PS-combinatievloer: opbouw, isolatiewaarde en aandachtspunten
Een PS-combinatievloer bestaat uit voorgespannen betonnen liggers, isolatie-elementen van polystyreen die daartussen vallen en een gewapende druklaag van ongeveer 50 millimeter die er in het werk overheen wordt gestort. Je regelt er in één ingreep een draagvloer, een dikke isolatielaag en een vlakke ondergrond mee, wat hem in renovatie boven een kruipruimte populair maakt. De keerzijde: de betonribben lopen door de isolatie heen, waardoor de werkelijke Rc van de vloer lager ligt dan de dikte van het schuim doet vermoeden. En achteraf boren of leidingen verleggen gaat nauwelijks nog. De constructieve berekening en het legplan komen altijd van de leverancier of een constructeur.
Dit heb je nodig
Gereedschap
- Laser of waterpasslang om de opleghoogte uit te zetten
- Rolmaat, rei van 2 meter en een lange rij om af te strijken
- Handzaag of schuimsnijder voor passtukken in de elementen
- Kniptang en buigtang voor het wapeningsnet
- Afstandhouders voor het net
- Loopplanken om over de liggers te lopen
- Trilbalk of vlinderplaat voor de druklaag
- Bouwlamp op een aardlekbeveiligde kabelhaspel voor het werk in de kruipruimte
Materiaal
- Voorgespannen betonliggers volgens het legplan
- PS-vulelementen in de berekende dikte
- Wapeningsnet en eventueel extra staven bij sparingen
- Beton voor de druklaag in de voorgeschreven sterkteklasse
- Metselmortel om de opleggingen vlak af te werken
- Tape of pur om naden en passtukken dicht te zetten
- Randisolatiestrook langs alle wanden
- Bouwfolie om de verse druklaag mee af te dekken
Hoe een ps combinatievloer is opgebouwd
Een PS-combinatievloer bestaat uit drie lagen die elk iets anders doen. Onderin liggen voorgespannen betonnen liggers die de belasting naar de muren brengen. Daartussen vallen vulelementen van geëxpandeerd polystyreen, het witte schuim waar de PS in de naam vandaan komt. Daaroverheen gaat een gewapende druklaag van beton die in het werk wordt gestort en er pas één samenwerkende plaat van maakt. Die druklaag gedraagt zich verder net als een betonvloer die je stort en daarna vlak afwerkt.
De hart-op-hartafstand van de liggers ligt vast door de breedte van de elementen en komt in de meeste systemen rond 600 millimeter uit. De elementen rusten met een opstaande rand op de onderflens van de liggers. Ze kunnen daardoor niet zakken en vormen tegelijk de bekisting voor het beton. Je stort dus rechtstreeks op piepschuim, en precies daarom vragen de naden en de passtukken zoveel aandacht.
De totale vloerdikte volgt vooral uit de gewenste isolatiewaarde. De liggerhoogte en de druklaag van ongeveer 50 millimeter liggen redelijk vast, maar de elementen bestaan in diktes die ver uiteenlopen. Een vloer die op een royale Rc uitkomt is simpelweg dikker, en dat merk je aan de vloerhoogte bij de voordeur en aan de onderste traptrede.
| Onderdeel | Wat het doet | Gangbare uitvoering | Waar je op moet letten |
|---|---|---|---|
| Voorgespannen ligger | Draagt de vloer en brengt de last naar muur of fundering | Hart op hart rond 600 mm, hoogte afhankelijk van de overspanning | Nooit inzagen, inhakken of doorboren, de voorspanstrengen liggen onderin |
| PS-vulelement | Isoleert en dient als bekisting voor de druklaag | Elementen van ongeveer een meter lang in de berekende dikte | Passtukken strak zagen, want elke kier is een lek bij het storten |
| Druklaag | Verdeelt de belasting en maakt de vloer stijf | Ongeveer 50 mm beton, dikker bij vloerverwarming | Sterkteklasse volgens het legplan aanhouden, niet zelf verdunnen |
| Wapeningsnet | Neemt trekspanning op en beperkt krimpscheuren | Standaardnet met staven van 5 of 6 mm | Op afstandhouders leggen en de overlap aanhouden, niet plat op het schuim |
| Oplegging | Draagt de vloer over op muurwerk of fundering | Vlak afgewerkt oplegvlak, opleglengte volgens de leverancier | Een ligger die op één punt rust in plaats van over de hele breedte scheurt daar |
| Randstrook en kierdichting | Houdt koude lucht en warmteverlies bij de rand tegen | Isolatiestrook rondom, aansluiting later luchtdicht gemaakt | De rand is de plek waar een goed geïsoleerde vloer alsnog koud aanvoelt |
In een ligger zaag, boor of hak je niet. De voorspanstrengen zitten onderin en staan onder hoge spanning. Beschadig je die, dan verliest de ligger zijn draagvermogen zonder dat je van bovenaf iets ziet. Moet er een doorvoer komen op een plek waar een ligger ligt, dan hoort dat in het legplan te staan en wordt het met een raveelconstructie opgelost.
De voor- en nadelen naast elkaar
De reden dat dit vloertype in renovatie zo vaak wordt gekozen, is dat je met één ingreep drie zaken tegelijk regelt: een nieuwe draagconstructie, een dikke isolatielaag en een vlakke ondergrond. Een doorbuigende houten balklaag boven een klamme kruipruimte hoeft daarna niet apart geïsoleerd te worden, want de isolatie zit in de vloer zelf.
De nadelen van een PS-combinatievloer zitten vooral in wat je daarna niet meer eenvoudig kunt veranderen. Leidingen liggen onder of in een dichte betonplaat, boren gaat maar een paar centimeter diep en een sparing bijmaken is geen zaterdagklus meer. Bij het vergelijken van prijzen tellen ook de kosten van het vlak maken van de vloer mee, want een gestorte druklaag is zelden meteen strak genoeg voor pvc of een gietvloer.
Wat vaak wordt vergeten is het gewicht. Een combinatievloer weegt aanzienlijk meer dan de houten balklaag die eruit gaat, en dat verschil komt op de fundering en op de dragende muren terecht. In een oud huis is dat geen detail maar het eerste dat onderzocht hoort te worden.
| Onderwerp | Wat het oplevert | Waar je tegenaan loopt |
|---|---|---|
| Isolatie | Een hoge Rc-waarde in één handeling, zonder losse isolatieklus in de kruipruimte | De betonribben lopen door de isolatielaag heen en drukken de waarde van de hele vloer omlaag |
| Werken in renovatie | Liggers en elementen zijn per stuk hanteerbaar en passen bij veel systemen door een kruipluik | Je hebt alsnog beton in huis nodig, meestal via een slang of een pomp |
| Draagkracht | Stijver en stiller dan een houten balklaag, een gewone woonbelasting is geen punt | Grote overspanningen en zware puntlasten vragen om een berekening vooraf |
| Vocht | De vloer sluit de kruipruimte af, dus grondvocht en kruipruimtelucht komen niet meer omhoog | De kruipruimte zelf wordt er niet droger van en blijft ventilatie nodig hebben |
| Geluid | De massieve druklaag dempt loopgeluid veel beter dan hout | Tegen een zware kanaalplaatvloer legt hij het af bij contactgeluid |
| Vloerverwarming | De isolatie zit er al onder, dus de warmte gaat de goede kant op | De opbouwhoogte loopt op, want de leidingen willen betondekking |
| Later aanpassen | Een vlakke, stevige ondergrond voor elke afwerking | Achter 50 mm beton zit schuim, dus bevestigen en leidingen verleggen wordt lastig |
| Brand en knaagdieren | Onder de druklaag zit het schuim volledig afgedekt | Polystyreen is brandbaar en muizen knagen erin, dus een muisdichte kruipruimte telt mee |
Welke isolatiewaarde je er in de praktijk uit haalt
Geëxpandeerd polystyreen heeft een lambda rond 0,035 W/mK, afhankelijk van de kwaliteit ergens tussen ongeveer 0,032 en 0,038. Deel de dikte in meters door die lambda en je hebt de Rd van het schuim zelf. Dat is het getal dat in folders het grootst is afgedrukt, en het is niet het getal dat je vloer haalt.
De liggers lopen namelijk van onder tot boven door de isolatielaag heen. Beton geleidt warmte vele malen beter dan schuim, dus elke ligger is een strook waarlangs warmte weglekt. De Rc die voor het complete vloersysteem wordt opgegeven ligt daardoor merkbaar lager dan de Rd van het element alleen. Vraag de leverancier dus om de waarde van de vloer en niet om die van het schuim.
De tweede plek waar berekening en gevoel uit elkaar lopen is de rand. Bij de oplegging staat de vloer in direct contact met het muurwerk en de fundering, en daar is de isolatie onderbroken. Een vloer die op papier prima scoort maar langs de buitenmuur koud aanvoelt, verliest zijn warmte bijna altijd in die eerste twintig centimeter.
| Dikte van het PS-element | Rd van alleen het schuim bij lambda 0,035 | Waar je deze dikte tegenkomt |
|---|---|---|
| 100 mm | ongeveer 2,9 m²K/W | Oudere uitvoeringen en situaties waarin de opbouwhoogte klemt |
| 140 mm | ongeveer 4,0 m²K/W | Renovatie waarbij de vloer ruim boven de oude waarde moet uitkomen |
| 160 mm | ongeveer 4,6 m²K/W | Gangbaar in nieuwbouw, met marge voor het effect van de ribben |
| 200 mm | ongeveer 5,7 m²K/W | Woningen met vloerverwarming, waar een koude vloer meteen voelbaar is |
| 250 mm | ongeveer 7,1 m²K/W | Vergaande renovatie waarbij de hele schil wordt aangepakt |
| 300 mm | ongeveer 8,6 m²K/W | Alleen zinvol als de vloerhoogte het toelaat en de rest van het huis meedoet |
Reken de dikte niet uit op de Rd van het schuim maar op de opgegeven Rc van het vloersysteem, en vergelijk die met de eis die voor jouw situatie geldt. Voor een nieuwe begane grondvloer ligt de eis in de bouwregelgeving op Rc 3,5 m²K/W; bij verbouwen is die lager. Welke waarde jouw plan moet halen staat in de vergunning of vraag je na bij de gemeente.
Wanneer deze vloer past en wanneer een ander type beter is
Een combinatievloer komt het best tot zijn recht op de begane grond boven een kruipruimte, precies de plek waar de isolatie het meeste doet. Op een verdiepingsvloer tussen twee verwarmde ruimtes betaal je voor isolatie die daar weinig oplevert, en presteert een zwaardere vloer beter op geluid.
Zit er nu een oude systeemvloer in die nog gezond is, dan is vervangen zelden de eerste keuze. Bij een nehobo vloer met holle bouwstenen hangt dat af van de staat van de wapening in de ribben. Is die aangetast door een natte kruipruimte, dan is vervangen door een combinatievloer een logische stap. Zo niet, dan is isoleren aan de onderzijde veel minder ingrijpend.
De onderstaande tabel geeft per situatie de richting aan. Het blijft een eerste schifting, want de constructieve beoordeling van fundering, muren en overspanning gaat altijd voor op een vuistregel.
| Situatie | Past een combinatievloer hier | Waar het op vastloopt of waar je op let |
|---|---|---|
| Oude houten balklaag boven een kruipruimte eruit | Ja, hiervoor is het systeem bedacht | Fundering en dragende muren moeten het extra gewicht aankunnen |
| Kruipruimte met minder dan een halve meter werkruimte | Alleen als je van bovenaf kunt werken | De bodem verlagen verandert de belasting op de fundering, dat is geen vrije keuze |
| Vloer boven een onverwarmde garage of doorrit | Ja, mits de onderkant wordt afgewerkt | Polystyreen in het zicht is brandbaar en hoort daar achter een afwerking |
| Verdiepingsvloer tussen twee verwarmde ruimtes | Zelden zinvol | De isolatie doet daar weinig, kies een vloer die op geluid presteert |
| Vloer met vloerverwarming | Goede combinatie | Reken op extra opbouwhoogte voor de dekking op de leidingen |
| Zware puntlast zoals een kluis, aquarium of gemetselde haard | Alleen na berekening | De druklaag verdeelt de last, maar de ligger eronder moet hem dragen |
| Woning waarvan de fundering onder verdenking staat | Eerst funderingsonderzoek | Het gewichtsverschil met een houten vloer hoort in die beoordeling mee te wegen |
| Bestaande betonnen systeemvloer die nog gezond is | Meestal niet | Isoleren aan de onderzijde geeft hetzelfde comfort voor veel minder ingreep |
De kruipruimte klaarmaken voordat de vloer dichtgaat
Alles wat je onder de vloer nog wilt regelen, regel je nu. Zodra de elementen liggen en de druklaag erop zit, is de ruimte alleen nog bereikbaar via het kruipluik en met de vloer vlak boven je gezicht. Oude leidingen die op het randje zijn, een verzakte rioolaansluiting of een waterleiding zonder afsluiter vervang je daarom vooraf.
Haal het puin van de gesloopte vloer eruit in plaats van het uit te vlakken. Puin houdt vocht vast en verkleint de vrije hoogte, en die hoogte heb je later nodig om erbij te kunnen. Een droge bodemafsluiting van folie, schelpen of een laag schuimbeton beperkt de verdamping vanuit de grond, wat de lucht in de kruipruimte merkbaar droger houdt.
Meet daarna de opleghoogte uit met een laser en werk de oplegvlakken vlak af met metselmortel. Een ligger die op één hoekpunt rust in plaats van over de volle breedte krijgt daar een spanningspiek, en dat is precies waar later een scheur begint.
Ventilatie en knaagdieren
Een afgesloten vloer betekent niet dat de kruipruimte zichzelf redt. Houd de roosters in de gevel open en verdeeld over tegenover elkaar liggende muren, zodat er dwarsventilatie ontstaat en vochtige lucht wegkan. Roosters die zijn dichtgezet bij een eerdere isolatieklus zijn een veelvoorkomende oorzaak van een klamme ruimte.
Zet die roosters wel muisdicht uit. Polystyreen is voor knaagdieren makkelijk werk, en gangen in de isolatie zie je nooit terug omdat ze aan de onderkant van de vloer zitten. Zet er een fijnmazig rooster van roestvast staal in, dan houd je de luchtstroom en blijven de muizen buiten.
Werk nooit alleen in een kruipruimte. Er kan zuurstofarme of vervuilde lucht staan, zeker na sloopwerk of bij een lekkende riolering. Ventileer eerst, houd contact met iemand buiten de ruimte en gebruik verlichting op laagspanning of een aardlekbeveiligde haspel. Kom je bij het slopen van de oude vloer materiaal tegen dat op asbesthoudende vloerbedekking of asbestkoord lijkt, leg het werk dan stil en laat het onderzoeken voordat je verder gaat.
De liggers leggen en de vakken vullen
Een combinatievloer bouw je op volgens het legplan van de leverancier, en dat is de tekening waar je op werkt. Daarop staan de ligposities, de hart-op-hartmaat, de sparingen, de plaats van het kruipluik en of er hulponderstempeling nodig is. Wijk daar niet van af omdat een ligger toevallig lastig uitkomt, want de berekening hangt eraan.
Leg de liggers van buiten naar binnen en controleer per stuk de opleglengte aan beide zijden. De leverancier geeft een minimum op, vaak in de orde van 70 millimeter op metselwerk, en dat is een ondergrens en geen streefwaarde. Bij grotere overspanningen zet je halverwege een rij stempels onder de liggers, die pas weg mogen als de druklaag voldoende sterkte heeft.
Daarna leg je de PS-elementen in de vakken. Ze horen zonder speling tussen de liggers te vallen; passtukken zaag je op maat met een handzaag of een schuimsnijder. Loop nooit rechtstreeks over de elementen, want je zakt erdoorheen en beschadigt de bekisting. Leg loopplanken over de liggers en werk vanaf die planken.
Sparingen en doorvoeren
Doorvoeren voor riolering, water en elektra horen in het legplan te staan. In een element zaag je zonder bezwaar een gat, maar een ligger blijft onaangetast: valt een doorvoer op een liggerpositie, dan wordt de ligger onderbroken en de last via een raveelbalk naar de buurliggers gebracht. Dat bedenk je vooraf, niet met de betonwagen voor de deur.
Zet elke doorvoer af met een mantelbuis of een stuk pvc dat een paar centimeter boven de druklaag uitsteekt. Zo loopt er geen beton in de kruipruimte en houd je de doorvoer schoon. Na het storten snijd je hem af en werk je hem luchtdicht af, want een open buis geeft precies de koude trek waar je de vloer voor isoleerde.
Plak de naden tussen de elementen en langs de liggers dicht met tape of een streng pur voordat het beton komt. Kieren die je nu over het hoofd ziet, vind je na het storten terug als een hoopje beton in de kruipruimte.
De druklaag storten en laten uitharden
Leg eerst het wapeningsnet, op afstandhouders zodat het ongeveer in het midden van de druklaag komt te liggen. Een net dat plat op het schuim ligt doet vrijwel niets, want daar zit de trekzone niet. Houd de voorgeschreven overlap aan tussen de netten en knip ze rond de doorvoeren netjes uit in plaats van ze op te bollen.
Stort daarna in de sterkteklasse die op het legplan staat. De aanpak lijkt op het storten van een betonvloer in het werk, met één verschil dat telt: onder je voeten zit schuim in plaats van zand. Laat het beton niet van hoogte op één punt vallen, maar verdeel het met de slang en trek het uit met een hark. Verdicht met een trilbalk of een rei over de liggers, niet met een trilnaald.
Strijk de vloer af op de hoogte die je hebt uitgezet en dek hem daarna af met folie. De eerste dagen verliest verse beton snel water aan de lucht, en dat is de belangrijkste oorzaak van krimpscheuren. Laat de hulponderstempeling staan zolang het legplan aangeeft, ook als de vloer er beloopbaar uitziet.
Van ruwe druklaag naar vloerbedekking
Een afgestreken druklaag is vlak genoeg om op te lopen, maar meestal niet vlak genoeg voor pvc, laminaat of een gietvloer. Reken erop dat er nog een egalisatielaag overheen gaat; hoe je die aanpakt en waar het misgaat staat bij het egaliseren van een betonvloer. Meet de vlakheid met een rei van twee meter voordat je materiaal bestelt.
Welke afwerking daarna past hangt vooral af van het restvocht en van de vloerverwarming eronder, en dat is per vloertype anders. Een dampdichte vloerbedekking op een druklaag die nog vocht afgeeft, geeft blazen en loslatende lijm. Meet dus in plaats van te rekenen op een aantal weken.
Vorst en verse beton gaan niet samen. Beton dat bevriest voordat het voldoende sterkte heeft, blijft permanent zwakker en gaat later korrelen. Stort bij nachtvorst niet zonder maatregelen: dek de vloer af, houd de ruimte boven vorst en overleg met de betoncentrale over de samenstelling. Dat geldt extra bij een druklaag van 50 millimeter, want die koelt in een paar uur af.
Vloerverwarming en leidingen in de vloer
Een combinatievloer en vloerverwarming passen goed bij elkaar, omdat de isolatie al onder de leidingen zit. De warmte gaat daardoor omhoog en niet de kruipruimte in. Je hebt dus geen extra isolatieplaat nodig onder het leidingwerk, wat de opbouwhoogte scheelt.
Er zijn twee gangbare manieren. Je legt de leidingen in de druklaag, en dan wordt die dikker uitgevoerd zodat er voldoende beton boven de buizen blijft. Of je stort een normale druklaag en legt daar een aparte dekvloer met vloerverwarming overheen. De tweede manier scheidt de constructie van de verwarming, wat prettig werkt als er later iets aan de leidingen moet gebeuren.
Fotografeer het leidingwerk voordat het beton erop gaat, met een rolmaat in beeld vanaf twee vaste punten. Die foto is de enige betrouwbare bron als er over vijf jaar geboord moet worden. Bewaar hem bij de woningpapieren en niet alleen op een telefoon.
Zet de vloerverwarming na het storten niet meteen aan om het drogen te versnellen. Beton dat te snel opwarmt krimpt ongelijkmatig en scheurt. Een opstookprotocol werkt met kleine stappen van een paar graden per dag, en dat begint pas als het beton voldoende sterkte heeft opgebouwd.
Boren en bevestigen in een combinatievloer
Van bovenaf gezien is dit een betonvloer, maar je hebt maar ongeveer 50 millimeter beton tot je beschikking. Daaronder zit schuim, en daar grijpt geen enkele plug in. Een plug van 60 millimeter in een druklaag van 50 millimeter zit dus met zijn punt in het niets en trekt er op termijn gewoon uit.
Werk daarom met korte bevestigingen die volledig in de druklaag blijven, en verdeel de last over meer punten in plaats van één zwaar anker te zetten. Boor droog en met de stofzuiger ernaast, want de gaten moeten stofvrij zijn en je wilt zien wanneer het boorstof van grijs naar wit verkleurt. Op dat moment ben je door de druklaag heen.
Ben je toch doorgeboord, werk het gat dan dicht met reparatiemortel of een kitkraag. Een gaatje van acht millimeter is klein, maar het verbindt je woonkamer wel rechtstreeks met de lucht in de kruipruimte. Verplaats de bevestiging een decimeter en zet hem opnieuw.
| Wat je wilt bevestigen | Wat werkt | Wat niet werkt |
|---|---|---|
| Plint of vloerprofiel | Lijmen, of korte kunststof pluggen die in de druklaag blijven | Lange pluggen die in het schuim eindigen en nergens in grijpen |
| Rail van een scheidingswand | Korte slagpluggen, dicht bij elkaar over de hele lengte verdeeld | Eén zwaar anker per meter, want de druklaag is er te dun voor |
| Frame van een hangend toilet | De wandbevestiging het werk laten doen, de vloerpunten alleen stellend | Diep boren op de gok, je zit zo door de druklaag heen |
| Trapboom of stalen paal | Vooraf in het legplan opnemen en de bevestiging meestorten | Achteraf een chemisch anker in vijf centimeter beton zetten |
| Iets boven een vloerverwarmingsveld | Eerst de tekening of de foto erbij, anders een leidingzoeker gebruiken | Op gevoel boren omdat de leiding er vast wel naast ligt |
Van gesloopte vloer naar afgewerkte druklaag
Deze volgorde geldt voor een begane grondvloer die wordt vervangen boven een bestaande kruipruimte.
-
Laat de vloer berekenen en vraag een legplan
De overspanning, de belasting en de staat van de fundering bepalen de liggerhoogte en de hart-op-hartmaat. Die berekening komt van de leverancier of een constructeur, en het legplan dat eruit rolt is de tekening waarop je werkt. Geef daarbij alle doorvoeren en de gewenste plaats van het kruipluik door, want achteraf een sparing bijmaken is geen optie.
-
Sloop de oude vloer en ruim de kruipruimte op
Voer het puin af in plaats van het uit te vlakken, want puin houdt vocht vast en kost vrije hoogte. Vervang nu de leidingen waar je straks niet meer bij kunt en breng een bodemafsluiting aan. Werk hier nooit alleen en ventileer de ruimte voordat je erin gaat.
-
Zet de opleghoogte uit en werk de oplegvlakken vlak af
Meet de hoogte rondom uit met een laser en reken terug vanaf de gewenste bovenkant van de afgewerkte vloer. Werk de oplegvlakken vlak af met metselmortel. Een ligger die maar op een deel van zijn breedte draagt, krijgt daar een spanningspiek die je later terugziet als scheur.
-
Leg de liggers volgens het legplan
Werk van buiten naar binnen en controleer per ligger de opleglengte aan beide kanten tegen het minimum van de leverancier. Zet bij grotere overspanningen de voorgeschreven hulponderstempeling halverwege. Til met genoeg mensen en zet nooit een ligger op zijn kant weg tegen een muur.
-
Vul de vakken met de PS-elementen
Laat de elementen op de onderflens van de liggers vallen en zaag passtukken strak op maat. Plak alle naden en de aansluiting op de wanden dicht, en breng de randisolatiestrook aan. Loop niet over de elementen maar over loopplanken die op de liggers rusten.
-
Leg het wapeningsnet en zet de doorvoeren af
Het net komt op afstandhouders zodat het ongeveer midden in de druklaag ligt, met de voorgeschreven overlap. Zet elke doorvoer af met een mantelbuis die boven het stortniveau uitsteekt. Loop het geheel na op kieren voordat het beton komt, want daarna zie je ze niet meer.
-
Stort de druklaag en strijk hem af
Verdeel het beton met de slang in plaats van het van hoogte op één punt te storten. Verdicht met een trilbalk of een rei en strijk af op de uitgezette hoogte. Een trilnaald hoort hier niet thuis, die verstoort de elementen eronder.
-
Dek af, laat uitharden en haal de stempels pas daarna weg
Dek de verse vloer af met folie zodat hij niet te snel water verliest, want daar komen de meeste krimpscheuren vandaan. Houd de vloer de eerste dagen boven vorst. De hulponderstempeling blijft staan tot de termijn uit het legplan is verstreken, ook als de vloer beloopbaar aanvoelt.
Droogtijden
Per materiaal de droogtijd, de overschilderbaar-tijd en de volledige uithardingstijd, met de invloed van temperatuur en luchtvochtigheid. Bekijk alle gegevens
| Soort werk | Materiaal | Stofdroog | Overschilderbaar of belastbaar | Volledig uitgehard | Waar het misgaat |
|---|---|---|---|---|---|
| Kit | Acrylaatkit | 20 tot 40 minuten | na 6 tot 12 uur overschilderbaar | 24 tot 48 uur | Te vroeg overschilderen geeft scheurtjes in de verf omdat de kit nog krimpt. |
| Kit | Siliconenkit (sanitair) | 10 tot 20 minuten | niet overschilderbaar | 24 uur per 2 mm dikte | Een dikke kitrand hardt van buiten naar binnen uit. Een rand van 8 mm heeft dus rustig drie tot vier dagen nodig. |
| Kit | Hybride kit (MS-polymeer) | 15 tot 30 minuten | na 24 uur overschilderbaar | 24 tot 72 uur | Hardt uit met luchtvochtigheid. In een droge, koude ruimte duurt het merkbaar langer. |
| Kit | Polyurethaankit | 30 tot 60 minuten | na 24 uur | 3 tot 5 dagen | Blijft lang plakkerig aanvoelen terwijl hij vanbinnen al hard is. |
| Kit | Montagekit | 30 minuten voorgrip | na 24 uur belastbaar | 3 tot 7 dagen op volle sterkte | Zwaar materiaal te snel loslaten zorgt dat het langzaam wegzakt. |
| Stucwerk | Stucpasta of finishpasta | 2 tot 4 uur | na 12 tot 24 uur schuren | 24 tot 48 uur | Op een niet-voorgestreken ondergrond droogt de pasta te snel en scheurt hij. |
| Stucwerk | Gips (raaplaag) | 12 uur per laag | na 24 uur verder werken | 1 week per centimeter dikte | Verven op nog vochtig gips geeft doffe plekken en later bladderende verf. |
| Stucwerk | Cementgebonden pleister | 24 uur | na 3 dagen | 2 tot 4 weken | Een dikke laag in een koude ruimte kan weken nat blijven. |
| Stucwerk | Vulmiddel voor gaatjes | 20 tot 60 minuten | na 1 tot 2 uur schuren | 4 tot 8 uur | Diepe gaten in een keer vullen zakt in. Vul in twee lagen. |
| Verf | Muurverf op waterbasis (latex) | 30 tot 60 minuten | na 4 tot 6 uur tweede laag | 2 tot 4 weken | De verf voelt na een dag hard aan maar is pas na weken echt schrobvast. |
| Verf | Grondverf op waterbasis | 1 uur | na 4 tot 6 uur schuren en aflakken | 24 uur | Onvoldoende schuren tussen de lagen geeft slechte hechting van de lak. |
| Verf | Grondverf op terpentinebasis | 4 tot 6 uur | na 16 tot 24 uur | 3 tot 5 dagen | Bij minder dan 10 graden droogt hij nauwelijks door. |
| Verf | Lak op waterbasis | 1 tot 2 uur | na 6 uur tweede laag | 5 tot 7 dagen | Deuren te vroeg sluiten laat de lak aan de sponning vastplakken. |
| Verf | Lak op terpentinebasis | 4 tot 8 uur | na 24 uur | 1 tot 2 weken | Blijft in een vochtige ruimte dagen kleverig. |
| Verf | Voorstrijkmiddel | 1 tot 2 uur | na 2 tot 4 uur verder | 12 uur | Doorwerken op een nog glimmend voorstrijk sluit vocht in. |
| Vloer | Egaliseermiddel | 3 tot 6 uur beloopbaar | na 24 uur vloer leggen | 1 dag per millimeter | Een laag van 10 mm is pas na ruim een week droog genoeg voor pvc. |
| Vloer | Cementdekvloer | 24 tot 48 uur beloopbaar | na 3 weken belastbaar | 1 week per centimeter, daarna langzamer | Een dekvloer van 6 cm heeft zeker 6 tot 10 weken nodig voor een dampdichte vloer erop mag. |
| Vloer | Anhydriet gietvloer | 24 tot 48 uur | na 5 tot 7 dagen | 3 tot 6 weken | De zwakke bovenlaag moet er eerst af geschuurd worden. |
| Vloer | Betonvloer gestort | 24 uur ontkisten | na 7 dagen licht belastbaar | 28 dagen op sterkte | Te snel laten uitdrogen geeft krimpscheuren. Houd hem een week vochtig. |
| Tegelwerk | Tegellijm (standaard) | niet belopen | na 24 uur voegen | 7 dagen | Voegen op nog natte lijm geeft vlekken in de voeg en slechte hechting. |
| Tegelwerk | Tegellijm (sneldrogend) | niet belopen | na 4 tot 6 uur voegen | 24 uur | Handig bij een douchevloer, maar je hebt maar 20 minuten verwerkingstijd. |
| Tegelwerk | Voegmortel | 2 tot 3 uur nawassen | na 24 uur licht belastbaar | 7 dagen voor douchegebruik | Te snel douchen spoelt de voeg uit en geeft zandende voegen. |
| Tegelwerk | Smeerbare afdichting (kimband en pasta) | 3 tot 4 uur per laag | na 12 tot 24 uur tegelen | 24 uur | Twee dunne lagen werken beter dan een dikke. |
| Behang | Behangplaksel op vliesbehang | direct hangen | na 24 uur droog | 48 uur | Verwarming vol aanzetten laat de naden openstaan. |
| Behang | Glasweefsel met muurverf gelijmd | 6 uur | na 24 uur overschilderen | 48 uur | Te vroeg de tweede laag geeft blaasjes. |
| Hout | Houtlijm (pva) | 20 tot 30 minuten klemmen | na 1 uur voorzichtig hanteren | 24 uur op volle sterkte | Te weinig klemdruk geeft een lijmnaad die later openscheurt. |
| Hout | Constructielijm (polyurethaan) | 40 minuten klemmen | na 3 uur | 24 uur | Schuimt op en drukt uit de naad. Vooraf afplakken scheelt schuurwerk. |
| Hout | Houtvuller op waterbasis | 30 minuten | na 1 uur schuren | 4 uur | Diepe gaten zakken in. Vul in lagen van maximaal 5 mm. |
| Hout | Epoxy houtreparatie | 30 tot 90 minuten | na 4 tot 6 uur schuren | 24 uur | Onder 10 graden hardt hij niet goed uit en blijft hij rubberig. |
| Hout | Beits op waterbasis | 1 uur | na 4 uur tweede laag | 24 tot 48 uur | In de volle zon droogt de beits te snel en krijg je aanzetstrepen. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Nalopen voordat het beton komt
Uit de praktijk
Beton dat tijdens het storten in de kruipruimte verdwijnt
Cementwater dat door de naden tussen de elementen wegloopt, is het meest voorkomende probleem bij dit vloertype. De elementen sluiten in het zicht keurig aan, maar bij een passtuk of langs een liggerflens zit vaak een kier van een paar millimeter. Verse beton is vloeibaar genoeg om daar doorheen te zakken.
Het zichtbare gevolg is een hoopje beton in de kruipruimte, het onzichtbare gevolg is erger: het beton boven die naad verliest zijn water en bindt daardoor slecht af. Precies daar krijg je later een zwakke, korrelige strook. Plak dus alle naden dicht met tape of een streng pur, en begin het storten met een dunne laag die de kieren afsluit voordat je de volle dikte aanbrengt.
Rechte scheuren in de druklaag boven de elementnaden
Scheuren die kaarsrecht over de vloer lopen en steeds op dezelfde afstand terugkomen, volgen bijna altijd de naden tussen de vulelementen of de rand van de liggers. De druklaag krimpt bij het uitharden, en op die overgangen zit de zwakste plek: daar is de ondergrond het minst stijf en ligt het wapeningsnet vaak net iets te laag.
Twee dingen houden dat tegen. Het net hoort ongeveer in het midden van de druklaag op afstandhouders te liggen, met de voorgeschreven overlap tussen de banen. En de vloer moet de eerste dagen langzaam drogen onder folie in plaats van in de tocht van een open deur. Zijn de scheuren er eenmaal en blijven ze haarfijn, dan zijn ze meestal geen constructief probleem, maar ze moeten wel gevuld worden voordat er een gietvloer of tegelwerk overheen gaat.
Een vloer die koud blijft terwijl de isolatie dik genoeg is
Een dikke isolatielaag en toch koude voeten langs de buitenmuur wijst zelden op te weinig isolatie. Het verlies zit in de rand: bij de oplegging raakt de vloer het muurwerk en de fundering, en daar loopt de isolatielaag niet door. Ook doorvoeren die open zijn gebleven en een kruipluik zonder afdichting laten koude kruipruimtelucht binnen.
De aanpak zit in details die na het storten nog te maken zijn. Werk de aansluiting tussen vloer en wand luchtdicht af achter de plint, dicht elke doorvoer rondom af en voorzie het kruipluik van een isolerend deksel met een rubber randafdichting. Meet de vloertemperatuur daarna op twee plekken: midden in de kamer en op tien centimeter van de buitenmuur. Is die tweede waarde duidelijk lager, dan zat het verlies inderdaad bij de rand.
Veelgemaakte fouten
De isolatiedikte kiezen op de Rd van het schuim
De Rd van het element is het getal van het materiaal, niet van de vloer. De betonribben lopen door de isolatie heen en verlagen de waarde van het geheel. Reken daarom met de Rc die de leverancier voor het complete vloersysteem opgeeft, anders kom je onder de waarde uit waar je op gerekend had.
De naden tussen de elementen open laten
Kieren van een paar millimeter lijken onschuldig, maar verse beton loopt eruit. Het verlies aan cementwater maakt de druklaag boven die naad zwak en korrelig. Een rol tape en een halfuur werk voorkomen een probleem dat je achteraf alleen met slijpen en gieten kunt herstellen.
Het wapeningsnet plat op de elementen leggen
Een net dat op het schuim ligt zit in de druklaag op de plek waar de trekspanning het kleinst is. Het doet daar bijna niets tegen krimpscheuren en het verroest sneller doordat er nauwelijks dekking boven zit. Afstandhouders kosten weinig en zetten het net op de plaats waar het werkt.
De hulponderstempeling te vroeg weghalen
Een druklaag is na een dag beloopbaar en dat voelt overtuigend, maar beloopbaar en dragend zijn twee verschillende dingen. Beton bouwt zijn sterkte over weken op. Haal je de stempels weg voordat de termijn uit het legplan is verstreken, dan buigt de vloer door op een moment dat hij dat nog niet kan hebben.
De gevelroosters van de kruipruimte dichtzetten
De gedachte dat een dichte kruipruimte warmer is, klopt niet zodra de vloer zelf geïsoleerd is. Zonder ventilatie blijft vochtige lucht staan en slaat die neer op de koudste plek. Houd de roosters open en verdeeld over tegenover elkaar liggende gevels, en voer ze muisdicht uit zodat knaagdieren niet bij het schuim komen.
In een ligger boren of zagen voor een doorvoer
De voorspanstrengen liggen onderin de ligger en staan onder hoge spanning. Een boorgat of een zaagsnede haalt het draagvermogen eruit zonder dat er van bovenaf iets te zien is. Een doorvoer op een liggerpositie hoort in het legplan te staan en wordt met een raveelconstructie opgelost.
Bevestigen met pluggen die langer zijn dan de druklaag
Achter de vijftig millimeter beton zit schuim, en daar grijpt geen plug in. Een lange plug voelt bij het indraaien nog stevig en laat een halfjaar later los. Houd de bevestiging binnen de druklaag, verdeel de belasting over meer punten en dicht een doorgeboord gat weer af.
Veelgestelde vragen
Wat is een ps combinatievloer precies?
Het is een systeemvloer die is samengesteld uit voorgespannen betonnen liggers, isolatie-elementen van geëxpandeerd polystyreen daartussen en een gewapende druklaag van beton die in het werk wordt gestort. De PS staat voor polystyreen. Doordat het schuim tegelijk als bekisting dient, heb je geen aparte vloerbekisting nodig en krijg je isolatie en draagvloer in één opbouw.
Wat zijn de voor en nadelen van een ps combinatievloer?
Het grote voordeel is dat je in één ingreep een draagvloer, een dikke isolatielaag en een vlakke ondergrond krijgt, en dat de kruipruimte wordt afgesloten van de woning. De nadelen zijn de koudebruggen via de betonribben, de beperkte mogelijkheid om achteraf te boren of leidingen te verleggen, het extra gewicht op de fundering en het feit dat polystyreen brandbaar is en aantrekkelijk voor knaagdieren. Bij contactgeluid presteert hij minder dan een zware kanaalplaatvloer.
Welke Rc-waarde haal je met een combinatievloer?
Dat hangt van de elementdikte af. Bij een lambda van 0,035 komt 140 millimeter schuim op ongeveer Rd 4,0 uit en 200 millimeter op ongeveer 5,7. De vloer als geheel scoort lager, omdat de liggers als koudebrug door de isolatielaag lopen. Gebruik daarom de Rc die de leverancier voor het complete systeem opgeeft en vergelijk die met de eis die voor jouw plan geldt.
Hoe dik is een ps combinatievloer in totaal?
De totale dikte is de liggerhoogte plus de druklaag, waarbij de elementdikte bepalend is voor het isolatiedeel. Met een druklaag van ongeveer 50 millimeter en elementen van 140 tot 200 millimeter kom je al snel op twee tot drie decimeter uit. Meet daarom voordat je kiest wat dat betekent voor de drempelhoogte bij de voordeur, voor de onderste traptrede en voor de hoogte van de meterkast.
Kun je een combinatievloer via het kruipluik naar binnen krijgen?
Bij de systemen die op renovatie zijn gericht is dat het uitgangspunt: de liggers en elementen zijn zo gemaakt dat ze door een luik passen en met twee man te hanteren zijn. Dat is niet vanzelfsprekend voor elk systeem en elke overspanning, dus vraag de leverancier om het gewicht per ligger en de benodigde luikmaat voordat je iets bestelt. De maximale liggerlengte die je nog door een luik krijgt, bepaalt vaak de indeling van het legplan.
Kun je een ps combinatievloer zelf leggen?
Het leggen van de liggers en elementen is met genoeg mensen goed te doen, maar de berekening niet. De overspanning, de belasting en de draagkracht van de bestaande muren en de fundering horen door een constructeur of de leverancier te worden bepaald, en dat legplan is bindend. Het storten en afstrijken van de druklaag is fysiek zwaar werk waar je bovendien binnen een paar uur mee klaar moet zijn.
Hoe lang moet de druklaag drogen voordat er vloerbedekking op mag?
Beloopbaar is de vloer na een dag of twee, droog genoeg voor een afwerking pas veel later. Een vuistregel voor een cementgebonden laag is ongeveer een centimeter per week onder gunstige omstandigheden, dus bij vijftig millimeter zit je al gauw op een maand of langer. Voor een dampdichte afwerking telt niet de tijd maar de meting: laat het restvocht bepalen en houd de grens aan die de fabrikant van je vloerbedekking voorschrijft. In onze tabel met droogtijden per materiaal zie je hoe die tijden zich verhouden tot andere lagen in de vloeropbouw.
Mag je in een ps combinatievloer boren?
Ja, maar niet dieper dan de druklaag, en dat is meestal een millimeter of vijftig. Daarachter zit polystyreen waarin geen enkele plug houvast heeft. Gebruik korte bevestigingen, verdeel zwaardere lasten over meer punten en let bij het boren op het boorstof: verkleurt het van grijs naar wit, dan zit je in het schuim. Ligt er vloerverwarming in de druklaag, boor dan alleen met de leidingtekening erbij of met een leidingzoeker.
Is een combinatievloer geschikt voor vloerverwarming?
Die combinatie werkt goed, omdat de isolatie al onder het leidingwerk zit en de warmte dus omhoog gaat. Je kunt de leidingen in een dikker uitgevoerde druklaag opnemen of er een aparte dekvloer overheen leggen. Houd rekening met de extra opbouwhoogte voor de betondekking op de buizen, en stook de vloer na het storten geleidelijk op volgens een opstookprotocol in plaats van hem meteen vol aan te zetten.
Knagen muizen in de isolatie van een combinatievloer?
Polystyreen is voor knaagdieren makkelijk materiaal en de onderkant van de vloer is voor hen vrij toegankelijk zodra ze in de kruipruimte zitten. Onder de druklaag zit het schuim afgedekt, maar aan de onderzijde tussen de liggers niet. De remedie zit bij de ingang en niet bij het schuim: voer alle gevelroosters muisdicht uit met fijnmazig roestvast staal en dicht de doorvoeren rond leidingen af.
Wat is het verschil met een kanaalplaatvloer of een nehobo vloer?
Een kanaalplaatvloer is een zware, geprefabriceerde plaat met holle kanalen die met een kraan wordt gelegd en zelf niet isoleert. Een nehobo vloer met holle bouwstenen is een oudere bouwwijze waarbij de wapening in smalle betonribben ligt en gevoelig is voor een vochtige kruipruimte. De combinatievloer onderscheidt zich doordat de isolatie in de constructie is opgenomen en doordat de onderdelen met de hand naar binnen te brengen zijn.
Moet de druklaag na het storten nog geëgaliseerd worden?
Meestal wel. Een met de hand afgestreken druklaag is vlak genoeg om op te lopen, maar voor pvc, laminaat of een gietvloer worden strengere vlakheidseisen gesteld. Leg een rei van twee meter op de vloer en kijk hoeveel licht eronder doorkomt. Wat een egalisatielaag aan materiaal en werk kost, zie je bij de kosten van een vloer egaliseren.
Hoeveel gewicht kan een combinatievloer dragen?
Voor een woonfunctie wordt in de regel gerekend met een veranderlijke belasting van 1,75 kN per vierkante meter, en daar wordt een combinatievloer standaard op ontworpen. Een normale inrichting past daar ruim binnen. Zwaardere puntlasten zoals een groot aquarium, een kluis of een gemetselde haard vallen daarbuiten: die geef je vooraf door, zodat de liggerhoogte of de hart-op-hartmaat erop wordt aangepast.
Wanneer je beter een vakman belt
Het aanleggen van deze vloer begint met een constructieve berekening, en die maak je niet zelf. De liggerhoogte, de hart-op-hartmaat en de opleglengte volgen uit de overspanning en de belasting, en de vraag of de bestaande muren en de fundering het extra gewicht aankunnen hoort door een constructeur beantwoord te worden. Vervang je een houten balklaag door beton, dan verandert de belasting op de fundering wezenlijk.
Ook het slopen van de bestaande vloer is werk met grenzen. Zodra er dragende onderdelen bij betrokken zijn of er tijdelijk gestempeld moet worden, hoort daar een berekening en meestal een omgevingsvergunning bij. Kom je bij de sloop materiaal tegen dat op asbesthoudende vloerbedekking, asbestkoord of asbesthoudende lijmresten lijkt, leg het werk dan stil en laat het door een gecertificeerd bedrijf onderzoeken en verwijderen.
Twee praktische zaken laat je ook liever aan een vakman over. Het storten van de druklaag is werk met een klok erop: het beton moet binnen een paar uur verdeeld, verdicht en afgestreken zijn. En zit er in de kruipruimte een gasleiding, dan blijft die het terrein van een erkend installateur, ook als hij alleen verlegd hoeft te worden.