Kroonband: de juiste maat kiezen en strak aanbrengen
Kroonband is een zelfklevende band van celrubber die je in de sponning van een kozijn plakt voordat het glas erin gaat. Hij dicht de naad tussen glas en hout af en veert mee als de ruit werkt, maar alleen als hij bij het sluiten van de glaslat echt wordt samengedrukt. De maat kiezen doe je dus op de ruimte die overblijft en niet op gevoel. Buiten en bij isolatieglas is de band zelden het hele verhaal: daar hoort kit of een systeem met ontwatering bij, want de hoeken van een bandafdichting blijven de zwakke plek.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Schuifmaat of een dun staalliniaal om de speling in de sponning te meten
- Scherpe schaar of een afbreekmes met een vers segment
- Kunststof aandrukroller of een glad blokje hout
- Doek en spiritus of een ontvetter
- Glaslattentang of een dun beitel om de latten los te wippen
- Hamer met roestvaste latnagels, of een tacker met roestvaste nieten
- Zuignap of glasdragers voor het stellen van de ruit
- Snijvaste handschoenen en een veiligheidsbril
Materiaal
- Kroonband in de maat die bij jouw sponning past, meestal op een rol van 25 meter
- Kunststof stelblokjes en draagblokjes in de dikte van de speling
- Glaslatten, eventueel nieuwe als de oude gescheurd zijn
- Grondverf en aflak voor de sponning, of beits als het kozijn zo is afgewerkt
- Beglazingskit of een hybride kit voor de buitenzijde
- Spiritus of ontvetter voor het reinigen van de sponning
Wat kroonband is en waar je het voor gebruikt
Kroonband is een zelfklevende afdichtingsband van celrubber, meestal EPDM, die je in de sponning van een kozijn plakt voordat het glas erin gaat. De band vult de ruimte tussen het glas en het hout, houdt lucht en water tegen en veert mee als de ruit en het kozijn werken. Je vindt hem bij de glashandel en bij leveranciers van kozijnonderdelen, in zwart en in wit, meestal op rollen van 25 meter.
Dat de naam opduikt tussen de materialen die bij stucwerk horen komt door de verwarring met glasband. Die twee lijken alleen in naam op elkaar. Glasband is de zelfklevende glasvezelband waarmee je naden en scheuren in stucwerk overbrugt, kroonband is rubber en hoort in een sponning.
De band werkt op compressie. Zolang hij losjes in de sponning zit doet hij niets: pas als de glaslat het glas tegen de band drukt, sluit de afdichting. Dat verklaart meteen waarom de maatvoering hier zwaarder weegt dan bij de meeste afdichtingsmaterialen. Een band die te dun is laat een spleet open, en een band die te dik is duwt de ruit scheef of houdt de glaslat van het kozijn af.
| Product | Wat het is | Waar het thuishoort |
|---|---|---|
| Kroonband | Zelfklevende band van celrubber, meestal EPDM | In de sponning, tussen glas en kozijn |
| Glasband of gaasband | Zelfklevende band van glasvezelweefsel | Over naden en scheuren in stucwerk en gipsplaat |
| Celband van pe-schuim | Zacht schuimband met minder veerkracht | Als vulling en dikteregeling onder beglazingskit |
| Beglazingsrubber of kraalrubber | Voorgevormd rubberprofiel op maat van het kozijn | Stalen en kunststof kozijnen, meestal fabriekswerk |
| Tochtband | Zelfklevend schuim- of rubberprofiel | Tegen de aanslag van een draaiend raam of een deur |
| Beglazingskit | Pasta die in de naad uithardt | Nat beglazen, en als sluiting aan de buitenzijde |
| Stopverf | Harde, kruimelige klassieke afdichting | Enkel glas in oude houten kozijnen |
Koop de band bij de partij die je het glas levert en neem de maat van je sponning mee. Zij weten welke dikte bij die glasdikte en die glaslat hoort, en dat scheelt je een tweede rit.
De juiste maat kiezen: dikte, breedte en samendrukking
Kroonband wordt aangeduid met twee maten: de dikte en de breedte, bijvoorbeeld 3 bij 9 millimeter. De dikte bepaalt hoeveel speling de band opvult, de breedte bepaalt hoe ver hij over de opleg van het glas ligt. Meet daarom eerst hoeveel ruimte er tussen de ruit en de sponningkant overblijft, en meet dat op meerdere plekken langs de zijde. Oude kozijnen zijn zelden overal even ruim.
Voor de dikte geldt een praktische vuistregel: de band mag niet precies passen, hij moet merkbaar worden samengedrukt zodra de glaslat vastzit. Wij houden een samendrukking van ongeveer een kwart aan. Bij een speling van drie millimeter kom je dan uit op een band van vier millimeter dik. Zit je er ruim boven, dan komt de glaslat niet meer aan en trekt hij krom zodra je hem vastspijkert.
De breedte houd je gelijk aan of iets smaller dan de opleg, de strook waarmee het glas op de sponningrand rust. Een band die breder is dan de opleg steekt onder de glaslat vandaan en is straks zichtbaar. Bij grote speling in een verweerd kozijn is een holprofiel prettiger dan een massieve band: dat drukt makkelijker in en zet minder druk op het glas.
| Bandmaat | Waar hij meestal past | Waar je op let |
|---|---|---|
| 2 x 8 mm | Dunne sponningen, enkel glas, roedeverdelingen | Vangt weinig speling op, controleer of hij echt wordt samengedrukt |
| 3 x 9 mm | De maat die in houten kozijnen het vaakst uitkomt | Standaardkeuze bij enkel glas en dunne isolatieruiten |
| 4 x 9 mm | Isolatieglas in een houten kozijn met normale speling | Meet de speling per zijde en niet alleen in het midden |
| 5 x 10 mm | Ruimere sponningen en oudere kozijnen | Kijk of de glaslat nog vlak aankomt zonder kromtrekken |
| 6 x 10 mm holprofiel | Grote of ongelijke speling | Vult meer op zonder dat de druk op het glas oploopt |
| Breedte 15 mm | Brede sponningen bij dik isolatieglas | Nooit breder dan de opleg, anders steekt de band uit |
Ga niet forceren met een te dikke band. Als je de glaslat er met kracht op moet spijkeren, staat die druk permanent op de rand van de ruit. Bij isolatieglas is dat precies de zone waar de randafdichting zit, en die is niet gemaakt om als aanslag te dienen.
Droog beglazen of de band met kit combineren
Beglazen met alleen kroonband aan beide zijden van de ruit heet droog beglazen. Het gaat snel, het blijft schoon en je kunt de ruit er later zonder hakwerk weer uit halen. De beperking zit in de hoeken. Een band loopt in vier rechte stukken en op elke hoek zit een naad, en juist daar komt water samen. Voor werk binnen is dat geen bezwaar, voor een gevel die regen en wind vangt wel.
Buiten werken glaszetters daarom meestal met kroonband aan de sponningzijde en kit aan de latzijde, of met een compleet beglazingssysteem waarin de ontwatering is meegenomen. De kit sluit de hoeken die de band openlaat. Een naad van een halve millimeter in de onderhoek voert bij slagregen verrassend veel water naar binnen.
De maat van de ruit stelt een tweede grens. Hoe groter de ruit, hoe meer hij zet en hoe hoger de belasting op de afdichting. Bij kleine ruiten houdt een bandafdichting dat zonder problemen bij, bij grote of zware ruiten hoort een systeem dat op die maat beproefd is. Leg je twijfel voor aan de glasleverancier voordat je bestelt, want die stelt ook de garantievoorwaarden.
| Situatie | Wat hier past | Waar je op let |
|---|---|---|
| Kleine ruit binnen, binnendeur, vitrine | Kroonband aan beide zijden, droog beglazen | Snijd de hoeken passend, laat de stukken tegen elkaar stuiken |
| Decoratief of glas in lood binnen | Kroonband, eventueel met een zachte tussenlaag | Het paneel mag nergens hard tegen hout of lat komen |
| Buitenkozijn dat regen en wind vangt | Band aan de sponningzijde, beglazingskit aan de latzijde | De kit sluit de hoeknaden die de band openlaat |
| Isolatieglas in een houten buitenkozijn | Band plus kit, of een systeem met ontwatering | De randafdichting van de ruit mag niet in water staan |
| Grote of zware ruit | Overleg met de glaszetter over het beglazingssysteem | Glasdikte en gewicht bepalen de blokjes en de opleg |
| Oud kozijn met enkel glas, in stijl gehouden | Stopverf of klassieke glaszetkit | Een rubberband geeft een ander beeld en past niet bij het profiel |
| Stalen kozijn met kraalrubber | Het voorgevormde profiel dat erbij hoort | Kroonband is geen vervanging voor een profiel op maat |
De sponning klaarmaken voordat de band erin gaat
De lijmlaag van kroonband hecht op een droge, schone en gladde ondergrond. Stof uit oud kithout, verfschilfers en een vettig laagje van je handen zijn de drie dingen die de hechting slopen. Zuig de sponning uit, neem hem na met spiritus of een ontvetter op een doek en laat hem daarna even uitwasemen.
Kaal hout in de sponning is geen goede ondergrond, en het is bovendien de plek waar houtrot begint. Zet de sponning eerst helemaal in de verf, tot in de hoeken en tot op de onderdorpel, en plak de band pas daarna. De verf moet dan wel echt door zijn: op een verflaag die nog nawerkt zakt de lijm weg en laat de band een winter later los. Hoeveel tijd een laag nodig heeft voordat je hem mag belasten, zie je in onze tabel met droogtijden per materiaal.
Werk bij een redelijke temperatuur. Onder een graad of vijf pakt zelfklevend rubber slecht en blijft de hechting zwak, ook als het bij het aanbrengen nog goed lijkt. Boven de tien graden gaat het merkbaar beter. Ligt het kozijn buiten in de wind, warm de sponning dan liever op met de ruimte erachter dan met een föhn op het hout.
Trek de beschermfolie van de lijmlaag niet in één keer van de hele rol. Doe het per zijde, vlak voor je plakt. Zo blijft de lijm schoon en kun je de band nog verschuiven zolang je hem niet hebt aangedrukt.
Kroonband aanbrengen zonder rek en met dichte hoeken
De fout die de meeste bandafdichtingen de das omdoet, wordt in de eerste minuut gemaakt: de kroonband wordt op spanning uitgetrokken. EPDM is elastisch en wil terug naar zijn oorspronkelijke lengte. Plak je hem strak getrokken, dan kruipt hij in de weken erna uit de hoeken en houd je aan beide uiteinden een gat. Rol de band dus af en leg hem los in de sponning voordat je hem aandrukt.
Snijd per zijde een stuk op maat en werk de hoeken op stuik. Meet de zijde, tel er een millimeter of twee bij op en druk de uiteinden in de hoek tegen elkaar. Die kleine overmaat verdwijnt in de compressie en houdt de naad dicht. Buig de band niet om de hoek: in de bocht komt de lijm los van de binnenkant en trekt het rubber zich krom.
Druk de band aan met een kunststof roller of een glad blokje hout, over de volle lengte en met echte druk. Een band die je alleen met je vinger hebt aangetikt, hecht maar op een deel van het oppervlak. Plak op de sponningkant, tegen de dagzijde aan, en niet op de bodem van de sponning: de bodem hoort vrij te blijven voor de blokjes en voor het water.
Stelblokjes dragen het glas, de sponning moet kunnen leeglopen
Het glas rust nooit op de kroonband. Het gewicht hoort op kunststof draagblokjes te staan die op de bodem van de sponning liggen, en aan de zijkanten houden stelblokjes de ruit op afstand van het hout. De band is een afdichting, geen draagconstructie. Ligt de ruit toch op het rubber, dan wordt de band op die plek platgedrukt en verliest hij daar zijn veerkracht.
De blokjes komen niet in de hoeken maar een eind daarvandaan, en bij een draaiend raam liggen ze diagonaal, zodat het glas het raamhout tegen doorzakken steunt. De glasleverancier geeft aan welke maat en welke plaats bij die ruit hoort. Hoe dik het blokje moet zijn, lees je af aan de speling die je eerder hebt gemeten.
Onderschat de ontwatering niet. Water dat in de sponning komt, en dat komt het altijd een keer, moet er via de onderdorpel weer uit kunnen. Zet je de sponning aan beide zijden volledig dicht met band en kit, dan houd je dat water juist vast. Bij isolatieglas gaat het dan mis bij de randafdichting: die staat in vocht, verliest zijn werking en dan slaat de ruit vanbinnen aan. Hout dat maandenlang nat blijft, is intussen aan het rotten.
Houd de ontwateringsopeningen in de onderdorpel open. Ze zitten er om de sponning te laten leeglopen en te laten drogen. Vul ze niet met kit en plak er geen band overheen, ook niet als er tocht uit lijkt te komen.
Waarom kroonband loslaat, tocht of lekt
Bijna alle klachten over kroonband zijn terug te voeren op drie dingen: de band is uitgerekt aangebracht, hij wordt niet samengedrukt, of hij zat op een ondergrond waar de lijm geen grip had. Alle drie zijn ze bij het opnieuw beglazen te voorkomen.
Loopt de tocht langs één zijde en niet rondom, kijk dan eerst naar de glaslat op die zijde. Een lat die aan de uiteinden aanligt maar in het midden een millimeter afstaat, geeft precies daar een spleet. Bij houten latten die krom getrokken zijn is een extra nagel halverwege vaak genoeg. Blijft de lat afstaan, dan is de band te dik gekozen en druk je de lat er alleen maar verder mee open.
Voel je tocht rondom en niet op één plek, dan zit het probleem eerder in de compressie dan in de latten. Druk met je duim tegen de band op een plek waar je erbij kunt: veert hij terug, dan leeft het rubber nog. Blijft de indruk staan en voelt het materiaal hard aan, dan is de band verouderd of was het geen EPDM maar een schuimband van pvc, en die verhardt in een jaar of wat.
| Wat je ziet of voelt | Waar het meestal aan ligt | Wat eraan helpt |
|---|---|---|
| De band trekt terug uit de hoeken | Op spanning geplakt, het rubber veert naar zijn oude lengte | Opnieuw plakken zonder rek, per zijde op maat gesneden |
| Tocht langs één zijde van de ruit | De glaslat sluit daar niet aan, de band wordt niet samengedrukt | Lat opnieuw stellen en vastzetten, of een dikkere band nemen |
| Ruit rammelt in de wind | Te weinig samendrukking of te veel speling | Speling opnieuw meten en de bandmaat corrigeren |
| Lijm laat na de eerste winter los | Geplakt op koud, stoffig of nog nawerkend verfwerk | Sponning ontvetten, boven een graad of tien werken |
| Condens tussen de twee ruiten | De randafdichting heeft in stilstaand water gestaan | Ruit vervangen en de ontwatering herstellen |
| Natte plek onder het raam binnen | Water loopt via een hoeknaad naar binnen | Hoeken sluiten met kit of de beglazing nat afwerken |
| Band is hard en scheurt bij het indrukken | Verouderd materiaal, vaak een pvc-schuimband in plaats van EPDM | Vervangen door EPDM, dat blijft elastisch |
Het stucwerk rond het kozijn bijwerken na het beglazen
Een raam opnieuw beglazen met kroonband blijft zelden bij het glas alleen. Glaslatten losbreken, de ruit eruit tillen en er een dikkere in zetten geeft aan de binnenzijde bijna altijd wat schade aan de dagkant, de zijkant van de raamopening. Repareer dat pas als de beglazing af is en de sponning droog is, anders werk je twee keer.
Kleine beschadigingen en de laatste oneffenheden vlak bij het kozijn haal je weg met een dunne laag stucpasta uit de emmer. Is een groter vlak van de dagkant beschadigd, dan werkt uitvlakken met Renoband in twee dunne lagen beter dan plaatselijk vullen, want anders zie je bij strijklicht precies waar je gerepareerd hebt. Zit er een stuk uit de hoek of moet de dagkant weer op dikte, dan is roodband als gipsgebonden pleister de logische keuze. Pak er meteen een hoekprofiel bij om de kant weer recht te krijgen.
Hoe je zo'n dagkant daarna netjes afwerkt, staat bij gestuct werk en de manier waarop je dat glad krijgt. De naad tussen het stucwerk en het kozijn kit je af met een blijvend elastische kit, want die naad werkt met het seizoen mee. Meer over de afwerking van wanden en plafonds rond zulke aansluitingen vind je in ons overzicht van wanden en plafond.
Schilderen langs de band en hoe lang kroonband meegaat
Kroonband van EPDM neemt geen verf aan. Verf die je over de band trekt, hecht niet op het rubber en laat binnen een seizoen in stroken los. De rand ziet er dan slechter uit dan wanneer je de band gewoon zwart of wit had gelaten. Lak dus af tot tegen de band en trek je kwast daar strak langs. Kies de kleur van de band bij de kleur van het kozijn: wit bij wit geschilderd werk, zwart bij donkere kozijnen en bij beits.
Het materiaal zelf is bestand tegen ozon en uv, en het blijft jarenlang elastisch. Wat wel veroudert is de lijmlaag, zeker als de sponning nat blijft of als er zon op staat. Controleer bij het schilderonderhoud daarom even met je nagel of de band nog overal vastzit en of hij nog terugveert als je erin drukt. Voelt hij hard aan en blijft de indruk staan, dan is hij aan vervanging toe.
Vervangen betekent de glaslatten eraf, de ruit eruit en de sponning weer helemaal schoon. Oude band trek je er in een strook af en de lijmresten haal je weg met een kunststof schraper en wat spiritus. Gebruik in een houten sponning geen agressieve oplosmiddelen: die trekken in het hout en de verf die je er daarna op zet, hecht dan slecht.
Zo beglaas je een raam met kroonband
Deze volgorde geldt voor een houten kozijn met glaslatten, van het losnemen van de latten tot het sluiten van de buitenzijde.
-
Neem de glaslatten los en maak de sponning leeg
Wip de latten los met een glaslattentang of een dun beitel, van het midden naar de hoeken toe, en houd ze op volgorde. Snijd de verffilm langs de lat eerst door, anders scheurt de verf mee tot ver op het kozijn. Haal daarna alle oude band, kit en blokjes eruit.
-
Meet de speling en kies de bandmaat
Zet de ruit droog in de sponning of meet aan de oude beglazing hoeveel ruimte er tussen glas en sponningkant zit. Meet op drie punten per zijde. Kies een band die ongeveer een kwart dikker is dan die speling, zodat hij bij het sluiten van de lat wordt samengedrukt.
-
Zet de sponning in de verf en laat die doorharden
Kaal hout in de sponning zuigt water op en is een slechte ondergrond voor de lijm. Grond en lak de hele sponning, ook de onderdorpel. Plak pas verder als de verf echt door is; op een laag die nog nawerkt zakt de lijm weg en laat de band later los.
-
Reinig de sponning en plak de band per zijde
Neem de sponning af met spiritus en laat hem uitwasemen. Snijd per zijde een stuk band met een paar millimeter overmaat, leg het zonder rek in de sponning en druk het aan met een roller. Zet de hoeken op stuik tegen elkaar in plaats van de band om te buigen.
-
Leg de blokjes en zet de ruit op zijn plaats
Leg de draagblokjes op de bodem van de sponning, een eind uit de hoeken vandaan, en bij een draaiend raam diagonaal. Til de ruit met zuignappen of met twee man in en druk hem tegen de band. Til nooit alleen met de vingers onder de onderrand: bij isolatieglas ligt daar de randafdichting.
-
Plaats de tweede band of de kit aan de latzijde
Binnenwerk kun je droog afmaken met band aan de latzijde. Bij een buitenkozijn breng je aan die zijde beglazingskit aan, zodat de hoeknaden dichtzitten waar de band een stuik houdt. Vul niet zoveel dat de ontwatering in de onderdorpel wordt afgesloten.
-
Zet de glaslatten terug en controleer het aanliggen
Spijker de latten vast met roestvaste nagels, van het midden uit naar de hoeken. Kijk daarna langs de lat: hij hoort over de hele lengte aan te liggen. Staat hij in het midden af, zet er dan een extra nagel in; blijft hij afstaan, dan is de band te dik en moet je een maat terug.
-
Werk de binnenzijde en de aansluiting af
Repareer de dagkant en de aftimmering pas als de beglazing af is. Kit de naad tussen kozijn en stucwerk af met een blijvend elastische kit en werk de verf bij tot tegen de band. Schilder de band zelf niet mee, want verf hecht niet op rubber.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voordat je de glaslatten terugzet
Uit de praktijk
Een band die na een paar weken uit de hoeken kruipt
Band die aan de uiteinden terugtrekt en op de hoeken een gat achterlaat, is bij het plakken op spanning uitgetrokken. EPDM is elastisch en zoekt zijn oorspronkelijke lengte terug. Zolang de lijm nog niet volledig is aangehecht, wint het rubber en verschuift de hele strook een paar millimeter richting het midden.
Het is dus geen kwestie van slechte lijm of een verkeerde ondergrond. Het is de manier van afrollen. Leg de band los in de sponning, controleer de lengte, en druk hem pas daarna aan. Snijd elk stuk een paar millimeter ruim, zodat de uiteinden in de hoek tegen elkaar drukken.
Condens tussen de ruiten kort na een nieuwe beglazing
Aanslag tussen de twee glasplaten betekent dat de randafdichting van de isolatieruit zijn werk niet meer doet. Bij een ruit die net geplaatst is, is de oorzaak zelden de ruit zelf. Meestal staat de glasrand in vocht, doordat de sponning aan beide zijden volledig is dichtgezet en het water dat er binnenkomt nergens meer heen kan.
De randafdichting is niet gemaakt om permanent in water te staan. Zodra die zone verzadigd raakt, dringt vocht de spouw tussen de ruiten binnen en slaat het glas vanbinnen aan. De ruit is dan niet meer te redden. Herstellen begint bij het vrijmaken van de ontwatering in de onderdorpel, zodat de nieuwe ruit niet hetzelfde overkomt.
Een glaslat die niet meer dicht wil komen
Een lat die je er met kracht op moet spijkeren en die daarna in het midden bol staat, wijst op een band die te dik is voor de speling. Het rubber laat zich maar tot een bepaalde grens indrukken. Daarboven wordt de band een blok en gaat de kracht in het hout en in de glasrand zitten.
Dat is meer dan een schoonheidsfoutje. De druk staat permanent op de rand van de ruit, precies waar bij isolatieglas de randafdichting zit, en de lat trekt intussen krom en scheurt langs de nagels. De oplossing is een maat dunner, of een holprofiel dat zich verder laat indrukken zonder de druk op te bouwen.
Veelgemaakte fouten
De band op spanning aanbrengen
Uitgerekt geplakt rubber kruipt terug zodra de spanning eraf is, en dan staan de hoeken open. Rol de band af, leg hem los in de sponning en druk hem pas aan als de lengte klopt.
De band om de hoek buigen
In een bocht komt de lijm aan de binnenzijde los en trekt het rubber zich krom. Snijd per zijde een stuk op maat met een paar millimeter overmaat en zet de uiteinden in de hoek tegen elkaar.
Plakken op kaal hout of op verse verf
Kaal hout in de sponning zuigt vocht en geeft de lijm nauwelijks houvast. Een verflaag die nog nawerkt is net zo slecht, want de lijm zakt erin weg. Verf eerst en laat die echt doorharden.
Het glas op de band laten rusten
De band is een afdichting en geen draagblokje. Rust het gewicht van de ruit erop, dan wordt het rubber daar platgedrukt en verliest het zijn veerkracht, precies op de plek waar het moet afdichten.
De sponning volledig dichtzetten
Water komt er altijd een keer in, via een hoeknaad of via de opleg. Kan het niet weg, dan blijft de sponning nat. Hout gaat rotten en de randafdichting van isolatieglas begeeft het, met condens tussen de ruiten als gevolg.
De band overschilderen
Verf hecht niet op EPDM. Ze laat binnen een seizoen in stroken los en dan oogt de rand rommeliger dan een nette zwarte of witte band. Lak af tot tegen de band en kies de bandkleur bij het kozijn.
Buiten droog beglazen bij een grote ruit
Alleen band aan twee zijden werkt binnen prima, maar in een gevel blijven de vier hoeknaden zwakke plekken. Combineer daar de band met kit aan de latzijde, of gebruik een beglazingssysteem dat op dat formaat beproefd is.
De bandmaat overnemen van het vorige raam
Sponningen verschillen per kozijn en zeker in oudere woningen ook per raam. Meet de speling opnieuw op drie punten per zijde in plaats van de rol te gebruiken die nog van de vorige klus over was.
Veelgestelde vragen
Wat is kroonband precies?
Kroonband is een zelfklevende afdichtingsband van celrubber, meestal EPDM, die in de sponning van een kozijn wordt geplakt voordat het glas erin gaat. Hij dicht de naad tussen glas en sponning af tegen lucht en water en veert mee als de ruit en het kozijn werken. Je koopt hem in zwart en wit, meestal op rollen van 25 meter, in diktes vanaf ongeveer twee millimeter.
Welke maat kroonband heb ik nodig?
Dat bepaal je met twee metingen. De dikte volgt uit de speling tussen glas en sponningkant: neem een band die daar ongeveer een kwart boven zit, zodat hij wordt samengedrukt zodra de glaslat vastzit. De breedte houd je gelijk aan of iets smaller dan de opleg van het glas op de sponningrand. Meet per zijde op drie punten, want oude kozijnen zijn zelden overal even ruim.
Is kroonband hetzelfde als glasband?
Nee, en die verwarring is begrijpelijk omdat de namen op elkaar lijken. Kroonband is rubber en dicht glas in een sponning af. Glasband, ook wel gaasband genoemd, is een zelfklevende band van glasvezelweefsel die je bij stucwerk over naden en scheuren legt om spanning te verdelen. De twee zijn niet uitwisselbaar en zitten in totaal verschillende hoeken van de bouwmarkt.
Kun je met kroonband beglazen zonder kit?
Binnen wel. Voor kleine ruiten, binnendeuren, vitrines en decoratief glas is een band aan beide zijden een nette en snel te demonteren oplossing. Buiten is het riskanter, omdat een band op elke hoek een naad houdt en juist daar het water samenkomt. In een gevel combineer je de band daarom meestal met beglazingskit aan de latzijde, of je kiest een beglazingssysteem waarin de ontwatering is meegenomen.
Kun je kroonband overschilderen?
Beter van niet. EPDM neemt verf niet aan, dus de laag hecht slecht en laat binnen een seizoen in stroken los. Dat oogt slechter dan een strak afgelakte rand tegen een schone band. Kies de kleur van de band daarom meteen bij het kozijn: wit bij wit schilderwerk, zwart bij donkere kozijnen en bij beits. Lak vervolgens af tot tegen de band aan.
Bij welke temperatuur kun je kroonband aanbrengen?
Zelfklevend rubber hecht slecht in de kou. Onder een graad of vijf grijpt de lijm nauwelijks aan, ook al lijkt het bij het aandrukken goed te gaan, en dan laat de band een winter later los. Vanaf een graad of tien werkt het merkbaar beter. Verwarm bij koud weer liever de ruimte achter het kozijn dan dat je met een föhn op het hout gaat staan.
Hoe verwijder je oude kroonband en de lijmresten?
Neem eerst de glaslatten los en haal de ruit eruit, want anders kom je niet bij de sponningzijde. De band zelf trek je er meestal in een hele strook af. De lijmresten schraap je weg met een kunststof schraper en wat spiritus op een doek. Gebruik in een houten sponning geen aceton of thinner: die trekken in het hout, en de verf die je erop zet hecht dan slecht.
Blijft kroonband ook plakken op aluminium of kunststof?
Op een glad, schoon en ontvet oppervlak hecht de lijmlaag ook op metaal en kunststof. In de praktijk werken kunststof en aluminium kozijnen alleen zelden met een plakband: die hebben een voorgevormd beglazingsrubber dat in de groef van het profiel valt en dat precies bij dat systeem hoort. Vervang dat niet door een zelfklevende band, want de maatvoering van het profiel is erop berekend.
Kun je kroonband als tochtband bij een deur gebruiken?
Dat kan, en het materiaal is er geschikt voor omdat het veert en niet verhardt. Let dan wel op de dikte: een band die te dik is voor de naad zorgt dat de deur klemt of dat het slot niet meer aanslaat. Meet de speling met een stukje papier of een dun latje langs de aanslag en kies een maat die net wordt samengedrukt als de deur dicht is.
Hoe lang gaat kroonband mee?
Het rubber zelf is bestand tegen ozon en uv en blijft jarenlang elastisch. Wat eerder opgeeft is de lijmlaag, vooral als de sponning nat blijft of als er veel zon op staat. Controleer bij het schilderonderhoud met je nagel of de band nog overal vastzit en of hij terugveert. Blijft de indruk staan en voelt hij hard, dan is vervangen bij de eerstvolgende beglazingsbeurt verstandig.
Moet ik na het beglazen het stucwerk rond het kozijn herstellen?
Meestal wel iets, want bij het losnemen van glaslatten en aftimmering beschadigt de dagkant snel. Wacht tot de beglazing helemaal af is. Kleine plekken vul je bij met pasta, een groter vlak vlak je liever in twee dunne lagen uit. Voor een snel herstel van beschadigde hoeken en gaten werkt Knauf Fix en Finish als vul- en afwerkgips prettig, omdat je er in één product mee vult en afwerkt.
Wat doe ik bij een buitengevel met sierpleister rond het kozijn?
Bij een gevel waar de pleisterlaag tot tegen het kozijn doorloopt, zoals bij een gevel met granol, raak je die laag bij beglazingswerk snel. Werk de aansluiting daarna af met een blijvend elastische kit in plaats van met pleister, want kozijn en gevel bewegen ten opzichte van elkaar. Een starre vulling in die naad scheurt binnen een jaar weer open en laat water door.
Wanneer je beter een vakman belt
Een kleine ruit binnen met kroonband afdichten kun je prima zelf. Er zijn wel situaties waarin je de klus beter aan een glaszetter overlaat, en dat heeft vooral met gewicht en met garantie te maken.
Isolatieglas is zwaar en breekt bij een verkeerde greep aan de rand. Bij grotere ruiten wordt tillen en stellen werk voor twee mensen met zuignappen, en de blokjes moeten dan op de plek liggen die bij dat glastype hoort. Glasleveranciers stellen bovendien eisen aan de manier van beglazen. Wijk je daarvan af, dan vervalt de garantie op de ruit, en dat is bij isolatieglas een aanzienlijke post.
Bij gelaagd glas, gehard glas en brandwerend glas laat je het bestellen en plaatsen over aan een vakman. Deze soorten hebben eigen eisen aan de opleg en aan de speling, en gehard glas kun je niet bijwerken als de maat een millimeter tegenvalt.
Stop ook als het kozijn zelf niet meer deugt. Zacht hout in de sponning, een onderdorpel die je met een schroevendraaier in kunt duwen of een lat die nergens meer houvast biedt: dan is beglazen het verkeerde begin en moet er eerst houtherstel plaatsvinden. En werk je aan een raam op een verdieping of vanaf een ladder, dan is de combinatie van een zware ruit en een instabiele opstelling een reden om het niet alleen te doen.