenhuis op ruime afstand | Minder vermogen nodig, dus 15 tot 20 cm volstaat meestal |
Een knik in de buis is definitief. Kloppen, knijpen of voorzichtig terugbuigen maakt het alleen erger, want de wand is op die plek al beschadigd. Er zit niets anders op dan de hele groep er weer uit te trekken en met een nieuw stuk opnieuw te beginnen. Reken daarom bij 16 mm buis nooit met bochten die strakker zijn dan de fabrikant opgeeft.
Randzones langs glas en koude gevels
Bij een gevel die vrijwel helemaal uit glas bestaat, is de neiging groot om de buis er zo dicht mogelijk op te leggen. Op papier klinkt hart-op-hart 5 cm dan logisch: dubbel zoveel meter buis, dus meer vermogen tegen de koudeval in.
In de praktijk loopt dat vast op de bochten. Met 16 mm buis kun je geen keerbocht maken die op 5 cm hart-op-hart uitkomt, en wie het toch probeert knikt de slang. Wat wel werkt, is de zone splitsen. Leg alleen de buitenste twee of drie banen langs het glas dichter op elkaar, bijvoorbeeld op 7,5 cm, en ga verder de kamer in gewoon over op 10 cm. De bochten liggen dan in het ruime deel en de warmte zit waar je hem nodig hebt.
Vraag je ook af of je die extra warmte echt nodig hebt. Bij een schuifpui met dubbel glas uit de jaren negentig ligt de vloerverwarming vaak gewoon op 10 cm zonder dat iemand tocht of koudeval merkt, want de vloer levert daar al ruim vermogen. Bij enkel glas of een grote noordgevel ligt dat anders.
Er zit nog een grens aan wat een vloer kan afgeven, en die zit niet in de buis maar in de vloertemperatuur. Als vuistregel houden we in een verblijfsruimte ongeveer 29 graden vloertemperatuur aan en in een randzone langs de gevel iets meer. Dichter leggen dan 7,5 cm levert daarboven weinig extra op, want de begrenzing zit dan al bij de aanvoertemperatuur. In een badkamer met vloerverwarming mag de vloer wel warmer worden, en daar is dichter leggen dus vaker zinvol.
Wat je juist niet onder laat lopen
Even belangrijk als waar de buis komt, is waar hij niet komt. Onder een keukenblok, een vaste kastenwand of een inloopkast heeft vloerverwarming geen zin, en je verliest er warmte in een gesloten plint. Onder een kruipluik of vloerluik kan er sowieso geen buis liggen, en rond een vrijstaande haard houd je afstand aan volgens de opgave van de leverancier.
Denk vooral aan wat er later nog vastgezet moet worden. Een stalen kozijn tussen keuken en woonkamer, een traphek, een leuning of de poten van een kookeiland worden allemaal in de vloer geboord of gelijmd. Teken die plekken nu al in en laat de buis er met een ruime marge omheen lopen. Achteraf een gat boren boven een slang die je niet zag, is de duurste fout die je op een gestorte vloer kunt maken.
Houd langs wanden ongeveer 10 cm vrij, zodat de plinten en de dilatatiestrook niet in de weg zitten. Kruist een groep een dilatatievoeg, teken die kruising dan expliciet in en schuif er bij het leggen een beschermbuis van een halve meter overheen. Beperk het aantal kruisingen tot één per groep, want elke kruising is een zwakke plek als de vloerdelen straks ten opzichte van elkaar bewegen.
Over een vraag die vaak terugkomt: leidingen die vlak bij de verdeler pal naast elkaar liggen zijn geen probleem. Daar loopt de bundel nu eenmaal samen. Wel isoleer je die eerste meters, anders wordt de hal of de gang met afstand de warmste ruimte in huis terwijl je thermostaat in de woonkamer hangt.
Zelf tekenen: op papier, met gratis cad of via je leverancier
De verwachting dat er ergens een knop bestaat waarmee je maten invoert en er een kant-en-klaar plan uit rolt, klopt niet. Zoek je een vloerverwarming legplan tool die zelf een slakkenhuis met aanvoer en retour uittekent, dan houdt het voor particulieren al snel op. De pakketten die dat wel kunnen zijn installatiesoftware zoals Stabicad of een plug-in op Revit, en die kosten honderden euro's per jaar.
De snelste route loopt via je leverancier. Wie een compleet pakket met buis, verdeler en isolatie bestelt, krijgt er bij veel partijen gratis een legplan bij, getekend op jouw plattegrond. Vraag daar actief naar voordat je bestelt, want het staat lang niet altijd in de aanbieding vermeld. Je kunt je vloerverwarming legplan online laten maken door je plattegrond als pdf of dwg aan te leveren.
Wil je het legplan vloerverwarming zelf maken, dan zijn er twee werkbare manieren. Ruitjespapier op schaal 1:50 is verrassend effectief: één hokje van 5 mm is dan 25 cm, dus twee hokjes is precies je hart-op-hart van 10 cm bij heen en terug samen. Wil je exacte lengtes, dan teken je in een cad-programma. Voor privégebruik is gratis software als NanoCAD of DraftSight ruim voldoende, en van AutoCAD bestaat een proefversie van dertig dagen.
Het tekenen in cad gaat het handigst met drie gereedschappen. Trek de buitencontour van de ruimte na als polyline, gebruik offset om die contour steeds met een halve hart-op-hart afstand naar binnen te kopiëren, en rond de hoeken af met fillet op de minimale buigradius van je buis. Knip de spiraal daarna open bij het keerpunt en verbind de banen. Als het klopt, leest het programma de totale lengte van de polyline voor je uit, en dat is meteen je bestelmaat.
| Manier van tekenen | Wat het kost | Waarvoor het geschikt is |
|---|---|---|
| Legplan van je leverancier bij een compleet pakket | Meestal gratis bij bestelling | Volledig plan inclusief materiaalstaat, weinig eigen invloed |
| Ruitjespapier op schaal 1:50 | Een paar euro | Snel schetsen en groepen verdelen, lengte reken je zelf uit |
| Gratis cad voor privégebruik, zoals NanoCAD of DraftSight | Gratis | Exacte lengte per groep uitlezen en het plan netjes uitprinten |
| Proefversie van AutoCAD | Dertig dagen gratis | Eenmalig project, daarna vervalt de licentie |
| Installatiesoftware met vloerverwarmingsmodule | Honderden euro's per jaar | Installateurs die er meerdere per week tekenen |
| Online configurator van een fabrikant | Gratis, wel met een account | Ruwe indeling en materiaallijst, niet elk patroon is instelbaar |
| Krijtlijnen op de kale vloer | Gratis | Laatste controle vlak voor het inlopen, ideaal bij rare vormen |
Print je plan op A3 uit en neem het mee de vloer op. Je kruist per groep af welk deel er ligt, schrijft de meterstand van de buis erbij en hebt daarmee aan het eind van de dag een plan dat de werkelijkheid weergeeft in plaats van het plan van gisteren.
Van tekening naar vloer: bevestiging en volgorde
Hoe je de buis vastzet bepaalt hoe strak je plan uitpakt. Noppenplaten en verwarmingsmatten met een raster van 10 cm zijn de makkelijkste manier om je hart-op-hart afstand te halen, want je telt gewoon noppen of mazen. Op staaldraadnetten met folie eronder gaat het ook prima, met tiewraps om de tien tot vijftien centimeter en het net zelf als maatverdeling. Bij een droge opbouw gelden andere regels, en die staan bij vloerverwarming onder Fermacell-platen.
Leg de folie of de isolatie eerst helemaal dicht en plak de naden af met aluminium tape, zodat de dekvloer nergens contact maakt met de ondervloer. Zet ook de randstrook langs alle wanden en opgaande delen. Steken er ankers of stelbouten uit de vloer bij een pui, werk die dan eerst waterdicht af voordat er anhydriet in komt, want vloeibare dekvloer vindt elk gaatje.
Loop de buis in vanaf de verdeler en eindig bij de verdeler. Gebruik daarbij een draaihaspel voor de rol. Trek je de buis van een liggende rol af, dan komt er bij elk rondje van je slakkenhuis een slag in de slang en werk je jezelf compleet vast. Houd de buis los in je hand en laat hem draaien in plaats van hem te forceren.
Frees je de slang in een bestaande vloer, zuig de sleuven dan grondig uit met een bouwstofzuiger voordat je begint. Eén scherf grind in de sleuf prikt de buis lek op een plek die je pas ontdekt als alles dicht zit. Laat bij de verdeler ruim overlengte hangen en knip de groepen pas op maat als alles ligt. Noteer per groep de meterstand van de buis aan het begin en aan het eind, want die staat op de buis gedrukt en vertelt je precies hoe lang de groep is geworden.
Werk je in een bestaande vloer met een woning van voor 1994, laat de vloerafwerking dan eerst onderzoeken. Onder oude tegels en zeildekvloeren zit met enige regelmaat asbesthoudend materiaal. Freesstof daarvan verspreidt zich door het hele huis, dus dat is werk voor een gecertificeerd bedrijf en niet voor een zaterdag.
Controleren voordat de vloer dicht gaat
Zodra alles ligt, komt het laatste moment waarop je er nog bij kunt. Vul het systeem groep voor groep: zet alle groepen op de verdeler dicht, open er één, laat hem vollopen met de ontluchter open en sluit hem weer. Zo duw je de lucht er per groep uit in plaats van hem in een lus op te sluiten. Wat je daarna nog aan bellen tegenkomt, krijg je eruit volgens de aanpak bij het ontluchten van de vloerverwarming.
Zet het systeem daarna één tot twee dagen op druk en noteer de beginwaarde. Blijft de meter staan, dan is er geen lek en kun je verder. Zakt hij, dan zoek je nu naar de druppel in plaats van straks naar een natte plek in een gestorte vloer. Welke druk in de rest van je installatie hoort, zoek je op met onze rekenhulp voor de cv-druk bij jouw woning.
Laat de vloer onder druk storten. Als er tijdens het werk een buis geraakt wordt, zie je dat onmiddellijk aan de manometer en aan het water dat eruit komt. Zonder druk merkt niemand het en ligt het lek onder vier centimeter anhydriet. Sluit ingefreesde sleuven met een geschikte reparatiemortel; goedkope tegellijm krimpt en scheurt daar open.
Na het storten hoort de vloer eerst het opstookprotocol voor de dekvloer te doorlopen voordat je er een vloerbedekking op legt. Bewaar je legplan, de foto's en de genoteerde meterstanden bij de rest van de papieren over je cv-installatie en verwarming in huis. Dat pakketje is over tien jaar meer waard dan je nu denkt.
Zo maak je zelf een legplan vloerverwarming
Deze volgorde werkt voor een begane grond met een cv-ketel of een warmtepomp, en met kleine aanpassingen ook voor een verdieping.
-
Meet de ruimtes in en teken de plattegrond op schaal
Meet elke ruimte zelf na in plaats van de bouwtekening te vertrouwen, want muurdiktes en uitbouwen wijken vaak af. Teken op schaal 1:50 en zet meteen de vaste opstellingen erbij: keukenblok, kastenwand, kruipluik, haard en de plek van de wc. Het netto oppervlak dat overblijft is waar je mee rekent.
-
Kies de plaats van de verdeler
Zoek een centrale plek waar een kast past en waar stroom en de leiding naar de ketel kunnen komen. Onder de trap of in een hal werkt meestal goed. Teken vanaf daar de route van de aanvoerbundel naar elke ruimte, want die meters gaan van je groeplengte af en bepalen mede hoeveel groepen je nodig hebt.
-
Bepaal per ruimte de hart-op-hart afstand
Ga voor een woonkamer op lage temperatuur uit van 10 cm, voor slaapkamers van 15 tot 20 cm en voor een strook langs een pui van 7,5 cm. Schrijf de gekozen afstand per vlak op de tekening. Uit die afstand volgt het aantal meter buis per vierkante meter, en dat heb je in de volgende stap nodig.
-
Deel de vloer op in groepen
Deel het netto oppervlak van elke zone door het aantal meter buis per vierkante meter en houd per groep ongeveer 65 meter veldlengte aan, plus de aanvoer. Houd de groepen onderling ongeveer even lang, want anders krijg je ze met de flowmeters nooit in balans. Elke ruimte met een eigen thermostaat krijgt bovendien eigen groepen.
-
Teken het patroon per groep in
Kies per groep een slakkenhuis en werk van buiten naar binnen met de dubbele tussenafstand, zodat de terugweg er precies tussen past. Bij een L-vorm of een schuine hoek teken je twee slakkenhuizen achter elkaar binnen dezelfde groep. Houd langs wanden ongeveer 10 cm vrij en laat de buis met een ruime marge om vaste opstellingen heen lopen.
-
Reken de lengte per groep uit en controleer je bochten
Meet de getekende lus op, tel de aanvoer erbij en rond naar boven af. Loop daarna elke bocht na: is de straal krapper dan de fabrikant voor jouw buis opgeeft, verruim hem dan of verplaats het keerpunt. Een bocht die op de tekening net kan, knikt op de vloer alsnog.
-
Bestel op basis van het plan en neem het mee de vloer op
Tel de groepslengtes op tot je totale bestelmaat en kies rollen die je zonder koppeling in de vloer kunt leggen. Print het plan op A3, teken de groepen met krijt op de kale vloer over en noteer tijdens het inlopen per groep de meterstand van de buis. Zo weet je precies wat er ligt.
Storingzoeker
Kies het merk, vul de code in en zie wat er aan de hand is, wat je zelf kunt doen en wanneer je moet bellen. Bekijk alle gegevens
| Merk | Code | Wat er aan de hand is | Wat je zelf kunt doen | Bellen of niet |
|---|---|---|---|---|
| Intergas | 1 | De ketel wordt te warm, de aanvoertemperatuur loopt te hoog op | Controleer de waterdruk en ontlucht de radiatoren. Te weinig water of lucht in de installatie is de gewone oorzaak. | Blijft hij terugkomen: monteur |
| Intergas | 2 | Storing in de aanvoer- of retoursensor | Reset de ketel een keer. Herhaalt de code zich, dan is de sensor of de bedrading het probleem. | Monteur |
| Intergas | 3 | De maximaalthermostaat heeft ingegrepen | Controleer druk en doorstroming, ontlucht de installatie. | Blijft het: monteur |
| Intergas | 4 | Geen vlamsignaal, de ketel krijgt het vuur niet aan | Kijk of de gaskraan open staat en of andere gastoestellen het doen. Reset daarna een keer. | Doet gas het wel: monteur |
| Intergas | 5 | Slecht of wegvallend vlamsignaal | Reset een keer. Vaak vervuilde ionisatiepen of ontsteking. | Monteur |
| Intergas | 6 | Fout in de vlamdetectie | Reset een keer. | Monteur |
| Intergas | 7 | Probleem met de rookgasafvoer of de uitlaatgassensor | Kijk of de afvoer buiten vrij is en niet verstopt zit door een vogelnest of blad. | Monteur, dit raakt de veiligheid |
| Intergas | 8 | Het ventilatortoerental klopt niet | Reset een keer. | Monteur |
| Intergas | 10 tot en met 14 | Sensorfout of storing in de installatie, bijvoorbeeld een defecte stromingsschakelaar, draadbreuk of lucht in de installatie | Controleer de waterdruk en ontlucht grondig, van laag naar hoog. | Blijft het: monteur |
| Nefit | A01 | Geen vlam of vlam valt weg | Controleer of de gaskraan open staat en of de druk goed is, reset daarna een keer. | Herhaalt zich: monteur |
| Nefit | C6 | De ventilator draait niet op het juiste toerental | Reset een keer. | Monteur |
| Nefit | D1 | Te weinig waterdruk in de installatie | Bijvullen tot de juiste druk voor jouw bouwhoogte, daarna ontluchten. | Zelf te doen |
| Nefit | EA | Vlam wordt niet waargenomen | Reset een keer. Kijk of andere gastoestellen werken. | Herhaalt zich: monteur |
| Nefit | F0 of F7 | Interne storing in de besturing | Reset een keer, haal eventueel kort de stroom eraf. | Monteur |
| Remeha | Reset knop | Vergrendelde storing | Houd de resetknop ingedrukt tot het display reageert. Noteer eerst de code voordat je reset. | Afhankelijk van de code |
| Remeha | E00 | Aanvoersensor defect of niet aangesloten | Reset een keer. | Monteur |
| Remeha | E01 | Te weinig waterdruk of geen doorstroming | Bijvullen en ontluchten. | Zelf te doen |
| Remeha | E04 | Geen vlam bij het opstarten | Gaskraan controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Vaillant | F.22 | Te weinig water in de ketel, droogkookbeveiliging | Bijvullen tot de juiste druk en ontluchten. | Zelf te doen |
| Vaillant | F.28 | Ontsteking mislukt bij het opstarten | Gastoevoer controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Vaillant | F.75 | Drukverschil niet herkend, vaak de pomp of het expansievat | Controleer of de druk sterk schommelt bij het opstarten. | Monteur, meestal het expansievat |
| AWB | Vlamstoring | Geen ontsteking | Gaskraan open, druk controleren, een keer resetten. | Herhaalt zich: monteur |
| Bosch vaatwasser | E15 | Water in de lekbak onderin, de vlotterbeveiliging staat aan | Kantel het apparaat voorzichtig naar achteren zodat het water uit de bak loopt, zet hem terug en start opnieuw. Zoek daarna waar het water vandaan kwam. | Blijft het terugkomen: monteur |
| Bosch vaatwasser | E24 of E25 | Water loopt niet weg, afvoer verstopt | Maak het zeef en de pompfilter schoon, controleer de afvoerslang op een knik en de sifonaansluiting op een dop die er nog in zit. | Zelf te doen |
| Bosch vaatwasser | E22 | Filters verstopt | Zeven eruit en schoonmaken. | Zelf te doen |
| Bosch vaatwasser | E09 | Verwarmingselement defect, water wordt niet warm | Niets zelf te doen. | Monteur |
| Siemens vaatwasser | E15 | Water in de lekbak, vlotterbeveiliging actief | Zelfde aanpak als bij Bosch: voorzichtig kantelen, water eruit, terugzetten en opnieuw starten. | Blijft het: monteur |
| Siemens vaatwasser | E24 | Afvoer geblokkeerd | Zeven en pompfilter schoonmaken, afvoerslang op knik controleren. | Zelf te doen |
| Siemens vaatwasser | Resetten | Programma vastgelopen | Houd de startknop ongeveer drie tot vijf seconden ingedrukt tot het programma terugspringt, of haal de stekker er een minuut uit. | Zelf te doen |
| AEG vaatwasser | i20 of 20 | Afvoerprobleem, water loopt niet weg | Filters en pomp schoonmaken, afvoer controleren. | Zelf te doen |
| AEG vaatwasser | i30 of 30 | Water in de bodembak, lekkage gedetecteerd | Kantelen om het water eruit te laten en de oorzaak zoeken. | Blijft het: monteur |
| AEG vaatwasser | Resetten | Programma vastgelopen | Houd de programmaknop en de startknop samen enkele seconden ingedrukt. | Zelf te doen |
| Miele vaatwasser | F11 | Water loopt niet weg | Filters en afvoerpomp schoonmaken. | Zelf te doen |
| Miele vaatwasser | F70 | Vlotter of niveaubeveiliging | Controleer op lekkage onderin. | Monteur |
| Bosch wasmachine | E18 of F18 | Water loopt niet weg | Pluizenzeef vooronder schoonmaken en de afvoerslang controleren. | Zelf te doen |
| Bosch wasmachine | F21 | Motorstoring, trommel draait niet | Niets zelf te doen. | Monteur |
| Bosch wasmachine | E23 | Water in de lekbak | Machine kantelen om het water eruit te laten, daarna de lekkage zoeken. | Blijft het: monteur |
| AEG wasmachine | E20 | Afvoerprobleem | Pluizenfilter schoonmaken, afvoerslang op knik controleren. | Zelf te doen |
| AEG wasmachine | E40 | Deur niet goed dicht | Deur opnieuw sluiten, controleer of er was tussen zit. | Zelf te doen |
| Quooker | Knippert 1 keer | Reservoir warmt op of komt uit een stroomonderbreking | Wacht ongeveer tien minuten tot hij op temperatuur is. | Zelf te doen |
| Quooker | Knippert 2 keer | Reservoir bereikt de temperatuur niet | Haal de stekker er een minuut uit en zet hem terug. Blijft het knipperen, dan is er meestal een onderdeel defect. | Blijft het: monteur |
| Quooker | Knippert 3 keer | Storing in de temperatuursensor | Een keer stroomloos maken. | Monteur |
| Quooker | Geen kokend water, wel gewoon water | Reservoir uit of niet op temperatuur | Controleer of de stekker in het stopcontact zit en of de groep niet is uitgevallen. | Zelf te doen |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Je legplan is af als dit klopt
Uit de praktijk
Twaalf groepen op 75 vierkante meter en een pui vol glas
Bij een begane grond van ongeveer 75 vierkante meter was het plan om alles op hart-op-hart 10 cm te leggen met 16 mm buis, verdeeld over twaalf groepen van maximaal 60 tot 65 meter. Aan de achtergevel zat vrijwel alleen glas, en daar stond op de eerste tekening hart-op-hart 5 cm ingetekend om de koudeval op te vangen.
Bij het narekenen van de bochten liep dat vast. Met 16 mm buis is een keerbocht op 5 cm hart-op-hart niet te maken zonder de slang te knikken. De oplossing die het werd: overal 10 cm aanhouden en ter plaatse van de pui gemiddeld 7,5 cm, waarbij alleen de banen dicht bij het glas dichter liggen en de bochten verder de kamer in vallen. De vloer is uiteindelijk in anhydriet gestort en de warmteafgifte langs de pui bleek ruim voldoende.
Twee groepen in een ruimte waar geen slakkenhuis in paste
In hetzelfde plan zaten twee groepen in een deel van de woning met een onregelmatige plattegrond: een schuine wand, een uitspringende penant en een doorgang. Eén nette spiraal kwam er niet in, en een meander viel af omdat de keerbochten bij 10 cm hart-op-hart te krap werden.
Wat daar werkte, was de ruimte opdelen in twee vlakken en in elk vlak een eigen slakkenhuis leggen, allebei binnen dezelfde groep en met dezelfde ononderbroken buis. Het tweede slakkenhuis begint waar het eerste eindigt. De groep werd daardoor iets langer, dus is de hart-op-hart afstand in het kleinste vlak naar 15 cm gebracht om binnen de maximale lengte te blijven.
Op zoek naar een programma dat het legplan tekent
De vraag was simpel: een app of programma waarin je de maten van de ruimtes en de plek van de verdeler invoert, en waar dan een slakkenhuispatroon met aanvoer en retour uit rolt. Zo'n gratis legplan vloerverwarming software bleek er voor particulieren niet te zijn. De pakketten die dit echt kunnen zijn installatiesoftware met een prijskaartje dat voor één woning nergens op slaat.
Wat wel werkte: het plan zelf tekenen in een gratis cad-programma voor privégebruik. De contour van de ruimte als polyline, die met offset steeds een halve hart-op-hart afstand naar binnen kopiëren, de hoeken afronden met fillet op de buigradius van de buis, en aan het eind de banen bij het keerpunt aan elkaar verbinden. Het programma geeft daarna de exacte lengte van elke groep, en dat is precies wat je bij het bestellen nodig hebt.
Slagen in de buis door de rol verkeerd af te wikkelen
Bij het inlopen van de eerste groep werd de rol buis plat op de vloer gelegd en er van afgetrokken. Na drie rondjes van het slakkenhuis zat er zoveel torsie in de slang dat hij uit het net omhoog wilde en bij elke bocht tegenwerkte. Dat is geen onhandigheid, het is wat er gebeurt als je een gewikkelde rol zijdelings afrolt.
De rest van de groepen ging op een draaihaspel, waarbij de buis recht van de rol afkomt en de haspel meedraait terwijl je loopt. Je houdt de buis daarbij los in je hand en laat hem zelf uitdraaien in plaats van hem te sturen. Ook is het hele werkvlak eerst met een bouwstofzuiger uitgezogen, want een scherp steentje onder de slang is een lek dat je pas na het storten ontdekt.
Veelgemaakte fouten
De aanvoer naar de verdeler niet meerekenen
Op de tekening staat een lus van 62 meter en dat lijkt te passen. Maar die groep ligt vijftien meter van de verdeler, dus er komt dertig meter bij en je zit ineens boven de negentig. Reken de heen- en terugweg naar de verdeler altijd mee in de groeplengte, anders kom je bij het aansluiten meters tekort.
Groepen tekenen die sterk in lengte verschillen
Een groep van veertig meter naast een groep van negentig meter lijkt handig omdat het patroon dan mooi uitkomt. Bij het inregelen wreekt zich dat: het water kiest de weg van de minste weerstand en de korte groep neemt alles. De lange blijft koud, ook met de flowmeters bijna dicht op de korte groep.
Hart-op-hart 5 cm intekenen met 16 mm buis
Meer meters betekent meer vermogen, dus lijkt dichter leggen langs een pui altijd beter. Alleen kan de keerbocht op die afstand met 16 mm buis niet gemaakt worden. Wie het toch probeert, knikt de slang, en dan moet de hele groep eruit en weg. Leg alleen de buitenste banen dichter en houd de bochten in het ruimere deel.
Op de heenweg van het slakkenhuis geen ruimte laten
Je loopt naar binnen met de bedoelde afstand tussen de banen en merkt in het midden dat de terugweg er niet meer bij kan. De enige uitweg is dan de laatste rondjes te krap leggen of terug naar buiten trekken. Loop de spiraal naar binnen altijd met de dubbele hart-op-hart afstand.
Een meander tekenen waar de bochten te krap worden
Een zigzagpatroon is makkelijker te tekenen, maar bestaat uit keerbochten van honderdtachtig graden. Bij hart-op-hart 10 cm gaat dat met 16 mm buis niet, en de temperatuurverdeling is ongelijkmatig omdat de aanvoer en retour niet naast elkaar liggen. Houd meanders voor smalle stroken met ruime afstand.
Buis onder vaste opstellingen door laten lopen
Onder een keukenblok of een kastenwand verwarm je niets en verlies je warmte in een dichte plint. Erger is de plek waar later een stalen kozijn, een traphek of een kookeiland vastgezet wordt. Boren in een gestorte vloer boven een slang die niemand heeft ingetekend, betekent de vloer openhakken en een reparatiekoppeling in het beton.
De vloer laten storten zonder druk op het systeem
Zolang er geen druk op staat, merkt niemand het als er tijdens het storten een buis geraakt wordt. Met druk erop wijst de manometer het direct aan en spuit er water uit. Zet het systeem daarom eerst een dag of twee op druk om lekkages te vinden, en laat die druk erop staan tijdens het storten.
Veelgestelde vragen
Hoe kan ik zelf een legplan vloerverwarming maken?
Teken je plattegrond op schaal 1:50 en zet daarop de plek van de verdeler. Bepaal per ruimte de hart-op-hart afstand, deel het netto oppervlak door het aantal meter buis per vierkante meter en verdeel de vloer in groepen van ongeveer 65 meter veld plus de aanvoer. Teken daarna per groep een slakkenhuis, controleer of alle bochten binnen de buigradius van je buis blijven en tel de lengtes op tot je bestelmaat. Ruitjespapier volstaat, maar in cad lees je de exacte lengte uit.
Bestaat er gratis software of een tool voor een legplan vloerverwarming?
Een legplan vloerverwarming tool die automatisch een slakkenhuis met aanvoer en retour uittekent, is er voor particulieren niet. Wat er wel is, zijn gratis cad-programma's voor privégebruik zoals NanoCAD en DraftSight, en de proefversie van AutoCAD voor dertig dagen. Daarin teken je het zelf met polyline, offset en fillet, en dat gaat prima voor één woning. Echte vloerverwarming legplan software die het patroon voor je uittekent bestaat wel, maar dan als installatiepakket van honderden euro's per jaar, bedoeld voor installateurs die er wekelijks mee werken.
Kan ik een legplan vloerverwarming online laten maken?
Ja, en dat is voor de meeste mensen de snelste route. Leveranciers die complete pakketten verkopen met buis, verdeler en isolatie maken bij een bestelling meestal gratis een legplan op basis van je plattegrond. Je levert een pdf of een dwg aan met de maten, de plek van de verdeler en de vaste opstellingen, en krijgt een plan met groepsindeling en materiaallijst terug. Vraag er wel actief naar en geef door welke hart-op-hart afstand je wilt, want de aanname is vaak 15 cm terwijl bij een warmtepomp 10 cm passender is.
Wat is de maximale lengte van één groep vloerverwarming?
Voor 16 mm buis houden wij ongeveer 65 meter in het veld aan, plus de meters naar de verdeler en terug, dus in totaal 75 tot 80 meter. Dat is een praktische vuistregel en geen norm: de echte grens hangt af van het drukverlies, de pomp en het temperatuurverschil dat je accepteert. Bij 12 mm buis liggen die lengtes lager, vaak rond de 45 tot 55 meter. Kijk altijd wat de fabrikant van jouw buis en verdeler opgeeft, want dat weegt zwaarder dan een algemene regel.
Hoeveel groepen heb ik nodig voor 75 vierkante meter?
Bij hart-op-hart 10 cm gaat er tien meter buis in een vierkante meter vloer, dus haalt één groep van 65 meter veld ongeveer 6,5 vierkante meter. Voor 75 vierkante meter netto kom je dan uit op elf tot twaalf groepen. Leg je op 15 cm, dan doet één groep bijna tien vierkante meter en heb je er acht nodig. Trek van je bruto oppervlak eerst het keukenblok, de vaste kasten en het kruipluik af, en houd rekening met ruimtes die een eigen thermostaat krijgen en dus eigen groepen nodig hebben.
Is hart-op-hart 5 cm haalbaar met 16 mm buis?
In een rechte baan wel, in de bochten niet. De keerbocht die je aan het eind van elke baan moet maken, komt op 5 cm hart-op-hart binnen de minimale buigradius van 16 mm buis en dan knikt de slang. Wat wel kan, is alleen de buitenste twee of drie banen langs het glas dichter leggen, bijvoorbeeld op 7,5 cm, en verder de kamer in overgaan op 10 cm. De bochten liggen dan in het ruime deel. Een gemiddelde van 7,5 cm langs een pui is in de praktijk goed te leggen.
Hoe teken ik een legplan vloerverwarming met slakkenhuis in cad?
Trek de contour van de ruimte na als polyline, met de vrij te houden randafstand er al in verwerkt. Gebruik daarna offset om die contour telkens met een halve hart-op-hart afstand naar binnen te kopiëren, zodat je een reeks concentrische banen krijgt. Rond de hoeken af met fillet op de minimale buigradius van je buis. Knip vervolgens bij het keerpunt in het midden de banen open en verbind ze zo dat de heenweg naar binnen loopt en de terugweg er precies tussendoor naar buiten komt. Het programma geeft daarna de totale lengte van de polyline.
Mag ik een meander of zigzag leggen in plaats van een slakkenhuis?
Dat mag, maar het werkt alleen bij ruime hart-op-hart afstanden. Een meander bestaat uit keerbochten van honderdtachtig graden, en die zijn bij 16 mm buis onder de 15 cm hart-op-hart niet te maken zonder knikrisico. Er speelt nog iets: bij een meander loopt het water van warm naar koud door de ruimte, dus is de eerste baan merkbaar warmer dan de laatste. In een slakkenhuis ligt de aanvoer naast de retour en is de vloertemperatuur gelijkmatiger. Voor smalle gangen en bijkeukens is een meander wel praktisch.
Hoe teken ik een ruimte met een rare vorm in op mijn legplan?
Splits die ruimte in twee vlakken die elk wel een spiraal toelaten en leg er twee slakkenhuizen in, allebei binnen dezelfde groep en met dezelfde ononderbroken buis. Het tweede begint waar het eerste ophoudt. Je groep wordt daarmee wel langer, dus vergroot in het kleinste vlak eventueel de hart-op-hart afstand om binnen de maximale lengte te blijven. Bij een schuine wand loop je de contour gewoon mee in plaats van rechthoekig te blijven denken. Komt er een knik in de buis, dan is die groep verloren en trek je hem er weer uit.
Moet ik het legplan bewaren nadat de vloer gestort is?
Ja, en dat is meer dan een formaliteit. Zonder plan durft niemand nog in die vloer te boren voor een kast, een traphek of de poten van een kookeiland. Bewaar de tekening met de definitieve groepsindeling, de genoteerde meterstanden per groep en vooral de foto's die je vlak voor het storten van elke vierkante meter hebt gemaakt. Leg er de gegevens van de verdeler bij en de instellingen van de flowmeters, dan kun je later ook nog nagaan waarom een bepaalde ruimte anders reageert dan de rest.
Waarom wordt één groep na het storten veel minder warm dan de rest?
Dat komt meestal door lucht in die groep of door een verschil in lengte dat niet is ingeregeld. Vul en ontlucht de groep opnieuw met de andere groepen dicht, en kijk daarna naar de flowmeters: de kortste groepen moet je knijpen om de langste genoeg doorstroming te geven. Blijft het probleem, loop dan de mogelijke oorzaken na bij vloerverwarming die niet warm wordt. Geeft je ketel er bovendien een melding bij, dan zoek je die op in onze zoeker voor storingscodes per merk.
Moet ik op het legplan al rekening houden met de thermostaat?
Het helpt enorm. Elke ruimte die je apart wilt kunnen regelen, heeft eigen groepen nodig plus een aansluiting op de verdeler voor een thermische afsluiter. Teken daarom nu al in welke groep bij welke thermostaat hoort. Leg meteen een lege mantelbuis vanaf de verdeler naar boven, zodat je later een ketel of warmtepomp kunt aansturen zonder de vloer open te hoeven maken. Bekabeling werkt daarbij stabieler dan een draadloze verbinding, ook bij een systeem als Honeywell evohome op vloerverwarming.
Wanneer je beter een vakman belt
Het tekenen van een legplan en het inlopen van de slang kun je met geduld prima zelf. Er zijn wel momenten waarop wij iemand erbij halen.
Het aansluiten van de verdeler op de cv-ketel of de warmtepomp is er daar één van. Zodra er in de bestaande cv-installatie gesneden of gesoldeerd wordt en de mengunit ingeregeld moet worden, is dat werk voor een installateur. Een verkeerd aangesloten mengunit of een thermostaatkraan aan de verkeerde kant van de wisselaar levert een vloer op die nooit op temperatuur komt, en dat vind je achteraf lastig terug.
Het storten van een anhydriet- of cementdekvloer besteed je vrijwel altijd uit. De vloerdikte, de vlakheid en de sterkte zijn bepalend voor hoe de warmte straks naar boven komt, en dat is specialistenwerk met de bijbehorende apparatuur.
Ga je frezen in een bestaande vloer van een woning van voor 1994, laat de vloerafwerking dan eerst onderzoeken op asbest. Zit het erin, dan is verwijderen wettelijk werk voor een gecertificeerd bedrijf. Datzelfde geldt als je voor de verdeler of de doorvoeren door een dragende wand of een dragende vloer moet: laat een constructeur bepalen wat daar mag, voordat er een sparing in komt.