Beluchterkraan: wat hij doet en wat je doet als hij lekt
Een beluchterkraan is een kraan met een klepje dat lucht binnenlaat zodra de druk in de leiding wegvalt. Daardoor kan er geen vuil water uit een slang of een apparaat terug de drinkwaterleiding in worden gezogen. Je komt hem tegen op wasmachinekranen en buitenkranen, en in een heel andere vorm op aftapkranen, waar de beluchter juist zorgt dat een leiding leegloopt. Lekt hij, dan zit de oorzaak bijna altijd in het rubber van de beluchter, in de pakkingring van de wartel of in een kraan die zelf doorlekt.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Twee waterpomptangen, waarvan één om de leiding tegen te houden
- Steeksleutel of ringsleutel voor de wartels van de vulslang
- Bakje, emmer en een paar droge doeken
- Zaklamp en een kleine spiegel om de beluchteropeningen te bekijken
- Oude tandenborstel voor het schoonmaken van de beluchterring
- Platte schroevendraaier voor het aftapkraantje
Materiaal
- Vervangende beluchterring of een losse opschroefbare beluchter
- Rubberen pakkingringen voor de slangwartels
- Teflontape of hennep met afdichtpasta voor de conische draad
- Schoonmaakazijn of een ontkalker die op rubber gebruikt mag worden
- Kranenvet op waterleidingkwaliteit
- Eventueel een nieuwe kraan met beluchter en keerklep
Wat een beluchterkraan doet en waarom hij er zit
Een beluchterkraan is een gewone kraan met een klepje erin dat lucht binnenlaat zodra de druk in de leiding wegvalt. Dat klepje doet niets voor de doorstroming. Het zit er om te voorkomen dat vervuild water uit een slang of een apparaat terug de drinkwaterleiding in wordt gezogen. Hoe het binnenwerk van de verschillende typen eruitziet en welke aansluitingen er bestaan, lees je in ons overzicht over kranen, binnenwerk en aansluitingen.
Terugzuigen gebeurt zodra de druk in de leiding lager wordt dan de druk aan het uiteinde van de slang. Dat kan bij werk aan de straatleiding, bij een gesprongen leiding lager in de woning, of doordat iemand de hoofdkraan sluit terwijl beneden een tappunt openstaat. Het water in de leiding zakt terug en neemt mee wat er aan het slanguiteinde staat.
De beluchter breekt die waterkolom. Zodra er onderdruk ontstaat, komt het rubber in de kraan van zijn zitting los en laat het lucht toe via de kleine openingen in de rand. Water dat terug wil stromen, vindt dan lucht in plaats van vacuüm en blijft staan.
In veel kranen zit naast de beluchter ook een keerklep: een veerbelast klepje dat maar één kant op doorlaat. De twee vullen elkaar aan, want de keerklep houdt tegendruk tegen en de beluchter vangt onderdruk op. Op het kraanhuis of op de verpakking staat welke beveiliging erin zit, meestal met het Kiwa-keur erbij.
| Situatie | Wat er zonder beveiliging kan gebeuren | Wat er dan op hoort |
|---|---|---|
| Wasmachine of vaatwasser op een tapkraan | Water met wasmiddel uit de machine wordt bij onderdruk de leiding in getrokken | Kraan met beluchter en keerklep, of een losse beluchter op de uitloop |
| Tuinslang die in een gieter of een emmer hangt | Het water uit dat vat volgt de leiding terug naar binnen | Buitenkraan met ingebouwde beveiliging, en het slanguiteinde niet in het water leggen |
| Slang in een vijver, een regenton of een drinkbak | Water met algen en bacteriën komt in de huisinstallatie terecht | Zwaardere beveiliging dan een gewone beluchter, of vullen met de slang boven de rand |
| Sproei-installatie die vast op de leiding zit | Grondwater rond de sproeikoppen wordt bij drukval aangezogen | Een controleerbare terugstroombeveiliging, geplaatst door een installateur |
| Vulslang tussen de drinkwaterleiding en de cv-installatie | Ketelwater met corrosieremmer kan de drinkwaterleiding in | Vulcombinatie met keerklep, en de slang na het vullen losnemen |
| Emmer met reinigingsmiddel waar de slang in hangt | Het middel gaat bij onderdruk mee de leiding in | Slang boven de rand houden, zodat er lucht tussen zit |
| Hogedrukreiniger of doseerapparaat aan de kraan | Het apparaat kan onder druk terugduwen richting de leiding | Kraan met keerklep, en de aansluiting na gebruik losnemen |
Plak de openingen van een beluchter nooit dicht. Spat er water uit, dan is dat een melding dat het rubber niet meer sluit, geen ontwerpfout. Tape of kit over de gaatjes maakt van de beveiliging een gewone kraan, en dan houdt niets meer tegen dat water de verkeerde kant op gaat.
Twee heel verschillende kranen heten allebei beluchterkraan
De term dekt in de praktijk twee producten die weinig met elkaar te maken hebben. Het eerste is de tapkraan met een ingebouwde beluchter, bedoeld om het drinkwater te beschermen. Het tweede is de aftapkraan met beluchter, waar het klepje er juist voor zorgt dat een leiding leegloopt.
Bij die aftapkraan werkt het nut de andere kant op. Water loopt alleen uit een leiding weg als er lucht voor in de plaats kan komen. Zonder die lucht ontstaat er onderdruk en blijft het grootste deel staan, precies zoals een volle fles die je omkeert eerst klokt in plaats van leeg te lopen.
Zo'n aftapkraan zit op het laagste punt van een leiding, vaak vlak achter de afsluiter van een buitenkraan of onder in de kruipruimte. Bij het winterklaar maken scheelt dat een handeling, want je hoeft nergens anders een tappunt open te zetten om lucht toe te laten. Hoe die routine verder gaat, staat bij het afsluiten en aftappen van de buitenkraan.
Verwar allebei niet met de perlator in de uitloop van een keukenkraan. Die mengt lucht door de straal zodat er minder spat, en beveiligt niets.
| Uitvoering | Waar hij zit | Wat het klepje doet | Hoe je hem herkent |
|---|---|---|---|
| Tapkraan met ingebouwde beluchter | Achter een wasmachine of vaatwasser, in een berging | Laat lucht binnen bij onderdruk zodat er niets teruggezogen wordt | Ring met kleine gaatjes of sleufjes vlak boven de slangaansluiting |
| Losse opschroefbare beluchter | Op de uitloop van een bestaande kraan met buitendraad | Dezelfde beveiliging, achteraf toegevoegd | Kort messing of kunststof tussenstuk met openingen in de rand |
| Buitenkraan met beluchter en keerklep | Gevel, garage of schuur | Houdt water uit de tuinslang buiten de drinkwaterleiding | Verdikte kop achter de slangaansluiting, keurmerk op het huis |
| Aftapkraan met beluchter | Laagste punt van een leiding, vlak bij de afsluiter | Laat lucht toe zodat de leiding echt leegloopt | Klein kraantje met een slangtule en een dopje of kartelknop |
| Vul- en aftapkraan van een cv-installatie | Onder aan de ketel of onder aan een radiatorleiding | Aftappen met lucht erbij, met een keerklep aan de vulzijde | Kraantje met kartelknop en een losse slangtule |
| Dubbele beluchterkraan | Achter een wasmachine met een tweede apparaat ernaast | Beide uitlopen beveiligd vanaf één aansluiting | Eén kraanlichaam met twee slangaansluitingen |
| Perlator, geen beveiliging | Uitloop van een keuken- of wastafelkraan | Mengt lucht door de straal voor een zachtere waterstraal | Zeefje dat je met de hand of met een sleuteltje uitdraait |
Maten, draad en aansluitingen
De maatvoering is bij dit soort kranen gelukkig standaard, en dat scheelt zoeken in de bouwmarkt. Aan de leidingkant zit meestal een halve inch binnendraad of een knelkoppeling voor koperen buis van 15 millimeter. Aan de uitloopkant zit vrijwel altijd drie kwart inch buitendraad, dezelfde maat als de wartel van een wasmachineslang en van een tuinslangkoppeling.
Het onderscheid tussen de twee soorten afdichting bepaalt hoe je monteert. Een conische draadverbinding dicht af op de draad zelf, dus daar hoort teflontape of hennep met pasta omheen. Een wartel met een rubberring dicht af op het vlakke kopse vlak, en daar hoort juist geen tape bij: één rubberring, handvast aangedraaid, en klaar.
Bij de plek van de kraan speelt vooral de bereikbaarheid. Je wilt hem kunnen dichtdraaien zonder de machine naar voren te trekken, dus net boven de bovenkant van het apparaat werkt het prettigst. Welke maten in en om het huis verder gangbaar zijn, kun je nakijken in onze tabel met standaardmaten in huis.
| Onderdeel | Gangbare maat | Waar je op moet letten |
|---|---|---|
| Aansluiting op de leiding met binnendraad | 1/2 inch binnendraad | Conische draad, dus afdichten met teflon of hennep en niet met een ring |
| Aansluiting op koperen leiding | Knelkoppeling voor 15 mm buis | Een knelring gebruik je één keer; hergebruikt geeft hij bijna altijd een druppel |
| Uitloop van een wasmachinekraan | 3/4 inch buitendraad | De wartel klemt op een rubberring, dus geen tape op deze draad |
| Slangaansluiting van een buitenkraan | 3/4 inch buitendraad | Snelkoppelstukken passen hierop, maar ze blokkeren wel de leegloop bij vorst |
| Slangtule van een aftapkraan | Voor een gewone slang van een halve inch | Zet er een slangklem op, anders schiet de slang eraf zodra je opendraait |
| Twee kranen naast elkaar op één leiding | Ruimte voor twee wartels naast elkaar | Lopen de wartels tegen elkaar aan, dan klemt geen van beide en blijft het druppelen |
| Hoogte van de kraan achter een wasmachine | Ongeveer 90 tot 110 cm boven de vloer | Hoog genoeg om te bedienen zonder de machine weg te trekken |
| Vrije ruimte onder de beluchteropeningen | Genoeg om de gaatjes vrij te houden | Een beluchter die in een plas of achter isolatie zit, kan geen lucht aanzuigen |
Neem de oude kraan mee naar de winkel, of maak er een foto van met een duimstok ernaast. Het verschil tussen een halve en een driekwart inch draad zie je met het blote oog nauwelijks, en het verkeerde exemplaar terugbrengen kost je een tweede middag.
Waar een beveiliging hoort en waar hij verstandig is
Een drinkwaterinstallatie moet zo zijn uitgevoerd dat er geen vervuild water terug het leidingnet in kan. Dat is een eis aan de installatie, vastgelegd in NEN 1006 en de bijbehorende waterwerkbladen, en geen vrije keuze. Hoe zwaar de beveiliging moet zijn, hangt af van hoe vies het water aan de andere kant van de aansluiting kan zijn.
Bij een wasmachine of vaatwasser is een kraan met beluchter en keerklep de gangbare uitvoering. Hangt er een apparaat aan waarvan het water terug kan lopen, dan hoort daar dus een beveiligde kraan op en niet een gewoon tapkraantje. Zit er in een bestaande kraan niets, dan is een losse opschroefbare beluchter een nette oplossing, mits de uitloop de juiste draad heeft.
Bij een buitenkraan waar een tuinslang op past, ligt de lat hoger. Een slanguiteinde kan in een vijver liggen, in een emmer met bestrijdingsmiddel hangen of in een drinkbak voor dieren. Wat er in een moderne vorstvrije uitvoering aan beveiliging zit en hoe je dat controleert, staat bij de vorstvrije buitenkraan van VSH.
Er zijn ook plekken waar het geen voorschrift is maar wel verstandig. Een kraan in de garage waar je regelmatig een emmer onder zet, een kraantje bij een werkbank, een aansluiting waar af en toe een slang op gaat: daar kost een beveiligde kraan een paar euro meer dan een gewone en neemt hij een risico weg dat je verder niet in de gaten houdt. Wij kiezen op dat soort punten standaard voor een uitvoering met beluchter, en dat is een gewoonte en geen regel.
Laat een vulslang nooit tussen de drinkwaterleiding en de cv-installatie zitten. Ook met een keerklep in de vulcombinatie hoort de slang na het bijvullen los. Een klep die jaren onder druk staat, verkalkt of loopt vast, en dan is er niets meer tussen het ketelwater en je kraanwater.
Een beluchterkraan die lekt
Bij een lekkende kraan is de eerste vraag waar het water precies uit komt. Uit de openingen van de beluchter, langs de wartel van de slang, langs de bedieningsas of uit de muur: dat zijn vier mankementen met vier verschillende oplossingen. Kijk er met een zaklamp bij en droog de kraan eerst helemaal af, anders volg je een spoor dat er al uren zat.
Water uit de beluchteropeningen tijdens het tappen komt bijna altijd door het rubber ringetje in de beluchter zelf. Dat ringetje wordt door de stromende druk tegen de openingen geduwd en sluit ze daarmee af. Is het hard geworden door kalk of ouderdom, dan blijft het van zijn zitting en spuit er water naar buiten zolang de kraan openstaat.
Komt er water uit de gaatjes terwijl de kraan dicht staat en de slang aangesloten is, dan lekt de kraan zelf door. Het magneetventiel in de machine houdt de druk vast, die druk zoekt de zwakste weg en dat is de beluchter. Het binnenwerk of het leertje is dan aan vervanging toe, en hoe je dat aanpakt lees je bij het vervangen van een kraan en zijn binnenwerk.
| Wat je ziet | Wat er aan de hand is | Wat je doet |
|---|---|---|
| Fijne spatjes uit de openingen bij het opendraaien, daarna droog | Lucht die ontsnapt terwijl de leiding zich vult | Niets, dit hoort bij de werking |
| Constant straaltje uit de openingen zolang de kraan openstaat | Het rubber in de beluchter sluit de gaatjes niet meer af | Beluchterring schoonmaken of vervangen, anders de hele kraan |
| Water uit de openingen met de kraan dicht en de slang erop | De kraan lekt door en de druk ontsnapt via de beluchter | Binnenwerk of leertje vervangen; de beluchter is hier niet de oorzaak |
| Druppel langs de wartel van de vulslang | Pakkingring versleten, vergeten of dubbel gemonteerd | Eén nieuwe rubberring plaatsen en met de hand aandraaien |
| Water langs de bedieningsas of onder de knop | De pakking rond de as is uitgedroogd of verkalkt | Pakkingmoer een achtste slag aandraaien, of het bovendeel vervangen |
| Nat op de draadverbinding in de muur | De afdichting op de conische draad ontbreekt of is teruggedraaid bij het uitlijnen | Losnemen, opnieuw teflon of hennep aanbrengen en in één richting aandraaien |
| Lekkage die pas begint zodra de machine water vraagt | De verbinding houdt stilstaande druk wel en stroming niet | Wartel en ring nakijken en controleren of de slang niet aan de kraan trekt |
| Vocht rond de kraan na een vorstperiode | Water in de beluchterkamer is bevroren en heeft het huis opengedrukt | Kraan vervangen en de leiding of de ruimte isoleren |
Schroef de vulslang los en zet de kraan even open boven een emmer. Loopt de straal normaal en blijft de beluchter droog, dan zit het probleem in de slang of in het apparaat en niet in de kraan. Dat scheelt je het demonteren van iets wat gewoon in orde is.
De dubbele beluchterkraan en wanneer die past
Met een dubbele beluchterkraan wordt meestal een kraan met twee slangaansluitingen op één kraanlichaam bedoeld, ieder met een eigen kraanknop. Handig achter een wasmachine met een vaatwasser ernaast, want je hebt maar één aftakking uit de muur nodig en geen los verdeelstuk. In de handel komt de term ook voorbij voor een kraan met twee beveiligingen achter elkaar, een keerklep plus een beluchter. Vraag bij twijfel wat er precies in zit, want de bedoeling van die twee verschilt.
Het voordeel boven een los splitsstuk zit in de bouwhoogte. Bij een Y-stuk met twee wartels lopen de moeren vaak tegen elkaar aan, en dan kan geen van beide ver genoeg klemmen. Een dubbele kraan houdt de aansluitingen uit elkaar, meestal in een hoek van elkaar af.
Er is één punt waar het misgaat, en dat is de belasting op de draadverbinding. Twee gevulde slangen aan één messing draadeind vormen een hefboom, en in gipsblok of in een dunne voorzetwand trekt die hefboom de aansluiting los. Zit de kraan op een muurplaat die in de wand is bevestigd, dan neemt die plaat de kracht op en blijft de leiding erachter met rust.
Kijk verder of beide uitlopen echt beveiligd zijn. Er bestaan dubbele kranen waarbij er maar in één tak een beluchter zit, en dan hangt de andere machine onbeveiligd aan de leiding.
Aftappen met een beluchter erop
Een afsluiter dicht draaien haalt geen water uit een leiding, hij houdt alleen nieuw water tegen. Wat er tussen die afsluiter en het tappunt staat, moet er nog uit, en dat lukt alleen als er lucht voor terug kan komen. Zonder lucht ontstaat er onderdruk en blijft de leiding voor het grootste deel gewoon vol staan.
Daarvoor is de aftapkraan met beluchter gemaakt. Het klepje erin laat lucht toe zodra het water eruit loopt, waardoor je nergens anders een kraan hoeft open te zetten. Dat maakt vooral verschil bij een leiding die naar boven loopt of achter een dichte wand verdwijnt, want daar is het hoogste punt vaak niet bereikbaar.
Sluit de afsluiter, zet er een bakje onder en open de aftapkraan pas daarna. Hoor je een gorgelend geluid en loopt het water gelijkmatig weg, dan doet de beluchter zijn werk. Komt er alleen een scheutje en houdt het daarna op, dan zit het klepje vast door kalk en zet je alsnog het hoogste tappunt open.
Bij het aftappen van de hele woning begint alles bij de hoofdafsluiter in de meterkast, vaak uitgevoerd als stopkraan met een ingebouwd waterfilter. Werk daarna van hoog naar laag en eindig bij het laagste aftappunt. Hoe leidingwerk door een woning loopt en wat er verder bij komt kijken, staat in ons overzicht over sanitair en loodgieterswerk.
Kalk, onderhoud en hoe lang zo'n kraan meegaat
De beluchter is het onderdeel dat als eerste opgeeft, en dat komt door het rubber. Een klepje dat jaren tegen een messing zitting drukt, wordt hard en houdt de vorm van de zitting vast. In gebieden met hard water komt er een laagje kalk overheen, en dan sluit het helemaal niet meer.
Ontkalken kan, maar met verstand. Draai de kraan dicht, haal de slang eraf en neem de beluchterring uit de uitloop, meestal met de hand of met een klein plat schroevendraaiertje. Laat het onderdeel een uur in schoonmaakazijn liggen en borstel het daarna schoon met een oude tandenborstel. Een sterke zure ontkalker vreet het rubber aan, dus die laat je hier staan.
Voor het draaiwerk gebruik je kranenvet op waterleidingkwaliteit. Vaseline, machineolie of kruipolie lijken hetzelfde te doen, maar die tasten rubber en de kunststof onderdelen op termijn aan en horen niet in een drinkwaterleiding. Een dun laagje op de as en op de o-ring is genoeg.
Wij vervangen een beluchterring liever meteen dan dat we hem twee keer ontkalken, omdat rubber dat één keer hard is geworden niet terugveert. Een nieuwe ring kost weinig en je hebt de kraan toch al open. Blijft het na een verse ring lekken, dan zit de slijtage in de zitting van het kraanhuis zelf en is de kraan aan vervanging toe.
Zo zet je een kraan met beluchter op de leiding
Deze volgorde werkt voor een wasmachinekraan of een tapkraan met een halve inch binnendraad op een bestaande aftakking.
-
Sluit het water af en tap het leidingstuk af
Draai de afsluiter van deze aftakking dicht, of anders de hoofdkraan na de watermeter. Open daarna een lager gelegen tappunt zodat de druk eraf gaat en het stuk leiding leegloopt. Zet een bakje en een doek klaar, want in een verticale leiding blijft altijd een restje staan.
-
Draai de oude kraan eraf zonder de leiding mee te verdraaien
Houd met een tweede tang de koppeling of de muurplaat tegen terwijl je de kraan losdraait. Doe je dat niet, dan draait het hele leidingstuk mee en breekt achter de wand een soldeer- of persverbinding open. Dat probleem is een stuk groter dan de kraan die je wilde vervangen.
-
Maak de draad schoon en kijk hem na
Haal oude tape, hennep en pastaresten volledig weg met een doek en desnoods een messing borsteltje. Controleer of de draad heel is en niet groen uitgeslagen. Een beschadigde draadgang krijg je met extra tape niet dicht, die vraagt om een nieuwe koppeling.
-
Dicht de conische draad af
Wikkel de teflontape met de draadrichting mee, dus zo dat hij bij het indraaien wordt aangetrokken in plaats van opgerold. Gebruik ruim tape of hennep met een dun laagje pasta. Op de driekwart inch uitloop waar straks de wartel op komt, gaat geen tape: die dicht af op een rubberring.
-
Draai de kraan op zijn plaats in één richting
Draai hem aan tot hij vastloopt en stop op het punt waar de uitloop naar beneden wijst en de beluchteropeningen vrij liggen. Kom je net te ver, draai dan door tot de volgende goede stand of begin opnieuw met verse tape. Een kwartslag terugdraaien opent de afdichting en dan lekt het later alsnog.
-
Sluit de slang aan met één nieuwe rubberring
Leg de ring plat in de wartel, controleer of er niet al een oude in zit en draai de wartel met de hand vast. Daarna hooguit een klein stukje na met een tang. Twee ringen boven elkaar of een tang met kracht erop vervormt het rubber, en juist dan gaat het druppelen.
-
Zet het water er langzaam op
Open de afsluiter een kwartslag per keer, zodat de lucht rustig kan ontsnappen en er geen drukstoot tegen de eerste bocht slaat. Laat de kraan even lopen boven een emmer en kijk of er water uit de beluchteropeningen komt. Een paar spatjes bij het vullen hoort erbij, een straaltje niet.
-
Controleer de dag erna nog een keer
Voel met een droge vinger langs de draadverbinding, langs de wartel en onder de kraanknop. Een lekkage die door een verkeerd geplaatste ring komt, laat zich soms pas zien na een paar keer stromen. Leg er een velletje keukenpapier onder als je het niet zeker weet.
Maatvoering
De gangbare hoogtes en maten voor sanitair, elektra, keuken en trap, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Ruimte of vakgebied | Onderdeel | Gangbare maat | Marge die in de praktijk werkt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|---|
| Sanitair | Wastafel, bovenkant | 85 cm boven de vloer | 80 tot 90 cm | Meet vanaf de afgewerkte vloer. Bij een opzetkom reken je vanaf de bovenkant van de kom, dus zakt het meubel naar ongeveer 70 cm. |
| Sanitair | Wastafelkraan, uitloop | 25 tot 30 cm boven de wastafelrand | wat past bij de kom | Te hoog geeft spatten, te laag krijg je je handen er niet onder. |
| Sanitair | Fonteintje in het toilet | 80 tot 85 cm | 75 tot 90 cm | Vaak iets lager dan een wastafel omdat de ruimte krap is. |
| Sanitair | Toiletpot, bovenkant zitting | 40 tot 43 cm | 38 tot 48 cm | Een verhoogd toilet zit op 46 tot 48 cm en zit voor veel mensen prettiger. |
| Sanitair | Hangend toilet, onderkant pot | 40 cm boven de vloer | 38 tot 45 cm | De hoogte bepaal je bij het stellen van het inbouwreservoir, daarna ligt hij vast. |
| Sanitair | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 80 cm | Te ver naar achteren betekent draaien terwijl je zit. |
| Sanitair | Douchekraan, thermostaat | 100 tot 110 cm | 95 tot 120 cm | Je wilt hem kunnen bedienen zonder in de straal te staan. |
| Sanitair | Doucheglijstang, bovenkant | 180 tot 200 cm | afhankelijk van de lengste gebruiker | Reken op minstens 20 cm boven de kruin. |
| Sanitair | Regendouche, onderkant kop | 205 tot 215 cm | 200 tot 220 cm | Onder de 200 cm stoot een lange gebruiker zijn hoofd. |
| Sanitair | Handdoekradiator, onderkant | 20 tot 30 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Laag genoeg voor luchtcirculatie, hoog genoeg om onder te dweilen. |
| Sanitair | Afvoer wastafel, muurdoorvoer | 50 tot 55 cm | 45 tot 60 cm | Onder de sifon door, en houd rekening met de kastindeling. |
| Elektra | Stopcontact in een woonruimte | 30 cm hart boven de vloer | 25 tot 40 cm | Bij nieuwbouw vaak 30 cm, bij renovatie kom je van alles tegen. |
| Elektra | Stopcontact boven een aanrechtblad | 115 tot 125 cm | 10 tot 20 cm boven het blad | Uit de spatzone van de kraan blijven. |
| Elektra | Lichtschakelaar | 105 cm hart boven de vloer | 90 tot 120 cm | Gelijk houden met de deurklink geeft een rustig beeld. |
| Elektra | Deurklink | 100 cm hart boven de vloer | 95 tot 105 cm | Ook de referentiehoogte waar schakelaars zich naar voegen. |
| Elektra | Meterkast, groepenkast | 150 tot 180 cm | bereikbaar zonder trapje | De hoofdschakelaar moet zonder klimmen te bedienen zijn. |
| Elektra | Wandcontactdoos buiten | minimaal 30 cm boven maaiveld | hoger bij kans op opspattend water | Spatwaterdicht uitvoeren en op een aardlekschakelaar aansluiten. |
| Elektra | Bedrade deurbel, drukknop | 110 tot 130 cm | 100 tot 140 cm | Ook bereikbaar voor kinderen en vanuit een rolstoel. |
| Elektra | Wandlamp naast een spiegel | 160 tot 170 cm | op ooghoogte van de gebruiker | Licht van opzij geeft minder schaduw dan licht van boven. |
| Elektra | Televisieaansluiting | 40 cm of op de hoogte van het scherm | afhankelijk van de opstelling | Bij een hangend scherm wil je de doos achter het scherm. |
| Keuken | Werkblad, bovenkant | 90 tot 95 cm | 85 tot 100 cm | Vuistregel: elleboog min 10 tot 15 cm. Lange mensen willen echt hoger. |
| Keuken | Bovenkasten, onderkant | 50 tot 60 cm boven het blad | 45 tot 65 cm | Te laag en je kunt niet met een pan onder de kast werken. |
| Keuken | Afzuigkap boven een elektrische kookplaat | 60 cm | 55 tot 70 cm | Onder de 55 cm wordt de kap te warm en vet hij snel dicht. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaspit | 65 cm | 65 tot 75 cm | Bij gas altijd hoger dan bij inductie in verband met de vlam. |
| Keuken | Plint onder de keukenkasten | 10 tot 15 cm | standaard 15 cm | Terugliggend zodat je met je tenen bij het blad kunt staan. |
| Keuken | Inbouwoven op ooghoogte | onderkant op 85 tot 90 cm | naar de gebruiker | Scheelt bukken met een hete plaat in je handen. |
| Trap | Trapleuning | 90 cm boven de voorkant van de trede | 85 tot 100 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede, niet vanaf de vloer. |
| Trap | Leuning langs een bordes | 100 cm | 90 tot 110 cm | Bij een bordes gelden strengere eisen dan langs de schuine trap. |
| Trap | Optrede, hoogte per trede | 18 tot 20 cm | maximaal 21 cm binnen een woning | Alle treden even hoog, ook de eerste en de laatste. |
| Trap | Aantrede, diepte van de trede | 22 tot 24 cm | minimaal 22 cm | Vuistregel: 2 keer de optrede plus de aantrede is 60 tot 64 cm. |
| Trap | Vrije doorloophoogte boven de trap | 230 cm | minimaal 210 cm | Meet loodrecht vanaf de neus van de trede naar het plafond. |
| Trap | Spijlafstand van een balustrade | maximaal 10 cm | kleiner bij kinderen | Zo kan een kinderhoofdje er niet tussen. |
| Deuren | Binnendeur, standaardmaat | 83 bij 201,5 cm | 78 tot 93 cm breed | De dagmaat van het kozijn is groter dan het deurblad. |
| Deuren | Voordeur, standaardmaat | 88 bij 201,5 cm | 83 tot 100 cm breed | Breder is prettig bij verhuizen en bij een rollator. |
| Deuren | Speling onder een binnendeur | 1 tot 1,5 cm | 2 cm bij mechanische ventilatie | De kier is de luchttoevoer naar de afzuiging, dus dicht hem niet. |
| Deuren | Speling rondom in het kozijn | 3 mm | 2 tot 4 mm | Te weinig speling en de deur klemt zodra het hout werkt. |
| Deuren | Scharnieren, afstand tot de hoek | 20 cm van boven en onder | 15 tot 25 cm | Bij een zware deur een derde scharnier in het midden. |
| Ventilatie | Ventilatierooster in een raam | boven in het kozijn | op de bovenregel | Warme lucht komt boven binnen en zakt langs het glas, dat tocht minder. |
| Ventilatie | Afzuigpunt in een badkamer | hoog in de ruimte | 20 tot 30 cm onder het plafond | Vocht stijgt, dus laag afzuigen werkt niet. |
| Ventilatie | Muurrooster kruipruimte | net boven het maaiveld | minimaal 15 cm | Anders slaat regenwater naar binnen en loopt het rooster dicht. |
| Ventilatie | Dakdoorvoer, afstand tot de nok | minimaal 50 cm | afhankelijk van het type | Te dicht bij de nok geeft terugslag bij wind. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Voor je de machine er weer voor schuift
Uit de praktijk
Een straaltje uit de beluchter dat blijft lopen zolang de kraan openstaat
Het rubber in de beluchter wordt door de stromende druk tegen de openingen geduwd en sluit ze daarmee af. Is dat rubber verhard door kalk of ouderdom, dan volgt het de zitting niet meer en blijft er een spleet open. Het water dat er dan uit komt, stroomt over de wartel naar beneden en lijkt op een lekkende slangaansluiting.
Wat helpt is de ring eruit halen, een uur in schoonmaakazijn leggen en schoonborstelen, of hem meteen vervangen. Blijft het na een verse ring lopen, dan is de zitting in het kraanhuis ingesleten en is de kraan zelf op. Dichtplakken van de openingen lost het beeld op en heft de beveiliging op.
Een aansluiting die droog blijft tot de machine water vraagt
Een verbinding die stilstaande druk wel houdt maar stroming niet, wijst op een pakkingring die niet vlak ligt. Zolang er niets stroomt, drukt het water de ring gelijkmatig aan. Zodra het magneetventiel in de machine opengaat, trekt de stroming aan de ring en gaat het langs de rand druppelen.
De oorzaak is meestal een tweede oude ring die nog in de wartel zat, of een ring die scheef is meegedraaid bij het aandraaien. Neem de wartel los, kijk of er echt maar één ring in zit, leg hem vlak en draai met de hand vast. Een tang erop zetten maakt het probleem groter, want vervormd rubber sluit slechter dan los rubber.
Een kraan die na de vorst juist bij de beluchter scheurt
De beluchterkamer is een kleine holte die niet meeloopt met de doorstroming. Daar blijft water in staan, ook als de rest van de leiding leeg is. Water zet bij bevriezen ongeveer negen procent uit, en in zo'n gesloten kamer kan die uitzetting nergens heen, waardoor het messing openscheurt.
Bij een buitenkraan is een aangesloten tuinslang de grootste veroorzaker, want die sluit de uitloop af en houdt het water vast. Slang eraf, kraan open en de leiding aftappen is dus geen extra zorgvuldigheid maar de bescherming zelf. In een onverwarmde bijkeuken geldt hetzelfde voor de kraan achter de wasmachine.
Veelgemaakte fouten
De openingen van de beluchter afplakken
Water dat uit de gaatjes komt, is vervelend en de reflex is om er tape of kit overheen te doen. Daarmee verdwijnt het symptoom en verdwijnt ook de beveiliging: er komt geen lucht meer binnen bij onderdruk. De kraan gedraagt zich dan als een gewoon tapkraantje met een slang eraan.
Teflontape op de driekwart inch uitloop draaien
Die draad hoeft niet af te dichten, want de wartel klemt op een rubberring tegen het kopse vlak. Tape houdt de wartel juist op afstand van dat vlak, waardoor de ring niet meer volledig aandrukt. Het gevolg is een druppel die pas begint als er water door de slang gaat.
Twee rubberringen in één wartel
Bij het aansluiten van een nieuwe slang blijft de oude ring vaak in de wartel plakken, en er gaat een verse bovenop. Twee ringen samen zijn te dik om vlak te blijven liggen en kantelen bij het aandraaien. Kijk daarom altijd even in de wartel voordat je een nieuwe ring plaatst.
De kraan terugdraaien om hem recht te zetten
Sta je net te ver, dan is een kwartslag terug de logische beweging. Op een conische draad opent die beweging de afdichting: de tape of hennep zit dan niet meer strak in de draadgangen. Het lek verschijnt soms pas dagen later, en dan zit de kraan al achter de machine.
De leiding mee laten draaien bij het losnemen
Een oude kraan zit vast door kalk en vraagt kracht. Zet je die kracht zonder tegenhouden op de leiding, dan verdraait het hele stuk buis en trekt een soldeernaad of een perskoppeling achter de wand open. Van een lekkende kraan ga je dan naar een lekkage die je niet kunt zien.
Een snelkoppeling met slang aan de buitenkraan laten hangen
Een aangesloten slang sluit de uitloop af, en dan kan het water in de kraan en in de beluchterkamer nergens heen. Bij vorst scheurt precies dat stuk. Bij een kraan die zichzelf hoort leeg te laten lopen, blokkeert de koppeling bovendien de hele leegloop.
Kruipolie of vaseline gebruiken op het binnenwerk
Deze middelen zijn niet voor drinkwater bedoeld en tasten rubber en kunststof op termijn aan. Een o-ring die is opgezwollen door olie, sluit een tijdje beter en daarna helemaal niet meer. Kranenvet op waterleidingkwaliteit doet hetzelfde werk zonder dat nadeel.
Veelgestelde vragen
Wat is een beluchterkraan precies?
Het is een kraan met een klepje dat lucht binnenlaat zodra de druk in de leiding wegvalt. Daarmee wordt de waterkolom gebroken en kan er geen vervuild water uit een slang of een apparaat teruggezogen worden in de drinkwaterleiding. Je herkent zo'n kraan aan een ring met kleine gaatjes of sleufjes vlak boven de slangaansluiting. In veel uitvoeringen zit er naast de beluchter ook een keerklep, die stroming de verkeerde kant op tegenhoudt.
Wat betekent het als de beluchterkraan lekt?
Dat hangt af van waar het water uit komt. Een paar spatjes uit de openingen bij het opendraaien is lucht die ontsnapt en hoort erbij. Een straaltje dat blijft lopen zolang de kraan openstaat, betekent dat het rubber in de beluchter niet meer afsluit door kalk of veroudering. Komt er water uit terwijl de kraan dicht is en de slang aangesloten, dan lekt de kraan zelf door en ontsnapt de druk via de beluchter. Een druppel langs de wartel wijst juist op de pakkingring van de slang.
Kan ik een beluchter los op een bestaande kraan zetten?
Ja, er bestaan opschroefbare beluchters die je op de uitloop van een gewone kraan draait, mits die uitloop de gangbare driekwart inch buitendraad heeft. Zo'n tussenstuk is een paar centimeter lang en heeft dezelfde openingen in de rand. Let er wel op dat de kraan met dat verlengstuk erop nog vrij hangt en dat de openingen nergens tegenaan komen, want een beluchter die tegen een muur of achter isolatie zit, kan geen lucht aanzuigen.
Wat is een dubbele beluchterkraan?
Meestal een kraan met twee slangaansluitingen op één kraanlichaam, ieder met een eigen knop, zodat je vanaf één aftakking een wasmachine en een vaatwasser kunt voeden zonder verdeelstuk. De term wordt in de handel ook gebruikt voor een kraan met twee beveiligingen achter elkaar, dus een keerklep plus een beluchter. Controleer bij een kraan met twee uitlopen of beide takken beveiligd zijn, want er bestaan uitvoeringen waarbij dat er maar in één zit.
Is een beluchterkraan verplicht bij een wasmachine?
Een aansluiting waar een apparaat of een slang op komt, hoort beveiligd te zijn tegen terugstroming. Dat is een eis aan de drinkwaterinstallatie uit NEN 1006 met de bijbehorende waterwerkbladen, geen keuze van de installateur. Welke uitvoering precies volstaat, hangt af van hoe vervuild het water aan de andere kant kan zijn, en dat verschilt tussen een wasmachine en bijvoorbeeld een tuinsproeier. Zit er in de bestaande kraan niets, dan is een losse beluchter op de uitloop de eenvoudigste manier om dat recht te zetten.
Wat is het verschil tussen een beluchter en een keerklep?
Een keerklep is een veerbelast klepje dat stroming maar één kant op doorlaat en dus tegendruk vanaf de andere kant blokkeert. Een beluchter blokkeert niets, hij laat lucht binnen zodra er onderdruk in de leiding ontstaat, waardoor de waterkolom breekt en het water niet meer terug kan hevelen. De twee dekken verschillende situaties af en zitten daarom vaak samen in één kraan. Op de verpakking staat welke beveiliging het product heeft.
Mag ik de gaatjes van de beluchter afplakken als er water uit spat?
Nee. Die openingen zijn het werkende deel van de beveiliging: zonder lucht kan de kraan geen kolom breken en is er niets meer dat terugstroming tegenhoudt. Water dat er blijvend uit komt, is een melding dat het rubber niet meer sluit. Haal de ring eruit, maak hem schoon in schoonmaakazijn of vervang hem. Kost dat allemaal niets, dan is de zitting in het kraanhuis versleten en vervang je de kraan.
Waarom loopt mijn leiding niet leeg als ik het aftapkraantje open?
Water loopt alleen weg als er lucht voor in de plaats komt. Blijft alles verder dicht, dan ontstaat er onderdruk en komt er hooguit een scheutje uit het aftappunt, terwijl de leiding grotendeels vol blijft staan. Zet daarom het hoogste tappunt in dat leidingdeel open, of gebruik een aftapkraan met beluchter die de lucht zelf toelaat. Hoor je het gorgelen en loopt het water gelijkmatig, dan gaat het goed.
Welke maat heeft een beluchterkraan?
Aan de leidingkant is een halve inch binnendraad gangbaar, of een knelkoppeling voor koperen buis van vijftien millimeter. Aan de uitloopkant zit vrijwel altijd driekwart inch buitendraad, dezelfde maat als de wartel van een wasmachineslang en van een tuinslangkoppeling. De draadkant dicht af met teflon of hennep, de wartelkant met een rubberring. Neem bij twijfel de oude kraan mee naar de winkel, want het verschil tussen die twee maten zie je met het blote oog nauwelijks.
Kan een beluchterkraan bevriezen?
Ja, en juist bij de beluchter is dat een zwak punt. De beluchterkamer is een holte waar water in blijft staan ook als de rest van de leiding leeg is, en bevriezend water zet ongeveer negen procent uit. In die gesloten ruimte kan dat nergens heen en scheurt het messing open. Haal daarom bij vorst altijd de slang van een buitenkraan, laat de kraan openstaan en tap de leiding af, want een aangesloten slang houdt het water juist vast.
Hoe maak ik een verkalkte beluchter schoon?
Draai de kraan dicht, haal de slang eraf en neem de beluchterring uit de uitloop, meestal met de hand of met een klein plat schroevendraaiertje. Laat het onderdeel ongeveer een uur in schoonmaakazijn liggen en borstel het daarna schoon met een oude tandenborstel. Gebruik geen sterke zure ontkalker, want die tast het rubber aan. Rubber dat hard is geworden veert niet terug, dus een nieuwe ring is meestal het betere antwoord.
Moet ik het water in huis afsluiten om zo'n kraan te vervangen?
Als er een eigen afsluiter in die aftakking zit, is dat genoeg en houd je de rest van het huis gewoon aan het water. Zit die er niet, dan sluit je de hoofdkraan na de watermeter. Open daarna altijd een lager gelegen tappunt om de druk eraf te halen en het leidingstuk leeg te laten lopen, en houd bij het losdraaien de koppeling met een tweede tang tegen zodat de leiding niet meedraait.
Wanneer je beter een vakman belt
Een kraan met beluchter vervangen op een bestaande draadaansluiting is werk dat je zelf doet. Er zijn wel vier momenten waarop bellen verstandiger is.
Het eerste is een aansluiting die je niet los krijgt zonder de leiding te verdraaien, bijvoorbeeld bij een gesoldeerde koppeling die vlak in de wand verdwijnt. Breekt daar iets open, dan sta je met water in een wand of een kruipruimte en is de schade groter dan de klus.
Het tweede is een leiding van lood of oud gegalvaniseerd staal. Dat materiaal is bros geworden, breekt bij weinig kracht en laat zich niet zonder meer op moderne koppelingen aansluiten. Loden waterleiding hoort sowieso vervangen te worden, en dat is werk voor een installateur.
Het derde is een aansluiting die zwaarder beveiligd moet worden dan een gewone beluchter aankan, zoals een vaste sproei-installatie in de tuin of een aansluiting waarbij water uit een vijver of een bassin in beeld komt. Daar hoort een controleerbare terugstroombeveiliging, en die moet worden gekozen, geplaatst en periodiek gecontroleerd door iemand die dat mag doen.
Het vierde is alles vóór de watermeter. Die kraan en die aansluiting zijn van het waterbedrijf en dragen meestal een zegel. Houdt de hoofdkraan na de meter niet meer, bel dan het waterbedrijf of een erkend installateur in plaats van zelf aan de meteropstelling te draaien.